Wetenschappelijk verslag 2005-2007

Transcription

Wetenschappelijk verslag 2005-2007
Onderzoekschool Ius Commune
Wetenschappelijk verslag 2005-2007
VERANTWOORDING
A.
ALGEMEEN
In dit wetenschappelijk verslag van de Onderzoeksschool Ius Commune is de
productie over de jaren 2005, 2006 en 2007 opgenomen. De verslaglegging
vindt hier plaats per subprogramma. Achtereenvolgens zijn dat de programma's: Algemeen verbintenissen- en contractenrecht; Europees personen-, familie- en erfrecht; Goederenrecht; Aansprakelijkheid en verzekering; Grensoverschrijdend milieurecht; Rechtspersonen in Europa; Grondslagen en beginselen
van burgerlijk procesrecht in Europa; Publiekrechtelijke rechtsvergelijking;
Constitutionele processen in Europa en Constitutionele processen in de internationale rechtsorde.
De aan de Onderzoeksschool verbonden geassocieerde (deel)programma’s Fiscale vraagstukken in de interne markt en Intellectuele eigendom zijn eveneens
opgenomen in dit verslag.
B.
UITGANGSPUNTEN VOOR VERSLAGLEGGING
I.
Algemeen
In dit verslag wordt onderscheid gemaakt tussen proefschriften, wetenschappelijke publicaties, vakpublicaties en annotaties. Het gehanteerde onderscheid is
gebaseerd op de door de VSNU in haar Protocol 1998 ontwikkelde criteria voor
beoordeling van het wetenschappelijk onderzoek. Bij de overzichten van publicaties is afgezien van het opnemen van een rubriek ‘Overige producten van wetenschappelijke activiteiten’ (redacteurschappen, lezingen, gastcolleges, etc.).
Annotaties – geen officiële categorie binnen genoemde indeling – zijn grotendeels apart opgenomen. Sommige annotaties in met name enkele Belgische
tijdschriften hebben echter een omvang en kwaliteit die opneming in de categorie ‘wetenschappelijke publicatie’ rechtvaardigen. Publicaties die volgens de
VSNU-normen niet anders dan als vakpublicatie kunnen worden gekwalificeerd (o.a. bijdragen aan losbladige uitgaven, aan praktijkuitgaven, etc.) worden als zodanig aangeduid.
Volgens de VSNU-criteria wordt een publicatie als wetenschappelijk aangemerkt wanneer deze voldoet aan het criterium ‘increasing the body of academic
knowledge’. Daaruit volgt dat publicaties voor het onderwijs, wetboeken, maar
ook bijdragen die gericht zijn op het presenteren van een overzicht van rechtspraak of wetgeving in beginsel geen wetenschappelijke publicatie vormen,
maar een vakpublicatie. Deze laatsten zijn publicaties die gericht zijn op het
verspreiden van kennis aan de vakgenoten, maar (behoudens tegenbewijs) niet
bijdragen aan ‘increasing the body of academic knowledge’. Het spreekt voor
zich dat het hier om uitgangspunten gaat. Een overzicht van rechtspraak kan
i
Wetenschappelijk verslag 2005-2007
derhalve wel degelijk als wetenschappelijk worden gekwalificeerd wanneer de
auteur aantoont dat deze voldoet aan het criterium van ‘increasing the body of
academic knowledge’ en dit als zodanig door de bevoegde programmaleider
wordt geaccordeerd.
Hetzelfde geldt in beginsel ook (wederom behoudens het bewijs van tegendeel)
voor rapporten die in opdracht van derden werden geschreven. Het probleem
bij dergelijke rapporten is dat zij, als zij al werden gepubliceerd, doorgaans niet
een wetenschappelijke toets (van bijvoorbeeld een redactie) hebben doorstaan.
In beginsel zijn dit derhalve vakpublicaties (als het überhaupt al publicaties zijn
in de zin dat er een ISBN-nummer aan is toegekend of dat zij in een tijdschrift
zijn gepubliceerd). Elektronische publicaties kunnen als publicatie worden beschouwd voor zover er wederom een redactionele toets heeft plaatsgevonden.
Adviezen voor derden die niet werden gepubliceerd vormen in beginsel geen
publicatie (behoudens uiteraard wanneer nadien publicatie plaatsvindt). Hetzelfde lot geldt rapporten die voor externe opdrachtgevers (EU, ministeries, of
het bedrijfsleven) werden geschreven. Als het al publicaties zijn zijn het in beginsel vakpublicaties. Wederom geldt dat het hier om een uitgangspunt gaat:
het tegendeel kan worden aangetoond wanneer blijkt dat sprake is van ‘increasing the body of academic knowledge’.
Hetgeen zojuist vermeld werd ten aanzien van niet-gepubliceerde rapporten of
adviezen geldt eveneens voor zogenaamde working papers: vermits dit (nog)
geen publicaties zijn zijn deze in beginsel niet opgenomen, tenzij een working
paper in een wetenschappelijk (al dan niet elektronisch) tijdschrift zou zijn gepubliceerd. Dan betreft het een publicatie en kan worden nagegaan of het een
wetenschappelijke dan wel een vakpublicatie betreft.
Het verslag is opgesteld volgens het zogenaamde Standaard Evaluation Protocol (SEP). De Nederlandse universiteiten hebben zich ertoe verbonden bij (externe) evaluaties dit SEP te volgen en derhalve is de verslaglegging daarop afgesteld. Aan de programmaleiders is dan ook gevraagd om bij de verslaglegging rekening te houden met de volgens het SEP relevante criteria. De aanwijzing van de programmaleiders is opgenomen in bijlage bij dit verslag.
Bewust is in dit verslag gekozen voor een volledige opname van de publicaties
van de onderzoeksgroepen. Alleen op die manier wordt een volledig beeld verkregen van de kwantiteit en kwaliteit van de productie binnen die groepen.
II.
Specifiek
Hoewel in dit wetenschappelijk onderzoek de productie over de jaren 2005,
2006 en 2007 is opgenomen, zijn sommige publicaties die slechts begin 2008
verschenen toch opgenomen wanneer het betreffende onderzoek in 2007 werd
afgesloten.
ii
Verantwoording
Alle publicaties (wetenschappelijke dan wel vak) worden in beginsel slechts
éénmaal opgenomen, ook wanneer er meerdere auteurs zijn. De publicatie
wordt dan opgenomen op basis van de alfabetische naamsvolgorde van de eerste auteur. Publicaties kunnen uiteraard in beginsel ook slechts in één programma worden opgenomen. Bepaalde publicaties kunnen daarentegen wel als
kernpublicatie in meer dan één programma worden opgevoerd, mits door de
programmaleider wordt toegelicht waarom zulks gebeurt.
Uiteraard bestaat ten aanzien van deze en de hierna vermelde criteria de nodige
interpretatievrijheid. De uiteindelijke verantwoordelijkheid (mits een toets door
wetenschappelijk directeur en bestuur) voor de wijze van verslaglegging (en
dus ook de indeling) ligt bij de coördinerend programmaleider.
III. Input/output criteria
In beginsel dient een voltijds onderzoeker minimaal 0,2 fte in een programma
onder te brengen. Vandaar dat bij de overzichten van onderzoekers ook steeds
hun participatie binnen het programma is aangegeven. Participatie in meerdere
programma's is mogelijk, doch (wederom bij een voltijds aanstelling) dan ook
voor minimaal 0,2 fte. Dit betekent dat men bij een voltijdse aanstelling maximaal in twee programma's kan participeren (voor 0,2 fte per programma) ervan
uitgaande dat men een 0,4 onderzoeksaanstelling heeft. Lagere aanstellingen
zijn slechts aanvaardbaar voor honoraire onderzoekers, deeltijders of promovendi.
Participatie in meerdere programma's is dus mogelijk. Wanneer hiervan systematisch sprake is zou dit via een formele participatie in het andere programma
(dus via een deeltijdfactor) moeten worden duidelijk gemaakt. Een onderzoeker
heeft uiteraard de vrijheid om ook te publiceren in andere programma's. Wanneer een onderzoeker occasioneel binnen een ander programma publiceert
wordt die publicatie uiteraard in het betreffende programma opgevoerd en
wordt de onderzoeker aldaar als ‘gastonderzoeker’ aangemerkt. Publicaties die
geen uitvoering vormen van enig programma binnen de Ius Commune Onderzoekschool worden binnen het programma waarin de onderzoeker participeert
onder de rubriek ‘overige publicaties’ opgenomen.
De per programma opgenomen publicatieresultaten dienen dus in beginsel een
uitvoering te vormen van het programma van de onderzoekschool. Voor zover
dat niet het geval is worden de publicaties van de betreffende onderzoeker in de
categorie ‘overige publicaties’ opgenomen.
Wat de outputcriteria betreft geldt dat bij een voltijdse onderzoeksaanstelling
(dus 0,4 fte) van een onderzoeker in beginsel vereist wordt dat hij drie wetenschappelijke publicaties per jaar heeft op het terrein van de onderzoekschool.
Bij participatie in meerdere programma's vindt ook een proportionele reductie
van de publicatie-eisen plaats en datzelfde geldt uiteraard bij een beperktere
iii
Wetenschappelijk verslag 2005-2007
input in een specifiek programma. ‘Overige publicaties’ gelden in beginsel niet
om aan de publicatie-eisen te voldoen. Echter, bij de beoordeling van de vraag
of aan de outputvereisten is voldaan berust een grote beoordelingsvrijheid bij
de (coördinerend) programmaleider. Bijvoorbeeld bij publicatie van één substantieel artikel in een belangrijk internationaal tijdschrift kan de programmaleider van oordeel zijn dat toch aan het outputcriterium is voldaan. Dit hangt
ook in grote mate met de aard van het vakgebied samen.
Op promovendi rust, behoudens het schrijven van hun proefschrift, geen publicatieplicht.
Samenvattend:
Wanneer een onderzoeker vooraf (via de deeltijdfactor) heeft aangegeven voor
een bepaald deel van de onderzoekstijd in een ander programma werkzaam te
willen zijn, zullen ook publicaties in dat andere programma vanzelfsprekend
worden meegewogen bij de beoordeling van de vraag, of aan publicatie-eisen is
voldaan;
-
wetenschappelijke publicaties die niet onder het programma van de onderzoekschool vallen worden niet meegewogen in de beoordeling of een onderzoeker heeft voldaan aan de publicatie-eisen van de onderzoekschool;
-
de vraag in hoeverre een boek dan wel internationale publicaties zwaarder
dienen te worden meegewogen, behoort in beginsel aan de beoordeling van
de programmaleider;
-
of een publicatie uitvoering vormt van het programma behoort eveneens tot
de beoordelingsbevoegdheid van de (coördinerend) programmaleider. Zulks
wordt ex post (marginaal) getoetst door de wetenschappelijk directeur en
door het bestuur van de Ius Commune Onderzoekschool.
IV. Nationaal recht, rechtsvergelijking en Ius Commune
Anders dan in het verleden bij verslaglegging het geval was is afgezien van het
zetten van sterretjes (*) bij publicaties die als zuivere Ius Commune publicaties
konden worden aangezien. Relevante vraag (te beoordelen door de programmaleider) is of een publicatie uitvoering vormt van het specifieke programma en
daarmee van de missie van de Ius Commune Onderzoekschool. Uitvoering geven aan die missie zal allicht het geval zijn bij rechtsvergelijkende publicaties
en publicaties die onderzoeken in welke mate het wenselijk is een Ius Commune op een bepaald rechtsgebied tot stand te brengen. Echter, ook zuiver nationaal-rechtelijke publicaties zijn niet per definitie uitgesloten in de mate dat zij
ondersteunend kunnen zijn voor het grondslagendebat over de totstandkoming
van een Ius Commune en daarmee ook een bijdrage leveren aan de uitvoering
van het programma en daarmee van de missie van de onderzoekschool.
iv
Verantwoording
Deze missie wordt uitgevoerd door:
-
binnen de afzonderlijke rechtsgebieden (privaatrecht, publiekrecht) van
grondslagen onderzoek te doen vanuit de gedachte dat inzicht in deze
grondslagen kan bijdragen aan (kennis over) integratieprocessen;
-
het uitvoeren van rechtsvergelijkend onderzoek met hetzelfde doel;
-
de bestudering van de rol van het Europees en internationaal recht bij genoemde integratieprocessen.
Veel van het onderzoek in de Ius Commune Onderzoekschool is gericht op de
(on)mogelijkheid van integratie/harmonisatie van rechtsregels in regionale samenwerkingsverbanden, zoals Europa, zonder dat evenwel harmonisatie op
normatief vlak door de school wordt nagestreefd of bevorderd.
Maastricht, 1 februari 2008
v
INHOUDSOPGAVE
VERANTWOORDING.............................................................................................i
A. Algemeen .......................................................................................................i
B. Uitgangspunten voor verslaglegging..............................................................i
I.
Algemeen .....................................................................................................i
II.
Specifiek .................................................................................................... ii
III. Input/output criteria .................................................................................. iii
IV. Nationaal recht, rechtsvergelijking en Ius Commune............................. iv
IUS COMMUNE ....................................................................................................1
A. Centrale probleemstelling..............................................................................1
B. De programmastructuur.................................................................................1
C. Gezamenlijke wetenschappelijke activiteiten binnen het programma...........2
EUROPEES PRIVAATRECHT ................................................................................5
ALGEMEEN VERBINTENISSEN- EN CONTRACTENRECHT ...................................7
A.
B.
C.
D.
E.
F.
G.
H.
I.
J.
K.
L.
Volledige titel................................................................................................7
Deelprogramma's...........................................................................................7
Onderzoeksleden programma........................................................................7
Trefwoorden..................................................................................................9
Samenvatting programmaopzet .....................................................................9
I.
Programmaopzet.........................................................................................9
a. Oorspronkelijke probleemstelling, doelstellingen en methode .......9
b. Actualisering .................................................................................11
II.
Beoogde resultaten ...................................................................................11
III. Academische reputatie en verspreiding van onderzoeksresultaten ........12
IV. Relatie tot de onderzoeksschool...............................................................12
V.
Effecten van de samenwerking ................................................................13
VI. Onderzoeksfaciliteiten en middelentoekenning ......................................13
Opbouw onderzoeksinput wetenschappelijk personeel ...............................13
Inhoudelijk overzicht resultaten ..................................................................13
I.
Publicaties .................................................................................................13
II.
Gezamenlijke activiteiten.........................................................................14
III. Verkregen subsidies..................................................................................16
Voortzetting.................................................................................................16
Kernpublicaties............................................................................................16
Uitstekende publicaties................................................................................17
Dissertaties ..................................................................................................17
Overzicht van alle overige publicaties ........................................................18
Wetenschappelijke publicaties............................................................................18
Vakpublicaties .....................................................................................................42
Annotaties ............................................................................................................59
vii
Wetenschappelijk verslag 2005-2007
Publicaties ‘gastonderzoekers’............................................................................62
Overige publicaties..............................................................................................64
EUROPEES PERSONEN-, FAMILIE- EN ERFRECHT.............................................77
A.
B.
C.
D.
E.
F.
G.
H.
I.
J.
K.
L.
Volledige titel..............................................................................................77
Deelprogramma's.........................................................................................77
Onderzoeksleden programma......................................................................77
Trefwoorden................................................................................................78
Samenvatting programmaopzet ...................................................................78
I.
Oorspronkelijke probleemstelling en doelstellingen...............................78
II.
Onderzoeksthema's...................................................................................79
Inhoudelijk overzicht resultaten over verslagperiode..................................79
I.
Deel I: Gezamenlijke activiteiten.............................................................79
II.
Deel II: Activiteiten die niet gezamenlijk zijn, maar die binnen het
gebied Ius Commune vallen.....................................................................80
Opbouw onderzoeksinput wetenschappelijk personeel ...............................85
Voortzetting.................................................................................................85
Kernpublicaties............................................................................................87
Uitstekende publicaties................................................................................88
Dissertaties ..................................................................................................88
Overzicht van alle overige publicaties ........................................................88
Wetenschappelijke publicaties ....................................................................88
Vakpublicaties...........................................................................................102
Annotaties ......................................................................................................... 108
Overige publicaties........................................................................................... 112
GOEDERENRECHT ..........................................................................................113
A.
B.
C.
D.
E.
Volledige titel............................................................................................113
Deelprogramma's.......................................................................................113
Onderzoeksleden programma....................................................................113
Trefwoorden..............................................................................................114
Samenvatting programmaopzet .................................................................114
I.
Leiderschap en managementstijl........................................................... 114
II.
Programmaopzet.................................................................................... 115
III. Actualisering.......................................................................................... 118
IV. Methodiek .............................................................................................. 119
V.
Beoogde resultaten ................................................................................ 120
VI. Effecten van samenwerking.................................................................. 120
VII. Relatie tot de onderzoekschool ............................................................. 121
VIII. Academische reputatie .......................................................................... 122
IX. Onderzoeksfaciliteiten, middelentoewijzing........................................ 123
F. Opbouw onderzoeksinput wetenschappelijk personeel .............................123
G. Inhoudelijk overzicht resultaten ................................................................124
I.
Algemeen ............................................................................................... 124
II.
Gemeenschappelijke Activiteiten ......................................................... 124
viii
Inhoudsopgave
H.
I.
J.
K.
L.
Voortzetting...............................................................................................126
Kernpublicaties..........................................................................................127
Uitstekende publicaties..............................................................................127
Dissertaties ................................................................................................128
Overzicht van alle overige publicaties ......................................................128
Wetenschappelijke publicaties......................................................................... 128
Vakpublicaties .................................................................................................. 139
Annotaties ......................................................................................................... 146
Publicaties ‘gastonderzoekers’......................................................................... 148
Overige publicaties........................................................................................... 149
AANSPRAKELIJKHEID EN VERZEKERING.......................................................153
A.
B.
C.
D.
E.
F.
G.
H.
I.
J.
K.
L.
Volledige titel............................................................................................153
Deelprogramma's.......................................................................................153
Onderzoeksleden programma....................................................................153
Trefwoorden..............................................................................................154
Samenvatting programmaopzet .................................................................154
I.
Leiderschap, managementstijl & communicatie.................................. 154
II.
Programmaopzet.................................................................................... 155
III. Beoogde resultaten ................................................................................ 156
IV. Relatie tot de onderzoeksschool............................................................ 157
V.
Academische reputatie .......................................................................... 157
VI. Effecten van de samenwerking ............................................................. 158
Opbouw onderzoeksinput wetenschappelijk personeel .............................158
Inhoudelijk overzicht resultaten ................................................................158
I.
Shifts in Governance ............................................................................. 158
II.
Gemeenschappelijke activiteiten en publicaties................................... 159
III. Contractonderzoek................................................................................. 161
IV. Samenwerking met de European Group on Tort Law, ECTIL en
Cambridge.............................................................................................. 162
Voortzetting...............................................................................................163
Kernpublicaties..........................................................................................164
Uitstekende publicaties..............................................................................164
Dissertaties ................................................................................................165
Overzicht van alle overige publicaties ......................................................165
Wetenschappelijke publicaties ..................................................................165
Vakpublicaties .................................................................................................. 190
Annotaties .................................................................................................198
Publicaties ‘gastonderzoekers’ ..................................................................202
Overige publicaties........................................................................................... 204
GRENSOVERSCHRIJDEND MILIEURECHT .......................................................209
A. Volledige titel............................................................................................209
B. Deelprogramma's.......................................................................................209
C. Onderzoeksleden programma....................................................................209
ix
Wetenschappelijk verslag 2005-2007
D. Trefwoorden..............................................................................................211
E. Samenvatting programmaopzet .................................................................211
I.
Leiderschap, managementstijl & communicatie.................................. 211
II.
Programmaopzet.................................................................................... 212
a. Thema: grensoverschrijdend milieurecht ....................................212
b. Methodologie ..............................................................................213
c. Thema's .......................................................................................214
III. Beoogde resultaten ................................................................................ 216
IV. Relatie tot de onderzoekschool ............................................................. 217
V.
Academische reputatie .......................................................................... 217
VI. Effecten van de samenwerking ............................................................. 218
F. Opbouw onderzoeksinput wetenschappelijk personeel .............................219
G. Inhoudelijk overzicht resultaten ................................................................219
I.
Bijeenkomsten ....................................................................................... 219
II.
Gezamenlijke publicaties ...................................................................... 221
III. Deelname aan door de EU gefinancierde onderzoeksprogramma's (6de kader programma) .................................................... 222
IV. Contractonderzoek................................................................................. 222
H. Voortzetting...............................................................................................222
I. Kernpublicaties..........................................................................................224
J. Uitstekende publicaties..............................................................................224
K. Dissertaties ................................................................................................225
L. Overzicht van alle overige publicaties ......................................................226
Wetenschappelijke publicaties......................................................................... 226
Vakpublicaties .................................................................................................. 245
Annotaties .................................................................................................258
Publicaties ‘gastonderzoekers’ ..................................................................264
Overige publicaties....................................................................................265
RECHTSPERSONEN IN EUROPA ......................................................................271
A.
B.
C.
D.
E.
x
Volledige titel............................................................................................271
Deelprogramma's.......................................................................................271
Onderzoeksleden programma....................................................................271
Trefwoorden..............................................................................................272
Samenvatting programmaopzet .................................................................272
I.
Leiderschap, managementstijl en communicatie ................................. 272
II.
Programmaopzet.................................................................................... 273
a. Oorspronkelijke probleemstelling en doelstellingen ...................273
b. Actualisering; huidige programmaopzet .....................................273
1. Aspecten van formele harmonisatie ........................................273
2. Aspecten van materiële harmonisatie......................................275
3. Corporate Governance ............................................................276
4. Maatschappelijk Verantwoord Ondernemen...........................277
c. Methodiek en beoogde resultaten................................................278
d. Relatie tot de onderzoekschool....................................................278
e. Academische reputatie en effecten van de samenwerking ..........279
Inhoudsopgave
F.
G.
H.
I.
J.
K.
L.
Opbouw onderzoeksinput wetenschappelijk personeel .............................279
Inhoudelijk overzicht resultaten ................................................................279
Voortzetting...............................................................................................280
Kernpublicaties..........................................................................................280
Uitstekende publicaties..............................................................................280
Dissertaties ................................................................................................281
Overzicht van alle overige publicaties ......................................................281
Wetenschappelijke publicaties......................................................................... 281
Vakpublicaties .................................................................................................. 290
Annotaties .................................................................................................295
Publicaties ‘gastonderzoekers’ ..................................................................296
FISCALE VRAAGSTUKKEN IN DE INTERNE MARKT
(GEASSOCIEERD PROGRAMMA)......................................................................297
A.
B.
C.
D.
E.
F.
G.
H.
I.
J.
K.
L.
Volledige titel............................................................................................297
Deelprogramma's.......................................................................................297
Onderzoeksleden programma....................................................................297
Trefwoorden..............................................................................................298
Samenvatting programmaopzet .................................................................298
I.
Programmaopzet.................................................................................... 298
II.
Programma gedetailleerd ...................................................................... 299
a. Invloed van het Europees recht op het nationale belastingrecht..299
b. Economie en belastingen.............................................................300
c. Rechtsvergelijking: fiscale concurrentie en staatssteun in
Europa .........................................................................................300
d. Omzetbelasting............................................................................301
e. Vergelijkende belasting van inkomsten uit arbeid
(incl. grensarbeiders en pensioenen) ...........................................302
III. Beoogde resultaten ................................................................................ 303
IV. Academische reputatie .......................................................................... 303
Opbouw onderzoeksinput wetenschappelijk personeel .............................304
Inhoudelijk overzicht resultaten ................................................................304
Voortzetting...............................................................................................304
Kernpublicaties..........................................................................................304
Uitstekende publicaties..............................................................................304
Dissertaties ................................................................................................305
Overzicht van alle overige publicaties ......................................................305
Wetenschappelijke publicaties......................................................................... 305
Vakpublicaties .................................................................................................. 309
Annotaties ......................................................................................................... 315
Publicaties ‘gastonderzoekers’......................................................................... 316
Overige publicaties........................................................................................... 316
xi
Wetenschappelijk verslag 2005-2007
GRONDSLAGEN EN BEGINSELEN VAN BURGERLIJK PROCESRECHT
IN EUROPA ......................................................................................................317
A.
B.
C.
D.
E.
F.
G.
H.
I.
J.
K.
L.
Volledige titel............................................................................................317
Deelprogramma's.......................................................................................317
Onderzoeksleden programma....................................................................317
Trefwoorden..............................................................................................318
Samenvatting programmaopzet .................................................................318
I.
Achtergronden ....................................................................................... 318
II.
Afbakening en doelstelling van het programma .................................. 320
III. Werkwijze.............................................................................................. 322
Opbouw onderzoeksinput wetenschappelijk personeel .............................323
Inhoudelijk overzicht resultaten ................................................................323
Voortzetting...............................................................................................327
Kernpublicaties..........................................................................................328
Uitstekende publicaties..............................................................................328
Dissertaties ................................................................................................328
Overzicht van alle overige publicaties ......................................................329
Wetenschappelijke publicaties......................................................................... 329
Vakpublicaties .................................................................................................. 339
Annotaties .................................................................................................344
Publicaties ‘gastonderzoekers’ ..................................................................347
INTELLECTUELE EIGENDOM
(GEASSOCIEERD PROGRAMMA)......................................................................349
A.
B.
C.
D.
E.
Volledige titel............................................................................................349
Deelprogramma's.......................................................................................349
Onderzoeksleden programma....................................................................349
Trefwoorden..............................................................................................350
Samenvatting programmaopzet .................................................................350
I.
Leiderschap, managementstijl & communicatie.................................. 350
II.
Programmaopzet.................................................................................... 350
a. Summary and Contents of the research programme....................350
b. Actualisering ...............................................................................354
III. Beoogde resultaten ................................................................................ 355
a. General nature .............................................................................355
b. Research subject chosen..............................................................356
IV. Relatie tot de onderzoekschool ............................................................. 357
a. EU ...............................................................................................357
b. International ................................................................................357
V.
Academische reputatie .......................................................................... 358
VI. Effecten van de samenwerking ............................................................. 359
F. Opbouw onderzoeksinput wetenschappelijk personeel .............................360
G. Inhoudelijk overzicht resultaten ................................................................360
I.
Conferences and Seminars organised................................................... 360
II.
Contractonderzoek................................................................................. 361
xii
Inhoudsopgave
H. Voortzetting...............................................................................................361
I.
General................................................................................................... 361
II.
Personnel................................................................................................ 362
III. Activities ................................................................................................ 362
IV. PhDs ....................................................................................................... 362
I. Kernpublicaties..........................................................................................363
J. Uitstekende publicaties..............................................................................363
K. Dissertaties ................................................................................................364
L. Overzicht van alle overige publicaties ......................................................364
Wetenschappelijke publicaties......................................................................... 364
Vakpublicaties .................................................................................................. 371
Annotaties .................................................................................................373
Publicaties ‘gastonderzoekers’ ..................................................................375
Overige publicaties........................................................................................... 375
IUS COMMUNE EN PUBLIEKRECHT .................................................................377
A. Algemene inleiding ...................................................................................377
B. Toekomst...................................................................................................378
PUBLIEKRECHTELIJKE RECHTSVERGELIJKING ............................................381
A.
B.
C.
D.
E.
F.
G.
H.
I.
J.
K.
L.
Volledige titel............................................................................................381
Deelprogramma's.......................................................................................381
Onderzoeksleden programma....................................................................381
Trefwoorden..............................................................................................383
Samenvatting programmaopzet .................................................................383
I.
Doelstellingen, onderzoeksobjecten ..................................................... 383
II.
Beoogde resultaten; effecten van de samenwerking............................ 383
III. Academische reputatie .......................................................................... 384
IV. Organisatie en management.................................................................. 384
Opbouw onderzoeksinput wetenschappelijk personeel .............................384
Inhoudelijk overzicht resultaten ................................................................385
I.
Inleiding ................................................................................................. 385
II.
SARO-project ‘Politieke controle in Europa’ ...................................... 385
III. Gezamenlijke publicaties en congressen .............................................. 386
Voortzetting...............................................................................................387
Kernpublicaties..........................................................................................388
Uitstekende publicaties..............................................................................388
Dissertaties ................................................................................................389
Overzicht van alle overige publicaties ......................................................390
Wetenschappelijke publicaties ..................................................................390
Vakpublicaties .................................................................................................. 412
Annotaties .................................................................................................424
Publicaties ‘gastonderzoekers’ ..................................................................444
Overige publicaties........................................................................................... 444
Bijlage: Activiteitenplan Montesquieu-instituut Maastricht 2008-2009......445
xiii
Wetenschappelijk verslag 2005-2007
CONSTITUTIONELE PROCESSEN IN EUROPA ..................................................457
A.
B.
C.
D.
E.
F.
G.
H.
I.
J.
K.
L.
Volledige titel............................................................................................457
Deelprogramma's.......................................................................................457
Onderzoeksleden programma....................................................................457
Trefwoorden..............................................................................................458
Samenvatting programmaopzet .................................................................458
I.
Inhoudelijke samenvatting .................................................................... 458
II.
Aansturing en werkverbanden .............................................................. 461
III. Methodiek en doelgroep........................................................................ 462
IV. Verspreiding onderzoeksresultaten....................................................... 462
V.
Onderzoeksfinanciering, reputatie onderzoekers. ................................ 463
VI. Opleiding en coaching........................................................................... 463
Opbouw onderzoeksinput wetenschappelijk personeel .............................463
Inhoudelijk overzicht resultaten ................................................................464
Voortzetting...............................................................................................465
Kernpublicaties..........................................................................................466
Uitstekende publicaties..............................................................................466
Dissertaties ................................................................................................466
Overzicht van alle overige publicaties ......................................................467
Wetenschappelijke publicaties......................................................................... 467
Vakpublicaties .................................................................................................. 479
Annotaties ......................................................................................................... 486
Publicaties ‘gastonderzoekers’......................................................................... 489
Overige publicaties........................................................................................... 490
Bijlage 1 bij deelprogramma II:
Globale inhoud Binding Unity/Divergent Concepts project ..........493
Bijlage 2 bij deelprogramma II:
Deelenemers aan het Binding Unity project en hun bijdragen......495
CONSTITUTIONELE PROCESSEN IN DE INTERNATIONALE RECHTSORDE ......499
A.
B.
C.
D.
E.
F.
G.
H.
I.
J.
K.
L.
xiv
Volledige titel............................................................................................499
Deelprogramma's.......................................................................................499
Onderzoeksleden programma....................................................................499
Trefwoorden..............................................................................................500
Samenvatting programmaopzet .................................................................500
Opbouw onderzoeksinput wetenschappelijk personeel .............................501
Inhoudelijk overzicht resultaten over verslagperiode................................501
Voortzetting...............................................................................................504
Kernpublicaties..........................................................................................504
Uitstekende publicaties..............................................................................505
Dissertaties ................................................................................................505
Overzicht van alle overige publicaties ......................................................506
Wetenschappelijke publicaties ..................................................................506
Vakpublicaties .................................................................................................. 514
Inhoudsopgave
Annotaties .................................................................................................520
Publicaties ‘gastonderzoekers’......................................................................... 521
Overige publicaties........................................................................................... 521
Bijlage bij Ius Commune en publiekrecht:
Constitutionele processen: de (wisselwerking tussen de) nationale,
Europese en internationale dimensie...............................................................525
xv
IUS COMMUNE
A.
CENTRALE PROBLEEMSTELLING
Voor een beschrijving van de probleemstelling van de Onderzoeksschool en
van de uitgangspunten voor het gemeenschappelijk onderzoek, zij verwezen
naar de hererkeningsaanvraag. De voorgeschiedenis van het onderzoeksprogramma is te vinden in het Wetenschappelijk verslag 1995-1998.
B.
DE PROGRAMMASTRUCTUUR
Programma:
IUS COMMUNE EN PRIVAATRECHT
Deelprogramma's en onderzoeksgroepen:
¾ Europees privaatrecht
- Algemeen verbintenissen- en contractenrecht
- Personen- en familierecht
- Consumentenrecht
- Goederenrecht
¾ Aansprakelijkheid en verzekering
¾ Grensoverschrijdend milieurecht
¾ Ondernemingen in Europa
- Rechtspersonen in Europa
- Fiscale vraagstukken in de interne markt (geassocieerd programma)
¾ Grondslagen en beginselen van burgerlijk procesrecht in Europa
¾ Intellectuele eigendom (geassocieerd programma)
Programma:
IUS COMMUNE EN PUBLIEKRECHT
Deelprogramma's en onderzoeksgroepen:
¾ Publiekrechtelijke rechtsvergelijking
¾ Constitutionele processen in Europa
¾ Constitutionele processen in de internationale rechtsorde
1
Wetenschappelijk verslag 2005-2007
C.
GEZAMENLIJKE WETENSCHAPPELIJKE ACTIVITEITEN BINNEN
HET PROGRAMMA
Hierbij wordt een overzicht geboden van activiteiten die door de Ius Commune
Onderzoeksschool als geheel zijn ondernomen en derhalve niet terug te voeren zijn
tot een of meer programma's.
De jaarlijkse Ius Commune congressen vonden in de verslagperiode plaats op:
- 1 en 2 december 2005 te Edinburgh;
- 30 november en 1 december 2006 te Utrecht;
- 29 en 30 november 2007 te Luik.
Sedert september 2007 beschikt de Onderzoekschool Ius Commune over een
geheel vernieuwde website: <http://www.iuscommune.eu>.
Sinds 2000 worden onder redactie van Hesselink, Hondius, Smits en Stijns de Ius
Commune Lectures on European Private Law gepubliceerd. Verschenen zijn de
volgende delen:
1. Hector MacQueen, Scots law and the Road to the New Ius Commune.
2. Alan Watson, Legal Transplants and European Private Law
3. Martin A. Hogg, Lowlands to Low Country: Perspectives on the Scottish
and Dutch Law of Unjustified Enrichment
4. Aharon Barak, Some Reflections on the Israeli Legal System and its Judiciary
5. Hector MacQueen, Laws and Languages: Some Historical Notes from Scotland
6. Christian Joerges, On the Legitimacy of Europeanising Private Law
7. Horatia Muir Watt, Choice of Law in Integrated and Interconnected Markets: a Matter of Political Economy
8. Roy Goode, Contract and Commercial Law: the Logic and Limits of Harmonisation
9. Wouter Snijders, Building a European Contract Law; five Fallacies and two
Castles in Spain
10. Anne-Françoise Debruche, Judicial Fairness in the Realm of Strict Law:
Comparative Insights around a Classic Encroachment Case
In 2001 werd de Ius Commune Prize ingesteld voor de beste publicatie van een
jonge onderzoeker op het terrein van ius commune. De jury heeft bestaan uit
2
Ius Commune
leden van de in de Onderzoekschool deelnemende faculteiten. Winnaars van de
Ius Commune Prize in de verslagperiode waren:
-
Michal Bobek, The Binding Force of Babel: The Enforcement of EC Law
Unpublished in the Languages of the New Member States (2007)
-
Pål Wennerås, A New Dawn for Commission Enforcement under Articles
226 and 228 EC: General and Persistent (GAP) Infringements, Lump Sums
and Penalty Payments (2006)
-
Ian Curry-Sumner, Uniform Trend in Non-Marital Registered Relationships
in Europe (2005)
3
EUROPEES PRIVAATRECHT
De centrale doelstelling binnen het overkoepelende deelprogramma Europees
privaatrecht is tweeërlei. Binnen het deelprogramma wordt zowel onderzoek
verricht naar de spanning tussen nationaal privaatrecht en het recht van de Europese institutionele organen (met name de Europese Unie en de Raad van Europa) als naar de mogelijkheden om ook los van die supra-Europese organisaties een Europees privaatrecht te bewerkstelligen.
In de eerste plaats geldt immers dat door de toenemende economische, sociale
en politieke integratie van de lidstaten van de Europese Unie de uit Brussel
afkomstige regelgeving in de diverse lidstaten een steeds belangrijker plaats
inneemt. Ook van het EVRM en van de daarop gebaseerde rechtspraak van het
Europese Hof voor de Rechten van de Mens gaat een harmoniserende invloed
uit. Daarnaast bestaan ook verdragen op deelterreinen (zoals vele verdragen op
het terrein van het personen- en familierecht en het Weens Koopverdrag). Elk
van deze instrumenten heeft een weliswaar unificerend effect op Europees niveau, maar ook een desintegrerend effect op nationaal niveau. Doordat de harmonisatie beperkt is tot deelgebieden van nationaal recht, ontstaat immers in de
lidstaten, binnen een zelfde rechtsgebied, een cesuur tussen nationaal recht dat
geharmoniseerd is met het recht van andere lidstaten en recht dat aan deze harmonisatie ontsnapt. Gevolg daarvan is een grotere dispariteit binnen het recht
van elke lidstaat, hetgeen kan leiden tot onevenwichtigheid en een geringere
transparantie van het nationale recht. Reeds dit roept de vraag op naar de mogelijkheid van formulering van beginselen die commuun zijn aan de privaatrechtsstelsels van de Europese lidstaten: alleen door een beklemtoning van de
grondslagen en algemene beginselen van de diverse rechtsstelsels kan een zekere graad van cohesie binnen het op het grondgebied van een zelfde lidstaat geldende regelenbestand – wat ook de oorsprong daarvan moge zijn (cf. het pluralisme van rechtsbronnen) – worden bewerkstelligd.
In de tweede plaats geldt dat ook de andere mogelijkheden om een Europees
privaatrecht te bewerkstelligen en hun mogelijke invloed op nationale rechtsstelsels een wetenschappelijke bestudering behoeven. In dit verband dient wederom de ontwikkeling van algemene beginselen van Europees privaatrecht te
worden genoemd, doch nu niet zozeer als panacee voor praktische nationale
problemen als wel als zelfstandige methode van niet-centralistische unificatie.
Noodzakelijk onderdeel van dit onderzoek is het bestuderen van beginselen en
regelingen die aan Europese rechtstelsels gemeenschappelijk zijn, waarvan er
vele zijn voortgekomen uit dezelfde historische wortels, met name uit hetgeen
vroeger als Europees ‘ius commune’ werd ervaren. Eveneens noodzakelijk onderdeel hiervan is bestudering van de vraag in hoeverre de rechtsstelsels van de
civil law- en de common law-traditie nader tot elkaar kunnen worden gebracht
en welke ervaringen daarmee zijn opgedaan in de zogenaamde ‘gemengde
rechtsstelsels’.
5
Wetenschappelijk verslag 2005-2007
In overeenstemming met de traditionele privaatrechtelijke systematiek in de
civil law-traditie wordt vervolgens onderscheiden in de projecten Algemeen
verbintenissen- en contractenrecht, Personen- en familierecht, en Goederenrecht.
6
ALGEMEEN VERBINTENISSEN- EN CONTRACTENRECHT
A.
VOLLEDIGE TITEL
Algemeen verbintenissen- en contractenrecht
B.
DEELPROGRAMMA'S
Algemeen verbintenissen- en contractenrecht
C.
ONDERZOEKSLEDEN PROGRAMMA
Begin
coördinerend onderzoeksleider
Dhr. Prof.Mr. J.M. Smits(UM)
01-01-99
onderzoeksleiders
Dhr. Prof.Mr. M. Hesselink (UvA)
Dhr. Prof.Mr. E.H. Hondius (UU)
Mw. Prof.Dr. S. Stijns (KUL)
01-10-03
01-01-95
01-01-99
senior onderzoekers
Dhr. Prof.Dr. R. Van den Bergh (EUR)*
Mw. Prof.Dr. K. Boele-Woelki (UU)
Dhr. Mr. D. Busch (UU)
Dhr. Prof.Mr. C.E. Du Perron (UvA)
Dhr. Mr. J. Hage (UM)*
Dhr. Prof.Mr. J. Hallebeek (VU)*
Dhr. Prof.Mr. A.S. Hartkamp (RU)
Dhr. Prof.Mr. T. Hartlief (UM)
Dhr. Prof.Mr. M. Hesselink (UvA)
Dhr. Prof.Mr. Ch. Jansen (VU)
Dhr. Dr. R.J.Q. Klomp (UU)
Dhr. Prof.Mr. M. Loos (UvA)
Dhr. Prof. A.I. Ogus (UM / Manchester)*
Dhr. Prof.Mr. J.G.J. Rinkes (UM / OU)**
Dhr. Dr. A.C. van Schaick (UU)
Dhr. Prof.Mr. E.J.H. Schrage (UvA)
Dhr. Prof.Dr. M.E. Storme (KUL)
Dhr. Prof.Dr. J. Stuyck (KUL)
Dhr. Prof.Mr. R.P.J.L. Tjittes (VU)
01-02-00
01-01-95
01-09-98
01-10-99
01-05-04
01-10-00
01-01-95
01-10-99
01-01-95
01-10-04
01-03-02
01-10-03
01-09-98
01-01-95
01-03-02
01-10-05
01-01-95
01-01-95
01-09-98
Einde
30-09-03
7
Wetenschappelijk verslag 2005-2007
Begin
onderzoekers
Dhr. Mr. C. Bollen (UM)
Mw. O. Bueno Diaz (UvA)
Mw. C. Cauffman (KUL)
Mw. O.O. Cherednychenko (VU)
Mw. Mr. T.E. Deurvorst (UU)
Dhr. Mr. J.H. Dondorp (VU)*
Dhr. Mr. Ch. Jeloschek (UU)
Mw. Mr. S.A. Kruisinga (UU)
Mw. Mr. C.B.P. Mahé (UU)
Mw. Dr. C. Mak (UvA)
Dhr. Dr. W. Rauws (UM)
Mw. Mr. J. Rutgers (UvA)
Mw. I. Samoy (KUL)
Mw. Mr. M. Schaub (UU)
Mw. Mr. H. Schelhaas
Mw. H. Sivesand (UU)
Dhr. Mr. G.J.P. de Vries (UvA)
Dhr. Prof.Dr. P. Wéry (UCL)
Dhr. Prof.Mr. L.C. Winkel (EUR)
01-01-95
03-11-07
01-06-99
19-04-07
01-10-03
01-10-03
01-10-99
01-10-07
03-03-06
27-09-07
01-10-04
01-07-01
01-06-99
01-10-05
01-10-97
01-02-00
01-10-99
14-02-03
01-04-05
promovendi
Dhr. D. Alessi (UU)
Dhr. G. Arnokouros (UU)
Dhr. Mr. J. Baaij (UvA)
Mw. O. Bueno Diaz (UvA)
Mw. O.O. Cherednychenko (VU)*
Dhr. Mr. R. Hardy (UM)
Mw. Mr. G. Hesen (UM)
Dhr. Mr. B. van Hofstraeten (UM)*
Mw. N. Kornet (UM)
Mw. Mr. K. Kryczka (UU)
Mw. Mr. J. Luzak (UvA)
Mw. Mr. C.B.P. Mahé (UU)
Mw. Mr. C. Mak (UvA)*
Dhr. R. Manko (UvA)*
Dhr. Mr. H. Martius (OU)
Mw. Mr. S. Mutluer (VU)
Mw. A. Nottet (ULG)
Dhr. Mr. J. Oosterhuis (VU)
01-05-06
01-10-99
01-10-06
01-10-00
01-10-02
01-10-02
01-04-05
01-03-03
01-10-02
01-10-02
01-10-05
01-09-97
01-10-02
01-04-05
01-03-03
01-02-07
01-10-07
01-02-07
8
Einde
31-01-06
31-05-07
02-11-07
18-04-07
28-09-06
02-03-06
26-09-07
14-12-07
Algemeen verbintenissen- en contractenrecht
Mw. Mr. J. van Ooststroom (UvA)
Mw. I. Raiwa (UvA)
Mw. Mr. S. Tamboer (UvA)
Mw. K. Vanderschot (KUL)
Dhr. Mr. M. van der Veen (TU Delft)
Mw. Mr. H. Veenstra (UU)
Mw. Mr. M. Veldman (UvA)
Mw. Mr. M. Vermeer (UU)
Mw. A. Wiewiorowska-Domagalska (UU)
Dhr. Mr. B. van Zelst (UvA)
Begin
01-10-06
01-10-03
01-10-06
01-04-05
01-10-04
01-10-04
01-07-01
01-09-98
01-10-00
01-10-05
emeriti
Dhr. Prof.Dr. W. van Gerven (KUL/UvT)*
Dhr. Prof.Mr. F.W. Grosheide (UU)
Dhr. Prof.Dr. J. Herbots (KUL)
01-01-95
01-01-95
01-01-95
*
**
D.
Einde
31-05-07
30-09-07
31-05-06
30-09-07
Participeerde voorheen in het opgeheven programma ‘Grondslagen van het
privaatrecht’
Participeerde voorheen in het opgeheven programma ‘Consumentenrecht’
TREFWOORDEN
Europees privaatrecht; Rechtsvergelijking; Harmonisatie; Europese richtlijnen;
Contractenrecht; verrijkingsrecht
E.
SAMENVATTING PROGRAMMAOPZET
I.
Programmaopzet
a.
Oorspronkelijke probleemstelling, doelstellingen en methode
De hieronder weergegeven oorspronkelijke probleemstelling, doelstelling en
methode van het programma zijn aldus vastgesteld bij aanvang van het programma. De actualisering (en dus de hoofdthema's van de periode 2005-2007)
is te vinden onder b.
Het onderzoek richt zich zowel op meer algemene vragen van harmonisatie en
eenwording, en de moeilijkheden die daarbij optreden, als op de traditionele
rechtsvergelijking. Door de rechtsvergelijking op deelonderwerpen van het contracten- en overig verbintenissenrecht te bezien in het licht van de meer algemene vragen ontstaat een vruchtbaar onderzoeksterrein. Bij die algemene vragen kan worden gedacht aan de bevoegdheid van de EG om op het terrein van
het contractenrecht nadere regels te stellen, aan de problematiek van de funda9
Wetenschappelijk verslag 2005-2007
mentele verschillen tussen common law en civil law-systemen en uiteraard aan
de compatibiliteit van de verschillende civil law systemen onderling. Zo bestaat
twijfel over de vraag of het EG-verdrag nu wel of niet een bevoegdheidsgrondslag biedt voor een Europees contractenwetboek. Verder wordt er door de
een pessimistischer dan door de ander geoordeeld over de mogelijkheid om de
common law en de civil law op één lijn te krijgen. Welke methode van eenwording dient te worden gekozen (Europese richtlijnen, Principles, Verdragen, vrij
verkeer van rechtsregels, leidend tot een ‘gemengd’ rechtsstelsel, etc.), en welke nadelen aan deze methoden zijn verbonden, wordt steeds uitdrukkelijk in het
onderzoek betrokken.
Het onderzoek op het terrein van het contracten- en overig verbintenissenrecht
richt zich enerzijds op het doorlichten van het eigen Nederlandse recht (en van
andere nationale rechtsstelsels) tegen de achtergrond van een Europees privaatrecht, anderzijds op de analyse van de wenselijkheid en de mogelijkheid van
het totstandbrengen van een Europees contracten- en overig verbintenissenrecht. Daarbij ligt de nadruk sinds de integratie met het vroegere programma
Grondslagen zowel op het contracten- en (in mindere mate) het verrijkingsrecht
als op grondslagenonderzoek (met name het harmonisatiedebat in algemene
zin).
De onderwerpen van verbintenissenrecht die in dit kader worden bestudeerd
zijn totstandkoming, inhoud en niet-nakoming van de overeenkomst, alsmede
de verhouding tussen de overeenkomst en de andere bronnen van verbintenis.
Wat dit laatste aangaat, komt met name de verhouding tussen het verrijkingsrecht (onverschuldigde betaling, ongerechtvaardigde verrijking en zaakwaarneming) en het overeenkomstenrecht aan de orde. Hier is alle reden voor nu in
rechtsvergelijkend opzicht deze bronnen onderling sterk met elkaar verbonden
zijn. In het onderzoek wordt gepoogd om door middel van rechtsvergelijking
verkregen inzichten te transplanteren naar het Nederlandse en Belgische recht.
Ook wordt onderzoek gedaan naar de beginselen van contractenrecht die de
Europese stelsels gemeen hebben en wat daarvan typisch civil law en wat typisch common law is. In dat kader wordt traditioneel ook gekeken naar de
waarde die gemengde rechtsstelsels (met name Zuid-Afrika en Schotland) kunnen hebben voor een toekomstig Europees privaatrecht. Er zij op gewezen dat
het aansprakelijkheidsrecht grotendeels is ondergebracht in het programma
Aansprakelijkheid en verzekering.
Nauw verbonden met het voorafgaande is de invloed van Europese instrumenten van harmonisatie (met name richtlijnen) op het nationale recht. De inhoud
en de wijze van implementatie van richtlijnen op het terrein van het contractenrecht worden voor het Nederlandse recht (in vergelijking met enkele andere
rechtsstelsels) onderzocht. Dit onderzoek mondt uit in conclusies over zowel de
kwaliteit van en geschiktheid voor hun doel van richtlijnen als over de mate
waarin Staten voldoen aan hun Europese implementatieverplichtingen.
10
Algemeen verbintenissen- en contractenrecht
In het onderzoeksprogramma zijn ter uitvoering van het voorgaande drie
hoofdgebieden aangewezen:
1. onderzoek naar de meest gewenste wijze van rechtsunificatie op het terrein
van het contracten- en overig verbintenissenrecht in het licht van de doelstellingen van de Europese Unie.
2. De descriptieve rechtsvergelijking op het vlak van de totstandkoming, inhoud en niet-nakoming van de overeenkomst en op het vlak van de overige
bronnen van verbintenis (waaronder het verrijkingsrecht).
3. Onderzoek naar de invloed van Europese instrumenten (met name richtlijnen) op het nationale recht.
b.
Actualisering
Binnen het programma zijn op alle drie de hoofdgebieden de laatste twee jaar
nieuwe accenten gelegd:
1. De initiatieven van de Europese Unie op het terrein van het contractenrecht
zijn geïntensiveerd: het debat over de toekomstige vormgeving van met name het Europees contractenrecht is geïntensiveerd sinds de Europese Commissie zijn Mededelingen op dit terrein het licht deed zien. De onderzoeksgroep heeft in sterke mate bijgedragen aan dit (internationale) debat. Dit
geldt zowel voor de inhoud van een toekomstig contractenrecht (bijdragen
aan het European Civil Code project) als voor de meer methodologische aspecten (kritische discussie over de methodologische aspecten van harmonisatie). Hier wordt ook promotieonderzoek naar verricht.
2. In de vorige verslagperioden is gewerkt aan een vergelijking van Belgisch
en Nederlands recht op het vlak van de contractuele remedies, de totstandkoming en de inhoud van de overeenkomst. In de huidige verslagperiode is
het accent verlegd naar diverse andere aspecten. Eén gezamenlijk groot project is uitgevoerd over specific performance, dat leidt tot een boek dat thans
gereed is (publiatiedatum 2008). Ook op dit terrein wordt promotieonderzoek verricht.
Daarnaast is aandacht blijven bestaan voor vele andere thema's van verbintenissenrecht. Deze betreffen onder meer de precontractuele fase en de
bronnen van verbintenissen. Hierover wordt zoveel mogelijk in zowel
rechtsvergelijkend perspectief gepubliceerd, zowel in artikelen als in handboeken en proefschriften.
II.
Beoogde resultaten
Het Europees-privaatrechtelijk debat vindt vooral plaats op internationaal niveau. Dat betekent dat het in de visie van de onderzoeksleiding essentieel is dat
niet alleen wordt deelgenomen aan het nationale, maar ook aan het internationale debat. Het programma kent dan ook een relatief groot aantal Engelstalige
11
Wetenschappelijk verslag 2005-2007
publicaties: de uitdrukkelijke bedoeling is om internationaal een voortrekkersrol te vervullen. Het streven van de groep is dan ook zowel om bij te dragen aan
de vormgeving van een Europees privaatrecht (bijv. middels bijdragen aan het
European Civil Code-project) als om dit proces kritisch te volgen en daarop te
reflecteren. In de onderzoeksgroep zijn verschillende benaderingen over de
beste wijze van totstandkoming van uniform privaatrecht vertegenwoordigd.
III. Academische reputatie en verspreiding van onderzoeksresultaten
De academische reputatie van de onderzoeksgroep blijkt uit verschillende omstandigheden. De programmaleiders zijn redacteur van vooraanstaande wetenschappelijke tijdschriften (Hondius onder meer van de European Review of
Private Law, Smits van de Maastricht Journal of European and Comparative
Law, Hesselink van de European Review of Contract Law). De leden van het
programma doen bovendien mee aan een keur van internationale samenwerkingsverbanden en ontvingen externe financiering. Belangrijker is echter dat de
publicaties die binnen het programma zijn verwezenlijkt een grote rol spelen in
het internationale debat en dat individuele leden vanwege hun academische
verdiensten regelmatig uitnodigingen krijgen om te spreken op internationale
congressen, op te treden als gasthoogleraar of deel te nemen aan beoordelingscommissies (een overzicht is op aanvraag beschikbaar). Om verspreiding van
onderzoeksresultaten te bevorderen wordt vanuit de programmaleiding sterk
gestimuleerd om zoveel mogelijk ook in internationale tijdschriften en boekenseries te publiceren. De rol die het programma in nationaal opzicht vervult
wordt echter ook serieus genomen: dat blijkt onder meer uit het relatief grote
aantal hand- en studieboeken dat binnen dit programma tot stand komt. Tot
deze handboeken behoort het standaardwerk op het terrein van het Nederlands
contractenrecht: Asser-Hartkamp II (Algemene leer der overeenkomsten; 12de
druk 2005).
IV. Relatie tot de onderzoeksschool
De centrale probleemstelling van de Onderzoeksschool is wat de rol is van het
recht bij internationale integratieprocessen. Het programma Algemeen verbintenissen- en contractenrecht ligt op een privaatrechtelijk terrein waar de Europese integratie ver is gevorderd: veel Europese privaatrechtelijke richtlijnen
handelen over het contractenrecht. Bovendien wordt juist op dit terrein het debat over de verdere ontwikkeling van een Europees privaatrecht gevoerd.
In 2006 is besloten tot het opheffen van de programma's Grondslagen en Consumentenrecht. Enkele leden van deze programma's zijn lid geworden van het
huidige programma. Dit is uiteraard slechts geschied voor zover hun onderzoek
hier reeds binnen past of in de nabije toekomst binnen gaat passen.
12
Algemeen verbintenissen- en contractenrecht
V.
Effecten van de samenwerking
De samenwerking leidt nog altijd tot gezamenlijke projecten en publicaties en
in algemene zin tot een hoger niveau van onderzoek dankzij uitwisseling van
ideeën en gezamenlijke wetenschappelijke discussie. De facultaire onderzoeksgroepen die in Contractenrecht participeren worden in de huidige tijd van ‘focus en schaalvergroting’ vaak te klein bevonden om als zelfstandige onderzoekseenheid te functioneren. Initiatieven die een facultaire onderzoeksgroep
alleen niet kan ondernemen, kunnen wel in samenwerking met de groepen in
andere faculteiten worden uitgevoerd.
VI. Onderzoeksfaciliteiten en middelentoekenning
Congressen en workshops binnen dit programma worden primair gefaciliteerd
door de verschillende faculteiten, maar waar nodig kan worden teruggevallen
op ondersteuning door de penvoerder van de onderzoekschool (Maastricht).
Tevens financiert de penvoerder vanuit ‘breedtestrategie’-gelden congressen
die vallen binnen de missie van de School. Onderzoekers binnen het programma maken geregeld gebruik van bibliotheken van de andere faculteiten.
F.
OPBOUW ONDERZOEKSINPUT WETENSCHAPPELIJK PERSONEEL
in fte's
2005
2006
2007
Hoogleraar
Universitair hoofddocent
Universitair docent
Postdocs
Junior onderzoekers (AIO/OIO)
3,65
0,90
1,10
1,00
10,50
3,85
0,90
1,20
1,00
12,92
4,25
0,55
1,42
1,00
12,95
G.
INHOUDELIJK OVERZICHT RESULTATEN
Hieronder wordt achtereenvolgens ingegaan op publicaties (I), gezamenlijke
activiteiten (II) en verkregen subsidies (III).
I.
Publicaties
De publicaties van de groep vallen uiteen in een aantal categorieën: Engelstalige bijdragen in de kern van het onderzoeksprogramma, Nederlands- en Franstalige handboeken en overige publicaties. Enkele van deze publicaties zijn ook
gemeenschappelijk ten bewijze van samenwerking binnen de onderzoeksgroep.
Leden van onze onderzoeksgroep hebben zich beziggehouden met het vervaardigen van principles of European private law in het kader van de Study Group
on a European Civil Code. In 2006 verscheen het werk Commercial Agency,
Franchise and Distribution Contracts (PEL CAFDC). De auteurs zijn allen lid
13
Wetenschappelijk verslag 2005-2007
of oud-lid van onze onderzoeksgroep (Hesselink, Rutgers, Bueno Díaz, Scotton
en Veldman). Aan dit boek werd meegewerkt door Chris Jansen en Marco
Loos, beiden lid van onze onderzoeksgroep. In 2007 verscheen het werk Principles of European Service Contracts (PEL SC). Aan dit boek werd meegewerkt door Chris Jansen en Marco Loos, beiden lid van onze onderzoeksgroep.
Tegelijkertijd is het harmonisatieproces kritisch gevolgd, door Van den Bergh
en Ogus vanuit een rechtseconomische analyse, maar op andere wijze ook door
Hesselink (onder meer het belangrijke werk over The Politics of a European
Civil Code (2006)), door Loos, door Rutgers en door Smits (onder meer in zijn
NJV preadvies 2006, ook in Engelse versie verschenen). Tevens bestond aandacht voor de belangrijke vraag naar fundamentele rechten in het (Europees)
privaatrecht. Zowel Cherednychenko als Mak promoveerden op dit thema terwijl onder meer Hondius en Smits er op andere wijze over publiceerden. Ook
wordt hier gewezen op Van Gervens boek over Europa als een ‘polity of States
and peoples’. In algemene zin geldt dat enkele leden van de onderzoeksgroep
het Europese harmonisatiedebat op privaatrechtelijk terrein sterk hebben beïnvloed.
Leden van de onderzoeksgroep hielden zich ook bezig met algemene rechtsvergelijking. Ogus en Garoupa schreven een belangrijk artikel over legal transplants, Schrage schreef over ongerechtvaardigde verrijking en Smits redigeerde
de Elgar Encyclopedia of Comparative Law (2006).
De onderzoeksgroep heeft in de verslagperiode ook een aantal handboeken geproduceerd. Stijns publiceerde haar Leerboek Verbintenissenrecht (deel 1
2005), Smits en Stijns redigeerden gezamenlijk het werk Inhoud en werking
van de overeenkomst naar Belgisch en Nederlands recht (2005) en Stijns publiceerde met Cousy, Tilleman en Verbeke het werk Droit des contrats. FranceBelgique (2005). Ook de 12de druk van Asser-Hartkamp 4-II verscheen in de
verslagperiode en Hallebeek publiceerde een historische inleiding in het vermogensrecht.
Onder de overige publicaties valt op dat aandacht is blijven uitgaan naar de
vernieuwing van het kooprecht onder invloed van de Europese richtlijn 1999/44
(o.a. werk van Stijns en het proefschrift van Sivesand). Ook is het nodige gedaan op het terrein van nietigheden (Wéry, Stijns en De Vries) en contractuele
remedies. Daarnaast blijft het Europees consumentenrecht punt van aandacht.
II.
Gezamenlijke activiteiten
In de verslagperiode werd een aantal activiteiten georganiseerd, zowel gezamenlijk als door de deelnemende faculteiten apart:
¾ Op de Ius Commune congressen van 2005 en 2006 zijn workshops georganiseerd waar de leden van de onderzoeksgroep aan deelnamen. Op het tien14
Algemeen verbintenissen- en contractenrecht
de Ius Commune congres (Edinburgh, 1-2 december 2005) en op het elfde
Ius Commune congres (Utrecht, 29-30 november 2006) was deze workshop
gewijd aan specific performance, waarbij achtereenvolgens rechtsvergelijkende en rechtshistorische presentaties zijn gegeven over dit thema. De organisatie was in handen van Smits en Hallebeek. Dit heeft geresulteerd in
twee boeken (waarvan het eerste deel op punt van verschijnen staat en
waarvan het tweede – rechtshistorische – deel in 2009 zal uitkomen). Uitgevers zijn Intersentia en Duncker & Humblot. De redactie wordt gevoerd
(voor deel 1: Specific performance: national and other perspectives) door
resp. Smits, Haas en Hesen en (voor deel 2: Specific performance in historica perspective) door Hallebeek. Op dit terrein wordt ook promotieonderzoek verricht (VU).
¾ Op het twaalfde Ius Commune congres (Luik, 29-30 november 2007) is een
workshop georganiseerd over de Principles of European Service Contracts
zoals gepbliceerd in het kader van de Study Group on a European Civil Code. Organisator was Marco Loos.
¾ In de deelnemende faculteiten zijn lezingencycli georganiseerd. In Maastricht gebeurde dat onder auspiciën van de Ius Commune School zelf, in
Amsterdam in het kader van het Centre for the Study of European Contract
Law en in Utrecht binnen het Molengraaff Instituut voor Privaatrecht. In elk
dezer reeksen trad een keur aan gasten op. Organisatoren waren Smits
(Maastricht), Hesselink (Amsterdam) en Hondius (Utrecht).
¾ Als resultante van een congres in Maastricht werd het boek The Need for a
European Contract Law (2005, editor: Smits) gepubliceerd. Het heeft vervolgens een belangrijke rol gespeeld in het wetenschappelijk debat. Het
format van het Maastrichtse congres werd zelfs gekopieerd door UNCITRAL in Wenen, waar (voor de veertigste verjaardag van UNCITRAL) aan
enkele hoofdsprekers van het Maastrichtse congres werd gevraagd om hun
lezing nog eens te geven.
¾ In 2005 vond in Amsterdam het congres The Politics of a European Civil
Code plaats. Dit resulteerde in het boek met de gelijknamige titel (2006).
¾ Op 8 juni 2006 werd in Maastricht het congres European Integration and
Law georganiseerd. Sprekers waren Joe McCahery, André Klip, Deirdre
Curtin en Jan Smits. Dit resulteerde in het boek European Integration and
Law (2006). Op 9 juni 2006 vond de NJV-vergadering plaats, waar dezelfde
bijdragen in het Nederlands werden besproken en bediscussieerd (publicatie: Europese integratie, NJV-preadviezen 2006, Deventer 2006).
¾ Op 5 april 2006 vond te Utrecht een afscheidssymposium plaats voor Willem Grosheide met inleidingen van Coen Drion, Bert van Schaick en Jan
15
Wetenschappelijk verslag 2005-2007
Smits. Dit resulteerde in een boek onder redactie van onder meer Hondius,
Contracteren Internationaal (BJU 2006).
¾ In juli 2006 vond te Utrecht het vierjaarlijkse congres van de AIDC plaats.
Op dit congres werden verschillende contractenrechtelijke thema's behandeld.
III. Verkregen subsidies
¾ Hesselink en Smits ontvingen een subsidie van het Hague Institute for the
Internationalisation of Law (HIIL) voor een project over National resistance against harmonisation of law (220.000 euro).
¾ Hesselink ontving een subsidie van NWO (SARO) voor onderzoek naar
definiëring van het begrip Social Justice.
¾ Smits ontving een subsidie van NWO (SARO) voor onderzoek naar methodologie van (internationaal) juridisch onderzoek.
¾ In Utrecht financierde de Europese Commissie in het project ‘Common
frame of reference’ de aanstelling van twee onderzoekers: de heer Dario
Alessi en dr Hanna Sivesand (100.000 euro).
¾ In Leuven werden de onderzoeksprojecten ‘Sanctionering van verboden
bedingen’ (Hilde Geens) en ‘De middellijke vertegenwoordiging’ (Ilse Samoy) deels gefinancierd door FWO-Vlaanderen. Promotor is Sophie Stijns.
H.
VOORTZETTING
De komende jaren zal blijvend aandacht worden besteed aan het Europese harmonisatiedebat, aan rechtsvergelijking op de door het programma bestreken
terreinen en aan nationaal contractenrecht in een Europese context. Hiertoe is
van belang dat een nieuwe coördinerend programmaleider wordt benoemd
(programmaleider Smits legt zijn werkzaamheden vanaf 4 april 2008 neer).
I.
KERNPUBLICATIES
Algemene toelichting op de keuze: gelet op de missie van de onderzoeksschool
is dit keer gekozen voor twee Engelstalige publicaties in de kern van het programma, met invloed op het internationale debat, niet afkomstig van emeriti en
niet zijnde een proefschrift. Evenmin is gekozen voor één van de beide delen in
het European Civil Code project (zie boven) of voor meer beschrijvende artikelen, verzamelwerken of boeken.
Hesselink, M.W. (2006). The Ideal of Codification and the Dynamics of
Europeanisation: the Dutch Experience. European Law Journal, 12, 279-305.
16
Algemeen verbintenissen- en contractenrecht
Smits, J.M. (2006). European private law: a plea for a spontaneous legal order.
In D.M. Curtin, J.M. Smits, A. Klip & J.A. McCahery (Eds.), European Integration and Law: Four Contributions on the Interplay between European Integration and European and National Law to celebrate the 25th Anniversary of
Maastricht University's Faculty of Law (Ius Commune Europaeum, 56) (p. 55107). Antwerp: Intersentia.
J.
UITSTEKENDE PUBLICATIES
Algemene toelichting op de keuze: niet gekozen is voor één van de dissertaties
omdat die hier onder al apart worden genoemd. De programmaleiding is van
oordeel dat zich onder deze dissertaties uitstekende publicaties bevinden die
opgave onder J. rechtvaardigen. Evenmin is gekozen voor artikelen of boeken
van de onder I. al genoemde auteurs. Ten slotte ligt de nadruk bij deze opgave
grotendeels op jongere auteurs
Cherednychenko, O.O. (2006). EU Fundamental Rights, EC Freedoms and
Private Law. European Review of Private Law, 14(1), 23-61.
Hardy, R.R.R. (2005). De begrippen consument en ondernemer in het Europees
contractenrecht. Tijdschrift voor Privaatrecht, 863-947.
Kornet, N. (2005). The interpretation, implication and supplementation of contracts in England and the Netherlands. In J.M. Smits & S. Stijns (Eds.), Inhoud
en werking van de overeenkomst naar Belgisch en Nederlands recht (p. 47-77).
Antwerpen: Intersentia.
Loos, M.B.M. (2006). Spontane harmonisatie in het contracten- en consumentenrecht. (Inaugurele rede Universiteit van Amsterdam, 3 februari 2006). (76
p.). Den Haag: Boom Juridische uitgevers.
K.
DISSERTATIES
Sivesand, H. (7 maart 2005). The buyer's remedies for non-conforming goods:
should there be free choice or are restrictions necessary? Universiteit Utrecht
(xv + 264 p.) (Munich: Sellier European Law Publishers). Prom.: Prof. E.H.
Hondius.
Samoy, I. (25 mei 2005). Middellijke vertegenwoordiging. Vertegenwoordiging
herbekeken vanuit het optreden in eigen naam voor andermans rekening.
Katholieke Universiteit Leuven (762 p.) (Antwerpen: Intersentia). Prom.: Prof.
S. Stijns.
Mahé, C.B.P. (2 maart 2006). La résolution du conflit de conditions générales.
Universiteit Utrecht (XI + 253 p.) (Nijmegen: Wolf Legal Publishers). Prom.:
Prof. E.H. Hondius.
17
Wetenschappelijk verslag 2005-2007
Kornet, N. (28 september 2006). Contract Interpretation and Gap Filling:
Comparative and Theoretical Perspectives. Universiteit Maastricht (485 + xviii
p.) (Antwerp: Intersentia). Prom.: Prof. J.M. Smits.
Cherednychenko, O.O. (18 april 2007). Fundamental Rights, Contract Law and
the Protection of the Weaker Party: a Comparative Analysis of the Constitutionalisation of Contract Law, with Emphasis on Risky Financial Transactions.
Universiteit Utrecht (629 p.) (Munich: Sellier European Law Publishers).
Prom.: Prof. F.W. Grosheide.
Mak, C. (26 september 2007). Fundamental Rights in European Contract Law.
A Comparison of the Impact of Fundamental Rights on Contractual Relationships in Germany, the Netherlands, Italy and England. Universiteit van
Amsterdam (UvA). (The Hague: Kluwer Law international). Prom./coprom.:
Prof. C.E. Du Perron & Prof. M.B.M. Loos.
Bueno Diaz, O. (02 november 2007). Franchising in European Contract Law.
A comparison between the main obligations of the contracting parties in the
Principles of European Law on Commercial Agency, Franchise and Distribution contracts (PEL CAFDC), French and Spanish Law. Universiteit van
Amsterdam (213 p.) (Munich: Sellier European Law Publishers). Prom./
coprom.: Prof. M.W. Hesselink & Dr. J.W. Rutgers.
Martius, H.P.A.J. (14 december 2007). Elektronisch handelsrecht: een verhandeling over de juridische aspecten van elektronische communicatie in het handelsrecht met bijzondere aandacht voor het verzekerings- en vervoerrecht.
Open Universiteit Heerlen (296 p.) (Heerlen: Open Universiteit). Prom./co
prom.: Prof. J.G.J. Rinkes & Dr. M.L. Hendrikse.
L.
OVERZICHT VAN ALLE OVERIGE PUBLICATIES
WETENSCHAPPELIJKE PUBLICATIES
Bartels, S.E. & Schaub, M.Y. (2007). De richtlijn elektronische handtekeningen. In A.S. Hartkamp, C.H. Sieburgh & L.A.D. Keus (Eds.), De invloed
van het Europese recht op het Nederlandse privaatrecht (Serie onderneming en
recht, 42/1-2) (p. 251-270). Deventer: Kluwer.
Bartels, S.E. & Schaub, M.Y. (2007). De richtlijn elektronische handel. In A.S.
Hartkamp, C.H. Sieburgh & L.A.D. Keus (Eds.), De invloed van het Europese
recht op het Nederlandse privaatrecht (Serie onderneming en recht, 42/1-2) (p.
271-293). Deventer: Kluwer.
Bergh, R. Van den (2005). Bewuste roekeloosheid in het privaatrecht: eenheid
of diversiteit?, Een rechtseconomische analyse. Tijdschrift voor Milieu
Aansprakelijkheid, 105-111.
18
Algemeen verbintenissen- en contractenrecht
Bergh, R. Van den (2005). Competition in Professional Services Markets: Are
Latin Notaries different? (Siena Memos and Papers on Law and Economics,
40/05). Siena: Siena University [Online]. Available from: http://www.unisi.it/
lawandeconomics/working.html [01-11-2005]. (20 p.)
Bergh, R. Van den & Camesasca, P.D. (2006). European Competition Law and
Economics: A Comparative Perspective. London: Sweet & Maxwell. (XXII +
465 p.)
Bergh, R. Van den (2006). Compulsory Catastrophe Extension of First Party
Property Insurance from a Competition Policy Perspective. In M. Faure & T.
Hartlief (Eds.), Financial Compensation for Victims of Catastrophes. A
Comparative Legal Approach (Tort and insurance law, 14) (p. 361-387). Wien
New York: Springer.
Bergh, R. Van den (2006). Towards Efficient Self-Regulation in Markets for
Professional Services. In C.D. Ehlermann & I. Atanasiu (Eds.), European
Competition Law Annual 2004: The Relationship Between Competition Law
and the (Liberal) Professions (European Competition Law Annual, 9) (p. 155176). Oxford: Hart Publishing.
Bergh, R. Van den & Visscher, L. (2006). Economische baten en kosten van
eenvormig bedrijfsrecht. In F. De Ly, K. Haak & W. van Boom (Eds.),
Eenvormig Bedrijfsrecht: Realiteit of Utopie (Rotterdam Institute of Private
Law, 1) (p. 17-47). Den Haag: Boom Juridische uitgevers.
Bergh, R. Van den & Visscher, L. (2006). The Principles of European Tort
Law: The Right Path to Harmonisation? European Review of Private Law, 511543.
Bergh, R. Van den (2007). Der Gemeinsame Referenzrahmen: Abschied von
der Harmonisierung des Vertragsrechts? In H.B. Schäfer & T. Eger (Eds.),
Entwicklungstendenzen des Zivilrechts in Europa (p. 111-126). Tübingen:
Mohr Siebeck.
Bergh, R. Van den (2007). Should Consumer Protection Laws Be Publicly
Enforced? In W. van Boom & M. Loos (Eds.), Collective Enforcement of
Consumer Law (p. 177-203). Groningen: Europa Law Publishing.
Bergh, R. Van den (2007). The Economics of Competition Policy and the Draft
of the Chinese Competition Law. In T. Eger, M. Faure & N. Zhang (Eds.), Law
and Economics in China (p. 77-111). Cheltenham: Edward Elgar.
Bergh, R. Van den (2007). The Uneasy Case for Harmonising Consumer Law.
In K. Heine & W. Kerber (Eds.), Zentralität und Dezentralität von Regulierung
in Europa (p. 183-206). Stuttgart: Lucius & Lucius.
19
Wetenschappelijk verslag 2005-2007
Bergh, R. Van den & Visscher, L. (2007). Personenschade van de reiziger – een
rechtseconomische tour d'horizon. In K.F. Haak & S.D. Lindebergh (Eds.),
Personenschade van de reiziger in Europees perspectief (p. 83-112). Den
Haag: Boom Juridische uitgevers.
Bollen, C.J.M. (2005). Onjuiste mededelingen en de samenloop tussen dwaling
en wanprestatie in Nederland: de ene mededeling is de andere niet! In J. Smits
& S. Stijns (Eds.), Inhoud en werking van de overeenkomst naar Belgisch en
Nederlands recht (p. 159-186). Antwerpen: Intersentia.
Bollen, C.J.M. (2005). Walford v Miles [1992] 1 All ER 453, [1992] 2AC 128.
Nederlands Tijdschrift voor Burgerlijk Recht, 10/2005, 386-392.
Boele-Woelki, K. (2006). Nieuw Europees IPR voor overeenkomsten. Van
Verdrag naar Verordening. In M. de Cock Buning, E.H. Hondius & J.J.
Brinkhof (Eds.), Internationaal contracteren, feestbundel voor Willem
Grosheide (p. 257-273). Den Haag: Boom Juridische uitgevers.
Boele-Woelki, K. & Lazic, V. (2007). Where do we stand on the Rome I
regulation? In K. Boele-Woelki & F.W. Grosheide (Eds.), The Future of
European Contract Law (p. 19-41). Alphen aan den Rijn: Wolters Kluwer Law
& Business.
Boom, W.H. van & Loos, M.B.M. (Eds.). (2007), Collective Enforcement of
Consumer Law in Europe. Securing Compliance in Europe through Private
Group Action and Public Authority Intervention (p. 3-9). Groningen: Europa
Law Publishing.
Boom, W.H. van & Loos, M.B.M. (2007). Introduction, in: W.H. van Boom &
M.B.M. Loos (eds.), Collective Enforcement of Consumer Law in Europe.
Securing Compliance in Europe through Private Group Action and Public
Authority Intervention (p. 3-9). Groningen: Europa Law Publishing.
Boom, W.H. van & Loos, M.B.M. (2007). Effective Enforcement of Consumer
Law in Europe, in: W.H. van Boom & M.B.M. Loos (eds.), Collective
Enforcement of Consumer Law in Europe. Securing Compliance in Europe
through Private Group Action and Public Authority Intervention (p. 231-254).
Groningen: Europa Law Publishing.
Busch, D. (2005). Indirect Representation in European Contract Law. The
Hague: Kluwer Law International. (XXI + 403 p.)
Busch, D., Hondius, E.H., Schelhaas, H. & Kooten, H. van (Eds.). (2006). The
principles of European contract law (part III) and Dutch law: a commentary II
(Principles of European contract law, 3). The Hague: Kluwer Law International. (XII + 292 p.)
20
Algemeen verbintenissen- en contractenrecht
Busch, D. (2006). Chapter 10. Plurality of Parties. In D. Busch et al. (Eds.), The
principles of European contract law (part III) and Dutch law: a commentary II
(Principles of European contract law, 3) (p. 1-76). The Hague: Kluwer Law
International.
Busch, D. (2006). Chapter 16. Conditions. In D. Busch et al. (Eds.), The
principles of European contract law (part III) and Dutch law: a commentary II
(Principles of European contract law, 3) (p. 259-272). The Hague: Kluwer Law
International.
Busch, D. (2007). De civielrechtelijke aansprakelijkheid van financiële
toezichthouders jegens derden. In D. Busch, D. Doorenbos, N. Lemmers, M.
Nieuwe Weme, R. Maatman & W.A.K. Rank (Eds.), Onderneming en
financieel toezicht (2007) (Onderneming en Recht) (p. 599-660). Deventer:
Kluwer.
Busch, D. (2007). De Principles of European Contract Law voor de Hoge Raad
der Nederlanden. Over de invloed van de PECL in de Nederlandse rechtspraktijk. In D. Busch & H.N. Schelhaas (Eds.), Vergelijkender Wijs – opstellen
aangeboden aan prof. Mr. Ewoud Hondius (Kluwer Rechtswetenschappelijke
Publicaties) (p. 259-274). Deventer: Kluwer.
Busch, D. & Schelhaas, H.N. (2007). Ten geleide. In D. Busch & H.N.
Schelhaas (Eds.), Vergelijkender Wijs – opstellen aangeboden aan prof. Mr.
Ewoud Hondius (Kluwer rechtswetenschappelijke publicaties) (p. ix-x).
Deventer: Kluwer.
Busch, D. (2007). Toezichthouderaansprakelijkheid: de stand van zaken.
Aansprakelijkheid van financiële toezichthouders jegens derden na HR 13
oktober 2006, JOR 2006/295 (DNB/Stichting Vie d'Or) m.nt. Busch en HR 23
februari 2007, JOR 2007/96 m.nt. Roth (X/DNB). Vermogensrechtelijke
Analyses, 3, 43-77.
Busch, D. & Macgregor, L. (2007). International Perspectives on Apparent
Authority in Scots Law. Edinburgh Law Journal, 349-378.
Cauffman, C. (2005). La résolution partielle. In H. Cousy, S. Stijns, B.
Tilleman & A. Verbeke (Eds.), Droit des contrats France, Belgique (p. 78-98).
Louvain-la-Neuve/Paris: De Boeck Services/LGDJ.
Cauffman, C. (2005). Beloften van prijzen in de reclame in grensoverschrijdend
perspectief. Droit de la consommation/Consumentenrecht, 3-33.
Cherednychenko, O.O. & Grosheide, F.W. (2005). Naar een betere afstemming
van de controle van standaardvoorwaarden in een Europees contractenrecht.
Contracteren, 7(3), 74-76.
21
Wetenschappelijk verslag 2005-2007
Cherednychenko, O.O. (2006). Fundamental Rights and Contract Law.
European review of contract law, 2(4), 489-505.
Cherednychenko, O.O. (2006). Towards the Control of Private Acts by the
European Court of Human Rights? Maastricht Journal of European and Comparative Law, 13(2), 195-218.
Cherednychenko, O.O. (2007). Fundamental Rights and Private Law: A Relationship of Subordination or Complementarity? Utrecht Law Review, 3(2), 125.
Cherednychenko, O.O. (2007). The Harmonisation of Contract Law in Europe
by Means of the Horizontal Effect of Fundamental Rights? Erasmus Law
Review, 1(1), 37-57.
Cherednychenko, O.O. (2007). Zorgplichten bij financiële contracten: is er nog
een wezenlijke rol voor het contractenrecht weggelegd? Contracteren, 4, 85-89.
Cousy, H., Stijns, S., Tilleman, B. & Verbeke, A. (Eds.). (2005). Droit des
contrats France, Belgique. Louvain-la-Neuve/Paris: De Boeck Services/LGDJ.
(314 p.)
Dondorp, J.H. (2005). The reception of Inst. 3.19.19 in France. In R. van den
Bergh, J. Hallebeek, L.C. Winkel et al. (Eds.), Ex iusta causa traditum: essays
in honour of Eric H. Pool (Fundamina) (p. 69-80). Pretoria: University of South
Africa.
Dondorp, J.H. & Hallebeek, J. (2005). Grotius’ doctrine on adquisitio obligationis per alterum and its roots in the legal past of Europe. In O. Condorelli
(Ed.), Panta rei. Studi dedicati a Manlio Bellomo (p. 205-244). Rome: Il Cigno
Galileo Galilei.
Ernes, A.L.H., Mölenberg, L.J.H. & Rinkes, J.G.J. (2005). Bijzondere Procedures. In A.W. Jongbloed & M.L. Hendrikse (Eds.), Burgelijk procesrecht
praktisch belicht (p. 413-453). Deventer: Kluwer.
Gerven, W. van (2005). The European Union. A Polity of States and Peoples.
Oxford: Hart Publishing. (XVII + 397 p.)
Gerven, W. van (2005). Bringing (Private) Laws closer to each other at the
European Level. In F. Cafaggi (Ed.), The Institutional Framework of European
Private Law (p. 37-77). Oxford: Oxford University Press.
Grosheide, F.W. (2006). The Duty to Deal Fairly in Commercial Contracts. In
S. Grundmann & D. Mazeaud (Eds.), General Clauses and Standards in
European Contract Law (Private law in European context series, 6) (p. 197204). The Hague: Kluwer Law International.
22
Algemeen verbintenissen- en contractenrecht
Grosheide, F.W. (2007). Reflections on the Protection of the Weak Party in
Dutch and EU Contract Law. In K. Boele-Woelki & F.W. Grosheide (Eds.),
The Future of European Contract Law (p. 247-264). Alphen aan den Rijn:
Wolters Kluwer Law & Business.
Hage, J.C. (2005). Studies in Legal Logic. Dordrecht: Springer. (328 p.)
Hage, J.C. (2005). Economics and Uniform Contract Law: A Sceptical View.
In J. Smits (Ed.), The Need for a European Contract Law (p. 55-68).
Groningen: Europa Law Publishing.
Hage, J.C. (2006). Legal Reasoning. In J.M. Smits (Ed.), Elgar Encyclopedia of
Comparative Law (p. 407-422). Cheltenham: Edward Elgar.
Hage, J.C. (2006). Rechtsplichten, verbintenissen en schadevergoeding bij
rechtmatige daad. Nederlands Tijdschrift voor Burgerlijk Recht, 7, 264-271.
Hage, J.C. (2007). De wondere wereld van het recht. Inaugurale rede Universiteit Maastricht (15 juni 2007). Maastricht: Jaap Hage.
Hage, J.C. (2007). Wetenschappelijke rechtsfilosofie. Nederlands tijdschrift
voor Rechtsfilosofie en Rechtstheorie, 7-12.
Hallebeek, J. (2006). Fons et origo iuris; Een historische inleiding tot het
vermogensrecht. Amsterdam: VU University Press. (XXII + 436 p.)
Hallebeek, J. & Sirks, A.J.B. (Eds.). (2006). Nederland in Franse schaduw;
Recht en bestuur in het Koninkrijk Holland (1806-1810). Hilversum: Verloren.
(298 p.)
Hallebeek, J. (2006). Het abstracte en causale stelsel van eigendomsoverdracht.
Ars Aequi: juridisch studentenblad, 55, 174-181.
Hallebeek, J. (Ed.). (2007). Fons et origo iuris; Een historische inleiding tot het
vermogensrecht. Amsterdam: VU University Press. (xxii + 448 p.)
Hardy, R.R.R. (2005). Precontractuele informatieplichten in het EG-contractenrecht. In J. Smits & S. Stijns (Eds.), Inhoud en werking van de overeenkomst
naar Belgisch en Nederlands recht (p. 135-158). Antwerpen: Intersentia.
Hardy, R.R.R. (2005). Harmonisatie van het overeenkomstenrecht in Europa en
artikel 95 van het EG-Verdrag als rechtsbasis daarvoor: enige opmerkingen
naar aanleiding van HvJEG 14 december 2004, C-434/02 (Arnold Andre) en C21-/03 (Swedish Match). Vermogensrechtelijke annotaties, 40-60.
23
Wetenschappelijk verslag 2005-2007
Hartkamp, A.S. (2005). Het nieuwe Burgerlijk Wetboek vergeleken met de
Code Civil. In D. Heirbaut & G. Martyn (Eds.), Napoleons nalatenschap.
Tweehonderd jaar Burgerlijk Wetboek in België/Un héritage Napoléonien.
Bicentenaire du Code civil en Belgigue (p. 337-352). Mechelen: Kluwer.
(XXIV + 621 p.)
Hartlief, T. & Bollen, C.J.M. (2006). The Netherlands. European review of
contract law, 2(3), 406-428.
Herbots, J. (2005). Le droit privé composite d’Afrique du Sud et le ius
commune européen en devenir. In A. Wijffels (Ed.), Le Code civil, entre ius
commune et droit privé européen (p. 151-180). Bruxelles: Bruylant.
Herbots, J. (2006). Belgian report. In E. Dirix & Y.-H. Leleu (Eds.), The
Belgian reports at the Congress of Utrecht of the International Academy of
Comparative Law = Rapports belges au Congrès de l'Academie Internationale
de Droit comparé à Utrecht = De Belgische rapporten voor het Congres van de
‘Academie Internationale de Droit comparé´ te Utrecht (p. 77-97). Brussels:
Bruylant.
Herbots, J. (2006). Interpretation of Contracts. In J.M. Smits (Ed.), Elgar
Encyclopedia of Comparative Law (p. 325-347). Cheltenham: Edward Elgar.
Herbots, J. (2007). Kennismaking met het Chinees contractenrecht. L. Ballon,
H. Cousy, W. Devroe, K. Geens, J. Stuyck, B. Tilleman & P. Van Orshoven
(Eds.), Liber Amicorum Frans Vanistendael (p. 183-191). Herentals: Knops
Publishing.
Hesen, G.G. & Hardy, R.R.R. (2006). Europese klassiekers: Hadley v.
Baxendale: perhaps the best-known of all English contract cases? Nederlands
Tijdschrift voor Burgerlijk Recht, 50, 326-331.
Hesen, G (2007). The governance of inter-firm technology partnerships and
contract law – an analysis of different modes of partnering and their contractual
implications. Journal of Management Studies, 44, 342-365.
Hesselink, M.W. (2005). La nuova cultura giuridica europea. Napoli: Edizioni
Scientifiche Italiane. (140 p.)
Hesselink, M.W. (2005). Capacity and Capability in European Contract Law.
European Review of Private Law. European Review of Private Law, 11, 491507.
Hesselink, M.W. (2005). Non-Mandatory Rules in European Contract Law.
European review of contract law, 1(1), 43-84.
24
Algemeen verbintenissen- en contractenrecht
Hesselink, M.W. (Ed.). (2006). The Politics of a European Civil Code (Private
law in European context series, 7). The Hague: Kluwer Law International. (X +
195 p.)
Hesselink, M.W., Rutgers, J.W., Bueno Diaz, O., Scotton, M. & Veldman, M.
(Eds.). (2006). Principles of European Law, volume 3: Commercial agency,
Franchise, and Distribution Contracts (Principles of European law/Study
Group on a Civil Code, vol. 2). Oxford: Oxford University Press. (XLIII + 371
p.)
Hesselink, M.W. (2007). European Contract Law: A Matter of Consumer
Protection, Citizenship, or Justice? In S. Andenas, S. Diaz Alabart, B.
Markesinis, H.W. Micklitz & N. Pasquini (Eds.), Liber Amicorum Guido Alpa:
Private Law Beyond the National Systems (p. 500-525). London: British
Institute of International and Comparative Law.
Hesselink, M.W. (2007). SME's in European Contract Law. In K. BoeleWoelki & W. Grosheide (Eds.), The Future of European Contract Law. Essays
in honour of Ewoud Hondius to commemorate his retirement as professor of
Civil Law at the University of Utrecht (p. 349-371). Alpen aan den Rijn:
Wolters Kluwer Law & Business.
Hesselink, M.W. (2007). European Contract Law: A Matter of Consumer
Protection, Citizenship, or Justice? European Review of Private Law, 15(3),
323-348.
Hondius, E.H., Rinkes, J.G.J. & Buren-Dee, N. van (Eds.). (2005). Jaarboek
consumentenrecht 2003. Antwerpen: Intersentia. (xiv + 170 p.)
Hondius, E.H. (2005). America rules the waves. In De tous horizons/Mélanges
Xavier Blanc-Jouvan (p. 341-349). Paris: Litec.
Hondius, E.H. (2005). Prospettive e problemi relativi al codice civile europeo:
la prospettiva olandese. In V. Roppo (Ed.), A European Civil Code/Perspectives & problems (p. 79-112). Milan: Giuffrè.
Hondius, E.H. (2005). Precedent in east and west. Penn State International Law
Review, 23, 521-533.
Hondius, E.H. (2006). Towards a European Tort Law. In M. Bussani (Ed.),
European Tort Law: Perspectives from the East & West (p. 47-54). Munich:
Sellier European Law Publishers.
Hondius, E.H. (2006). Onder ondernemers: kennisgeving van algemene voorwaarden gewenst. In M. de Cock Buning, E.H. Hondius & J.J. Brinkhof (Eds.),
Internationaal contracteren, feestbundel voor Willem Grosheide (p. 197-205).
Den Haag: Boom Juridische uitgevers.
25
Wetenschappelijk verslag 2005-2007
Hondius, E.H. (2006). Legal transplants: the case of Sweden. In H. Tiberg et al.
(Eds.), Essays on tort, insurance, law and society in honour of Bill W. Dufwa
(p. 575-579). Stockholm: Jure Förlag AB.
Hondius, E.H. (2006). Fundamental rights and private law: the case of the
Netherlands. In S. Arkan & A. Yongalik (Eds.), Tugrul Ansay: Festschrift: zum
75. Geburtstag/Liber amicorum: in honour of his 75th birthday (p. 125-130).
Alphen aan den Rijn: Kluwer Law International.
Hondius, E.H. (2006). Chapter 5. Classification. In J.M.J. Chorus, P.H.M.
Gerver & E.H. Hondius (Eds.), Introduction to Dutch law (4th rev. ed) (p. 6971). Alpen aan de Rijn: Kluwer Law International.
Hondius, E.H. (2006). Chapter 13. Specific contracts. In J.M.J. Chorus, P.H.M.
Gerver & E.H. Hondius (Eds.), Introduction to Dutch law (4th rev. ed) (p. 227240). Alpen aan de Rijn: Kluwer Law International.
Hondius, E.H. & Mom, A. (2006). Die Durchsetzung von Verbraucherrechten
in den Niederlanden/Zwischen alternativer Konfliktlösung, Verbandsklage und
‘Polderclass action’. In H.W. Micklitz (Ed.), Kollektive Rechtsdurchsetzung –
Chancen und Risiken (p. 157-176). Berlin: Bundesministerium für Ernäherung,
Landwirtschaft und Verbraucherschutz.
Hondius, E.H. (2006). Rechtsvorming: een blik over de grenzen. Ars Aequi:
juridisch studentenblad, 131-146.
Hondius, E.H. (2006). The notion of consumer: European Union versus
member states. Sydney Law Review, 89-98.
Hondius, E.H. (2007). Sense and nonsense in the law/Towards clarity and plain
meaning. Accepting the Faculty Chair in European Private Law University of
Utrecht (28 november 2007). Deventer: Kluwer.
Hondius, E.H. (2007). Commercial law: is it special? In R. Cranston, J.
Ramberg & J. Ziegel (Eds.), Commercial law challenges in the 21st century/
Jan Hellner in memoriam (p. 137-144). Stockholm: Iustus förlag.
Hondius, E.H. (2007). Die Errungenschaften der deutschen Zivilrechtswissenschaft: ein Blick aus dem Ausland. In A. Heldrich, J. Prölls & I. Koller
(Eds.), Festschrift für Claus-Wilhelm Canaris zum 70. Geburtstag (p. 11351160). München: Beck.
Hondius, E.H. (2007). Looking at Hansard's: should courts be allowed to switch
on the light?/Some observations on constructing statutes in the light of their
parliamentary history. In A. Brzozowski, W. Kocot & K. Michalowska (Eds.),
W kierunku europeizacji prawa prywatnego/Ksiega pamiatkowa dedykowana
profesorowi Jerzemu Rajskiemu – Towards Europeanization of private law/
Essays in honour of Professor Jerzy Rajski (p. 111-118). Warschau: Beck.
26
Algemeen verbintenissen- en contractenrecht
Hondius, E.H. (2007). Precedent and the law. In K. Boele-Woelki & S. van Erp
(Eds.), General reports of the XVIIth congress of the international academy of
comparative law (p. 31-50). Brussels/Utrecht: Bruylant/Eleven Publishing.
Hondius, E.H. (2007). Les bases doctrinales du nouveau code néerlandais. In C.
Ophèle & P. Remy (Eds.), Traditions savantes et codifications (p. 257-272).
Paris: LGDJ.
Hondius, E.H. (2007). CISG and the future European Civil Code. Rabels
Zeitschrift fur Auslandisches und Internationales Privatrecht, 99-114.
Hondius, E.H. (2007). Towards a new general part of the French law of
obligations – two faces of the Catala project. European Review of Private Law,
6, 835-839.
Hondius, E.H. (2007). Weens koopverdrag: sukses of mislukking? Maandblad
voor vermogensrecht, 146-150.
Jansen, C.E.C., Barendrecht, J.M. et al. (2006). Principles of European law on
service contracts. Munich: Sellier European Law Publishers. (1034 p.)
Jansen, C.E.C. (2007). Belemmeringen bij de aanbesteding en contractvorming.
In A.G. Bregman, M.A.B. Chao-Duivis, C.E.C. Jansen & A.Z.R. Koning
(Eds.), Institutioneel kader: de invloed van regels op de organisatie, het
verloop en de resultaten van bouwprocessen (p. 324-347). Gouda: PSIBouw.
Jansen, C.E.C. & Mutluer, S. (2007). Mogelijke contractenrechtelijke remedies
ter correctie van machtsoverwicht van aanbesteders. Nederlands Tijdschrift
voor Burgerlijk Recht, 186-193.
Kornet, N. (2005). The Moorcock (1889). LR 14 PD 64, Europese Klassiekers.
Nederlands Tijdschrift voor Burgerlijk Recht, p. 108-113.
Kruisinga, S.A. (2007). Valkuilen bij een internationale overeenkomst van
koop en verkoop. In B. Wessels (Ed.), Contracten maken (Serie Praktijkhandleidingen). (5de gew. druk). (p. 221-237). Deventer: Kluwer.
Kruisinga, S.A. (2007). Uitleg van bankgaranties, over Haviltex en strikte
conformiteit. Nederlands Tijdschrift voor Burgerlijk Recht, 379-385.
Kryczka, K. (2006). O umowach zawieranych drogą elektroniczną – prawo
europejskie i polski kodeks cywilny (On electronic contracts – the EU law and
Polish Civil Code). Przeglad Sadowy, 7-8, 96-122.
Loos, M.B.M. & Rinkes, J.G.J. (2005). Van basisbeginselen, vertrouwen en
eerlijke handelspraktijken. Tijdschrift voor Consumentenrecht & Handelspraktijken, 1, 1-3.
27
Wetenschappelijk verslag 2005-2007
Loos, M.B.M., Barendrecht, J.M. et al. (2006). Principles of European Law on
Service Contracts. Munich: Sellier/European Law Publishers. (LX + 1034 p.)
Loos, M.B.M. (2006). The role of European consumer law in the creation of
European contract law. In Zielona Ksiga. Optymalna wizja Kodeksu cywilnego
w Rzeczpospolitej Polskiej (p. 436-462). Warsaw: Ministerstwo Sprawiedliwoci.
Loos, M.B.M. (2007). De reisovereenkomst (Titel 7.7A BW). In A.S.
Hartkamp, C.H. Sieburgh & L.A.D. Keus (Eds.), De invloed van het Europese
recht op het Nederlands privaatrecht (Onderneming en Recht, 42-II) (p. 113152). Deventer: Kluwer.
Loos, M.B.M. (2007). Reaction to the consultation on doorstep selling
(response sent to the European Commission). Amsterdam: Centre for the Study
of European Contract Law (7 p.).
Loos, M.B.M. (2007). Ambtshalve toetsing van algemene voorwaarden in
consumentenovereenkomsten: zou de Hoge Raad de rechtspraak van het Hof
van Justitie niet ook eens moeten lezen? Weekblad voor Privaatrecht, Notariaat
en Registratie, 6727, 867-869.
Loos, M.B.M. (2007). De invloed van het Europees richtlijnenrecht op de
coherentie van het Nederlandse privaatrecht. Reactie op 'Europa en de erfenis
van Meijers'. Nederlands Tijdschrift voor Burgerlijk Recht, 4, 176-179.
Loos, M.B.M. (2007). Exoneraties in consumentenovereenkomsten. Ars Aequi:
juridisch studentenblad, 10, 741-747.
Loos, M.B.M. (2007). The case for a uniformed and efficient right of withdrawal from consumer contracts in European Contract Law. Zeitschrift für
Europäisches Privatrecht, 1, 5-36.
Loos, M.B.M. (2007). The Influence of European Consumer Law on General
Contract Law and the Need for Spontaneous Harmonisation. European Review
of Private Law, 4, 515-532.
Mahé, C.B.P. (2006). Pleidooi voor een herziening van de Nederlanse battle of
forms-regeling. Vermogensrechtelijke annotaties, 3, 5-25.
Mahé, C.B.P. (2007). Vreemde ogen dwingen! Geldt dit ook voor de opstellers
van het herzieningsvoorstel van de Code civil? In D. Busch & H. Schelhaas
(Eds.), Vergelijkender Wijs. Opstellen aangeboden aan prof.mr. Ewoud H.
Hondius (p. 275-287). Deventer: Kluwer.
Mak, C. (2007). Harmonising Effects of Fundamental Rights in European
Contract Law. Erasmus Law Review, 1, 59-79.
28
Algemeen verbintenissen- en contractenrecht
Manko, R. (2005). The Action for Damages Against the Community. In A.
Lazowski (Ed.), European Union: Institutiona and Economic Law (p. 637-673).
Warschau: Dom Wydawniczy.
Manko, R. (2005). Idea europejskiego kodeksu cywilnego w świetle zasady
pomocniczości – przyczynek do dyskusji (= The Idea of a European Civil Code
in the Light of the Principle of Subsidiarity – A Starting Point for Discussion).
Zeszyty Prawnicze TBSP UJ, 13, 165-177.
Manko, R. (2005). The Culture of Private Law in Central Europe After
Enlargement: A Polish Perspective. European Law Journal, 11(5), 527-548.
Manko, R. (2006). Skarga odszkodowawcza przeciwko Wspólnocie [The
Action for Damages Against the Community]. In A. Lazowski (Ed.), Unia
Europejska: Prawo instytucjonalne i gospodarcze [European Union: Institutional and Economic Law] (2nd edition). (p. 675-736). Warszawa: Wydawnictwo ABC.
Manko, R. (2006). Zasady umów dlugoterminowych. Wprowadzenie i komentarz [Principles of Long-Term Contracts: Introduction and Commentary].
Kwartalnik Prawa Prywatnego, 2(15), 531-563.
Manko, R. (2007). Is the Socialist Legal Tradition 'Dead and Burried'? The
Continuity of Certain Elements of Socialist Legal Culture in Polish Civil
Procedure. In Th. Wilhelmsson, E. Paunio & A. Pohjolainen (Eds.), Private
Law and the Many Cultures of Europe (p. 81-104). The Hague/London/Boston:
Kluwer.
Manko, R. (2007). Stosunki kontraktowe Wspólnot Europejskich (The Contractual Relationships of the European Communities). In A. Lazowski (Ed.),
European Unia Europejska: Prawo instytucjonalne i gospodarcze (European
Union: Institutional and Economic Law) (3rd edition). (p. 541-562). The
Hague/London/Boston: Warszawa ABC – A Wolters Kluwer Business.
Manko, R. (2007). Odpowiedzialnosc deliktowa Wspólnot Europejskich (The
Delictual Liability of the European Communities). In A. Lazowski (Ed.), Unia
Europejska: Prawo instytucjonalne i gospodarcze (European Union: Institutional and Economic Law) (p. 563-616). The Hague/London/Boston: Warszawa: ABC – Wolters Kluwer Business.
Martius, H.P.A.J. (2006). Algemene voorwaarden en E-commerce. In M.L.
Hendrikse, B. Wessels & R.H.C. Jongeneel (Eds.), Algemene Voorwaarden
(Recht en Praktijk, 143) (p. 379-408). (4de druk). Deventer: Kluwer.
Ogus, A.I. (2005). Regulatory Paternalism: When is it justified? In K.J. Hopt,
E. Wyrmeesch, H. Kanda & H. Baum (Eds.), Corporate Governance in
Context: Corporations, States, and Market in: Europe, Japan and the United
States (p. 303-320). Oxford: Oxford University Press.
29
Wetenschappelijk verslag 2005-2007
Ogus, A.I. & Zhang, Q. (2005). Licensing East and West. International Review
of Law and Economics, 25, 124-142.
Ogus, A.I. (2006). Costs and Cautionary Tales: Economic Insights for the Law
(Legal theory today). Oxford: Hart Publishing. (xiii + 320 p.)
Ogus, A.I. & Zhang, Q. (2006). Regulatory Reform in Developing Countries:
Designing Business Set-Up Processes. In M. Minogue & L. Carino (Eds.),
Regulatory Governance in Developing Countries (p. 115-137). Cheltenham:
Edward Elgar.
Ogus, A.I. & Garoupa, N. (2006). A Strategic Interpretation of Legal Transplants. Journal of Legal Studies, 35, 339-363.
Ogus, A.I., Faure, M.G. & Philipsen, N.J. (2006). Best Practices for Consumer
Policy: Report on the Effectiveness of Enforcement Regimes. Report prepared
for the UK Department of Trade and Industry and OECD. [Online] London:
DSTI/CP. Available from: <http://oecd.org/dataoecd/56/7/37863861.doc> [2012-2006].
Ogus, A.I. (2007). Better Regulation – Better Enforcement. In S. Weatherill
(Ed.), Better Regulation (p. 107-113). Oxford: Hart Publishing.
Ogus, A.I. (2007). Regulatory Arrangements and Incentives for Opportunistic
Behaviour. In T. Eger, M. Faure & Z. Naigen (Eds.), Economic Analysis of Law
in China (p. 151-163). Cheltenham: Edward Elgar.
Ogus, A.I. (2007). Shifts in Governance for Compensation to Damage: A
Framework for Analysis. In W.H. van Boom & M. Faure (Eds.), Shifts in
Compensation between Private and Public Systems (Tort and Insurance Law,
22) (p. 31-41). Wien New York: Springer.
Ogus, A.I. (2007). The Economic Approach: Competition between Legal
Systems. In D. Nelken & E. Örücü (Eds.), Comparative Law: A Handbook
(p. 155-167). Oxford: Hart Publishing.
Ogus, A.I. (2007). The Relationship between Regulation and Tort Law: Goals
and Strategies. In W.H. von Boom, M. Lukas & C. Kissling (Eds.), Tort and
Regulatory Law (p. 376-389). Wien New York: Springer.
Oosterhuis, J. (2006). Nakoming in natura van de Duitse handelskoop in de
negentiende eeuw. In J.H.A. Lokin, F. Brandsma, C.J.H. Jansen & W.J. Zwalve
(Eds.), Groninger opmerkingen en mededelingen (p. 81-93). Groningen:
Chimaira B.V..
Rinkes, J.G.J. (2005). European consumer law: making sense (Inaugurele rede
18 november 2005). Zutphen: Paris.
30
Algemeen verbintenissen- en contractenrecht
Rinkes, J.G.J. (2005). De invloed van het Europese recht op het (Nederlandse)
privaatrecht. In J.M. van Buren-Dee, E.H. Hondius & J.G.J. Rinkes (Eds.),
Jaarboek Consumentenrecht 2003 (p. 1-13). Antwerpen: Intersentia.
Rinkes, J.G.J. (2006). Reasonable Expectations of honest men: over privaatrecht, contractenrecht en vertrouwen (Inaugurele rede Open Universiteit, 7
oktober 2005). Zutphen: Paris.
Rinkes, J.G.J. (2006). European Consumer Law: making sense (Inaugurele rede
Universiteit Maastricht, 18 november 2005). Zutphen: Paris.
Rinkes, J.G.J. & Hendrikse, M.L (2006). Naar een klachteninstituut financiële
dienstverlening: preadvies voor de Stichting Klachteninstituut Financiële
Dienstverlening 2006. Zutphen: Paris. (163 p.)
Rinkes, J.G.J. (2006). Europees Consumentenrecht. In E.H. Hondius & G.J.
Rijken (Eds.), Handboek Consumentenrecht (p. 31-59). Deventer: Kluwer.
Rinkes, J.G.J. (2006). Informatieplichten. In B. Wessels, R.H.C. Jongeneel &
M.L. Hendrikse (Eds.), Algemene voorwaarden (Recht en Praktijk, 147)
(p. 143-172). Deventer: Kluwer
Rutgers, J.W. (2005). Ambtshalve toepassing van Europees recht in het civiele
geding. In R.J.C. Flach et al. (Eds.), Amice: Rutgers-bundel: opstellen, op 26
april 2005 aangeboden aan Prof. Mr. G.R. Rutgers, ter gelegenheid van zijn
afscheid van de Rijksuniversiteit Groningen (Kluwer rechtswetenschappelijke
publicaties) (p. 295-303). Deventer: Kluwer.
Rutgers, J.W. (2005). The Rule of Reason and Private Law or the Limits to
harmonization. In A.A.M. Schrauwen (Ed.), Rule of Reason, Rethinking another Classic of European Legal Doctrine (The Hogendorp papers, 4) (p. 145159). Groningen: Europa Law Publishers.
Rutgers, J.W. & Rutgers, G.R. (2005). Reform of the Code of Civil Procedure
in the Netherlands. In N. Trocker & V. Varano (Eds.), The Reforms of Civil
Procedure in Comparative Perspective (Quaderni CESIFIN, 21) (p. 131-142).
Torino: Giappichelli Editore.
Rutgers, J.W. (2006). Harmonisation of security rights and the Communications on Contract Law. In U. Drobnig, H.J. Snijders & E.-J. Zippro (Eds.),
Divergences of Property Law, an obstacle to the internal market (p. 217-227).
Munich/Groningen: Sellier European Law Publishers/Europa Law Publishers.
Rutgers, J.W. (2006). An Optional Instrument and Social Dumping. European
review of contract law, 2(2), 199-212.
Rutgers, J.W. (2006). Europa en Contractsvrijheid. Nederlands Juristenblad,
702-703.
31
Wetenschappelijk verslag 2005-2007
Rutgers, J.W. (2007). 'De agentuurovereenkomst', in: De invloed van het Europese recht op het Nederlandse privaatrecht. In A.S. Hartkamp, L.A.D. Keus &
C.H. Sieburgh (Eds.), Serie Onderneming en Recht (Serie Onderneming en
Recht, 42-2) (p. 71-91). Deventer: Kluwer.
Rutgers, J.W. (2007). O & M, Europees Burgerlijk Wetboek: we kunnen niet
rustig gaan slapen. Nederlands Juristenblad, 2750-2751.
Samoy, I. (2005). Commerciële garanties en het dwingend karakter van de
nieuwe regels. In S. Stijns & J. Stuyck (Eds.), Het nieuwe kooprecht (p. 103127). Antwerpen: Intersentia.
Samoy, I. (2005). De gevolgen van gesimuleerde rechtshandelingen, met
bijzondere aandacht voor de overeenkomst van naamlening. In J. Smits & S.
Stijns (Eds.), Inhoud en werking van overeenkomsten naar Belgisch en
Nederlands recht (Ius Commune Europaeum, 50) (p. 249-280). Antwerpen:
Intersentia.
Samoy, I. (2005). Een zichtbaar gebrek van de wet consumentenkoop? Pleidooi
voor het behoud van de spoedige protestplicht van de koper op straffe van
aanvaarding van de zichtbare gebreken. Rechtskundig Weekblad, 472-473.
Samoy, I. & Thiery, Y. (2006). Das Antidiskriminierungsrecht in Belgien:
Stand der Gesetzgebung und der Rechtsprechung. In X (Ed.), Jahrbuch Junger
Zivilrechtswissenschaftler 2005, Zugang und Ausschluß als Gegenstand des
Privatrechts (p. 265-279). Stuttgart: Richard Boorberg Verlag.
Samoy, I. (2006). De ware aard van een beding van commandverklaring in het
contractenrecht. Notariaat: notarieel en fiscaal maandblad, 169-185.
Samoy, I. (2007). Zaakwaarneming: de rol en de gevolgen van vertegenwoordiging. Tijdschrift voor Belgisch burgerlijk recht, 3-21.
Schaick, A.C. van (2006). Illegality. In D. Busch et al. (Eds.), The principles of
European contract law (part III) and Dutch law: a commentary II (Principles
of European contract law, 3) (p. 243-258). The Hague: Kluwer Law International.
Schaick, A.C. van (2006). Verkrijgende verjaring soms in strijd met art. 1 EP
bij het EVRM. Nederlands Tijdschrift voor Burgerlijk Recht, 10, 90-94.
Schaick, A.C. van (2007). Beperkingen van de bevoegdheid tot ontbinding van
een wederkerige overeenkomst. In E.H. Hondius (Ed.), Contracteren Internationaal (Grosheide-bundel) (p. 197-215). Den Haag: Boom Juridische uitgevers.
Schaub, M.Y. (2006). Overeenkomsten op afstand met betrekking tot financiële
diensten. Nederlands Tijdschrift voor Burgerlijk Recht, 10, 404-414.
32
Algemeen verbintenissen- en contractenrecht
Schaub, M.Y. (2007). Overeenkomsten op afstand, commentaar bij afd. 7.1.9A
(art. 7:46a-46j) BW. In A.P.A. de Klerk-Leenen & B. Wessels (Eds.), Bijzondere overeenkomsten (losbl.). Deventer: Kluwer.
Schaub, M.Y. (2007). Beginselen van Europees recht inzake dienstverleningsovereenkomsten. Contracteren, 3, 54-62.
Schelhaas, H. (2005). Contractuele rechtszekerheid en rechterlijke interventie.
Contracteren, 3, 56-61.
Schelhaas, H. (2005). Strafbeding versus annuleringsbeding. Tijdschrift voor
Belgisch burgerlijk recht, 2, 102-109.
Schelhaas, H. (2005). Beginselen voor internationale handelscontracten: een
overzicht van de Unidroit Principles 2004. Weekblad voor Privaatrecht, Notariaat en Registratie, 6627, 532-542.
Schelhaas, H. (2006). De koopovereenkomst. In A. Verheij & B. Wessels
(Eds.), Bijzondere contracten (Studiereeks burgerlijk recht, 6) (p. 23-62).
Deventer: Kluwer.
Schelhaas, H. (2006). De overeenkomst tot schenking. In A. Verheij & B.
Wessels (Eds.), Bijzondere contracten (Studiereeks burgerlijk recht, 6) (p. 6380). Deventer: Kluwer.
Schelhaas, H. (2006). De overeenkomst tot borgtocht. In A. Verheij & B.
Wessels (Eds.), Bijzondere contracten (Studiereeks burgerlijk recht, 6) (p. 253272). Deventer: Kluwer.
Schelhaas, H. (2006). Commentary on Chapter 14, Section 1, 2 and 3
(Prescription). In D. Busch, E.H. Hondius, H.J. van Kooten & H.N. Schelhaas
(Eds.), The Principles of European Contract Law III and Dutch Law – A
Commentary (p. 167-224). The Hague/London/New York: Kluwer Law
International.
Schelhaas, H. (2006). Commentary on Chapter 17 (Capitalisation of Interest)
PECL. In D. Busch, E.H. Hondius, H.J. van Kooten & H.N. Schelhaas (Eds.),
The Principles of European Contract Law III and Dutch Law – A Commentary
(p. 273-276). The Hague/London/New York: Kluwer Law International.
Schelhaas, H. (2006). De uitleg van overeenkomsten ná SDM/Fox. Maandblad
voor vermogensrecht, 2, 26-32.
Schelhaas, H.N. (2007). De entire agreement clause in het Europese contractenrecht. In H.N. Schelhaas & D. Busch (Eds.), Vergelijkender Wijs – opstellen
aangeboden aan prof. Mr. Ewoud Hondius (p. 289-303). Deventer: Kluwer.
33
Wetenschappelijk verslag 2005-2007
Schelhaas, H.N. (2007). Contactuele rechtzekerheid in de praktijk. In B.
Wessels (Ed.), Contracten maken (p. 141-158). Deventer: Kluwer.
Schrage, E.J.H. (2005). Résistances à l'Élaboration et à la Diffusion du Code. In
J.Ph. Dunand & B. Winiger (Eds.), Le Code Civil Français dans le Droit
Européen. Actes du colloque sur le bicentenaire du Code civil Français
organisé à Genève les 26-28 février 2004 (p. 79-91). Bruxelles: Bruylant.
Schrage, E.J.H. (2005). Sources of law. The comparative legal history of a
concept. In R. Van den Bergh et al. (Eds.), Ex iusta causa traditum: essays in
honour of Eric H. Pool (Fundamina) (p. 275-284). Pretoria: University of South
Africa.
Schrage, E.J.H. (2005). Contra proferentem. Vermogensrechtelijke annotaties,
34-65.
Schrage, E.J.H. (2005). Huurovereenkomst en verrijkingsrecht. Vermogensrechtelijke annotaties, 68-81.
Schrage, E.J.H. (2005). Onrechtvaardige Verrijking. Ars Aequi, 54, 815-823.
Schrage, E.J.H. (2006). Dat kan mijn kleine broertje ook! Over het onderscheidend vermogen van het begrip ‘kunst’ in het recht (Inaugurele rede
Katholieke Universiteit Leuven, Leerstoel van het Tijdschrift voor Privaatrecht,
4 mei 2006). Gent: Story Scientia.
Schrage, E.J.H. (2006). La Restituzione in Seguito alla Dissoluzione di un
Contratto. Il Diritto Intermedio. In L. Vacca (Ed.), Caducazione degli Effetti
del Contratto e Pretese di Restituzione. Seminario ARISTEC per Berthold
Kupisch, Roma 20-22 giugno 2002 (p. 95-107). Torino: Giappichelli.
Schrage, E.J.H. (2006). Unjust Enrichment: The Tenant's Tale. In A. Burrows
& Lord Roger of Earlsferry (Eds.), Mapping the law: essays in memory of Peter
Birks (p. 525-541). Oxford: Oxford University Press.
Schrage, E.J.H. (2006). Velox inopes usura trucidat. Enige gedachten over het
bedingen van rente door de eeuwen heen. In M.H. Wissing & T.H.M. van
Wechem (Eds.), Betalingsachterstanden bij handelstransacties: de richtlijn
betalingsachterstanden in het Nederlandse recht (CRBS-reeks, 12) (p. 19-35).
Den Haag: Boom Juridische uitgevers.
Schrage, E.J.H. (2007). Misbruik van bevoegdheid (Monografieën BW. A-serie,
4). Kluwer: Deventer. (XVII + 103 p.)
Schrage, E.J.H. (2007). Rechtsverwerking en gerechtvaardigd vertrouwen. In
B. Wessels (Ed.), Contracten maken (Serie praktijkhandleidingen) (5de [gew.]
druk) (p. 177-219). Deventer: Kluwer.
34
Algemeen verbintenissen- en contractenrecht
Smits, J.M. (Ed.). (2005). The Need for a European Contract Law: Empirical
and Legal Perspectives. Groningen: Europa Law Publishing. (188 p.)
Smits, J.M. & Stijns, S. (Eds.). (2005). Inhoud en werking van de overeenkomst
naar Belgisch en Nederlands recht (Ius Commune Europaeum, 50).
Antwerpen: Intersentia. (449 p.)
Smits, J.M. (2005). Diversity of Contract Law and the European internal
market. In J.M. Smits (Ed.), The Need for a European Contract Law: Empirical
and Legal perspectives (p. 153-186). Groningen: Europa Law Publishing.
Smits, J.M. (2005). Inhoud en werking van de overeenkomst in België en
Nederland: een synthese. In J.M. Smits & S. Stijns (Eds.), Inhoud en werking
van de overeenkomst naar Belgisch en Nederlands recht (p. 1-19). Antwerpen:
Intersentia.
Smits, J.M. (2005). Introduction. In J.M. Smits (Ed.), The Need for a European
Contract Law: Empirical and Legal Perspectives (p. 5-7). Groningen: Europa
Law Publishing.
Smits, J.M. (2005). The Principles of European Contract Law and the Harmonisation of Private Law in Europe. In A. Vacquer (Ed.), La Tercera Parte de Los
Principios de Derecho Contractual Europeo (p. 567-590). Valencia: Tirant.
Smits, J.M. (2006). Common Frame of Reference and Optional Code: How to
Find the Best Rules for European Contract Law? Universität Bonn: Schriftenreihe Zentrum fur europaïsches Wirtschaftsrecht. (12 p.)
Smits, J.M. (Ed.). (2006). Elgar Encyclopedia of Comparative Law. Cheltenham-Northampton: Edward Elgar. (XVIII + 821 p.)
Smits, J.M. (2006). The Netherlands. In J.M. Smits (Ed.), Elgar Encyclopedia
on Comparative Law (p. 493-496). Cheltenham: Edward Elgar.
Smits, J.M. (2006). Europese integratie in het vermogensrecht: een pleidooi
voor keuzevrijheid, preadvies NJV. In NJV (Ed.), Europese integratie (Handelingen Nederlandse Juristen-Vereniging, 1) (p. 57-104). Deventer: Kluwer.
Smits, J.M. (2006). Private Law and Fundamental Rights: A Sceptical View. In
T. Barkhuysen & S. Lindenbergh (Eds.), Constitutionalisation of Private Law
(p. 9-22). Leiden/Boston: Brill.
Smits, J.M. (2006). Comparative Law and its Influence on National Legal
Systems. In R. Zimmermann & M. Reimann (Eds.), Oxford Handbook of
Comparative Law (p. 513-538). Oxford: Oxford University Press.
Smits, J.M. (2006). Belangenafweging door de rechter in het vermogensrecht:
een kritische beschouwing. Rechtsgeleerd Magazijn Themis, 134-140.
35
Wetenschappelijk verslag 2005-2007
Smits, J.M. (2006). Competitie tussen vennootschapsvormen: wat is het ‘beste’
stelsel van ondernemingsbestuur? Tijdschrift voor ondernemingsbestuur, 21-26.
Smits, J.M. (2006). The Principle of Unjust Enrichment and Formation of
Contract: The Importance of a Hidden Policy Factor. European Review of
Private Law, 423-435.
Smits, J.M. (2007). Convergence of private law in Europe: towards a new ius
commune? In E. Örücü & D. Nelken (Eds.), Comparative law: A handbook
(p. 219-240). Oxford: Hart Publishing.
Smits, J.M. (2007). De toekomst van het Europees privaatrecht: gemeenschappelijk referentiekader, optionele code en implementatie van richtlijnen. In A.S.
Hartkamp, C.H. Sieburgh & L.A.D. Keus (Eds.), De invloed van het Europese
recht op het Nederlandse privaatrecht (p. 281-297). Deventer: Kluwer.
Smits, J.M. (2007). Legal Culture as Mental Software, or: How to Overcome
National Legal Culture? In T. Wilhelmsson, E. Paunio & A. Pohjolainen (Eds.),
Private Law and the Many Cultures of Europe (p. 141-151). The Hague:
Kluwer Law International.
Smits, J.M. (2007). Nordic law in a European context: some comparative
observations. In J. Husa, K. Nuotio & H. Pihlajamäki (Eds.), Nordic Law –
Between Tradition and Dynamism (p. 55-64). Antwerp: Intersentia.
Smits, J.M. (2007). Dret Privat Europeu: Per Un Ordre Jurídic Espontani.
Revista Catalana de Dret privat, 7, 147-197.
Smits, J.M. (2007). Law Making in the European Union: On Globalization and
Contract Law in Divergent Legal Cultures. Louisiana Law Review, 67, 11811203.
Stijns, S. & Stuyck, J. (Eds.). (2005). Het nieuwe kooprecht: de wet van 1 september 2004 betreffende de bescherming van de consumenten bij verkoop van
consumptiegoederen. Antwerpen: Intersentia. (xiii + 165 p.)
Stijns, S. (2005). De matigingsbevoegdheid van de rechter bij misbruik van
contractuele rechten in de rechtspraak van het Belgische Hof van Cassatie. In J.
Smits & S. Stijns (Eds.), Inhoud en werking van de overeenkomst naar Belgisch
en Nederlands recht (Ius Commune Europaeum, 50) (p. 79-100). Antwerpen:
Intersentia.
Stijns, S. (2005). De remedies van de koper bij niet-conformiteit. In S. Stijns &
J. Stuyck (Eds.), Het nieuwe kooprecht. De Wet van 1 september 2004 betreffende de bescherming van de consumenten bij verkoop van consuptiegoederen
(p. 53-82). Antwerpen: Intersentia.
36
Algemeen verbintenissen- en contractenrecht
Stijns, S. (2005). Le rôle du juge dans la résolution judiciaire et non judiciaire
pour inexécution d’un contrat. In H. Cousy, S. Stijns, B. Tilleman & A.
Verbeke (Eds.), Droit des contrats. France-Belgique (p. 91-123). Bruxelles/
Paris: Larcier/LGDJ.
Stijns, S. (2005). Les garanties commerciales et l'action récursoire du vendeur
final. In C. Biquet-Mathieu & P. Wéry (Eds.), La nouvelle garantie des biens
de consommation et son environnement légal (p. 161-183). Bruges: la Charte.
Stijns, S. & Vuye, H. (2005). Zakenrecht: tweehonderd jaar oud of tweehonderd jaar jong? In D. Heirbaut & G. Martyn (Eds.), Napoleons Nalatenschap.
Tweehonderd jaar Burgerlijk Wetboek in België (p. 157-194). Mechelen:
Kluwer.
Stijns, S., Dambre, M. & Hubeau, B. (Eds.). (2006). Handboek Algemeen
Huurrecht (Huurrecht). Brugge: die Keure. (707 p.)
Stijns, S. (2006). Uitdrukkelijk ontbindende bedingen, ontbindende voorwaarden en vervangingsbedingen. In S. Stijns & K. Vanderschot (Eds.), Contractuele clausules rond de (niet-)uitvoering en de beëindiging van contracten
(p. 77-131). Antwerpen: Intersentia.
Stijns, S. & Samoy, I. (2006). La confiance légitime en droit privé contrats.
Rapport Belge. In E. Dirix & Y.-H. Leleu (Eds.), The Belgian Reports at the
Congress of Utrecht of the International Academy of Comparative Law (p. 223280). Brussels: Bruylant.
Stijns, S., Vanderschot, K. & Vermander, F. (2006). Schorsing en de beëindiging van de huurovereenkomst naar gemeen recht. In M. Dambre, B. Hubeau &
S. Stijns (Eds.), Handboek Algemeen Huurrecht (Huurrecht) (p. 529-599).
Brugge: die Keure.
Stijns, S. & Wéry, P. (Eds.). (2007). De bronnen van niet-contractuele verbintenissen – Les sources d’obligations extracontractuelles. Brugge: die Keure.
(258 p.)
Stijns, S. (2007). Contractanten en derden: derde-medeplichtigheid en actio
pauliana, sterkmaking en schijnvertegenwoordiging, derdenbegunstiging. In
S. Stijns (Ed.), Verbintenissenrecht (Themis-cahier, vormingsonderdeel 5)
(p. 25-50). Brugge: die Keure.
Stijns, S. (2007). De sanctionering van de wilsgebreken. In R. van Ransbeeck
(Ed.), Wilsgebreken – Leerstoel Constant Matheeussen 2006 (p. 132-168).
Brugge: die Keure.
Stijns, S. & Swaenepoel, E. (2007). Hoofdstuk 4: Onrechtmatige bedingen. In
E. Terryn (Ed.), Handboek Consumentenkrediet (p. 169-203). Brugge: die
Keure.
37
Wetenschappelijk verslag 2005-2007
Stijns, S. & Wéry, P. (2007). La confiance légitime et droit des obligations. In
S. Stijns & P. Wéry (Eds.), De bronnen van niet-contractuele verbintenissen –
Les sources d'obligations extracontractuelles (p. 47-98). Brugge: die Keure.
Storme, M.E. (2006). De juridisering van sociale verhoudingen van de negentiende eeuw tot vandaag. In D. Heirbaut, G. Martyn & R. Opsommer (Eds.), De
geschiedenis van het recht in de twintigste eeuw (Iuris Scripta Historica) (p. 2775). Brussel: Koninklijke Academie WLSK.
Storme, M.E. (2006). The Belgian legal tradition: from a long quest for legal
independence to a longing for dependence?, Belgian report for the XVII
International Congress of comparative law, Topic 1A ‘National legal traditions
and historical backgrounds’. In E. Dirix & Y.-H. Leleu (Eds.), The Belgian
reports at the Congress of Utrecht of the International Academy of Comparative Law/Rapports belges au Congrès de l'Académie Internationale de Droit
comparé à Utrecht/De Belgische rapporten voor het Congres van de Académie
Internationale de Droit comparé te Utrecht (p. 3-43). Brussels: Bruylant.
Storme, M.E. & Heirbaut, D. (2006). The Belgian legal tradition: from a long
quest for legal independence to a longing for dependence?, Belgian report for
the XVII International Congress of comparative law, Topic 1A ‘National legal
traditions and historical backgrounds´. European Review of Private Law,
14(5/6), 645-683.
Storme, M.E. et al. (o.l.v. prof. Ulrich Drobnig) (2007). Principles of European
Law of personal Securities (Principles of European law, 4). Munich: Sellier
European Law Publishers. (XXXI + 567 p.)
Stuyck, J. (2007). Test Claimants in the Thin Cap Group Litigation. L. Ballon,
H. Cousy, W. Devroe, K. Geens, J. Stuyck, B. Tilleman & P. Van Orshoven
(Eds.), Liber Amicorum Frans Vanistendael (p. 359-366). Herentals: Knops
Publishing.
Stuyck, J. (2007). The Unfair Commercial Practices Directive and its Consequences for the Regulation of Sales Promotions and the Law of Unfair
Competition. In U. Bernitz & S. Weatherill (Eds.), The Regulation of Unfair
Commercial Practices under EC Directive 2005/29. New Rules and New
Techniques (p. 159-174). Oxford: Hart Publishing.
Stuyck, J. (2007). Who is a Consumer? In K. Boele-Woelki & W. Grosheide
(Eds.), The Future of European Contract law, Essays in Honour of Ewoud
Hondius (p. 425-434). Alphen aan de Rijn: Kluwer Law International.
Stuyck, J. & Dyck, T. van (2007). Op naar een nieuw consumentenkredietrecht? Het (Gewijzigd) Voorstel van de Richtlijn Consumentenkrediet nader
bekeken. In E. Terryn (Ed.), Handboek Consumentenkrediet (p. 573-590).
Brugge: die Keure.
38
Algemeen verbintenissen- en contractenrecht
Stuyck, J. & Terryn, E. (2007). Le droit européen de la consommation.
Développements récents. Journal des Tribunaux – Droit européen, 143, 257266.
Tjittes, R.P.J.L. (2005). Europese klassiekers, BVerfG 19 oktober 1993,
BVerfGE 89, 214; NJW 1994, 36 (Bürgschaft). Nederlands Tijdschrift voor
Burgerlijk Recht, 7, 301-308.
Tjittes, R.P.J.L. (2005). Uitleg van schriftelijke contracten. Rechtsgeleerd
Magazijn Themis, 1, 2-29.
Tjittes, R.P.J.L. (2006). Koop van een woning. Non-conformiteit. Uitleg artikel
5.3 NVM-koopakte. Vermogensrechtelijke annotaties, 89-103.
Tjittes, R.P.J.L. (2006). Privaatrecht Actueel. Koop van een woning met
verborgen gebreken. Weekblad voor Privaatrecht, Notariaat en Registratie,
231-233.
Tjittes, R.P.J.L. (2006). De afbraak van de aansprakelijkheid voor afgebroken
onderhandelingen. In A.S. Hartkamp (Ed.), Hartkamp variaties (p. 139-149).
Deventer: Kluwer.
Tjittes, R.P.J.L. (2006). De uitleg van een contract jegens derden. In M. Cock
Buning, E.H. Hondius & J.J. Brinkhof (Eds.), Internationaal contracteren,
feestbundel voor Willem Grosheide (p. 73-86). Den Haag: Boom Juridische
uitgevers.
Veen, M. van der, Bemmel, J. van & Korthals Altes, W.K. (2006). Contracts
and learning in complex urban projects. In S.F. Pena & E.S. Alva (Eds.),
Second world planning schools congress – diversity and multiplicity: A new
agenda for the world planning community (p. 1-18). Mexico: National Autonomus University of Mexico.
Veen, M. van der & Janssen-Jansen, L. (2006). Money from the market?
Possibilities for TDR-like instruments in the Dutch planning system. In S.F.
Pena & E.S. Alva (Eds.), Second world planning schools congress – diversity
and multiplicity: A new agenda for the world planning community (p. 1-22).
Mexico: National Autonomus University of Mexico.
Veen, M. van der (2006). Public goals and private contracts; the case of the
Amsterdam Zuidas and Battery Park City (New York City). In M. Carmona, M.
Tewdwr-Jones et al. (Eds.), Planning Research Conference ‘Global Places,
Local Spaces’ (p. 1-13). London: University College London, The Bartlett
School of Planning.
Vries, G.J.P. de (2006). Dienstverlening: de overeenkomst van opdracht. In
E.H. Hondius & G.J. Rijken (Eds.), Handboek Consumentenrecht (p. 151-173).
Zutphen: Paris.
39
Wetenschappelijk verslag 2005-2007
Vries, G.J.P. de (2006). Extinctive prescription of claims according to the
PECL and Dutch Law. In A.F. Salomons & G.J.P. de Vries (Eds.), Pro forma?
Essays on the role of Formal Rules and Formal Requirements in Private Law
(p. 175-193). The Hague: Boom Juridische uitgevers.
Vries, G.J.P. de & Schelhaas, H. (2006). Chapter 14: Prescription. In H.
Schelhaas & D. Busch (Eds.), The Principles of European Contract Law (Part
III) and Dutch Law, A Commentary II (p. 167-244). The Hague: Kluwer Law
International.
Vries, G.J.P. de (2006). Remedies naar aanleiding van niet-nakoming op grond
van het Weens koopverdrag zijn beperkter dan die naar Nederlands recht.
Nederlands Tijdschrift voor Handelsrecht, 1, 13-16.
Vries, G.J.P. de (2007). Estoppel in Dutch law. In B. Fauvarque-Cosson (Ed.),
La Confiance légitime et l'estoppel (p. 319-320). Paris: Société de législation
comparé.
Vries, G.J.P. de (2007). Opzegbaarheid van overeenkomsten voor onbepaalde
tijd. Kwestie van contractvrijheid. Nederlands Juristenblad, 82(37), 2356-2362.
Vries, G.J.P. de (2007). Paal en perk aan bedingen ter stilzwijgende verlenging
van consumentenovereenkomsten? Tijdschrift voor Consumentenrecht & Handelspraktijken, 4, 122-124.
Vries, G.J.P. de (2007). Weens Koopverdrag stuurt in geval van niet-nakoming
aan op schadevergoeding. Maandblad voor vermogensrecht, 17(7/8), 160-162.
Winkel, L.C. (2005). A Never Ending History: varia over de indelingen van
verbintenissen en van contracten. In G. ten Berge et al. (Eds.), Inter Alia,
Opstellen en andere bijdragen aangeboden aan Dr. Marijke van de Vrugt
(p. 205-210). Utrecht: Universiteit Utrecht.
Wéry, P. & Biquet-Mathieu, C. (Eds.). (2005). La nouvelle garantie des biens
de consommation et son environnement légal. Bruxelles: la Charte. (257 p.)
Wéry, P. & Dubuisson, B. (Eds.). (2005). La mise en vente de l'immeuble.
Ouvrage en hommage à Nicole Verheyden-Jeanmart. Bruxelles: Larcier. (288
p.)
Wéry, P. (2005). L'action oblique et les actions directes en droit belge. In J.
Smits & S. Stijns (Eds.), Inhoud en werking van de overeenkomst naar Belgisch
en Nederlands recht (Ius Commune Europaeum, 50) (p. 307-340). Antwerpen:
Intersentia.
40
Algemeen verbintenissen- en contractenrecht
Wéry, P. (2005). La conclusion du contrat de vente par l'entremise d’un agent
immobilier. In P. Wéry & B. Dubuisson (Eds.), La mise en vente de l'immeuble.
Ouvrage en hommage à Nicole Verheyden-Jeanmart (p. 11-45). Bruxelles:
Larcier.
Wéry, P. (2005). Le droit commun des obligations contractuelles face à
l'émergence des nouvelles législations. In A. Wijffels (Ed.), Le Code civil, entre
ius commune et droit privé européen (p. 391-412). Bruxelles: Bruylant.
Wéry, P. (2005). Les principes généraux du droit en matière d’obligations
contractuelles. In C. Biquet-Mathieu et al. (Eds.), Liber Amicorum Paul Delnoy
(p. 587-603). Bruxelles: Larcier.
Wéry, P. (Ed.). (2006). La nullité des contrats (Commission Université-Palais
(CUP), 88). Bruxelles: Larcier. (288 p.)
Wéry, P. et al. (Eds.). (2006). Le droit commun du bail. Bruxelles: la Charte.
(781 p.)
Wéry, P. & Coipel, M. (Eds.). (2006). Les pratiques du commerce, l'information et la protection du consommateur. Bruxelles: Kluwer. (472 p.)
Wéry, P. (2006). Droit applicable à l'effet de la représentation à l’égard de tiers.
In J. Erauw et al. (Eds.), Het Wetboek Internationaal Privaatrecht becommentarieerd/Le Code de droit international privé commenté (p. 560-563).
Antwerpen: Intersentia.
Wéry, P. (2006). L'aliénation du bien loué. In P. Wéry et al. (Eds.), Le droit
commun du bail (p. 459-491). Bruxelles: la Charte.
Wéry, P. (2006). Les clauses pénales. In S. Stijns & K. Vanderschot (Eds.),
Contractuele clausules rond de (niet-)uitvoering en de beëindiging van
contracten (p. 183-226). Antwerpen: Intersentia.
Wéry, P. (2006). Les contrats de services gratuits. In B. Tilleman & A. Verbeke
(Eds.), Knelpunten. Dienstencontracten (Knelpunten Contractenrecht, 4) (p. 5995). Antwerpen: Intersentia.
Wéry, P. (2006). Nullité, inexistence et réputé non écrit. In P. Wéry (Ed.), La
nullité des contrats (Commission Université-Palais (CUP), 88) (p. 7-33).
Bruxelles: Larcier.
Wéry, P. (2006). Vue d’ensemble sur le régime des clauses abusives de la loi
du 14 juillet 1991. In Jeune Barreau de Liège (Ed.), La protection du consommateur, Actes du colloque organisé par la Commission Barreau-Notariat
de Liège le 20 avril 2006 (p. 7-50). Liège: Editions du Jeune Barreau de Liège.
41
Wetenschappelijk verslag 2005-2007
Wéry, P. (2007). L'article 1370 du Code civil et la nomenclature des sources
des obligations. In S. Stijns & P. Wéry (Eds.), Les sources d'obligations
extracontractuelles (p. 1-18). Bruxelles: la Charte.
VAKPUBLICATIES
Bartels, S.E. (2005). De snijbrander en het rieten dak. Ars Aequi, 9, 655-657.
Bergh, R. Van den (2005). [Bespreking van het boek Regulation of and by
Pharmacists in the Netherlands and Belgium: An Economic Approach].
Rechtsgeleerd Magazijn Themis, 46-50.
Bergh, R. Van den, Huls, N. & Loth, M. (2007). Reguleren doe je samen.
Pleidooi voor een nieuw kabinetsstandpunt over de hervorming van de advocatuur na drie gemiste kansen. Nederlands Juristenblad, 4550-556.
Boele-Woelki, K. & Grosheide, F.W. (Eds.). (2007). The Future of European
Contract Law. Alphen aan den Rijn: Wolters Kluwer Law & Business. (XI +
434 p.)
Bollen, C.J.M., Klomp, R.J.Q. & Schelhaas, H. (Eds.). (2006). Verbintenissenrecht geschetst (Ars Aequi geschetst. Burgerlijk recht, 5). (2de druk).
Nijmegen: Ars Aequi Libri. (227 p.)
Bollen, C.J.M. (2006). De gevolgen van het niet nakomen van een verbintenis.
In C. Bollen, R.J.Q. Klomp & H.N. Schelhaas (Eds.), Verbintenissenrecht
geschetst (2de druk) (p. 87-104). Nijmegen: Ars Aequi Libri.
Bollen, C.J.M. (2006). Ontbinding van de wederkerige overeenkomst. In C.
Bollen, R.J.Q. Klomp & H.N. Schelhaas (Eds.), Verbintenissenrecht geschetst
(2de druk) (p. 105-115). Nijmegen: Ars Aequi Libri.
Bollen, C.J.M. (2006). Verbintenissen uit andere bron dan onrechtmatige daad
of overeenkomst. In C. Bollen, R.J.Q. Klomp & H.N. Schelhaas (Eds.), Verbintenissenrecht geschetst (2de druk) (p. 181-203). Nijmegen: Ars Aequi Libri.
Bollen, C.J.M. (2006). Een belangrijk arrest over afbreken van onderhandelingen dat weinig nieuws brengt. Nederlands Tijdschrift voor Burgerlijk Recht,
62-69.
Bollen, C.J.M. (2007). Artikelen 6:265-6:279 BW. In T. Hartlief, C.E. du
Perron & A.C. van Schaick (Eds.), Wet en Rechtspraak Burgerlijk Wetboek, 3,
5 en 6 (p. 1009-1021). Deventer: Kluwer.
Busch, D. (2005). Bewerking artikelen 6:21 t/m 26 (voorwaardelijke verbintenissen). In E. Hondius (Ed.), Verbintenissenrecht (losbladig). Deventer:
Kluwer.
42
Algemeen verbintenissen- en contractenrecht
Busch, D., du Perron, C.E. et al. (Eds.). (2006). Toezicht Financiële Markten
(Groene Serie). Deventer: Kluwer (losbladig).
Busch, D. (2006). Commentaar op artikel 1 Bte 1995. In D. Busch, E. du
Perron et al. (Eds.), Toezicht Financiële Markten (Groene Serie, Losbladige
uitg. met aanvullingen). Deventer: Kluwer.
Busch, D. (2006). Commentaar op artikel 1a Bte 1995. In D. Busch, E. du
Perron et al. (Eds.), Toezicht Financiële Markten (Groene Serie, Losbladige
uitg. met aanvullingen). Deventer: Kluwer.
Busch, D. (2006). Commentaar op artikel 3 Wte 1995. In D. Busch, E. du
Perron et al. (Eds.), Toezicht Financiële Markten (Groene Serie, Losbladige
uitg. met aanvullingen). Deventer: Kluwer.
Busch, D. & Alferink, T.G.A. (2006). TamTam. Beantwoording rechtsvraag
(326) Bank- en effectenrecht (casus over prospectusaansprakelijkheid). Ars
Aequi: juridisch studentenblad, 551-558.
Busch, D., Doorenbos, D., Lemmers, N., Nieuwe Weme, M., Maatman, R. &
Rank, W.A.K. (Eds.). (2007). Onderneming en financieel toezicht (Serie onderneming en Recht, 40). Deventer: Kluwer. (XXIV + 688 p.)
Busch, D. & Schelhaas, H.N. (Eds.). (2007). Vergelijkender Wijs (promotibundel ter ere van het emeritaat van prof.mr. Ewoud H. Hondius) (Kluwer
rechtswetenschappelijke publicaties). Deventer: Kluwer. (X + 359 p.)
Busch, D. & Hoevers, J.W. (2007). Dutch securities regulator AFM grants nonEU SEC registered companies fast track access to European equity capital
markets. Journal of International Banking Law and Regulation, 621-624.
Cauffman, C. (2005). De natuurlijke verbintenis. In Commentaar verbintenissen (losbladig). Mechelen: Kluwer.
Cauffman, C. (2005). De verbintenisscheppende eenzijdige wilsuiting. In Commentaar verbintenissen (losbladig). Mechelen: Kluwer.
Cauffman, C. (2005). De vertrouwensleer. In Commentaar verbintenissen (losbladig). Mechelen: Kluwer.
Cauffman, C. (2005). [Bespreking van het boek De aansprakelijkheid van de
wegbeheerder]. T.P.R., 747-749.
Cauffman, C. (2005). [Bespreking van het boek Le crédit à la consommation].
T.P.R., 750.
Cauffman, C. (2005). [Bespreking van het boek Honderd jaar Duits Burgerlijk
Wetboek (BGB) 1 januari 1900 – 31 december 1999]. T.P.R., 1561.
43
Wetenschappelijk verslag 2005-2007
Cauffman, C. (2005). [Bespreking van het boek Tertium datur. De niet uitgesloten derde in het burgerlijk recht]. T.P.R., 2068-2069.
Cauffman, C. (2006). [Bespreking van het boek Pratiques de la négociation].
T.P.R., 1385-1386.
Cauffman, C. (2007). Derde-medeplichtigheid aan contractbreuk. In Bijzondere
overeenkomsten/Verbintenissen. Artikelsgewijze commentaar met overzicht van
rechtspraak en rechtsleer. Mechelen: Kluwer.
Cauffman, C. (2007). Pauliaanse vordering. In Bijzondere overeenkomsten/
Verbintenissen. Artikelsgewijze commentaar met overzicht van rechtspraak en
rechtsleer. Mechelen: Kluwer.
Cauffman, C. (2007). Gekwalificeerde benadeling. In Commentaar Verbintenissen. Mechelen: Kluwer.
Cauffman, C. (2007). Punitieve elementen in het verbintenissenrecht. Een
rechtsvergelijkende studie naar de draagwijdte, de (grond)wettigheid en de
wenselijkheid van het bestraffend karakter van het verbintenissenrecht. Tijdschrift voor Privaatrecht.
Cauffman, C. (2007). [Bespreking van het boek The Institutional Framework of
European Private Law]. C.M.L.Rev., 868-870.
Cauffman, C. & Mailleux, B. (2007). De nieuwe wet met betrekking tot de
kosteloze borgtocht. Notariaat: notarieel en fiscaal maandblad, 239-258.
Deurvorst, T.E. (2006). A Camel is a horse designed by a committee. Het
Haags Verdrag inzake Forumkeuzebedingen. In M. de Cock Buning, E.H.
Hondius & J.J. Brinkhof (Eds.), Internationaal contracteren, feestbundel voor
Willem Grosheide (p. 293-302). Den Haag: Boom Juridische uitgevers.
Dondorp, J.H. & Hallebeek, J. (2006). The Church as Promoter of the Law: The
Emergence of Canon Law as a Separate Discipline in the Middle Ages. In J.
Wolff (Ed.), Kultur- und rechtshistorische Wurzeln Europas; Arbeitsbuch
(p. 43-62). Mönchengladbach: Forum Vlg Godesberg.
Grosheide, F.W. & Maanen, G.E. van (2005). Een groeifonds of een grabbelton? Art. 1 Eerste Protocol en de Nederlandse rechtsorde. Bespreking van de
preadviezen van Barkhuysen & van Emmerik voor de voorjaarsvergadering van
de Vereniging voor Burgerlijk Recht [Bespreking van het boek Preadviezen
van T. Barkhuysen en M.L. van Emmerik voor de voorjaarsvergadering van de
Vereniging voor Burgerlijk Recht]. NTBR, 142-151.
Grosheide, F.W. (2006). Auteursrechtelijk contractenrecht. Contracteren, 1, 23.
44
Algemeen verbintenissen- en contractenrecht
Grosheide, F.W. (2007). Ad Rem. Contracteren, 2, 34-35.
Grosheide, F.W. (2007). Impressies (interview Prof.mr. M.W. Hesselink).
Contracteren, 2, 49-50.
Grosheide, F.W. (2007). UNCITRAL's Modelwet voor grensoverschrijdende
zekerheden en intellectuele eigendommen. Weekblad voor Privaatrecht,
Notariaat en Registratie, 6705, 303-305.
Haentjens, M. & Perron, C.E. du (2005). Commentaar Bijzondere Overeenkomsten: Boek 7 titel 14 (borgtocht) Burgerlijk Wetboek (‘Groene Kluwer’).
Deventer: Kluwer. (91 p.)
Hage, J.C., Schlössels, R.J.N. & Wolleswinkel, M.W. (Eds.). (2006). Recht,
vaardig en zeker. Een inleiding in het recht (Boom juridische studieboeken)
(3de [gew.] druk). Den Haag: Boom Juridische uitgevers. (443 p.)
Hage, J.C. (2006). Rechtsfilosofie. In J.C. Hage, R.J.N. Schlössels & R.
Wolleswinkel (Eds.), Recht, vaardig en zeker (p. 367-398). Den Haag: Boom
Juridische uitgevers.
Hage, J.C. (2007). Het harmonisatiewetarrest. In R. Janse, S. Taekema & T.
Hol (Eds.), Rechtsfilosofische annotaties (p. 14-16). Nijmegen: Ars Aequi
Libri.
Hage, J.C. (2007). Wat is een rechtsnorm? In J. Donkers (Ed.), Liber Amicorum
ter gelegenheid van de 60e verjaardag van Prof. dr. J. Jaap van den Herik
(p. 98-106). Maastricht: Maastricht ICT Competence Center.
Hage, J.C. (2007). Why norms are not imperatives. In J. Aguilo-Regla (Ed.),
Logic, Argumentation and Interpretation, Proceedings of the 22nd IVR World
Congress Granada 2005 (p. 151-159). Stuttgart: Franz Steiner Verlag.
Hage, J.C. (2007). A propos of a treatise of legal philosophy and general
jurisprudence. Ratio Juris, 20, 432-441.
Hage, J.C. (2007). Fatsoenlijke belastingheffing. In Fiscaal Fatsoen (p. 67-73).
Maastricht: LOF.
Hage, J.C. & Brouwer, B. (2007). Basic Concepts of European Private Law.
European Review of Private Law, 15, 3-26.
Hallebeek, J. (2005). ‘Laudatio’ en ‘Bibliography’. In Bergh, R. van den,
Hallebeek, J., Winkel, L.C. et al. (Eds.), Ex Iusta Causa Traditum, Festschrift
für Eric Pool (Fundamina) (p. XIII-XV & p. XVI-XVII). Pretoria: University
of South Africa.
45
Wetenschappelijk verslag 2005-2007
Hallebeek, J. (2005). Nicolaas Everaerts (Nicolaus Everardi). In R. Domingo
(Ed.), Juristas Universales (Juristas modernas, Vol. II) (p. 92-94). Barcelona/
Madrid: Marcial Pons.
Hallebeek, J. (2005). [Bespreking van het boek Bibliografie van hoogleraren in
de rechten aan de Franeker Universiteit tot 1811]. Pro memorie: bijdragen tot
de rechtsgeschiedenis der Nederlanden, 7, 185-186.
Hallebeek, J. (2005). [Bespreking van het boek ‘Ketzerinnen’ – Frauen gehen
ihren eigenen Weg]. Millennium: tijdschrift voor Middeleeuwse studies, 19,
203-205.
Hallebeek, J. (2006). Nederlandse vertaling van Chr. Hattenhauer, Het Koninkrijk Westfalen (1807-1813). In J. Hallebeek & A.J.B. Sirks (Eds.), Nederland in
Franse schaduw; Recht en bestuur in het Koninkrijk Holland (1806-1810) (p.
271-296). Hilversum: Verloren.
Hallebeek, J. & Sirks, A.J.B. (2006). Recht en bestuur in het Koninkrijk
Holland. In J. Hallebeek & A.J.B. Sirks (Eds.), Nederland in Franse schaduw;
Recht en bestuur in het Koninkrijk Holland (1806-1810) (p. 7-10). Hilversum:
Verloren.
Hallebeek, J. (2006). [Bespreking van het boek Vorst tussen volk en wet: over
volkssoevereiniteit en rechtsstatelijkheid in het werk van Fernando Vázquez de
Menchaca (1512-1569)]. Revista de estudios histórico-jurídicos, 28, 769-772.
Hallebeek, J. (2006). [Bespreking van het boek Van Bijnkershoeks Observationes 2018-2913 (deel III) in het Nederlands samengevat ... and Index in
Observationes tumultuarias Cornelii van Bijnkershoek et Wilhelmi Pauw].
Tijdschrift voor Rechtsgeschiedenis, 74, 398-399.
Hallebeek, J. (2007). Het herziene Statuut voor de Oud-Katholieke Kerk van
Nederland. Nederlands Tijdschrift Kerk & Recht, 35-56.
Hallebeek, J. (2007). [Bespreking van het boek Das Basler Konzil; Synodale
Praxis zwischen Routine und Revolution]. Internationale Kirchliche Zeitschrift,
97, 223-224.
Hallebeek, J. (2007). [Bespreking van het boek Das Basler Konzil; Synodale
Praxis zwischen Routine und Revolution]. Tijdschrift voor Rechtsgeschiedenis,
75, 61-64.
Hallebeek, J. (2007). [Bespreking van het boek Les origines de la responsabilité pour faute personelle dans le Code Civil de 1804]. Tijdschrift voor
Rechtsgeschiedenis, 75, 64-66.
Hardy, R.R.R. & Hesen, G.G. (2007). Independent Music Publishers and
Labels Association. Markt & Mededinging, 8, 250-254.
46
Algemeen verbintenissen- en contractenrecht
Hartkamp, A.S. (2005). Compendium Vermogensrecht voor de rechtspraktijk
(6de [gew. en uitgebreide] druk). Deventer: Kluwer. (XXX + 493 p.)
Hesen, G.G. & Smits, J.M. (2006). Rechtshandelingen. In C. Bollen, R.J.Q.
Klomp & H. Schelhaas (Eds.), Verbintenissenrecht Geschetst (Ars Aequi
geschetst. Burgerlijk recht, 5) (p. 21-31) (2de druk). Nijmegen: Ars Aequi Libri.
Hesen, G.G. & Smits, J.M. (2006). Overeenkomsten in het algemeen. In C.
Bollen, R.J.Q. Klomp & H. Schelhaas (Eds.), Verbintenissenrecht Geschetst
(Ars Aequi geschetst. Burgerlijk recht, 5) (p. 33-37). (2de druk). Nijmegen: Ars
Aequi Libri.
Hesen, G.G. & Smits, J.M. (2006). Rechtsgevolgen van de overeenkomst. In C.
Bollen, R.J.Q. Klomp & H. Schelhaas (Eds.), Verbintenissenrecht Geschetst
(Ars Aequi geschetst. Burgerlijk recht, 5) (p. 55-60). (2de druk). Nijmegen: Ars
Aequi Libri.
Hesen, G.G. & Hardy, R.R.R. (2006). [Bespreking van het boek The Need for a
European Contract Law; Empirical and Legal Perspectives]. ICLQ, 55(3), 770772.
Hesselink, M.W. (2005). Who has a stake in European contract law. European
review of contract law, 1(3), 295-296.
Hesselink, M.W. (2007). SME's in European Contract Law. Background note
for the European Parliament on the position of small and medium sized
enterprises (SMEs) in a future Common Frame of Reference (CFR) and in the
review of the consumer law acquis. Amsterdam: Centre for the Study of
European Contract Law. (28 p.)
Hesselink, M.W., Rutgers, J.W. & Booys, T. de (2007). The legal basis for an
optional instrument on European contract law. Short study for the European
Parliament on the different options for a future instrument on a Common
Frame of Reference (CFR) in EU contract law, in particular the legal from and
the legal basis for any future optional instrument. Amsterdam: Centre for the
Study of European Contract Law. (80 p.)
Hesselink, M.W. (2007). Naar een (Europees) Wetboek van Consumentenrecht? Nederlands Juristenblad, 850-857.
Hesselink, M.W. (2007). De Tilburgse inquisitie. Nederlands Juristenblad,
82(33), 2086-2087.
Hesselink, M.W. (2007). Een Europees Burgerlijk Wetboek door de voordeur.
Nederlands Juristenblad, 2484-2485.
Hesselink, M.W. (10-10-2007). Een Europees Burgerlijk Wetboek is juist goed
idee. Nrc-Handelsblad.
47
Wetenschappelijk verslag 2005-2007
Hesselink, M.W. (11-10-2007). Begin maar eens een bedrijfje zónder Europese
regels. Nrc Handelsblad; Next.
Hondius, E.H. (2005). Asser-serie: De wereld van J.B.M. Vranken. Weekblad
voor Privaatrecht, Notariaat en Registratie, 6620, 363-364.
Hondius, E.H. (2005). Kroniek Algemeen. Nederlands Tijdschrift voor Burgerlijk Recht, 33-41.
Hondius, E.H. (2005). Kroniek Algemeen. Nederlands Tijdschrift voor Burgerlijk Recht, 69-81.
Hondius, E.H. (2005). Kroniek Algemeen. Nederlands Tijdschrift voor Burgerlijk Recht, 113-129.
Hondius, E.H. (2005). Kroniek Algemeen. Nederlands Tijdschrift voor Burgerlijk Recht, 161-176.
Hondius, E.H. (2005). Kroniek Algemeen. Nederlands Tijdschrift voor Burgerlijk Recht, 209-217.
Hondius, E.H. (2005). Kroniek Algemeen. Nederlands Tijdschrift voor Burgerlijk Recht, 273-279.
Hondius, E.H. (2005). Kroniek Algemeen. Nederlands Tijdschrift voor Burgerlijk Recht, 309-324.
Hondius, E.H. (2005). Kroniek Algemeen. Nederlands Tijdschrift voor Burgerlijk Recht, 393-405.
Hondius, E.H. (2005). Kroniek Algemeen. Nederlands Tijdschrift voor Burgerlijk Recht, 446-454.
Hondius, E.H. (2005). Kroniek Algemeen. Nederlands Tijdschrift voor Burgerlijk Recht, 502-505.
Hondius, E.H. & Rijken, G.J. (Eds.). (2006). Handboek consumentenrecht: een
overzicht van de rechtspositie van de consument. Zutphen: Paris (2de druk).
(516 p.)
Hondius, E.H., Chorus, J.M.J. & Gerver, P.H.M. (Eds.). (2006). Introduction to
Dutch law (4th rev. ed). Alpen aan de Rijn: Kluwer Law International. (XVI +
549 p.)
Hondius, E.H. (2006). Bankovereenkomst. In E.H. Hondius & G.J. Rijken
(Eds.), Handboek consumentenrecht: een overzicht van de rechtspositie van de
consument (p. 211-218). (2de druk). Zutphen: Paris.
48
Algemeen verbintenissen- en contractenrecht
Hondius, E.H. (2006). Geschillencommissies. In E.H. Hondius & G.J. Rijken
(Eds.), Handboek consumentenrecht: een overzicht van de rechtspositie van de
consument (p. 471-491). (2de druk). Zutphen: Paris.
Hondius, E.H. (2006). Diskussionsbeitrag. In E. Lorenz (Ed.), Schuldrechtsmodernisierung – Erfahrungen seit dem 1. Januar 2002 (VersR-Schriftenreihe,
34) (p. 225-230). Karlsruhe: Verlag Versicherungswirtschaft.
Hondius, E.H. (2006). Preface. In C. Jeloschek (Ed.), Examination and notification duties in consumer sales law: how far should we go in protecting the
consumer? (Schriften zur Europäischen Rechtswissenschaft) (p. VII-VIII).
Munich: Sellier European Law Publishers.
Hondius, E.H. (2006). A Spanish commentary of the Gandolfi Codeland some
other Spanish. European review of contract law, 429-437.
Hondius, E.H. (2006). De basis van ons privaatrecht. Weekblad voor Privaatrecht, Notariaat en Registratie, 6673, 519-521.
Hondius, E.H. (2006). Schadefondsen: 11 september en de claimcultuur.
Nederlands Tijdschrift voor Burgerlijk Recht, 9, 373.
Hondius, E.H. (2006). Productenaansprakelijkheid. ELSA Leiden Magazine, 3,
4-7.
Hondius, E.H. (2006). From the Editor. European Review of Private Law, 14,
631-633.
Hondius, E.H. (2006). The Seventeenth Congress of the International Academy
of Comparative Law. European Review of Private Law, 839-843.
Hondius, E.H. (2006). Kroniek van het consumentenrecht. Europa in
Nederland. Nederlands Juristenblad, 1811-1821.
Hondius, E.H. (2006). Zeventiende congres van de Académie Internationale de
Droit Comparé. Nederlands Juristenblad, 2474-2475.
Hondius, E.H. (2006). Consumentenrecht. Ars Aequi Katern, 98, 5438-5440.
Hondius, E.H. (2006). Consumentenrecht. Ars Aequi Katern, 99, 5500-5502.
Hondius, E.H. (2006). Consumentenrecht. Ars Aequi Katern, 100, 5572-5574.
Hondius, E.H. (2006). Consumentenrecht. Ars Aequi Katern, 101, 5639-5643.
Hondius, E.H. (2006). Kroniek Algemeen. Nederlands Tijdschrift voor Burgerlijk Recht, 19-25.
49
Wetenschappelijk verslag 2005-2007
Hondius, E.H. (2006). Kroniek Algemeen. Nederlands Tijdschrift voor Burgerlijk Recht, 57-62.
Hondius, E.H. (2006). Kroniek Algemeen. Nederlands Tijdschrift voor Burgerlijk Recht, 106-113.
Hondius, E.H. (2006). Kroniek Algemeen. Nederlands Tijdschrift voor Burgerlijk Recht, 139-146.
Hondius, E.H. (2006). Kroniek Algemeen. Nederlands Tijdschrift voor Burgerlijk Recht, 170-177.
Hondius, E.H. (2006). Kroniek Algemeen. Nederlands Tijdschrift voor Burgerlijk Recht, 231-242.
Hondius, E.H. (2006). Kroniek Algemeen. Nederlands Tijdschrift voor Burgerlijk Recht, 283-292.
Hondius, E.H. (2006). Kroniek Algemeen. Nederlands Tijdschrift voor Burgerlijk Recht, 332-345.
Hondius, E.H. (2006). Kroniek Algemeen. Nederlands Tijdschrift voor Burgerlijk Recht, 383-391.
Hondius, E.H. (2006). Kroniek Algemeen. Nederlands Tijdschrift voor Burgerlijk Recht, 423-435.
Hondius, E.H. (2006). [Bespreking van het boek Prevention and compensation
of treatment injury: a roadmap for reform]. Lex Medicinae – Revista Portuguesa de Direito da Saúde, 191-192.
Hondius, E.H. (2007). Preface. In A.J. van den Berg (Ed.), The politics of
European codification: a history of the unification of law in France, Prussia,
the Austrian monarchy and the Netherlands (p. vii). Groningen: Europa Law
Publishing.
Hondius, E.H. (2007). Le Contrat en Europe: Aujourd'hui et Demain –
Luxembourg 22 June 2007. European Review of Private Law, 749-750.
Hondius, E.H. (2007). European contract law in Italy: Some recent publications. Zeitschrift für Europäisches Privatrecht, 15(1), 382-389.
Hondius, E.H. (2007). De canon van het Nederlands privaatrecht/een proeve.
Weekblad voor Privaatrecht, Notariaat en Registratie, 6697, 127-129.
Hondius, E.H. (2007). Amerikaans consumentenrecht, wo bestu bleven? Tijdschrift voor Consumentenrecht & Handelspraktijken, 73-74.
50
Algemeen verbintenissen- en contractenrecht
Hondius, E.H. (2007). Amerikaanse toestanden – is het echt zo erg? Tijdschrift
voor Gezondheidsrecht, 333-337.
Hondius, E.H. (2007). Consumentenrecht. Ars Aequi Katern, 102, 5707-5710.
Hondius, E.H. (2007). Consumentenrecht. Ars Aequi Katern, 103, 5772-5774.
Hondius, E.H. (2007). Consumentenrecht. Ars Aequi Katern, 104, 5842-5844.
Hondius, E.H. (2007). Consumentenrecht. Ars Aequi Katern, 105, 5900-5903.
Hondius, E.H. (2007). Kroniek Algemeen. Nederlands Tijdschrift voor Burgerlijk Recht, 19-25.
Hondius, E.H. (2007). Kroniek Algemeen. Nederlands Tijdschrift voor Burgerlijk Recht, 68-81.
Hondius, E.H. (2007). Kroniek Algemeen. Nederlands Tijdschrift voor Burgerlijk Recht, 116-130.
Hondius, E.H. (2007). Kroniek Algemeen. Nederlands Tijdschrift voor Burgerlijk Recht, 158-169.
Hondius, E.H. (2007). Kroniek Algemeen. Nederlands Tijdschrift voor Burgerlijk Recht, 199-212.
Hondius, E.H. (2007). Kroniek Algemeen. Nederlands Tijdschrift voor Burgerlijk Recht, 237-251.
Hondius, E.H. (2007). Kroniek Algemeen. Nederlands Tijdschrift voor Burgerlijk Recht, 287-296.
Hondius, E.H. (2007). Kroniek Algemeen. Nederlands Tijdschrift voor Burgerlijk Recht, 334-342.
Hondius, E.H. (2007). Kroniek Algemeen. Nederlands Tijdschrift voor Burgerlijk Recht, 396-406.
Hondius, E.H. & Paijmans, B. (2007). Van jeugdige vandalen en gevaarlijk
overstekende kinderen/over de aansprakelijkheid van en voor kinderen.
Ouranostra, 32-35.
Jongbloed, A.W., Klomp, R.J.Q., Mak, C., Rhee, C.H. van & Spath, J.B. (Eds.).
(2007). Wetseditie Burgerlijk recht 2007/2008. Nijmegen (3de druk): Ars Aequi
Libri. (1193 p.)
Jansen, C.E.C. & Manunza, E.R. (2006). Naschrift. Nederlands Juristenblad,
2129-2130.
51
Wetenschappelijk verslag 2005-2007
Jansen, C.E.C. (2006). Leidraad aanbesteden in de bouw. Cobouw. [Online].
Available from: <http://www.cobouw.nl> [13-12-2006].
Klomp, R.J.Q. & Mak, C. (Eds.). (2005). Burgerlijk Wetboek 2005-2006 (14de
herz. druk) (Ars Aequi wetsedities). Nijmegen: Ars Aequi Libri. (778 p.)
Klomp, R.J.Q. & Mak, C. (Eds.). (2006). Burgerlijk Wetboek 2006-2007 (Ars
Aequi wetsedities). (15de druk). Nijmegen: Ars Aequi Libri. (788 p.)
Klomp, R.J.Q. & Spath, J.B. (Eds.). (2006). Burgerlijk recht 2006-2007 (Ars
Aequi Wetseditie). (2de druk). Nijmegen: Ars Aequi Libri. (1128 p.)
Klomp, R.J.Q. (2006). Bijwerking Losbladige Verbintenissenrecht art. 6:51-57
BW (Supplement 135). Deventer: Kluwer. (24 p.)
Klomp, R.J.Q. (2006). Vermogensrecht in het Burgerlijk Wetboek (bewerking
van bijdrage H.J. de Kluiver en R.H.C. Jongeneel). In C. Bollen, R.J.Q. Klomp
& H. Schelhaas (Eds.), Verbintenissenrecht geschetst (Ars Aequi geschetst.
Burgerlijk recht, 5) (p. 15-20). (2de druk). Nijmegen: Ars Aequi Libri.
Klomp, R.J.Q. (2006). Opschorting (Afd. 6.1.7 en 6.5.5). In C. Bollen, R.J.Q.
Klomp & H. Schelhaas (Eds.), Verbintenissenrecht geschetst (Ars Aequi
geschetst. Burgerlijk recht, 5) (p. 117-127). (2de druk). Nijmegen: Ars Aequi
Libri.
Klomp, R.J.Q. (2006). Verrekening (Afd. 6.1.12). In C. Bollen, R.J.Q. Klomp
& H. Schelhaas (Eds.), Verbintenissenrecht geschetst (Ars Aequi geschetst.
Burgerlijk recht, 5) (p. 129-138). (2de druk). Nijmegen: Ars Aequi Libri.
Klomp, R.J.Q. (2006). Onrechtmatige daad: algemeen (Afd. 6.3.1) (bewerking
van bijdrage G.H. Lankhorst). In C. Bollen, R.J.Q. Klomp & H. Schelhaas
(Eds.), Verbintenissenrecht geschetst (Ars Aequi geschetst. Burgerlijk recht, 5)
(p. 157-166). (2de druk). Nijmegen: Ars Aequi Libri.
Klomp, R.J.Q. (2006). Onrechtmatige daad: kwalitatief (Afd. 6.3.2) (bewerking
van bijdrage G.H. Lankhorst). In C. Bollen, R.J.Q. Klomp & H. Schelhaas
(Eds.), Verbintenissenrecht geschetst (Ars Aequi geschetst. Burgerlijk recht, 5)
(p. 167-173). (2de druk). Nijmegen: Ars Aequi Libri.
Klomp, R.J.Q. (Ed.). (2007). Kunst en recht 2007/2010. Wetseditie. (2de druk).
Nijmegen: Ars Aequi Libri. (303 p.)
Klomp, R.J.Q. & Mak, C. (Eds.). (2007). Burgerlijk wetboek 2007/2008:
Boeken 1 t/m 8 (Ars Aequi wetsedities). (16de herz. druk). Nijmegen: Ars Aequi
Libri. (835 p.)
Klomp, R.J.Q. (2007). Verbintenissenrecht Art. 6:127-141 BW. Supplement
141. Deventer: Kluwer. (losbl.)
52
Algemeen verbintenissen- en contractenrecht
Klomp, R.J.Q. (2007). Verbintenissenrecht Art. 6:52-57 en 6:261-264 BW.
Supplement 143. Deventer: Kluwer. (losbl.)
Klomp, R.J.Q. (2007). Hoofdstuk Overeenkomsten: de koop (bewerking van
bijdrage R.H.C. Jongeneel). In Juridisch Zakboek (supplement 125) (p. IXA – 1
t/m IXA – 224 en IXB – 1 t/m IXB – 26. Den Haag: Sdu.
Klomp, R.J.Q., Joustra, C.A. & Wiewel, P.G. (Eds.). (2007). Beklaagde hoven:
klachtenregeling in de rechterlijke organisatie (Prinsengrachtreeks, 2007/2).
Nijmegen: Ars Aequi Libri. (98 p.)
Klomp, R.J.Q. (2007). Teruggeven is geen kunst. Ars Aequi: juridisch studentenblad. [Online]. Available from: <www.arsaequi.nl/betawebsite> [15-102007].
Kornet, N. (2005). Is there a Need for a Uniform Contract law in Europe?
Zeitschrift für Europäisches Privatrecht, 13, 677-679.
Loos, M.B.M. (2006). Algemene voorwaarden bij consumentenovereenkomsten. In E.H. Hondius & G.J. Rijken (Eds.), Handboek Consumentenrecht:
een overzicht van de rechtspositie van de consument (2de druk). (p. 61-91).
Zutphen: Paris.
Loos, M.B.M. (2006). Verboden exoneraties in energieleveringsovereenkomsten en vernietiging van met de wet strijdige bindende adviezen. Tijdschrift
voor Consumentenrecht & Handelspraktijken, 3-6.
Loos, M.B.M. (2007). Naschrift bij A.S. Hartkamp. Ambtshalve toetsing van
algemene voorwaarden in consumentenovereenkomsten. Heeft de Hoge Raad
de jurisprudentie van het Hof van Justitie gemist? Weekblad voor Privaatrecht,
Notariaat en Registratie, 6736, 1057-1058.
Mak, C. (2007). Het gemeenschappelijk Referentiekader en de toekomst van
het Europees contractenrecht. Contracteren, 3, 72-74.
Ogus, A.I. (2007). Responding to Threats of Terrorism: How the Law Can
Generate Appropriate Incentives. Journal of Interdisciplinary Economics, 19,
35-55.
Perron, C.E. du & Hart, F.M.H. 't (2006). De Geïnformeerde Consument. Is
informatieverstrekking een effectief middel om consumenten afgewogen financiële beslissingen te laten nemen? (Serie vanwege het Van der Heijden Instituut
te Nijmegen, 90). Deventer: Kluwer. (IX + 204 p.)
Perron, C.E. du, Schaick, A.C. van & Hartlief, T. (Eds.). (2007). Burgerlijk
Wetboek, boeken 3, 5 en 6 (Wet en Rechtspraak) (Wet en rechtspraak).
Deventer: Kluwer. (XIV + 1094 p.)
53
Wetenschappelijk verslag 2005-2007
Rauws, W.J.M., Engels, C., Humblet, P., Janvier, R., Rigaux, M. & Eeckhoutte,
D. van (Eds.). (2005). Codex Arbeidsrecht, 2005-2006. Brugge: die Keure.
(1168 p.)
Rauws, W.J.M., Vos, M. de & Eeckhoutte, W. van (2006). Codex Arbeidsrecht
2006-2007. Brugge: die Keure. (1500 p.)
Rauws, W.J.M., Eeckhoutte, W. van, Rigaux, M. & Steenberge, J. van (2006).
Bamacodex sociaal recht 2006-2007. Brugge: die Keure. (682 p.)
Rauws, W.J.M. (2006). Discriminatie in het onderwijs. Rechtskundig Weekblad, 2006(7), 310-322.
Rauws, W.J.M. (2007). ‘Dura lex, sed lex’, ‘summun jus, summa injuria’. Is het
lezen van Antigone van Sophocles nuttig voor juristen? In K. Lemmens & F.
Jongen (Eds.), Recht en literatuur (p. 215-225). Brugge: die Keure.
Rinkes, J.G.J. (2006). Kroniek Europees Consumentenrecht. Tijdschrift voor
Consumentenrecht & Handelspraktijken, 48-60.
Rinkes, J.G.J. & Boom, W.H. van (2006). Redactioneel. Toezicht op consumentenrecht en de komst van de Consumentenautoriteit. Tijdschrift voor
Consumentenrecht & Handelspraktijken, 5, 135-138.
Rutgers, J.W. (2005). Europees Privaatrecht. Ars Aequi Katern, 94, 5181-5182.
Rutgers, J.W. (2005). Europees Privaatrecht. Ars Aequi Katern, 96, 5314-5315.
Rutgers, J.W. & Hesselink, M.W. (Eds.). (2006). ECJ Cases on European
Contract law: A Selection (Ars Aequi Jurisprudentie). Nijmegen: Ars Aequi
Libri. (184 p.)
Rutgers, J.W. (2006). Europees Privaatrecht. Ars Aequi Katern, 98, 5442-5443.
Rutgers, J.W. (2006). Europees Privaatrecht. Ars Aequi Katern, 99, 5505-5506.
Rutgers, J.W. (2006). Europees Privaatrecht. Ars Aequi Katern, 100, 55765577.
Rutgers, J.W. (2006). Europees Privaatrecht. Ars Aequi Katern, 101, 56455646.
Rutgers, J.W. (2007). Interventie bij het preadvies van Prof. mr. J.M. Smits en
gezamenlijk vraagpunt, Europese Integratie. In Handelingen Nederlandse
Juristen-Vereniging (p. 75-77). Deventer: Kluwer.
Rutgers, J.W. (2007). Europees Privaatrecht. Ars Aequi Katern, 102, 57125713.
54
Algemeen verbintenissen- en contractenrecht
Rutgers, J.W. (2007). Europees privaatrecht. Ars Aequi Katern, 105, 59055906.
Samoy, I. (2005). [Bespreking van het boek Consumentenkoop, in Monografiëen Nieuw B.W.]. R.W., 760.
Samoy, I. (2005). [Bespreking van het boek Koop en consumentenkoop]. R.W.,
800.
Samoy, I. (2006). [Bespreking van het boek Mr. C. Assers handleiding tot de
beoefening van het Nederlands Burgerlijk Recht, Vertegenwoordiging en
Rechtspersoon, De vertegenwoordiging]. R.W., 920.
Samoy, I. (2006). [Bespreking van het boek De overdracht van schuldvorderingen. Naar een meer eenvormige tegenwerpbaarheidsregeling voor overdrachten in de burgerrechtelijke en handelsrechtelijke sfeer]. R.W., 999.
Samoy, I. (2007). Aspecten van het nieuwe afstammingsrecht, met bijzondere
aandacht voor het overgangsrech. In P. Senaeve (Ed.), Themis-cahier Personen- en familierecht (p. 57-77). Brugge: die Keure.
Samoy, I. (2007). Pijnpunten bij het opstellen van consortium- en andere overeenkomsten met meer dan twee partijen. In S. Stijns (Ed.), Themis-cahier
Verbintenissenrecht (p. 51-70). Brugge: die Keure.
Samoy, I. (2007). Gevolgen van de lastgeving (art. 1991 tot 2002 B.W.). In
Bijzondere overeenkomsten, Commentaar met overzicht van rechtspraak en
rechtsleer (p. 9-74). Deurne: Kluwer.
Samoy, I. (2007). Le caméléon du droit des obligations: le contrat multipartite.
Questions théoriques et pratiques concernant la conclusion des contrats à
multiples parties. In P. Wéry (Ed.), Droits des obligations: développements
récents et pistes nouvelles (p. 7-36). Luik: Anthémis.
Samoy, I. (2007). Zaakwaarneming: de rol en de gevolgen van vertegenwoordiging. In S. Stijns & P. Wéry (Eds.), De bronnen van niet-contractuele verbintenissen: de theorie in de praktijk (p. 173-208). Brugge: die Keure.
Samoy, I. & Allaerts, V. (2007). Dit is geen vermomde schenking! In C.
Castelein, A. Verbeke & L. Weyts (Eds.), Notariële clausules, Liber Amicorum
Professor Johan Verstraete (p. 295-322). Antwerp: Intersentia.
Samoy, I. & Stijns, S. (2007). La confiance légitime en droit des obligations. In
B. Fauvarque-Cosson (Ed.), La confiance légitime et l'estoppel (Droit privé
comparé et européen, vol. 4) (p. 167-224). Paris: Société de législation comparée.
55
Wetenschappelijk verslag 2005-2007
Schaick, A.C. van, Boonekamp, R.J.B. & Wesseling-van Gent, E.M. (Eds.).
(2007). Burgerlijke rechtsvordering: (incl. EEX-verordening) (Wet en rechtspraak) (Wet en rechtspraak). Deventer: Kluwer. (LXIV + 1156 p.)
Schaick, A.C. van (2007). Artikelen 3:60-79 BW, 3:99-106 BW, 3:107-125
BW, 3:296-326, 6:1-26 BW, 6:52-73 BW, 6:142-161 BW, 6:198-202, 213-216,
231-247. In A.C. van Schaick, C.E. du Perron & T. Hartlief (Eds.), Burgerlijk
wetboek, boeken 3, 5 en 6 (Wet en rechtspraak) (p. 78-938). Deventer: Kluwer.
Schaick, A.C. van (2007). Artikelen 78-148 Rv, 208-253 Rv, 612-616 Rv,
1003-1018 Rv, 1019j-1019v Rv. In A.C. van Schaick, R.J.B. Boonekamp &
E.M. Wesseling-Van Gent (Eds.), Burgerlijke rechtsvordering: (incl. EEXverordening) (Wet en rechtspraak) (p. 93-946). Deventer: Kluwer.
Schaub, M.Y. (2007). Handhaven met twee gezichten. Impressie van de
themabijeenkomst over het duale stelsel van de Wet handhaving consumentenbescherming, 16 november 2007 Den Haag. Contracteren, 4, 99-101.
Schaub, M.Y. (2007). Report of the SECOLA conference on the common
frame of reference and the future of European contract law (1-2 June 2007).
European Review of Private Law, 5, 751-755.
Schelhaas, H. (2005). Bewerking artikelen 6:91 tot en met 6:94. In E.H.
Hondius (Ed.), Verbintenissenrecht (Losbladig). Deventer: Kluwer.
Schelhaas, H. (2005). Bewerking van artikelen 7:31-38 (bijzondere gevallen
van verzuim, ontbinding en schadevergoeding bij koop), 7:39-44 (reclamerecht), 7:45-48 (koop op proef en koop van vermogensrechten). In B. Wessels
(Ed.), Bijzondere Overeenkomsten (Losbladig). Deventer: Kluwer.
Schelhaas, H. (2005). Verbintenissenrecht. Algemene leer der overeenkomsten
(11de druk, 2001). Asser Actueel, 1, 1-3.
Schelhaas, H. (2005). Verbintenissenrecht. Algemene leer der overeenkomsten
(11de druk, 2001). Asser Actueel, 2, 17-19.
Schelhaas, H. (2005). Verbintenissenrecht. Algemene leer der overeenkomsten
(11de druk, 2001). Asser Actueel, 3, 37-39.
Schelhaas, H. (2006). Algemene voorwaarden. In C. Bollen, R.J.Q. Klomp &
H.N. Schelhaas (Eds.), Verbintenissenrecht Geschetst (Ars Aequi geschetst.
Burgerlijk recht, 5) (p. 67-78). (2de druk). Nijmegen: Ars Aequi Libri.
Schelhaas, H. (2006). Nakoming van verbintenissen. In C. Bollen, R.J.Q.
Klomp & H.N. Schelhaas (Eds.), Verbintenissenrecht Geschetst (Ars Aequi
geschetst. Burgerlijk recht, 5) (p. 79-93). (2de druk).Nijmegen: Ars Aequi Libri.
56
Algemeen verbintenissen- en contractenrecht
Schelhaas, H. (2006). Productaansprakelijkheid. In C. Bollen, R.J.Q. Klomp &
H.N. Schelhaas (Eds.), Verbintenissenrecht Geschetst (Ars Aequi geschetst.
Burgerlijk recht, 5) (p. 181-187). (2de druk). Nijmegen: Ars Aequi Libri.
Schelhaas, H.N. (2007). Artikel 6:74-6:80 en 6:90-6:94. In A.C. van Schaick,
C.E. du Perron & T. Hartlief (Eds.), Burgerlijk wetboek, boeken 3, 5 en 6 (Wet
en rechtspraak) (p. 422-439-448-453). Deventer: Kluwer.
Schrage, E.J.H. (2005). [Bespreking van het boek Die Struktur des Haftungsrechts. Geschichte, Theorie und Dogmatik außervertraglicher Ansprüche auf
Schadenersatz [Jus Privatum, Beiträge zum [Privatrecht Band 76]]. Tijdschrift
voor Rechtsgeschiedenis, LXXIII, 426-427.
Schrage, E.J.H. (2005). [Bespreking van het boek Grenzen van Rechtsobjecten.
Een onderzoek naar de grenzen van objecten van eigendomsrechten en
intellectuele eigendomsrechten]. WPNR, 6615, 256-259.
Schrage, E.J.H. (2006). Rechtsverwerking en gerechtvaardigd vertrouwen.
Vermogensrechtelijke annotaties, 2, 71-111.
Schrage, E.J.H. (2006). Wie betaalt bepaalt, of niet soms? Vermogensrechtelijke annotaties, 3, 26-62.
Schrage, E.J.H. (2006). [Bespreking van het boek Historisch-kritischer Kommentar zum BGB]. Tijdschrift voor Rechtsgeschiedenis, LXXIV, 210-213.
Schrage, E.J.H. (2006). [Bespreking van het boek Das Verbot der eigenmächtigen Besitzumwandlung im römischen Privatrecht: ein Beitrag zur rechtshistorischen Spruchregelforschung]. Tijdschrift voor Rechtsgeschiedenis, LXXIV,
162-164.
Schrage, E.J.H. (2007). De regelen der kunst (deel III). Amsterdam: Russell
Advocaten. (152 p.)
Smits, J.M. (2005). [Bespreking van het boek Het boetebeding in het Europese
contractenrecht]. WPNR, 6638, 782-785.
Smits, J.M. (2005). [Bespreking van het boek Comparative Legal Studies:
Traditions and Transitions]. Maastricht Journal of European and Comparative
Law, 12(1), 95-97.
Smits, J.M., Hardy, R.R.R., Hesen, G.G. & Kornet, N. (Eds.). (2006). European Private Law (Ars Aequi wetseditie). Nijmegen: Ars Aequi Libri. (454 p.)
Smits, J.M. (2006). Preface. In J.M. Smits & J.M. Smits (Eds.), Elgar Encyclopedia of Comparative Law (p. xvii-xviii). Cheltenham: Edward Elgar.
57
Wetenschappelijk verslag 2005-2007
Smits, J.M. (2006). [Bespreking van het boek The European Codification
Process: Cut and Paste]. Zeitschrift für Europäisches Privatrecht, 14, 927-929.
Smits, J.M. (2006). Review of La réception du droit communautaire en droit
privé des Etats membres [Bespreking van het boek La réception du droit communautaire en droit privé des Etats membres]. C.M.L.Rev., 43, 620-621.
Smits, J.M. (2007). Europees Burgerlijk Wetboek mag enkel een optionele
code zijn. Nederlands Juristenblad, 82, 2487-2488.
Smits, J.M. (2007). [Bespreking van het boek European Contract Law: Scots
and South African Perspectives]. Edinburgh Law Review, 11, 289.
Stijns, S. (2005). Voorwoord. In I. Samoy (Ed.), Middellijke vertegenwoordiging (p. vii-xi). Antwerpen: Intersentia.
Stijns, S. (Ed.). (2007). Verbintenissenrecht (Themis-cahier, vormingsonderdeel 5). Brugge: die Keure. (93 p.)
Stijns, S. & Vuye, H. (2007). Burenhinder: een toepassing van het gelijkheidsbeginsel, dan wel van de evenwichtsleer? Bedenkingen in het licht van de verantwoordigngsverplichting van het Hof van Cassatie. In W. Pintens, A. Alen, E.
Dirix & P. Senaeve (Eds.), Vigilantibus ius scriptum. Feestbundel voor Hugo
Vandenberghe (p. 289-303). Brugge: die Keure.
Storme, M.E. (2005). Lizin ontsnapt onterecht aan politieke verantwoordelijkheid. Juristenkrant, 106 (23-03-2005), 4.
Storme, M.E. et al. (2005). Hoe relatief is het recht? Relativiteit in het recht.
(<http://www.storme.be/relativiteit.html>).
Stuyck, J. (2007). Cliënt maakt best duidelijke afspraken over ereloon. Juristenkrant, 147, 9.
Stuyck, J. (2007). Wet handelspraktijken blijft hopeloos verouderd. Juristenkrant, 154, 15.
Stuyck, J. (2007). [Bespreking van het boek The Harmonisation of European
Contract Law: Implications for European Private Laws, Business and Legal
Practice]. C.M.L.Rev., 44, 528-531.
Tamboer, S. (2007). Boom Basics Consumentenkoop. Den Haag: Boom Juridische uitgevers. (101 p.)
Tjittes, R.P.J.L. (2006). Naschrift bij C.H.M. Vlaanderen. Vermogensrechtelijke annotaties, 2, 148-150.
58
Algemeen verbintenissen- en contractenrecht
Vries, G.J.P. de (2006). [Bespreking van het boek Contractdwang]. NTBR, 4,
137-139.
Vries, G.J.P. de (2007). [Bespreking van het boek Algemene Voorwaarden].
Praktisch Procederen, 9(5), 147-149.
ANNOTATIES
Busch, D. (2006). Noot bij: HR (13-10-2006), (Stichting Vie d’Or/DNB). JOR
2006-295, p. 2181-2185.
Cauffman, C. (2005). Noot bij: Antwerpen (15-03-2004), (De tegenstelbaarheid
aan derden van een conventioneel retentierecht). N.J.W., p. 686-689.
Cauffman, C. (2005). Noot bij: Hof van Cassatie (14-10-2004), (Verval van een
verbintenis ten gevolge van het verdwijnen van haar voorwerp: een algemeen
rechtsbeginsel). R.W. 2005, p. 860-863.
Cauffman, C. (2005). Noot bij: Vrederechter Zelzate (09-12-2004), (De tussenkomst van een takelfirma op vraag van de politie: een toepassingsgeval van de
zaakwaarneming?). T.B.B.R., p. 531-534.
Cauffman, C. (2006). Noot bij: Hof van Cassatie (14-10-2004), (Het verval van
een verbintenis ten gevolge van het verdwijnen van haar voorwerp: een algemeen rechtsbeginsel). R.W. 2006-22, p. 860-863.
Cauffman, C., Luts, L. & Santini, L. (2006). Noot bij: Kh. Tongeren (17-052005), (Zelfmoord in het verzekeringsrecht. Over het opzettelijk karakter van
zelfmoord ten aanzien van het verzkeringsrecht en de tegenstelbaarheid, de geldigheid en de toepasselijkheid van de contractuele vervalclausule van onmiskenbaar roekeloze of gevaarlijke daden). DAOR-80, p. 449-458.
Cauffman, C. (2007). Noot bij: Cassatie (23-03-2006), (Vers un endiguement
du pouvoir modérateur du juge en cas de nullité). RCJB, p. 428-446.
Deurvorst, T.E. (2007). Noot bij: Rb. Breda (25-10-2006), (Autodesk/Aztec).
Computerrecht 2007-47, p. 113-120.
Deurvorst, T.E. (2007). Noot bij: HR (08-12-2006), (Sjopspel). AMI 2007-11,
p. 89-92.
Hesen, G.G. & Hardy, R.R.R. (2006). Noot bij: Gerecht van Eerste Aanleg (1307-2006), T-464/04, (Independent Music Publishers and Labels Association
(IMPALA, International Association)/Commissie). Markt & Mededinging
2006-8, p. 250-254.
Hesselink, M.W. (2006). Noot bij: ECR (01-04-2004), (Case 237/02[2004].
ECJ-Freiburger Kommunalbauten v Hofstetter). ERCL 2006-3, p. 366-375.
59
Wetenschappelijk verslag 2005-2007
Loos, M.B.M. (2006). Noot bij: Rb. Dordrecht (02-02-2005), (Gebondenheid
van de verkoper bij mondelinge overeenstemming bij de koop van een woning
door een consument). TvC 2006-1, p. 19-22.
Loos, M.B.M. (2006). Noot bij: Geschillencommissie Thuiswinkel (22-112005), TvC 2006-5, p. 170-171.
Loos, M.B.M. (2006). Noot bij: Geschillencommissie Thuiswinkel (22-11-2005
en 11-04-2005), TvC 2006-5, p. 171-173.
Loos, M.B.M. (2007). Noot bij: HvJEG (26-10-2006), (EJC-Mostaza). ERCL
2007-4, p. 439-445.
Mak, C. (2007). Noot bij: HvJEG (07-09-2006), 81/05, (ECJ-Cordero Alonso v
Fogasa). ERCL 2007-4, p. 432-438.
Perron, C.E. du (2005). Noot bij: HR (11-07-2003), 103, NJ, p. 957-959.
Perron, C.E. du (2005). Noot bij: HR (20-02-2004), 493, NJ, p. 4309-4312.
Perron, C.E. du (2005). Noot bij: HR (27-02-2004), 498, NJ, p. 4386-4387.
Perron, C.E. du (2005). Noot bij: HR (01-10-2004), 499, NJ, p. 4397-4398.
Perron, C.E. du (2005). Noot bij: HR (12-11-2004), 500, NJ, p. 4412-4413.
Rauws, W.J.M. (2005). Noot bij: Arbitragehof (14-01-2004), (Leefloonwet op
de rooster van de Liga van de Mensenrechten). R.W. 2005-28, p. 1099-1100.
Rauws, W.J.M. (2006). Noot bij: Arbitragehof (11-05-2005), (De immuniteitsregeling bij professionele arbeidsongeschiktheid en terbeschikkingstelling van
werknemers). R.W. 2006-2, p. 54-55.
Rauws, W.J.M. (2007). Noot bij: Cass. (18-09-2006), (Variaties op het loonbegrip in de jaarlijkse vakantiewetgeving volgens het Hof van Cassatie). R.W.
2007, p. 273-275.
Rauws, W.J.M. (2007). Noot bij: Cass. (14-11-2005), (Wetsontduiking en de
subjectieve wil een dwingende wetsbepaling of een bepaling van openbare orde
te omzeilen). R.W. 2007, p. 486-487.
Rauws, W.J.M. (2007). Noot bij: Cass. (30-10-2006), (Het begrip technische
bedrijfseenheid in de Programmawet van 30 december 1988). R.W. 2007,
p. 1678-1679.
Rutgers, J.W. (2005). Noot bij: ECJ (27-06-2000 en 21-11-2002), (Cases ECJOcéano Grupo/Cofidis). ERCL 2005-1, p. 87-96.
60
Algemeen verbintenissen- en contractenrecht
Samoy, I. (2005). Noot bij: Brussel (04-06-2002), (Een notaris vraagt een
bodemonderzoek aan in het kader van een verkoop. Wie betaalt de rekening?).
Not. Fisc. M., p. 327-329.
Samoy, I. & Vanderschot, K. (2006). Noot bij: Hof van Beroep Antwerpen (2009-2004), (Nietigheid van ongeoorloofde schadebedingen in het gemeen recht:
welles nietes?). R.W. 2006-19, p. 797-801.
Samoy, I. (2007). Noot bij: Cassatie (06-02-2006), (Over de mogelijkheid van
plaatsvervanging bij lastgeving: lastgeving is al lang geen vriendendienst
meer...). T.B.B.R., p. 103-104.
Schaick, A.C. van (2005). Dutch case note to OGH 6 December 2001
(Wirkliche Uebergabe bei Schenkung und Besitzkonstitut). European Review of
Private Law, p. 204-207.
Schaub, M.Y. (2007). Noot bij: Rb. Rotterdam, sector kanton (19-01-2006),
(Informatieplichten). TvC 2007-1, p. 27-29.
Schaub, M.Y. (2007). Noot bij: Rb. Arnhem (26-06-2006), TvC 2007-6, p. 214216.
Schelhaas, H. (2005). Noot bij: HR (03-12-2004), (Ohra/Epon). NTBR 2005-3,
p. 134-135.
Schelhaas, H. (2005). Noot bij: HR (10-12-2004), (Het startpunt van de subjectieve verjaringstermijn bij een vordering uit onverschuldige betaling en onrechtmatige daad). NTBR 2005-10, p. 56-61.
Schelhaas, H. (2005). Noot bij: HR (12-11-2004), (Aansprakelijkheid voor
kinderen). TVP 2005-1, p. 26-30.
Schelhaas, H. (2006). Noot bij: HR (24-03-2006), (Matiging versus vernietigbaarheid van een contractuele boete). NTBR 2006-6, p. 249-255.
Stuyck, J. (2007). Noot bij: Mons (20-03-2006), (Des lunettes à prix réduits
pour le législateur). D.C.C.R., p. 43-45.
Vries, G.J.P. de (2005). Noot bij: BGH (17-07-2003), (Dutch case note (BGH:
17 juli 2003)). ERPL 2005-1, p. 40-44.
Vries, G.J.P. de (2005). Noot bij: HR (22-10-2004), (De ingebrekestellingseis
onder druk). VrA 2005-1, p. 96-107.
Wéry, P. (2005). Noot bij: Cour de Cassation (25-04-2003), (Brèves observations à propos des sanctions des clauses illicites). T.B.B.R., p. 47-48.
61
Wetenschappelijk verslag 2005-2007
Wéry, P. (2005). Noot bij: Mons (13-01-2005), (L'interprétation contra proferentem). JLMB, p. 1050-1053.
Wéry, P. (2006). Noot bij: Cour de Cassation (21-11-2003), (L'exception
d’inexécution dans la jurisprudence de la Cour de cassation). RGDC, p. 40-43.
Wéry, P. (2007). Noot bij Liège (19-04-2005). (Le caractère impressionnant et
illicite des menaces constitutives de violence dans la conclusion des actes
juridiques). Revue trimestrielle de droit familial, 840-847.
Wéry, P. (2007). Noot bij: Cass. (06-01-2005), (Le caractère ‘volontaire’ de la
gestion d'affaires et des quasi-contrats). RCJB, p. 181-238.
Wéry, P. (2007). Noot bij: C. trav. Liège (section Namur) (14-04-2005), (Actes
équipollents à rupture du contrat de travail et exécution en nature de l'obligation
contractuelle). RGDC, p. 92-95.
Wéry, P. (2007). Noot bij: Cass. (26-05-2006), (La nullité des contrats d'organisation de voyages et d'intermédiaire de voyages pour méconnaissance des formalités légales). RGDC, p. 479-482.
Wéry, P. (2007). Noot bij: Cass. (26-05-2006), (La nullité du contrat d'organisation de voyages et du contrat d'intermédiaire de voyages pour inobservation
des formalités légales). DCCR, p. 202-204.
Wéry, P. (2007). Noot bij: JP Charleroi (25-10-2006), (Le pouvoir du juge de
soulever d'office la violation de l'article 32, 15 de la loi du 14 juillet 1991).
JLMB, p. 201-204.
PUBLICATIES ‘GASTONDERZOEKERS’
Allemeersch, B. (2006). Toetsing van de geoorloofdheid van een overeenkomst: procesrechtelijke aspecten. In X (Ed.), Liber Alumnorum KULAK
(p. 35-48). Brugge: die Keure.
Bartels, S.E. & Giesen, I. (2007). The Principles of European Law on Service
Contracts: the Rules on Medical Treatment in a Future Europe compared to the
rules in the Netherlands. In K. Boele-Woelki & F.W. Grosheide (Eds.), The
Future of European Contract Law. Liber Amicorum E.H. Hondius (p. 169-181).
Alphen aan den Rijn: Wolters Kluwer Law & Business.
Cousy, H., Tilleman, B., Verbeke, A. & Thévenoz, L. (Eds.). (2006). Droit des
contrats: France, Suisse, Belgique (Contrats & Patrimoine). Bruxelles: De
Boeck & Larcier. (336 p.)
62
Algemeen verbintenissen- en contractenrecht
Curry-Sumner, I. (2007). An age-old dilemma: is it time for a ‘revolutionary
approach?’ A Commentary on Harding v. Wealands. In P. Sarcevic & P.
Volken (Eds.), Yearbook of Private International Law (p. 85-96). Munich:
Sellier. European Law Publishers.
Dirix, E. (2007). Privaatrecht en multiculturaliteit. rede uitgesproken bij de
aanvaarding van de Francqui-leerstoel aan de Faculteit der Rechtsgeleerdheid
van de Vrije Universiteit Brussel (27 februari 2007). Antwerpen: Intersentia.
Ernes, A.L.H. (2005). De positie van de tussenpersoon jegens een derde;
instaan voor bestaan en omvang van een volmacht. Nederlands Tijdschrift voor
Handelsrecht, 2, 73-80.
Ernes, A.L.H. (2006). Opdracht. In B. Wessels, A.J. Verheij et al. (Eds.),
Bijzondere overeenkomsten (Studiereeks Burgerlijk Recht, 6) (p. 81-97).
Deventer: Kluwer.
Ernes, A.L.H. (2006). Volmacht. In C. Bollen, R.J.Q Klomp & H.N. Schelhaas
(Eds.), Verbintenissenrecht geschetst (Burgerlijk recht geschetst, 5) (p. 39-55).
Nijmegen: Ars Aequi Libri.
Heirbaut, D. (2005). Comparative law and Zimmermann's new ius commune: a
life line or a death sentence for legal history? Some reflections on the use of
legal history for comparative law and vice versa. In R. Van den Bergh et al.
(Eds.), Ex iusta causa traditum: essays in honour of Eric H. Pool (Fundamina)
(p. 136-153). Pretoria: University of South Africa.
Hendrikse, M.L., Jongeneel, R.H.C. & Wessels, B. (Eds.). (2006). Algemene
Voorwaarden (Recht en Praktijk, 143). (4de druk). Deventer: Kluwer. (XXVI +
717 p.)
Heutger, V. (2005). The Commission's revised proposal for a new EU Consumer Credit Law – Strengthening cross-border trade? Tijdschrift voor Consumentenrecht & Handelspraktijken, 94-99.
Heutger, V. (2005). UNIDROIT Principles of International Commercial
Contracts, Die Aktualität der «UNIDROIT Prinzipien» – zur Neuauflage 2004.
European Review of Private Law, 13(1), 83-90.
Heutger, V. (2005). [Bespreking van het boek Het kopijrecht, 16de tot 19de
eeuw]. Zeitschrift der Savigny-Stiftung für Rechtsgeschichte, 122, 730-732.
Heutger, V. (2005). Reaktion auf das Grünbuch zur Finanzdienstleistungspolitik (2005-2010). Http://forum.europa.eu.int/Public/irc/markt/markt_consul
tations/library?l=/financial_services/financial_2005-2010&vm=detailed&sb=Ti
tle.
63
Wetenschappelijk verslag 2005-2007
Milo, J.M. (2005). Overeenkomst van opdracht, arbeidsovereenkomst, aanneming van werk. Asser Actueel, 1, 9.
Milo, J.M. (2005). Overeenkomst van opdracht, arbeidsovereenkomst, aanneming van werk. Asser Actueel, 2, 33-34.
Milo, J.M. (2005). Overeenkomst van opdracht, arbeidsovereenkomst, aanneming van werk. Asser Actueel, 3, 56-57.
Tilleman, B. & Verbeke, A. (2005). Bijzondere overeenkomsten in kort bestek
(tweede en uitgebreide editie). Antwerpen: Intersentia. (XXXIV + 312 p.)
Veen, M. van der, Janssen-Jansen, L. & Salet, W.G.M. (2007). Planning by
contracts? Principles, rationalities and consequences of public contracting. In
F.D. Moccia, L. de Leo & G.G.E. Coppola (Eds.), Planning for the risk society:
Dealing with uncertainty, challenging the future (p. 1-11). Napels: Aesop.
OVERIGE PUBLICATIES
Bergh, R. van den, Hallebeek, J., Winkel, L.C. et al. (Eds.). (2005). Ex iusta
causa traditum. Essays in honour of Eric H. Pool (Fundamina). Pretoria:
University of South Africa. (xvii + 441 p.)
Bergh, R. Van den (2006). Schadevorderingen wegens schending van het
mededingingsrecht in het spanningsveld tussen compensatie en optimale
afschrikking. Markt & Mededinging, 143-151.
Bergh, R. Van den & Montangie, Y. (2006). Competition in Professional
Services Markets: Are Latin Notaries Different? Journal of Competition Law
and Economics, 189-214.
Bollen, C.J.M. & Hartlief, T. (2006). Borgtocht. In E.H. Hondius & G.J. Rijken
(Eds.), Handboek Consumentenrecht (p. 219-242). Zutphen: Paris.
Cauffman, C. (2005). Bronnen van verbintenissen. In Commentaar verbintenissen (losbladig). Mechelen: Kluwer.
Cauffman, C. & Verbeke, A. (2005). Een jaar Wet Consumentenkoop. In B.
Tilleman & A. Verbeke (Eds.), Bijzondere Overeenkomsten (p. 27-58).
Antwerpen: Intersentia.
Cauffman, C. (2006). Discriminatie bij bijzondere overeenkomsten. Rechtskundig Weekblad, 7(70), 287-309.
Cauffman, C. (2006). Is er plaats voor de plaatsvervulling van de verwerpende
erfgenaam? Rechtskundig Weekblad, 32(69), 1241-1250.
64
Algemeen verbintenissen- en contractenrecht
Grosheide, F.W. (2006). Onder vrienden is alles gemeenschappelijk – Over
vriendschap als bron van gemeenschappelijk eigendom. Rechtsgeleerd Magazijn Themis, 2, 49-54.
Hage, J.C. (2005). Comparing Alternatives in the Law. Artificial Intelligence
and Law, 12, 181-225.
Hage, J.C. (2005). The Logic of Analogy in the Law. Argumenten, 78(2), 401415.
Hallebeek, J. & Bergh, A.J. van den (2005). De drie Hoofdgeschillen van Het
Zwarte Boek (Publicatieserie Stichting Oud-Katholiek Seminarie, 38). Amers
foort/Sliedrecht: Stichting Oud-Katholiek Seminarie/Merweboek. (72 p.)
Hallebeek, J. (2005). Church asylum in late Antiquity: Concession by the
Emperor or competence of the Church? In E.C. Coppens (Ed.), Secundum Ius:
Opstellen aangeboden aan prof. mr. P.L. Nève (Rechtshistorische reeks van het
Gerard Noodt Instituut, 49) (p. 163-182). Nijmegen: GNI.
Hallebeek, J. (2005). Observaciones sobre el sentido de los conceptos romanos
servitus y servus en el mundo medieval. In Bergh, R. van den, Hallebeek, J.,
Winkel, L.C. et al. (Eds.), Ex Iusta Causa Traditum, Festschrift für Eric Pool
(Fundamina) (p. 121-135). Pretoria: University of South Africa.
Hallebeek, J. (2005). Bericht über die kirchenrechtsgeschichtliche Forschung
im Gebiet der Niederlande und Belgiens. Zeitschrift der Savigny-Stiftung für
Rechtsgeschichte, (Kan.abt.)(22), 421-445.
Hallebeek, J. (2005). LVIIIste zitting van de ‘Société Internationale ‘Fernand
de Visscher’ pour l'Histoire des Droits de l'Antiquité’ te Angra dos Reis/São
Paulo (20-25 september 2004). Tijdschrift voor Rechtsgeschiedenis, 73, 225226.
Hallebeek, J. (2006). Some remarks concerning the Disputationum libri XXI of
Tryphoninus. Tijdschrift voor Rechtsgeschiedenis, 74, 149-157.
Hallebeek, J. (2007). Papal prohibitions midway between rigor and laxity. On
the issue of depicting the Holy Trinity,. In W. van Asselt (Ed.), Iconoclasm and
Iconoclash. Struggle for Religious Identity (Jewish and Christian perspectives
series, 14) (p. 353-383). Leiden-Boston: Brill.
Hartkamp, A.S. (2005). Mr. C. Asser's handleiding tot de beoefening van het
Nederlands burgerlijk recht (Asser serie 4: Verbintenissenrecht) (Dl. II. Algemene leer der overeenkomsten) (12de druk bew. door A.S. Hartkamp).
Deventer: Kluwer.
65
Wetenschappelijk verslag 2005-2007
Herbots, J. (2007). Horace Rumpole et ses confreres face aux Principes de droit
de la responsabilité civile européen. In Feestbundel Hugo Vandenberghe
(p. 151-165). Brugge: die Keure.
Hondius, E.H. (2005). Juristenportretten: raadsheren moeten voor het voetlicht.
In R.J.C. Flach et al. (Eds.), Rutgers-bundel, Opstellen, op 26 april 2005 aangeboden aan Prof. Mr. G.R. Rutgers (Kluwer rechtswetenschappelijke publicaties) (p. 157-165). Deventer: Kluwer.
Hondius, E.H. (2005). A snuff, sir? Et ego in Arcadia – op sabbatical in
Cambridge. Ars Aequi, 1, 16-20.
Hondius, E.H. (2005). Entartete Musik. Ars Aequi, 2, 71.
Hondius, E.H. (2005). Omzien in verwondering. Ars Aequi, 3, 129.
Hondius, E.H. (2005). Wild Bill. Ars Aequi, 4, 213.
Hondius, E.H. (2005). Hamburg: privaatrechtelijk paradijsje aan de Aussenalster. Ars Aequi, 5, 330-334.
Hondius, E.H. (2005). Juridisch argumenteren. Ars Aequi, 6, 445.
Hondius, E.H. (2005). Ars longa, vita longa. Ars Aequi, 9, 665.
Hondius, E.H. (2005). Parijse notities. Ars Aequi, 10, 802-806.
Hondius, E.H. (2005). Plagiaat. Ars Aequi, 11, 917.
Hondius, E.H. (2005). Hoor en wederhoor. Ars Aequi, 12, 991.
Hondius, E.H. (2005). De toegevoegde waarde van publicatie van rechtspraak.
Tijdschrift voor Consumentenrecht & Handelspraktijken, 37-38.
Hondius, E.H. (2006). Towards a European small claims procedure. In L.
Thévenoz & N. Reich (Eds.), Droit de la consommation/Liber amicorum Bernd
Stauder (p. 131-146). Baden-Baden/Genève: Nomos/Schulthess.
Hondius, E.H. (2006). Levensbericht Peter Birks. In KNAW (Ed.), Levensberichten en herdenkingen 2006 (p. 16-21). Amsterdam: Koninklijke Nederlandse Akademie van Wetenschappen.
Hondius, E.H. (2006). Jugoistocna Evropa i Evropsko privatno pravo. Evropski
Pravnik/European Lawyer Journal, 15-30.
Hondius, E.H. (2006). Naar een Nederlandse small claims procedure? Nederlands Juristenblad, 197-202.
Hondius, E.H. (2006). Entartetes Recht. Ars Aequi: juridisch studentenblad, 17.
66
Algemeen verbintenissen- en contractenrecht
Hondius, E.H. (2006). Ranking. Ars Aequi: juridisch studentenblad, 101.
Hondius, E.H. (2006). Terugwerkende kracht. Ars Aequi: juridisch studentenblad, 3, 173.
Hondius, E.H. (2006). Pleiten pleite? Ars Aequi: juridisch studentenblad, 251.
Hondius, E.H. (2006). Wie was toch Suijling? Ars Aequi: juridisch studentenblad, 5, 333.
Hondius, E.H. (2006). Kopstukken. Ars Aequi: juridisch studentenblad, 409.
Hondius, E.H. (2006). Onder professoren/over wetenschappelijke integriteit.
Ars Aequi: juridisch studentenblad, 471.
Hondius, E.H. (2006). Over wetenschappelijke integriteit II. Ars Aequi: juridisch studentenblad, 571.
Hondius, E.H. (2006). Pronken met andermans veren. Ars Aequi: juridisch
studentenblad, 702.
Hondius, E.H. (2006). Entartete Opernfreude. Ars Aequi: juridisch studentenblad, 875.
Hondius, E.H. (2007). Kritiek, maar met mate. Ars Aequi: juridisch studentenblad, 19-20.
Hondius, E.H. (2007). Don Quichotte en de nepauteurs. Ars Aequi: juridisch
studentenblad, 118.
Hondius, E.H. (2007). De eenheid van het burgerlijk recht. Ars Aequi: juridisch
studentenblad, 129.
Hondius, E.H. (2007). Paard en recht. Ars Aequi: juridisch studentenblad, 200.
Hondius, E.H. (2007). Unter Professoren. Ars Aequi: juridisch studentenblad,
301.
Hondius, E.H. (2007). De feestbundel: vloek of zegen? Ars Aequi: juridisch
studentenblad, 421.
Hondius, E.H. (2007). De vrouwen van Radboud. Ars Aequi: juridisch studentenblad, 495.
Hondius, E.H. (2007). Civielrechtelijke plaatsopneming. Ars Aequi: juridisch
studentenblad, 572-573.
Hondius, E.H. (2007). De scriptie. Ars Aequi: juridisch studentenblad, 739740.
67
Wetenschappelijk verslag 2005-2007
Hondius, E.H. (2007). Hand in hand kameraden: schade verhalen op voetbalvandalen. Ars Aequi: juridisch studentenblad, 652.
Hondius, E.H. (2007). Wat is kunst: voer voor juristen. Ars Aequi: juridisch
studentenblad, 941.
Jansen, C.E.C. (2006). Beter aanbesteden in de bouw. Regels bieden ruimte
voor kwaliteit, efficiency en innovatie (wetenschappelijke studie). Gouda:
Regieraad Bouw. (61 p.)
Jansen, C.E.C. (2006). Algemene voorwaarden en de bouw. In M.L. Hendrikse,
R.H.C. Jongeneel & B. Wessel (Eds.), Algemene Voorwaarden (Recht en
Praktijk, 143) (p. 561-580). Deventer: Kluwer.
Jansen, C.E.C. (2006). Eigen schuld in het contractenrecht: mogelijke inconsistentie met regels omtrent prijsaanpassing bij de aanneming van werk. Nederlands Tijdschrift voor Burgerlijk Recht, 29, 202-212.
Jansen, C.E.C. & Manunza, E.R. (2006). (On)gewenste ontwikkelingen in het
aanbestedingsrecht? Nederlands Juristenblad, 1038-1043.
Jansen, C.E.C. & Manunza, E.R. (2006). Onbegrip over kort geding bij aanbestedingsgeschil. Cobouw. [Online]. Available from: <http://www.cobouw.nl>
[10-05-2006].
Jansen, C.E.C., Bregman, A.G., Chao-Duivis, M.A.B. & Koning, A.Z.R.
(Eds.). (2007). Institutioneel kader: de invloed van regels op de organisatie, het
verloop en de resultaten van bouwprocessen. Gouda: PSIBouw. (462 p.)
Jansen, C.E.C. (2007). Grenzen aan de ontvankelijkheid van de ongeldige
inschrijver. Tijdschrift Aanbestedingsrecht, 333-341.
Klomp, R.J.Q. (2005). Privaatrechtelijk perspectief; Over het nut van algemene
voorwaarden en een levenslang museumverbod. In F. Kuitenbouwer & T.
Schiphof (Eds.), Kunstvandalisme; Het recht en een taboe van ons openbaar
kunstbezit (p. 11-22). Den Haag: Boom Juridische uitgevers.
Klomp, R.J.Q., Helstone, A. & Loor, E. (2005). Model bezoekersvoorwaarden
(Bijlage). In F. Kuitenbouwer & T. Schiphof (Eds.), Kunstvandalisme; Het
recht en een taboe van ons openbaar kunstbezit (p. 119-127). Den Haag: Boom
Juridische uitgevers.
Klomp, R.J.Q. (2006). Literaire parodie. In F.W. Grosheide (Ed.), Parodie: parodie en kunstcitaat: monografie van de uitgewerkte en geactualiseerde voordrachten die zijn gehouden tijdens de bijeenkomst van Vereniging voor Auteursrecht 30 januari 2004 (p. 53-82). Den Haag: Boom Juridische uitgevers.
Klomp, R.J.Q. (2005). Volgrecht; De implementatie van Richtlijn 2001/84/EG.
Maandblad voor vermogensrecht, 204-206.
68
Algemeen verbintenissen- en contractenrecht
Klomp, R.J.Q. (2006). Het recht van de kunstenaar bij doorverkoop van een
kunstwerk; Implementatie van Richtlijn 200 1/84/EG. Praktisch Procederen, 5,
173-175.
Klomp, R.J.Q. (2007). Volgrecht; Richtlijn 2001/84/EG en het Nederlandse
auteursrecht (Special bij Juridisch Zakboek 2007/13). Den Haag: Sdu. (62 p.)
Klomp, R.J.Q., Joustra, C.A. & Wiewel, P.G. (2007). Ter introductie. In C.A.
Joustra, R.J.Q. Klomp & P.G. Wiewel (Eds.), Beklaagde hoven: klachtenregeling in de rechterlijke organisatie (Prinsengrachtreeks, 2007/2) (p. 1-5).
Nijmegen: Ars Aequi Libri.
Loos, M.B.M. (2006). Binding van de verkoper bij de ‘consumentenkoop’ van
woningen aan de mondelinge wilsovereenstemming: drie jaar ervaring maar
nog altijd geen duidelijkheid. Tijdschrift voor Consumentenrecht & Handelspraktijken, 6, 179-181.
Loos, M.B.M. (2006). Grenzeloos kopen. Consumentengids mei 2006.
Loos, M.B.M. (2007). Reactie op het Consultatiedocument 2007 van de Consumentenautoriteit. [Online] Den Haag: Consumentenautoriteit. Available from:
<http://www.consumentenautoriteit.nl/ca/content.jsp?objectid=12434> [10-102007].
Loos, M.B.M. (2007). Noot bij: Rb. Leeuwarden, sector Kanton, locatie
Leeuwarden (21-07-2006), (Bewijslast en bewijsrisico bij de wettelijke en
commerciële garantie). TvC 2007-1, p. 30-31.
Loos, M.B.M. (2007). Noot bij: Hof Amsterdam (15-06-2006), TvC 2007-3,
p. 83-85.
Loos, M.B.M. (2007). Noot bij: Vzngr. Rb. Breda (31-01-2007), (Bewijslast en
bewijsrisico bij de wettelijke en commerciële garantie). TvC 2007-3, p. 86-89.
Loos, M.B.M. (2007). Noot bij: Geschillencommissie Thuiswinkel (07-112006), TvC 2007-3, p. 89-90.
Loos, M.B.M. (2007). Noot bij: Rb. Utrecht (12-07-2006), (Bewijslast en bewijsrisico bij de wettelijke en commerciële garantie). TvC 2007-4, p. 129-130.
Loos, M.B.M. (2007). Noot bij: Geschillencommissie Voertuigen (15-02-2006)
(Bewijslast en bewijsrisico bij de wettelijke en commerciële garantie). TvC
2007-4, p. 130-133.
Loos, M.B.M. & Biggelaar, P.J.M. van (2007). Concentratie rechtsbijstand in
massaschade loont. Nederlands Juristenblad, 41, 2625-2632.
69
Wetenschappelijk verslag 2005-2007
Oderkerk, A.E. (2007). The CFR and the Method(s) of Comparative Legal
Research. European review of contract law, 3(3), 315-331.
Ogus, A.I. & Zhang, Q. (2006). Licensing Procedures in Developing Countries:
Should They Be Part of the Set-Up Process. International Journal of Public
Administration, 29, 1091-1108.
Rauws, W.J.M. (2005). Aansprakelijkheids-en tuchtregeling voor contractuelen
bij de overheid. In M. De Vos & I. Plets (Eds.), Contractuele tewerkstelling in
de overheid (p. 129-168). Brugge: die Keure.
Rauws, W.J.M. (2005). Enige beschouwingen over de bedongen arbeid in
Nederlands-Belgisch perspectief. In A. Van Oevelen (Ed.), De bedongen
arbeid. Notie en relatie tot de goede trouw en goed werkgeverschap (p. 71-98).
Antwerpen: Intersentia.
Rauws, W.J.M. (2005). Loon is (slechts) een (gekwalificeerde) geldschuld. In
D. Simoens et al. (Eds.), Sociale zekerheden in vraagvorm; Liber Amicorum Jef
Van Langendonck (p. 361-371). Antwerpen: Intersentia.
Rauws, W.J.M., Humblet, P., Janvier, R. & Rigaux, M. (2006). Synopsis van
het Belgisch arbeidsrecht (3de druk). Antwerpen: Intersentia. (xxxiii + 426 p.)
Rauws, W.J.M. (2006). Collective bargaining at the enterprise level: some
comparative observations. In M. Rigaux & J. Rombouts (Eds.), The Essence of
Social Dialogue in (South East) Europe (p. 333-348). Antwerp: Intersentia.
Rauws, W.J.M. (2006). De geldigheid van de collectieve arbeidsovereenkomst.
In G. Cox, M. Rigaux & J. Rombouts (Eds.), Collectief onderhandelen (p. 127149). Mechelen: Kluwer rechtswetenschappen.
Rauws, W.J.M. (2006). Enige collectiefrechtelijke problemen bij herstructurering van ondernemingen. In W. Rauws & J. Peeters (Eds.), Herstructurering
doorheen het (arbeids)recht (p. 143-180). Antwerpen: Intersentia.
Rauws, W.J.M. (2006). Loonbetaling bij ziekte. Een comparatieve kanttekening
over het Belgische en Nederlands recht. In S. Klosse (Ed.), Arbeid en gezondheid. Schipperen tussen verantwoordelijkheid en bescherming (p. 289-298).
Maastricht: Universitaire Pers Maastricht.
Rauws, W.J.M. (2006). De kwalificatie van de (arbeids)overeenkomst. Journal
des Tribunaux du Travail, 93-101.
Rauws, W.J.M. (2007). De verjaring in het arbeidsrecht. In Centrum voor
Beroepsvervolmaking in de Rechten, Universiteit Antwerpen (Ed.), De verjaring (p. 1-31). Antwerpen: Intersentia.
70
Algemeen verbintenissen- en contractenrecht
Rauws, W.J.M. & Nevens, K. (2007). De recente uitspraak van het Hof van
Cassatie in het sociale zekerheidsrecht. In R. Janvier, A. van Regenmortel & V.
Vervliet (Eds.), Actuele problemen van het sociale zekerheidsrecht (Recht en
sociale zekerheid) (3de editie, 12) (p. 95-182). Brugge: die Keure.
Rauws, W.J.M. (2007). De sociale verantwoordelijkheid van de ondernemingen: een juridische analyse. Tijdschrift voor Sociaal Recht, 199-216.
Rinkes, J.G.J. & Wechem, T.H.M. van (2005). Financiele dienstverlening. Tijdschrift voor Consumentenrecht & Handelspraktijken, 73-77.
Rinkes, J.G.J. & Wechem, T.H.M. van (2005). Doeltreffend, evenredig en
afschrikwekkend? Aangescherpte maatregelen bij vernieuwde regeling productveiligheid. Tijdschrift voor Consumentenrecht & Handelspraktijken, 209-211.
Rutgers, J.W., Flach, R.J.C., Klap-de Nooyer, L.M. & Wesseling-van Gent,
E.M. (Eds.). (2005). Amice: Rutgers-bundel: opstellen, op 26 april 2005 aangeboden aan Prof. Mr. G.R. Rutgers, ter gelegenheid van zijn afscheid van de
Rijksuniversiteit Groningen (Kluwer rechtswetenschappelijke publicaties).
Deventer: Kluwer. (xi + 394 p.)
Samoy, I. & Thiery, Y. (2006). De wet van 25 februari 2003 ter bestrijding van
discriminatie: een eerste kennismaking. In S. Stijns & P. Wéry (Eds.), Antidiscriminatiewet en contracten (p. 1-16). Brugge: die Keure.
Samoy, I. & Sagaert, V. (2007). De Wet van 21 april 2007 betreffende de verhaalbaarheid van kosten en erelonen van een advocaat. Rechtskundig Weekblad,
674-698.
Samoy, I. & Sagaert, V. (2007). De wetsvoorstellen inzake de verhaalbaarheid
van erelonen van de advocaat: oproep om de Wet Betalingsachterstand niet uit
het oog te ver. Rechtskundig Weekblad, 1137-1139.
Schaick, A.C. van (2005). Dief wordt vaak geen eigenaar. Weekblad voor
Privaatrecht, Notariaat en Registratie, 6617, 289-290.
Schaick, A.C. van (2005). Verbergende dieven usucapiëren niet, Naschrift bij
reacties van J.E. Jansen en A.F. Salomons op ‘Dief wordt vaak geen eigenaar’.
Weekblad voor Privaatrecht, Notariaat en Registratie, 6639, 806-808.
Schaick, A.C. van (2006). Bewijsovereenkomsten en geheimhoudingsafspraken. Nederlands Tijdschrift voor Burgerlijk Recht, 18, 131-136.
Schaub, M.Y. (2006). Digitale muziek, DRM en de thuiskopie: biedt het
consumentenrecht uitkomst? Tijdschrift voor Consumentenrecht & Handelspraktijken, 2, 38-47.
71
Wetenschappelijk verslag 2005-2007
Schelhaas, H. (2005). Productaansprakelijkheid en Europees Privaatrecht: het
Duitse ontploffende mineraalwaterflesje. Nederlands Tijdschrift voor Burgerlijk Recht, 5, 204-209.
Stijns, S. (2005). Leerboek Verbintenissenrecht, Boek I. Brugge: die Keure.
(268 p.)
Stijns, S. (2007). Leerboek Verbintenissenrecht, Boek 3. Brugge: die Keure. (81
p.)
Stijns, S. & Vanderschot, K. (Eds.). (2006). Contractuele clausules rond de
(niet-)uitvoering en de beëindiging van contracten. Antwerpen: Intersentia. (xvi
+ 333 p.)
Stijns, S. & Wéry, P. (Eds.). (2006). La loi antidiscrimination et les contrats/
Antidiscriminatiewet en contracten. Bruxelles: la Charte. (315 p.)
Stijns, S. (2007). Leerboek Verbintenissenrecht (Boek 3). Brugge: die Keure.
(81 p.)
Storme, M.E. et al. (2005). Manifest voor een zelfstandig Vlaanderen in
Europa. Brussel: Denkgroep in de Warande. (252 p.)
Storme, M.E. (2005). Het vrije woord en de ideologie van de multiculturele
samenleving. Ethische Perspectieven, 3, 207-215.
Storme, M.E. (2005). De fundamenteelste vrijheid: de vrijheid om te discrimineren. Teksten, kommentaren en studies, 118, 3-14.
Storme, M.E. (2005). De fundamenteelste vrijheid: de vrijheid om te discrimineren. Vivat Academia, 126, 3-27.
Storme, M.E. (05-02-2005). De fundamentele vrijheid om te discrimineren. De
Standaard.
Stuyck, J., Devroe, W. & Wytinck, P. (Eds.). (2007). De nieuwe Belgische
mededingingswet 2006. Mechelen: Kluwer. (xiii + 260 p.)
Stuyck, J. (2007). Restrictieve mededingingspraktijken. In W. Devroe, J.
Stuyck & P. Wytinck (Eds.), De nieuwe Belgische Mededingingswet 2006
(p. 21-62). Nijmegen: Kluwer.
Stuyck, J., Devroe, W. & Wytinck, P. (2007). Institutionele aspecten en samenwerking tussen toezichthouders. In J. Stuyck, W. Devroe & P. Wytinck (Eds.),
De nieuwe Belgische mededingingswet 2006 (p. 127-186). Mechelen: Kluwer.
72
Algemeen verbintenissen- en contractenrecht
Stuyck, J. & Dyck, T. van (2007). Des ‘class actions’ en Europe? Diversités
culturelles entre Etats membres et limites d'une intervention de l'Union européenne. In Y. Blais (Ed.), Le droit de la consommation sous influences (p. 6392). Québec: Cand.
Tjittes, R.P.J.L. (2005). Hoe verkeerd doen de civielrechtelijke wetenschap en
rechtspraak het eigenlijk? Nederlands Juristenblad, 36, 1879-1884.
Tjittes, R.P.J.L. (2005). Lekenrechtspraak. Rechtsgeleerd Magazijn Themis,
279-281.
Tjittes, R.P.J.L. (2005). Lekenrechtspraak. JustitieMagazine, 10.
Veenstra, H.M. (2007). Uitleg van een collectieve regeling tot vergoeding van
massaschade. Nederlands Tijdschrift voor Burgerlijk Recht, 1, 2-8.
Winkel, L.C. et al. (Eds.). (2005). Privatisering van Veiligheid/Privatisation of
Security, Opstellen uitgegeven ter gelegenheid van het 8e lustrum van de Faculteit der Rechtsgeleerdheid, Erasmus Universiteit Rotterdam (Onderzoekschool Maatschappelijke Veiligheid, 9). Den Haag: Boom Juridisch uitgevers.
(223 p.)
Winkel, L.C. (2005). A Never Ending History: varia over de indelingen van
verbintenissen en van contracten. In G. ten Berge et al. (Eds.), Inter Alia,
Opstellen en andere bijdragen aangeboden aan Dr. Marijke van de Vrugt
(p. 205-210). Utrecht: Universiteit Utrecht.
Winkel, L.C. (2005). Introduction. In L.C. Winkel et al. (Eds.), Privatisering
van Veiligheid/Privatisation of Security, Opstellen uitgegeven ter gelegenheid
van het 8e lustrum van de Faculteit der Rechtsgeleerdheid, Erasmus Universiteit Rotterdam (Onderzoekschool Maatschappelijke Veiligheid, 9) (p. 1-3).
Den Haag: Boom Juridisch uitgevers.
Winkel, L.C. (2005). Quintus Mucius Scaevola once again. In J. Hallebeek,
L.C. Winkel et al. (Eds.), Ex iusta causa traditum, Essays in Honour of Eric
Pool (Fundamina) (p. 425-433). Pretoria: University of South Africa.
Winkel, L.C. (2005). La Technique législative des Sévères. Tijdschrift voor
Rechtsgeschiedenis, LXXIII, 399-402.
Winkel, L.C. (2005). [Bespreking van het boek Historiae Iuris Antiqui, Gesammelte Schriften]. Tijdschrift voor Rechtsgeschiedenis, LXXIII, 168-169.
Winkel, L.C. (2005). [Bespreking van het boek Institut und Prinzip, Siedlungsgeschichtliche Grundlagen, philosophische Einflüsse und das Fortwirken
der beiden republikanischen Konzeptionen in den kaiserzeitlichen Rechtsschulen]. Tijdschrift voor Rechtsgeschiedenis, LXXIII, 405-406.
73
Wetenschappelijk verslag 2005-2007
Winkel, L.C. (2005). [Bespreking van het boek International Law in Antiquity].
Tijdschrift voor Rechtsgeschiedenis, LXXIII, 403-405.
Winkel, L.C. (2005). [Bespreking van het boek Scritti scelti di diritto romano,
Servi filii nuptiae]. Tijdschrift voor Rechtsgeschiedenis, LXXIII, 406-407.
Winkel, L.C. (2005). [Bespreking van het boek The Broken Chain of Being:
James Brown Scott and the Origins of Modern International Law]. Tijdschrift
voor Rechtsgeschiedenis, LXXIII, 436-438.
Winkel, L.C. (2006). Ratio decidendi? Legal Reasoning in Roman Law. In
W.H. Bryson & S. Dauchy (Eds.), Ratio decidendi, Guiding Principles of Judicial Decisions, Vol. I: Case: Law [=Comparative Studies in Continental and
Anglo-American Legal History 25/1] (p. 9-24). Berlin: Duncker & Humblot.
Winkel, L.C. (2006). Romeins recht tussen casuïstiek en systeem. Ars Aequi:
juridisch studentenblad, 55(6), 403-408.
Winkel, L.C. (2006). [Bespreking van het boek Rechtsgeschichtliche Bibelkunde]. Tijdschrift voor Rechtsgeschiedenis, LXXIV, 159.
Winkel, L.C. (2006). [Bespreking van het boek Operis novi nuntiatio juris
publici tuendi gratia]. Zeitschrift der Savigny-Stiftung für Rechtsgeschichte,
124, 509-511.
Winkel, L.C. (2006). [Bespreking van het boek L'histoire du droit entre philosophie et histoire des idées]. Tijdschrift voor Rechtsgeschiedenis, LXXIV, 213214.
Winkel, L.C. (2007). Cujas (Cujacius) Jacques. In P. Arabeyre, J.L. Halpérin &
J. Krynen (Eds.), Dictionnaire historique des juristes français (p. 220-222).
Paris: PUF.
Winkel, L.C. (2007). Time, restitution and the law. In R. de Lange (Ed.),
Aspects of Transitional Justice and Human Rights (p. 79-86). Nijmegen: Wolf
Legal Publishers.
Winkel, L.C., Spruit, J.E. & Forrez, R. (2007). Vertaling Codex Justinianus
boek 7 in: Corpus Iuris Civilis, Tekst en Vertaling. In VIII: Codex Justinianus
4-8 (p. 659-839). Amsterdam: KNAW, Afd. Edita.
Winkel, L.C. (2007). LXe Session de la Société ‘Fernand de Visscher’ pour
l'histoire des droits de l'Antiquité à Komotini. Tijdschrift voor Rechtsgeschiedenis, LXXV, 110-112.
Winkel, L.C. (2007). Das Vorabentscheidungsverfahren beim Europäischen
Gerichtshof und dessen historische Vorbilder. Tijdschrift voor Rechtsgeschiedenis, LXXV, 231-237.
74
Algemeen verbintenissen- en contractenrecht
Winkel, L.C. (2007). Francesco de Vitoria on just war and on the legal position
of Burgundy. Tijdschrift voor Rechtsgeschiedenis, LXXV, 355-362.
Winkel, L.C. (2007). [Bespreking van het boek Le nouveau testament et les
droits de l'Antiquité, présenté et annoté par Marie-Bernadette Bruguière].
Tijdschrift voor Rechtsgeschiedenis, LXXV, 409-410.
Winkel, L.C. (2007). [Bespreking van de boeken ‘Gesetz’ und ‘Naturgesetz’ in
der frühen Neuzeut & Recht als Wissenschaft, Geschichte der juristischen
Methode vom Humanismus bis zur historischen Schule (1500-1850)]. Tijdschrift voor Rechtsgeschiedenis, LXXV, 416-417.
Winkel, L.C. (2007). [Bespreking van het boek The 'Nazification' and 'Denazification' of the Courts in Belgium, Luxembourg and the Netherlands]. Trema,
10, 444-445.
75
EUROPEES PERSONEN-, FAMILIE- EN ERFRECHT
A.
VOLLEDIGE TITEL
Europees Personen-, familie- en erfrecht
B.
DEELPROGRAMMA'S
Niet van toepassing
C.
ONDERZOEKSLEDEN PROGRAMMA
Begin
coördinerend onderzoeksleider
Mw. Prof.Dr. K. Boele-Woelki (UU)
01-01-95
onderzoeksleiders
Mw. Prof.Dr. M.V. Antokolskaia (VU)
Mw. Prof.Dr. C. Forder LL.M. (UM)
Dhr. Prof.Mr. G.R. de Groot (UM)
Dhr. Prof.Dr. P. Senaeve (KUL)
01-02-07
01-01-97
01-01-95
01-01-97
senior onderzoekers
Mw. Prof.Dr. M.V. Antokolskaia (VU)
Mw.Mr. P.M.M. Mostermans (UU)
Mw. Prof.Mr. B. Reinhartz (UvA)
Mw. Mr. S.W.E. Rutten (UM)
Mw. Mr. W.M. Schrama (UU)
Dhr. Prof.Dr. A. Verbeke (KUL)
01-01-99
01-02-00
01-04-05
01-01-97
01-09-97
01-03-03
onderzoekers
Mw. Mr. B Braat (UU)
Mw. Mr. L. Coenraad (VU)
Dhr. I. Curry-Sumner (UU)
Mw. Mr. Drs. A.E. Oderkerk (UvA)
Dhr. Dr. K. Uytterhoeven
Mw. Mr. M. Vonk (UU)
01-09-98
01-10-04
15-12-05
01-04-99
01-09-97
20-12-07
promovendi
Dhr. Mr. R. Blauwhoff (UU)
Mw. Mr.Drs. M.I. Jaarsma (UU)
Mw. Ch. Jeppesen (UU)
01-04-05
01-10-03
01-03-02
Einde
31-05-07
31-01-07
31-05-07
31-05-06
77
Wetenschappelijk verslag 2005-2007
Mw. Mr. M. Jonker (UU)
Mw. Mr. P. Kruiniger (UM)
Mw. Mr. M. Lenaerts (UM)
Mw. Mr. P. Lokin (UU)
Dhr. Mr. K. Saarloos (UM)
Dhr. Mr. F. Schonewille (UU)
Mw. Mr. N. Spalter (VU)
Dhr. I. Curry-Sumner (UU)
Mw. Mr. M. Vonk (UU)
Mw. Mr. N. de Vries (UU)
Dhr. E. Vrinds (UM)
D.
01-02-07
01-10-07
01-10-06
01-10-07
01-10-04
01-02-06
01-02-07
01-03-02
01-10-02
01-02-07
01-05-04
14-12-05
19-12-07
31-08-06
TREFWOORDEN
Familierecht, erfrecht, nationaliteitsrecht, unificatie, harmonisatie
E.
SAMENVATTING PROGRAMMAOPZET
I.
Oorspronkelijke probleemstelling en doelstellingen
Binnen de EU is er tot op heden geen sprake geweest van institutionele of internationaal gecoördineerde onderlinge afstemming van het familierecht van de
lidstaten. De vaak grote onderlinge verschillen tussen de nationale wetgevingen
vormen binnen een Europa zonder grenzen een ernstige belemmering om tot
een daadwerkelijke Europese identiteit te geraken. De economische en politieke
integratie zal uiteindelijk een integratie of althans een behoorlijke mate van
onderlinge afstemming van het familierecht noodzakelijk maken. Bij het vooralsnog ontbreken van een institutioneel kader binnen de EU om de convergentie
van het familierecht te initiëren, laat staan af te dwingen, is het aan de wetenschap om een fundament te leggen door aan de hand van structureel en fundamenteel rechtsvergelijkend onderzoek de verschillen en overeenkomsten bloot
te leggen en aldus inzichtelijk te maken, en om vervolgens voorstellen uit te
werken voor normen of beginselen van Europees familierecht.
De verschillen en overeenkomsten in de nationale wetgevingen worden door
middel van de rechtsvergelijkende methode gepresenteerd. Op basis daarvan
kunnen beginselen van Europees familierecht worden geformuleerd, hetzij in
de vorm van een ‘Restatement’ naar Amerikaans model, hetzij in de vorm van
meer uitgewerkte ‘Principles of European Family Law’ op de voet van de door
UNI-DROIT in 1994 geformuleerde ‘Principles of International Commercial
Contracts’ en de door de in de commissie-Lando werkzame rechtsvergelijkers
uitgewerkte ‘Principles of European Contract Law’.
Het onderdeel geeft aanzet voor een daadwerkelijke convergentie van het familierecht in Europa en geeft mede uitwerking aan de resolutie van het Europese
78
Europees personen-, familie- en erfrecht
Parlement van 29 oktober 1993, nr C 315/654, waarin aan de Commissie is
verzocht een rechtsvergelijkend onderzoek te doen naar de wetgevingen van de
lidstaten op het gebied van huwelijken, echtscheidingen, de toewijzing van kinderen en het familierecht in het algemeen, teneinde de lidstaten aan te bevelen
nationale en/of internationale bepalingen uit te werken die nodig zijn om (o.a.)
zowel de bescherming als de toepassing van de rechten van kinderen en ouders
te verzekeren.
II.
Onderzoeksthema's
De bevordering van convergentie van het familierecht binnen de EU-lidstaten
door het ontwikkelen en formuleren van Europese normen aan de hand van
rechtsvergelijking en van verdragsnormen wordt op de volgende gebieden onderzocht:
1. Vermogensrechtelijke aspecten samenlevingsvormen
2. Rechten en bescherming van minderjarigen
3. Personeel statuut (waaronder naam, nationaliteit, afstamming, huwelijk,
echtscheiding)
4. Positie van erfgenamen
5. Invloed van Europese normen op het familierecht
F.
INHOUDELIJK OVERZICHT RESULTATEN OVER
VERSLAGPERIODE
Dit verslag bevat twee onderdelen: deel I over gezamenlijke activiteiten; deel II
over activiteiten die in de instellingen afzonderlijk hebben plaatsgehad, maar
die wel binnen het terrein van de Ius Commune vallen.
I.
Deel I: Gezamenlijke activiteiten
Collaboratie Alain Verbeke (Leuven) en Caroline Forder (Maastricht)
Op 8 en 9 november 2003 is in het kader van Ius Commune een workshop in
Maastricht georganiseerd over de juridische regeling van partnerrelaties: Gehuwd of niet: maakt het iets uit? Voor deze workshop is een subsidie door de
SaRo-NWO commissie toegekend. Dit project werd voortgezet: in 2005 hebben
twee studiemiddagen plaats gevonden: één in Maastricht (16 september 2005)
en één in Leuven (14 oktober 2005) en is een boek met dezelfde titel, onder
redactie van Forder en Verbeke, bij uitgeverij Intersentia uitgebracht (C. Forder
& A. Verbeke (eds.), Gehuwd of niet: maakt het iets uit?, Ius Commune Europaeumreeks nr. 55, Antwerpen, Intersentia, 2005, 673 p.). Bij dit project is ook
W. Schrama (UU) betrokken. Er wordt nu gewerkt aan Engelstalige artikelen
en aan andere projecten die uit dit project voortvloeien.
79
Wetenschappelijk verslag 2005-2007
Collaboratie alle onderzoekers
Tijdens het ius commune congres te Edinburgh op 1 en 2 december 2005 werd
een workshop verzorgd door Richard Blauwhoff, Kees Saarloos en Kenneth
Norrie (University of Strathclyde).
Tijdens het ius commune congres te Utrecht op 30 november en 1 december
2006 werd een workshop verzorgd door Wendy Schrama, Ian Curry-Sumner en
Miranda Iansen (sociologie UU), Patrick Senaeve, Krystoff Uytterhoeven en
Gerard René de Groot over het gelijkgeslachtelijke huwelijk en het geregistreerd partnerschap.
Tijdens het ius commune congres in Luik op 29 en 30 november 2007 stond de
workshop in het teken van de herziening van het echtscheidingsrecht in België
en Nederland. Inleidingen werden verzorgd door Lieke Coenraad (VU), Merel
Jonker (UU), Naomi Spalter (VU), Yves-Henri Leleu (Luik) en Frederik Swennen (Antwerpen).
II.
Deel II: Activiteiten die niet gezamenlijk zijn, maar die binnen
het gebied Ius Commune vallen
Amsterdam
2005
In 2005 is aan de VU het onderzoeksprogramma ‘Divorce and its consequences’ van start gegaan. In het kader van dit programma heeft Masha Antokolskaia op 29 augustus 2005 een studiedag georganiseerd: Herziening van het
echtscheidingsrecht. Administratieve echtscheiding, mediation, voortgezet ouderschap. Tijdens deze studiedag stonden de wetsvoorstellen Donner en Luchtenveld centraal. De deelnemers waren afkomstig uit wetenschap (waaronder
Masha Antokolskaia), politiek (toenmalig VVD-kamerlid Luchtenveld was een
van de inleiders) en rechtspraktijk. De studiedag heeft geresulteerd in een congresbundel: M.V. Antokolskaia (red.), Herziening van het echtscheidingsrecht.
Administratieve echtscheiding, medtaion, voortgezet ouderschap, SWP, Amsterdam, 2006, 303 p.
Het onderzoeksprogramma heeft in 2005 voorts geresulteerd in een aantal publicaties van de hand van Masha Antokolskaia. Voorts heeft zij een keynote
speeches verzorgd tijdens de 12e Wereldconferentie van de International Society of Family Law, 19-23 juli 2005, Salt Lake City, VS en tijdens de internatioanle conferentie ‘Gezin en recht: 10 jaar van het Familiewetboek van de Russische Federatie’, 5-7 december 2005, Moskou, Rusland.
80
Europees personen-, familie- en erfrecht
2006
Vanaf 2006 participeren, naast Masha Antokolskaia, ook Lieke Coenraad en
Naomi Spalter in het VU-onderzoeksprogramma ‘Divorce and its consequences’.
In de zomer van 2006 heeft het WODC (Ministerie van Justitie) opdracht gegeven tot het verrichten van een rechtsvergelijkend onderzoek (Nederland, Oostenrijk, Portugal, Servië en Slovenië) naar het opleggen van de verplichting om
een ouderschapsplan op te stellen aan scheidende ouders in informele relaties.
Dit onderzoek is door Masha Antokolskaia en Lieke Coenraad uitgevoerd:
M.V. Antokolskaia en L.M. Coenraad, Afspraken met betrekking tot kinderen
bij scheiding van ongehuwde/niet-geregistreerde ouders. Een rechtsvergelijkend onderzoek in opdracht van het Ministerie van Justitie, Vrije Universiteit
Amsterdam 2006, 51 p. Zie: <http://www.wodc.nl/onderwerpen/geografischge
bied/europa/view.ashx>. Ook gepubliceerd als bijlage bij Kamerstukken II
2006-2007, 30 800 VI, nr. 71.
Naomi Spalter is begonnen met haar promotieonderzoek De grondslagen van
partneralimentatie.
Het onderzoeksprogramma heeft in 2006 voorts geresulteerd in een aantal publicaties van de hand van Masha Antokolskaia en Lieke Coenraad. Voorts heeft
Masha Antokolskaia voordrachten verzorgd tijdens een seminar over adoptie
georganiseerd door de Raad van Europa, 19-20 oktober 2006, Moskou, Rusland
en tijdens the 18th Conference of Central European Notaries Public, 23-25
november 2006, Keszthely, Hongarije.
2007
In het kader van haar promotieonderzoek heeft Naomi Spalter een aanvraag
voor een subsidie bij NWO (open competitie) voorbereid, die zij februari 2008
zal indienen bij NWO.
In 2007 heeft het WODC (Ministerie van Justitie) opdracht gegeven tot het
verrichten van een rechtsvergelijkend onderzoek (Nederland, Duitsland, Engeland, Frankrijk) naar internationale kinderontvoering. In de tweede helft van
2007 zijn Masha Antokolskaia en Geeske Ruitenberg met de uitvoering van dit
onderzoek begonnen en zij zullen dit aanvang 2008 afronden.
Het onderzoeksprogramma heeft in 2007 voorts geresulteerd in een aantal publicaties van de hand van Masha Antokolskaia, Lieke Coenraad en Naomi Spalter. Voorts hebben Masha Antokolskaia (keynote speech) en Lieke Coenraad
voordrachten verzorgd tijdens de slotconferentie van het WELLCHI project
How can the well-being of children in a knowledge-based society be ameliorated? Convergence and divergence patterns in a European perspective, 7-10
februari 2007, Barcelona, Spanje.
81
Wetenschappelijk verslag 2005-2007
Maastricht
In Maastricht is in het najaar 2005 een onderzoek uitgevoerd over de internationale verdragsbepalingen (mensenrechten en kinderrecht) die van toepassing
zijn op maatregelen van kinderbescherming. Door de algemene toepassing van
de internationale verdragsbepalingen in Europa blijkt uit dit onderzoek welke
bepalingen van toepassing zijn door heel Europa. Er is ook aandacht geweest
voor de knelpunten van het streven naar een ‘common core’ (zelfs als deze
maar een minimum norm bevat), zoals de moeilijkheid om landen als Rusland
onder de internationale normen te brengen. Dit onderzoek is in een keynote
speech in een internationale conferentie over kinderbescherming gepresenteerd
(Amsterdam 30 november-4 december 2005), alsmede in een publicatie in International Family Law.
In de verslagperiode is door de Maastrichtse onderzoeksgroep in het bijzonder
aandacht besteed aan consequenties die het Europese recht heeft, respectievelijk dient te hebben voor het personen- en familierechtelijke conflictenrecht van
de lidstaten van de Europese Unie. Speciaal punt van aandacht was in deze samenhang de groeiende multiculturaliteit in Europa, in het bijzonder de positie
van in Europa wonende moslims.
Op het gebied van het nationaliteitsrecht is gewerkt aan vergelijkende studies
van de verwervings- en verliesgronden van de nationaliteit, waarbij in het bijzonder aandacht werd besteed aan de gevolgen van de Europese integratie voor
de regeling van de nationaliteit
Utrecht
2005
In 2005 heeft Wendy Schrama haar aanvraag voor een VENI subsidie bij NWO
voorbereid. Deze aanvraag was succesvol en het onderzoek naar ‘Familierelaties terecht (niet) in het recht?’ zal in 2006-2009 worden uitgevoerd.
In het kader van de werkzaamheden van de Commission on European Family
Law vond een viertal bijeenkomsten plaats, die door Katharina Boele-Woelki
(voorzitter) en Bente Braat (secretaris) samen met drie andere leden van de
CEFL (Walter Pintens, Frédérique Ferrand en Maarit Jänterä-Jareborg) werden
georganiseerd: Leuven (10-13 februari), Lyon (7-10 april), Utrecht (14-18 september) en Uppsala (8-11 december). Tijdens alle bijeenkomsten werd gewerkt
aan de totstandkoming van de Principles of European Family Law regarding
Parental Responsibilities, die eind 2006 zullen worden gepubliceerd. De activiteiten van de CEFl werden in 2005 door de Europese commissie gefinancierd
onder het Framework Programme of Judicial Cooperation in Civil Matters alsmede de organiserende universiteiten.
In november 2005 heeft het WODC (Ministerie van Justitie) aan een onderzoeksgroep van het Molengraaff Instituut voor Privaatrecht (Katharina Boele82
Europees personen-, familie- en erfrecht
Woelki, Ian Curry-Sumner, Miranda Jansen (Sociologie, UU) en Wendy
Schrama) opdracht gegeven om de Wet openstelling huwelijk en de Wet inzake
invoering van het geregistreerd partnerschap te evalueren. Dit onderzoek is in
de verslagperiode gestart en wordt per 1 november 2006 afgesloten. Het onderzoek bestaat uit een nationaal-juridisch deel, een internationaal deel en een sociologisch deel.
De onderzoekers (Blauwhoff, Boele-Woelki, Braat, Jeppesen-De Boer, Schrama en Vonk) maken deel uit van de Utrechtse multidisciplinaire samenwerking
op het terrein van familierelaties. Deze samenwerking is in 2003 van start gegaan en omvat de disciplines: rechten, economie, pedagogiek, sociologie, gender studies en medische ethiek).
2006
Het onderzoek heeft zich in Utrecht in 2006 verder ontwikkeld langs de eerder
uitgezette lijnen van interdisciplinair onderzoek en het tot stand brengen en
versterken van verdergaande samenwerking met andere disciplines, waarbij het
centrale thema het internationale familierecht is. Drie pijlers zijn in het overkoepelende onderzoek in 2006 te onderscheiden. In de eerste plaats heeft het
onderzoeksprogramma ‘Divorce in Europe’ een belangrijke functie vervuld
waarbij het onderzoek geconcentreerd is op (internationale) echtscheiding in
een rechtsvergelijkende en Europese context. In de tweede pijler is sprake van
interne consistentie waar het gaat om het promotie onderzoek naar de rechtspositie van ouders en kinderen. Het grote onderzoek naar de evaluatie van de Wet
openstelling huwelijk en de wet geregistreerd partnerschap past goed in het
aandachtsgebied inzake informele relatievormen in nationale en internationale
verhoudingen. In november 2006 heeft de onderzoeksgroep bestaande uit Katharina Boele-Woelki, Ian Curry-Sumner, Miranda Jansen (Sociologie, UU) en
Wendy Schrama het evaluatierapport voltooid. Dit onderzoek werd in opdracht
van het WODC uitgevoerd. Het rapport is gepubliceerd in de serie Ars Notariatus no. 134 (Huwelijk of geregistreerd partnerschap?) Het onderzoek bestaat uit
een nationaal-juridisch deel, een internationaal deel en een sociologisch deel.
In het kader van de werkzaamheden van de Commission on European Family
Law vond een tweetal bijeenkomsten plaats, die door Katharina Boele-Woelki
(voorzitter) en Bente Braat (secretaris) samen met twee andere leden van de
CEFL (Dieter Martiny en Walter Pintens) in 2006 werden georganiseerd:
Frankfurt/Oder (16-19 maart) en Brussel (23-26 november). Tijdens deze bijeenkomsten werd gewerkt aan de totstandkoming van de Principles of European Family Law regarding Parental Responsibilities, die in maart 2007 werden
gepubliceerd. De activiteiten van de CEFl werden in 2006 door de organiserende universiteiten van de CEFL (Barcelona, Cardiff, Frankfurt/Oder, Leuven,
Lyon, Uppsala en Utrecht) .
83
Wetenschappelijk verslag 2005-2007
Voor het in juli 2006 in Utrecht gehouden congres van de International Academy of Comparative Law waren Boele-Woelki (voorzitter) en Curry-Sumner
leden van het organiserend comité.
2007
Interdisciplinair onderzoek en het versterken en uitbreiden van samenwerking
met andere disciplines zijn ook in 2007 belangrijke speerpunten van de
Utrechtse onderzoekers geweest. Het onderzoek op het terrein van het internationale en Europese familierecht heeft zich in 2007 toegespitst op drie pijlers:
(1) In de eerste plaats is het onderzoeksprogramma ‘Maintenance in Europe’
opgestart dat zich concentreert op (internationale) alimentatie in een rechtsvergelijkende en Europese context (Curry-Sumner, Jonker, Schrama). (2) In de
tweede pijler is sprake van interne consistentie waar het gaat om rechtsvergelijkend onderzoek naar de rechtspositie van ouders en kinderen (promotieonderzoek van Blauwhoff, Jepessen-De Boer, Jonker, Vonk en De Vries, onderzoek
van Van der Linden en het onderzoek van Boele-Woelki in het kader van de
Commission on European Family Law (CEFL) over ouderlijke verantwoordelijkheid). (3) Het multidisciplinaire onderzoek naar de evaluatie van de Wet
openstelling huwelijk en de wet geregistreerd partnerschap dat in 2007 is gepubliceerd, past goed in het derde aandachtsgebied inzake de betekenis van informele relatievormen in nationale en internationale verhoudingen, waartoe
naast het onderzoek van Schonewille en het VENI-onderzoek van Schrama
(publicatie in RM-Themis), ook het ipr-onderzoek (Boele-Woelki en Mostermans) gerekend kan worden. Boele-Woelki heeft hierover in Washington, Cape
Town, Oslo en Trier (ERA) presentaties verzorgd. Schrama heeft in het kader
van informele relaties in Ars Aequi een artikel over de multidisciplinaire onderzoeksmethode geschreven.
Op 9 februari 2007 werd met een symposium het Utrecht Centre for European
Research into Family Law (UCERF) opgericht dat onderzoek op het terrein van
het familie- en erfrecht vanuit een rechtsvergelijkende, internationale en multidisciplinaire benadering bundelt. Het kenniscentrum besteedt naast het onderzoek ook aandacht aan activiteiten op de terreinen onderwijs en maatschappelijke dienstverlening. UCERF verenigt alle onderzoekers van het departement
rechtsgeleerdheid die zich in het Molengraaff Instituut voor Privaatrecht met
het familierecht bezig houden. Naast deskundigheid van het Nederlandse, Europese en internationale familierecht (internationaal privaatrecht) bestaat bijzondere expertise op het terrein van het Antilliaanse, Duitse, Engelse, Franse,
Portugese, Scandinavische en Zwitserse familierecht alsmede het Islamitische
familierecht.
Het onderzoek van de promovendi Blauwhoff, Jonker, Lokin, Schonewille en
De Vries is volgens planning verlopen, hetgeen ook heeft geresulteerd in een
aantal artikelen en bijdragen aan conferenties. De promotie van Vonk heeft
plaatsgevonden op 19 december 2007.
84
Europees personen-, familie- en erfrecht
Op 18 december 2007 werd bekend dat Ian Curry-Sumner voor zijn onderzoek
‘Transnational recovery of child maintenance in Europe’ een VENI beurs voor
de komende vier jaar van NWO ontvangt. Daarmee behoren tot de Utrechtse
onderzoeksgroep twee VENI-onderzoekers, hetgeen in vergelijking met andere
onderzoeksgroepen uitzonderlijk is.
In 2007 is ook de universitaire samenwerking voortgezet binnen Familierelaties, een interdisciplinair samenwerkingsverband binnen de Universiteit Utrecht
met onderzoekers uit de juridische, sociaal-wetenschappelijke en ethische discipline met als thema familierelaties, waarbij een tweede onderzoeksprogramma is vastgesteld voor de periode 2008 -2012. In dit vervolgprogramma dat in
het Utrechtse universitaire focus en massa programma ‘Coordinating Societal
Change’ een belangrijke rol zal spelen zal de samenwerking o.a. binnen de faculteit REBO meer gestalte krijgen. Met belastingrecht (Michielse), strafrecht
(Kelk, Wijers) en economie (Schippers) zijn een drietal nieuwe promotieprojecten opgezet en ook sociaal-geografen zullen in het nieuwe programma participeren.
In het kader van de Commission on European Family Law (CEFL) hebben
Boele-Woelki en Curry-Sumner de 3e CEFL conferentie die van 6-9 juni in
Oslo heeft plaatsgevonden in samenwerking met Tone Sverdrup en Peter
Lødrup (Universiteit van Oslo) georganiseerd. In 2007 werd door de CEFL de
derde questionnaire voor de vermogensrechtelijke relaties tussen echtgenoten
opgesteld.
De succesvolle internationale samenwerking binnen de CEFL heeft tenslotte in
2007 geresulteerd in een nominatie voor de prestigieuze Descartes-onderzoeksprijs 2007 voor transnationale samenwerking. Daarmee behoort de CEFL tot de
10 beste onderzoeksgroepen in Europa waarbij deze commissie concurreert met
alle disciplines.
G.
OPBOUW ONDERZOEKSINPUT WETENSCHAPPELIJK PERSONEEL
in fte's
2005
2006
2007
Hoogleraar
Universitair hoofddocent
Universitair docent
Postdocs
Junior onderzoekers (AIO/OIO)
1,70
0,96
0,63
4,25
1,70
0,96
1,15
3,78
1,47
0,96
1,15
5,80
H.
VOORTZETTING
De Utrechtse onderzoekers zullen uitvoering geven aan het onderzoek op het
terrein van alimentatie (vaststelling en inning) in Europa. Eind maart 2008 zal
een door NWO en de British Council For Research gefinancierd expertmeeting
85
Wetenschappelijk verslag 2005-2007
In Utrecht onder leiding van Ian Curry-Sumner plaatsvinden. Zijn VENI onderzoek naar de transnationale inning van alimentatie in Europa zal op deze bijeenkomst worden toegelicht. Ook Merel Jonker zal haar onderzoek naar het
Scandinavische alimentatiesysteem voortzetten en hierover publiceren. De
tweede activiteit is het 2e UCERF symposium dat op 18 april 2008 in Utrecht
plaatsvindt. Op het programma staan bijdragen over het huwelijksvermogensrecht, duo-moederschap, zorg voor ouderen, islamitisch familierecht en internationale kinderontvoering. De bijdragen worden vooraf in de UCERF reeks gepubliceerd. De derde activiteit vormt een expert meeting over ‘Current debates
in family law around the globe’ onder leiding van Katharina Boele-Woelki dat
op 28 juni 2008 in Utrecht zal plaatsvinden. 15 familierechtdeskundigen zullen
over hun bijdrage die voorafgaand aan de bijeenkomst in de Utrecht Law Review zullen verschijnen rapporteren.
In de komende jaren zal de Maastrichtse onderzoeksgroep zwaartepuntmatig
aandacht besteden aan de consequenties van het Europese recht voor het personen- en familierechtelijke conflictenrecht in de Europese Unie. Daarbij zal gedetailleerde aandacht gegeven worden aan Europese rechtspraak en (ontwerp)
regelgeving. Speciale aandacht zal daarbij uitgaan naar de gevolgen van het
Europese recht voor het internationale namenrecht (Gerard-René de Groot/
Susan Rutten) en het internationale afstammingsrecht (Saarloos) Bijzonder punt
van aandacht is voorts de positie van in Europa wonende moslims (Susan Rutten en Pauline Kruininger).
Op het gebied van het nationaliteitsrecht wordt verder gewerkt aan vergelijkende studies over de verwervings- en verliesgronden van de nationaliteit, in het
bijzonder in de Lid Staten van de Europese Unie. Daarbij zal in het bijzonder
aandacht worden besteed aan recente ontwikkelingen, mede in het licht van het
Europees Verdrag inzake Nationaliteit. Speciale attentie zal de sterk wijzigende
houding ten opzichte van gevallen van meervoudige nationaliteit hebben, alsmede de regels ter voorkoming van staatloosheid. Nader onderzoek. zal worden
gedaan over de gevolgen van het Europese burgerschap voor de regeling van de
nationaliteit in de Lid Staten.
Te verwachten is dat het Europese Hof van Justitie in 2008 opnieuw over het
internationale namenrecht een uitspraak zal doen (Grunkin-Paul II). Mocht het
Hof tot de conclusie komen, dat het Duitse IPR niet door de Europese beugel
kan, dan zal in Maastricht voor de gehele onderzoeksgroep een expert-zitting
worden georganiseerd over de consequenties van de uitspraak. Daarnaast zal
voor de workshop op het ius commune congres in Amsterdam in 2008 opnieuw
naar een actueel thema worden gezocht dat gezamenlijk zal worden bediscussieerd.
De onderzoeksgroep zal vanaf 2008 de collega's van de universiteit Luik bij
haar activiteiten betrekken. Yves-Henri Leleu en Patrick Wautelet hebben eer86
Europees personen-, familie- en erfrecht
der hun bereidheid daartoe getoond. Er wordt op een vruchtbare samenwerking
met hen en hun onderzoekers gerekend.
I.
KERNPUBLICATIES
Toelichting op de keuze van de kernpublicaties:
Het boek van Masha Antokolskaia waarvoor zij vijf jaar lang door de KNAW
tijdens haar aanstelling in Utrecht als KNAW fellow werd gefinancierd vormt
de grondslag van het gehele onderzoeksprogramma. De historische benadering
van een aantal belangrijke instituten in het familierecht is van fundamentele
betekenis voor verder onderzoek op dit terrein. Het boek geeft inzicht in de
ontwikkeling van een groot aantal Europese rechtsstelsels. Het bevat een grote
bron aan informatie. Daarnaast is sprake van een scherpe en diepgaande analyse. De grote lijnen worden bloot gelegd. Het boek nodigt uit tot nadere reflectie
over hoe het familierecht zich in de toekomst zal gaan ontwikkelen.
Het boek van Katharina Boele-Woelki, dat zij in samenwerking met zes andere
professoren uit Europa heeft geschreven, bevat de Beginselen van de Commission on European Family Law (CEFL) voor de Ouderlijke Verantwoordelijkheid. Het eindresultaat is gebaseerd op omvangrijk rechtsvergelijkend onderzoek waarbij 22 familierechtssystemen in Europa werden betrokken alsmede
alle relevante internationale en Europese instrumenten. Het boek toont aan dat
ten eerste sprake is van spontane harmonisatie vanwege de vele internationale
en Europese verdragen, verordeningen, aanbevelingen etc. op dit terrein. Ten
tweede wordt duidelijk dat in de Europese stelsels in nagenoeg alle gevallen
overeenstemmende oplossingen zijn te vinden. Daarop zijn de beginselen van
de CEFL gebaseerd. Voor gevallen waar in de nationale systemen nog geen
regelgeving is vastgesteld, zoals verblijfs-co-ouderschap en relocatie, stellen de
Beginselen inzake Ouderlijke Verantwoordelijkheid nieuwe regels voor. De
Beginselen zijn een referentiekader dat bij de harmonisatie van het familierecht
in Europa kan worden gebruikt.
Antokolskaia, M.V. (2006). Harmonisation of Family Law in Europe: A
Historical Perspective: a tale of two millennia (European Family Law Series,
13). Antwerp: Intersentia. (XXVIII + 565 p.)
Boele-Woelki, (2007). Principles of European Family Law Regarding Parental
Responsibilities (European Family Law Series, 16). Antwerp: Intersentia. (332
p.) (in cooperation with: K., Ferrand, F., Gonzàlez Beilfuss, C., JänteräJareborg, M., Lowe, N., Martiny, D. & Pintens, W.)
87
Wetenschappelijk verslag 2005-2007
J.
UITSTEKENDE PUBLICATIES
Boele-Woelki, K. (2005). The working method of the Commission on European Family Law. In K. Boele-Woelki (Ed.), Common Core and Better Law in
European Family Law (European Family Law Series, 10) (p. 14-38). Antwerp:
Intersentia.
Forder, C.J. & Verbeke, A. (Eds.). (2005). Gehuwd of niet: maakt het iets uit?
(Ius Commune Europaeum, 55). Antwerpen: Intersentia. (XXII + 649 p.)
Schrama, W.M. (2007). Is het Nederlandse afstammingsrecht in strijd met het
gelijkheidsbeginsel? Over kinderen en badwater. Rechtsgeleerd Magazijn
Themis, 3, 86-94.
Vonk, M. (2007). Children and their parents: A comparative study of the legal
position of children with regard to their intentional and biological parents in
English and Dutch law. (European Family Law Series, 19). Antwerp:
Intersentia. (xx + 304 p.)
K.
DISSERTATIES
Curry-Sumner, I. (14 december 2005). All's well that ends registered? The substantive and private international law aspects of non-marital registered relationships in Europe. UU Utrecht (XXV + 600 p.) (Antwerp: Intersentia). Prom.:
Prof. K. Boele-Woelki.
Vonk, M. (19 december 2007). Children and their parents: A comparative
study of the legal position of children with regard to their intentional and biological parents in English and Dutch law. Universiteit van Utrecht (xx + 304
p.) (Antwerp: Intersentia (European Family Law Series19)). Prom.: Prof. K.
Boele-Woelki.
L.
OVERZICHT VAN ALLE OVERIGE PUBLICATIES
WETENSCHAPPELIJKE PUBLICATIES
Antokolskaia, M.V. (2005). Het project van het Europees Burgerlijk Wetboek
en de problemen van harmonisatie van het familierecht. In M. Mclean (Ed.),
Ejegodnik sravnitelnogo pravovedenia (p. 5-34). Moskou: Norma.
Antokolskaia, M.V. (2005). Family Values and the Harmonisation of Family
Law. In M. Mclean (Ed.), Family Law and Family Values (p. 295-310).
Oxford: Hart Publishing.
88
Europees personen-, familie- en erfrecht
Antokolskaia, M.V. (2005). De voorstellen tot hervorming van het echtscheidingsrecht: naar de vorm modern, naar de inhoud een stap terug. Weekblad
voor Privaatrecht, Notariaat en Registratie, 6636, 737-744.
Antokolskaia, M.V. (2005). The ‘Better Law’ Approach and the Harmonisation
of Family Law. European Journal of Law Reform, 6(1/2), 159-179.
Antokolskaia, M.V. (2006). Nederlands echtscheidingsrecht en the CEFL
Principles on Divorce (Inaugurele rede Vrije Universiteit Amsterdam, 30
september 2006). Amsterdam: Vrije Universiteit. (21 p.)
Antokolskaia, M.V. (2006). Inleiding. In M. Antokolskaia (Ed.), Herziening
van het echtscheidingsrecht: administratieve echtscheiding, mediation, voortgezet ouderschap (ACK) (p. 7-19). Amsterdam: SWP.
Antokolskaia, M.V. (2006). Administratieve echtscheiding vanuit nationaal en
internationaal perspectief. In M. Antokolskaia (Ed.), Herziening van het echtscheidingsrecht: administratieve echtscheiding, mediation, voortgezet ouderschap (ACK) (p. 32-68). Amsterdam: SWP.
Antokolskaia, M.V. (2006). The Search for Common Core of Divorce Law:
State Intervention v. Spouses’ Autonomy. In M. Martin-Casals & J. Rabot
(Eds.), The Role of Self-Determination in the Modernisation of Family Law in
Europe (p. 33-59). Girona: Documenta Universitaria.
Antokolskaia, M.V. (2006). Convergence of Divorce Law in Europe. Child and
Family Law Quarterly, 18(3), 307-330.
Antokolskaia, M.V. (2006). Nederlands echtscheidingsrecht en the CEFL
Principles on Divorce. Tijdschrift voor Familie- en Jeugdrecht, 262-269.
Antokolskaia, M.V. (2006). The ‘Better Law’ Approach and the Harmonisation
of Family Law. European Journal of Law Reform, 6(1/2), 159-179.
Antokolskaia, M.V. (2007). Comparative Family Law: Moving with the Times?
In D. Nelken & E. Orücü (Eds.), Comparative Legal Studies: A Handbook
(p. 241-263). Oxford: Hart Publishing.
Antokolskaia, M.V. (2007). Convergence of Divorce Laws in Europe. In L.
Waldle & C. Williams (Eds.), Family Law: Balancing Interests and Pursuing
Priorities (p. 523-533). Buffalo/New York: Hein.
Antokolskaia, M.V. (2007). Introduction. In M.V. Antokolskaia (Ed.), Convergence and Divergence of Family Law in Europe (European Family Law Series,
18) (p. 1-11). Antwerp: Intersentia.
89
Wetenschappelijk verslag 2005-2007
Antokolskaia, M.V. (2007). Harmonisation of Family Law in Europe: A
Historical Perspective. In M.V. Antokolskaia (Ed.), Convergence and Divergence of Family Law in Europe (European Family Law Series, 18) (p. 11-25).
Antwerp: Intersentia.
Antokolskaia, M.V. (2007). Objectives and Values of Substantive Family Law.
In J. Meeusen et al. (Eds.), International Family Law for the European Union
(p. 49-69). Antwerp: Intersentia.
Antokolskaia, M.V. (2007). Nederlandse avonturen met het echtscheidingsrecht, redactioneel. Tijdschrift voor Privaatrecht, 761-770.
Blauwhoff, R. (2005). ‘Motherless’ paternity tests in Europe. International
Family Law, 3, 146-156.
Blauwhoff, R. (2005). ‘Motherless’ paternity tests and minors in Europe.
International Family Law, 4, 146-157.
Blauwhoff, R. (2006). A determinação e a impugnação da paternidade na
Holanda. Lex Familiae, Revista Portuguesa de Direito da Família, 5, 19-30.
Blauwhoff, R. (2006). Procesrechtelijke kunstgrepen bij de gerechtelijke vaststelling van het vaderschap. Tijdschrift voor Familie- en Jeugdrecht, 5, 132138.
Boele-Woelki, K. (2005). Parental responsibilities – CEFL's initial results. In
K. Boele-Woelki (Ed.), Common Core and Better Law in European Family
Law (European Family Law Series, 10) (p. 141-168). Antwerp: Intersentia.
Boele-Woelki, K. (2005). Comisión de Derecho de Familia Europeo: Formulando Principios en el ámbito de divorcio y alimentos entre cónyuges divorciados. In Àrea de Dret Civil, UdG (Ed.), Nous reptes del Dret de família.
Materials de les Tretzenes Jornades de Dret Català a Tossa (p. 39-60).
Boele-Woelki, K. & Schrama, W.M. (2005). Die nichteheliche Lebensgemeinschaft im niederländischen Recht. In N. Yassari & J.M. Scherpe (Eds.), Die
Rechtsstellung nichtehelicher Lebensgemeinschaften = The legal status of
cohabitants (Beiträge zum ausländischen und internationalen Privatrecht, 81)
(p. 307-374). Tübingen: Mohr Siebeck.
Boele-Woelki, K., Schrama, W.M. & Vonk, M. (2005). Parental responsibilities in The Netherlands. In K. Boele-Woelki, B. Braat & I. Curry-Sumner
(Eds.), European Family Law in Action, Volume III: Parental Responsibilities
(European Family Law Series, 9). Antwerp: Intersentia.
Boele-Woelki, K. (2005). La famille et le droit international – introduction.
International law FORUM du droit international, 3(10), 146-152.
90
Europees personen-, familie- en erfrecht
Boele-Woelki, K. (2005). The Principles of European Family Law: Its Aims
and Prospects. Utrecht Law Review, 2, 160-168. [Online]. Available from:
<http://www.utrechtlawreview.org/publish/articles/000012/article.pdf> [01-122005].
Boele-Woelki, K. & Mom, A. (2006). De erkenning van administratieve
echtscheidingen in Europa. In M.V. Antokolskaia (Ed.), Herziening van het
echtscheidingsrecht: administratieve echtscheiding, mediation, voortgezet
ouderschap (ACK) (p. 218-247). Amsterdam: SWP.
Boele-Woelki, K. (2006). The European agenda: an overview of the current
situation in the field of private international law and substantive law.
International Family Law, 149-154.
Boele-Woelki, K. (2006). Os princípos do direito da familia europeu: os seus
objectivos e as suas perspectivas. Lex Familiae, Revista Portuguesa de Direito
da Família, 5, 5-17.
Boele-Woelki, K. & Martiny, D. (2006). Die Prinzipien zum Europäischen
Familienrecht betreffend Ehescheidung und nachehelicher Unterhalt. Zeitschrift
für Europäisches Privatrecht, 1, 6-20.
Boele-Woelki, K. & Mom, A. (2006). Europäisierung des Unterhaltsrechts:
Vereinheitlichung des Kollisionsrechts und Angleichung des materiellen
Rechts. Familie, Partnerschaft, Recht, Heft 6, 232-237.
Boele-Woelki, K. (2007). Building on Convergence and Coping with Divergence in the CEFL Principles on European Family Law. In M.V. Antokolskaia
(Ed.), Convergence and Divergence in European Family Law (European
Family Law Series, 18) (p. 253-269). Antwerp: Intersentia.
Boele-Woelki, K. & Gonzàlez Beilfuss, C. (2007). The Impact and Application
of the Brussels II bis Regulation in the Member States: Comparative Synthesis.
In K. Boele-Woelki & C. Gonzàlez Beilfuss (Eds.), Brussels IIbis: Its Impact
and Application in the Member States (European Family Law Series, 14)
(p. 23-40). Antwerp: Intersentia.
Boele-Woelki, K., Curry-Sumner, I., Jansen, M. & Schrama, W.M. (2007).
Huwelijk of geregistreerd partnerschap? Een evaluatie van de Wet openstelling
huwelijk en de wet geregistreerd partnerschap (Ars Notariatus, 134). Deventer:
Kluwer. (346 p.)
Boele-Woelki, K., Curry-Sumner, I., Jansen, M. & Schrama, W.M. (2007). The
Evaluation of Same-Sex Marriages and Registered Partnerships in the Netherlands. In P. Sarcevic, P. Volken & A. Bonomi (Eds.), Yearbook of Private
International Law (p. 27-37). Munich: Sellier European Law Publishers.
91
Wetenschappelijk verslag 2005-2007
Boele-Woelki, K. & Martiny, D. (2007). The CEFL and its Principles of
European Family Law Regarding Parental Responsibilities. ERA-Forum:
scripta iuris europaei, 125-143.
Bollen, C.J.M. & de Groot, G.R. (2005). Nationality law of the Kingdom of the
Netherlands in international perspective. In L.A.M.N. Barnhoorn et al. (Eds.),
Netherlands Yearbook of International Law (p. 205-250). The Hague: T.M.C.
Asser Press.
Braat, B. (2005). Wetsvoorstel 268 867 in rechtsvergelijkend perspectief.
Weekblad voor Privaatrecht, Notariaat en Registratie, 6617, 290-300.
Braat, B. (2006). Les régimes matrimoniaux aux Pays-Bas. In A. Bonomi & M.
Steiner (Eds.), Les régimes matrimoniaux en droit comparé et en droit
international privé: actes du Colloque de Lausanne du 30 septembre 2005
(Comparativa, 76) (p. 177-200). Genève: Librairie Droz.
Braat, B. (2007). Matrimonial property law: diversity of forms, equivalence in
substance. In M.V. Antokolskaia (Ed.), Convergence and Divergence in European Family Law (European Family Law Series, 18) (p. 237-250). Antwerp:
Intersentia.
Braat, B. (2007). Enkele ontwikkelingen in het Franse familierecht. Tijdschrift
voor Familie- en Jeugdrecht, 12, 322-327.
Cappon, C.M. & Reinhartz, B. (2006). Rechtszekerheid en doelmatigheid in het
testamentair erfrecht. De opstelling en afwikkeling van testamenten in Nederland, Frankrijk, België en Duitsland mede bezien in historisch perspectief. In
A.F. Salomons & G.J.P. de Vries (Eds.), Pro forma? Essays on the role of
Formal Rules and Formal Requirements in Private Law (p. 235-273). The
Hague: Boom Juridische uitgevers.
Coenraad, L.M. (2005). Mediation und die Scheidungsproblematik in den
Niederlanden, Analyse einer Diskussion der Scheidungsmediation. Die Praxis
des Familienrechts, 2, 250-261.
Coenraad, L.M. (2006). A harmonised divorce mediation procedure in Europe?
The desirability and feasibility of harmonising the procedure of divorce mediation. In M. Martin-Casals & J. Ribot (Eds.), The role of self-determination in
the modernisation of family law in Europe, Book of the 2003 European Regional Conference of the International Society of Family Law (p. 15-31). Girona:
Documenta Universitaria.
Coenraad, L.M. (2006). Procederen over het voortgezet ouderschap, Te weinig
aandacht voor het procesrecht in het Wetsvoorstel Luchtenveld. In M.V.
Antokolskaia (Ed.), Herziening van het echtscheidingsrecht: administratieve
echtscheiding, mediation, voortgezet ouderschap (ACK) (p. 69-98). Amsterdam: SWP.
92
Europees personen-, familie- en erfrecht
Coenraad, L.M. & Antokolskaia, M.V. (2006). Afspraken met betrekking tot
kinderen bij scheiding van ongehuwde/niet-geregistreerde ouders. Een rechtsvergelijkend onderzoek in opdracht van het Ministerie van Justitie. Den Haag/
Amsterdam: WODC/VU. [Online] Available from: <http://www.wodc.nl/on
derzoeken/scheiding_van_ongehuwde_ouders_1501_asp?soort=publicatie&tab
=pub> [15-09-2006].
Curry-Sumner, I. (2005). General Patterns in Registration Schemes for
Unmarried Couples and the Implications for Ireland. Irish Journal of Family
Law, 3, 187-195.
Curry-Sumner, I. (2005). Uniform patterns regarding same-sex relationships.
International law FORUM du droit international, 3, 9-14.
Curry-Sumner, I. (2006). Private international law aspects of homosexual
couples: The Netherlands Report. In S. van Erp & L.P.W. van Vliet (Eds.),
Netherlands Report to the Seventeenth International Congress of Comparative
Law (p. 147-175). Antwerp: Intersentia.
Curry-Sumner, I. (2006). It's marriage Jim but not as we know it. Is the ban on
same-sex marriage in the United Kingdom justified? Irish Journal of Family
Law, 1, 2-10.
Curry-Sumner, I. & Vonk, M. (2006). Adoptie door paren van hetzelfde
geslacht: wie probeert de wet te beschermen? Tijdschrift voor Familie- en
Jeugdrecht, 2, 39-44.
Curry-Sumner, I. (2007). Transnational recovery of child maintenance in
Europe: The future is bright, the future is central authorities. [CD-ROM] Days
of Public Law. Collection of Articles. Brno: Masaryk University.
Forder, C.J. (2005). Family Rights and Immigration Law: a European
Perspective. In H. Schneider (Ed.), Migration, Integration and Citizenship, A
challenge for Europe's future (vol. II) (p. 71-108). Maastricht: Forum
Maastricht.
Forder, C.J. (2005). Over de kern en de grensgevallen van het familierecht. In
V. Van den Eeckhout, C.J. Forder, E. Hooghiemstra, E. Nicolaï & S.K. van
Walsum (Eds.), Transnationale gezinnen in Nederland (p. 21-116). Den Haag:
Boom Juridische uitgevers.
Forder, C.J. & Verbeke, A. (2005). Inleiding. In C.J. Forder & A. Verbeke
(Eds.), Gehuwd of niet: Maakt het iets uit? (Ius Commune Europaeum, 55)
(p. 1-99). Antwerpen: Intersentia.
Forder, C.J. & Verbeke, A. (2005). Geen woorden maar daden. In C.J. Forder
& A. Verbeke (Eds.), Gehuwd of niet: Maakt het iets uit? (Ius Commune
Europaeum, 55) (p. 489-647). Antwerpen: Intersentia.
93
Wetenschappelijk verslag 2005-2007
Forder, C.J. (2005). Bescherming van het ongeboren leven (protection of
unborn life). Nederlands Juristenblad, 686-688.
Forder, C.J. (2005). Kroniek van het personen en familierecht. Nederlands
Juristenblad, 1663-1669.
Forder, C.J. (2005). De verplichting van een ouder om in het levenonderhoud
van haar of zijn kind te voorzien. Nederlands Juristenblad, 2198-2198.
Forder, C.J. & Curry-Sumner, I. (2006). The Dutch Family Law Chronicles:
continued parenthood notwithstanding divorce. In A. Bainham & B. Rwezaura
(Eds.), International Survey of Family Law 2006 (p. 261-304). Bristol: Jordans
Publishing.
Forder, C.J. (2006). Child protection: Human and Children's Rights. International Family Law, 88-96.
Forder, C.J. (2006). Vermogensrechtelijke perikelen in het huwelijk onder de
bezem. Nederlands Juristenblad, 1, 15-18.
Forder, C.J. (2006). Een nieuwe ontwikkelingsfase van het jeugdrecht.
Nederlands Juristenblad, 45(45), 2602-2605.
Forder, C.J. (2006). Ongehuwd samenwonen en vermogensrecht: een waaier
van mogelijkheden. Tijdschrift Estate Planning, 331-365.
Forder, C.J. & Curry-Sumner, I. (2006). The Dutch Family Law Chronicles:
continued parenthood notwithstanding divorce. In A. Bainham (Ed.), International Survey of Family Law 2006 (p. 261-304). Bristol: Jordans Publishing.
Forder, C.J. & Saarloos, K. (2007). The Establishment of Parenthood: a Story
of Succesful Convergence? In M. Antokolskaya (Ed.), Convergence and Divergence of Family Law in Europe (European Family Law Series, 18) (p. 169235). Antwerp: Intersentia.
Groot, G.R. de (2005). Towards a European nationality law. In H. Schneider
(Ed.), Migration, integration and citizenship, A challenge for Europe's future
(p. 13-54). Maastricht: Forum Maastricht.
Groot, G.R. de (2005). Conditions for acquisition of nationality by operation of
law or by lodging a declaration of option. In H. Schneider (Ed.), Migration,
integration and citizenship, A challenge for Europe's future (p. 187-224).
Maastricht: Forum Maastricht.
94
Europees personen-, familie- en erfrecht
Groot, G.R. de (2005). De geschiedenis van het Nederlandse nationaliteitsrecht
in de negentiende eeuw. In A.M.J.A. Berkvens & Th.J. van Rensch (Eds.),
Wordt voor recht gehalden, Opstellen ter gelegenheid van vijfentwintig jaar
Werkgroep Limburgse Rechtsgeschiedenis (p. 375-420). Maastricht: Limburgs
Geschied- en Oudheidkundig Genootschap.
Groot, G.R. de (2005). The access to European citizenship for third country
spouses of a European citizen. In C. Biquet-Mathieu (Ed.), Liber amicorum
Paul Delnoy (p. 93-133). Brussels: Larcier.
Groot, G.R. de (2005). Het ontnemen van het Nederlanderschap wegens
terroristische activiteiten. In P. van der Grinten & T. Heukels (Eds.), Crossing
borders, Essays in European and Private International Law, Nationality Law
and Islamic Law in Honour of Frans van der Velden (p. 215-230). Deventer:
Kluwer.
Groot, G.R. de (2005). Een onwenselijk wetsontwerp ter wijziging van de
Rijkswet op het Nederlanderschap. Kritische beschouwingen over wetsontwerp
30 166 (R 1795). Journaal Vreemdelingenrecht, 439-449.
Groot, G.R. de (2005). Waar is het land van hun jeugd? Opmerkingen over de
interpretatie van artikel 15 lid 2 en artikel 26 lid 1 van de Rijkswet op het
Nederlanderschap. Migrantenrecht, 248-252.
Groot, G.R. de & Vrinds, E.P.J. (2005). De invloed van ouders in het
nationaliteitsrecht. Migrantenrecht, 40-51.
Groot, G.R. de (2006). Nationality. In J.M. Smits (Ed.), Elgar Encyclopedia of
Comparative law (p. 476-492). Cheltenham: Edward Elgar.
Groot, G.R. de (2006). Identiteitsfraude en het Nederlanderschap van vóór 1
april 2003 genaturaliseerde personen. In Groenboek, Drie opstellen aangeboden aan Bart Groen (p. 42-60). Maastricht: Universiteit Maastricht.
Groot, G.R. de (2006). The relationship between the general legal nationality of
a person and his ‘sporting nationality’. In D. Oswald (Ed.), La nationalité dans
le sport. Enjeux et problèmes. Actes du Congrès des 10 et 11 novembre 2005
(p. 147-169). Neuchâtel: Editions CIES.
Groot, G.R. de (2006). Een pleidooi voor meervoudige nationaliteit. In M.
Faure & M. Peeters (Eds.), Grensoverschrijdend recht (Ius Commune Europaeum, 58) (p. 73-86). Antwerpen: Intersentia.
Groot, G.R. de & Schneider, H.E.G.S. (2006). Die zunehmende Akzeptanz von
Fällen mehrfacher Staatsangehörigkeit in West-Europa. In H. Menckhaus & F.
Sato (Eds.), Japanischer Brücken-bauer zum deutschen Rechtskreis, Festschrift
für Koresuke Yamauchi zum 60. Geburtstag (p. 65-80). Berlin: Duncker &
Humblot.
95
Wetenschappelijk verslag 2005-2007
Groot, G.R. de (2006). Een pleidooi voor meervoudige nationaliteit. Migrantenrecht, 100-105.
Groot, G.R. de (2006). Het optierecht van in Nederland geboren staatloze
kinderen op het Nederlanderschap. Migrantenrecht, 9, 312-318.
Groot, G.R. de (2006). Sports and unfair competition via nationality law.
Maastricht Journal of European and Comparative Law, 161-171.
Groot, G.R. de (2006). The relationship between the general legal nationality of
a person and his ‘sporting nationality’. International Sports Law Journal, 1-2,
3-9.
Groot, G.R. de & Kuipers, J.-J. (2006). Sport en nationaliteit. Opmerkingen
over de relatie tussen de algemene juridische nationaliteit van een persoon en
zijn ‘sportnationaliteit’. Migrantenrecht, 141-149.
Groot, G.R. de (2007). Achtentwintig Nederlanders, Bewerkte adviezen en
casus over de toepassing van de Nederlandse nationaliteitswetgeving. Den
Haag: Elsevier Overheid. (320 p.)
Groot, G.R. de (2007). Nationaliteit en rechtszekerheid. Verkorte versie van de
rede uitgesproken bij de aanvaarding van het ambt van hoogleraar aan de Universiteit van Aruba op 28 september 2007. Tijdschrift voor Antilliaans RechtJusticia, 2007, 230-244.
Groot, G.R. de & Schneider, H.E.G.S. (2007). Erschlichene Einbürgerungen,
Identitätsbetrug und Entzug der Staatsangehörigkeit in Deutschland und den
Niederlanden. In E. Klein, S.U. Pieper & G. Ress (Eds.), Rechtsstaatliche
Ordnung Europas – Gedächtnisschrift für Albert Bleckmann (p. 79-102). Köln:
Carl Heymanns Verlag.
Groot, G.R. de (2007). Private international law aspects of homosexuals
couples. In K. Boele-Woelki & S. van Erp (Eds.), General reports of the XVIIth
Congress of the International Academy of Comparative Law (p. 325-362).
Utrecht: Eleven International Publishing.
Groot, G.R. de (2007). Identiteitsfraude en het Nederlanderschap van vóór 1
april 2003 genaturaliseerde personen. Nederlands Juristenblad, 82(2), 74-80.
Groot, G.R. de (2007). Staatloosheid: Lessen uit Spanje. Aantekeningen over:
Aurelia Alvarez Rodríguez y Observatorio Permanente de la Inmigración,
Nacionalidad de los hijos de extranjeros nacidos en España. Migrantenrecht,
115-116.
96
Europees personen-, familie- en erfrecht
Israël, J. & Saarloos, K. (2007). Europees internationaal privaat- en procesrecht. In A.S. Hartkamp, C.H. Sieburg & L.A.D. Keus (Eds.), De invloed van
het Europese recht op het Nederlandse privaatrecht (Serie Onderneming en
Recht, 42-II) (p. 629-698). Deventer: Kluwer.
Jeppesen de Boer, C.G. (2005). Administratieve echtscheiding in Denemarken.
Tijdschrift voor Familie- en Jeugdrecht, 10, 231-235.
Jeppesen de Boer, C.G. & Kronborg, A. (2006). Tensions between legal,
biological conceptions of parentage. In I. Schwenzer (Ed.), Tensions between
Legal, Biological and Social Conceptions of parentage (European Family Law
Series, 15) (p. 141-157). Antwerp: Intersentia.
Mostermans, P.M.M. (2006). Echtscheiding (Praktijkreeks IPR, 5). (3de volledig herziene druk). Deventer: Kluwer. (XV + 169 p.)
Mostermans, P.M.M. (2007). The Impact and Application of the Brussels II bis
Regulation in The Netherlands. In K. Boele-Woelki & C. Gonzàlez Beilfuss
(Eds.), Brussels IIbis: Its Impact and Application in the Member States (European Family Law Series, 14) (p. 217-235). Antwerp: Intersentia.
Oderkerk, A.E. (2005). Olanda. In F.B. Brunetta d'Usseaux (Ed.), Il diritto di
famiglia nell'unione europea – Formazione, vita e crisi della coppia (p. 213251). Padova: Cedam.
Oderkerk, A.E. (2005). Tussen formele en materiële rechtvaardigheid. Een
analyse van de law in action naar aanleiding van de wijziging van artikel 4
(oud) Rijkswet op het Nederlanderschap. Nederlands Internationaal Privaatrecht, 23(4), 389-396.
Oderkerk, A.E. (2006). Het Groenboek inzake het toepasselijke recht en de
rechterlijke bevoegdheid in echtscheidingszaken: een beschrijving en analyse
van het Groenboek en de daarop gegeven reacties van belanghebbenden.
Nederlands Internationaal Privaatrecht, 2, 119-128.
Reinhartz, B. et al. (2005). Hoofdstukken IX t/m XIII (behoudens nr. 139 en
140). In W.G. Huijgen et al. (Eds.), Compendium erfrecht (p. 132-266).
Deventer: Kluwer.
Reinhartz, B. (2005). Haken en ogen aan het voorstel tot wijziging van de
bestuursregeling in het huwelijksvermogensrecht. Weekblad voor Privaatrecht,
Notariaat en Registratie, 6614, 231-233.
Reinhartz, B. (2005). Van oude menschen... Oftewel: van je kinderen moet je
het maar hebben. Nieuw Erfrecht, 6(5), 81-85.
97
Wetenschappelijk verslag 2005-2007
Reinhartz, B. (2006). Recent Changes in the Law of Succession in the
Netherlands. In J.H.M. van Erp & L.P.W. van Vliet (Eds.), Netherlands
Reports to the Seventeenth International Congress of Comparative Law (p. 5981). Antwerp: Intersentia.
Reinhartz, B. (2006). De nieuwe voorstellen ter aanpassing van de wettelijke
gemeenschap van goederen. Tijdschrift voor Familie- en Jeugdrecht, 1(28), 314.
Reinhartz, B. (2006). Internationaal privaatrechtelijke aspecten van de schenking in Nederland en België. Kwartaalbericht Estate Planning, 3, 14-20.
Reinhartz, B.E. (2007). Recent Changes in the Law of Succession in the
Netherlands: On the Road towards a European Law of Succession? Electronic
Journal of Comparative Law, 11, 1-18.
Rutten, S.W.E. (2005). Verzoening. Islamitisch recht in West-Europa.
Maastricht: Datawyse/Univer-sitaire Pers. (175 p.)
Rutten, S.W.E. (2005). Cultuur en familierecht in eigen kring. In Multiculturaliteit in het recht. Preadvies voor de Nederlandse Vereniging voor Rechtsvergelijking (Geschriften van de Nederlandse Vereniging voor Rechtsvergelijking,
66) (p. 39-94). Deventer: Kluwer.
Rutten, S.W.E. (2005). Familiewaarden van buiten, in de rechtszaal naar
binnen. Trema: tijdschrift voor de rechterlijke macht, 266-272.
Rutten, S.W.E. (2005). Perpetuatio fori in ouderlijk gezagskwesties. Nederlands Internationaal Privaatrecht, 1, 11-19.
Rutten, S.W.E. & Foblets, M.-C. (2006). De toelaatbaarheid van de verstoting:
recente ontwikkelingen in Nederlands, Frans en Belgisch internationaal privaatrecht. In P. van der Grinten & T. Heukels (Eds.), Crossing borders: essays
in European and private international law, nationality law and islamic law in
honour of Frans van der Velden (Kluwer rechtswetenschappelijke publicaties)
(p. 195-213). Deventer: Kluwer.
Rutten, S.W.E. (2007). De bruidsgave: op zoek naar goud. Nederlands Internationaal Privaatrecht, 2, 101-115.
Rutten, S.W.E. & Saarloos, K. (2007). De erkenning van de kafala in het IPR
en het vreemdelingenrecht. Tijdschrift voor Familie- en Jeugdrecht, 12, 300309.
Rutten, S.W.E. (2007). SHARIAH-testamenten. Weekblad voor Privaatrecht,
Notariaat en Registratie, 6705, 305-313.
98
Europees personen-, familie- en erfrecht
Saarloos, K. (2006). Bezit van staat of het wormvormig aanhangsel van het
Nederlandse afstammingsrecht? Weekblad voor Privaatrecht, Notariaat en
Registratie, 6654, 123-129.
Saarloos, K. (2006). Nederlanderschap en postume procreatie in het buitenland
– Opmerkingen over de toepassing van de openbare orde exceptie in de WCA.
Migrantenrecht, 9, 319-323.
Saarloos, K. (2007). Duo-moederschap in Nederland. Op de grens van
afstamming en adoptie. Tijdschrift voor Familie- en Jeugdrecht, 6, 142-148.
Schonewille, F. (2005). Pech für Gretchen, oder nicht? Contractsvrijheid tussen
(ex-)echtgenoten in Duitsland. Tijdschrift voor Familie- en Jeugdrecht, 10,
249-258.
Schonewille, F. (2006). Een scheidingsbemiddelaar is altijd een mediator, een
mediator niet altijd een scheidingsbemiddelaar. Mediation in het nieuwe
echtscheidingsrecht. In M.V. Antokolskaia (Ed.), Herziening van het echtscheidingsrecht: administratieve echtscheiding, mediation, voortgezet ouderschap
(ACK) (p. 115-154). Amsterdam: SWP.
Schonewille, F. (2006). Wikiwetgeving? In P. Sliepenbeek et al. (Eds.), What's
in a family Liber Amicorum mr. J.W. Wladimiroff-Nater (p. 27-34). Den Haag:
Sdu.
Schonewille, F. (2006). Rechtspolitieke rede aan de open groeve (?) van wetsvoorstel 28 867. Echtscheidingsbulletin, 1, 19-24.
Schonewille, F. (2007). Inleiding, kosten van de huishouding. In F.
Schonewille (Ed.), Relatievermogensrecht Geschetst (p. 1-8). Nijmegen: Ars
Aequi Libri.
Schonewille, F. (2007). Geregistreerd partnerschap. In F. Schonewille (Ed.),
Relatievermogensrecht Geschetst (p. 151-154). Nijmegen: Ars Aequi Libri.
Schonewille, F. (2007). De voorhuwelijkse alimentatieovereenkomst revisited.
Of: het belang van het opnemen van een considerans in huwelijkse voorwaarden. Weekblad voor Privaatrecht, Notariaat en Registratie, 161-168.
Schonewille, F. (2007). Kunnen huwelijkse voorwaarden een ouderschapsplan
bevatten? Weekblad voor Privaatrecht, Notariaat en Registratie, 604-607.
Schrama, W.M. (2005). General lessons for Europe based on a comparison of
the legal status of non-marital cohabitants in The Netherlands and Germany. In
K. Boele-Woelki (Ed.), Common Core and Better Law in European Family
Law (European Family Law Series, 10) (p. 257-281). Antwerp: Intersentia.
99
Wetenschappelijk verslag 2005-2007
Schrama, W.M. (2005). Vermogensrechtelijke aspecten van de niet-huwelijkse
samenleving: de moeizame verhouding tussen de affectieve relatie en het
(vermogens-)recht. In C. Forder & A. Verbeke (Eds.), Gehuwd of niet: maakt
het iets uit? (Ius Commune Europaeum, 55) (p. 65-89). Antwerpen: Intersentia.
Schrama, W.M. (2006). Ongehuwd samenleven: het stiefkind van het
familierecht. Ars Aequi: juridisch studentenblad, 10, 724-726.
Schrama, W.M. (2007). Relatievermogensrecht voor ongehuwde samenlevers.
In F. Schonewille (Ed.), Relatievermogensrecht Geschetst (p. 161-180).
Nijmegen: Ars Aequi Libri.
Schrama, W.M. (2007). Een multidisciplinaire benadering van het ongehuwd
samenleven, Meerwaarde en minpunten van de combinatie van juridisch en
sociaalwetenschappelijke onderzoek. Ars Aequi: juridisch studentenblad, 11,
869-876.
Senaeve, P. & Aerts, C. (Eds.). (2006). Onderhoudsgeld tijdens de echtscheidingsprocedure en na echtscheiding op grond van bepaalde feiten. Civielrechtelijke en fiscaalrechtelijke aspecten. Antwerpen: Intersentia. (136 p.)
Senaeve, P. & Swennen, F. (Eds.). (2006). De hervorming van de interne en de
interlandelijke adoptie. Commentaar op de Wetten van 13 maart en 24 april
2003 en het Decreet van 15 juli 2005. Antwerpen: Intersentia. (442 p.)
Senaeve, P. (2006). De bevoegdheid en de rechtspleging inzake interne
adopties. In P. Senaeve & F. Swennen (Eds.), De hervorming van de interne en
de internationale adoptie. Commentaar op de Wetten van 13 maart en 24 april
2003 en het Decreet van 15 juli 2005 (p. 213-250). Antwerpen: Intersentia.
Senaeve, P. & Vanbockrijck, H. (2006). De Wet van 18 juli 2006 op het verblijfsco-ouderschap, de blijvende saisine van de jeugdrechtbank en de tenuitvoerlegging van uitspraken aangaande verblijf en omgang. Echtscheidingsjournaal, 117-143.
Senaeve, P. (2007). De fiscale wetgever in het spoor van de civiele wetgever:
het geval van het gezagsco-ouderschap en het verblijfsco-ouderschap. L.
Ballon, H. Cousy, W. Devroe, K. Geens, J. Stuyck, B. Tilleman & P. Van
Orshoven (Eds.), Liber Amicorum Frans Vanistendael (p. 337-341). Herentals:
Knops Publishing.
Senaeve, P. (2007). De hervorming van het afstammingsrecht door de Wetten
van 1 juli 2006 en 27 december 2006. In L. Weyts & Ch. Castelein (Eds.),
Notariële blikvangers (p. 129-156). Antwerpen: Intersentia.
100
Europees personen-, familie- en erfrecht
Senaeve, P. (2007). De regeling aangaande de minderjarige kinderen in de
overeenkomst echtscheiding door onderlinge toestemming. In C. Castelein, A.
Verbeke & L. Weyts (Eds.), Notariële clausules. Liber Amicorum Professor
Johan Verstraete (p. 323-332). Antwerpen: Intersentia.
Senaeve, P. (2007). De wettelijke moederlijke afstamming. In P. Senaeve, F.
Swennen & G. Verschelden (Eds.), De hervorming van het afstammingsrecht.
Commentaar op de Wetten van 1 juli 2006, 27 december 2006 en 6 juli 2007
(p. 1-8). Antwerpen: Intersentia.
Senaeve, P. (2007). De vaderlijke afstamming binnen het huwelijk. In P.
Senaeve, F. Swennen & G. Verschelden (Eds.), De hervorming van het afstammingsrecht. Commentaar op de Wetten van 1 juli 2006, 27 december 2006 en 6
juli 2007 (p. 9-85). Antwerpen: Intersentia.
Senaeve, P. (2007). Van concubinaat naar wettelijke samenwoning en verder.
In W. Pintens, A. Alen, E. Dirix & P. Senaeve (Eds.), Vigilantibus ius scriptum.
Feestbundel voor Hugo Vandenberghe (p. 275-288). Brugge: die Keure.
Senaeve, P. (2007). De hervorming van het afstammingsrecht door de wetten
van 1 juli 2006 en van 27 december 2006 (deel 1). Tijdschrift voor Familierecht, 62-80.
Spalter, N. (2007). Gevangen in het huwelijk. Tijdschrift voor Familie- en
Jeugdrecht, 29(2), 37-43.
Uytterhoeven, K. & Robert, T. (2005). Naar de invoering van een schuldloze
echtscheiding in België. Het bos en de bomen... Echtscheidingsjournaal, 78-84.
Uytterhoeven, K. (2007). Het materiële echtscheidingsrecht en familiaal
procesrecht: een (artificieel) gescheiden siamese tweeling? Tijdschrift voor
Familierecht, 61-62.
Vonk, M. (2005). Enige overdenkingen bij de voorgestelde wijziging van
1:253o en de positie van de opvoeder niet-ouder. Tijdschrift voor Familie- en
Jeugdrecht, 2, 34-39.
Vonk, M. (2006). Tensions between legal, biological and social conceptions of
parenthood in Dutch Family Law. In S. van Erp & L.P.W. van Vliet (Eds.),
Netherlands Report to the Seventeenth International Congress of Comparative
Law (p. 83-108). Antwerp: Intersentia.
Vonk, M. (2007). Parent-child relationships in Dutch family law. In I.
Schwenzer (Ed.), Tensions between legal, biological and social conceptions of
parentage (European Family Law Series, 15) (p. 279-307). Antwerp:
Intersentia.
101
Wetenschappelijk verslag 2005-2007
VAKPUBLICATIES
Antokolskaia, M.V. (2005). De voorstellen tot hervorming van het echtscheidingsrecht: naar de vorm modern, naar de inhoud een stap terug. Naschrift.
Weekblad voor Privaatrecht, Notariaat en Registratie, 6648, 1048-1050.
Antokolskaia, M.V. (Ed.). (2006). Herziening van het echtscheidingsrecht:
administratieve echtscheiding, mediation, voortgezet ouderschap (ACK).
Amsterdam: SWP. (303 p.)
Antokolskaia, M.V., Dettmeijer-Vermeulen, C., Jansen, S., Meuwese, S. &
Vlaardingerbroek, P. (Eds.). (2007). 100 Years of Child Protection. Nijmegen:
Wolf Legal Publishers. (276 p.)
Antokolskaia, M.V. (Ed.). (2007). Convergence and Divergence of Family Law
in Europe (European Family Law Series, 18). Antwerp: Intersentia. (282 p.)
Boele-Woelki, K. (Ed.). (2005). Common Core and Better Law in European
Family Law (European Family Law Series, 10). Antwerp: Intersentia. (372 p.)
Boele-Woelki, K., Braat, B. & Curry-Sumner, I. (Eds.). (2005). European
Family Law in Action, Volume III: Parental Responsibilities (European Family
Law Series, 9). Antwerp: Intersentia. (821 p.)
Boele-Woelki, K. (2005). Erkenning van het homohuwelijk op de Nederlandse
Antillen en Aruba. Tijdschrift voor Familie- en Jeugdrecht, 10, 221.
Boele-Woelki, K. (2005). Geplante Änderungen im niederländischen Familienrecht. Zeitschrift für das gesamte Familienrecht, 1632-1633.
Boele-Woelki, K. (2005). Internationaal privaatrecht, Twee sporen: EET-Verordening en voorstel EBB- Verordening, Voorstel EG-Richtlijn betreffende
bemiddeling, Nog geen interlandelijke adoptie door een paar van hetzelfde geslacht, Toelating van mannelijke en vrouwelijke verbuigingen in het namenrecht. Ars Aequi Katern, 94, 5179-5181.
Boele-Woelki, K. (2005). Internationaal privaatrecht, Twee Groenboeken:
erfopvolging en testamenten en echtscheiding, Uitvoeringswet internationale
kinderbescherming. Ars Aequi Katern, 95, 5245-5247.
Boele-Woelki, K. (2005). Internationaal Privaatrecht Uitvoeringswet EET
Verordening, Particulier of beroepsmatig gebruik van een goed, Buitenlandse
erkenning door gehuwde Nederlander in strijd met openbare orde, Wrongful
birth. Ars Aequi Katern, 96, 5312-5314.
102
Europees personen-, familie- en erfrecht
Boele-Woelki, K. (2005). Internationaal privaatrecht, Het Haags Verdrag
inzake forumkeuze, Parallelverdragen tussen de EU en Denemarken, Administratieve echtscheiding, Gedwongen huwelijken. Ars Aequi Katern, 97, 53705372.
Boele-Woelki, K. (2005). [Bespreking van het boek Code de droit international
privé 2004. Édition à jour au 1er septembre 2004]. ERPL, 217.
Boele-Woelki, K. (2006). Internationaal privaatrecht: verordeningen, verdragen & wetten 2006/2008 (Ars Aequi wetseditie). (6de druk). Nijmegen: Ars
Aequi Libri. (465 p.)
Boele-Woelki, K. (2006). Een nieuwe discipline: familiewetenschappen. Tijdschrift voor Familie- en Jeugdrecht, 4, 97.
Boele-Woelki, K. (2006). Internationaal privaatrecht. In aantocht: De Verordening betreffende het recht dat van toepassing is op contractuele verbintenissen (Rome I). alsmede de Verordening betreffende de bevoegdheid, het toepasselijke recht, de erkenning en de tenuitvoerlegging van beslissingen, en de
samenwerking op het gebied van onderhoudsverplichtingen; Nederlandse antwoorden op de Groenboeken erfrecht en echtscheiding; Uitleg Betekeningsverordening door Hof van Justitie; Duits commentaar op het IPR. Ars Aequi
Katern, 98, 5440-5442.
Boele-Woelki, K. (2006). Internationaal privaatrecht. Uitvoering van het
Haagse Kinderontvoeringsverdrag vanuit Nederlands perspectief; Nieuw Verdrag van Lugano: exclusieve bevoegdheid EG. Prorogatie van rechtsmacht in
scheidingszaken gewenst. Verwerping nalatenschap namens minderjarige is een
kinderbeschermingsmaatregel. Waarmerking als EET: wanneer is sprake van
een onbetwiste vordering? Ars Aequi Katern, 99, 5502-5505.
Boele-Woelki, K. (2006). Internationaal privaatrecht. Meer zichtbaarheid van
de Haagse Conferentie voor IPR in kinderontvoeringszaken. Schadevorderingen wegens schending van de communautaire antitrustregels. Ontbreken
begunstigingsregel in art. 6 WC. Afstamming in strijd met art. 8 EVRM. Ars
Aequi Katern, 100, 5574-5576.
Boele-Woelki, K. (2006). Internationaal privaatrecht. Vervanging van de
Brussel IIbis Verordening. Groenboek huwelijksvermogensrecht. Woonplaats
en gewone verblijfplaats zijn niet identiek. Ars Aequi Katern, 101, 5643-5645.
Boele-Woelki, K. (2006). Verblijfs-co-ouderschap: regel of uitzondering? Tijdschrift voor Familie- en Jeugdrecht, 12, 303.
Boele-Woelki, K. & Gonzàlez Beilfuss, C. (Eds.). (2007). Brussels II bis: Its
Impact and Application in the Member States (European Family Law Series,
14). Antwerp: Intersentia. (322 p.)
103
Wetenschappelijk verslag 2005-2007
Boele-Woelki, K. (2007). Toelichting op UCERF. Actuele ontwikkelingen in
het familierecht (UCERF, 1). Nijmegen: Ars Aequi Libri. (9-15 p.)
Boele-Woelki, K. (2007). Huwelijk of geregistreerd partnerschap? Actuele
ontwikkelingen in het familierecht (UCERF, 1). Nijmegen: Ars Aequi Libri.
(71-76 p.)
Boele-Woelki, K. (2007). Editorial XVIIth World Conference on Comparative
Law. European Journal of Law Reform, 1-2.
Boele-Woelki, K. (2007). Forum- en rechtskeuze in de nieuwe familierechtelijke verordeningen. Tijdschrift voor Familie- en Jeugdrecht, 12, 297.
Boele-Woelki, K., Curry-Sumner, I., Jansen, M. & Schrama, W.M. (2007). Het
geregistreerd partnerschap de rechtsorde uit. Of juist niet? Tijdschrift voor
Familie- en Jeugdrecht, 60-65.
Boele-Woelki, K. (2007). Internationaal privaatrecht, Europese betalingsbevelprocedure, Flash Eurobarometer: Family Law, Erkenning van geformaliseerde
relaties van paren van gelijk geslacht in het buitenland, Dubbele forum- en
rechtskeuze. Ars Aequi Katern, 102, 5710-5712.
Boele-Woelki, K. (2007). Internationaal privaatrecht, Nieuw (ontwerp-) verdrag van Lugano, Parallelverdragen met Denemarken, Toestemming tot erkenning door Marokkaanse moeder, Alimentatie ten behoeve van een in de VS
verblijvend kind, Art. 2 Verdrag van Istanbul inzake naamsverandering in strijd
met art. 12 EG Verdrag, Nauwste verbondenheid van een overeenkomst. Ars
Aequi Katern, 103, 5775-5777.
Boele-Woelki, K. (2007). Internationaal privaatrecht, Rome II, Europese procedure voor geringe geldvorderingen, Verscheidenheid van leveringsplaatsen binnen één lidstaat, Bevoegdheid op grond van art. 2 en art. 9 sub c Rv, Cautio
iudicatum solvi, Flitsscheiding erkend in België. Ars Aequi Katern, 105, 59035905.
Boele-Woelki, K. (2007). Keynote addresses at the XVIIth IACL Congress.
European Journal of Law Reform, 8(1), 171.
Boele-Woelki, K. (2007). Stellungnahme zur Unterhaltsverordnung und Scheidungsverordnung anlässlich der gemeinsamen öffentlichen Anhörung der EPAusschüsse LIBE und JURI zur europäischen Zusammenarbeit im Familienrecht – Unterhaltsverpflichtungen – Scheidung und Trennung. [Online] Available from: <http://www.djb.de/Kommissionen/kommission-zivil-familien-underbrecht/St07-19-EU-Scheidung-Unterhalt> [11-09-2007].
Coenraad, L.M. (2006). Scheiden: administratief of rechterlijk? Het wetsvoorstel Luchtenveld is nog niet rijp. Tijdschrift voor Civiele Rechtspleging, 1, 1-5.
104
Europees personen-, familie- en erfrecht
Coenraad, L.M. (2007). Kroniek Algemene beginselen. Tijdschrift voor Civiele
Rechtspleging, 4, 122-127.
Coenraad, L.M. & Antokolskaia, M.V. (2007). Joint Parental Responsibilities
and Compulsory Arrangements with Regard to Children upon Divorce (Wellchi's Collection of Working Papers). Barcelona: Wellchi Network Wellbeing of
Children. (15 p.)
Curry-Sumner, I. & Warendorf, H. (2005). Book I of the Netherlands Antilles
Civil Code. Family Law and the Law of Persons. Antwerp: Intersentia. (XXVI
+ 202 p.)
Curry-Sumner, I. & Warendorf, H. (2005). Inheritance Law Legislation of the
Netherlands (European Family Law Series, 8). Antwerp: Intersentia. (xii + 108
p.)
Forder, C.J. (2005). Basisvoorwaarden ter discussie: transnationale gezinnen
versus andere gezinnen. In E. Hooghiemstra & M. Wijers (Eds.), Allochtone
Gezinnen, juridische positie (p. 16-36). Den Haag: Nederlandse Gezinsraad.
Forder, C.J. & Verbeke, A. (2005). Voorwoord. In C.J. Forder & A. Verbeke
(Eds.), Gehuwd of niet: Maakt het iets uit? (Ius Commune Europaeum, 55)
(p. v-vi). Antwerpen: Intersentia.
Forder, C.J. (2006). Personen- en familierecht (onderdeel van Hoofdstuk 3
‘Privaatrecht’). In J.C. Hage et al. (Eds.), Recht, vaardig en zeker. Een inleiding
in het recht (Boom juridische studieboeken) (3de [gew.] druk) (p. 101-117). Den
Haag: Boom Juridische uitgevers.
Forder, C.J. (2006). Kroniek van het personen- en familierecht. Nederlands
Juristenblad, 31, 1791-1800.
Groot, G.R. de (2005). Bewerking onderdeel Nationaliteitsrecht. In Personenen Familierecht (losbladig). (160 p.) Deventer: Kluwer.
Groot, G.R. de (2005). De naam: een kwestie van identiteit! Burgerzaken en
recht, 10-13.
Groot, G.R. de (2005). Woonplaats. Personen- en Familierecht, 2005-5, 42-42.
Groot, G.R. de (2006). Rijkswet op het Nederlanderschap 2007/2008, met
Uitvoeringsbesluiten en de Handleiding voor de toepassing van de Rijkswet op
het Nederlanderschap. Den Haag: Elsevier Overheid. (711 p.)
Groot, G.R. de (Ed.). (2007). Jurisprudentie nationaliteitsrecht 2008/2009. Den
Haag: Elsevier Overheid. (833 p.)
105
Wetenschappelijk verslag 2005-2007
Groot, G.R. de (2007). A clarification of the fundamental rights implications of
stateless and erased persons. Briefing paper European parliament. Brussels:
European Parliament. (26 p.)
Groot, G.R. de & Laer, C.J.P. van (2007). The dubious quality of legal dictionaries. In M. Thelen & B. Lewandowska-Tomaszczyk (Eds.), Translation and
Meaning (Translation and Meaning, 7) (p. 173-187). Maastricht: University
Press.
Reinhartz, B. et al. (Eds.). (2005). 100 jaar notarieel toezicht (Ars notariatus,
130). Amsterdam/Deven ter: Stichting tot Bevordering der Notariële Wetenschap/Kluwer. (V + 64 p.)
Reinhartz, B. (2005). Verdere mogelijkheden bij tweetrapsmakingen? Nieuw
Erfrecht, 6(2), 36.
Reinhartz, B. (2005). [Bespreking van het boek Huwelijksgoederen- en erfrecht, tweede gedeelte]. Rechtsgeleerd Magazijn Themis, 166(2), 85-91.
Reinhartz, B. (2006). Actualisering Boek 4 titel 6 BW. In Gr. van der Burght
(Ed.), Erfrecht (losbladige uitgave, supplement 6) (p. 183-1 – 233-2-6).
Deventer: Kluwer.
Reinhartz, B., Kolkman, W.D., Verstappen, L.C.A. & Vijfeijken, I.J.F.A.
(Eds.). (2006). Erfrecht: de tekst van Boek 4 van het Burgerlijk Wetboek en
aanverwante wetten voorzien van commentaar (Tekst & commentaar). (2de
druk). Deventer: Kluwer. (XVI + 1217 p.)
Reinhartz, B. (2006). 14: Haags testamentsvormenverdrag 1961, 15: Haags
erfrechtverdrag 1989, 16: Wet conflictenrecht erfopvolging. In W.D. Kolkman,
B.E. Reinhartz, L.C.A. Verstappen & I.J.F.A. Vijfeijken (Eds.), Erfrecht: de
tekst van Boek 4 van het Burgerlijk Wetboek en aanverwante wetten voorzien
van commentaar (Tekst & commentaar) (p. 1083-1119). (2de druk). Deventer:
Kluwer.
Reinhartz, B. (2006). Boek 4 Titel 5, afd. 1, 2, 3 en 4 (art. 4:115-135). In W.D.
Kolkman, B.E. Reinhartz, L.C.A. Verstappen & I.J.F.A. Vijfeijken (Eds.),
Erfrecht: de tekst van Boek 4 van het Burgerlijk Wetboek en aanverwante wetten voorzien van commentaar (Tekst & commentaar) (p. 143-168). (2de druk).
Deventer: Kluwer.
Reinhartz, B. (2006). Recente ontwikkelingen betreffende gezag en omgang.
Juridische Berichten voor het Notariaat, 16(1(16)), 7-10.
Reinhartz, B. (2006). Recente ontwikkelingen betreffende afstamming. Juridische Berichten voor het Notariaat, 16(3(15)), 11-12.
106
Europees personen-, familie- en erfrecht
Reinhartz, B. (2006). Rechtspraakoverzicht met betrekking tot art. 1:88 BW.
Weekblad voor Privaatrecht, Notariaat en Registratie, 6685, 755-758.
Reinhartz, B.E. (2007). Valt een geërfde woning in Polen in de Nederlandse
gemeenschap van goederen? Juridische Berichten voor het Notariaat, 17, 9-10.
Rutten, S.W.E. (2006). [Bespreking van het boek Echtscheiding]. FJR, 320321.
Saarloos, K. (2007). Ontdooid Zaad. In G.R. de Groot (Ed.), Achtentwintig
Nederlanders? Bewerkte adviezen en casus over de toepassing van de Nederlandse nationaliteitswetgeving (p. 273-282). Den Haag: Elsevier Overheid.
Schonewille, F., Holtman, R. & Lekkerkerker, G. (2006). Rechtspraak
Beroepsuitoefening Notaris. Den Haag: Sdu. (137 p.)
Schonewille, F. (Ed.). (2007). Relatievermogensrecht Geschetst. Nijmegen: Ars
Aequi Libri. (212 p.)
Schonewille, F. (2007). Minor Mediation aan Universiteit Utrecht. Forum voor
Conflictmanagement, 2, 73-74.
Senaeve, P. (2005). Harmonisatie van het familierecht binnen Europa: noodzaak en/of utopie? In Lustrumboek 40 jaar Jura Falconis (p. 117-134). Brussel:
Larcier.
Senaeve, P. (2006). Compendium van het Personen- en Familierecht. Boekdeel
1: Personenrecht. Leuven/Voorburg: Acco. (293 p.)
Senaeve, P. (2006). Compendium van het Personen- en Familierecht. Boekdeel
2: Familierecht. Leuven/Voorburg: Acco. (242 p.)
Senaeve, P. (2006). Compendium van het Personen- en Familierecht. Boekdeel
3: Familierecht (vervolg). Leuven/Voorburg: Acco. (242 p.)
Senaeve, P., Swennen, F. & Verschelden, G. (Eds.). (2007). De hervorming van
het afstammingsrecht. Commentaar op de Wetten van 1 juli 2006, 27 december
2006 en 6 juli 2007. Antwerpen: Intersentia. (444 p.)
Senaeve, P., Swennen, F. & Verschelden, G. (Eds.). (2007). Verblijfscoouderschap. Uitvoering en sanctionering van verblijfs- en omgangsregelingen.
Adoptie door personen van hetzelfde geslacht. Commentaar op de Wetten van
18 juli 2006 en 18 mei 2006. Antwerpen: Intersentia. (267 p.)
Senaeve, P., Pintens, W., Alen, A. & Dirix, E. (Eds.). (2007). Vigilantibus ius
scriptum. Feestbundel voor Hugo Vandenberghe. Brugge: die Keure. (472 p.)
107
Wetenschappelijk verslag 2005-2007
Senaeve, P. (2007). Onderhoudsplicht van de ouders. In L. van Hoestenberghe
& R. Verstegen (Eds.), Studentenrecht. Juridische en sociale gids voor het
hoger onderwijs (p. 483-500). Leuven: Acco.
Senaeve, P. (2007). Editoriaal. Tijdschrift voor Familierecht, 1.
Vonk, M. (2005). De ene donor is de andere niet. Nederlands Juristenblad, 12,
634.
Vonk, M. (2006). Voorkinderen en gezamenlijk gezag door huwelijk. Weekblad
voor Privaatrecht, Notariaat en Registratie, 6671, 457-459.
Vonk, M. (2007). Kinderen, co-moeders en het afstammingsrecht. Nederlands
Juristenblad, 425, 448-449.
Vonk, M. (2007). Kroniek personen- en familierecht. Nederlands Juristenblad,
1832, 2277-2285.
ANNOTATIES
Forder, C.J. (2005). Noot bij: Schweizerisches Bundesgericht (16-10-2003),
(Zum Anspruch des Scheinvaters auf Erstattung geleisteten Kindesunterhalts
gegen den leiblichen Vater aus ungerechtfertigter Bereicherung). ERPL 200513, p. 868-878.
Forder, C.J. & Whittingham, J.R.D. (2006). Noot bij: EHRM (07-03-2006),
(Besluitvorming door (ex-)partners om wel of niet ouder te worden (Evans/
V.K.)). NJCM-bulletin 2006-6, p. 874-880.
Groot, G.R. de (2005). Noten onder HR 3 september 2004; Raad van State 3
februari 2004; RvSt 25 juni 2003; RvSt 18 augustus 2004; RvSt 25 augustus
2004. In P.E. Minderhoud & K.M. Zwaan (Eds.), Rechtspraak Vreemdelingenrecht 2004 (p. 150-159 en p. 165-170). Nijmegen: Ars Aequi Libri.
Groot, G.R. de (2005). Noot bij: Afdeling Bestuursrechtspraak (28-04-2005),
Jurisprudentie Vreemdelingenrecht, p. 1400-1403.
Groot, G.R. de (2005). Noot bij: Rb. 's-Gravenhage (28-04-2005), Jurisprudentie Vreemdelingenrecht, p. 1461-1464.
Groot, G.R. de (2005). Noot bij: Afdeling rechtspraak Raad van State (20-062005), 276, JB, p. 1353-1358.
Groot, G.R. de (2006). Noten onder HR 11 november 2005, Rb. 's-Gravenhage
28 april 2005, Rb. Rotterdam 9 december 2005, Hof Arnhem 14 juni 2005, Hof
’s-Hertogenbosch 27 oktober 2005. In H. Battjes & K.M. Zwaan (Eds.), Rechtspraak Vreemdelingenrecht 2005 (p. 193-209). Nijmegen: Ars Aequi Libri.
108
Europees personen-, familie- en erfrecht
Groot, G.R. de (2007). Noten onder Europees Hof van Justitie 12 september
2006 (Eman), HR 28 april 2006 (Vietnamese erkenning), HR 30 juni 2006
(identiteitsfraude bij natura). Ars Aequi: juridisch studentenblad, 495-523.
Groot, G.R. de (2007). Noot bij: ARvS (13-06-2007), 439, Jurisprudentie
Vreemdelingenrecht, p. 1712-1717.
Groot, G.R. de (2007). Noot bij: HR (30-06-2006), NJ 2007-551, p. 5665-5667.
Oderkerk, A.E. (2005). Noot bij: Rb. Haarlem en Rb. Groningen (26-10-2004),
58 en 59, (Gerechtelijke vaststelling van het vaderschap). JPF 2005-4, p. 284287.
Oderkerk, A.E. (2005). Noot bij: Gerechtshof Amsterdam en Gerechtshof
Arnhem (14-06-2005), 71, (Gerechtelijke vaststelling van het vaderschap.
Nationaliteit). JPF 2005-5, p. 334-337.
Oderkerk, A.E. (2005). Noot bij: Rb. Roermond (25-05-2005), 71, (Reikwijdte
art. 21 Haags Kinderontvoeringsverdrag. aard en doel Haags Kinderontvoeringsverdrag (art. 1 HKOV). Taak Centrale Autoriteit). JPF 2005-6, p. 455457.
Oderkerk, A.E. (2005). Noot bij: HR (27-05-2005), 111, (Buitenlandse erkenning door gehuwde Nederlandse man in strijd met openbare orde). JPF 2005-7,
p. 526-527.
Oderkerk, A.E. (2006). Noot bij: Gerechtshof Leeuwarden (16-12-2005), 18,
(Erkenning door gehuwde man; alleen toegestaan voorafgaande aan een voorgenomen erkenning). JPF 2006-1, p. 89.
Oderkerk, A.E. (2006). Noot bij: Gerechtshof Amsterdam (09-02-2006), 71,
(Internationaal privaatrecht. Gerechtelijke vaststelling vaderschap. Toepassing
art. 6 Wet conflictenrecht afstamming in strijd met art. 8 EVRM en de openbare
orde). JPF 2006-4, p. 361-363.
Oderkerk, A.E. (2006). Noot bij: Rb. Den Haag (05-10-2005) en Utrecht (0803-2006), 72/73, (Erkenning zwakke Ethiopische adoptie. Omzetting in een
adoptie naar Nederlands recht. Erkenning Marokkaanse kafala als adoptie niet
mogelijk). JPF 2006-4, p. 369-370.
Oderkerk, A.E. (2006). Noot bij: HR (28-04-2006), 102, (Erkenning buitenlandse erkenning door gehuwde Nederlandse man). JPF 2006-6, p. 488-490.
Oderkerk, A.E. (2006). Noot bij: HR (01-09-2006), 136, (Internationale echtscheiding: bevoegdheid rechter. Verordeningsautonome uitleg begrip ‘gewone
verblijfplaats’. Forum necessitatis). JPF 2006-8, p. 637-638.
109
Wetenschappelijk verslag 2005-2007
Oderkerk, A.E. (2007). Noot bij: HR (01-12-2006), 35, (Internationale kinderontvoering). JPF 2007-2, p. 223.
Oderkerk, A.E. (2007). Noot bij: HR (26-01-2007), 45, (Vaststelling Nederlanderschap). JPF 2007-3, p. 263-265.
Oderkerk, A.E. (2007). Noot bij: Rb. Rotterdam (21-12-2006), 47, (Interregionaal Privaatrecht). JPF 2007-3, p. 268-269.
Oderkerk, A.E. (2007). Noot bij: Gerechtshof 's-Hertogenbosch (15-11-2006),
52, (Internationale kinderontvoering). JPF 2007-3, p. 287.
Oderkerk, A.E. (2007). Noot bij: Gerechtshof 's-Gravenhage (24-01-2007), 63,
(Internationaal Privaatrecht. Toepasselijk recht op het verzoek tot partner- c.q.
kinderalimentatie. Toepasselijkheid van de Nederlandse indexeringsregeling).
JPF 2007-4, p. 356-358.
Oderkerk, A.E. (2007). Noot bij: HR (13-04-2007), 73, (Interregionaal Privaatrecht). JPF 2007-5, p. 410.
Oderkerk, A.E. (2007). Noot bij: Rb. Rotterdam (03-04-2004), 83, (Gerechtelijke vaststelling vaderschap). JPF 2007-5, p. 450-451.
Oderkerk, A.E. (2007). Noot bij: Rb. Rotterdam (13-07-2007), 103, (Interlandelijke adoptie). JPF 2007-6, p. 539.
Oderkerk, A.E. (2007). Noot bij: Rb. Almelo (21-02-2007), 122, (Klemcriterium). JPF 2007-7, p. 605.
Reinhartz, B. (2005). Noot bij: Gerechtshof Arnhem (20-07-2004), 25, (De
begrippen ‘zuivere inkomsten’ en ‘winst uit onderneming’ in huwelijkse voorwaarden). JPF 2005-2, p. 115-116.
Reinhartz, B. (2005). Noot bij: Rb. Den Haag (29-11-2004), 25, (Inschrijfbaarheid Eingetragene Lebenspartnerschaft in de burgerlijke stand in Nederland).
JPF 2005-2, p. 123.
Reinhartz, B. (2005). Noot bij: Rb. Arnhem (29-11-2004), 28, (Voorschot op
verdeling huwelijksgemeenschap om te kunnen schenken aan kinderen door
onderbewindgestelde echtgenoot). JPF 2005-2, p. 133-134.
Reinhartz, B. (2005). Noot bij: Voorzitter Rb. Haarlem (28-01-2005), 129,
(Dwaling bij echtscheidingsconvenant). JPF 2005-3, p. 173-175.
Reinhartz, B. (2005). Noot bij: Rb. Zwolle (03-01-2005), 42, (Bevoegdheid en
toepasselijk recht bij machtiging tot verwerping nalatenschap van kinderen in
Duitsland). JPF 2005-3, p. 194.
110
Europees personen-, familie- en erfrecht
Reinhartz, B. (2005). Noot bij: Gerechtshof Den Bosch (29-03-2005), (Vererving van pensioenachtige voorzieningen, kwalificatie FOR-dotatie). JPF 20054, p. 227-228.
Reinhartz, B. (2005). Noot bij: Gerechtshof Den Haag (13-04-2005), 318,
(Afwikkeling huwelijkse voorwaarden). JPF 2005-5, p. 317.
Reinhartz, B. (2005). Noot bij: Rb. Maastricht (06-04-2005), 129, (Peildatum
bij eerste huwelijksdomicilie in het IPR-huwelijksvermogensrecht). JPF 20058, p. 602-603.
Reinhartz, B. (2006). Noot bij: Rb. Amsterdam (07-12-2005), LJN AU8009,
24, (HR 8-7-2005, NJ 2006, 96; HR 13-1-2006, NJ 2006, 61; HR 20-1-2006,
NJ 2006, 79). JPF 2006-2, p. 133-135.
Reinhartz, B. (2006). Noot bij: Hof Arnhem (12-07-2005), 27, (IPR-toestemmingsvereiste bij borgtocht, rol van 11 EVO). JPF 2006-2(2), p. 156-157.
Reinhartz, B. (2006). Noot bij: Hof Leeuwarden/Rb. Leeuwarden (18-01-2006),
37/38, (Alimentatie: hoeveel moet de debiteur over kunnen houden om te
leven?). JPF 2006-2(2), p. 197-199.
Reinhartz, B. (2006). Noot bij: Hof Amsterdam (03-11-2005), 40, (Weigeringsgrond bij teruggeleiding ontvoerd kind (art. 13 Haags kinderontvoeringsverdrag
1980)). JPF 2006-2(2), p. 204-205.
Reinhartz, B. (2006). Noot bij: Rb. Maastricht (15-03-2006), 47, (Toestemming
echtgenoot die in Nederland woont). JPF 2006-2(3), p. 237-238.
Reinhartz, B. (2006). Noot bij: Rb. Den Haag (02-12-2006), 51, (Verknochte
schulden). JPF 2006-2(3), p. 275-276.
Reinhartz, B. (2006). Noot bij: Rb. Zutphen (22-03-2006), 85, (Verknochtheid
overbruggingsuitkering PGGM). JPF 2006-2(5), p. 414-415.
Reinhartz, B. (2006). Noot bij: Rb. Alkmaar (31-05-2006), 101, (Beëindiging
IPR-partneralimentatie). JPF 2006-2 (6), p. 477-479.
Reinhartz, B. (2006). Noot bij: Hof Amsterdam (13-07-2006), 119, (Kinderalimentatie: behoefte en draagkracht). JPF 2006-2 (7), p. 557-558.
Reinhartz, B. (2006). Noot bij: Hof Den Bosch (09-05-2006), 135, (IPR huwelijksvermogensrecht: valt Pools geërfd huis in Nederlandse huwelijksgemeenschap?). JPF 2006-2 (7), p. 632-633.
Reinhartz, B. (2006). Noot bij: HR, NJ 2006, 584 (21-04-2006), 141, (Toestemmingsvereiste zaaddonor met family life bij adoptie). JPF 2006-2 (7), p. 672673.
111
Wetenschappelijk verslag 2005-2007
Reinhartz, B.E. (2007). Noot bij: HR (20-10-2006), (Over dwaling toepasselijkheid huwelijksvermogensrecht; billijkheidscorrectie). JPF 2007-4, p. 48-50.
Rutten, S.W.E. (2007). Noot bij: HR (15-09-2006), JBPr 2007-27, p. 192-203.
Senaeve, P. (2005). Noot bij: Arbitragehof (20-10-2004), (Wet op het homohuwelijk niet strijdig bevonden met de grondwet). E.J., p. 25-30.
Senaeve, P. (2006). Noot bij: Cass. (20-02-2006), (Over dringende voorlopige
maatregelen en voorlopige maatregelen). E.J., p. 38-41.
Senaeve, P. (2006). Noot bij: Arbitragehof (14-09-2006), (De schorsing van de
verjaring (enkel) tussen gehuwde personen getoetst aan het gelijkheidsbeginsel). E.J., p. 98-100.
Senaeve, P. (2006). Noot bij: Cass. (29-05-2006), (Art. 223 B.W.: vervolg en
(nog) geen einde). E.J., p. 115-116.
Senaeve, P. (2007). Noot bij: Hof van Cassatie (15-09-2006), (De volstrekte
bevoegdheid aangaande vorderingen tot het bekomen van een provisionele
onderhoudsuitkering na echtscheiding). Tijdschrift voor Familierecht, p. 56-59.
OVERIGE PUBLICATIES
Coenraad, L.M. (2005). [Bespreking van het boek Il crimen calumniae.
Contributo allo studio del processo criminale romano]. Zeitschrift der SavignyStiftung für Rechtsgeschichte, 402-404.
Groot, G.R. de (2006). Legal Translation. In J.M. Smits (Ed.), Elgar Encyclopedia of Comparative law (p. 423-433). Cheltenham: Edward Elgar.
Groot, G.R. de (2006). Legal education and the legal profession. In J. Chorus,
P.-H. Gerver & E.H. Hondius (Eds.), Introduction to Dutch law for foreign
lawyers (p. 63-68). Deventer: Kluwer.
Groot, G.R. de & Laer, C.J.P. van (2006). Bilingual and multilingual legal
dictionaries within the European Union. [Online] Available from: <http://arno.
unimaas.nl/show.cgi?did=6364> [01-01-2006].
Groot, G.R. de (2006). The dubious quality of legal dictionaries. International
Journal of Legal Information, 34, 65-86.
Groot, G.R. de (2007). Ars Aequi Prijs 2006. Ars Aequi: juridisch studentenblad, 737-738.
Schrama, W.M. (2006). Waarom moet een verdachte naar het stadhuis gaan?
Een pleidooi voor aanpassing van het straf(proces)recht aan het ongehuwd
samenleven. Nederlands Juristenblad, 5, 257-260.
112
GOEDERENRECHT
A.
VOLLEDIGE TITEL
Goederenrecht
B.
DEELPROGRAMMA'S
Niet van toepassing
C.
ONDERZOEKSLEDEN PROGRAMMA
Begin
coördinerend onderzoeksleider
Dhr. Prof.Mr. J.H.M. van Erp (UM)
01-01-99
onderzoeksleiders
Dhr. Prof.Dr. E. Dirix (KUL)
Dhr. Mr. J.M. Milo (UU)
Dhr. Prof.Dr. V. Sagaert (KUL/UA)
01-01-95
01-01-99
01-04-05
senior onderzoekers
Dhr. Prof.Mr. S.E. Bartels (UU)
Dhr. Prof.Dr. E. Dirix (KUL)
Dhr. Mr. J.E. Fesevur (UU)
Dhr. Prof.Mr. H.W. Heyman (UU)
Mw. Prof.Mr. J. de Jong (TU Delft)
Dhr. Prof.Mr. A.F. Salomons (UvA)
Dhr. Prof.Dr. M.E. Storme (KUL)
01-02-00
01-04-05
01-10-00
01-10-00
01-10-05
01-10-99
01-06-00
onderzoekers
Mw. Mr. Y.E.M. Beukers (UU)
Mw. Mr. T. Bos (UvA)
Dhr. Mr. M. Haentjens (UvA)
Mw. Mr. N. van Oostrom-Streep (UU)
Dhr. Mr. Dr. H.D. Ploeger (TU Delft)
Dhr. Prof.Dr. V. Sagaert (KUL/UA)
Dhr. Mr. L. van Vliet (UM)
Dhr. Mr.Dr.ir. J.A. Zevenbergen (TU Delft)
01-01-00
01-10-05
28-09-07
22-12-06
01-10-02
01-06-00
01-01-95
01-10-05
Einde
31-03-05
31-01-06
31-05-07
30-09-05
31-03-05
113
Wetenschappelijk verslag 2005-2007
Begin
promovendi
Dhr. Mr. B. Akkermans (UM)
Dhr. R. Fransis (KUL)
Mw. Mr. S. de Groot (UvA)
Dhr. Mr. M. Haentjens (UvA)
Dhr. Mr. B.P. Honnebier (UU)
Mw. G.E. Mercangöz-Ploeger (UU)
Mw. Mr. N. van Oostrom-Streep (UU)
Dhr. Mr. P.C. Slangen (OU)
Mw. M. De Theije (KUL)
Dhr. Mr. R. de Weijs (UvA)
Mw. Mr. E. Wolfert (VU)
01-05-04
01-02-07
01-10-02
1-5-2004
01-10-00
01-10-04
01-10-02
01-03-03
01-04-05
01-10-05
01-06-02
Emeritus lid
Dhr. Prof.Mr. H.W. Heyman (UU)
01-06-07
D.
Einde
27-09-07
21-12-06
31-01-07
06-12-07
TREFWOORDEN
Goederenrecht, zakenrecht, property law, zekerheidsrechten, real (security)
rights, trusts
E.
SAMENVATTING PROGRAMMAOPZET
I.
Leiderschap en managementstijl
In het goederenrecht bestaat er weliswaar een zich ontwikkelend Ius Commune
(gedeelde historische wortels, alsmede gemeenschappelijke rechtspolitieke uitgangspunten, fundamentele beginselen, begrippen en regels), dat mede tot uitdrukking komt in Europees goederenrecht, maar om het Ius Commune verder te
exploreren en te ontwikkelen dient op rechtsvergelijkend vlak nog altijd fundamenteel onderzoek te worden verricht. Gezien de complexiteit van dit rechtsgebied, waar civil law en common law (Engeland/Wales en Ierland) een grote
divergentie vertonen, terwijl ook binnen de Europees-continentale rechtsstelsels
(civil law) duidelijk herkenbare verschillen in tradities bestaan (Frankrijk,
Duitsland, de Scandinavische landen, de nieuwe EU lidstaten en de zogenaamde gemengde rechtsstelsels van Schotland, Malta en Cyprus), is goede samenwerking van een zeer groot belang. De programmaleiding probeert dan ook
door samenwerking een productief onderzoeksklimaat te creëren, waarin onderzoekers, de gelegenheid hebben hun ideeën en onderzoeksresultaten met
elkaar te bespreken en aan derden kenbaar te maken.
De programmaleiding neemt doorgaans het initiatief voor het organiseren van
bijeenkomsten, zowel in het kader van de door de onderzoekschool georgani114
Goederenrecht
seerde activiteiten als daarbuiten. Op het jaarlijkse Ius Commune congres wordt
altijd een bijeenkomst van twee dagdelen besteed aan het goederenrechtelijk
onderzoek. Tijdens deze bijeenkomsten wordt, aan de hand van het thema van
de conferentie, goederenrechtelijk onderzoek gepresenteerd. Daarnaast bestaat
er, en dit is de uitdrukkelijke opzet van de programmaleiding, voldoende ruimte
voor het bespreken van lopend onderzoek. In dit laatste onderdeel wordt met
name voorrang gegeven aan promovendi, om ook deze groep onderzoekers bij
het onderzoek goederenrecht in de onderzoekschool te betrekken.
Naast de door de onderzoeksschool georganiseerde activiteiten besteedt de programmaleiding ook aandacht aan het organiseren van eigen activiteiten, zoals
het organiseren van congressen en bijeenkomsten voor discussies over een bepaald goederenrechtelijk thema. Ook op facultair niveau organiseren de programmaleiders bijeenkomsten. Over het algemeen vindt participatie aan alle
van deze bijeenkomsten plaats door de leden van de onderzoeksgroep, maar
zeker ook van daarbuiten.
Vanuit Maastricht wordt het programma gecoördineerd (Van Erp) in voortdurend overleg met de programmaleiders uit Amsterdam (Salomons), Leuven
(Dirix/Sagaert) en Utrecht (Milo). De lijnen naar de overige onderzoekers zijn
kort en informeel. Regelmatig worden bovengenoemde bijeenkomsten dan ook
samen met deze overige onderzoekers georganiseerd. Daarnaast vindt ook overleg plaats met participerende seniorleden uit Edinburgh (Reid/Gretton), Delft
(De Jong) en Stellenbosch (De Waal/Van der Walt/Van der Merwe). Inmiddels
wordt ook samengewerkt met Schulze (directeur Centrum für Europäisches
Privatrecht, Münster) en Lecocq (Luik). De samenwerking met Schulze betreft
in het bijzonder deelname aan bijeenkomsten, waarin onder meer de vraag centraal staat of het Common Frame of Reference (een eerste aanzet om te komen
tot een model voor een Europees BW) ook regels dient te bevatten met betrekking tot het goederenrecht en of daartoe voldoende aanknopingspunten zijn te
vinden in het acquis communautaire. Verder wordt beoogd om aldus de inbreng
vanuit het Duitse recht te versterken. De samenwerking met Lecocq is erop
gericht de inbreng vanuit het Belgische (en Franse) recht te versterken.
De sfeer op al deze bijeenkomsten wordt gekenmerkt door wederzijds enthousiasmeren, elkaar stimuleren en, daarmee direct samenhangend, grote betrokkenheid van de onderzoekers bij elkaars onderzoek en de bereidheid (ook in
teamverband) met elkaar samen te werken.
II.
Programmaopzet
Naar aanleiding van de mid-term peer review over 2003-2004 en de commentaar van de commissie in deze, heeft de onderzoeksleiding getracht het onderzoek binnen de onderzoeksgroep opnieuw te structureren. Hierbij is niet alleen
plaats gegeven aan klassiek rechtsvergelijkend onderzoek maar is ook getracht
dit rechtsvergelijkend onderzoek beter in het perspectief van de doelstellingen
115
Wetenschappelijk verslag 2005-2007
van het programma goederenrecht en de doelstellingen van de onderzoekschool
te plaatsen. Met betrekking tot de omvang van de onderzoeksgroep is aansluiting gezocht bij de Technische Universiteit Delft, waarvan drie leden tot de
onderzoeksgroep zijn toegetreden (De Jong, Zevenbergen en Ploeger). Met
deze toetreding is getracht een belangrijk kritiekpunt van de peer review commissie over massa van de onderzoeksgroep en de continuïteit van het onderzoek
tegemoet te komen. Verder is op deze wijze een lacune in het programma opgevuld, omdat deze onderzoekers zich in het bijzonder richten op recht betreffende onroerende zaken en systemen van landregistratie.
Het onderzoek van de onderzoeksgroep goederenrecht beoogt inzicht te verkrijgen in de mogelijkheid en de wenselijkheid van harmonisatie en/of unificatie van het goederenrecht in Europa. Om dit te bereiken is naast uitgebreide
rechtsvergelijkende, ook internationaal privaatrechtelijke, Europeesrechtelijke
en internationaalrechtelijke kennis vereist.
Het goederenrecht bestaat veelal uit regels van dwingend recht waarvan de kern
met name om historische redenen de inhoud heeft, zoals wij deze nu kennen.
Het onderzoek in het goederenrecht is traditioneel met name nationaal georiënteerd en dit geldt zowel voor de Europees-continentale systemen als de common
law. Dit hangt samen met het dwingende karakter van de goederenrechtelijke
regels, het systeemdenken dat aan die regels ten grondslag ligt en de grote behoefte die er in het goederenrecht bestaat aan rechtszekerheid en voorspelbaarheid. Dit uitgangspunt komt onder andere tot uitdrukking in het internationale
goederenrecht – het internationale privaatrecht met betrekking tot het goederenrecht – via de welhaast universele toepassing van de zogenaamde situs-regel,
ofwel het beginsel van de lex rei sitae: van toepassing is het recht van de Staat
waar de zaak zich bevindt.
De doelstelling van het Ius Commune onderzoek goederenrecht is om via
rechtsvergelijking de traditionele benadering van het goederenrecht te doorbreken en te zoeken naar transsystematische gemeenschappelijke uitgangspunten
en benaderingen van het goederenrecht. Er wordt gezocht naar de dynamiek in
het goederenrecht op snijvlakken (nationaal en vergelijkend) goederen-/verbintenissenrecht, Europees en internationaal recht, alsmede internationaal privaatrecht. In deze aanpak is tevens ruimte voor het aangeven en bespreken van de
verschillen in uitgangspunten en benaderingen. Met andere woorden: er wordt
zowel onderzoek gedaan naar convergentie als divergentie. Via verschillende
initiatieven wordt tevens gezocht naar nieuwe methoden om de onderzoeksresultaten te presenteren. Niet alleen via conferenties, bundels, boeken en artikelen, maar ook via het Ius Commune casebook Property Law wordt gezocht naar
deze nieuwe methoden.
Het onderzoek van de onderzoeksgroep goederenrecht verloopt langs drie onderzoekslijnen:
116
Goederenrecht
1. Alle stelsels van goederenrecht in Europa maken gebruik van gemeenschappelijke uitgangspunten en beginselen. De bestudering van deze beginselen, in het Engels principles, lijdt tot een beter begrip van de structuur en
dogmatische keuzes van een goederenrechtelijk stelsel. Op deze manier
worden de traditionele verschillen tussen civil law en common law systemen
op een andere, vernieuwende, manier in kaart gebracht. Dit deel richt zich
met name op gemeenschappelijke benaderingen.
Qua onderzoek in de onderzoeksgroep is in dit kader te denken aan de Zesde Van Gerven Lezing, gehouden in December 2006 door Van Erp en het
onderzoek van Akkermans naar het numerus clausus beginsel in het Europese goederenrecht.
2. De stelsels van goederenrecht in Europa zijn op verschillende manieren in
te delen. Niet alleen volgens het traditionele onderscheid tussen civil law en
common law, maar er bestaan ook duidelijke verschillen tussen de civil law
stelsels onderling. Men denke aan het Duitse abstracte traditie stelsel van
overdracht ten opzichte van het Franse consensuele stelsel. Dit deel van het
onderzoeksprogramma goederenrecht concentreert zich met name op deze
technische verschillen en vormt zo een belangrijke bijdrage aan het in kaart
brengen van de problemen rond de totstandkoming van een Europees goederenrecht.
In het kader van dit onderzoek worden ook, vanuit het gezichtspunt van het
Nederlandse en Belgische goederenrecht, vergelijkingen met andere Europese stelsels, het Noord-Amerikaanse recht (in het bijzonder de V.S., maar
ook Canada) en het Zuid-Afrikaanse recht gemaakt.
3. Naast de nationale ontwikkelingen wordt ook aandacht besteed aan de internationale ontwikkelingen op het gebied van het goederenrecht. Voorbeelden van ontwikkelingen binnen de Europese Unie zijn: de Richtlijn Betalingsachterstanden; de Richtlijn Financiële Zekerheidsovereenkomsten; de
Europese Insolventieverordening en het werk van de Europese Commissie
aan de eenmaking van de hypothekenmarkt in Europa. Daarnaast wordt ook
aandacht besteed aan internationaalrechtelijke ontwikkelingen, bijvoorbeeld
het Verdrag van Kaapstand inzake mobiel materieel (vliegtuigen, spoorwegrijtuigen) en de Haagse Trust Conventie. Ten slotte wordt ook de rechtspraak van het Europese Hof van Justitie en van het Europese Hof voor de
Rechten van de Mens inzake goederenrecht nauwlettend gevolgd. Dit deel
van het Ius Commune goederenrechtelijk onderzoek besteedt aandacht aan
deze internationale, maar ook aan de verhouding tussen genoemde ontwikkelingen en het nationale recht. Op onderzoeksgebied valt hierbij te denken
aan de conferentie ‘CFR and Property Law’, die in juni 2007 in Maastricht
werd georganiseerd, over de plaats van het goederenrecht binnen het Common Frame of Reference.
Naast deze onderzoekslijnen loopt sinds 2004 het werk aan het academische Ius
Commune Casebook for the Common Law of Europe, Property Law. In dit
117
Wetenschappelijk verslag 2005-2007
casebook, dat voor het eerst materiaal en bronnen uit verschillende stelsels van
goederenrecht door langdurig en intensief gezamenlijk onderzoek bij elkaar
brengt, wordt via een presentatie van het goederenrecht, gebaseerd op de drie
hierboven genoemde onderzoekslijnen, de lezer ingeleid in het vergelijkende en
Europese goederenrecht. Vanuit de onderzoeksgroep nemen Van Erp (tevens
director), Milo, Sagaert, Van Vliet en Akkermans deel aan dit project.
III. Actualisering
Binnen het programma goederenrecht zijn, met name onder invloed van Europese ontwikkelingen, in de laatste twee jaar op elk van de drie onderzoekslijnen
nieuwe accenten aangebracht.
1. Naar aanleiding van het werk van met name Van Erp in NTBR (De osmose
van Nederlands en Europees Goederenrecht), het Oxford Handbook of
Comparative Law, de zesde Walter van Gerven lezing en in een (zeer binnenkort te verschijnen) bijdrage aan het Festschrift voor Konstantin Kerameus over de toenemende invloed van het Europese recht op fundamentele
beginselen van het goederenrecht (te weten: numerus clausus, publiciteit en
specificiteit) is meer nadruk komen te liggen op het verder verdiepen van de
kennis over deze drie fundamentele beginselen van goederenrecht. Het onderzoek in deze onderzoekslijn heeft daarmee een nieuwe focus gekregen.
Het proefschrift van Akkermans over het numerus clausus beginsel in het
Europese goederenrecht is in 2007 tot een afronding gekomen en zal in
2008 verdedigd en gepubliceerd worden.
2. Als gevolg van het werk aan het Common Frame of Reference (CFR) door
de Study Group on a European Civil Code en de Research Group on EC
Private Law (Acquis Group), waarin ook aandacht wordt besteed aan delen
van het goederenrecht en het onderzoek naar het common core van het Europese privaatrecht (waaronder het goederenrecht) door de Trento groep, is
de noodzaak voor thematische rechtsvergelijking in deze onderzoekslijn tevens sterker geworden. Daarnaast zijn er ook andere Europese ontwikkelingen die rechtsvergelijking in deze onderzoekslijn gestuurd hebben. Voorbeelden hiervan zijn de nationale rapporten van Salomons en Sagaert voor
respectievelijk het Nederlandse en het Belgische recht inzake de regels betreffende overdracht van roerende zaken in het kader van het CFR project
van de Study Group on a European Civil Code, het werk van Van Vliet, Sagaert en Van Erp aan de implementatie van de financiële zekerheidsovereenkomst en het werk van Ploeger aan het door de Europese Commissie omarmde European Land Information System (Europese koppeling van
nationale registratiesystemen) en Euro-Title (een overkoepelend systeem
van landregistratie) en het werk van Van Erp, Sagaert, Van Vliet en Akkermans aan de conferentie ‘CFR and Property Law’ gehouden in juni 2007 in
Maastricht.
118
Goederenrecht
3. In de derde onderzoekslijn wordt het onderzoek bijna geheel gestuurd door
huidige ontwikkelingen. Niet alleen het sluiten van het Verdrag van Kaapstad, maar ook de toename aan Europese wetgeving met een effect op het
goederenrecht hebben veel aandacht gekregen. Daarnaast worden in het kader van Artikel 1 Eerste Protocol EVRM door het Europese Hof voor de
Rechten van de Mens niet alleen uiterst belangrijke uitspraken gedaan over
de bescherming van het recht van eigendom in brede zin, maar zijn inmiddels ook twee fundamentele uitspraken gedaan over de verjaringsregels in
het Engelse recht in de zaak Pye. Met name Milo heeft zich van het begin af
aan als een expert op dit terrein ontwikkeld. Ook Sagaert en Ploeger (Delft)
publiceerden over deze problematiek. Onderzoek en publicaties in deze
richting betreffen de analyse van de uitspraak van het Europese Hof, maar
ook de implicaties hiervan op de nationale stelsels van goederenrecht. Ook
de rechtspraak van het Europese Hof van Justitie wordt voor het goederenrecht steeds belangrijker. Hieraan wordt dan ook eveneens steeds meer aandacht besteed.
IV. Methodiek
De onderzoeksgroep goederenrecht probeert het onderzoek op een vernieuwende manier te benaderen. Hierbij is het belangrijk te vermelden dat zowel klassieke (‘horizontale’) rechtsvergelijking van bestaande nationale rechtssystemen als ‘verticale’ rechtsvergelijking, zowel in historisch als in internationaal en (supranationaal) Europeesrechtelijk perspectief, worden geacht bij te
dragen aan de doelstellingen van het programma goederenrecht binnen de onderzoekschool.
Afhankelijk van het onderwerp worden ook andere vakgebieden bij het onderzoek betrokken. Voorbeelden zijn rechtseconomische uitgangspunten over het
gesloten stelsel van goederenrecht (Van Erp/Sagaert/Akkermans), maar ook
onderwerpen uit het Europese recht of uit het recht van de Europese Unie.
Goederenrecht is in hoge mate bepaald door historische ontwikkelingen. Met
name in het onderzoek in de eerste en tweede onderzoekslijn (zie II.1 en II.2)
wordt daarom aandacht besteed aan de historische ontwikkeling van het goederenrecht als verklaringsmodel voor de totstandkoming van de goederenrechtelijke stelsels. Het is ook in deze gebieden waarin interdisciplinair onderzoek,
met name rechtseconomisch, zijn plaats vindt.
In het kader van de derde onderzoekslijn (II.3) wordt aandacht besteed aan algemene beginselen van mensenrechten (Art. 1 1e protocol EVRM) en de doorwerking in het goederenrecht van het recht van de Europese Unie. Daarbij gaat
het niet alleen om richtlijnen en verordeningen, maar ook om de beginselen van
de interne markt (de ‘vier vrijheden’) en de rechtspraak van het Europese Hof
van Justitie. Dit zal ertoe leiden dat vaker zal worden samengewerkt met des119
Wetenschappelijk verslag 2005-2007
kundigen op het gebied van het Europese recht en dat de onderzoeksgroep meer
interdisciplinair bezig zal moeten zijn.
V.
Beoogde resultaten
Het onderzoek beoogt inzicht te verkrijgen in mogelijkheid en wenselijkheid
van Europese harmonisatie van (delen van) het goederenrecht. Binnen deze
meest overkoepelende doelstelling tracht het onderzoek inzicht te verkrijgen in
de mate waarin nationaal goederenrecht in staat is in te spelen op veranderingen, te weten, of het nationale goederenrecht in staat is zowel de internationale rechtspraktijk als supranationale regelingen te accommoderen.
Het is hiervoor belangrijk dat de leden van de onderzoeksgroep niet alleen op
nationaal niveau, maar met name ook op een internationaal niveau een voortrekkersrol vervullen. Vele publicaties van de onderzoeksgroep zijn daarom in
het Engels. Daarnaast wordt, door het geven van lezingen en het participeren in
verschillende internationale werkgroepen getracht de verspreiding van de kennis over het rechtsvergelijkende en Europese goederenrecht te bevorderen. Zo
is Van Erp, in zijn hoedanigheid van raadsheer-plaatsvervanger bij het Gerechtshof 's-Hertogenbosch, als stakeholder lid van het Common Frame of Reference (CFR) netwerk van praktijkjuristen en specialisten, die op verzoek van
de Europese Commissie het door de Study Group on a European Civil Code en
de Research Group on EC Private Law (Acquis Group) samengestelde CFR
beoordelen op praktische hanteerbaarheid. Verder is Van Erp extern deskundige voor Europees privaatrecht geweest bij de voorbereiding van het Internationaal Beleidskader van het Nederlandse Ministerie van Justitie. Ook is hij als
adviseur nauw betrokken bij de hercodificatie van het burgerlijk recht in Polen,
in het bijzonder die delen van het BW die betrekking hebben op het goederenrecht. Dit advieswerk is het uitvloeisel van een samenwerkingsproject tussen
het Nederlandse en het Poolse Ministerie van Justitie en de Poolse Wetgevingscommissie. Programmaleiders Salomons en Sagaert zijn van hun kant als rapporteurs betrokken bij het CFR-project over Transfer of Movables.
VI. Effecten van samenwerking
De effecten van samenwerking zijn groot. Zij zijn concreet te vinden in de gezamenlijke onderzoeksprojecten, in gezamenlijke publicaties, maar ook in wederzijdse participatie in onderwijs. De effecten zijn merkbaar in opleiding en
onderzoek van promovendi, waarbij met meer efficiëntie en diepgang goederenrechtelijke rechtsvergelijking kan worden bedreven; dat geldt ook voor het
onderzoek van gepromoveerde onderzoekers.
Promovendi wordt gestimuleerd om hun werk ook voor te leggen aan andere
leden van de onderzoeksschool/onderzoeksgroep dan de promotor. Zo hebben
Sagaert en Van Erp samengewerkt met haar promotor Storme bij de begeleiding van het proefschriftonderzoek van Lebon, ook al was zij formeel gezien
120
Goederenrecht
geen lid van de onderzoeksgroep. Haar onderzoek en haar bijdrage aan het Casebook Property Law vond om die reden in feite onder de vlag van de onderzoeksgroep plaats, hetgeen ertoe leidde dat ook dit proefschrift beschouwd kan
worden als resultaat van de samenwerking binnen de onderzoeksgroep.
Er wordt met enige regelmaat gezamenlijk gepubliceerd en er wordt met name
samengewerkt in internationale werkgroepen op het terrein van het goederenrecht, waar vaak verschillende leden van de onderzoeksgroep, gezien hun expertise, deel van uitmaken. Als voorbeeld hiervoor kan de werkgroep worden
genoemd die het Ius Commune Casebook Property Law samenstelt (Van Erp/
Milo/Sagaert/Van Vliet/Lebon/Akkermans). De andere leden van deze werkgroep zijn Hinteregger (Graz), Swadling (Brasenose College, Oxford) en Braun
(St. John's College, Oxford).
Met betrekking tot de opleiding van de onderzoekers kan nog worden opgemerkt dat de aan de onderzoeksschool verbonden promovendi deelnemen aan
een gezamenlijke opleiding, gericht op hun academische scholing als onderzoeker. Vanuit het programma goederenrecht werd in de verslagjaren aan die
opleiding deelgenomen door Akkermans (Maastricht), Anderson, Maslin en
Mcleod (Edinburgh). Akkermans (promovendus goederenrecht) was voorzitter
van de promovendiraad en als zodanig adviseur van het bestuur van de onderzoekschool. Hij richtte zich onder meer sterk op handhaving van de kwaliteit
van de onderzoekersopleiding.
VII. Relatie tot de onderzoekschool
Het programma goederenrecht betreft een rechtsgebied waar de integratie van
het recht nog niet ver gevorderd is, alhoewel deze vanuit de Europese praktijk,
in het bijzonder waar het zekerheidsrechten betreft, wel als gewenst wordt ervaren. Slechts op enkele aspecten heeft de Europese of internationale wetgever
harmoniserende wetgeving tot stand gebracht. Hoewel in toenemende mate het
goederenrecht bij de integratie van het recht in, met name, de Europese Unie
wordt betrokken (bijvoorbeeld in het CFR project), is voorbereidend en harmonisatie/unificatie faciliterend rechtsvergelijkend onderzoek nog steeds noodzakelijk.
Door middel van de uitgezette onderzoekslijnen beoogt het programma goederenrecht op een constructieve wijze langdurig bij te kunnen dragen aan integratie van het recht binnen Europa om aldus een belangrijke doelstelling van de
onderzoeksschool te kunnen realiseren. Het goederenrecht is van aanvang af
een onderzoeksobject geweest van de onderzoeksschool. Het programma zal
dan ook in de toekomst worden voortgezet. Met name gezien de te verwachten
toename in de betrokkenheid van het goederenrecht aan het Europese integratieproces zullen de uitgezette onderzoekslijnen moeten kunnen blijven bijdragen aan de doelstellingen van de onderzoeksschool. Verder is de onderzoeksgroep versterkt en wordt de samenwerking met niet-leden verder uitgebouwd,
121
Wetenschappelijk verslag 2005-2007
mede naar aanleiding van de door de mid-term peer review commissie uitgesproken zorg over de continuïteit van de onderzoeksgroep.
VIII.
Academische reputatie
De academische reputatie van de onderzoeksgroep komt op verschillende wijzen tot uitdrukking. Leden van de onderzoeksgroep vervullen maatschappelijk
en juridisch belangrijke functies, zoals: Raadsheer in het Belgische Hof van
Cassatie en voorzitter van de Belgische Vereniging voor Rechtsvergelijking
(Dirix); voorzitter Nederlandse Vereniging voor Rechtsvergelijking, medeorganisator van het XVIIe vierjaarlijkse International Congress of Comparative
Law onder auspiciën van de Académie Internationale de Droit Comparé (AIDC,
gevestigd te Parijs) in 2006 gehouden te Utrecht (Van Erp); TPR Leerstoel
Utrecht (Sagaert).
De onderzoeksleiders zijn vaak redacteur van vooraanstaande wetenschappelijke tijdschriften. (Van Erp, medeoprichter en hoofdredacteur van het Electronic Journal of Comparative Law: <www.ejcl.org>; Dirix, redacteur Rechtskundig Weekblad; Sagaert, redacteur Nederlands Tijdschrift voor Burgerlijk
Recht). Van Erp is verder gevraagd om managing editor te worden van een
nieuw op te rechten gedrukt en elektronisch Europees tijdschrift op het gebied
van het Europese goederenrecht, de European Review of Property Law. Verder
is Van Erp bezig met het oprichten van een internationale vereniging voor
Europees goederenrecht; de bedeling is dat het orgaan van deze vereniging het
al genoemde tijdschrift zal zijn. Daarnaast participeren de leden van de onderzoeksgroep volop in het goederenrechtelijke onderzoek zowel op nationaal als
internationaal niveau; bij dat laatste dient vermelding de participatie van leden
van de onderzoeksgroep in internationale onderzoeksprojecten (Ius Commune
Casebooks for the Common Law of Europe; Trento Common Core Project,
CFR Project: Study Group on a European Civil Code, Transfer of Movables).
In 2005 en 2006 was Van Erp Marie Curie Fellow aan het Zentrum für Europäische Rechtspolitik, in 2005 tevens Lehrbeauftragter für Sachenrecht, aan de
Universiteit Bremen, met als onderzoeksopdrachten rechtsvergelijkend onderzoek inzake het recht betreffende persoonlijke zekerheden (borgtocht) en doorwerking van grondrechten in het privaatrecht, waaronder goederenrecht. In
2006 was Sagaert hoogleraar aan de Universiteit Utrecht in het kader van de
Wisselleerstoelwisselleerstoel van het Tijdschrift voor Privaatrecht en was Van
Vliet gastdocent in Aberdeen.
De senioronderzoekers uit Edinburgh en Stellenbosch, met wie nauw wordt
samengewerkt, hebben een grote reputatie. Reid was resp. Gretton is (beiden
Edinburgh) Law Commissioner voor Schotland en in die hoedanigheid direct
verantwoordelijk voor de grote wetgevende projecten in Schotland op het gebied van het goederenrecht. Zo is Reid de ontwerper van de wet waarbij in
Schotland het feodale stelsel is afgeschaft en vervangen door een op de civil
122
Goederenrecht
law gebaseerd eigendomsbegrip. Van der Walt (Stellenbosch) richt zich op de
herziening van de positie van landgebruikers in Zuid-Afrika.
De academische reputatie van de onderzoeksgroep blijkt bovendien uit de participatie (voor en tijdens de verslagperiode) door gerenommeerde buitenlandse
juristen als spreker tijdens studiedagen en deelnemer aan onderzoeksprojecten
van de onderzoeksgroep. Te noemen vallen: Ancel (Saint-Etienne), Cabrillac
(Mont Pellier), Cantin Cumyn (McGill University, Montreal), Casman (Brussel), Crocq (Paris II), Lord Eassie (voorzitter Schotse Law Commission),
French (University of California, Los Angeles: UCLA, tevens Reporter Restatement of the Law 3rd., Property, Servitudes), Hinteregger (Graz), Lord
Mance (House of Lords), Nasarre Aznar (Tarragona), Navas Navarro (Universitat Autònoma de Barcelona). Parchomovsky (University of Pennsylvania),
Randou (Lille II), Ritaine-Cashin (directeur Institut Suisse de Droit Comparé,
Lausanne), Stöcker (Verband Deutsdcher Pfandbriefbanken, Berlijn), Swadling
(Brasenose College, Oxford), Manfred Wolf (Frankfurt a/M) en Yiannopoulos
(Tulane Law School, New Orleans).
IX. Onderzoeksfaciliteiten, middelentoewijzing
Conferenties en andere bijeenkomsten die binnen dit programma worden georganiseerd worden primair door de verschillende faculteiten ondersteund. Waar
nodig kan worden teruggevallen op financiële steun van de penvoerder van de
onderzoeksschool (Maastricht).
Daarnaast werd in het kader van de subsidiesubsidiemogelijkheden voor bijeenkomsten van experts subsidie verkregen van NWO en de KNAW voor de
conferentie Towards a Unified System of Land Burdens?, gehouden in mei
2005.
Onderzoekers binnen het programma maken vanzelfsprekend geregeld gebruik
van de bibliotheken (inclusief IT faciliteiten en toegang tot databanken) van aan
de onderzoeksschool deelnemende instellingen. Onderzoek wordt vaak gecombineerd met deelname aan bijv. een conferentie of een bijeenkomst van het
casebook team ‘Property Law’.
F.
OPBOUW ONDERZOEKSINPUT WETENSCHAPPELIJK PERSONEEL
in fte's
2005
2006
2007
Hoogleraar
Universitair hoofddocent
Universitair docent
Postdocs
Junior onderzoekers (AIO/OIO)
2,51
0,76
0,99
4,10
2,58
1,04
0,84
4,80
2,35
1,02
0,84
3,97
123
Wetenschappelijk verslag 2005-2007
G.
INHOUDELIJK OVERZICHT RESULTATEN
I.
Algemeen
In de verslagjaren is geprobeerd een vertaalslag te maken van het klassieke
rechtsvergelijkend onderzoek naar de toepassing van dit rechtsvergelijkend
onderzoek in een Europese en internationale context. Hiermee komen de doelstellingen van het programma goederenrecht beter tot hun recht en is te verklaren wat voor onderzoek er in de vorige verslagperiode gedaan is. Waar in de
vorige verslagperiode gezocht werd naar historische en rechtsvergelijkende
grondslagen van het goederenrecht worden deze inmiddels in het kader van de
Europese integratie geplaatst. Niet alleen in de publicaties, maar ook in de door
de onderzoeksgroep georganiseerde gezamenlijke activiteiten, wordt daarom
steeds vaker aandacht besteed aan de toekomstige ontwikkelingen en de vraag
gesteld hoe een toekomstig Europees goederenrechtelijke Ius Commune eruit
zou moeten resp. kunnen zien.
Met betrekking tot de drie onderzoekslijnen zijn in de eerste onderzoekslijn met
name in publicaties de fundamentele grondslagen van het goederenrecht verkend. Hier gaat het niet alleen om studies naar fundamentele grondslagen per
se, maar ook naar de effecten van Europese integratie op het nationale recht.
Vaak is het de inwerking van het Europese en het internationale recht, welke
door veel nationale goederenrechtjuristen nog steeds als invloed ‘van buiten’
wordt gezien, die aanleiding is om fundamentele vragen met betrekking tot de
uitgangspunten en het functioneren van het nationale recht te stellen. De beide
kernpublicaties (Van Erp/Sagaert) hebben op deze eerste onderzoekslijn betrekking.
Onderzoeksresultaten zijn verder vooral in de tweede en derde onderzoekslijn
gepresenteerd en er is tot meer vergaande samenwerking gekomen. Hierbij gaat
het onder meer om gebruiksrechten op grond, zekerheidsrechten op grond en
zekerheidsrechten op roerende zaken en vorderingen. Zie de hieronder genoemde publicaties van Salomons, Van Erp en Van Vliet. Het is met name op
het terrein van de zekerheidsrechten dat de Europese wetgever opeens in beweging lijkt te zijn gekomen.
II.
Gemeenschappelijke Activiteiten
¾ Op 20 Mei 2005 vond in Maastricht de conferentie Towards a Unified System of Land Burdens? Can civil law systems learn from the Anglo-American
experience? plaats. Sprekers waren French (UCLA), Parchomovsky (Pennsylvania), Reid (Edinburgh), Swadling (Oxford), Ploeger (Delft), Sagaert
(Leuven), Van Erp (Maastricht), Van Vliet (Maastricht) en Akkermans
(Maastricht). Doel van deze conferentie was te zoeken naar gemeenschappelijke benaderingen bij erfdienstbaarheden en andere goederenrechtelijke
gebruiksrechten op grond. Zie voor de publicatie onder.
124
Goederenrecht
¾ Op 29 september 2005 werd in Utrecht het symposium De Toekomst van het
Goederenrecht gehouden. Sprekers hier waren onder meer Heyman
(Utrecht), Van Maanen (Maastricht), Bartels (Nijmegen/Utrecht) en
Snijders (Amsterdam). Doel van deze bijeenkomst was om de Europese ontwikkelingen met betrekking tot het goederenrecht in kaart te brengen.
Thema's die werden aangesneden waren onder andere het Europese Gemeenschapsrecht en Artikel 1 Eerste Protocol EVRM.
¾ Op 6 oktober 2005 werd in Utrecht een symposium over het goederenrecht
georganiseerd ter gelegenheid van het afscheid van Hans Heyman. Sprekers
op dit symposium waren Kortmann (Nijmegen), Bartels (Utrecht) en
Sagaert (Leuven). De aandacht tijdens dit symposium ging uit naar het werk
van Heyman op het terrein van het goederenrecht, het recht betreffende zakelijke rechten op onroerende zaken, zowel in nationaal, als in rechtsvergelijkend perspectief.
¾ Op 2 december 2005 organiseerde Van Erp (Maastricht) tijdens het jaarlijkse Ius Commune congres in Edinburgh, Schotland, een workshop over de
Richtlijn Financiële Zekerheidsovereenkomsten onder de titel The Financial
Collateral Directive as an example of the impact of European law on national systems of property law. Sprekers waren onder anderen Gretton (Edinburgh), De Theije (Leuven), Van Vliet (Maastricht), Sagaert (Leuven) en
Hage (Maastricht). Het doel van deze bijeenkomst was om de zeer uiteenlopende implementatie van de richtlijn te bespreken.
¾ Op 1 december 2006 organiseerde De Jong (Delft) tijdens het jaarlijkse Ius
Commune congres te Utrecht een workshop over Euro-Title en Euromortgage. Sprekers tijdens deze bijeenkomst waren Van Velten (Amsterdam), Ploeger (Delft) en Zevenbergen (Delft). Doel van deze bijeenkomst
was om, nu het lijkt dat het Europese recht zich gaat uitbreiden naar de
markt in onroerende zaken en met name zekerheden op onroerende zaken,
aandacht te besteden aan deze Europese ontwikkelingen. De Euro-Title, een
academisch project om te komen tot een meer eenvoudige overdracht van
onroerende zaken in Europa, werd hier gepresenteerd.
¾ Op 8 juni 2007 organiseerden Van Erp, Van Vliet en Akkermans (Maastricht) een conferentie over het gemeenschappelijk referentiekader (CFR) en
goederenrecht onder de titel CFR and Property Law. Sprekers tijdens deze
conferentie waren Lord Mance (House of Lords), Swadling (Oxford), Ritaine-Cashin (Lausanne), Sagaert (Leuven), Van Erp (Maastricht), Stöcker
(Berlijn), Nasarre Aznar (Tarragona) en Ploeger (Delft). Doel van deze conferentie was om de meest recente ontwikkelingen op het terrein van het Europese goederenrecht te belichten. Publicatie van de bijdragen van de sprekers is voorzien in 2008.
125
Wetenschappelijk verslag 2005-2007
¾ Op 21 september 2007 organiseerde Sagaert (Leuven) een studiedag over de
hervormingen in het Franse privaatrecht, met name het zekerhedenrecht en
trustrecht in Frankrijk. Titel van deze bijeenkomst was La réforme du droit
privé en France, un modèle pour le droit privé Européen? Sprekers waren
Randou (Lille II), Casman (Brussel), Crocq (Paris II), Van Erp (Maastricht),
Ancel (Saint-Etienne), Dirix (Leuven), Cabrillac (Montpellier), Stijns (Leuven) en Sagaert (Leuven). Doel van deze conferentie, die geheel in het
Frans werd gehouden, was om meer en beter inzicht te krijgen in de hervormingen van het Franse privaatrecht en de betekenis en rol van deze hervormingen voor de ontwikkeling van het Europese privaatrecht.
¾ Op vrijdag 9 november 2007 organiseerde Milo (Utrecht) een symposium
over Uitleg in het goederenrecht. Sprekers waren onder anderen prof.dr.
S.E. Bartels (Universiteit Utrecht, voorzitter), Van der Beek (Universiteit
Utrecht, Utrecht School of Economics), Beekhoven van den Boezem (ING
Bank), Breedveld-de Voogd (Leiden), Jarigsma (Loyens & Loeff advocaten), Milo (Universiteit Utrecht), Sagaert (Leuven), Struycken (Utrecht, tevens advocaat bij NautaDutilh).
¾ Tijdens het jaarlijkse Ius Commune Congres op 30 november 2007 in Luik
organiseerden Sagaert (Leuven) en Lecocq (Luik) een workshop over Judicial Control and Party Autonomy in Property Law. Sprekers waren onder
anderen Navas Navarro (Barcelona), Fransis (Leuven), Akkermans (Maastricht), Muylle (Leuven), Reid (Edinburgh), Milo (Utrecht) en Nguyen Dinh
(Luik)
H.
VOORTZETTING
Het programma wordt voortgezet waarbij in toenemende mate fundamentele
beginselen van goederenrecht de aandacht zullen krijgen. Tevens worden de
ontwikkelingen op een Europees niveau dermate concreet dat ook hieraan meer
aandacht zal moeten worden besteed. In het bijzonder kan gedacht worden aan
het CFR (overdracht van vorderingen en roerende zaken, zekerheden met betrekking tot vorderingen en roerende zaken, en trusts) en de voorstellen met
betrekking tot het scheppen van een geïntegreerde markt voor hypotheken (met
voorstellen om te komen tot een ‘euromortgage’). Niet alleen het primaire en
secondaire gemeenschapsrecht zal meer aandacht dienen te krijgen, maar ook
de in belang toenemende rechtspraak van het Europese Hof van Justitie inzake
de interne markt en de toepassing van de vier Europese vrijheden (vrij verkeer
van goederen, diensten, personen en kapitaal) en het Europese mededingingsrecht, alsmede de rechtspraak van het Europese Hof voor de Rechten van de
Mens inzake artikel 1 Eerste Protocol EVRM. Met betrekking tot fundamentele
beginselen van het goederenrecht zal vooral ook de verhouding tot het verbintenissenrecht, niet in klassieke zin, maar in het Europese privaatrecht, aan de
orde komen. Verder wordt steeds duidelijker dat harmonisatie van goederenrecht ook indirect kan plaatsvinden, namelijk via het i.p.r. (gedwongen erken126
Goederenrecht
ning van in het nationale recht onbekende rechtsfiguren, zoals in continentaalEuropese rechtsstelsels de common law trust). Ook het snijvlak materieel recht,
i.p.r. en Europees/internationaal recht zal daarom voor wat betreft het goederenrecht nader moeten worden geanalyseerd en doordacht.
Het werk aan het Ius Commune Casebook Property Law, waar sinds 2003 aan
wordt gewerkt, komt in 2008 tot een einde. Publicatie is voorzien in het najaar
van 2008. Ter gelegenheid van de afronding en presentatie van dit casebook
wordt gewerkt aan de organisatie van meerdere conferenties in 2008 en 2009
over het thema Europees goederenrecht. Organisatie van deze conferenties is in
handen van Van Erp en Akkermans (beiden Maastricht). Verder bestaan concrete plannen om nieuwe conferenties en expert meetings te organiseren, met
als onderwerp onder meer het Europese trustrecht. Met betrekking tot het
trustrecht zal de organisatie in handen zijn van Akkermans (Maastricht), Braun
(St. John's College, Oxford) en De Waal (Stellenbosch). In 2008 zullen verder
Akkermans (Maastricht) en De Groot (Amsterdam) promoveren.
Ten slotte zal in 2008 een Europees/internationaal tijdschrift European Review
of Property Law worden opgericht, evenals een vereniging voor Europees goederenrecht. Initiatiefnemers zijn Salomons (Amsterdam) en Van Erp (Maastricht).
I.
KERNPUBLICATIES
Als kernpublicaties worden opgevoerd de Walter van Gerven lezing van S. van
Erp en de inaugurale rede van V. Sagaert. Wat betreft de Van Gerven lecture:
deze heeft betrekking op fundamentele vragen van Europees goederenrecht. In
zijn inaugurele rede bespreekt Sagaert de grondslagen van goederenrechtssystemen (‘Het goederenrecht als open systeem van verbintenissen? Poging tot
een nieuwe kwalificatie van de vermogensrechten’)
Sagaert, V. (2005). Het goederenrecht als open systeem van verbintenissen?
Poging tot een nieuwe kwalificatie van de vermogensrechten. Tijdschrift voor
Privaatrecht, 42(3), 983-1086.
Erp, J.H.M. van (2006). European and national property law: Osmosis or
growing antagonism? (Walter van Gerven Lectures, 6). Groningen: Europa
Law Publishing. (25 p.)
J.
UITSTEKENDE PUBLICATIES
Erp, J.H.M. van (2005). Surety agreements and the principle of accessority –
Personal security in the light of a European property law principle. European
Review of Private Law, 13, 309-331.
127
Wetenschappelijk verslag 2005-2007
Dirix, E. (2006). Effect of Security Rights vis à vis Third Persons. In U.
Drobnig, H.J. Snijders & E.-J. Zippro (Eds.), Divergences of Property Law, an
obstacle to the Internal Market? (p. 69-93). Munich: Sellier European Law
Publisher.
Milo, J.M. (2007). Constitutionele en rechtsvergelijkende proportionaliteit in
het goederenrecht. De invloed van artikel 1 Eerste Protocol EVRM. Nederlands
Tijdschrift voor Burgerlijk Recht, 2, 46-55.
Salomons, A.F. (2007). Deformalisation of Assignment Law and the position of
the debtor in European Property Law. European Review of Private Law, 5, 639657.
K.
DISSERTATIES
Oostrom-Streep, N. (21 december 2006). De kwalitatieve verplichting. UU
Universiteit Utrecht (291 p.) (Den Haag: Boom Juridische uitgevers). Prom./coprom.: Prof. H.W. Heyman.
Haentjens, M. (27 september 2007). Harmonisation of Securities Law, Custody
and Transfer of Securities in European Private Law. Universiteit van
Amsterdam (413 p.) (Alphen aan den Rhijn: Kluwer Law International).
Prom./coprom.: Prof. C.E. Du Perron & Prof.Mr. A.F. Salomons.
Wolfert, E.C.M. (6 december 2007). De kwaliteitsrekening. VU (ix + 225 p.)
(Deventer: Kluwer). Prom./coprom.: Prof. C.C. van Dam & W.H.M. Reehuis.
Lebon, C. (1 juni 2007). Het zakenrechtelijk statuut van schuldvorderingen,
Katholieke Universiteit Leuven (700 p.) (Antwerpen: Intersentia), Prom.: Prof.
M.E. Storme.
L.
OVERZICHT VAN ALLE OVERIGE PUBLICATIES
WETENSCHAPPELIJKE PUBLICATIES
Adriaansens, C.A. & Sagaert, V. (Eds.). (2007). Ondergrondse constructies
(Ius Commune Europaeum, 67). Antwerpen: Intersentia. (196 p.)
Akkermans, B. (2006). The New Dutch Civil Code: the Borderline between
Property and Contract. In S. van Erp & B. Akkermans (Eds.), Towards a
Unified System of Land Burdens? (Ius Commune Europaeum, 59) (p. 163-183).
Antwerp: Intersentia.
Bartels, S.E. (2006). Grenzen van de contractsvrijheid na de implementatie van
de Europese richtlijn ‘betalingsachterstand bij handelstransacties’. In M.H.
Wissink & T.H.M. van Wechem (Eds.), Betalingsachterstanden bij handelstransacties (CRBS-reeks, 12) (p. 68-80). Den Haag: Boom Juridische uitgevers.
128
Goederenrecht
Bartels, S.E. (2006). Ook bij faillissement van de cliënt is de notaris ten aanzien
van de notariële kwaliteitsrekening exclusief bevoegd. Weekblad voor
Privaatrecht, Notariaat en Registratie, 6687, 794-796.
Bartels, S.E. (2006). De Vormerkung drie jaar van kracht. Bouwrecht, 12,
1068-1077.
Bartels, S.E. & Heyman, H.W. (2006). Is een huis bestanddeel van de grond;
een rechtsgeleerde dialoog tussen H.W. Heyman en S.E. Bartels. Nederlands
Tijdschrift voor Burgerlijk Recht, 7, 271-275.
Bartels, S.E. & Heyman, H.W. (2006). Overbruggingshypotheek en Vormerkung. Weekblad voor Privaatrecht, Notariaat en Registratie, 6654, 121-123.
Bartels, S.E. & Timmerman, L. (2006). Eén hypotheekrecht op meerdere
goederen, kan dat? Nederlands Tijdschrift voor Burgerlijk Recht, 3, 94-100.
Bartels, S.E. (2007). Eigendomsvoorbehoud en zaakvorming. In N.E.D. Faber,
C.J.H. Jansen & N.S.G.J. Vermunt (Eds.), Fiduciaire verhoudingen, Libellus
Amicorum Prof.mr. S.C.J.J. Kortmann (Serie onderneming en recht, 41) (p. 320). Deventer: Kluwer.
Bos, T.M. (2005). Grensoverschrijdende insolventieprocedures en (de aansprakelijkheid van bestuurders van) pseudo-buitenlandse vennootschappen. Weekblad voor Privaatrecht, Notariaat en Registratie, 6638, 773-782.
Bos, T.M. (2006). The interaction of Form and Substance in the European
Regulation on Insolvency Proceedings. In A.F. Salomons & G.J.P. de Vries
(Eds.), Pro forma? Essays on the role of Formal Rules and Formal Requirements in Private Law (p. 47-67). The Hague: Boom Juridische uitgevers.
Bos, T.M. (2006). Diffusie van het Europees insolventierecht en de rol van
sociale partners. Nederlands Tijdschrift voor Sociaal Recht, 21(4), 122-128.
Cousy, H., Dirix, E. et al. (Eds.). (2006). Curatoren en vereffenaars: actuele
ontwikkelingen. Antwerpen: Intersentia. (xxxvii + 1029 p.)
Dirix, E. (2005). Herwerking: René Dekkers, Handboek Burgerlijk Recht, II.
Antwerpen: Intersentia. (589 p.)
Dirix, E. (2005). Het nut van de Nederlandse ervaringen voor België. In D.
Heirbaut & G. Martyn (Eds.), Napoleons nalatenschap: tweehonderd jaar
Burgerlijk Wetboek in België (p. 365-376). Mechelen: Kluwer.
Dirix, E. (2005). Posities van schuldeisers en hun zekerheidsrechten in de
kering. In Jura Falconis (Ed.), Lustrumboek 40 Jaar Jura Falconis (p. 35-50).
Brussel: Larcier.
129
Wetenschappelijk verslag 2005-2007
Dirix, E. (2005). Historische verkenningen in het faillissementsrecht.
Rechtskundig Weekblad, 212-216.
Dirix, E. & Peeters, I. (2005). De hypotheek ‘voor rekening’ – een juridische
bouwsteen voor de financiering van grote projecten. Rechtskundig Weekblad,
837-839.
Dirix, E. & Leleu, Y.-H. (Eds.). (2006). The Belgian reports at the Congress of
Utrecht of the International Academy of Comparative Law // Rapports belges
au Congrès de l'Académie Internationale de Droit comparé à Utrecht/De
Belgische rapporten voor het Congres van de Académie Internationale de Droit
comparé te Utrecht. Brussels: Bruylant. (838 p.)
Dirix, E. & Sagaert, V. (2006). De Europese Insolventieverordening. In E.
Dirix (Ed.), Faillissement en Gerechtelijk Akkoord. Antwerpen: Kluwer
Rechtswetenschappen.
Dirix, E. (2006). Historische verkenningen in het faillissementsrecht. Rechtskundig Weekblad, 212-216.
Dirix, E. & Sagaert, V. (2006). Cross-Border Insolvency in Belgian Private
International Law. International Insolvency Review, 57-69.
Dirix, E. (2007). Belgian report. In E.-M. Kieninger & H. Sigman (Eds.),
Cross-Border Security over Tangibles (p. 221-241). Munich: Sellier European
Law Publisher.
Dirix, E. (2007). Functionele analyse van zekerheidsrechten. In Liber amicorum H. Vandenberghe (p. 119-128). Brugge: die Keure.
Dirix, E. (2007). Verhaalsrechten van zekerheidschuldeisers en de Europese
rechtscultuur. In N.E.D. Faber, C.J.H. Jansen & N.S.G.J. Vermunt (Eds.), Fiduciaire verhoudingen, Libellus amicorum prof.mr. S.C.J.J. Kortmann (Onderneming en Recht, 41) (p. 21-31). Deventer: Kluwer.
Dirix, E. (2007). De kosteloze borg. Rechtskundig Weekblad, 218-223.
Erp, J.H.M. van (2005). Naar een ingrijpende herziening van het Franse goederenrecht vanuit een ‘vision d'ensemble’. Nederlands Tijdschrift voor Burgerlijk
Recht, 22, 350-353.
Erp, J.H.M. van (2005). Naschrift. Weekblad voor Privaatrecht, Notariaat en
Registratie, 6615, 252-255.
Erp, J.H.M. van & Akkermans, B. (Eds.). (2006). Towards a Unified System of
Land Burdens? (Ius Commune Europaeum, 59). Antwerp: Intersentia. (183 +
xii p.)
130
Goederenrecht
Erp, J.H.M. van (2006). Servitudes: The borderline between contact and
(virtual) property. In Towards a unified system of land burdens? (Ius Commune
Europaeum, 59) (p. 1-9). Antwerp: Intersentia.
Erp, J.H.M. van (2006). Personal and real security. In J.M. Smits (Ed.), Elgar
Encyclopedia of Comparative Law (p. 517-529). Cheltenham: Edward Elgar.
Erp, J.H.M. van (2006). Comparative property law. In M. Reimann & R.
Zimmermann (Eds.), The Oxford Handbook of Comparative Law (p. 10431070). Oxford: Oxford University Press.
Erp, J.H.M. van (2006). Nieuw Frans zekerhedenrecht. Weekblad voor Privaatrecht, Notariaat en Registratie, 6674, 537-538.
Erp, J.H.M. van (2006). Naschrift bij ‘Reactie op “Nieuw Frans zekerhedenrecht”’. Weekblad voor Privaatrecht, Notariaat en Registratie, 6691, 868.
Erp, J.H.M. van & Ioriatti, E. (2007). La tutela della proprietà nel codice civile
dei Paesi Bassi (Nieuw Burgerlijk Wetboek). Milaan: Led on Line [Online].
Available from: <http://www.ledonline.it/rivistadirittoromano/bacheca/ioriatti.
pdf> [01-10-2007]. (24 p.)
Erp, J.H.M. van (2007). New developments in succession law. In K. BoeleWoelki & J.H.M. van Erp (Eds.), General reports of the XVIIth congress of the
International Academy of Comparative Law/Rapports Généraux du XViie
congrès de l'Académie Internationale de Droit Comparé (p. 73-94). Bruxelles/
Utrecht: Bruylant/Eleven International Publishing.
Erp, J.H.M. van (2007). Protection of non-professional sureties under Dutch
law: A fragmented approach. In A.C. Ciacchi (Ed.), Protection of non-professional sureties in Europe: formal and substantive disparity (p. 141-153).
Baden-Baden: Nomos.
Groot, S. de (2007). Fiduciary Transfer and Ownership. In W. Faber & B.
Lurger (Eds.), Rules for the Transfer of Movables. A Candidate for European
Harmonisation of national Reforms? (European Legal Studies) (p. 161-173).
Munich: Sellier European Law Publishers.
Haentjens, M. (2006). The Law Applicable to Indirectly Held Securities. The
Plumbing of International Securities Transactions (Allen & Overy onderzoeksreeks, 3). The Hague: Sdu. (119 p.)
Hamers, J.J.A. & Vliet, L.P.W. van (2005). De personenvennootschappen naar
titel 7:13 BW. Doetinchem: Reed Business Information. (199 p.)
Honnebier, B.P. (2005). The Cape Town Convention and the Aircraft Equipment Protocol: protecting the registered secured interests of airline lessees. Air
and Space Law, xxx(1), 27-36.
131
Wetenschappelijk verslag 2005-2007
Honnebier, B.P. (2005). The fully-computerized International Registry for
security interests in aircraft and the Aircraft Protocol that will become effective
towards the beginning of 2006. Journal of air law and commerce, 1, 63-83.
Jong, J. de & Spaans, M. (2005). A new approach to spatial planning projects in
the Netherlands: trade-offs at regional level as a source of inspiration. In J.
Jiang, L. de Bonis et al. (Eds.), 49th IFHP World Congress Urban Futures:
continuities and discontinuities (p. 1-18). The Hague: IFHP.
Jong, J. de (2005). Eigendom, bouwrecht en concurrentiebevordering op ontwikkelingslocaties. Bouwrecht, 6, 499-504.
Jong, J. de & Vries, H.J. de (2005). Digitale ruimtelijke plannen en het recht.
Bouwrecht, 8, 663-673.
Jong, J. de (2007). Blijft erfpacht de moeite waard? Publiekrechtelijke randvoorwaarden van het erfpachtstelsel. In K. Voors (Ed.), RFPCHT – 111 Jaar
Erfpacht Amsterdam (p. 199-213). Amsterdam: Ontwikkelingsbedrijf Gemeente Amsterdam.
Milo, J.M. (2005). Aengaende Civiele Saken van gedaent-Gevin. In G. ten
Berge et al. (Eds.), Inter Alia. Opstellen en andere bijdragen aangeboden aan
Dr. Marijke van de Vrugt ter gelegenheid van haar afscheid op 1 september
2005 (p. 141-147). Utrecht: Universiteit Utrecht.
Milo, J.M. (2005). Sharp v. Thomson en Burnett's Trustees v Grainger: convergentie van civil law en common law goederenrecht. Nederlands Tijdschrift voor
Burgerlijk Recht, 4, 152-160.
Milo, J.M. (2006). Property and Real Rights. In J.M. Smits (Ed.), Elgar
Encyclopedia of Comparative Law (p. 587-602). Cheltenham: Edward Elgar.
Milo, J.M. (2006). Assignment of claims. In D. Busch et al. (Eds.), The principles of European contract law (part III) and Dutch law: a commentary II
(Principles of European contract law, 3) (p. 79-104). The Hague: Kluwer Law
International.
Milo, J.M. & Vliet, L.P.W. van (2006). Chapter 11. Assignment of Claims,
general introduction. In D. Busch et al. (Eds.), The principles of European Contract Law (Part III) and Dutch Law, A Commentary II (p. 77-78). The Hague:
Kluwer Law International.
Milo, J.M. (2006). Over de constitutionaliteit van adverse possession, bevrijdende en verkrijgende verjaring en goederenrecht in het algemeen. Vermogensrechtelijke annotaties, 1, 72-88.
132
Goederenrecht
Milo, J.M. (2007). La Recepción del Trust en Los Países Bajos (The reception
of the trust in the Netherlands). In E. Arroy i Amayuelas (Ed.), El Trust en el
Derecho civil (p. 203-225). Barcelona: Bosch.
Milo, J.M. (2007). Timeshare in het Nederlandse recht. In A.S. Hartkamp (Ed.),
De invloed van het Europese recht op het Nederlandse privaatrecht II (Serie
onderneming en recht, 42-II) (p. 193-215). Deventer: Kluwer.
Milo, J.M. (2007). Pye in de grote Kamer te Straatsburg: Adverse possession en
privaatrecht naar de constitutionele marge van nationale autonomie. Nederlands
Tijdschrift voor Burgerlijk Recht, 9, 368-372.
Milo, J.M. (2007). On the constitutional proportionality of property law in the
Netherlands. European Review of Private Law, 2, 251-263.
Oostrom-Streep, N. (2005). De kwalitatieve verplichting als twee-eenheid?
Weekblad voor Privaatrecht, Notariaat en Registratie, 6638, 786-788.
Oostrom-Streep, N. (2006). De kwalitatieve verplichting na executoriale verkoop. Weekblad voor Privaatrecht, Notariaat en Registratie, 6666, 379-383.
Ploeger, H.D. (2005). De eigendomsbescherming van artikel 1 van het Eerste
Protocol bij het EVRM en het Nederlandse burgerlijk recht: het nationale
civielrechtelijke perspectief. In T. Barkhuysen et al. (Eds.), De eigendomsbescherming van artikel 1 van het Eerste Protocol bij het EVRM en het
Nederlandse burgerlijk recht (p. 105-120). Deventer: Kluwer.
Ploeger, H.D. (2005). De grenzen van superficies solo credit. In W.G. Huijgen
(Ed.), 2000 jaar eigendom en beperkte rechten (p. 33-52). Deventer: Kluwer.
Ploeger, H.D. et al. (2005). Analysis of 3D property situations in the USA. In
A. Abdelaal et al. (Eds.), Proceedings of the FIG Working Week 2005 and 8th
International Conference on the Global Spatial Data Infrastructure (GSDI-8)
‘From Pharaohs to Geoinformatics’ (p. 1-17). Frederiksberg: FIG.
Ploeger, H.D., Zevenbergen, J.A. et al. (2005). Un modelo estandar para el
ambito catastral (A modular standard for the cadastral domain). In I. Duyran
Boo (Ed.), CT Catastro (p. 33-54). Madrid: Direccion General del Catastro.
Ploeger, H.D. (2005). Kabels en leidingen: recht op netwerk en grond. Een
kritische blik op de verticale natrekking. Bouwrecht, 1, 7-14.
Ploeger, H.D. & Stoter, J. (2005). 3D Kadaster en volume-percelen. Ruimtelijke verdeling van vastgoed. Weekblad voor Privaatrecht, Notariaat en Registratie, 6609, 113-118.
133
Wetenschappelijk verslag 2005-2007
Ploeger, H.D. & Stoter, J. (2005). Cadastral registration of 3D property situations; Improving cadastral registration in threedimensional (3D) property
situations. Notarius International, 10(1-2), 9-18.
Ploeger, H.D., Kap, A.P., Loenen, B. van & Stoter, J. (2005). Kabels en leidingen: de chaos in de bodem. Nederlands Juristenblad, 23, 1186-1191.
Ploeger, H.D., Loenen, B. van & Nasarre-Aznar, S. (2005). EuroTitle: land registry standard; paving the way to a common property market. GIM International, 19(12), 34-37.
Ploeger, H.D., Mijnssen, F.H.J. et al. (2006). Mr. C. Asser's handleiding tot de
beoefening van het Nederlands burgerlijk recht, goederenrecht, algemeen
goederenrecht (15de druk) (Asser Serie Goederenrecht). Deventer: Kluwer.
(XXXVI + 604 p.)
Ploeger, H.D. & Groetelaers, D.A. (2006). My home is my castle: article 1, protocol 1 and article 8 ECHR. In B. Cernic Mali (Ed.), ENHR conference 2006:
Housing in an expanding Europe. Theory, policy, implementation and participation (p. 1-17). Ljubljana, Slovenia: Urban Planning Institute of the Republic
of Slovenia.
Ploeger, H.D., Oosterom, P.J.M. van et al. (2006). Aspects of a 4D cadastre: a
first exploration. In M. Villikka (Ed.), Shaping the Change: XXIII International
FIG congress (p. 1-23). Frederiksberg: FIG Office.
Ploeger, H.D. & Loenen, B. van (2006). EuroTitle: onmisbaar voor Europese
vastgoedmarkt. Weekblad voor Privaatrecht, Notariaat en Registratie, 6677,
593-594.
Ploeger, H.D. (2007). Registratie van kabels en leidingen in het Nederlandse
recht. In C. Adriaansens & V. Sagaert (Eds.), Ondergrondse constructies in het
Belgische en Nederlandse recht (p. 151-164). Antwerpen: Intersentia.
Ploeger, H.D. & Loenen, B. van (2007). Security in real estate titles: prerequisite for an European housing market. In P. Boelhouwer, D. Groetelaers &
E. Vogels (Eds.), ENHR Sustainable Urban Areas (p. 1-12). Delft: ENHR/
Onderzoeksinstituut OTB.
Ploeger, H.D. & Groetelaers, D.A. (2007). Juritecture of the built environment:
a different view on legal design for multiple use of land. Structural Survey,
25(3), 293-305.
Ploeger, H.D. & Groetelaers, D.A. (2007). The importance of the fundamental
right to property for the practice of planning: an introduction to the case law of
the European Court of Human Rights on article 1, protocol 1. European
Planning Studies, 15(10), 1423-1438.
134
Goederenrecht
Sagaert, V. (2005). Het onderscheid tussen persoonlijke en zakelijke vorderingen. Het verjaringsregime van zakelijke vorderingen nader geanalyseerd. In
I. Claeys (Ed.), Verjaring in het privaatrecht (p. 1-30). Mechelen: Kluwer.
Sagaert, V. (2005). Het tontinebeding door de bril van het goederenrecht. In B.
Tilleman & A. Verbeke (Eds.), Actualia Vermogensrecht. Liber Alumnorum
Kulak (p. 145-167). Brugge: die Keure.
Sagaert, V. (2005). Kwalitatieve verbintenissen in het Belgische en Nederlandse recht. In J. Smits & S. Stijns (Eds.), De inhoud en de werking van de
overeenkomst naar Belgisch en Nederlands recht (Ius Commune Europaeum,
50) (p. 341-363). Antwerpen: Intersentia.
Sagaert, V. (2005). Nieuwe perspectieven op het eigendomsrecht na tweehonderd jaar Burgerlijk Wetboek. In B. Tilleman & P. Lecocq (Eds.), Zakenrecht (p. 43-85). Brugge: die Keure.
Sagaert, V. (2005). De rol van zaakvervanging in het testamentaire erfrecht.
Notariaat: notarieel en fiscaal maandblad, 181-190.
Sagaert, V. & Seeldrayers, H. (2005). De Wet Financiële Zekerheden. Rechtskundig Weekblad, 1521-1550.
Sagaert, V. (2006). Het verbod van erfstellingen over de hand voorbijgestreefd?
Naar een moderne invulling van de beschikkingsbevoegdheid in het vermogensrecht. In F. Swennen & R. Barbaix (Eds.), Over Erven. Liber amicorum
Mieken Puelinckx-Coene (p. 387-409). Mechelen: Kluwer.
Sagaert, V. (2006). Het eigendomsrecht als volwaardig zekerheidsinstrument?
In E. Alofs (Ed.), Insolventierecht: XXXIe postuniversitaire cyclus Willy Delva
2004-05 (p. 189-230). Mechelen: Kluwer.
Sagaert, V. (2006). The fragmented system of land burdens in French and
Belgian law. In S. van Erp & B. Akkermans (Eds.), Towards a unified system of
land burdens? (Ius Commune Europaeum, 59) (p. 31-52). Antwerp: Intersentia.
Sagaert, V. & Seeldrayers, H. (2006). De Wet Financiële Zekerheden ontleed.
In C.B.R. Jaarboek 2005-06 (p. 409-473). Antwerpen: Maklu.
Sagaert, V., Kieninger, E.M. & Sigman, H.C. (2006). De cessie van schuldvorderingen in het voorstel van Rome I Verordening: een kritische analyse?
Financieel Forum – Bank en Financiewezen/Forum Financier – Revue Bancaire et Financière, 336-347.
Sagaert, V. (2007). Ondergrondse constructies in het Belgische goederenrecht.
In C. Adriaansen & V. Sagaert (Eds.), Ondergrondse constructies (Ius Commune Europaeum, 67) (p. 1-30). Antwerpen: Intersentia.
135
Wetenschappelijk verslag 2005-2007
Sagaert, V. (2007). Bij wijze van uitgeleide: quo vadis met ondergrondse constructies? In C. Adriaansen & V. Sagaert (Eds.), Ondergrondse constructies
(p. 197-200). Antwerpen: Intersentia.
Sagaert, V. (2007). Cessie van kredietovereenkomsten en van vorderingen uit
kredietovereenkomst. In E. Terryn (Ed.), Handboek consumentenkrediet
(p. 313-333). Brugge: die Keure.
Sagaert, V. (2007). The protection of non-professional sureties in Belgian law.
In A. Colombi-Ciacchi (Ed.), Protection of non-professional sureties in
Europe: formal and substantive disparity (p. 121-139). Baden-Baden: Nomos.
Sagaert, V. (2007). Rechtszekerheid bij de handel in kunstvoorwerpen. Een
wankel evenwicht tussen patrimoniumbescherming en bezitsbescherming. In F.
Swennen (Ed.), Kunst en recht (p. 57-72). Antwerpen: Intersentia.
Sagaert, V. (2007). The French can not tame the trust. Nederlands Tijdschrift
voor Burgerlijk Recht, 5, p. 185.
Salomons, A.F. (2005). Dief wordt doorgaans wel bezitter. Weekblad voor
Privaatrecht, Notariaat en Registratie, 6639, 803-806.
Salomons, A.F. (2006). Deformalisation of Assignment law and the position of
the debtor on European Property law. In A.F. Salomons & G.J.P. de Vries
(Eds.), Pro forma? Essays on the role of Formal Rules and Formal Requirements in Private Law (Amsterdams Instituut voor Privaatrecht, 3) (p. 275-291).
The Hague: Boom Juridische uitgevers.
Salomons, A.F. (2007). Richtlijn 93/7/EEG betreffende de teruggave van cultuurgoederen die op onrechtmatige wijze buiten het grondgebied van een lidstaat zijn gebracht. In A.S. Hartkamp, C.H. Sieburg & L.A.D. Keus (Eds.), De
invloed van het Europese recht op het Nederlandse privaatrecht. Serie Onderneming en Recht deel 42-II (Onderneming en Recht, 42-II) (p. 153-177).
Deventer: Kluwer.
Salomons, A.F. & Vries, G.J.P. de (Eds.). (2006). Pro forma?: Opstellen over
de rol van formele regels en vormvoorschriften in het privaatrecht (Amsterdams Instituut voor Privaatrecht, 3). Den Haag: Boom Juridische uitgevers. (IX
+ 291 p.)
Storme, M.E. (2005). De gevolgen van een handhavingsarrest van het Arbitragehof voor hangende gedingen. Tijdschrift voor Privaatrecht, 2004-3, 13451349.
Storme, M.E. (2005). De goede trouw vereist om een voorrecht van de commissionair, retentierecht of ander vuistpandrecht te verkrijgen ondanks de onbevoegdheid van de pandgever. Rechtskundig Weekblad, 1179-1183.
136
Goederenrecht
Storme, M.E. (2006). Paritas creditorum, voorrang en roerende zekerheden,
deel I tot III van het preadvies voor de Vereniging voor de vergelijkende studie
van het recht in België en Nederland, Jaarvergadering 2006, sectie privaatrecht.
Tijdschrift voor Privaatrecht, 2, 939-1100.
Storme, M.E. (2007). Juridische stellagebouw die het zicht op Europa belet,
geïllustreerd aan de hand van de bezitsverschaffing van financiële activa (de
redactie privaat). Tijdschrift voor Privaatrecht, 3, 1249-1262.
Theije, M. de (2005). De wet van 14 juni 2004 betreffende de onbeslagbare en
onoverdraagbare tegoeden op zichtrekening. Rechtskundig Weekblad, 5, 721725.
Theije, M. de (2005). Wijzigingen op het vlak van schuldvergelijking (Wet
financiële zekerheden en de Programmawet 27 december 2004). Fare Actua, 2,
12-15.
Vliet, L.P.W. van (2005). De financiëlezekerheidsovereenkomst, een tussenbalans. Nederlands Tijdschrift voor Burgerlijk Recht, 5, 190-204.
Vliet, L.P.W. van (2006). Transfer of movable property. In J.M. Smits (Ed.),
Elgar Encyclopedia of Comparative Law (p. 730-737). Cheltenham/UK and
Northampton, MA/USA: Edward Elgar.
Vliet, L.P.W. van (2006). Acquisition of a servitude by prescription in Dutch
law. In S. van Erp & B. Akkermans (Eds.), Towards a Unified System of Land
Burdens? (Ius Commune Europaeum, 56) (p. 53-61). Antwerp: Intersentia.
Vliet, L.P.W. van (2006). Chapter 11, Assignment of Claims, Sections 3 and 4.
In D. Busch, E.H. Hondius, H.J. van Kooten & H.N. Schelhaas (Eds.), The
Principles of European Contract Law (PartIII) and Dutch Law, A Commentary
II (p. 105-129). The Hague: Kluwer Law International.
Vliet, L.P.W. van (2006). Goede trouw bij de koop van tweedehands auto's in
rechtsvergelijkend perspectief. Nederlands Tijdschrift voor Burgerlijk Recht, 5,
191-198.
Weijs, R.J. de (2006). Overwaardearrangementen, de actio Pauliana en de verdeling van zure vruchten. Weekblad voor Privaatrecht, Notariaat en Registratie, 6652, 82-88.
Weijs, R.J. de (2006). Pauliana en onrechtmatige daad: Wederzijdse gevangenen? Weekblad voor Privaatrecht, Notariaat en Registratie, 6686, 761-770.
137
Wetenschappelijk verslag 2005-2007
Wolfert, E.C.M. (2005). Art. 3:84 lid 3 en vruchtgebruik gelegateerd onder de
ontbindende voorwaarde van faillissement van de legataris of het ten aanzien
van hem van toepassing verklaren van de schuldsaneringsregeling (Privaatrecht
Actueel). Weekblad voor Privaatrecht, Notariaat en Registratie, 6624, 455456.
Zevenbergen, J.A. et al. (2005). Further progress in the development of the core
cadastral domain model. In A. Abdelaal et al. (Eds.), Proceedings of the FIG
Working Week 2005 and 8th International Conference on the Global Spatial
Data Infrastructure (GSDI-8) ‘From Pharaohs to Geoinformatics’ (p. 1-28).
Frederiksberg: FIG.
Zevenbergen, J.A. (2006). Slowly towards trustworthy land records of preexiting land rights. In T. Gollwitzer, K. Hillinger & M. Villikka (Eds.), Shaping
the Change; XXIII international FIG congress (p. 1-12). Denmark: FIG Office.
Zevenbergen, J.A. & Loenen, B. van (2006). One access policy for high-quality
geographic information: results from a US – EU comparative study. In H.
Onsrud & A. Stevens (Eds.), Proceedings of the GSDI-9 conference 2006 (p. 114). Chile: GSDI Association.
Zevenbergen, J.A., Lemmen, C.H.J. et al. (2006). Further progress in the
development of the core cadastral domain model. In J. Kalf (Ed.), Land administration: the path towards tenure security, poverty alleviation and sustainable
development (p. 97-125). Enschede: ITC.
Zevenbergen, J.A., Lemmen, C.H.J. et al. (2006). Further progress in the development of the core cadastral domain model. In C.H.J. Lemmen & P. van der
Molen (Eds.), Innovative technology for land administration (p. 81-106).
Frederiksberg: FIG.
Zevenbergen, J.A. (2006). Trustworthiness of Land Records – The basis of
Land Administration Systems. GIS Development Asia Pacific, 10(06), 30-33.
Zevenbergen, J.A., Hespanha, J.P. et al. (2006). A modular standard for the
cadastral domain: applications to the Portuguese cadastre. Computers, environment and urban systems, 30(5), 562-584.
Zevenbergen, J.A., Oosterom, P.J.M. van, Ploeger, H.D. et al. (2006). The core
cadastral domain model. Computers, environment and urban systems, 30(5),
627-660.
Zevenbergen, J.A., Frank, A. & Stubkjaer, E. (Eds.). (2007). Real Property
Transactions – Procedures, transaction costs and models. Amsterdam: IOS
Press. (279 p.)
138
Goederenrecht
Zevenbergen, J.A. & Asperen, P.C.M. van (2007). Can lessons be learnt from
improving tenure security in informal settlements? In P. Boelhouwer, D.
Groetelaers & E. Vogels (Eds.), ENHR Sustainable Urban Areas (p. 1-13).
Delft: ENHR/Onderzoeksinstituut OTB.
Zevenbergen, J.A., Ferlan, M. & Mattson, H. (2007). Pre-emption rights compared – The Netherlands, Slovenia and Sweden. In J.A. Zevenbergen, A. Frank
& E. Stubkjaer (Eds.), Real Property Transactions – Procedures, transaction
costs and models (p. 261-278). Amsterdam: IOS Press.
Zevenbergen, J.A., Stubkjaer, E. & Frank, A. (2007). Modelling real property
transactions – An overview. In J.A. Zevenbergen, A. Frank & E. Stubkjaer
(Eds.), Real Property Transactions – Procedures, transaction costs and models
(p. 3-24). Amsterdam: IOS Press.
VAKPUBLICATIES
Akkermans, B. (2005). De trust. Beschouwingen over invoering van de trust in
het Nederlandse recht [Bespreking van het boek De trust. Beschouwingen over
invoering van de trust in het Nederlandse Recht]. Electronic Journal of
Comparative Law, 9.2.
Bartels, S.E. (2005). Bewerking Losbladige Vermogensrecht, art. 3:16 t/m
3:31. Deventer: Kluwer.
Bartels, S.E. (2006). Bewerking vermogensrecht artt. 3:16 t/m 3:31 BW (losbladig). Deventer: Kluwer.
Bartels, S.E. (2006). Chapter 12, Substitution of New Debtor: Transfer of
Contract. In D. Busch, E.H. Hondius, H. Schelhaas & H. van Kooten (Eds.),
The principles of European contract law (part III) and Dutch law: a commentary II (Principles of European contract law, 3) (p. 131-144). The Hague:
Kluwer Law International.
Bartels, S.E. & Vermunt, N. (2006). Rapport pour les Pays-Bas. In L. Aynès
(Ed.), Étude comparative et prospective du crédit bancaire (Études du Centre
de recherche sur le droit des affaires) (p. 197-340). Paris: Litec.
Bartels, S.E. (2006). Rechtspraak Goederenrecht 2005. Onderneming &
Financiering, 2-6.
Bartels, S.E. (2006). Koop van vastgoed en de Commissie Hammerstein.
Nederlands Tijdschrift voor Burgerlijk Recht, 3, 89.
Bartels, S.E. & Nielen, W.J.B. van (2006). Kroniek van 5 jaar insolventierecht.
Nederlands Tijdschrift voor Burgerlijk Recht, 5, 177-190.
139
Wetenschappelijk verslag 2005-2007
Bartels, S.E. (2007). Artt. 3:1-3:31 en 3:227-3:259. In A.C. van Schaick, C.E.
du Perron & T. Hartlief (Eds.), Burgerlijk wetboek, Boeken 3, 5 en 6 (Wet &
Rechtspraak). Deventer: Kluwer.
Bartels, S.E. (2007). Een nog steeds niet beantwoorde vraag over derdenbeslag
en onverschuldigde betaling. Nederlands Tijdschrift voor Burgerlijk Recht, 3,
87.
Boele-Woelki, K. & Erp, J.H.M. van (Eds.). (2007). General Reports of the
XVIIth Congress of the International Academy of Comparative Law/Rapports
Généraux du XViie Congrès de l'Académie Internationale de Droit Comparé.
Bruxelles/Utrecht: Bruylant/Eleven International Publishing. (xvi + 1037 p.)
Bos, T.M. (2007). [Bespreking van het boek Crossing Borders: Essays in European and Private International Law in Honour of Frans van der Velden].
Netherlands International Law Review, 1, 168-173.
Cousy, H. & Dirix, E. (Eds.). (2006). Insolventierecht (Themis Cahiers).
Brugge: die Keure. (93 p.)
Dirix, E. et al. (2005). Handels- en economisch recht in hoofdlijnen (7de editie).
Antwerpen: Intersentia. (479 p.)
Dirix, E., Orshoven, P. Van & Tilleman, B. (Eds.). (2005). De Valks Juridisch
Woordenboek (2de editie). Antwerpen: Intersentia. (469 p.)
Dirix, E. (2005). Kroniek Belgisch insolventierecht. Tijdschrift voor Insolventierecht: Onderneming, Financiering, Reorganisatie, 99-106.
Dirix, E. & Corte, R. de (2006). Zekerheidsrechten (Beginselen van Belgisch
privaatrecht, 12). Mechelen: Kluwer. (XXIV + 519 p.)
Dirix, E. (2006). Recente arresten faillissement, gerechtelijk akkoord en
zekerheden. In H. Cousy & E. Dirix (Eds.), Themis-Insolventierecht (p. 45-72).
Brugge: die Keure.
Dirix, E. (2007). Controle door de pandhouder van een schuldvordering en de
Wet Financiële Zekerheden. Rechtskundig Weekblad, 7, 1337-1338.
Erp, J.H.M. van (2005). Editorial – European private law: A European standing
committee on legal terminology as a next step. Electronic Journal of Comparative Law, 9(2).
Erp, J.H.M. van (2005). Editorial – Principles of European property law: A
pragmatic choice between convergence and divergence. Electronic Journal of
Comparative Law, 9(4).
140
Goederenrecht
Erp, J.H.M. van (2005). Vorwort – A new approach to the study of law in
Europe. Hanse Law Review, 1(1), 1-3.
Erp, J.H.M. van & Vliet, L.P.W. van (Eds.). (2006). Netherlands reports to the
seventeenth International Congress of Comparative Law. Antwerp: Intersentia.
(XIII + 542 p.)
Erp, J.H.M. van & Jacobs, B.C.M. (2006). Middenstandskrediet, bankwezen en
het geruchtmakende faillissement van de Credietvereeniging ‘De Hanzebank’
te 's-Hertogenbosch. In E.J.F.M.C. Broers, B.C.M. Jacobs & R.C.H. Lesaffer
(Eds.), Ius Brabanticum, Ius Commune, Ius Gentium. Opstellen aangeboden
aan prof. mr. J.P.A. Coopmans ter gelegenheid van zijn tachtigste verjaardag
(p. 33-59). Nijmegen: Wolf Legal Publishers.
Erp, J.H.M. van (2006). Sale does not break a lease. ‘Cour de cassation, ass.
plén., arrêt No. 520 du 6 décembre 2004 – Le contrat de cautionnement qui
garantit le paiement des loyers d'un immeuble donné à bail se transmet-il de
plein droit, en cas de vente de cet immeuble, au nouveau propriétaire’. European Review of Private Law, 63-69.
Erp, J.H.M. van & Vaquer, A. (Eds.). (2007). Introduction to Spanish patrimonial law. Granada: Dykinson. (xx + 362 p.)
Erp, J.H.M. van (2007). Comparative Private Law in Practice: The Process of
Law Reform. In E. Örücü & D. Nelken (Eds.), Comparative Law. A Handbook
(p. 399-409). Oxford/Portland: Hart Publishers.
Erp, J.H.M. van (2007). Wstepne uwagi poswiecone instytucjom dzierzawy
wieczystej i prawa zabudowy w prawie niderlandzkim. In Z. Radwanskiego
(Ed.), Zielona Ksiega. Optymalna wizja Kodeksu cywilnego w Rzeczypospolitej
Polskiej (p. 335-342). Warsaw: Ministerstwo Sprawiedliwosci.
Erp, J.H.M. van (2007). The new Dutch law of succession. In K.G.C. Reid,
M.J. de Waal & R. Zimmerman (Eds.), Exploring the law of succession. Studies
national, historical and comparative (Edinburgh studies in law, 5) (p. 193208). Edinburgh: Edinburgh University Press.
Erp, J.H.M. van (2007). Editorial – (D)CFR, Consumer Acquis, Property Law
and Euromortgage: The benefits of Unification, the Dangers of Fragmentation
and the Unwanted Effect of Legal Transplants. Electronic Journal of Comparative Law, 11(4). [Online]. Available from: <http://www.ejcl.org/114/issue
114.html> [01-01-2007].
Groot, S. de (2007). Bewerking titel 5.1 Eigendom in het Algemeen. In
Zakelijke Rechten (Kluwer losbladige groene serie). Deventer: Kluwer.
141
Wetenschappelijk verslag 2005-2007
Haentjens, M. (2007). Commentaar Wet giraal effectenverkeer. In R. Batten, K.
Frielink, E.P.M. Joosen, G.T.M.J. Raaijmakers, R.P. Raas & H.M. Vletter-van
Dort (Eds.), Commentaar Financieel Recht, Deel I – Wet op het financieel
toezicht en Wet giraal effectenverkeer (p. 1021-1112). Den Haag: Sdu.
Honnebier, B.P. (2005). [Bespreking van het boek Official Commentary to the
Convention on International Interests in Mobile Equipment and Aircraft
Equipment Protocol]. The International and Comparative Law Quarterly, 1,
268-273.
Honnebier, B.P. (2006). De Cape Town Convention, het Aircraft Equipment
Protocol en het International Registry zijn sinds 1 maart 2006 operationeel.
Weekblad voor Privaatrecht, Notariaat en Registratie, 6661, 1-2.
Honnebier, B.P. (2006). New protocols and the financing of aircraft engines,
American Bar Association. Air and Space Law, 21(1), 15-16 en 26.
Janssen-Jansen, L., Spaans, M. & Veen, M. van der (2007). The Netherlands:
TDR-like initiatives for exchanging developments. In L. Janssen-Jansen, R.
Alterman, H.E. van Rij & W.G.M. Salet (Eds.), International Academic Forum
on Planning, Law and Property Rights (p. 1-18). Amsterdam: Aesop.
Jong, J. de, Zevenbergen, J.A. & Loenen, B. van (2005). Toegang tot overheidsinformatie blijft onnodig zaak van professionele elite. Vastgoedinformatie
Matrix, 13(4), 28-30.
Milo, J.M. (2006). Rechtsvraag (327) goederenrecht. Factormaatschappij
Alpha. Ars Aequi: juridisch studentenblad, 4, 320.
Milo, J.M. (2006). Beantwoording rechtsvraag (327). Factormaatschappij
Alpha. Ars Aequi: juridisch studentenblad, 10, 768-770.
Milo, J.M. (2006). Recent case law, The Netherlands. European Review of
Private Law, 2, 239-281.
Milo, J.M. (2006). Recent case law, The Netherlands. European Review of
Private Law, 4, 577-617.
Milo, J.M. (2005). [Bespreking van het boek Land and Freedom. Law, property
rights and the British Diaspora]. ERPL, 1, 78-81.
Milo, J.M. (2005). [Bespreking van het boek Land Law in a Comparative
Perspective]. ERPL, 3, 273-274.
Oostrom-Streep, N. (2006). Moet de notaris nu we1 of niet dienst weigeren bij
dreigende wanprestatie van een der partijen? De meest recente stand van zaken.
Weekblad voor Privaatrecht, Notariaat en Registratie, 6675, 565-567.
142
Goederenrecht
Oostrom-Streep, N. (2007). Artt. 3:259-270. In A.C. van Schaick, T. Hartlief &
C.E. du Perron (Eds.), Burgerlijk wetboek, boeken 3, 5 en 6 (Wet en rechtspraak). Deventer: Kluwer.
Oostrom-Streep, N. (2007). Verplichtingen tot dulden en niet-doen versus die
tot een doen, ofwel: is het Nebula-arrest nu echt zo verrassend? Weekblad voor
Privaatrecht, Notariaat en Registratie, 6720, 667-670.
Oostrom-Streep, N. (2007). Proefschrift: drie stellingen. De kwalitatieve
verplichting. Weekblad voor Privaatrecht, Notariaat en Registratie, 6726, 857859.
Ploeger, H.D. (2005). Zakelijke rechten. Eigendom van onroerende zaken (titel
5.3), supplement 33. In W.M. Kleijn & A.A. Velten (Eds.), Zakelijke rechten
(p. 22-1-36-2). Deventer: Kluwer.
Ploeger, H.D., Oosterom, P.J.M. van & Stoter, J. (2005). Volumepercelen in de
kadastrale registratie. Geo-info, 2(2), 84-89.
Ploeger, H.D. (2006). Schenking. In W.D. Kolkman, B.E. Reinhartz et al.
(Eds.), Erfrecht, tekst & commentaar (p. 453-469). Deventer: Kluwer.
Ploeger, H.D. (2007). Eigendom van onroerende zaken. In A.C. van Schaick, T.
Hartlief & C.E. du Perron (Eds.), Wet en rechtspraak burgerlijk wetboek,
boeken 3, 5 en 6 (p. 294-300). Deventer: Kluwer.
Ploeger, H.D. (2007). Schenking. In J.H. Nieuwenhuis, C.J.J.M. Stolker &
W.L. Valk (Eds.), Burgerlijk wetboek; tekst & commentaar (p. 2849-2864).
Deventer: Kluwer.
Ploeger, H.D. & Groetelaers, D.A. (2007). Privaatrecht: ook hier geldt ‘meten
is weten’. Nederlands Tijdschrift voor Burgerlijk Recht, 24(7), 306-307.
Ploeger, H.D. & Stoter, J. (2007). Eigendom van netwerken en het kadaster;
Eerste stap in 3D eigendomsregistratie. Bouwrecht, 44(12), 1019-1025.
Sagaert, V. (2005). Eigendom, burenhinder en afstanden tussen buren. In B.
Hubeau & F. Voets (Eds.), Ruimtelijke Ordening voor Beginners (p. 186-201).
Brugge: die Keure.
Sagaert, V. (2005). Belgisch rapporteur van ‘Recent Case law’; bespreking van
Cass. 22 april 2005, Cass. 11 maart 2004, Cass. 18 maart 2004; Cass. 23
september 2004; Cass. 29 oktober 2004 (met rapporteurs uit andere Europese
landen). European Review of Private Law, 225-263.
143
Wetenschappelijk verslag 2005-2007
Sagaert, V. (2005). Belgisch rapporteur van ‘Recent Case law’; bespreking van
Cass. 23 september 2004, 3 februari 2005, Cass. 13 januari 2005 en Cass. 7
januari 2005 (met rapporteurs uit andere landen). European Review of Private
Law, 553-592.
Sagaert, V. (2005). Belgisch rapporteur van ‘Recent Case law’; bespreking van
Cass. 19 mei 2005, Cass. 20 juni 2005, 23 mei 2005, Cass. 23 juni 2005, Cass.
11 februari 2005 (met rapporteurs uit andere landen). European Review of
Private Law, 889-934.
Sagaert, V. (2006). Aandachtspunten van de verschoonbaarheid bij faillissement en de collectieve schuldenregeling. In Belgische Federatie van Notarissen
(Ed.), Enkele aandachtspunten voor het notariaat. Verslagboek congres 28
september 2006 (p. 1-32). Brussel: Belgische Federatie van Notarissen.
Sagaert, V. (2006). Actuele ontwikkelingen inzake erfdienstbaarheden. In H.
Vandenberghe (Ed.), Themis. Zakenrecht (p. 57-87). Brugge: die Keure.
Sagaert, V. (2006). Belgian law. In G. Moss & B. Wessels (Eds.), EU banking
and insurance insolvency (p. 171-188). Oxford: Oxford University Press.
Sagaert, V. (2006). Het voorrecht van de niet-betaalde verhuurder en huurwaarborg. In M. Dambre et al. (Eds.), Handboek algemeen huurrecht (Huurrecht)
(p. 380-398). Brugge: die Keure.
Sagaert, V. (2006). Huurrecht en goederenrecht. In M. Dambre et al. (Eds.),
Handboek algemeen huurrecht (Huurrecht) (p. 48-61). Brugge: die Keure.
Sagaert, V. (2006). Praktische knelpunten van de Wet Financiële Zekerheden.
In E. Dirix & H. Cousy (Eds.), Themis. Insolventierecht (p. 77-97). Brugge: die
Keure.
Sagaert, V., Lecocq, P. & Vanbrabant, B. (2006). La notion de biens. In E.
Dirix & Y.-H. Leleu (Eds.), Rapports belges pour l'Académie Internationale de
Droit Comparé à Utrecht (p. 177-224). Bruxelles: Bruylant.
Sagaert, V. (2006). Recent Case law. Bespreking van Cass. 23 juni 2005, Cass.
30 juni 2005, Cass. 12 oktober 2005, Cass. 1 december 2005. European Review
of Private Law, 577-617.
Sagaert, V., Tilleman, B. & Verbeke, A. (2007). Vermogensrecht in kort bestek.
Antwerpen: Intersentia. (485 p.)
Sagaert, V. (2007). De onteigening op nieuwe paden. In Liber amicorum Hugo
Vandenberghe (p. 257-273). Brugge: die Keure.
144
Goederenrecht
Sagaert, V. (2007). Wat als het vermogen gaat schuiven? Casuïstiek rond
zaakwaarneming, onverschuldigde betaling en ongerechtvaardigde verrijking.
In S. Stijns (Ed.), Themis Verbintenissenrecht (p. 71-94). Brugge: die Keure.
Sagaert, V. (2007). De verkrijgende verjaring van onroerende goederen herbezocht. Een aanzet tot het debat over het verjaringsrecht. Rechtskundig Weekblad, 1582-1597.
Salomons, A.F. (2006). Transfer of title concerning movables. part IV. National report: The Netherlands (Salzburger Studien zum Europäischen Privatrecht,
21). Frankfurt am Main: Peter Lang. (102 p.)
Salomons, A.F. (2006). De onderzoeksplicht van de verkrijger van een tweedehands auto. N.a.v. HR 7 oktober 2005, RvdW 2005, 112 (Coppes/Van de
Kolk). Vermogensrechtelijke annotaties, 3(3), 101-124.
Salomons, A.F. (2007). Nieuwe regels omtrent de eigendom van roerende
monumenten ingevolge de Wet op de Archeologische Monumentenzorg. Over
archeologische bodemvondsten, schatvinding, toe-eigening, verkrijgende verjaring en de positie van de grondeigenaar. Weekblad voor Privaatrecht, Notariaat
en Registratie, 6718, 613-620.
Salomons, A.F. (2007). [Bespreking van het boek Vergissingen in het goederenrecht]. WPNR, 6714, 544-548.
Vliet, L.P.W. van (2006). The boundaries of property rights: Netherlands
national report 2006. In S. van Erp & L.P.W. van Vliet (Eds.), Netherlands
Report to the Seventeenth International Congress of Comparative Law (p. 109123). Antwerp: Intersentia.
Weijs, R.J. de & Huurdeman, N.J. (2007). Kortsluiting in schuldeiserbescherming: Over de onwenselijkheid van gelijkschakeling van de criteria van
art. 47 Fw en art. 54 Fw. Weekblad voor Privaatrecht, Notariaat en Registratie,
6713, 511-518.
Weijs, R.J. de (2007). Naar een flexibele benadering van de wetenschap van
benadeling onder de Pauliana. Weekblad voor Privaatrecht, Notariaat en
Registratie, 6726, 848-857.
Zevenbergen, J.A. & Rij, H.E. (2005). Het ontwerp Wet inrichting landelijk
gebied (Wilg), een eerste verkenning. Agrarisch Recht, 65(11), 676-692.
Zevenbergen, J.A. & Abdulharis, R. (2006). Evaluating effectiveness of land
administration in post disaster areas: the case of Banda Aceh, Indonesia. In A.
Kadir Taib et al. (Eds.), Proceedings of the International Symposium on Geoinformation 2006 (p. 1-10). Shah Alam: Universiti Teknologi MARA (UiTM).
145
Wetenschappelijk verslag 2005-2007
Zevenbergen, J.A., Deininger, K. & Ali, D.A. (2006). Assessing the certification process of Ethiopia's rural lands. In At the frontier of land issues: social
embeddedness of rights and public policy (p. 1A.2-1A.15). Montpellier: IRD,
IAMM/CICHEAM, ENSAM.
Zevenbergen, J.A. (2007). Beheer gemeentelijke Wkpb-administratie – Handreiking en lesmateriaal voor zelfstudie. Den Haag: Ministerie VROM en VNG.
(117 p.)
Zevenbergen, J.A., Abdulharis, R., Sarah, K., Hendriatiningsih, S. & Hernandi,
A. (2007). Identification of customary area and land parcelling thereon: case of
Kasepuhan Banten Kidul, Indonesia. In P. Boelhouwer, D. Groetelaers & E.
Vogels (Eds.), ENHR Sustainable Urban Areas (p. 1-11). Delft: ENHR/
Onderzoeksintsituut OTB.
Zevenbergen, J.A. & Asperen, P.C.M. van (2007). Improving tenure security in
peri-urban areas through innovative land administration. In C. Kibirango (Ed.),
Housing and Livelihoods (p. 1-18). Uganda: ISU/CASLE.
Zevenbergen, J.A. (2007). De Wet kenbaarheid publiekrechtelijke beperkingen
onroerende zaken, ‘Lang verwacht, toch gekomen’. Bouwrecht, 44(7), 560-572.
ANNOTATIES
Bartels, S.E. (2005). Bijzondere lasten en beperkingen bij verkoop en levering
van vastgoed. Vermogensrechtelijke annotaties, 29-39.
Bartels, S.E. (2006). Noot bij: Gerechtshof Leeuwarden (26-10-2005), (Van der
Spek q.q./Graphic Lease). JOR 2006-54.
Bartels, S.E. (2007). Noot bij: HR (22-06-2007), (Actieve inning van stil
verpande vordering door de curator (ING/Verdonk q.q.)). AA, p. 972-976.
Bartels, S.E. (2007). Noot bij: Voorzieningenrechter Rb. 's-Gravenhage (24-082007), JOR 2007-286.
Bartels, S.E. (2007). Noot bij: Gerechtshof Leeuwarden (18-10-2006), (Wals/
Wals). JBPr 2007-17.
Bartels, S.E. & Kortmann, S.C.J.J. (2007). Noot bij: HR (03-11-2006),
(Nebula). JOR 2007-76.
Bos, T.M. (2005). Noot bij: HR (03-12-2004), (Meerderjarigenadoptie). JPF
2005-4, p. 263-265.
Bos, T.M. (2007). Noot bij: Rb. Amsterdam (27-12-2006), (Van Hees q.q./
MOC AG; Toepasselijk bewijsrecht). JBPr 2007-2, p. 313-314.
146
Goederenrecht
Dirix, E. (2005). Noot bij: Hof Gent (16-06-2003), (Pand handelszaak en
publiciteit). R.W., p. 899-901.
Dirix, E. (2005). Noot bij: Hof Gent (29-05-2002), (Grensconflicten tussen
beslag en faillissement). R.W, p. 1265-1266.
Fransis, R. (2007). Noot bij: Cass. (15-06-2006), (Beslag onder derden in
handen van de bank en lopende verrichtingen op bankrekeningen). R.W. 20072008, p. 232-235.
Jong, J. de (2006). Noot bij: HR (24-12-2004), (Kettingbeding Amsterdam).
Bouwrecht 2006-43(3), p. 271-273.
Milo, J.M. (2006). Noot bij: EHRM (15-11-2005), EHRC 2006-1, nr. 4, p. 3852.
Milo, J.M. (2007). Noot bij: EHRM (30-08-2007), (J.A. Pye tegen het Verenigd
Koninkrijk). EHRC 2007-11, p. 1195-1196 & p. 1210-1214.
Oostrom-Streep, N. (2007). Noot bij: Hof 's-Hertogenbosch (26-09-2006), JOR
2007-134.
Ploeger, H.D. (2006). Noot bij: Hof Amsterdam (01-09-2005), (Verticale
natrekking en kabelschade). Bouwrecht 2006-43(7), p. 674-678.
Sagaert, V. (2005). Noot bij: Hof van Cassatie (19-12-2002), (Onverschuldigde
betaling via bankoverschrijving: wie betaalt het gelag?). T.B.B.R., p. 398-404.
Sagaert, V. (2005). Noot bij: Hof van Cassatie (03-06-2004), (De vereniging
van mede-eigenaars in een groep van appartementsgebouwen). R.W., p. 144146.
Sagaert, V. (2006). Noot bij: EHRM (15-11-2005), (Prescription in French and
Belgian property law after the Pye-judgment). ERPL, p. 265-272.
Sagaert, V. (2006). Noot bij: Cass. (01-06-2006), (Schuldvergelijking en
gerechtelijk akkoord: continuïteit creëert connexiteit). R.W. 2006, p. 565-567.
Sagaert, V. (2006). Noot bij: Cass. (13-05-2005), (De overdracht van de
onderneming in het gerechtelijk akkoord: naar een veralgemeende hypothecaire
zuivering bij samenloopprocedures?). R.W. 2006-29, p. 1139-1141.
Sagaert, V. (2007). Noot bij: Cassatie (18-05-2007), (Opstal en openbaar
domein: een doorbraak). R.W. 2007, p. 737-740.
Sagaert, V. (2007). Noot bij: Hof van Cassatie (02-02-2007), (Het Hof van
Cassatie geeft groen licht voor het minnelijk kantonnement). R.W. 2007,
p. 1680-1683.
147
Wetenschappelijk verslag 2005-2007
Storme, M.E. & Jansen, R. (2007). Noot bij: Cass. (27-12-2006), (Zakenrechtelijke perikelen bij de verkoop van een aandeel in mede-eigendom: Molenaers
revisited). T.B.B.R., p. 373-378.
Theije, M. de (2005). Noot bij: Bundesgerichtshof (17-07-2003), (Set-off and
retroactivity). ERPL, p. 61-65.
Theije, M. de (2005). Noot bij: Hof van Cassatie (27-05-2004 en 23-09-2004),
C020424F + C020469F (De rechtstreekse vordering van de onderaannemer
nader bekeken). TBO, p. 66-69.
Theije, M. de (2005). Noot bij: Rb. Brussel (13-05-2005), (Fiscale schuldvergelijking). R.W. 2005-6, p. 1070-1072.
Theije, M. de (2005). Noot bij: Hof van Cassatie (18-03-2004), (Verhaalbaarheid van interesten op batig saldo na faillissement van een vennootschap). R.W.
2005-5, p. 1102-1105.
Zevenbergen, J.A. (2006). Noot bij: Hof Amsterdam (30-06-2005 en 11-062002), Agrarisch Recht 2006-66 (11), p. 658-663.
PUBLICATIES ‘GASTONDERZOEKERS’
Allemeersch, B. & Verbeke, A. (2005). Commercial Trusts – Belgian Reports.
In U. Mattei & L. Smith (Eds.), Commercial Trusts in European Private Law.
Cambridge: Cambridge University Press.
Bergh, R. Van den (2005). Competition in Professional Services Markets: Are
Latin Notaries different? (Siena Memos and Papers on Law and Economics,
40/05). Siena: Siena University [Online]. Available from: <http://www.unisi.it/
lawandeconomics/working.html> [01-11-2005]. (20 p.)
Cousy, H. (2006). Beginselen van insolventierecht: enkele beschouwingen ter
inleiding en duiding. In H. Cousy, E. Dirix et al. (Eds.), Curatoren en vereffenaars: actuele ontwikkelingen (p. 3-25). Antwerpen: Intersentia.
Maanen, G.E. van, Reehuis, W.H.M., Heisterkamp, A.H.T. & Jong, G.T. de
(2006). Het Nederlands burgerlijk recht. Deel 3 Goederenrecht. Deventer:
Kluwer. (823 p.)
Maanen, G.E. van (2006). Hoofdstuk 10.1. In G.E. van Maanen, W.H.M.
Reehuis, A.H.T. Heisterkamp & G.T. de Jong (Eds.), Het Nederlands burgerlijk recht. Deel 3 Goederenrecht (p. 377-403). Deventer: Kluwer.
Maanen, G.E. van (2006). Hoofdstuk 10.3. In G.E. van Maanen, W.H.M.
Reehuis, A.H.T. Heisterkamp & G.T. de Jong (Eds.), Het Nederlands burgerlijk recht. Deel 3 Goederenrecht (p. 419-437). Deventer: Kluwer.
148
Goederenrecht
Maanen, G.E. van (2006). Hoofdstuk 13. In G.E. van Maanen, W.H.M.
Reehuis, A.H.T. Heisterkamp & G.T. de Jong (Eds.), Het Nederlands burgerlijk recht. Deel 3 Goederenrecht (p. 537-557). Deventer: Kluwer.
Maanen, G.E. van (2006). Is een gebouw bestanddeel van de grond?
Nederlands Tijdschrift voor Burgerlijk Recht, 228-231.
Maanen, G.E. van (2006). [Bespreking van het boek De actio negatoria. Een
studie naar de rechtsvorderlijke zijde van het eigendomsrecht]. NTBR, 7, 293294.
OVERIGE PUBLICATIES
Dirix, E. (2006). Recht en literatuur. Limburgs Rechtsleven, 1-28.
Erp, J.H.M. van (Ed.). (2006). Nederlandse rechtsbegrippen vertaald: Frans,
Engels, Duits (3de gew. druk). Den Haag: T.M.C. Asser Press. (XIV + 89 p.)
Erp, J.H.M. van (2006). Voorwoord. In J.H.M. van Erp (Ed.), Nederlandse
rechtsbegrippen vertaald: Frans, Engels, Duits (p. v-vii). (3de gew. druk). Den
Haag: T.M.C. Asser Press.
Erp, J.H.M. van (2007). Foreword/Préface. In K. Boele-Woelki & J.H.M. van
Erp (Eds.), General reports of the XVIIth congress of the International Academy of Comparative Law/Rapports Généraux du XViie congrès de l'Académie
Internationale de Droit Comparé (p. xiii-xvi). Bruxelles/Utrecht: Bruylant/
Eleven International Publishing.
Erp, J.H.M. van (2007). Editorial – Dutch Reports to the XVIIth International
Congress of Comparative Law. Electronic Journal of Comparative Law, 11(1).
[Online]. Available from: <http://www.ejcl.org/111/editor111.html> [01-012007].
Erp, J.H.M. van (2007). Editorial – General Reports to the XVIIth International
Congress of Comparative Law. Electronic Journal of Comparative Law, 11(3).
[Online]. Available from: <http://www.ejcl.org/113/editor113.html> [01-012007].
Honnebier, B.P. (2005). Reeds vijftig jaar is binnen het Koninkrijk het luchtvervoer kostbaar. Er bestaat een grote behoefte aan minder dure vliegtuigen en
tickets. In A. van Romondt et al. (Eds.), Gedenkboek 50 jaar statuut: een
Koninkrijksbundel (p. 167-183). Zutphen: Walburg Pers.
Honnebier, B.P. (2006). Servisch Juridisch Opleidingsinstituut zoekt samenwerking met de Nederlandse universiteiten en commerciële rechtspraktijk.
Nederlands Juristenblad, 19, 1085.
149
Wetenschappelijk verslag 2005-2007
Jong, J. de & Welle Donker, F.M. (2007). To free or not to free... RGI-117
Geodata, van vertrekking naar toegang. Verkenning van voorwaarden en prijs.
In Y. Pluijmers (Ed.), Proceedings werkconferentie, projectresultaten 2006
(p. 101-126). Rotterdam: Bedrijvenplatform Geo-informatie.
Jong, J. de & Bueren, E. van (2007). Establishing sustainability: policy and
Land Development. Building Research and Information, 35(5), 543-556.
Jong, J. de (2007). Het exploitatieplan. Bouwrecht, 44(3), 187-189.
Jong, J. de & Welle Donker, F.M. (2007). Vrijgeven van overheidsdata: belemmeringen en maatregelen. Geo-info, 9(4), 342-347.
Loenen, B. van & Jong, J. de (2007). Institutions matter; The impact of institutional choices relative to access policy and data quality on the development of
geographic information infrastructures. In H. Onsrud (Ed.), Research and
theory in advancing spatial data infrastructure concepts (p. 215-229). Redlands
CA USA: ESRI Press.
Loenen, B. van & Jong, J. de (2007). SDIs and privacy: conflicting interests of
the spatially enabled society. In A. Rajabifard (Ed.), Towards a spatially
enabled society (p. 271-284). Melbourne: University of Melbourne.
Loenen, B. van, Groetelaers, D.A., Zevenbergen, J.A. & Jong, J. de (2007).
Privacy versus national security: The impact of privacy law on the use of
location technology for national security purposes. In S.I. Fabrikant & M.
Wachowicz (Eds.), The European Information Society: Leading the way with
Geo-Information (p. 135-152). Berlin: Springer.
Loenen, B. van & Zevenbergen, J.A. (2007). Privacy (regimes) do not threaten
location technology development. In B. Köning-Ries (Ed.), The 8th International Conference on Mobile Data Management (MDM'07) Workshop
Proceeding (p. 1-5). Mannheim: Universitat Mannheim.
Ploeger, H.D. (2005). Boek 7, Titel 3, Schenking. In J.H. Nieuwenhuis et al.
(Eds.), Burgerlijk Wetboek, tekst en commentaar (p. 2671-2686). Deventer:
Kluwer.
Ploeger, H.D. & Groetelaers, D.A. (2006). Informal settlements and fundamental rights. In T. Gollwitzer, K. Hillinger & M. Villikka (Eds.), Shaping
the Change; XXIII international FIG congress (p. 1-11). Denmark: FIG Office.
Theije, M. de (2005). Compensatie. Algemeen. In Artikelsgewijze commentaar
voorrechten en hypotheken (losbladig). Mechelen: Kluwer.
150
Goederenrecht
Zevenbergen, J.A., Abdulharis, R. & Loenen, B. van (2005). Legal aspects of
access to Geo-information within Indonesian spatial data infrastructure. In J.
Jiang (Ed.), The International Archives of ISPRS. Lemeer: ISPRS working
groups – WG IV/1.
Zevenbergen, J.A. & Abdulharis, R. (2006). Reinventing land administration at
post disaster areas: case of Banda Aceh. In S.K. Pathna et al. (Eds.), Remote
sensing and GIS techniques for monitoring and prediction of disasters; 2nd
International Symposium on Geo-information for disaster management (p. 1-6).
Ahmedabad, India: Space Application Centre.
Zevenbergen, J.A. & Asperen, P.C.M. van (2006). Towards effective pro-poor
tools for land administration in Sub-Saharan Africa. In T. Gollwitzer, K.
Hillinger & M. Villikka (Eds.), Shaping the Change; XXIII international FIG
congress (p. 1-15). Denmark: FIG Office.
Zevenbergen, J.A. (2007). Toelichting op de Wet Inrichting landelijk gebied
(WILG). In Wetgeving Landelijk Gebied (p. 1-62). Deventer: Kluwer.
Zevenbergen, J.A., Giff, G.A. & Loenen, B. van (2007). Policies supporting
sharing and reuse of GI in Norway and the UK: are they within the spirit of
recent EU directives? In K. Fullerton & E. Paukenerova (Eds.), 13th EC
GI&GIS Workshop: Inspire time: ESDI for the environment (p. 107-111). Ispra:
European Commission Joint Research Centre.
Zevenbergen, J.A. & Welle Donker, F.M. (2007). Value added GI services:
Respective roles of private and public sector players. In K. Fullerton & E.
Paukenerova (Eds.), 13th EC GI&GIS Workshop: Inspire time: ESDI for the
environment (p. 53-56). Ispra: European Commission Joint Research Centre.
151
AANSPRAKELIJKHEID EN VERZEKERING
A.
VOLLEDIGE TITEL
Aansprakelijkheid en verzekering
B.
DEELPROGRAMMA'S
Niet van toepassing
C.
ONDERZOEKSLEDEN PROGRAMMA
Begin
coördinerend onderzoeksleiders
Dhr. Prof.Dr. M.G. Faure LL.M. (UM)
Dhr. Prof.Mr. T. Hartlief (UM)
01-01-95
01-10-99
onderzoeksleiders
Dhr. Prof.Mr. A. Akkermans (VU)
Dhr. Prof.Dr. H. Cousy (KUL)
Dhr. Prof.Mr. I. Giesen (UU)
Dhr. Prof.Mr. G.E. van Maanen (UM)
01-10-99
01-01-95
01-10-04
01-01-95
senior onderzoekers
Dhr. Prof.Mr. W. van Boom (EUR)
Dhr. Mr. E.H.P. Brans (VU)
Dhr. Prof.Mr. C.C. van Dam (UU)
Dhr. Dr. N. Frenk (VU)
Mw. Prof.Mr. S. Klosse (UM)
Dhr. Prof.Mr. S.D. Lindenbergh (EUR)
Dhr. Mr. S.Y.Th. Meyer (VU)
Dhr. Prof.Dr. J. Neethling (UNISA)
Dhr. Prof.Dr. H. Nys (KUL/UM)*
Mw. Prof.Dr. G. Schamps (UCL)
Mw. Dr. C. van Schoubroeck (KUL)
Dhr. Dr. R. Schwitters (UvA)
Dhr. Prof.Mr. J. Spier (UM)
Dhr. Dr. A. Van (VU)
Dhr. Mr. A.J. Verheij (UU)
01-10-05
01-06-99
01-09-98
01-03-02
01-10-04
01-02-07
01-09-98
01-04-05
01-02-06
01-04-05
01-01-95
01-10-07
01-10-99
01-03-02
01-09-98
onderzoekers
Dhr. Dr. M. van Dam
01-10-99
Einde
30-09-06
31-03-05
153
Wetenschappelijk verslag 2005-2007
Mw. Mr. H. Eijk-van Graveland (UU)
Mw. Mr. E.F.D. Engelhard (UU)
Dhr. Prof.Mr. Ph.H.J.G. van Huizen (UU)
Dhr. Drs. N.J. Philipsen (UM)*
Mw. Mr.Drs. M.S.A. Vegter (VU)
Dhr. Dr. T. Vanden Borre
Begin
01-01-97
04-10-03
01-01-95
01-02-06
27-09-05
01-07-01
promovendi
Mw. V. Bruggeman (UM)
Mw. Mr. J. van de Bunt (UL)
Mw. Mr. L. Deben (LUC/UM)
Dhr. Mr. E. van Dongen (UM)
Dhr. D. Droshout (KUL/UM)
Mw. Mr. T.A. Hekster (VU)
Mw. Mr. L. Hendrix (VU)
Dhr. Mr.Ing. N.J. Margetson (UvA)
Mw. Mr. R. Rijnhout (UU)
Dhr. Mr. L. Smeehuijzen (VU)
Dhr. Mr. F. Sobczak (UM)
Mw. Mr. M. Stouten (UU)
Mw. Mr.Drs. M.S.A. Vegter (VU)
01-10-05
01-02-02
01-10-03
01-10-07
01-05-04
01-01-01
01-02-07
01-10-05
01-10-07
01-02-07
01-10-07
01-10-07
01-06-00
*
Einde
31-05-06
31-03-05
21-12-07
26-09-05
Participeerde voorheen in het opgeheven programma ‘Consumentenrecht’
D.
TREFWOORDEN
Aansprakelijkheid, Schadevergoeding, Verzekering
E.
SAMENVATTING PROGRAMMAOPZET
I.
Leiderschap, managementstijl & communicatie
Het programma wordt geleid door twee aan de Universiteit Maastricht verbonden onderzoeksleiders, Michael Faure en Ton Hartlief, die de coördinatie van
de werkzaamheden binnen het programma voor hun rekening nemen. Zij onderhouden regelmatig contacten met de andere onderzoeksleiders. In beginsel is
er één onderzoeksleider per betrokken instelling. Het betreft Arno Akkermans
voor de Vrije Universiteit Amsterdam, Herman Cousy voor de Katholieke Universiteit Leuven, Gerrit van Maanen (eveneens Universiteit Maastricht) en sedert (2005) zijn overgang van Tilburg naar Utrecht eveneens Ivo Giesen (Universiteit Utrecht).
154
Aansprakelijkheid en verzekering
Vanuit de coördinatoren wordt regelmatig via e-mailcorrespondentie met andere onderzoeksleiders overlegd over te ondernemen activiteiten, bijvoorbeeld
gezamenlijke congressen of de te organiseren workshop op de jaarlijkse Ius
Commune conferentie.
Daarnaast vinden regelmatig workshops plaats waaraan een groot deel van de
bij het programma betrokken onderzoekers deelnemen. Alle onderzoekers binnen het programma treffen elkaar derhalve minstens éénmaal per jaar tijdens de
jaarlijkse Ius Commune conferentie. Daarnaast wordt ook in het kader van vele
onderzoeksprojecten samengewerkt, in welk kader ook workshops en congressen worden georganiseerd.
II.
Programmaopzet
Het gezamenlijk onderzoek dat in het kader van deze onderzoeksgroep wordt
verricht richt zich op het blootleggen van de grondslagen van aansprakelijkheid
en verzekering. De groep kenmerkt zich qua methodologie door enerzijds een
gerichtheid op zowel positiefrechtelijk als fundamenteel onderzoek en anderzijds rechtsvergelijkend en multidisciplinair onderzoek. Het positiefrechtelijk
fundamenteel onderzoek richt zich meer bepaald op de vraag naar de doelstellingen van aansprakelijkheid en verzekering en naar de relatie tussen aansprakelijkheid en verzekering. Daarin staat bijvoorbeeld de vraag centraal in hoeverre een uitbreidende aansprakelijkheidslast van invloed is op de verzekerbaarheid van bepaalde risico's. Omgekeerd wordt ook de vraag gesteld in hoeverre verzekerbaarheid een criterium dient te zijn bij het afbakenen van de
grenzen van de aansprakelijkheid. Ten dele wordt, ter invulling van die vraag,
positiefrechtelijk onderzoek verricht waarin de aandacht uitgaat naar ontwikkelingen in het Nederlandse aansprakelijkheidsrecht, mede in het licht van ontwikkelingen in het buitenland en in Europa. Daarnaast wordt ook kritisch gereflecteerd op de rol van het aansprakelijkheidsrecht als compensatiemechanisme,
mede in het licht van andere vergoedingssystemen (aansprakelijkheidsverzekering, directe verzekering, sociale zekerheid, compensatiefondsen).
Het rechtsvergelijkend onderzoek heeft onder meer tot doel te pogen de grondslagen van het aansprakelijkheidsrecht in Europa bloot te leggen. Bij dat streven participeren de onderzoekers in verschillende Europese gremia die een gelijkaardige doelstelling hebben. Zo wordt door leden van de groep geparticipeerd in de European Group on Tort and Insurance Law, het project over the
European civil code en het case-books project. De multidisciplinaire benaderingswijze bestaat in de eerste plaats in een samenwerking met rechtseconomen
en verzekeringseconomen. De gedachte is dat een goed inzicht in verzekerbaarheid van aansprakelijkheid uitsluitend verkregen kan worden door ook de
rechtseconomie bij de analyse te betrekken. Daarnaast wordt sinds kort ook
voorzichtig bezien in hoeverre de cognitieve psychologie een inspiratiebron kan
zijn voor een juiste wijze van omgaan met het aansprakelijkheidsrecht (vgl.
155
Wetenschappelijk verslag 2005-2007
vooral de Utrechtse oratie van Giesen en, doch in mindere mate, de Rotterdamse oratie van Van Boom).
De onderzoeksgroep streeft bovendien ook naar het verwerven van middelen
vooral uit de tweede geldstroom, maar ten dele ook uit de derde geldstroom. Bij
dat laatste staat de onderzoeksgroep echter steeds voor ogen dat het derdegeldstroomonderzoek ondersteunend dient te zijn voor het fundamenteel wetenschappelijk onderzoek. Vereist is dan ook steeds dat onderzoeksresultaten, ook
wanneer deze door externe financiering tot stand kwamen, van zodanige kwaliteit zijn dat publicatie kan plaatsvinden. De onderzoeksgroep participeert in een
groot aantal tweede- en derdegeldstroomprojecten.
De onderzoeksgroep is voornemens om gezamenlijk met de partners uit de onderzoekschool de uitvoering van het onderzoeksprogramma voort te zetten. In
concreto betekent dit dat de aandacht zal blijven uitgaan naar congresorganisatie, gezamenlijke publicaties en publicatie van onderzoeksresultaten in
peer-reviewed tijdschriften. Ook zal steeds gepoogd worden via tweede- en
derdegeldstroomonderzoek extra middelen te werven.
De maatschappelijke relevantie van het binnen de onderzoeksgroep uitgevoerde
onderzoek behoeft nauwelijks enige toelichting. De onderzoeksgroep houdt
zich bezig met rechtseconomisch (multidisciplinair) en rechtsvergelijkend onderzoek waarbij, conform de centrale probleemstelling van het programma,
wordt onderzocht hoe aansprakelijkheid en verzekering kunnen worden ingezet
ter preventie van ongevallen en hoe een optimale compensatie kan worden geboden aan slachtoffers van ongevallen. Door dit vergelijkend onderzoek wordt
nagegaan welke de gemeenschappelijke grondslagen zijn van het aansprakelijkheidsrecht in Europa. Tegelijk wordt onderzocht in hoeverre een uitdijend
aansprakelijkheidsrecht de verzekerbaarheid in gevaar brengt en of op zoek
moet worden gegaan naar alternatieve mechanismen om compensatie aan
slachtoffers van ongevallen te bieden. Die vragen zijn, mede gelet op enkele
tragische voorvallen in de recente actualiteit, zeker maatschappelijk relevant.
III. Beoogde resultaten
Uit de hierboven beschreven programmaopzet volgt duidelijk dat de onderzoekers binnen dit programma aansprakelijkheid en verzekering beogen via zowel
positiefrechtelijk fundamenteel onderzoek als via rechtsvergelijkend en multidisciplinair onderzoek de grondslagen van aansprakelijkheid en verzekering
bloot te leggen. Deels wordt als resultaat beoogd beter inzicht te krijgen in de
rol van instrumenten zoals aansprakelijkheid en verzekering bij de preventie
van verschillende soorten ongevallen; daarbij wordt ook specifiek aandacht
besteed aan de onderscheiden rol van aansprakelijkheid en verzekering als
compensatiemechanisme naast andere vergoedingsmechanismen zoals sociale
zekerheid en compensatiefondsen. Deels wordt ook beoogd door het onderzoek
beter inzicht te krijgen in onderscheiden in aansprakelijkheid en verzekerings156
Aansprakelijkheid en verzekering
recht in verscheidene Europese rechtsstelsels en tenslotte wordt eveneens beoogd inzicht te verkrijgen in de vraag in welke mate een harmonisatie of minstens betere afstemming van het aansprakelijkheidsrecht binnen Europa in ontwikkeling is en in welke mate zulks als wenselijk kan worden gekwalificeerd.
IV. Relatie tot de onderzoeksschool
Er kan zowel een inhoudelijke als een praktische relatie tussen dit programma
en de onderzoeksschool Ius Commune worden blootgelegd. Op praktisch vlak
zijn de lijnen met de wetenschappelijke leiding van de Ius Commune onderzoeksschool uiteraard bijzonder kort aangezien een van de coördinatoren van
het programma aansprakelijkheid en verzekering tevens wetenschappelijk directeur van de Ius Commune onderzoekschool is. Dit garandeert een soepele en
vlotte doorstroming van informatie vanuit de wetenschappelijke leiding van de
Ius Commune onderzoekschool naar het programma en vice versa.
Op inhoudelijk vlak moge duidelijk zijn dat dit programma, zoals zojuist omschreven in de opzet, een bijdrage levert aan de centrale probleemstelling van
de Ius Commune onderzoeksschool. Immers, centraal in de onderzoeksschool
staat de vraag welke de rol is van het recht bij internationale integratieprocessen. Precies die vraag wordt binnen dit programma onderzocht op het specifieke terrein van het aansprakelijkheidsrecht en, in verband daarmee, de beschikbare verzekeringsdekking. Die fundamentele Ius Commune vraag wordt echter
niet alleen vanuit de traditionele rechtsvergelijking bekeken (onder meer door
de noodzaak van harmonisatie kritisch te bestuderen), doch tevens wordt fundamenteel onderzoek verricht naar de grondslagen van het aansprakelijkheidsrecht, ook in relatie tot andere instrumenten die parallel met het aansprakelijkheidsrecht kunnen worden ingezet ter vergoeding van slachtoffers.
V.
Academische reputatie
Vele onderzoekers uit de onderzoeksgroep participeren in internationale samenwerkingsverbanden. Hieronder zal bijvoorbeeld worden gewezen op de
participatie van leden van de groep in de European Group on Tort Law. Ook in
andere verbanden wordt samengewerkt zoals de Trento Group (meer bepaald is
Giesen namens Nederland nationaal rapporteur voor het onderdeel personal
injury compensation). Uit de publicatielijsten blijkt tevens dat vele leden van de
onderzoeksgroep publiceren in multidisciplinaire en ook internationale tijdschriften met een systeem van peer review. Daarnaast zijn ook vele leden van
de onderzoeksgroep (vooral de onderzoeksleiders) betrokken bij redactie van
tijdschriften en worden zij ook herhaaldelijk gevraagd om contractonderzoek
uit te voeren, hetzij voor de overheid (bijvoorbeeld het Ministerie van Justitie),
hetzij voor betrokken maatschappelijke actoren (zoals het Verbond van Verzekeraars of de Raad voor de Volksgezondheid en Zorg). Zulks kan als een indicatie van de reputatie van het programma worden beschouwd.
157
Wetenschappelijk verslag 2005-2007
Wat de indicaties van de reputatie van de onderzoeksgroep betreft kan in de
eerste plaats worden gewezen op de wervende kracht van de onderzoeksgroep
op het vlak van tweede- en derdegeldstroomonderzoek. De onderzoeksgroep is
in staat gebleken enkele grote projecten (vanuit SaRO en ZON) aan te trekken.
Daarenboven is de onderzoeksgroep ook in staat gebleken internationaal (vooral bij de Europese Commissie en de OESO) een wervende kracht op potentiële
opdrachtverstrekkers uit te oefenen, hetgeen als een indicatie van reputatie kan
worden gezien.
VI. Effecten van de samenwerking
De samenwerking heeft binnen dit programma de facto geleid tot vele projecten, gezamenlijke boeken en bundels, evenals conferenties die zonder de samenwerking in het kader van de Ius Commune onderzoekschool niet tot stand
zouden zijn gekomen. Bijna jaarlijks wordt een gezamenlijke bundel gepubliceerd en de samenwerking in het kader van eerst het SaRO-project en vervolgens het door NWO gefinancierde Shifts in Governance-programma maken
duidelijk dat ten gevolge van de samenwerking onderzoeksresultaten zijn gegenereerd die ook tot onderzoeksverbanden met anderen leiden. Bijvoorbeeld de
beide genoemde (door NWO gefinancierde) projecten (SaRO en Shifts in
Governance) werden uitgevoerd in samenwerking met de Universiteit van Tilburg. Bovendien kan nogmaals gewezen worden op de samenwerking met de
European Group on Tort Law en het European Centre of Tort and Insurance
Law (in Wenen).
F.
OPBOUW ONDERZOEKSINPUT WETENSCHAPPELIJK PERSONEEL
in fte's
2005
2006
2007
Hoogleraar
Universitair hoofddocent
Universitair docent
Postdocs
Junior onderzoekers (AIO/OIO)
2,85
0,20
0,60
0,23
1,20
2,95
0,20
0,43
0,30
1,20
3,13
0,30
0,20
0,30
3,43
G.
INHOUDELIJK OVERZICHT RESULTATEN
I.
Shifts in Governance
Deels als voortzetting van het SaRO-programma participeerden verscheidene
onderzoekers van het programma (onder meer Engelhard, Philipsen, Faure,
Hartlief en Van Maanen) in een nieuw programma dat in samenwerking met de
Universiteit van Tilburg (later: Erasmus Universiteit Rotterdam) is ontwikkeld
onder het motto ‘Shifts in Governance’. Dit NWO-gefinancierd programma
draagt als titel ‘The shift from civil law to public funding and backward’ en
werd gecoördineerd door Willem van Boom (thans EUR) in samenwerking met
158
Aansprakelijkheid en verzekering
Michael G. Faure (Maastricht). Het project had een looptijd van drie jaren en is
van start gegaan op 1 april 2004 en liep dus tot 1 april 2007.
Er vonden regelmatig workshops plaats en tweemaal werd ook een internationale conferentie gehouden, waarbij ook de andere onderzoekers van het programma worden betrokken.
In de kern bestudeerde het programma Shifts in Governance in welke mate een
verschuiving tussen private en publieke financieringssystemen heeft plaatsgevonden en wordt derhalve de relatie tussen het aansprakelijkheidsrecht, verzekering en andere financieringssystemen (zoals sociale zekerheid en compensatiesystemen) bestudeerd.
Dit gebeurt op de volgende terreinen:
- arbeidsongevallen en beroepsziekten;
- milieu;
- medische aansprakelijkheid en medische experimenten;
- rampen en terrorisme.
De belangrijkste resultaten van dit programma werden gepubliceerd in:
¾ Van Boom, W.H. en Faure, M. (eds.), Shifts in compensation between private and public systems, Wien New York: Springer, 2007.
¾ Faure, M. en Verheij, A. (eds.), Shifts in compensation for environmental
damage, Wien New York: Springer, 2007.
¾ Klosse, S. en Hartlief, T. (eds.), Shifts in compensating work-related injuries and diseases, Wien New York: Springer, 2007.
II.
Gemeenschappelijke activiteiten en publicaties
Verscheidene gezamenlijke publicaties en onderzoeksactiviteiten vonden de
afgelopen jaren plaats. Wij wijzen ondermeer op:
¾ European Group on Tort Law (eds.), Principles of European Tort Law. Text
and commentary, Wien New York: Springer, 2005.
¾ Faure, M. and Hartlief, T. (eds.), Financial Compensation for Victims of
Catastrophes. A Comparative Legal Approach, Wenen, Springer, 2006.
¾ Faure, M. and Hartlief, T., (red.), Financiële voorzieningen na rampen in
het buitenland, Den Haag, Boom Juridische uitgevers, 2006.
¾ Verscheidene leden van de onderzoekschool (en van dit programma Aansprakelijkheid en verzekering) hebben bijgedragen aan: Van Tiggelen-van
159
Wetenschappelijk verslag 2005-2007
der Velde, N., Kamphuisen, J.G.C. en Lauwerier, B.K.M. (red.), Liber Amicorum Prof.Mr. J.H. Wansink, Deventer, Kluwer, 2006 (met bijdragen van
onder meer Van Boom, Cousy, Faure en Hartlief en Van Schoubrouck.
¾ Op 20-21 januari 2005 werd een conferentie georganiseerd te Maastricht
onder de titel Financial compensation for victims of catastrophes. Deze
conferentie vormde de voortzetting van een contractonderzoek (zie infra
onder 4) over de financiële vergoeding voor slachtoffers van rampen. Aan
deze conferentie werd door vele onderzoekers in het programma deelgenomen.
¾ Tijdens het jaarlijks Ius Commune congres te Edinburgh op 1 december
2005 vond een workshop plaats met als thema Liability of Supervisors.
¾ Er vond een congres plaats in Leuven met als thema The Principles of European Tort Law, op 19 mei 2006.
¾ Tijdens de Ius Commune jaarvergadering te Utrecht op 30 november 2006
werd een workshop gehouden met als thema Rechtsvorming, aansprakelijkheid en verzekering in Ius Commune perspectief. Diverse onderzoekers bespraken dat thema vanuit een eigen perspectief, waarbij Giesen bijvoorbeeld reeds enkele voorlopige resultaten van zijn onderzoek voor diens
latere NJV-preadvies inzake ‘Alternatieve regelgeving’ (verdedigd te Haarlem op 8 juni 2007) besprak en ter discussie voorlegde aan de groep.
¾ Op 13 juni 2007 werd er ter ere van de inaugurale rede van W.V.H. Rogers
aan de UU als Wiarda-gasthoogleraar 2006 op het terrein van het ‘European
Tort Law’ een expert meeting gehouden over Third Parties Losses in a
Comparative Perspective onder leiding van dagvoorzitter Spier, met bijdragen van de onderzoekers Van Boom, Van Dam, Engelhard en Giesen. Dit
resulteerde tevens in een gezamenlijke publicatie in de Utrecht Law Review
eind 2007.
¾ Tijdens de Ius Commune jaarvergadering te Luik op 30 november 2007
werd een workshop gehouden met als thema The role of experts in establishing the amount of damage. De resultaten daarvan zullen in een themanummer van het Nederlands Tijdschrift voor Burgerlijk Recht (NTBR)
worden gepubliceerd en daarnaast zal ook een bundel tot stand komen onder
redactie van S. Lindenbergh en G. Van Maanen.
¾ In 2007 werd door de onderzoekers van de Ius Commune Onderzoekschool
geparticipeerd in een project over de rol van gedragswetenschappen in het
privaatrecht (onder leiding van I. Giesen, A.J. Verheij en W.H. van Boom).
Vanuit de onderzoekschool werd, naast die drie redacteuren, onder meer
geparticipeerd door M. Faure, E. Engelhard en S. Lindenbergh. In de eerste
helft van 2008 zullen de resultaten van een en ander in boekvorm verschij160
Aansprakelijkheid en verzekering
nen (bij BJu). Het project markeert de multidisciplinaire benadering die
binnen de onderzoeksschool meer en meer in zwang is geraakt.
III. Contractonderzoek
Rechtsvergelijkend onderzoek van griffierechtenstelsels
Het WODC-onderzoek gaat na op welke wijze de wetgeving in het buitenland
voorziet in een bijdrage van procederende partijen aan de kosten van de rechtspraak die door de overheid voor haar rekening wordt genomen in zaken van
niet-strafrechtelijke aard. Het onderzoek wordt uitgevoerd met het oog op het
verschaffen van inzicht in de relatie tussen bekostiging van de rechtspraak door
bijdragen van partijen enerzijds en anderzijds:
a. de hoogte van die kosten die voor rekening van de overheid blijven;
b. het beroep dat op door de overheid aan zich getrokken geschilbeslechting
wordt gedaan;
c. de kosten die voor rekening van partijen blijven;
d. de wijze waarop partijen de voor hun rekening blijvende kosten opbrengen;
e. de eisen die aan de toegang tot de rechtspraak worden gesteld door art. 6
EVRM.
Het rapport is beschikbaar via: <http://www.wodc.nl/images/ob242_volledige_
tekst_tcm44-59748.pdf>.
Internationale Vergelijking van Beloningssystemen in Juridische Beroepen
Ten gevolge van een discussie in Nederland of het actuele beloningssysteem
voor juridische beroepen en, strikter genomen of een resultaat gerelateerd beloningssysteem wenselijker zou zijn, concentreert dit WODC-onderzoeksproject
zich op de situatie in andere landen: verbieden zij het resultaat gerelateerd beloningssysteem of tolereren zij het, en als dat zo is onder welke voorwaarden?
De kern van het onderzoek richt zich op de internationale vergelijking van beloningssystemen in juridische beroepen in 7 landen: Ierland, Verenigd Koninkrijk, Griekenland, Duitsland, België, Frankrijk en Denemarken.
Het doel van dit project is de situatie te exploreren met betrekking tot dit resultaat gerelateerde beloningssysteem in de bovengenoemde landen en de mogelijke gevolgen voor het debat in Nederland.
Het rapport is beschikbaar via: <http://www.wodc.nl/images/1347_volledige_
tekst_tcm44-59425.pdf>.
Honoraria van Belangenbehartigers in Letselschadezaken
Onderzoek in opdracht van de Stichting Personenschade Instituut van Verzekeraars (PIV). Onderzoekers: M. Faure, N. Philipsen, F. Fernhout.
Onderzocht is hoe de Buitenrechtelijke Kosten (BGK) zijn geëvolueerd van
2001-2006, onder meer in vergelijking met andere parameters, zoals het indexcijfer. Op basis van een onderzoek van meer dan duizend dossiers is onder
161
Wetenschappelijk verslag 2005-2007
meer inzicht verkregen in de relatie tussen het bedrag aan BGK en de totale
schadevergoeding.
Aansprakelijkheid van toezichthouders
Cees van Dam deed in 2006 in opdracht van het WODC onderzoek naar de
aansprakelijkheid van toezichthouders in Nederland en de landen om ons heen,
inclusief de EU en het stelsel van het EVRM. Meer bepaald werd onderzocht in
hoeverre het huidige Nederlandse systeem van aansprakelijkheid op dit vlak
momenteel voldoende functioneert en of wijzigingen daarin nodig zouden zijn.
Van Dam concludeert onder andere dat de huidige regels prima geschikt zijn
om deze nieuwe vorm van aansprakelijkheid te reguleren en dat een immuniteit
van toezichthouders niet aan de orde is.
Het rapport is beschikbaar via:
deel 1: <http://www.wodc.nl/images/1189_deel1_volledige%20tekst_tcm4459297.pdf>.
deel 2: <http://www.wodc.nl/images/1189_deel2_volledige%20tekst_tcm4459298.pdf>.
IV. Samenwerking met de European Group on Tort Law, ECTIL en
Cambridge
Verscheidene leden van de onderzoekschool (Akkermans, Van Boom, Cousy,
Faure, Giesen, Hartlief) nemen deel aan activiteiten in het kader van het European Centre of Tort and Insurance Law en het daaraan gelieerde Research Unit
for European Tort Law en participeren in de publicaties van het centre.
Zo participeerden Van Boom, Cousy en Faure aan de publicatie van P. Widmer
over Unification of Tort Law: Fault (The Hague, Kluwer Law International,
2005) en participeerden verschillende leden (waaronder Faure en Spier) aan het
door G. Wagner geredigeerde boek Tort Law and Liability Insurance (Wien
New York: Springer, 2005). Ook werd door verschillende leden (onder meer
van Boom) bijgedragen aan de ECTIL publicatie onder redactie van MartinCasals over Children in Tort Law: part I: Children as Tort Feasors (Wien New
York: Springer, 2006). Bovendien participeerden Van Boom en Giesen in het
vanuit het ECTIL opgezette Digest project (gericht op de Engelstalige ontsluiting van nationale rechtspraak uit diverse Europese landen over thema's uit het
aansprakelijkheidsrecht), waarvan het eerste deel over condicio sine qua non in
2007 verscheen.
Tevens werd in 2006 een begin gemaakt met een samenwerking met Cambridge in een project over European Legal Development (o.l.v. John Bell en David
Ibbetson) dat speciaal focust op het aansprakelijkheidsrecht en de ontwikkeling
van ‘fault’ tussen 1850 en 2000 (Giesen, Hondius, Verheij, Van Dam, Van
Maanen en Engelhard).
162
Aansprakelijkheid en verzekering
Verscheidene onderzoekers participeerden ook in het door van Boom geïnitieerde project over tort law and regulatory law. In dat kader werd een conferentie bij Ectil in Wenen georganiseerd en in 2007 een bundel gepubliceerd met
verscheidene bijdragen van onderzoekers van de school.
H.
VOORTZETTING
Waar het oorspronkelijke programma voornamelijk de nadruk legde op het
klassieke aansprakelijkheidsrecht en verzekering is, na de actualisering van het
programma en aanpassing van de methodologische benadering, een lichte inhoudelijke bijstelling waar te nemen:
-
waar in een eerste periode voornamelijk rechtsvergelijkend aan aansprakelijkheidsrecht werd gedaan, waarbij de verschillen tussen aansprakelijkheidssystemen in Europa in kaart werden gebracht onderzoekt de onderzoeksgroep nu in toenemende mate ook kritisch in hoeverre een harmonisatie van aansprakelijkheidsrecht in Europa daadwerkelijk tot stand moet;
dit kritische verkennen van de grenzen van harmonisatie zal ook de komende jaren verder worden gezet;
-
aanvankelijk werd ook vooral onderzoek gedaan naar de functie van het
aansprakelijkheidsrecht, ook in relatie tot de mogelijke verzekerbaarheid.
Dat onderzoek van verschillende leden van de onderzoeksgroep heeft echter
tot de vraag geleid of er geen aanleiding is tot een fundamentele heroriëntering van het aansprakelijkheidsrecht: een oproep waaraan door de onderzoeksgroep gehoor zal worden gegeven (zo is er in Utrecht een aio-project
van start gegaan over het nut en de noodzaak van een fundamentele herziening van het schadevergoedingsrecht voor derden);
-
waar oorspronkelijk voornamelijk aandacht werd besteed aan de wisselwerking tussen aansprakelijkheid en verzekering (bijvoorbeeld door onderzoek naar regres, maar ook naar de verzekerbaarheid van aansprakelijkheid)
wordt thans ook in toenemende mate aandacht besteed aan de relatie tussen
het aansprakelijkheidsrecht en andere vergoedingssystemen, zoals het sociale zekerheidsrecht, maar ook compensatiefondsen. Specifiek bij nieuwe
risico's en grootschalige schadegevallen zoals rampen rijst de vraag naar de
specifieke functie van het aansprakelijkheidsrecht vergeleken met andere
compensatiesystemen. Juist daarom zoekt de onderzoeksgroep steeds meer
samenwerking met sociale zekerheidsjuristen;
-
deze multidisciplinaire is ook voortgezet bij de zoektocht naar de functies
van het aansprakelijkheidsrecht. Bijvoorbeeld bij het zoeken naar de rol van
het aansprakelijkheidsrecht bij de verwerking van persoonlijk leed wordt
ondermeer door samenwerking met psychologen nagegaan welke gevolgen
een schadegeval voor een slachtoffer heeft en in welke mate het aansprakelijkheidsrecht daaraan tegemoet kan komen. In dit verband kan ook worden
163
Wetenschappelijk verslag 2005-2007
gewezen op het door Akkermans en collegae uitgevoerde onderzoek, waarbij de behoeften van slachtoffers werden geïnventariseerd;
Dit maakt duidelijk dat ook een samenwerking met medici en meer bepaald een
onderzoek naar de medische expertise noodzakelijk is. In toenemende mate
wordt dan ook aandacht besteed aan de rol van deskundigen voor de beoordeling van aansprakelijkheid en verzekering. Traditioneel werd dit door vele leden van de onderzoeksgroep reeds onderzocht in het kader van causaliteitsvragen, toch thans wordt ook in ruimer kader aan de (medische) expertise aandacht
besteed.
I.
KERNPUBLICATIES
De gekozen kernpublicaties bieden een beeld van het type onderzoek dat binnen de onderzoeksgroep wordt verricht. De bundels bevatten bijdragen van
verschillende leden uit de onderzoeksgroep vanuit de diverse faculteiten. Daarenboven behandelen de bundels belangrijke thema's vanuit een grensverleggend
perspectief.
Faure, M.G. & Hartlief, T. (Eds.). (2006). Financial Compensation for Victims
of Catastrophes. A Comparative Legal Approach. Wien New York: Springer.
(466 + xvi p.)
Boom, W.H. van & Faure, M.G. (Eds.). (2007). Shifts in Compensation
between Private and Public Systems (Tort and Insurance Law, 22). Wien New
York: Springer. (vii + 246 p.)
J.
UITSTEKENDE PUBLICATIES
Giesen, I. (2005). Toezicht en aansprakelijkheid. Een rechtsvergelijkend onderzoek naar de rechtvaardiging voor de aansprakelijkheid uit onrechtmatige
daad van toezichthouders ten opzichte van derden (Recht en Praktijk, 132).
Deventer: Kluwer. (XII + 251 p.)
Boom, W.H. van (2006). Efficacious Enforcement in Contract and Tort
(Inaugurele rede Erasmus Universiteit, 21 april 2006). Den Haag: Boom
Juridische uitgevers. (63 p.)
Dam, C.C. van (2006). European Tort Law. Oxford: Oxford University Press.
(LVIII + 538 p.)
Hartlief, T. & Klosse, S. (Eds.). (2007). Shifts in compensating work-related
injuries and diseases (Tort and Insurance Law, 20). Wien New York: Springer
Verlag. (ix + 236 p.)
164
Aansprakelijkheid en verzekering
K.
DISSERTATIES
Vegter, M.S.A. (26 september 2005). Vergoeding van psychisch letsel door de
werkgever. Vrije Universiteit (756 p.) (Den Haag: Sdu). Prom./coprom.: Prof.
A. Akkermans & Prof. G.J.J. Heerma van Voss.
Deben, L. (21 december 2007). De optimale inrichting van de verkeersboete in
België en Nederland vanuit een strafrechtelijk en bestuursrechtelijk perspectief.
Een juridische en rechtseconomische analyse (xxi + 405 p.) (Antwerpen:
Intersentia). Prom/coprom.: Prof. M.G. Faure & Prof. L. Vereeck.
L.
OVERZICHT VAN ALLE OVERIGE PUBLICATIES
WETENSCHAPPELIJKE PUBLICATIES
Akkermans, A. (2005). Proportional liability in cases of lung cancer. In S.P.
McGriffen (Ed.), The Polluter pays. Notes from the international conference on
asbestos held in Amsterdam in May, 2004 (p. 131-134). Hoorn: Comité Asbestslachtoffers.
Akkermans, A. (2005). Verbeterde vraagstelling voor medische expertises. Een
inventarisatie van knelpunten, verbeteringen en mogelijke verdere aanpak. Tijdschrift voor Vergoeding Personenschade, 2005-3, 69-80.
Akkermans, A., Van, A.J. & Elferink, M.H. (2005). Verbetering van het
medische traject: De activiteiten van de Projectgroep medische deskundigen in
de rechtspleging en de IWMD. Tijdschrift voor Vergoeding Personenschade, 4,
116-121.
Akkermans, A. (2006). Verbetering van het medische traject. In J. Smit (Ed.),
Kwaliteitsverbetering van het letselschadetraject: inleidingen gehouden op het
symposium van de Vereniging van Letselschade Advocaten 2006 (Letselschadereeks, 17) (p. 53-65). Den Haag: Sdu.
Akkermans, A. & Orsouw, E.M. van (2006). Nu is het er dan toch echt: het
nieuwe verzekeringsrecht. In M.M. MacLean (Ed.), Nieuw verzekeringsrecht.
De wettelijke regeling per 1 januari 2006 (p. 14-32). Amsterdam: Kennedy
Van der Laan.
Akkermans, A.J. (2007). Meer aandacht voor emotionele dimensie komt herstel
van het slachtoffer ten goede. PIV-Bulletin, 7, 1-6.
Akkermans, A.J. & Groot, G. (2007). Schadevaststelling, bewijslastverdeling
en deskundigenbericht. Nederlands Tijdschrift voor Burgerlijk Recht, 501-509.
165
Wetenschappelijk verslag 2005-2007
Akkermans, A.J. & Hendrix, L.G.J. (2007). Causaliteitsonzekerheid bij
informed consent. Beschouwingen naar aanleiding van Chester v. Afshar. Tijdschrift voor Gezondheidsrecht, 7, 498-515.
Akkermans, A.J. & Wees, K.A.P.C. (2007). Het letselschadeproces in therapeutisch perspectief. Hoe door verwaarlozing van zijn emotionele dimensie het
afwikkelingsproces van letselschade tekortschiet in het nastreven van de eigen
doeleinden. Tijdschrift voor Vergoeding Personenschade, 4, 103-118.
Akkermans, A.J., Wees, K.A.P.C., Huver, R.M.E. & Elbers, N.A. (2007). Meer
dan geld alleen. Resultaten van een onderzoek naar behoeften, verwachtingen
en ervaringen van slachtoffers en hun naasten met betrekking tot het civiele
aansprakelijkheidsrecht. Ars Aequi: juridisch studentenblad, 56, 852-861.
Boom, W. van (2005). Fault under Dutch Law. In P. Widmer (Ed.), Unification
of Tort Law: Fault (p. 167-178). The Hague: Kluwer Law International.
Boom, W. van (2005). 29 955: een klein wetsvoorstel dat grote ergernis teweeg
brengt. Nederlands Juristenblad, 12, 635-636.
Boom, W. van (2005). Een uiting van maatschappelijke betrokkenheid. Aansprakelijkheid, Verzekering & Schade, 2(11), 60-67.
Boom, W. van (2005). Some remarks on the Decline of Rylands v Fletcher and
the Disparity of European Strict Liability Regimes. Zeitschrift für Europäisches
Privatrecht, 3, 618-637.
Boom, W.H. van et al. (Eds.). (2006). Eenvormig bedrijfsrecht: realiteit of
utopie? (Rotterdam Institute of Private Law, 1). Den Haag: Boom Juridische
uitgevers. (VIII + 380 p.)
Boom, W.H. van (2006). Children as victims under Dutch law. In M. MartínCasals (Ed.), Children in Tort Law Part II: Children as Victims (Tort and
insurance law, 17 and 18) (p. 175-189). Wien New York: Springer.
Boom, W.H. van (2006). Children as tortfeasors under Dutch law. In M.
Martín-Casals (Ed.), Children in Tort Law: Part I: Children as Tortfeasors
(Tort and insurance law, 17 and 18) (p. 291-309). Wien New York: Springer.
Boom, W.H. van (2006). Compensatie bij geboorteschade – verschuivingen van
aansprakelijkheid naar alternatieve vergoedingsarrangementen. In M. Buijsen
(Ed.), Onrechtmatig leven? Opstellen naar aanleiding van Baby Kelly (p. 181230). Nijmegen: Valkhof Pers.
Boom, W.H. van (2006). Compensating and preventing damage: is there any
future left for tort law? In H. Tiberg (Ed.), Essays on tort, insurance, law and
society in honour of Bill W. Dufwa (p. 287-293). Stockholm: Jure Förlag AB.
166
Aansprakelijkheid en verzekering
Boom, W.H. van (2006). Oublié d’assurer, obligé de compenser? Enige
opmerkingen over aansprakelijkheid van de werkgever wegens het niet verzekeren van zijn werknemer. In N. van Tiggele-van der Velde et al. (Eds.), De
Wansink-bundel: van draden en daden: liber amicorum prof. mr. J.H. Wansink
(Serie verzekeringsrecht) (p. 61-72). Deventer: Kluwer.
Boom, W.H. van & Doorn, C.J.M. van (2006). Productaansprakelijkheid en
productveiligheid. In E.H. Hondius & G.J. Rijken (Eds.), Handboek consumentenrecht: een overzicht van de rechtspositie van de consument (p. 261-280).
Zutphen: Paris.
Boom, W.H. van & Kottenhagen, R.J.P. (2006). De Richtlijn oneerlijke
bedingen en haar plaats in het Nederlandse recht. In W. van Boom et al. (Eds.),
Eenvormig bedrijfsrecht: realiteit of utopie? (Rotterdam Institute of Private
Law, 1) (p. 181-230). Den Haag: Boom Juridische uitgevers.
Boom, W.H. van (2006). Compensatie voor geboorteschade – van aansprakelijkheid naar ‘no-fault’? Aansprakelijkheid, Verzekering & Schade, 1, 8-24.
Boom, W.H. van (2006). Financiële toezichtwetgeving en nietige overeenkomsten. Vermogensrechtelijke annotaties, 1, 1-36.
Boom, W.H. van, Lindenbergh, S.D. & Pape, S.B. (Eds.). (2007). Privaatrecht
ondersteund – Doelen, baten, kosten en effecten van bijzondere ondersteuning
door de overheid van privaatrechtelijke handhaving. Den Haag: Boom
Juridische uitgevers. (239 p.)
Boom, W.H. van, Lukas, M. & Kissling, C. (Eds.). (2007). Tort and Regulatory
Law (Tort and Insurance Law, 19). Wien New York: Springer. (xi + 477 p.)
Boom, W.H. van (2007). On the Intersection between Tort Law and Regulatory
Law – A Comparative Analysis. In W.H. van Boom, M. Lukas & C. Kissling
(Eds.), Tort and Regulatory Law (Tort and Insurance Law, 19) (p. 419-448).
Wien New York: Springer.
Boom, W.H. van & Faure, M.G. (2007). Introducing Shifts in Compensation
between Private and Public Systems. In W.H. van Boom & M. Faure (Eds.),
Shifts in Compensation between Private and Public Systems (Tort and
Insurance Law, 22) (p. 1-27). Wien New York: Springer.
Boom, W.H. van & Faure, M.G. (2007). Concluding Remarks. In W.H. van
Boom & M. Faure (Eds.), Shifts in Compensation between Private and Public
Systems (Tort and Insurance Law, 22) (p. 219-236). Wien New York: Springer.
Boom, W.H. van & Pinna, A. (2007). Shifts from Liability to Solidarity: The
Example of Compensation of Birth Defects. In W.H. van Boom & M.G. Faure
(Eds.), Shifts in Compensation between Private and Public Systems (Tort and
Insurance Law, 22) (p. 143-180). Wien New York: Springer.
167
Wetenschappelijk verslag 2005-2007
Boom, W.H. van, Lindenbergh, S.D. & Pape, S.B. (2007). Inleiding. In W.H.
van Boom, S.D. Lindenbergh & S.B. Pape (Eds.), Privaatrecht ondersteund –
Doelen, baten, kosten en effecten van bijzondere ondersteuning door de
overheid van privaatrechtelijke handhaving (p. 1-12). Den Haag: Boom
Juridische uitgevers.
Boom, W.H. van (2007). Effectuerend handhaven in het privaatrecht.
Nederlands Juristenblad, 16, 982-991.
Boom, W.H. van, Doorn, C.J.M. van, Pape, S.B., Sujecki, B. & Tuil, M.L.
(2007). Informatie en financiële dienstverlening aan consumenten. Tijdschrift
voor Consumentenrecht & Handelspraktijken, 3, 75-82.
Borry, P., Nys, H. & Dierickx, K. (2007). Carrier testing in minors: conflicting
views. Nature Review Genetics, 8, 828.
Borry, P., Goffin, T., Nys, H. & Dierickx, K. (2007). Attitudes regarding carrier
testing in incompetent children. A survey of European clinical geneticists.
European Journal of Human Genetics, 15, 1211-1217.
Borry, P., Stultiëns, L., Nys, H. & Dierickx, K. (2007). Attitudes towards
predictive genetic testing in minors for familial breast cancer: a systematic
review. Critical Reviews in Oncology Hematology, 64, 173-181.
Brans, E.H.P. (2005). De EU-richtlijn Milieuaansprakelijkheid. In R.
Mellenbergh & R. Uylenburgh (Eds.), Aansprakelijkheid voor schade aan de
natuur (p. 33-56). Groningen: Europa Law Publishing.
Brans, E.H.P. (2005). Liability for Damage to Public Natural Resources under
the 2004 EC Environmental Liability Directive. European Environmental Law
Review, 90-109.
Brans, E.H.P. (2006). De positie van de vervuiler onder de vernieuwde Wet
bodembescherming. Tijdschrift voor Milieuschade en Aansprakelijkheid, 2, 4345.
Brans, E.H.P. (2007). Het wetsvoorstel tot implementatie van de EU richtlijn
Milieuaansprakelijkheid (2004/35/EG). Milieu en Recht, 34(9), 536-545.
Bruggeman, V., Faure, M.G. & Hartlief, T. (2007). Verplichte verzekering in
België. Bulletin des Assurances. Tijdschrift voor Verzekeringen, 361, 387-402.
Callens, S., Volbragt, I. & Nys, H. (2007). Legal thoughts on the implications
of cost-reducing guidelines for the quality of health care. Health Policy, 83,
422-431.
168
Aansprakelijkheid en verzekering
Cousy, H. (2005). Het regres van de eindverkoper en andere aansprakelijkheidsvorderingen. In S. Stijns & J. Stuyck (Eds.), Het nieuwe kooprecht. De
wet van 1 september 2004 betreffende de bescherming van de consumenten bij
verkoop van consumptiegoederen (p. 129-145). Antwerpen: Intersentia.
Cousy, H. (2005). Het voorzorgsbeginsel: een confrontatie van recht, wetenschap, technologie en verzekering. In Lustrumboek 40 jaar Jura Falconis (Jura
Falconis Libri) (p. 1-12). Brussel: Larcier.
Cousy, H. & Droshout, D. (2005). Fault under Belgian Law. In P. Widmer
(Ed.), Unification of Tort Law (Principles of European tort law, 10) (p. 27-51).
The Hague: Kluwer Law International.
Cousy, H. (2006). Drei Bemerkungen zu gegenwärtigen Tendenzen des
europäischen Versicherungsvertragsrechts. In E. Lorenz (Ed.), Karlsruher
Forum 2005: Schuldrechtsmodernisierung – Erfahrungen seit dem 1. Januar
2002 (VersR-Schriftenreihe, 34) (p. 218-223). Karlsruhe: Verlag Versicherungswirtschaft GmbH.
Cousy, H. (2006). Insurance Law. In J.M. Smits (Ed.), Elgar Encyclopedia of
Comparative Law (p. 312-324). Cheltenham: Edward Elgar.
Cousy, H. (2006). Le droit des assurances en Belgique ou la question de savoir
si le beau ou le mauvais temps à Paris influence toujours celui de Bruxelles (en
tant que capitale de la Belgique). In H. Cousy, B. Tilleman, A. Verbeke & L.
Thévenoz (Eds.), Droit des contrats: France, Suisse, Belgique (Contrats &
Patrimoine) (p. 313-333). Bruxelles: De Boeck & Larcier.
Cousy, H. (2006). The future of insurance contract law: towards a
‘rapprochement’ of insurance contract law and the rules of conduct in financial
services. In New Trends in the Law of Insurance Contracts, International
Congress of Athens. (p. 12-20). Athens: A.N. Sakkoulas Editions.
Cousy, H. (2006). ‘L'arroseur arrosé’ ou quelques considérations sur la responsabilité civile des autorités de surveillance du secteur financier. In M. Asselain,
J.-L. Aubert & C. Belleau (Eds.), Responsabilité civile et assurances Etudes
offertes à Hubert Groutel (Litec – JurisClasseur) (p. 105-117). Paris: Litec/
LexisNexis.
Cousy, H. (2006). Le spleen de Paris and The Art of Harmonisation and
Restatement. In H. Tiberg (Ed.), Essays on Tort, Insurance, Law and Society in
honour of Bill W. Dufwa (p. 355-365). Stockholm: Jure Förlag AB.
Cousy, H. & Schoubroeck, C. van (2006). The influence of scientific and
technological innovations on personal insurance (Belgian report). XII AIDA
World Conference on Insurance Law: Buenos Aires (2006, oktober 16 – 2006,
oktober 19). Available from: <http://www.aidaargentina.com.ar> [31-10-2006].
169
Wetenschappelijk verslag 2005-2007
Cousy, H. (2006). El principio de precaución y sus relaciones con el derecho de
seguros. Ibero-Latinoamericana de Seguro, 23, 11-31.
Cousy, H. & Schoubroeck, C. Van (Eds.). (2007). Discriminatie in verzekering
– Discrimination et Assurance. Antwerpen/Brussel: Maklu Uitgevers/Academia
Bruylant. (294 p.)
Cousy, H., (2007). Het herkwalificatiedebat vanuit verzekeringstechnische
hoek bekeken. L. Ballon, H. Cousy, W. Devroe, K. Geens, J. Stuyck, B.
Tilleman & P. Van Orshoven (Eds.), Liber Amicorum Frans Vanistendael
(p. 71-79). Herentals: Knops Publishing.
Cousy, H. (2007). Pikante details over een beruchte driehoeksverhouding: de
rechtstreekse vordering in de aansprakelijkheidsverzekering. In Aansprakelijkheid, aansprakelijkheidsverzekering en andere schadevergoedingssystemen,
2006-2007 (Gandaius – Postuniversitaire Cyclus Willy Delva) (p. 417-455).
Mechelen: Kluwer Rechtswetenschappen.
Cousy, H. & Droshout, D. (2007). De ‘Principles of European Tort Law’
(PETL) – Proeve van een Nederlandstalige versie. In A. Alen, E. Dirix, W. Pintens & P. Senaeve (Eds.), Feestbundel Hugo Vandenberghe (p. 71-89). Brugge:
die Keure.
Cousy, H. (2007). El fin del seguro? Consideraciones sobre el seguro privado y
sus fronteras. Foro de Derecho Mercantil: Revista Internacional, 14, 7-29.
Cousy, H. (2007). Gedragsnormen: een nieuwe rechtsbron in het financiële
recht. Le droit des affaires // Het ondernemingsrecht, 82, 253-257.
Cousy, H. (2007). Komt er dan toch een Europese harmonisatie van het
verzekeringscontractenrecht? Tijdschrift voor Belgisch Handelsrecht, 8, 741746.
Dam, C.C. van (2005). Dutch Case Law on the EU Product Liability Directive.
In D. Fairgrieve (Ed.), Product Liability in Comparative Perspective (p. 126137). Cambridge: Cambridge University Press.
Dam, C.C. van (2005). De directe actie in het nieuwe verzekeringsrecht. Verkeersrecht: Juridisch Maandblad Betreffende het Wegverkeer, 53, 101-106.
Dam, C.C. van (2006). Aansprakelijkheid van Toezichthouders. Een analyse
van de aansprakelijkheidsrisico's voor toezichthouders wegens inadequaat
handhavingstoezicht en enige aanbevelingen voor toekomstig beleid. London:
British Institute of International and Comparative Law. (309 p.)
Dam, C.C. van (2006). Toezicht. Interventie bij het preadvies van prof. mr A.A.
van Rossum (10 juni 2005). In Handelingen Nederlandse Juristen-Vereniging,
135(2). (p. 25-28). Deventer: Kluwer.
170
Aansprakelijkheid en verzekering
Dam, C.C. van (2006). Het nieuwe verzekeringsrecht en het Indemniteitsbeginsel. Verkeersrecht: Juridisch Maandblad Betreffende het Wegverkeer, 5,
133-136.
Dam, C.C. van, Sterk, C.H.W.M. & Wassenaer, G.M. van (2006). 100 Jaar
Wegenverkeerswetgeving. De invloed van verkeersarresten op het algemene
aansprakelijkheidsrecht. Verkeersrecht: Juridisch Maandblad Betreffende het
Wegverkeer, 11, 347-354.
Dam, C.C. van (Ed.). (2007). Aansprakelijkheid van de wegbeheerder. Den
Haag: ANWB. (224 p.)
Dam, C.C. van (2007). De gemiddelde consument in Europa: een pluriforme
verschijning. In D. Busch & H.N. Schelhaas (Eds.), Vergelijkender Wijs
(Kluwer rechtswetenschappelijke publicaties) (p. 59-73). Deventer: Kluwer.
Dam, C.C. van (2007). European Tort Law and the Many Cultures of Europe.
In T. Wilhelmsson, E. Paunio & A. Pohjolainen (Eds.), Private Law and the
Many Cultures of Europe (p. 57-80). The Hague: Kluwer Law International.
Dam, C.C. van (2007). Inleiding. In C.C. van Dam (Ed.), Aansprakelijkheid
van de wegbeheerder (p. 9-12). Den Haag: ANWB.
Dam, C.C. van & Budaite, E. (2007). The Statutory Frameworks and General
Rules on Unfair Commercial Practices in the 25 EU Member States on the Eve
of Harmonisation. In C. Twigg-Flesner, D. Parry, G. Howells & A. Nordhausen
(Eds.), The Yearbook of Consumer Law 2008 (p. 107-139). Aldershot: Ashgate.
Dam, C.C. van (2007). Aansprakelijkheid van de Europese Commissie en de
NMa voor falend toezicht op fusies en overnames. Naar aanleiding van GEA 11
juli 2007, Zaak T-351/03 (Schneider Electric/Commissie). Nederlands tijdschrift voor Europees recht, 272-283.
Dam, C.C. van (2007). Aansprakelijkheid van de wegbeheerder in Engeland,
Frankrijk en Duitsland. Verkeersrecht, 55, 404-407.
Dam, C.C. van, Engelhard, E.F.D. & Giesen, I. (2007). Third Party Losses in a
Comparative Perspective – Three Short Lectures in Honour of W.H.V. Rogers.
Utrecht Law Review, 3(2), 70-100. [Online]. Available from: <http://www.
utrechtlawreview.org/publish/articles/000046/article.pdf> [01-06-2007].
De Bauw, M., Decock, G., D'Hanis, H., Janssens, V., Nys, H., Peeters, E.,
Vancorenland, K. & Vandemoortel, J. (2007). Recht voor Verpleegkundigen en
Vroedvrouwen. Mechelen: Kluwer. (501 p.)
Deben, L. & Vereeck, L.M.C. (2007). Naar een nieuw sanctioneringsmodel in
het verkeer: welke weg inslaan? Verkeer, aansprakelijkheid en verzekering, 1,
1-7.
171
Wetenschappelijk verslag 2005-2007
Engelhard, E.F.D. (2006). Kroniek Schadevergoedingsrecht. Aansprakelijkheid,
Verzekering & Schade, 14-28.
Engelhard, E.F.D. (2007). Shifts of Work-Related Injury Compensation. Background Analysis: The Concurrence of Compensation Schemes. In T. Hartlief &
S. Klosse (Eds.), Shifts in compensating work-related injuries and diseases
(Tort and Insurance Law, 20) (p. 9-82). Wien New York: Springer Verlag.
Faure, M.G. (2005). Economic Analysis of Fault. In P. Widmer (Ed.), Unification of Tort Law: Fault (p. 311-330). The Hague: Kluwer Law International.
Faure, M.G. (2005). Financial compensation in case of catastrophes: a European law and economics perspective. In H. Koziol & B.C. Steininger (Eds.),
European Tort Law 2004 (p. 2-27). Wien New York: Springer.
Faure, M.G. (2005). Risicodifferentiatie als eis van maatschappelijk verantwoord ondernemen. In J.J.A. Hamers, C.A. Schwarz & B.T.M. Steins Bisschop
(Eds.), Noodzaak, plicht of wenselijkheid van maatschappelijk verantwoord
ondernemen. Een multi-disciplinaire verkenning (p. 153-168). Den Haag:
Boom Juridische uitgevers.
Faure, M.G. (2005). The view from law and economics. In G. Wagner (Ed.),
Tort Law and Liability Insurance (p. 239-273). Wien New York: Springer.
Faure, M.G. (2005). Solidariteit en individualisering in private verzekering en
sociale zekerheid. Nederlands Juristenblad, 1786-1791.
Faure, M.G. & Hartlief, T. (Eds.). (2006). Financiële voorzieningen na rampen
in het buitenland. Den Haag: Boom Juridische uitgevers. (180 + xvii p.)
Faure, M.G. (2006). Accident Compensation. In J.M. Smits (Ed.), Elgar
Encyclopedia of Comparative Law (p. 1-17). Cheltenham: Edward Elgar.
Faure, M.G. (2006). Solidarity versus Differentiation in Insurance Contracts. In
H. Tiberg et al. (Eds.), Essays on Tort, Insurance, Law and Society in Honor of
Bill W. Dufwa (p. 445-456). Stockholm: Jure Förlag.
Faure, M.G. (2006). Comparative and Policy Conclusions. In M. Faure & T.
Hartlief (Eds.), Financial Compensation for Victims of Catastrophes. A Comparative Legal Approach (p. 389-452). Wien New York: Springer.
Faure, M.G. & Hartlief, T. (2006). Introduction. In M. Faure & T. Hartlief
(Eds.), Financial Compensation for Victims of Catastrophes. A Comparative
Legal Approach (p. 1-6). Wien New York: Springer.
Faure, M.G. & Hartlief, T. (2006). The Netherlands. In M. Faure & T. Hartlief
(Eds.), Financial Compensation for Victims of Catastrophes. A Comparative
Legal Approach (p. 195-226). Wien New York: Springer.
172
Aansprakelijkheid en verzekering
Faure, M.G. & Hartlief, T. (2006). Inleiding. In M. Faure & T. Hartlief (Eds.),
Financiële voorzieningen na rampen in het buitenland (p. 1-7). Den Haag:
Boom Juridische uitgevers.
Faure, M.G. & Hartlief, T. (2006). Rechtsvergelijking. In M. Faure & T.
Hartlief (Eds.), Financiële voorzieningen na rampen in het buitenland (p. 81121). Den Haag: Boom Juridische uitgevers.
Faure, M.G. & Hartlief, T. (2006). Analyse. In M. Faure & T. Hartlief (Eds.),
Financiële voorzieningen na rampen in het buitenland (p. 123-158). Den Haag:
Boom Juridische uitgevers.
Faure, M.G. & Hartlief, T. (2006). Compensatie voor Beroepsziekten en de
Zorg voor betere Arbeidsomstandigheden. In S. Klosse et al. (Eds.), Arbeid en
Gezondheid. Schipperen tussen Verantwoordelijkheid en Bescherming. Had
Geers het geweten! (p. 179-196). Maastricht: UPM.
Faure, M.G. & Hartlief, T. (2006). Samenvatting en aanbevelingen. In M. Faure
& T. Hartlief (Eds.), Financiële voorzieningen na rampen in het buitenland (p.
159-171). Den Haag: Boom Juridische uitgevers.
Faure, M.G. & Hartlief, T. (2006). The Netherlands. In H. Koziol & B.C.
Steininger (Eds.), European Tort Law (p. 414-443). Wien New York: Springer.
Faure, M.G. & Hartlief, T. (2006). Verplichte verzekering. In N. VantiggeleVan der Velde, J.G.C. Kamphuizen & B.K.M. Lauwerier (Eds.), De Wansink
bundel. Van draden en daden (p. 223-246). Deventer: Kluwer.
Faure, M.G. (2006). Economic Criteria for Compulsory Insurance. Geneva
Papers on Risk and Insurance Theory, 31, 149-168.
Faure, M.G. & Bergh, R. van den (2006). Compulsory Insurance of loss to
property caused by natural disasters: competition or solidarity? World Competition, 29(1), 25-54.
Faure, M.G., Fenn, P. & Young, R. (2006). Defenses in negligence: implications for tort feasor care. International Review of Law and Economics, 26, 6787.
Faure, M.G., Hartlief, T. & Philipsen, N.J. (2006). Funding of personal injury
litigation and claims culture: Evidence from the Netherlands. Utrecht Law
Review, 2(2), 1-21.
Faure, M.G. (2007). Economic Analysis of Tort and Regulatory Law. In W.H.
van Boom, M. Lukas & C. Kissling (Eds.), Tort and Regulatory Law (Tort and
Insurance Law, 19) (p. 399-415). Wien New York: Springer.
173
Wetenschappelijk verslag 2005-2007
Faure, M.G. (2007). Verzekeringen. In W.C.T. Weterings (Ed.), De economische analyse van het recht (p. 109-117). Den Haag: Boom Juridische uitgevers.
Faure, M.G. (2007). Strafrecht. In W.C.T. Weterings (Ed.), De economische
analyse van het recht (p. 141-155). Den Haag: Boom Juridische uitgevers.
Faure, M.G. & Bruggeman, V. (2007). Causal Uncertainty and Proportional
Liability. In L. Tichy (Ed.), Causation in Law (p. 105-121). Praag: Univerzita
Carlova.
Faure, M.G. (2007). Compensation for Occupational Diseases and the
Importance of Prevention: A Law and Economics Perspective. European
Journal of Social Security, 9, 127-168.
Faure, M.G. (2007). Is Risk Differentiation on European Insurance Markets in
Danger. Maastricht Journal of European and Comparative Law, 14, 83-100.
Faure, M.G., Young, R. & Fenn, P. (2007). Multiple Tortfeasors: An Economic
Analysis. International Review of Law and Economics, 3(1), 111-132.
Frenk, N (2005). De wet collectieve afwikkeling massaschade en de aandelenlease-affaire. Weekblad voor Privaatrecht, Notariaat en Registratie, 6630, 593594.
Frenk, N (2005). Subrogatie in het nieuwe verzekeringsrecht (art. 7:962 BW).
Verkeersrecht: Juridisch Maandblad Betreffende het Wegverkeer, 265-268.
Frenk, N (2005). Vie d’Or, aandelenlease en de reikwijdte van het collectief
actierecht. Nederlands Tijdschrift voor Burgerlijk Recht, 296-300.
Frenk, N (2005). Ziekenfonds of particulier? Nederlands Tijdschrift voor
Burgerlijk Recht, 443-445.
Frenk, N (2005). Voortschrijdend inzicht? (Reactie op het artikel van S.D.
Lindenbergh, NJB 2005, p. 841 e.v.). Nederlands Juristenblad, 1295-1296.
Frenk, N. (2006). Naar echte eigen schuld? Over toerekening aan de benadeelde in het aansprakelijkheids- en verzekeringsrecht. (Inaugurele rede Vrije Universiteit Amsterdam, 10 februari 2006). Amstelveen: deLex.
Frenk, N. (2006). Aansprakelijkheid, verzekering en verjaring. In N. Van
Tiggele-van der Velde, J.G.C. Kamphuisen & B.K.M. Lauwerier (Eds.), De
Wansink-bundel: van draden en daden: liber amicorum prof. mr. J.H. Wansink
(Verzekeringsrecht) (p. 247-259). Deventer: Kluwer.
Frenk, N. (2006). Hoofdstuk 22. Collectieve acties. In E.H. Hondius & G.J.
Rijken (Eds.), Handboek Consumentenrecht (p. 449-470). Zutphen: Paris.
174
Aansprakelijkheid en verzekering
Frenk, N. (2006). Naar echte eigen schuld? Aansprakelijkheid, Verzekering &
Schade, 41-47.
Frenk, N. (2006). Utopische wetgeving en verzekerbaarheid. Aansprakelijkheid, Verzekering & Schade, 108-117.
Frenk, N. (2006). Definitieve afwikkeling van de DES-zaak in zicht. Aansprakelijkheid, Verzekering & Schade, 149-153.
Frenk, N. (2006). Het nieuwe verzekeringsrecht: invloed op en afstemming met
het pensioenrecht. Tijdschrift voor Pensioenvraagstukken, 123-128.
Frenk, N. & Salomons, F.R. (2006). De directe actie: verbetering van de mogelijkheden van slachtoffers om hun schade vergoed te krijgen. Weekblad voor
Privaatrecht, Notariaat en Registratie, 6658, 200-209.
Frenk, N. & Salomons, F.R. (2006). Het nieuwe verzekeringsrecht. Ars Aequi:
juridisch studentenblad, 380-384 & 439-443.
Gastmans, C., Dierickx, K., Nys, H. & Schotsmans, P. (Eds.). (2007). New
Pathways for European Bioethics. Antwerp: Intersentia. (224 p.)
Giesen, I. (2005). Handle with care! De waarschuwingsplicht in het buitencontractuele aansprakelijkheidsrecht. (Inaugurele rede Universiteit Utrecht, 9
november 2005) Den Haag: Boom Juridische uitgevers. (97 p.)
Giesen, I. (2006). De argumenten voor of tegen aansprakelijkheid van toezichthouders. Referentie bij het preadvies van Prof.Mr. A.A. van Rossum. In Verslag van de op 10 juni 2005 te Den Haag gehouden algemene vergadering
over: Toezicht (Handelingen Nederlandse Juristen-Vereniging, 2005-2) (p. 1924). Deventer: Kluwer.
Giesen, I. (2006). De psychologie achter de waarschuwing: Handle with care!
Aansprakelijkheid, Verzekering & Schade, 1, 3-8.
Giesen, I. (2006). Proportioneel vermogensrecht: deining aan de Haagse kust.
Weekblad voor Privaatrecht, Notariaat en Registratie, 6680, 645-646.
Giesen, I. (2006). Regulating Regulators through Liability: the Case for Applying Normal Tort Rules on Supervisors. Utrecht Law Review, 2(1). [Online].
Available from: <http://www.utrechtlawreview.org> [01-06-2006].
Giesen, I. (2007). Alternatieve regelgeving en privaatrecht (Monografieën
privaatrecht, 8). Deventer: Kluwer. (IX + 178 p.)
Giesen, I. (2007). De rol van de rechter bij massaschade: maatwerk of partijautonomie. Nederlands Juristenblad, 41, 2613-2614.
175
Wetenschappelijk verslag 2005-2007
Giesen, I. (2007). PETL: de ‘Europese’ omkering van de bewijslast. Aansprakelijkheid, Verzekering & Schade, 6, 271-276.
Giesen, I. & Emaus, J. (2007). Limitering van aansprakelijkheid in het personenvervoer in het licht van artikel 1 Eerste Protocol EVRM. Verkeersrecht,
369-375.
Hartlief, T. (2005). Verzekerbaarheid van aansprakelijkheid in het perspectief
van maatschappelijk verantwoord ondernemen. In J.J.A. Hamers, C.A. Schwarz
& B.T.M. Steins Bisschop (Eds.), Noodzaak. Plicht of wenselijkheid van
Maatschappelijk Verantwoord Ondernemen (p. 129-152). Den Haag: Boom
Juridische uitgevers.
Hartlief, T. (2005). De Hoge Raad en de aansprakelijkheid voor hulppersonen.
In P.F.A. Bierbooms, H. Pasman & G.M.F. Snijders (Eds.), Aspecten van
aansprakelijkheid (p. 149-167). Den Haag: Boom Juridische uitgevers.
Hartlief, T. (2005). Toezichthouders: vertrouwen of aansprakelijkheid? In
Geschonden vertrouwen, Jonge balie congresbundel (p. 53-61). Den Haag:
Elsevier.
Hartlief, T. (2005). Aansprakelijkheid met terugwerkende kracht, in Krom
recht. Ars Aequi, 54, 553-563.
Hartlief, T. (2005). Leven in een claimcultuur: wie is er bang voor Amerikaanse toestanden? Nederlands Juristenblad, 80, 830-834.
Hartlief, T. (2005). Aansprakelijkheid van toezichthouders: vertrouwen is goed,
controle beter? Bespreking van NJV-preadvies van A.A. van Rossum. Nederlands Juristenblad, 80, 1126-1130.
Hartlief, T. (2005). Een olifant in het heilige huis van het privaatrecht.
Nederlands Juristenblad, 80, 2189-2194.
Hartlief, T. (2005). Asbest en aansprakelijkheid: de reikwijdte van de rechtspraak omtrent werkgeversaansprakelijkheid. Aansprakelijkheid, Verzekering &
Schade, 80, 41-49.
Hartlief, T. (2005). Prognoses in het personenschaderecht. Aansprakelijkheid,
Verzekering & Schade, 5, 159-167.
Hartlief, T. (2005). Bewuste roekeloosheid:consistentie bij begrenzing in het
privaatrecht. Weekblad voor Privaatrecht, Notariaat en Registratie, 6646, 953954.
Hartlief, T. (2005). Hollandse Toestanden: de Hoge Raad over ‘wrongful life’.
Nederlands Tijdschrift voor Burgerlijk Recht, 22, 232-248.
176
Aansprakelijkheid en verzekering
Hartlief, T. (2005). Kroniek aansprakelijkheids- en schadevergoedingsrecht
2004/2005. Nederlands Tijdschrift voor Burgerlijk Recht, 23, 454-470.
Hartlief, T. (2006). Interventie op de NJV-vergadering naar aanleiding van
preadvies van A.A. van Rossum over Aansprakelijkheid van de toezichthouder.
In Handelingen NJV 2005-II (p. 55-59). Deventer: Kluwer.
Hartlief, T. (2006). De grillige ontwikkeling van het aansprakelijkheidsrecht
met het oog op verzekerbaarheid. Aansprakelijkheid, Verzekering & Schade,
96-108.
Hartlief, T. (2006). Pruisken/Organice: schadevergoeding bij overlijden. Ars
Aequi: juridisch studentenblad, 281-287.
Hartlief, T. (2006). Onkruidverdelging bij de lelieteelt: reflexwerking van
risicoaansprakelijkheid. Ars Aequi: juridisch studentenblad, 899-906.
Hartlief, T. (2006). Oordelen over juridisch onderzoek anno 2006. Nederlands
Juristenblad, 420-423.
Hartlief, T. (2006). Wie heeft er recht op vergoeding van personenschade?
Enkele opmerkingen over afbakening van de kring van gerechtigheid in het
aansprakelijkheids- en schadevergoedingsrecht (themanr. Derdenschade). Tijdschrift voor Vergoeding Personenschade, 98-104.
Hartlief, T. (2006). Zicht op toezichthoudersaansprakelijkheid na Linda en Vie
d’Or. Weekblad voor Privaatrecht, Notariaat en Registratie, 6688, 799-801.
Hartlief, T. (2007). De staat van het privaatrechtelijke gezondheidsrecht, in
Gezondheidsrecht: betekenis en positie. In preadvies voor de Vereniging voor
Gezondheidsrecht, ter gelegenheid van het 40-jarig bestaan van de Vereniging
(p. 53-121). Den Haag: Sdu.
Hartlief, T. & Klosse, S. (2007). Shifts in compensating work-related injuries
and diseases. In T. Hartlief & S. Klosse (Eds.), Shifts in compensating workrelated injuries and diseases (Tort and Insurance Law, 20) (p. 1-9). Wien New
York: Springer Verlag.
Hartlief, T. & Klosse, S. (2007). Concluding Observations. In T. Hartlief & S.
Klosse (Eds.), Shifts in compensating work-related injuries and diseases (Tort
and Insurance Law, 20) (p. 221-229). Wien New York: Springer Verlag.
Hartlief, T. (2007). Alternatieve regelgeving en privaatrecht, bespreking van
NJV-preadvies van I. Giesen. Nederlands Juristenblad, 82, 1288-1294.
Hartlief, T. (2007). Over stelselherzieningen en het geloof in wetten.
Nederlands Juristenblad, 82, 1569-1570.
177
Wetenschappelijk verslag 2005-2007
Hartlief, T. (2007). Ernstig letsel en eigen schuld: billijkheid of smartengeld?
Nederlands Juristenblad, 82, 2672-2675.
Hartlief, T. (2007). PETL: Basic Norm en Liability Based on Fault. Aansprakelijkheid, Verzekering & Schade, 7, 49-54.
Hartlief, T. (2007). Waar draait het om in het aansprakelijkheidsrecht? Ars
Aequi: juridisch studentenblad, 56, 115-117.
Hartlief, T. (2007). Royal & Sun Alliance/Universal Pictures: redelijkheid en
billijkheid als fundament voor een proportionele benadering. Ars Aequi: juridisch studentenblad, 56, 358-364.
Hekster, T.A. (2005). De aansprakelijkheid van de wegbeheerder van onverharde wegen. Maandblad voor vermogensrecht, 7-8, 149-152.
Huizen, Ph.H.J.G. van (2005). Hoofdstuk 13: Verzekerbaar belang. In M.L.
Hendrikse, Ph.H.J.G. van Huizen & J.G.J. Rinkes (Eds.), Nieuw Verzekeringsrecht praktisch belicht (Recht en praktijk, 137) (p. 219-228). Deventer: Kluwer.
Huizen, Ph.H.J.G. van (2005). Het (verzekerbaar) belang. Nederlands Tijdschrift voor Handelsrecht, 6, 250-254.
Huizen, Ph.H.J.G. van (2006). Algemene voorwaarden en logistiek. In M.L.
Hendrikse et al. (Eds.), Algemene Voorwaarden (Recht en Praktijk, 143)
(p. 607-624). (4de druk). Deventer: Kluwer.
Huizen, Ph.H.J.G. van & Kruisinga, S.A. (2006). Een bankgarantie: lees maar,
er staat wat er staat. In M. de Cock Buning, E.H. Hondius & J.J. Brinkhof
(Eds.), Internationaal contracteren, feestbundel voor Willem Grosheide
(p. 137-145). Den Haag: Boom Juridische uitgevers.
Klosse, S. (Ed.). (2006). Arbeid en Gezondheid; schipperen tussen verantwoordelijkheid en bescherming. Had Geers het geweten! Maastricht: Universitaire
Pers Maastricht. (298 p.)
Klosse, S. (2006). Arbeid en Gezondheid, publieke of private verantwoordelijkheid? In S. Klosse (Ed.), Arbeid en Gezondheid; schipperen tussen verantwoordelijkheid en bescherming. Had Geers het geweten! (p. 9-23). Maastricht:
Universitaire Pers Maastricht.
Klosse, S. (2006). Nieuwe accenten: nieuwe pijlers? In S. Klosse (Ed.), Arbeid
en Gezondheid; schipperen tussen verantwoordelijkheid en bescherming. Had
Geers het geweten! (p. 259-277). Maastricht: Universitaire Pers Maastricht.
Klosse, S. (2005). Van WAO naar WIA: een verantwoorde omslag? Nederlands Tijdschrift voor Sociaal Recht, 2005/7-8, 247-258.
178
Aansprakelijkheid en verzekering
Klosse, S. (2006). WIA: prikkel tot werk of tot een toenemend gebruik van het
aansprakelijkheidsrecht? Aansprakelijkheid, Verzekering & Schade, 5, 139-149.
Klosse, S., Bekker, S. & Wilthagen, T. (2007). Making it work: introduction to
the Special Issue on the Future of the European Employment Strategy.
International Journal of Comparative Labour Law and Industrial Relations, 4,
489-499.
Lindenbergh, S.D. (2007). Alles is betrekkelijk. Over de relatie tussen normschending en sanctie in het aansprakelijkheidsrecht. (Inaugurele rede Erasmus
Universiteit Rotterdam 15 december 2006). Den Haag: Boom Juridische
uitgevers.
Lindenbergh, S.D. & Haak, K.F. (Eds.). (2007). Personenschade van de reiziger in Europees perspectief (RIPL series, 2). Den Haag: Sdu. (viii + 160 p.)
Lindenbergh, S.D. (2007). Beperking van aansprakelijkheid bij personenschade
van de reiziger, techniek en tendens in het gemene vermogensrecht. In K.F.
Haak & S.D. Lindenbergh (Eds.), Personenschade van de reiziger in Europees
perspectief (p. 37-49).
Lindenbergh, S.D. (2007). Damages as a Remedy for Infringements upon
Privacy. In K. Ziegler (Ed.), Human Rights and Private Law, Privacy as
Autonomy (p. 93-101). Oxford: Hart Publishing.
Lindenbergh, S.D. (2007). Principles of European Tort Law: General conditions of Liability, Damage. Aansprakelijkheid, Verzekering & Schade, 83-87.
Lindenbergh, S.D. (2007). Beperking van aansprakelijkheid bij personenschade
van de reiziger: techniek en tendens. Aansprakelijkheid, Verzekering & Schade,
88-93.
Lindenbergh, S.D. (2007). Vaststelling van schade en de rol van de deskundige
daarbij. Nederlands Tijdschrift voor Burgerlijk Recht, 10, 428-434.
Maanen, G.E. van & Engelhard, E.F.D. (2005). Europese Klassieker: Phelps v
Hillington Borough Council (2001) 2 AC 619. Nederlands Tijdschrift voor
Burgerlijk Recht, 6, 267-273.
Maanen, G.E. van (2006). Civiele aansprakelijkheid van toezichthouders. Beperking door relativiteit, marginale toetsing of immuniteit. Lessen uit Vie d’Or
voor Bart Groen. In Groenboek. Drie opstellen aangeboden aan Bart Groen
(p. 7-21). Maastricht: Universitaire Pers Maastricht.
Maanen, G.E. van (2006). Frits Stroink in de Hoge Raad! Waarom het
bestuursrecht een volwaardige rechtsgang moet krijgen. In A.W. Heringa et al.
(Eds.), Het bestuursrecht beschermd. Liber amicorum prof. mr. F.A.M. Stroink
(p. 71-83). Den Haag: Sdu.
179
Wetenschappelijk verslag 2005-2007
Maanen, G.E. van (2006). Subsidiarity of the action for unjustified enrichment.
French Law and Dutch Law: different solutions for the same problem.
European Review of Private Law, 14(3), 409-421.
Maanen, G.E. van (2006). Civiele letselschadeclaims bij de Centrale Raad van
Beroep. Beter af bij de Hoge Raad? Tijdschrift voor Vergoeding Personenschade, 57-65.
Maanen, G.E. van (2006). Ongerechtvaardigde verrijking. In balans na vijftig
jaar. Vermogensrechtelijke annotaties, 1, 37-51.
Maanen, G.E. van (2007). Vie d'Or en de ramkoers van de Linda. Nederlands
Tijdschrift voor Burgerlijk Recht, 1, 1.
Maanen, G.E. van (2007). Boek 8: een (lastige) dochter die op kamers woont.
Nederlands Tijdschrift voor Burgerlijk Recht, 3, 113-116.
Maanen, G.E. van (2007). Overheidsaansprakelijkheid voor gebrekkig toezicht.
Weging van argumenten en juridische technieken naar aanleiding van de
Enschedese vuurwerkramp. Rechtsgeleerd Magazijn Themis, 4, 127-141.
Margetson, N.J. & Hendrikse, M.L. (2005). Te late premiebetaling/opzegging
van de verzekeringsovereenkomst. In M.L. Hendrikse, Ph.H.J.G. van Huizen &
J.G.J. Rinkes (Eds.), Nieuw verzekeringsrecht praktisch belicht (Recht en
praktijk, 137) (p. 236-240). Deventer: Kluwer.
Margetson, N.J. & Hendrikse, M.L. (2005). De ´nautische fout’ exceptie van de
Hague Rules. Tijdschrift voor Belgisch Handelsrecht, 5, 480-487.
Margetson, N.J., Hendrikse, M.L. & Maters, T.M. (2007). Doorbreking van de
bescherming van de CMR-vervoerder. Tijdschrift Vervoer & Recht, 2, 35-51.
Neethling, J. (2005). Fault under South African law. In P. Widmer (Ed.), Unification of Tort Law: Fault (Principles of European tort law, 10) (p. 261-285).
The Hague: Kluwer Law International.
Neethling, J. (2005). Protection of personality rights against invasions by mass
media in South Africa. In H. Koziol & A. Warzilek (Eds.), Persönlichkeitsschutz gegenüber Massenmedien/The Protection of Personality Rights against
Invasions by Mass Media (p. 261-285). Wien New York: Springer.
Neethling, J. (2005). Handhawing en miskenning deur die regspraak van die
onderskeid tussen die regte op privaatheid en die liggaam (inbegrepe fisiessinlike gevoelens) as selfstandige persoonlikheidsregte. Tydskrif vir hedendaagse Romeins-Hollandse reg, 344-349.
Neethling, J. (2005). Beskaduwing (‘shadowing’) as onregmatige privaatheidskending. Tydskrif vir hedendaagse Romeins-Hollandse reg, 521-527.
180
Aansprakelijkheid en verzekering
Neethling, J. (2005). Delictual protection of the right to bodily integrity and
security of the person against omissions by the state. South African Law
Journal, 558-576.
Neethling, J. (2005). Die Carmichele-sage kom tot 'n gelukkige einde. Tydskrif
vir die Suid-Afrikaanse Reg, 402-409.
Neethling, J. (2005). Identical duplication of a rival's product as unlawful competition. South African Mercantile Law Journal, 234-240.
Neethling, J. (2005). Personality rights: a comparative overview. Comparative
and International Law Journal of Southern Africa, 210-245.
Neethling, J. & Potgieter, J.M. (2005). Middellike aanspreeklikheid van die
staat vir verkragting deur polisiebeamptes. Tydskrif vir die Suid-Afrikaanse
Reg, 595-602.
Neethling, J., Potgieter, J.M. & Visser, P.J. (2006). Deliktereg. Durban: Lexis
Nexis Butterworths. (xii + 433 p.)
Neethling, J. (2006). Personality rights. In J.M. smits (Ed.), Elgar Encyclopedia
of Comparative Law (p. 530-547). Cheltenham-Northampton: Edward Elgar.
Neethling, J. (2006). Protection under the South African law of delict of the
right to physical-psychological integrity against omissions by the state. In H.
Tiberg et al. (Eds.), Essays on tort, insurance, law and society in honour of Bill
W. Dufwa (p. 809-832). Stockholm: Jure Förlag AB.
Neethling, J. (2006). Die betekenis en beskerming van die eer, dignitas en
menswaardigheid in gemeenregtelike en grondwetlike sin. In C. Nagel (Ed.),
Gedenkbundel vir JMT Labuschagne (p. 85-100). Durban: LexisNexis
Butterworths.
Neethling, J. (2006). Afwysing van 'n regsplig op polisiebeamptes om die reg
op die fisies-psigiese integriteit en sekerheid van die persoon buiteom misdaadsituasies te beskerm. Obiter, 369-378.
Neethling, J. (2006). Blacklisting of debtor as credit risk – infringement of
debtor's rights to creditworthiness and earning capacity as personal immaterial
property rights. South African Mercantile Law Journal, 376-382.
Neethling, J. (2006). Commissioner South African Revenue Service v TFN
Diamond Cutting Works (Pty) Ltd 2005 5 SA 113 (SCA). De Jure, 186-191.
Neethling, J. (2006). Die beskikbaarheid van die actio iniuriarum weens aantasting van die reg op die eer deur middel van die inwerking op grondwetlikverskanste fundamentele regte. Tydskrif vir die Suid-Afrikaanse Reg, 197-205.
181
Wetenschappelijk verslag 2005-2007
Neethling, J. (2006). Owerspel, die vervreemding van gevoelens en die erkenning van die reg op die gevoelslewe as persoonlikheids- en mensereg. Tydskrif
vir hedendaagse Romeins-Hollandse reg, 342-347.
Neethling, J. (2006). Die nasciturus-fiksie verdwyn van die delikteregtoneel.
Tydskrif vir hedendaagse Romeins-Hollandse reg, 511-517.
Neethling, J. (2006). The conflation of wrongfulness and negligence: Is it
always such a bad thing for the law of delict? South African Law Journal, 204214.
Neethling, J. (2006). Toward a European ius commune in tort law: A practical
experience. Fundamina, 81-98.
Neethling, J. & Potgieter, J.M. (2006). Die regsoortuiging van die gemeenskap
as selfstandige onregmatigheidskriterium. Tydskrif vir die Suid-Afrikaanse Reg,
609-616.
Neethling, J., Potgieter, J.M. & Scott, T.J. (2007). Case Book on the Law of
Delict/Vonnisbundel oor die Deliktereg (4th edition). Lansdowne: Juta. (xv +
1061 p.)
Neethling, J. (2007). Die deliktuele aanspreeklikheid van ouditeurs teenoor
derdes. De Jure, 174-182.
Neethling, J. (2007). Laster: Relevansie tot relatiewe privilegie, en verantwoordelikheid vir herpublikasie? De Jure, 193-199.
Neethling, J. (2007). Die Hoogste Hof van Appèl verleen erkenning aan die reg
op identiteit as persoonlikheids- en fundamentele reg. Tydskrif vir die SuidAfrikaanse Reg, 834-838.
Neethling, J. & Potgieter, J.M. (2007). In (self-)defence of the distinction
between wrongfulness and negligence. South African Law Journal, 280-284.
Neethling, J. (2007). The passing-off action: requirements and protected
interests – a conceptual and critical analysis. South African Law Journal, 459469.
Neethling, J. (2007). Raakpunte tussen die Suid-Afrikaanse en Duitse grondwetlike beskerming van menswaardigheid – enkele riglyne vir die ontplooiing
van ons reg. Tydskrif vir hedendaagse Romeins-Hollandse reg, 489-496.
Neethling, J. (2007). Risk-creation and the vicarious liability of employers.
Tydskrif vir hedendaagse Romeins-Hollandse reg, 527-539.
182
Aansprakelijkheid en verzekering
Neethling, J. (2007). The protection of false defamatory publications by the
mass media: Recent developments in South Africa against the background of
Australian, New Zealand and English law. Comparative and International Law
Journal of Southern Africa, 103-123.
Neethling, J. & Potgieter, J.M. (2007). Wrongfulness and negligence in the law
of delict: a Babylonian confusion? Tydskrif vir hedendaagse RomeinsHollandse reg, 120-130.
Neethling, J. & Potgieter, J.M. (2007). Middellike aanspreeklikheid vir 'n
opsetlike delik. Tydskrif vir die Suid-Afrikaanse Reg, 616-622.
Neethling, J. & Potgieter, J.M. (2007). Noodtoestand: regverdigings- en skulduitsluitingsgrond. Tydskrif vir hedendaagse Romeins-Hollandse reg, 668-672.
Nys, H. (2005). Medisch recht. Leuven: Acco. (180 p.)
Nys, H. (2005). Organ transplantation. In J.K.M. Gevers, E.H. Hondius & J.H.
Hubben (Eds.), Health Law, Human Rights and the Biomedicine Convention
(p. 219-230). The Hague: Koninklijke Brill.
Nys, H. (2005). The Belgian Law of August 22, 2002 concerning the rights of
patients. In Yearbook of European Medical Law (p. 91-100). Lidingö: The
Institute of medical Law.
Nys, H. (2005). Beroepsgeheim van de verpleegkundigen en vroedvrouwen. In
M. De Bouw (Ed.), Recht voor verpleegkundigen en vroedvrouwen (p. 192196). Mechelen: Kluwer.
Nys, H. (2005). Wettelijke hulpverleningsplicht. In M. De Bouw (Ed.), Recht
voor verpleegkundigen en vroedvrouwen (p. 196-199). Mechelen: Kluwer.
Nys, H. (2005). Toedienen van verdovende middelen. In M. De Bouw (Ed.),
Recht voor verpleegkundigen en vroedvrouwen (p. 202-206). Mechelen:
Kluwer.
Nys, H. & Adams, M. (2005). Euthanasia in the low countries. Comparative
reflections on the Belgian and Dutch euthanasia act. In P. Schotsmans & T.
Meulenberghs (Eds.), Euthanasia and palliative care in the Low Countries
(Ethical Perspectives Monograph Series) (p. 5-33). Leuven: Peeters.
Nys, H. (2005). Physician assisted suicide in belgian law. European Journal of
Health Law, 39-42.
Nys, H. (2005). Wrongful life: enkele beschouwingen tegen de actergrond van
de franse rechtspraak. Gezondheidszorg jurisprudentie, 69-72.
183
Wetenschappelijk verslag 2005-2007
Nys, H., Dute, J.C.J., Welie, S.P.K. & Wijmen van, F.C.B. (2005). Patient
incompetence and substitute decision-making: an analysis of the role of the
health care professional in Dutch law. Health Policy, 73, 21-40.
Nys, H., Callens, S. & Volbragt, I. (2006). Kostenbesparende richtlijnen, kwaliteitsvolle zorg en medische aansprakelijkheid. Antwerpen: Intersentia. (293 p.)
Nys, H., Callens, S. & Volbragt, I. (2006). Impact of cost containment measures on medical liability. Journal of Evaluation in Clinical Practice, 595-600.
Nys, H., Callens, S. & Volbragt, I. (2006). Legal thoughts on the implications
of cost-reducing guidelines for the quality of health care. Health Policy, 422431.
Nys, H. & Stultiëns, L. (2006). De rechten van de patiënt. Verslag van een
onderzoek naar de rechten van de patiënt in België, Denemarken, Duitsland,
Frankrijk, Luxemburg, Spanje en het Verenigd Koninkrijk. Achtergrondstudie
(Ext. rep. 3). Den Haag: Staat van de Gezondheidszorg. (100 p.)
Nys, H. & Wuyts, T. (2007). De wet betreffende de medisch begeleide voortplanting. Antwerpen: Intersentia. (117 p.)
Nys, H. (2007). Belang van het Biogeneeskunde-Verdrag van de Raad van
Europa voor de ontwikkeling van het medisch recht in Europa. In W. Pintens,
A. Alen, E. Dirix & P. Senaeve (Eds.), Vigilantibus Ius Scriptum, Feestbundel
voor Hugo Vandenberghe (p. 223-236). Brugge: die Keure.
Nys, H. (2007). De ontwikkelingen in het medisch recht in 2006. In Recht in
Beweging. 14de VRG-Alumnidag (p. 179-196). Antwerpen: Maklu.
Nys, H. (2007). European biolaw in the making: the example of the rules
governing the removal of organs from deceased persons in the EU Member
States. In C. Gastmans, K. Dierickx, H. Nys & P. Schotsmans (Eds.), New
Pathways for European Bioethics (p. 161-178). Antwerp: Intersentia.
Nys, H. (2007). Physician involvement in a patients death: a continental European perspective. In T.S. Jost (Ed.), Readings in comparative health law and
bioethics (p. 279-324). Durham: Carolina Academic Press.
Nys, H. & Hansen, B. (2007). Belgien. In A. Eser et al. (Eds.), International
perspectives on the status and protection of the extracorporeal embryo (p. 935). Baden-Baden: Nomos.
Nys, H. (2007). Euthanasie: de toekomst van het Belgisch model. Tijdschrift
voor Gezondheidsrecht, 31, 199-203.
184
Aansprakelijkheid en verzekering
Nys, H., Stultiëns, L., Borry, P., Goffin, T. & Dierickx, K. (2007). Patient
rights in EU member States after the ratification of the Convention on Human
Rights and Biomedicine. Health Policy, 80, 223-235.
Philipsen, N.J., Adriaansen, C.A. & Maks, J.A.H. (2005). A Law and Economic
Approach of the Regulatory Framework for Architects in the Netherlands. In E.
Crals & L. Vereeck (Eds.), Regulation of Architects in Belgium and the Netherlands, A Law and Economics Approach (p. 47-78). Leuven: Lannoo Campus.
Philipsen, N.J. & Maks, J.A.H. (2005). An economic analysis of the regulation
of professions. In E. Crals & L. Vereeck (Eds.), Regulation of architects in
Belgium and the Netherlands (p. 11-45). Leuven: Lannoo Campus.
Philipsen, N.J. (2005). Vrije beroepen, concurrentie en regeling in Nederland:
zijn we op de goede weg? Sociaal-economische Wetgeving: Tijdschrift voor
Europees en economisch recht, 53(2), 54-59.
Philipsen, N.J. (2007). Industrial Accidents and Occupational Diseases: Some
Empirical Findings for the Netherlands, Belgium, Germany & Great Britain. In
T. Hartlief & S. Klosse (Eds.), Shifts in compensating work-related injuries and
diseases (Tort and Insurance Law, 20) (p. 159-196). Wien New York: Springer
Verlag.
Philipsen, N.J. (2007). Prevention and Compensation of Work Injury in the
United States: An Overview of Existing Empirical Evidence. In T. Hartlief & S.
Klosse (Eds.), Shifts in compensating work-related injuries and diseases (Tort
and Insurance Law, 20) (p. 197-220). Wien New York: Springer Verlag.
Philipsen, N.J. (2007). The Law and Economics of Professional Regulation:
What Does the Theory Teach China? In Th. Eger, M.G. Faure & Z. Naigen
(Eds.), Economic Analysis of law in China (p. 112-150). Cheltenham: Edward
Elgar.
Rijnhout, R. & Vermaat, M.F. (2007). De toepassing van de Wet Maatschappelijke Ondersteuning: wie zal betalen? De gemeente of de dader? Tijdschrift
voor Privaatrecht, 74-80.
Schamps, G. (2005). Le principe de précaution justifie-t-il une nouvelle
responsabilité de droit civil belge? D’autres alternatives existent. In A. Wijffels
(Ed.), Le Code civil entre ius commune et droit privé européen (p. 517-542).
Bruxelles: Bruylant.
Schamps, G. (2005). The precautionairy principle versus a General Principle
for Compensation of Victims of Dangerous Activities in Belgian Law. In H.
Koziol & B.C. Steininger (Eds.), European Tort Law 2004 (p. 121-139). Wien
New York: Springer.
185
Wetenschappelijk verslag 2005-2007
Schamps, G. (2006). L'application des droits du patient aux détenus et aux
malades mentaux. In F. Digneffe & T. Moreau (Eds.), La responsabilité et la
responsabilisation dans la justice pénale, Actes du colloque du 75ème anniversaire de l'Ecole de criminologie de l’U.C.L (Perspectives criminologiques)
(p. 55-64). Bruxelles: Larcier.
Schamps, G. (2006). Les nouveaux rôles et responsabilités du médecin. Rapport de synthèse. In F. Bellivier & C. Noiville (Eds.), Nouvelles frontières de la
santé, nouveaux rôles et responsabilités du médecin (Thèmes & commentaires.
Actes) (p. 229-236). Paris: Dalloz.
Schamps, G. & Overstraeten, M. van (2007). Sport et politique de santé en
Belgique: aperçu d'une problématique aux multiples facettes. In S. Depré (Ed.),
Le sport dopé par l'État. Vers un droit public du sport? Actes du colloque organisé le 17 mars 2006 par le Département de droit public de l'Université catholique de Louvain (p. 205-246). Bruxelles: Bruylant.
Schoubroeck, C. Van & Graeve, A. De (2005). Rechtsbijstandsverzekering:
stand van zaken en actualia. In CBR (Ed.), CBR Jaarboek 2004-2005 (p. 499574). Antwerpen: Maklu Uitgevers.
Schoubroeck, C. Van & Thiery, Y. (2005). Fairness and equity in insurance
classification. Etudes et Dossiers (Ext. rep. 299). Geneva: Geneva Association.
Schoubroeck, C. van (2005). Over opzettelijk veroorzaakte schadegevallen en
verzekering. Tijdschrift voor Belgisch Handelsrecht, 819-829.
Schoubroeck, C. Van (2006). Over grenzen heen: het Belgisch internationaal
privaatrecht inzake verzekeringen. In N. van Tiggele-van der Velde, J.G.C.
Kamphuisen & B.K.M. Lauwerier (Eds.), De Wansink-bundel Van draden en
daden. Liber amicorum Prof. Mr. J. H. Wansink (Verzekeringsrecht) (p. 389412). Deventer: Kluwer.
Schoubroeck, C. Van (2006). Rome II and liability insurance: some missed
opportunities? In H. Tiberg et al. (Eds.), Essays on Tort, Insurance, Law and
Society in Honour of Bill. W. Dufwa (p. 1015-1027). Stockholm: Jure Förlag
AB.
Schoubroeck, C. Van & Graeve, A. de (2006). Artikel 29bis WAM-wet. In A.
van Oevelen et al. (Eds.), Bijzondere overeenkomsten. Artikelsgewijze commentaar met overzicht van rechtspraak en rechtsleer (p. 1-68). Deventer: Kluwer.
Schoubroeck, C. Van & Graeve, A. De (2006). Artikel 29bis WAM-wet. In H.
Cousy, L. Schuermans & C. van Schoubroeck (Eds.), Verzekeringen. Artikelsgewijze commentaar met overzicht van rechtspraak en rechtsleer (p. 1-68).
Mechelen: Kluwer.
186
Aansprakelijkheid en verzekering
Schoubroeck, C. Van & Thiery, Y. (2006). Juridische grenzen aan classificatie
in verzekeringen. In C. van Schoubroeck & H. Cousy (Eds.), Discriminatie in
verzekering – Discrimination et Assurance (p. 137-205). Antwerpen: Maklu
Uitgevers.
Schoubroeck, C. Van (2006). Nieuw verzekeringsrecht door de bril van de
Belgische ervaring met de Wet op de landverzekeringsovereenkomst. Nederlands Tijdschrift voor Handelsrecht, 3, 82-91.
Schoubroeck, C. Van & Thiery, Y. (2006). Discriminatie en verzekering,
Preadvies 42ste Wetenschappelijk Congres van de Vlaamse Juristenvereniging
over Discriminatie en het recht. Rechtskundig Weekblad, 263-286.
Schoubroeck, C. Van & Thiery, Y. (2006). Fairness and Equality in Insurance
Classification. Geneva Papers on Risk and Insurance Theory, 190-211.
Schoubroeck, C. Van (2007). L'assurance d'un constructeur français édifiant sur
le sol belge. In J. Senechal (Ed.), Journée franco-belge sur les opérations
transfrontalières de construction. Regards sur la liberté de prestation de service (Collection Contrats & Patrimoine) (p. 53-68). Bruxelles: Larcier.
Schoubroeck, C. Van (2007). Vergoeding van verkeersongevallen ongeacht
aansprakelijkheid. In Gandaius (Ed.), Aansprakelijkheid, aansprakelijkheidsverzekering en andere vergoedingssystemen, XXXIIIste Postuniversitaire cyclus
Willy Delva (p. 519-596). Mechelen: Kluwer.
Schoubroeck, C. Van & Thiery, Y. (2007). Juridische grenzen aan classificatie
in verzekeringen. In C. van Schoubroeck & H. Cousy (Eds.), Discriminatie in
verzekering – Discrimination et Assurance (p. 137-205). Antwerpen/Brussel:
Maklu Uitgevers/Academia Bruylant.
Schoubroeck, C. Van & Thiery, Y. (2007). Discrimination law within the
economic sphere of insurance classification. In C. van Schoubroeck & H.
Cousy (Eds.), Discriminatie in verzekering – Discrimination et Assurance
(p. 207-237). Antwerpen/Brussel: Maklu Uitgevers/Academia Bruylant.
Schoubroeck, C. Van & Schuermans, L. (2007). Alle bouwplaatsrisico's in a
nutshell. Bulletin des Assurances. Tijdschrift voor Verzekeringen, 151-178.
Spier, J. (2005). General Introduction and Causation. In European Group on
Tort Law (Ed.), Principles of European Tort Law. Text and Commentary
(p. 12-18-43-63). Wien New York: Springer.
Spier, J. (2005). The need for More and Detailed Information. In G. Wagner
(Ed.), Tort Law and Liability Insurance (Tort and Insurance Law, 16) (p. 201205). Wien New York: Springer.
187
Wetenschappelijk verslag 2005-2007
Spier, J. (2005). Het advies van de adviseur. In Handelingen Nederlandse
Juristen-Vereniging, 2, (p. 34-37). Deventer: Kluwer
Spier, J. (2006). The Devil and the Deep Blue Sea, Liability for mismanagement and fraud and a call for a serious debate on truly fundamental issues. In
H. Tiberg et al. (Eds.), Essays on Tort, Insurance, Law and Society in honour of
Bill W. Dufwa (Deel II) (p. 1063-1074). Stockholm: Jure Förlag.
Spier, J. (2006). Legal aspects of global climate change and sustainable
development. [Online] Available from: <http://www.indret.com/pdf/346_en.
pdf> [24-04-2006].
Spier, J. (2007). Inconvenient Questions: Causation and the Eradication of
Poverty and Climate Change. In L. Tichý (Ed.), Causation in Law (p. 69-77).
Praag: Univerzita Karlova V Praze Pradvnická Fakulta.
Spier, J. (2007). Civielrechtelijke aansprakelijkheid voor klimaatverandering,
doemscenario's voor onverantwoordelijke bedrijven en overheden. In N.
Teesing (Ed.), Klimaatverandering en de rol van het milieurecht (Publicatie
van de Vereniging voor Milieurecht) (p. 39-45). Den Haag: Boom Juridische
uitgevers.
Spier, J. (2007). Wer baut auf Wind, baut auf Satans Erbarmen. Nederlands
Juristenblad, 2872.
Stouten, M. (2007). Meldplicht witwaspraktijken niet in strijd met artikel 6
EVRM. Nederlands Juristenblad, 82(38), 2432-2437.
Stultiëns, L., Goffin, T., Borry, P., Dierickx, K. & Nys, H. (2007). Minors and
informed consent: a comparative approach. European Journal of Health Law,
14, 21-46.
Van, A.J. (2006). De kosten van het (voorlopig) deskundigenbericht. Tijdschrift
voor Vergoeding Personenschade, 2, 33-37.
Van, A.J. (2007). Het medisch traject. In J. Wildeboer & S. Brinkhorst (Eds.),
Handboek Personenschade (hoofdstuk 4210) (p. 1-154). Deventer: Kluwer.
Vegter, M.S.A. (2005). Aansprakelijkheid voor psychisch letsel op de voet van
artikel 7:658 BW. Tijdschrift voor Vergoeding Personenschade, 2, 49-53.
Vegter, M.S.A. (2005). Vergoeding van psychisch letsel op de voet van artikel
7:658 BW. Sociaal Recht, 6, 224-228.
Vegter, M.S.A. (2005). Aansprakelijkheid werkgever op grond van art. 7:611
BW voor verkeersongeval buiten werktijd (deel II). Sociaal Recht, 9, 308-311.
188
Aansprakelijkheid en verzekering
Vegter, M.S.A. (2006). Werkgeversaansprakelijkheid voor psychisch letsel op
grond van art. 7:658 BW. Weekblad voor Privaatrecht, Notariaat en Registratie, 6653, 101-109.
Vegter, M.S.A. (2006). Proportionele aansprakelijkheid bij longkanker. Aansprakelijkheid, Verzekering & Schade, 5, 167-171.
Vegter, M.S.A. (2007). Werkgeversaansprakelijkheid. In J. Wildeboer & S.
Brinkhorst (Eds.), Handboek personenschade. Deventer: Kluwer.
Vegter, M.S.A. (2007). Inleiding, ontwikkelingen op het gebied van de arbeidstijden, ontwikkeling op het gebied van de arbeidsomstandigheden, seksuele
intimidatie, eenzijdige wijziging arbeidsovereenkomst. Jurisprudentie Arbeidsrecht Verklaard, 1, 3-12.
Vegter, M.S.A. (2007). Privacy op de werkplek. Jurisprudentie Arbeidsrecht
Verklaard, 7, 3-8.
Vegter, M.S.A. (2007). Zorg nodig voor de ‘35-minners’. Sociaal Recht, 5,
147-148.
Vegter, M.S.A. (2007). Recht op doorwerken na het vijfenzestigste levensjaar.
Sociaal Recht, 6, 199-204.
Vegter, M.S.A. (2007). Ontslag wegens drugsgebruik in de vrije tijd (en niet
willen ‘afkicken’). Sociaal Recht, 12, 404-406.
Verheij, A.J. (Ed.). (2005). Onrechtmatige daad, Monografieën Privaatrecht.
Deventer: Kluwer. (197 p.).
Verheij, A.J. (2005). Onevenwichtig schadevergoedingsrecht m.b.t. de positie
van derden: oproep aan de Minister van Justitie voor een meer systematische en
empirisch onderbouwde aanpak. Tijdschrift Vervoer & Recht, 205-210.
Verheij, A.J. (2005). Wrongful life: een goede uitspraak. Gezondheidszorg
jurisprudentie, 73-79.
Verheij, A.J. & Wessels, B. (Eds.). (2006). Bijzondere overeenkomsten (Studiereeks burgerlijk recht, 6). Deventer: Kluwer. (XXIX + 333 p.)
Verheij, A.J. (2006). Hoofdstuk 9. Bewaarneming. In A.J. Verheij & B.
Wessels (Eds.), Bijzondere overeenkomsten (Studiereeks burgerlijk recht, 6)
(p. 169-183). Deventer: Kluwer.
Verheij, A.J. (2006). Hoofdstuk 13. Vaststellingsovereenkomst. In A.J. Verheij
& B. Wessels (Eds.), Bijzondere overeenkomsten (Studiereeks burgerlijk recht,
6) (p. 273-295). Deventer: Kluwer.
189
Wetenschappelijk verslag 2005-2007
Verheij, A.J. (2007). Shifts in Governance: Soil Pollution. In M. Faure & A.J.
Verheij (Eds.), Shifts in compensation for environmental damage (Tort and
Insurance Law, 21) (p. 9-71). Wien New York: Springer.
Verheij, A.J. (2007). Shifts in Governance: Oil Pollution. In M. Faure & A.J.
Verheij (Eds.), Shifts in compensation for environmental damage (Tort and
Insurance Law, 21) (p. 133-195). Wien New York: Springer.
VAKPUBLICATIES
Akkermans, A. (Ed.). (2006). Privaatrecht als opdracht. Nijmegen: Ars Aequi
Libri. (XX + 490 p.)
Akkermans, A.J., Huver, R.M.E., Wees, K.A.P.C. & Elbers, N.A. (2007).
Slachtoffers en aansprakelijkheid. Een onderzoek naar behoeften, verwachtingen en ervaringen van slachtoffers en hun naasten met betrekking tot het
civiele aansprakelijkheidsrecht. Deel I: Terreinverkenning. Den Haag: WODC.
(116 p.)
Akkermans, A.J. & Wees, K.A.P.C. (2007). Therapeutic Jurisprudence: de
studie van de gezondheidseffecten van het recht. Tijdschrift voor Vergoeding
Personenschade, 4, 139-141.
Boom, W. van (2005). Een gewaarschuwd mens. Tijdschrift voor Consumentenrecht & Handelspraktijken, 5, 173-174.
Boom, W.H. van (2006). Redactioneel. Wet Handhaving Consumentenbescherming: de ConsumentenAutoriteit staat voor de deur. Tijdschrift voor
Consumentenrecht & Handelspraktijken, 2, 37.
Boom, W.H. van (2006). Redactioneel. Innovatieve handhaving in het vermogensrecht. Nederlands Tijdschrift voor Burgerlijk Recht, 4(16), 121.
Boom, W.H. van (2007). Tekst en Toelichting Wet Handhaving Consumentenbescherming. Den Haag: Sdu. (325 p.)
Boom, W.H. van & Giesen, I. (2007). The Netherlands. In B. Wininger, H.
Koziol, B.A. Koch & R. Zimmerman (Eds.), Essential Cases on Natural
Causation (Digest of European Tort Law, 1) (p. 32-35; 119-122; 179-180; 214216; 292-295; 370-371; 405-409; 487; 513-514; 561-564; 601). Wien New
York: Springer.
Boom, W.H. van (2007). Privaatrecht: we stellen te veel en vragen te weinig.
Nederlands Tijdschrift voor Burgerlijk Recht, 4(15), 137.
Boom, W.H. van (2007). Privaatrecht: we stellen te veel en vragen te weinig.
(naschrift op reactie). Nederlands Tijdschrift voor Burgerlijk Recht, 7(42), 307.
190
Aansprakelijkheid en verzekering
Cousy, H. & Schoubroeck, C. Van (2005). Wetgeving Verzekeringen 2006.
Mechelen: Kluwer. (1099 p.)
Cousy, H. & Geens, K. (2005). Een algemeen overzicht van de wet van 2
augustus 2002 en de hervorming van het toezicht op de financiële sector. In Jan
Ronse Instituut (Ed.), Financiële wetgeving: de tussenstand 2004 (Rechtspersonen- en vennootschapsrecht, 18) (p. 11-35). Kalmhout: Biblo.
Cousy, H. & Schoubroeck, C. van (2006). Wetgeving Verzekeringen 2007.
Mechelen: Kluwer. (1161 p.)
Dam, C.C. van & Budaite, E. (2005). Unfair Commercial Practices. An Analysis of the Existing National Laws on Unfair Commercial Practices Between
Business and Consumers in the New Member States. London: British Institute
of International and Comparative Law.
Dam, C.C. van (2007). European Tort Law (reprint). Oxford: Oxford University Press. (538 p.)
Dam, C.C. van, Hijma, J., Schendel, W.A.M. van & Valk, W.L. (Eds.). (2007).
Rechtshandeling en overeenkomst (Studiereeks burgerlijk recht, 3). (5de druk).
Deventer: Kluwer. (XXXI + 375 p.)
Dam, C.C. van (2007). Hoofdstuk 4: Gronden van nietigheid en vernietigbaarheid. In J. Hijma, C.C. van Dam, W.M.A. van Schendel & W.L. Valk
(Eds.), Rechtshandeling en overeenkomst (Studiereeks Burgerlijk Recht, 3)
(p. 137-215). (5de druk). Deventer: Kluwer.
Dam, C.C. van (2007). Hoofdstuk 5: Gevolgen van nietigheid en vernietigbaarheid. In J. Hijma, C.C. van Dam, W.M.A. van Schendel & W.L. Valk
(Eds.), Rechtshandeling en overeenkomst (Studiereeks Burgerlijk Recht, 3).
(p. 216-245). (5de druk)Deventer: Kluwer.
Dam, C.C. van (2007). Boekaankondiging: Letsel door ongevallen en geweld.
Kerncijfers (Stichting Consument en Veiligheid, 2007). Verkeersrecht, 55(6),
173-174.
Dam, C.C. van (2007). Boekaankondiging: C.C. van Dam e.a. (red.), Aansprakelijkheid van de wegbeheerder (Den Haag: ANWB, 2007). Verkeersrecht,
55(12), 407-408.
Deben, L. (2005). De economische analyse van de motorvoertuigverzekering in
België. RA-2005-69. Diepenbeek: Steunpunt Verkeersveiligheid.
191
Wetenschappelijk verslag 2005-2007
Droshout, D. & Schoubroeck, C. van (2007). Belgian Report on the Compensation of Personal Injuries Caused during a Road Car Accident Due to the Conduct of an Untraced Driver or a Motor Vehicle (between 31 December 1987
and 3 December 2003). London: British Institute of International and Comparative Law.
Engelhard, E.F.D. (2006). Gehele harmonisatie van het aansprakelijkheidsrecht
is onzin! Ars Aequi, 227-229.
Engelhard, E.F.D. (2007). Kroniek Schadevergoedingsrecht. Aansprakelijkheid,
Verzekering & Schade, 1, 14-28.
Engelhard, E.F.D. (2007). Kroniek Regres. Aansprakelijkheid, Verzekering &
Schade, 5, 241-249.
Faure, M.G. & Hartlief, T. (2005). The Netherlands. In H. Koziol & B.C.
Steininger (Eds.), European Tort Law 2004 (p. 420-450). Wien New York:
Springer.
Faure, M.G. (2005). Vergoeding van slachtoffers van rampen in het buitenland.
Nieuwsbrief Crisisbeheersing, 8-10.
Faure, M.G. (2006). De WTS op de schop? Aansprakelijkheid, Verzekering &
Schade, 65.
Faure, M.G. (2006). Risk Differentiation Endangered by Recent Policy Trends?
Geneva Association Information Newsletter, 53, 1-3.
Faure, M.G. & Hartlief, T. (2007). The Netherlands. In H. Koziol & B.C.
Steininger (Eds.), European Tort Law 2006 (Tort and Insurance Law Yearbook) (p. 338-360). Wien New York: Springer.
Frenk, N. (2006). De loslippige arts. Aansprakelijkheid, Verzekering & Schade,
137.
Giesen, I. (2006). Golvende rechtsontwikkeling. Aansprakelijkheid, Verzekering & Schade, 1, 1.
Giesen, I. & Maanen, G.E. van (2006). Civielrechtelijke aansprakelijkheid van
toezichthouders, geen immuniteit!, Rubriek ‘Van Twee Kanten’. Rechtsgeleerd
Magazijn Themis, 2, 65.
Giesen, I. (2007). [Bespreking van het boek European Tort Law]. Rechtsgeleerd Magazijn Themis, 5, 219-222.
Giesen, I. & Lindenbergh, S.D. (2007). Europese beginselen als bron van inspiratie. Redactioneel. Aansprakelijkheid, Verzekering & Schade, 2, 47.
192
Aansprakelijkheid en verzekering
Hartlief, T. (2005). Leven in een claimcultuur: wie is er bang voor Amerikaanse toestanden. In Universiteit Maastricht (Ed.), Redes gehouden ter gelegenheid van de opening van het Academisch Jaar 2004/2005 en de 29e Dies
Natalis (p. 29-50). Maastricht: Universiteit Maastricht.
Hartlief, T. (2005). Naschrift bij reactie Giard op Leven in een claimcultuur:
wie is er bang voor Amerikaanse Toestanden? Nederlands Juristenblad, 80,
1402-1402.
Hartlief, T. & Tjittes, R.P.J.L. (2005). Kroniek van het vermogensrecht. Nederlands Juristenblad, 31, 1605-1612.
Hartlief, T. (2006). Hoofdstuk 5. In J. Spier et al. (Eds.), Verbintenissen uit de
wet en schadevergoeding (Studiereeks Burgerlijk Recht, 5) (p. 150-166).
Deventer: Kluwer Juridische uitgevers.
Hartlief, T. (2006). Hoofdstuk 9. In J. Spier et al. (Eds.), Verbintenissen uit de
wet en schadevergoeding (Studiereeks Burgerlijk Recht, 5) (p. 212-292).
Deventer: Kluwer Juridische uitgevers.
Hartlief, T. (2006). Hoofdstuk 10. In J. Spier et al. (Eds.), Verbintenissen uit de
wet en schadevergoeding (Studiereeks Burgerlijk Recht, 5) (p. 293-297).
Deventer: Kluwer Juridische uitgevers.
Hartlief, T. (2006). De tijd zal ons niets leren. Nederlands Juristenblad, 831.
Hartlief, T. (2006). Jeugdcriminaliteit: de vernieler betaalt. Nederlands Juristenblad, 1191.
Hartlief, T. (2006). Het belang van een rechte rug. Nederlands Juristenblad,
1617.
Hartlief, T. (2006). Voorwaarts met het aansprakelijkheidsrecht. Nederlands
Juristenblad, 2521.
Hartlief, T. (2006). De maatschappelijk verantwoord handelende verzekeraar en
problemen van verzekerbaarheid. Economenblad, 18-21.
Hartlief, T. (2006). Kroniek aansprakelijkheids- en schadevergoedingsrecht.
Nederlands Tijdschrift voor Burgerlijk Recht, 435-445.
Hartlief, T. (2007). De rechtsstaat in het defensief. Nederlands Juristenblad,
82, 379.
Hartlief, T. (2007). Gij zult handhaven! Nederlands Juristenblad, 82, 915.
Hartlief, T. (2007). Hoe soft is ons contractenrecht? Nederlands Juristenblad,
82, 2067.
193
Wetenschappelijk verslag 2005-2007
Hartlief, T. (2007). De twee werelden van massaschade. Nederlands Juristenblad, 82, 2595-2596.
Hartlief, T. (2007). Massaschade in Nederland. Een ramp? Aansprakelijkheid,
Verzekering & Schade, 7, 207.
Hartlief, T., Drion, P.J.M. & Wechem, T.H.M. van (2007). Naschrift bij
Mendel, M.M., Wonderlijke opwinding over een proportionele benadering door
de Hoge Raad. Aansprakelijkheid, Verzekering & Schade, 7, 173-174.
Hekster, T.A. (2005). Recht op uitkering bij growshops. Verzekeringsblad,
2005/20, 1190-1191.
Hekster, T.A. (2006). Nieuwe verjaringsgevaren. Verzekeringsblad, 2, 20-21.
Hekster, T.A. (2006). Oppassen met look-a-likes!. Verzekeringsblad, 9, 33-34.
Hekster, T.A. (2006). Aansprakelijkheid voor ongevallen tijdens vakantie.
Verzekeringsblad, 13, 32-33.
Hekster, T.A. (2006). Aansprakelijkheid werkgevers voor OPS. Verzekeringsblad, 15, 25-27.
Hekster, T.A. (2006). Het einde van algemene vervaltermijnen in het nieuwe
verzekeringsrecht. PIV-Bulletin, 1, 6-10.
Huizen, Ph.H.J.G. van, Rinkes, J.G.J. & Hendrikse, M.L. (Eds.). (2005). Nieuw
Verzekeringsrecht praktisch belicht (Recht en praktijk, 137). Kluwer: Deventer.
(xx + 368 p.)
Huizen, Ph.H.J.G. van (2006). Inleiding Handelsrecht. (5de druk). Deventer:
Kluwer. (VII + 228 p.)
Huizen, Ph.H.J.G. van, Wezeman, J.B. & Eijk-Graveland, J.C. van (2006).
Grondslagen van het verzekeringsrecht: naar nieuw recht, editie 2006-2007.
(4de herz. druk). Den Haag: Sdu. (XI + 286 p.)
Maanen, G.E. van & Lange, R. de (2005). Onrechtmatige overheidsdaad.
Rechtsbescherming door de burgelijke rechter. (Monografieën Privaatrecht, 3).
(4de druk). Deventer: Kluwer. (205 p.)
Maanen, G.E. van (2005). Het erkenningsbeginsel (redactioneel). Nederlands
Tijdschrift voor Burgerlijk Recht, 5, 189.
Maanen, G.E. van (2005). [Bespreking van het boek Toezicht en aansprakelijkheid. Een rechtsvergelijkend onderzoek naar de rechtvaardiging voor de aansprakelijkheid uit onrechtmatige daad van toezichthouders ten opzichte van
derden]. NTBR, 8, 415-419.
194
Aansprakelijkheid en verzekering
Maanen, G.E. van (2006). Hoofdstuk 1. In J. Spier et al. (Eds.), Verbintenissen
uit de wet en schadevergoeding (Studiereeks Burgerlijk Recht, 5) (p. 1-7 en-1617). Deventer: Kluwer.
Maanen, G.E. van (2006). Hoofdstuk 2. In J. Spier et al. (Eds.), Verbintenissen
uit de wet en schadevergoeding (Studiereeks Burgerlijk Recht, 5) (p. 18-88).
Deventer: Kluwer.
Maanen, G.E. van (2006). Hoofdstuk 6. In J. Spier et al. (Eds.), Verbintenissen
uit de wet en schadevergoeding (Studiereeks Burgerlijk Recht, 5) (p. 167-174).
Deventer: Kluwer.
Maanen, G.E. van (2006). Civielrechtelijke aansprakelijkheid van toezichthouders of immuniteit? Rechtsgeleerd Magazijn Themis, 64-65.
Maanen, G.E. van (2006). Een rechtseconomisch perspectief op … vallende
bloempotten! Nederlands Tijdschrift voor Burgerlijk Recht, 22, 153.
Maanen, G.E. van (2006). Rechtseconomie, rechtswetenschap en vallende
bloempotten. Een kort weerwoord aan Visscher en Van den Bergh. Nederlands
Tijdschrift voor Burgerlijk Recht, 7, 309-310.
Maanen, G.E. van (2006). [Bespreking van het boek J.C. Bloem, meesterdichter]. Pro memorie: bijdragen tot de rechtsgeschiedenis der Nederlanden,
8(2), 345-346.
Margetson, N.J. (2005). Bewijslast verdeling in geval van schade door RSI: een
duivels dilemma. Praktisch Procederen, 5, 153-159.
Nys, H. (2005). De wet van 7 mei 2004 inzake experimenten op de menselijke
persoon. In Recht in Beweging; 12de VRG Alumnidag 2005 (p. 279-300).
Antwerpen: Maklu.
Nys, H. (2005). Algemene Inleiding. In M. De Bouw (Ed.), Recht voor verpleegkundigen en vroedvrouwen (p. 1-28). Mechelen: Kluwer.
Nys, H. (2005). Gezondheidsrecht. In M. De Bouw (Ed.), Recht voor verpleegkundigen en vroedvrouwen (p. 369-416). Mechelen: Kluwer.
Nys, H. (2005). Report on medical liability in Council of europe Member
States. A comparative study and recommendations. Strasbourg: European Committee on Legal Co-operation.
Nys, H., Ende, J. van den, Casteren, J. van, Devroey, D. & Sasse, A. (2005).
HIV-tests zonder toestemming van de patiënt. De Huisarts in Nederland, 34(2),
1-2.
195
Wetenschappelijk verslag 2005-2007
Nys, H. (2006). Patient Safety and Liability. Scenarios, legal responsibilities
and outlining difficulties. Hospital, 8(2), 34.
Nys, H. (2006). Presymptomatic and predictive genetic testing in minors: a
systematic review of guidelines and position papers. Clinical Genetics, 374381.
Nys, H. & Goffin, T. (2007). Wetboek medisch recht. Antwerpen: Maklu. (597
p.)
Nys, H. (2007). Algemene Inleiding. In M. De Bauw, G. Decock, H. D'Hanis,
V. Janssens, H. Nys, E. Peeters, K. Vancorenland & J. Vandemoortel (Eds.),
Recht voor Verpleegkundigen en Vroedvrouwen (p. 1-30). Mechelen: Kluwer.
Nys, H. (2007). Gezondheidsrecht. In M. De Bauw, G. Decock, H. D'Hanis, H.
Nys, E. Peeters, K. Vancorenland & J. Vandemoortel (Eds.), Recht voor
Verpleegkundigen en Vroedvrouwen (p. 381-426). Mechelen: Kluwer.
Nys, H. & Peeters, E. (2007). Bijzondere kwesties in verband met de uitoefening van het beroep. In M. De Bauw, G. Decock, H. D'Hanis, V. Janssens, H.
Nys, E. Peeters, K. Vancorenland & J. Vandemoortel (Eds.), Recht voor
Verpleegkundigen en Vroedvrouwen (p. 192-216). Mechelen: Kluwer.
Nys, H. (2007). De ontwikkeling van het gezondheidsrecht in 2005 en 2006.
Tijdschrift voor Gezondheidsrecht, 12, 104-129.
Schoubroeck, C. Van (2005). Cursus Inleiding tot het Verzekeringsrecht, GAS
verzekeringen en Handelsingenieur Richting Verzekeringswezen. Leuven: KU
Leuven. (203 p.)
Schoubroeck, C. van (2005). Nota's bij de cursus juridische basisbegrippen,
onderdelen Aansprakelijkheidsrecht, Verzekeringsrecht en Beroepsaansprakelijk – en verzekering van tandheelkundige experten, GGS Orale gezondheidszorg. Leuven: KU Leuven. (170 p.)
Schoubroeck, C. Van & Thiery, Y. (2005). Discriminatie in verzekering. In H.
Cousy & H. Vandenberghe (Eds.), Aansprakelijkheids – en verzekeringsrecht
(Vormingsonderndeel, 30) (p. 27-46). Brugge: die Keure.
Schoubroeck, C. Van (2005). [Bespreking van het boek De overeenkomst van
levensverzekering]. R.W., 1120-1120.
Schoubroeck, C. Van (2006). Bewijslast van ‘uitsluitingen’ in verzekeringen:
nieuwe ontwikkelingen? Tijdschrift voor Belgisch Handelsrecht, 2006, 774777.
Schoubroeck, C. Van (2006). Internationaal privaatrecht inzake verzekeringen
en IPR. Tijdschrift voor Belgisch Handelsrecht, 703-718.
196
Aansprakelijkheid en verzekering
Schoubroeck, C. Van & Thiery, Y. (2007). Statistiek en dat beetje meer: bewijs
van het juridisch geoorloofd segmenteren. In Zakboekje 2006 (Ed.), Ombudsdienst voor verzekeringen (p. 3/92-3/95). Brussel: Graphic Group van Damme.
Spier, J. (Ed.). (2006). Verbintenissen uit de wet en schadevergoeding (Studiereeks burgerlijk recht, 5). Deventer: Kluwer. (XXXI + 403 p.)
Van, A.J. (2007). Redactioneel. Letsel & Schade, 3, 164-165.
Vegter, M.S.A. (2005). Vergoeding voor psychisch letsel op grond van artikel
7:658 BW. Bedrijfsjuridische Berichten, 14, 155-158.
Vegter, M.S.A. (2005). Eigen schuld bij veroorzaken schade aan bedrijfsauto.
Bedrijfsjuridische Berichten, 25, 261-263.
Vegter, M.S.A. (2005). IPR-aspecten, aansprakelijkheid en schade. Jurisprudentie Arbeidsrecht Verklaard, 3-7.
Vegter, M.S.A. (2005). Loondoorbetalingsverplichting bij ziekte en reïntegratiekosten; verzwijgen medische kwaal bij sollicitatie. Jurisprudentie Arbeidsrecht Verklaard, 3-8.
Vegter, M.S.A. (2005). Leeftijdsdiscriminatie en eenzijdige wijziging arbeidsovereenkomst. Jurisprudentie Arbeidsrecht Verklaard, 3-10.
Vegter, M.S.A. (2005). Reikwijdte artikel 7:658 lid 4 BW, werkgeversaansprakelijkheid voor psychisch letsel; zorgverlof, ouderschapsverlof en arbeidsduurvermindering. Jurisprudentie Arbeidsrecht Verklaard, 3-10.
Vegter, M.S.A. (2006). Juridische perikelen rond zwangerschap(sverlof),
gelijke beloning, onderscheid naar leeftijd in de kantonrechtersformule, werkgeversaansprakelijkheid voor beroepsziekten. Jurisprudentie Arbeidsrecht
Verklaard, 7, 3-10.
Vegter, M.S.A. (2006). Verzuimbeleid beperkt schadeclaims psychisch letsel.
Personeelsbeleid, 3, 52-55.
Vegter, M.S.A. (2006). Bewuste roekeloosheid bij het veroorzaken van schade
aan bedrijfsauto. Sociaal Recht, 3, 99-102.
Vegter, M.S.A. (2006). Proportionele aansprakelijkheid bij longkanker. Sociaal
Recht, 6, 196-198.
Vegter, M.S.A. (2006). Inlener niet aansprakelijk voor verkeersongeval onder
werktijd. Sociaal Recht, 11, 330-332.
197
Wetenschappelijk verslag 2005-2007
Verheij, A.J. (2006). Wettelijke verplichtingen tot schadevergoeding. In C.J.M.
Bollen, R.J.Q. Klomp & H. Schelhaas (Eds.), Verbintenissenrecht geschetst
(Ars Aequi geschetst. Burgerlijk recht, 5) (p. 205-218). (2de druk). Nijmegen:
Ars Aequi Libri.
Verheij, A.J. (2006). Wijsheid uit het Oosten (redactioneel). Letsel & Schade,
3-5.
Verheij, A.J. (2007). Kroniek werkgeversaansprakelijkheid. Aansprakelijkheid,
Verzekering & Schade, 68-74.
ANNOTATIES
Akkermans, A. (2005). Noot bij: Rb. Breda (13-10-2004), 127820/HA ZA 032128, (Regres ziekenfonds. Groepsaansprakelijkheid). JA 2005-2, p. 13-14.
Akkermans, A. (2006). Noot bij: Rb. Zwolle-Lelystad (19-10-2005), (Regres.
Groepsaansprakelijkheid). JA 2006-4, p. 437-438.
Akkermans, A.J. (2007). Noot bij: English House of Lords (14-10-2004), (Informed Consent and the Requirement of Causation, Chester v. Afshar). ERPL
2007-3, p. 433-442.
Boom, W. van (2005). Noot bij: HR (17-12-2004), ((Onder)aannemer uit
onrechtmatige daad aansprakelijk voor mesothelioom van werknemer opdrachtgever (hoofdaannemer)). JA 2005-2 (14), p. 139-141.
Boom, W.H. van (2006). Noot bij: HR (14-10-2005), C04/200HR, (Bewuste
roekeloosheid werknemer bij schade aan werkgever (City Tax BV/De Boer)).
JA 2006-1, nr. 10, p. 103-106.
Boom, W.H. van (2006). Noot bij: HR (11-11-2005), C04/253HR, (Amputatiegevaar en zorgplicht werkgever). JA 2006-1, nr. 11, p. 115-119.
Boom, W.H. van (2006). Noot bij: HR (16-12-2005), C04/276HR, (Organice).
JA 2006-1, nr. 21, p. 197-199.
Boom, W.H. van (2006). Noot bij: HR (13-10-2006), C04/279HR, (Verzekeringskamer/Stichting Vie d’Or). JA 2006-10, nr 142, p. 1148-1159.
Boom, W.H. van (2006). Noot bij: HR (02-12-2005), C04/353HR, (Bewuste
roekeloosheid werknemer bij hypoglykemie). JA 2006-1, nr. 12, p. 130-133.
Boom, W.H. van (2006). Noot bij: HR (07-04-2006), C05/004HR, (Der Bildtpollen Aanwas). JA 2006-6, nr. 83, p. 688-691.
198
Aansprakelijkheid en verzekering
Boom, W.H. van & Giard, R.W.M. (2006). Noot bij: HR (25-11-2005), JA
2006, (De empirische dimensies van zorgplicht. Kanttekeningen bij het
Skeeler-arrest). NTBR 2006-nr. 8, p. 360-368.
Boom, W.H. van (2007). Noot bij: HR (28-04-2006), (LJN: AV0653 Mr.
Huijzer q.q./Rabobank West-Kennemerland (Far Beheer BV)); betaling van
bankrekening gedaan door gefailleerde na faillietverklaring maar voor publicatie in Staatscourant). AA 2007-1, p. 53-57.
Boom, W.H. van (2007). Noot bij: HR (02-02-2007), 43, (C05/297HR). JA
2007-3, p. 447-448.
Boom, W.H. van (2007). Noot bij: HR (08-06-2007), 123, (R05/147HR
(Stichting Monumentenzorg Curacao/Scharloo)). JA, p. 1057-1058.
Boom, W.H. van (2007). Noot bij: HvJEG (26-10-2006), (C-168/05 (Elisa
María Mostaza Claro/Centro Móvil Milenium SL)). TvC 2007-2, p. 56-61.
Frenk, N. (2006). Noot bij: HR (23-12-2005), (Fortis/Stichting Volendam). JA
2006-40, p. 374-377.
Hartlief, T. (2005). Noot bij: De HR en het verzuimvereiste (RvdW 2004) (2210-2004), (Het Atlantic Hotel). AA 2005-54, p. 261-269.
Hartlief, T. (2005). Noot bij: HR (12-08-2005), (Aansprakelijkheid ter zake van
afgebroken onderhandelingen: terughoudendheid troef). AA 2005-54, p. 10271034.
Hekster, T.A. (2005). Het arrest Hartmann/Princess Juliana International
Airport: gevaar en zeggenschap. Aansprakelijkheid, Verzekering & Schade,
2005/4, 141-144.
Hekster, T.A. (2005). Noot bij: HR (28-01-2005), (Toerekening van schade bij
de Rally Dakar). VB 2005-4, p. 154-155.
Hekster, T.A. (2005). Noot bij: HR (18-03-2005), (De werkgever in de rol van
verzekeringsadviseur). VB 2005-8, p. 400-401.
Hekster, T.A. (2005). Noot bij: HR (20-05-2005), (Aansprakelijkheid van de
werkgever voor RSI-klachten). VB 2005-12, p. 646-647.
Hekster, T.A. (2005). Noot bij: HR (11-03-2005), (Aansprakelijkheid van de
werkgever voor psychische schade van werknemers). VB 2005-16, p. 888-889.
Hekster, T.A. (2005). Noot bij: HR (25-11-2005), (Aansprakelijkheid organisator Skeelercursus). VB 2005-24, p. 1476-1477.
199
Wetenschappelijk verslag 2005-2007
Hekster, T.A. (2006). Noot bij: Rb. Utrecht (13-09-2006), (Gebrekkige opstal.
Glazen afscheidingswand). JA 2006-10, p. 1290-1293.
Hekster, T.A. (2006). Noot bij: HR (23-06-2006), NJ 2006-354, p. 3362-3377.
Hekster, T.A. (2006). Noot bij: Hof Den Haag (12-05-2006), (Wie betaalt de
verkeersboete: werkgever of werknemer?). VB 2006-11, p. 28-29.
Hekster, T.A. (2006). Noot bij: HR (20-10-2006), (Subrogatie en wettelijke
rente). VB 2006-21, p. 30-35.
Hekster, T.A. (2006). Noot bij: HR (17-11-2006), (Verhaal bij samenlopende
verzekeringen). VB 2006-23, p. 52-56.
Lindenbergh, S.D. (2007). Noot bij: Rb Amsterdam (25-04-2007), (Schade aan
reputatie (De Jong en Wittermans/De Hond)). Mediaforum 2007-17, p. 162166.
Lindenbergh, S.D. (2007). Noot bij: HR (13-04-2007), (De relativiteit van de
toelating als vluchteling). AA, p. 777-784.
Lindenbergh, S.D. (2007). Noot bij: HR (27-04-2007), (De zorgplicht van de
werkgever in verhouding tot arbeidsomstandighedenregelgeving). MvV 2007,
p. 122-126.
Lindenbergh, S.D. & Dijkshoorn, W. (2007). Noot bij: HR (21-09-2007),
(Buitengerechtelijke kosten en ‘eigen schuld’ (Manege Bergemo)). MvV 2007,
p. 252-256.
Maanen, G.E. van (2005). Noot bij: HR (25-03-2005), JA 2005-45, p. 443-446.
Maanen, G.E. van (2005). Noot bij: HR (21-01-2005), (Anticiperen op
toekomstige regelgeving). JB 2005-57, p. 283-284.
Maanen, G.E. van (2005). Noot bij: HR (21-10-2005), JB 2005-318, p. 15381550.
Maanen, G.E. van (2005). Noot bij: HR (26-09-2003), (Waterschap Zeeuwse
eilanden/Royal Ned.). NTBR 2005-1, p. 39-40.
Maanen, G.E. van (2005). Noot bij: HR (25-06-2004), 89, (Dupomex/
Duijvelaar). NTBR 2005-2, p. 83-85.
Maanen, G.E. van (2005). Noot bij: HR (23-09-2005), NTBR 2005-85, p. 525527.
Maanen, G.E. van (2006). Noot bij: EHRM (11-07-2006), (Keegan). EHRC
2006-119, p. 1121-1129.
200
Aansprakelijkheid en verzekering
Maanen, G.E. van (2006). Noot bij: ABRvS (11-01-2006), (Marokkaanse
echtscheiding: schadevergoeding). JB 2006-55, p. 277-283.
Maanen, G.E. van (2006). Noot bij: HR (30-09-2005), (‘De groene specht’: een
standaardarrest over ongerechtvaardigde verrijking). NTBR 2006-1, p. 26-30.
Maanen, G.E. van (2006). Noot bij: HR (21-10-2005), (De bouwvergunning
vrijwaart nog steeds niet tegen aansprakelijkheid uit onrechtmatige daad
(hoewel dat soms wel zou moeten)). NTBR 2006-2, p. 78-80.
Maanen, G.E. van (2007). Noot bij: HR (23-02-2007), (Ontslagen bankdirecteur, formele rechtskracht). JA 2007-69, p. 635-659.
Maanen, G.E. van (2007). Noot bij: HR (13-04-2007), (Iranse vluchteling). JA
2007-93, p. 814-831.
Maanen, G.E. van (2007). Noot bij: HR (23-02-2007), (ontslagen bankdirecteur). JB 2007-66, p. 359-362.
Maanen, G.E. van (2007). Noot bij: HR (13-04-2007), (Overheidsaansprakelijkheid, relativiteitsvereiste). JB 2007-100, p. 511-516.
Nys, H. (2005). Noot bij: Cass. (16-12-2004), (De informatieplicht van de arts:
aan wie behoort de bewijslast). R.W. 2004, p. 1554.
Schoubroeck, C. van (2005). Noot bij: Hof van Cassatie (06-02-2006), T.B.H.,
p. 1062.
Schoubroeck, C. van (2005). Noot bij: Hof van Cassatie (10-12-2004), T.B.H.,
p. 1065.
Schoubroeck, C. van (2005). Noot bij: Antwerpen (24-12-2003), T.B.H.,
p. 1079.
Schoubroeck, C. van (2005). Noot bij: Pol. Brugge (30-05-2005), T.B.H.,
p. 1095.
Schoubroeck, C. van (2006). Noot bij: Cass. (19-05-2005). T.B.H. 2006-7,
p. 751.
Schoubroeck, C. van (2006). Noot bij: Cass. (07-10-2005), (Wil van de benadeelde om vergoeding te bekomen, stuit verjaring rechtstreekse vordering).
T.B.H. 2006-7, p. 754-756.
Schoubroeck, C. Van (2007). Noot bij: Hof van Cassatie (07-12-2006), (Beroep
– Artikel 88 tweede lid Wet Landverzekeringsovereenkomst – Vereiste van een
kennisgeving – Modaliteiten). T.B.H. 2007-5, p. 513-514.
201
Wetenschappelijk verslag 2005-2007
Schoubroeck, C. Van (2007). Noot bij: Hof van Cassatie (05-01-2006), (Vragen
bij de dwingende bepaling van de opzegging van verzekeringsovereenkomsten). T.B.H. 2007-8, p. 776-777.
Schoubroeck, C. Van (2007). Noot bij: Hof van Cassatie (12-01-2007), (Algemeen geformuleerde zorgvuldigheidsplicht niet sanctioneren door verval van
dekking). T.B.H. 2007-8, p. 791-793.
Schoubroeck, C. Van (2007). Noot bij: Hof van Cassatie (13-04-2007), (De
verzekeraar moet bewijzen dat aan de voorwaarden van de uitsluiting van
dekking is voldaan). T.B.H. 2007-8, p. 802.
Stouten, M. (2007). Noot bij: HJvEG (26-06-2007), AB 2007-369, p. 19611970.
Van, A.J. (2005). Noot bij: Rb. Amsterdam (20-09-2004), (De kosten van het
deskundigenbericht). Letsel & Schade 2005-4, p. 19-21.
Van, A.J. (2006). Noot bij: Rb. Arnhem (15-02-2006), LJN AW1836, JA 200674, p. 596-597.
Van, A.J. (2007). Noot bij: Centraal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg
(19-07-2007), TVP 2007-3, p. 94-97.
Vegter, M.S.A. (2005). Noot bij: HR (20-05-2005), 65, JA, p. 589-592.
Verheij, A.J. (2006). Noot bij: HR (16-12-2005), AV&S, p. 129-132.
Verheij, A.J. (2007). Noot bij: HR (24-11-2006), 1106, TVP 2007, p. 23-26.
PUBLICATIES ‘GASTONDERZOEKERS’
Hendrikse, M.L. (2005). Enkele kritische opmerkingen over de verjaringsregeling in het nieuwe verzekeringsrecht. Nederlands Tijdschrift voor Handelsrecht, 4, 176-178.
Hendrikse, M.L. & Rinkes, J.G.J. (2005). Geschillenbeslechting in het verzekeringsrecht. In M.L. Hendrikse, Ph.H.J.G. van Huizen & J.G.J. Rinkes (Eds.),
Nieuw verzekeringsrecht praktisch belicht (Recht en praktijk, 137) (p. 69-87).
Deventer: Kluwer.
Hendrikse, M.L. (2006). Algemene voorwaarden en verzekeringen. In M.L.
Hendrikse, R.H.C. Jongeneel & B. Wessels (Eds.), Algemene voorwaarden
(Recht en Praktijk, 143) (4de druk). (p. 581-605). Deventer: Kluwer.
Hendrikse, M.L. (2006). De invloed van Titel 7.17 op enkele veel voorkomende clausules in verzekeringsvoorwaarden. Aansprakelijkheid, Verzekering
& Schade, 3, 74-80.
202
Aansprakelijkheid en verzekering
Hendrikse, M.L. & Rinkes, J.G.J. (Eds.). (2007). Insurance and Europe.
Zutphen: Paris. (102 p.)
Hendrikse, M.L. & Rinkes, J.G.J. (2007). Europe and insurance: The Consumer
Perspective. In M.L. Hendrikse & J.G.J. Rinkes (Eds.), Insurance and Europe
(p. 11-39). Zutphen: Paris.
Hendrikse, M.L. (2007). [Bespreking van het boek Risicoverzwaring bij
schadeverzekeringen (diss. RUN)]. Rechtsgeleerd Magazijn Themis, 2, 76-82.
Hendrikse, M.L. (2007). Risicoverzwaring in het verzekeringsrecht: een weerbarstig leerstuk. Rechtsgeleerd Magazijn Themis, 241-259.
Hendrikse, M.L., Martius, H.P.A.J. & Rinkes, J.G.J. (2007). Kroniek Verzekeringsrecht 2006. Nederlands Tijdschrift voor Burgerlijk Recht, 8, 342-352.
Hondius, E.H. (2005). The Kelly case – compensation for undue damage for
wrongful treatment. In J.K.M. Gevers, E.H. Hondius & J.H. Hubben (Eds.),
Health law, human rights and the Biomedicine Convention. Essays in honour of
Henriëtte Roscam Abbing (International studies in human rights, 85) (p. 105116). Leiden: Nijhoff.
Hondius, E.H., Gevers, J.K.M. & Hubben, J.H. (Eds.). (2005). Health law,
human rights and the Biomedicine Convention. Essays in honour of Henriëtte
Roscam Abbing (International studies in human rights, 85). Leiden: Nijhoff.
Hondius, E.H. (2007). [Bespreking van het boek Aansprakelijkheid van artsen,
diss. Leiden]. Tijdschrift voor Gezondheidsrecht, 176-177.
Martius, H.P.A.J. (2006). Het nieuwe sommenverzekeringsrecht: Begunstiging
met en overdracht van en vestiging van beperkte rechten op het recht van
uitkering nader beschouwd (I). Weekblad voor Privaatrecht, Notariaat en
Registratie, 6681, 673-675.
Martius, H.P.A.J. (2006). Het nieuwe sommenverzekeringsrecht: Begunstiging
met en overdracht van en vestiging van beperkte rechten op het recht van
uitkering nader beschouwd (II). Weekblad voor Privaatrecht, Notariaat en
Registratie, 6682, 693-695.
Martius, H.P.A.J. (2006). Het nieuwe sommenverzekeringsrecht: Begunstiging
met en overdracht van en vestiging van beperkte rechten op het recht van uitkering nader beschouwd (III). Weekblad voor Privaatrecht, Notariaat en Registratie, 6683, 718-720.
Martius, H.P.A.J. (2006). Verslag, Nota & Eindbehandeling in de Eerste
Kamer: Enige onduidelijkheden aangaande het nieuwe verzekeringsrecht (Titel
7.17 BW) op de valreep weggewerkt (Deel I). Nederlands Tijdschrift voor
Handelsrecht, 1, 17-20.
203
Wetenschappelijk verslag 2005-2007
Martius, H.P.A.J. (2006). Verslag, Nota & Eindbehandeling in de Eerste
Kamer: Enige onduidelijkheden aangaande het nieuwe verzekeringsrecht (Titel
7.17 BW) op de valreep weggewerkt (Deel II). Nederlands Tijdschrift voor
Handelsrecht, 5, 191-193.
Rinkes, J.G.J. (2005). Te late premiebetaling. In M.L. Hendrikse, Ph.H.J.G. van
Huizen & J.G.J. Rinkes (Eds.), Nieuw verzekeringsrecht praktisch belicht
(Recht en Praktijk, 137) (p. 157-174). Deventer: Kluwer.
Veen, M. van der, Spaans, M. & Janssen-Jansen, L. (2007). The concept of
non-financial compensation: what is it, which forms are distinguished and what
can it mean in spatial terms? In P. Boelhouwer, D. Groetelaers & E. Vogels
(Eds.), ENHR Sustainable Urban Areas (p. 1-17). Delft: ENHR/Onderzoeksinstituut OTB.
OVERIGE PUBLICATIES
Cousy, H. (2005). Pensioenfondsen tussen specificiteit en convergentie. Tijdschrift voor Belgisch Handelsrecht, 8, 830-838.
Deben, L. (2005). De nieuwe Belgische Verkeersveiligheidswet: Veiliger verkeer? Verkeersrecht: Juridisch Maandblad Betreffende het Wegverkeer, 200505, 137-144.
Deben, L. (2005). De optimale juridische omstandigheden voor de bestuurlijke
boete. RA-2005-58. Diepenbeek: Steunpunt Verkeersveiligheid.
Deben, L. (2005). Welvaartsimplicaties van overheidsoptreden, De public interest benadering. RA 2005-62. Diepenbeek: Steunpunt Verkeersveiligheid.
Deben, L. (2006). Een administratieve kostenschatting van de Belgische en de
Nederlandse verkeersboete. RA-2006-62. Diepenbeek: Steunpunt Verkeersveiligheid.
Deben, L. (2006). Verkeershandhaving door de bestuurlijke boete; Een rechtseconomische benadering. RA-2006-81. Diepenbeek: Steunpunt Verkeersveiligheid.
Deben, L. & Vereeck, L.M.C. (2006). Verkeersovertredingen: De belangrijkste
veranderingen met betrekking tot verkeersovertredingen na 31.03.2006.
Verkeer, aansprakelijkheid en verzekering, 482-487.
Faure, M.G., Bowles, R. & Garupa, N. (2005). Forfeiture of illegal gain: an
economic perspective. Oxford Journal of Legal Studies, 25, 2, 275-295.
Giesen, I. (2005). De donkere kamer van Vranken... Nederlands Juristenblad,
36, 1889-1890.
204
Aansprakelijkheid en verzekering
Giesen, I. (2005). Geen huisje zo heilig of er past wel een sloophamer bij...
Nederlands Juristenblad, 42, 2200-2201.
Bartels, S.E. & Giesen, I. (2006). Wisseling van de wacht in standaardrechtspraak. Aan de hand van Haviltex, Fox en het Bloemendaalse slooppand. In M.
de Cock Buning, E.H. Hondius & J.J. Brinkhof (Eds.), Internationaal
contracteren, feestbundel voor Willem Grosheide (p. 59-71). Den Haag: Boom
Juridische uitgevers.
Hendrikse, M.L., Margetson, N.J. & Maters, T.M. (2005). Doorbreking van de
bescherming van de CMR-vervoerder (art 29 CMR). In M.L. Hendrikse &
Ph.H.J.G. van Huizen (Eds.), CMR: Internationaal vervoer van goederen over
de weg: een praktische en rechtsvergelijkende benadering (NTHR-reeks, 3)
(p. 189-213). Zutphen: Paris.
Huizen, Ph.H.J.G. van (2005). Transparantie van pensioenrechtelijke verhoudingen met als ondertitel het Pensioenfonds als Vermogensbeheerder. Tijdschrift voor Pensioenvraagstukken, 2, 47-53.
Huizen, Ph.H.J.G. van (2005). Hoofdstuk 8: Algemene CMR-schadevergoedingsregeling (art. 23-27 CMR). In M.L. Hendrikse & Ph.H.J.G. van Huizen
(Eds.), CMR: Internationaal vervoer van goederen over de weg: een praktische
en rechtsvergelijkende benadering (NTHR-reeks, 3) (p. 163-178). Zutphen:
Paris.
Huizen, Ph.H.J.G. van & Hendrikse, M.L. (Eds.). (2005). CMR: Internationaal
vervoer van goederen over de weg: een praktische en rechtsvergelijkende
benadering (NTHR-reeks, 3). Zutphen: Paris. (322 p.).
Huizen, Ph.H.J.G. van (2007). Enkele beschouwingen rondom Art. 29 CMR.
European Transport Law, 42(3), 339-353.
Klosse, S. (2005). The European Employment Strategy: which way forward?
International Journal of Comparative Labour Law and Industrial Relations, 21,
5-37.
Klosse, S. (2005). Van de regen in de drup? Arbeid integraal, 2005/3, 5-23.
Klosse, S. (2005). Maatschappelijk verantwoord ondernemen: ontbrekende
schakel in het Europese werkgelegenheidsbeleid? In J.J.A. Hamers, C.A.
Schwarz & B.T.M. Steins Bisschop (Eds.), Noodzaak, plicht of wenselijkheid
van Maatschappelijk Verantwoord Ondernemen (p. 77-109). Den Haag: Boom
Juridische uitgevers.
Klosse, S. (2005). Sociale zekerheid: (grond)recht van het kind. In J.
Berghman, S. Klosse & G.J. Vonk (Eds.), Kind in de sociale zekerheid: verwend of verdrukt (p. 136-164). Amstelveen: SVB.
205
Wetenschappelijk verslag 2005-2007
Klosse, S., Berghman, J. & Vonk, G.J. (Eds.). (2005). Kind in de sociale zekerheid: verwend of verdrukt? Amstelveen: SVB. (244 p.).
Klosse, S. & Heerma van Voss, G.J.J. (2006). Arbeidsrechtelijke sociale
zekerheid: wat is dat eigenlijk? In M. Herweijer, G.J. Vonk & W.A. Zondag
(Eds.), Sociale Zekerheid voor het oog van de meester (p. 159-175). Deventer:
Kluwer.
Maanen, G.E. van (2007). De taak van de regtswetenschap en de plaats van de
hooge raad (redactioneel). Nederlands Tijdschrift voor Burgerlijk Recht, 6, 221.
Margetson, N.J. (2005). De verzoekschriftprocedure in eerste aanleg. In M.L.
Hendrikse & A.W. Jongbloed (Eds.), Burgerlijk procesrecht praktisch belicht
(p. 333-364). Deventer: Kluwer.
Margetson, N.J. & Hendrikse, M.L. (2005). A comparative law study of the
relationship between the obligations of sea carriers and the exceptions.
European Transport Law, 2, 161-173.
Margetson, N.J. & Margetson, N.H. (2005). House of Lords, 25 november
2004, ‘Jordan II’: FIOST-clausule is niet in strijd met artikel 3 lid 22 Hague
(Visby) Rules. Tijdschrift Vervoer & Recht, 2, 58-60.
Nys, H. (2006). Patient Rights in the EU – Czech Republic (European EthicalLegal Papers, 1). Leuven: Katholieke Universiteit Leuven. (46 p.)
Nys, H. (2006). Levensbeëindiging en dementie. Wat is juridisch mogelijk?
Wat is juridisch wenselijk? In L. van Gorp (Ed.), Kleur geven aan de grijze
massa. Ethische vragen over dementie & euthanasie (p. 57-66). Antwerpen/
Apeldoorn: Garant.
Nys, H. (2006). Zet de Belgische Euthanasiewet de mensenrechten onder druk?
De Belgische Euthanasiewet tussen zelfbeschikking en gewetensvrijheid. In De
euthanasiewet: grondrechten onder druk? (p. 102-129). Budel: Uitgeverij
Damon.
Nys, H. & Exter, A. den (2006). Europa en de gezondheidszorg. In H. Hermans
& M. Buijsen (Eds.), Recht en Gezondheidszorg (p. 277-303). Maarssen:
Elsevier Gezondheidszorg.
Nys, H. (2006). Towards an International Treaty on Human Rights and
Biomedicine? Some reflections inspired by UNESCO's Universal Declaration
on Bioethics and Human Rights. European Journal of Health Law, 1, 5-8.
Nys, H. (2006). Recent Developments of health Law in Belgium. European
Journal of Health Law, 2, 95-101.
206
Aansprakelijkheid en verzekering
Nys, H. (2006). Enkele beschouwingen over de ethiek van het kankeronderzoek. Tijdschrift voor Geneeskunde, 14-15 en 1062-1066.
Nys, H. (2006). Levensbeëindiging en dementie. Wat is juridisch mogelijk?
Wat is juridisch wenselijk? Tijdschrift voor Geneeskunde, 23, 1687-1693.
Nys, H. (2007). Legal rules in the Member States and existing initiatives/
activities, in European Parliament, Policy Department, Economic and Scientific
Policy, Organ Donation and Transplantation: Policy options at EU level, Briefings, Dialogue and Report. In Policy options at EU level, Briefings, Dialogue
and Report (p. 17-19). [Online]. Available from: <http://www.consorzioco me
ta.it/organdonation> [27-11-2007].
Schamps, G. (2006). L'incidence pour les proches des réglementations relatives
aux droits du patient et à l'euthanasie en droit belge. In Actes du 16e Congrès
mondial de droit médical, Toulouse, 7-11 août 2006 (p. 1375-1382). Bordeaux:
Les Études Hospitalières.
Schamps, G. (2006). La reglamentacion belga relativa al fin de la vida: Los
cuidados paliativos. La Eutanasia. Revista de Derecho Comparado, 119-144.
Schamps, G. (2006). La réglementation belge relative à la fin de vie: l'euthanasie – les soins palliatifs. Revue générale de droit médical, 20, 209-291.
Schoubroeck, C. Van (2006). Artikel 106. In J. Erauw et al. (Eds.), Het wetboek
internationaal privaatrecht becommentarieerd – Le Code de droit international
privé commenté (p. 549-555). Antwerpen/Bruxelles: Intersentia/Bruylant.
Vegter, M.S.A. (2005). Ontslag op staande voet wegens schending controlevoorschriften bij ziekte. Bedrijfsjuridische Berichten, 10, 108-110.
Vegter, M.S.A. (2006). Arbeidsongeschiktheid, concurrentiebeding en relatiebeding. Jurisprudentie Arbeidsrecht Verklaard, 3, 3-10.
Vegter, M.S.A. (2006). Toepassing CAO na overgang van onderneming.
Bedrijfsjuridische Berichten, 10, 85-88.
Vegter, M.S.A. (2006). Verlenging stageperiode advocaten: nog steeds geen
gelijke behandeling m/v. Nederlands Juristenblad, 27, 1499-1500.
207
GRENSOVERSCHRIJDEND MILIEURECHT
A.
VOLLEDIGE TITEL
Grensoverschrijdend milieurecht
B.
DEELPROGRAMMA'S
Niet van toepassing
C.
ONDERZOEKSLEDEN PROGRAMMA
Begin
coördinerend onderzoeksleider
Dhr. Prof.Dr. M.G. Faure LL.M. (UM)
01-01-95
onderzoeksleiders
Dhr. Prof.Dr. K. Deketelaere (KUL)
Dhr. Prof.Dr. M.M.L.L. Pâques (UL)
Mw. Dr. M. Peeters (UM)
Mw. Prof.Mr. R. Uylenburg (UvA)
01-01-95
01-01-99
01-02-07
01-05-04
senior onderzoekers
Dhr. Prof.Mr. G. Betlem (Southampton)
Dhr. Dr. T. Vanden Borre
Dhr. Prof.Dr. G. van Calster (KUL)
Dhr. Dr. M.A. Heldeweg (UT)
Mw. Dr. M. Peeters (UM)
Dhr. Prof.Mr. Th. de Roos (UvT)
Dhr. Prof.Mr. B. Schueler (UvA)
Dhr. Mr. R.J.G.H. Seerden (UM)
Dhr. Prof.Mr. H. Somsen (UvT)
Mw. Prof.Dr. E.I.L. Vos (UM)
01-09-98
01-04-05
01-01-95
01-06-06
01-06-02
01-01-95
01-05-04
01-06-00
01-05-04
01-10-04
onderzoekers
Dhr. M. Delnoy
Dhr. Drs. F.T. Groenewegen (UvA)
Dhr. W.G.A. Hazewindus (UvA)
Dhr. Dr. G.M.A. van der Heijden (UvA)
Dhr. Dr. A. Klap (UvA)
Dhr. Prof.Mr. N. S.J. Koeman (UvA)
Dhr. Prof.Mr. W. Konijnenbelt (UvA)
10-11-06
14-04-06
01-05-04
01-05-04
01-05-04
01-05-04
01-05-04
Einde
31-01-07
31-05-06
30-09-06
31-05-07
30-09-06
31-01-06
31-01-07
30-09-06
30-09-06
209
Wetenschappelijk verslag 2005-2007
Mw. Mr. V. van 't Lam (UvA)
Dhr. Prof.Mr. G.J. Lammers
Mw. M. Matthee
Dhr. Dr. R. Neerhof (UM)
Dhr. Dr. D. Roef (UM)
Mw. Prof.Mr. H.G. Sevenster (UvA)
Dhr. B. Vanheusden (Hasselt)
Mw. Mr. M.J.C. Visser (UvA)
Mw. Mr.Drs. E.M. Vogelezang-Stoute (UvA)
Dhr. Dr. F. Wendler (UM)
promovendi
Mw. Mr. J. Bazelmans (UvA)
Mw. Mr. M.N. Boeve (UvA)
Dhr. J. De Cendra de Larragán (UM)
Dhr. K. de Cock (KUL)
Dhr. M. Delnoy (UL)
Dhr. S.N.A. Dimitrov, LL.M. (UvA)
Dhr. Mr. T.F.M. Etty (VU)
Mw. Mr. F.M. Fleurke (UvA)
Dhr. Drs. F.T. Groenewegen (UvA)
Mw. M. Haritz (UM)
Dhr. Mr. J. Heyman (KUL)
Dhr. Mr. J.M.P Janssen (UvA)
Mw. Mr. Drs. K.A.W.M. de Jong (UvA)
Mw. Mr. K. Kliphuis (UvA)
Mw. S. Leprince (UL)
Mw. I. Martens (KUL)
Mw. M. Matthee
Dhr. Mr. R. Mellenbergh (UvA)
Mw. Mr. M. Oomens (UvA)
Mw. Mr. A.M.C. Polman (UvA)
Mw. Mr. S.T. Ramnewash-Oemrawsingh (UvA)
Mw. K. de Smedt (UM/LUC)
Mw. Mr. L. Smorenburg-van Middelkoop (UvA)
Dhr. J. de Staercke (KUL)
Dhr. Mr. P. Stamoulis
Dhr. Mr. S. Ubachs
Dhr. B. Vanheusden (Hasselt)
Mw. H. Wang (KUL)
Mw. Mr. M.N. van Waterschoot (UvA)
210
Begin
01-10-05
01-05-04
27-10-07
01-02-07
01-01-95
01-05-04
11-05-07
01-01-95
01-05-04
01-10-05
01-02-06
01-05-04
01-04-05
01-10-03
01-01-99
01-05-04
01-05-04
01-05-04
01-05-04
01-10-05
01-01-95
01-05-04
01-05-04
01-02-06
01-01-99
01-10-99
01-02-06
01-05-04
01-05-04
01-05-04
01-05-04
01-06-02
01-05-04
01-10-03
01-10-04
01-07-01
01-10-03
01-05-04
01-05-04
Einde
31-01-07
31-05-06
30-09-07
09-11-06
13-04-06
31-05-07
30-09-06
31-05-07
26-10-07
30-09-07
22-06-06
30-09-06
10-05-07
30-09-06
Grensoverschrijdend milieurecht
Dhr. P.E. Wenneras LL.M. (UvA)
Dhr. M. Wibisana (UM)
Dhr. J. Zander (UM)
D.
Begin
01-05-04
01-10-03
01-10-03
Einde
26-10-06
TREFWOORDEN
Harmonisatie, Instrumenten, Risico, Klimaat, Biotechnologie
E.
SAMENVATTING PROGRAMMAOPZET
I.
Leiderschap, managementstijl & communicatie
Het programma wordt gecoördineerd vanuit een aan de Universiteit Maastricht
verbonden onderzoeksleider, Michael Faure. Hij neemt in overleg met de andere onderzoeksleiders de coördinatie van de werkzaamheden binnen het programma voor zijn rekening. De gezamenlijke onderzoeksleiders van de Universiteiten van Amsterdam, Leuven en Maastricht onderhouden regelmatig contact
met elkaar. In beginsel is er één onderzoeksleider per betrokken instelling. Het
betreft Rosa Uylenburg voor het Centrum voor Milieurecht van de Vrije Universiteit Amsterdam, Kurt Deketelaere voor het Instituut voor Milieu en Energierecht van de Katholieke Universiteit Leuven en Marjan Peeters voor
METRO van de Universiteit Maastricht. Echter, gelet op de zeer nauwe samenwerking met het pionierprogramma rond de juridische aspecten van Biotechnologie van Prof. Han Somsen (Amsterdam) evenals met het Programma
over recht en risico van Prof. Ellen Vos (Maastricht) worden ook zij steeds bij
de besluitvorming binnen het programma betrokken, zonder dat het in deze fase
noodzakelijk leek het aantal formele onderzoeksleiders uit te breiden. De facto
leiden respectievelijk Somsen en Vos hun eigen onderzoeksgroepen rond biotechnologie en recht respectievelijk recht en risico evenwel zonder dat deze
formeel als deelprogramma zijn opgevoerd.
De facto bestaat het programma uit onderzoek dat wordt uitgevoerd binnen drie
op het milieurecht gerichte instituten, respectievelijk het Instituut voor Milieu
en Energierecht van de Katholieke Universiteit Leuven, het Maastrichts Europees Instituut voor Transnationaal Rechtswetenschappelijk Onderzoek (METRO) van de Universiteit Maastricht (dat tevens een sterke milieurechtelijke
inslag heeft) en Centrum voor Milieurecht van de Universiteit Amsterdam. Niet
al het binnen deze separate instituten uitgevoerde onderzoek werd in de onderzoekschool ingebracht. Dat is evident uitsluitend het geval voor zover het gaat
om onderzoek dat bijdraagt aan de uitvoering van het Ius Commune programma.
Er wordt regelmatig email correspondentie gehouden met de andere onderzoeksleiders. Op basis daarvan vindt overleg plaats ondermeer over te onder211
Wetenschappelijk verslag 2005-2007
nemen activiteiten, bijvoorbeeld over gezamenlijke congressen of over de te
organiseren workshop op de jaarlijkse Ius Commune conferentie.
Naast de jaarlijkse Ius Commune conferentie vinden ook regelmatige workshops plaats waaraan een groot deel van de betrokken onderzoekers deelneemt.
Dit betekent dat alle onderzoekers binnen het programma elkaar ten minste
eenmaal per jaar treffen tijdens de jaarlijkse Ius Commune conferentie. Daarnaast wordt ook in het kader van vele onderzoeksprojecten samengewerkt. Zo
participeren (zie hieronder) de onderzoekers in dit programma ook gezamenlijk
in verscheidene contractonderzoeksprojecten en is ook beslist om voortaan dit
gezamenlijk onderzoek extern als eenheid te presenteren in het instituut ICCEL
(Ius Commune Centre for Environmental Law). Dit zal hieronder eveneens
worden toegelicht.
Participanten binnen dit programmaonderdeel van de Ius Commune onderzoeksschool zijn nog steeds de oorspronkelijke partners Maastricht en Leuven,
inmiddels aangevuld, zoals aangegeven, met Luik en de Universiteit van Amsterdam. In die verscheidene faculteiten is het milieurechtelijk onderzoek in
verschillende centra georganiseerd en het zijn dan ook de onderzoekers van die
centra die samen het programma grensoverschrijdend milieurecht uitvoeren.
Het gaat daarbij wat Leuven betreft om het Instituut voor Milieu- en Energierecht (IMER), voor Maastricht het Maastrichts Europees Instituut voor Transnationaal Rechtswetenschappelijk Onderzoek (METRO), voor Amsterdam het
Centrum voor Milieurecht en voor Luik de leerstoel administratief en milieurecht van Professor Michel Pâques.
De Universiteit Utrecht is weliswaar oorspronkelijk partner bij de Ius Commune onderzoeksschool, doch de milieujuristen van Utrecht participeerden in een
andere onderzoeksschool en waren derhalve niet bij dit programmaonderdeel
betrokken.
II.
Programmaopzet
a.
Thema: grensoverschrijdend milieurecht
Zoals aangegeven blijft het centrale thema van dit programma nog steeds het
grensoverschrijdend milieurecht. Wat dat betreft wordt verder uitvoering gegeven aan de oorspronkelijke programmaopzet zoals deze in 1997 werd vastgelegd. Centraal idee is en blijft derhalve dat via rechtsvergelijkend onderzoek
kan worden blootgelegd wat de beginselen zijn die gemeenschappelijk zijn aan
verscheidene milieurechtsstelsels in Europa (en daarbuiten), zodat op die wijze
een bijdrage kan worden geleverd aan de zoektocht naar een ‘milieurechtcultuur in Europa’. Daarenboven wordt ook onderzocht welke de consequenties
zijn van het vaststellen van die overeenkomsten of verschillen met het oog op
de vraag of welk niveau (lokaal, nationaal of Europees) milieuregulering tot
stand dient te komen. Ook blijft centrale vraag voor de onderzoeksgroep welke
212
Grensoverschrijdend milieurecht
waaier van milieujuridische instrumenten op een optimale wijze (al dan niet in
combinatie) dienen te worden ingezet ter bestrijding van (grensoverschrijdende) milieuverstoring.
b.
Methodologie
Centraal binnen dit programma blijft uiteraard, gelet op de plaats binnen de
onderzoeksschool, dat methoden worden gebruikt om een milieurechtelijke Ius
Commune te ontdekken. Dat betekent uiteraard in de eerste plaats dat de klassieke milieurechtelijke rechtsvergelijking wordt toegepast waarbij verschillende
stelsels met elkaar worden vergeleken, verschillen worden geanalyseerd en
kritisch worden bestudeerd. Echter, vanuit de vaststelling vanuit die overeenkomsten of die verschillen wordt vervolgens ook kritisch stilgestaan bij de
vraag wat de onderscheiden rol is van verschillende bestuursniveaus (lokaal,
nationaal, Europees of internationaal) bij de aanpak van (grensoverschrijdende)
milieuproblemen. Derhalve zal bijvoorbeeld in de context van de regulering
van klimaatverandering niet alleen aandacht worden besteed aan de optimale
juridische instrumenten, maar ook aan de vraag op welk niveau deze op optimale wijze kunnen worden ingezet. Echter, bij die zoektocht wordt niet alleen van
rechtsvergelijking gebruik gemaakt, maar ook van de nationale milieurechtelijke dogmatiek. Inderdaad, een accurate bestudering van het nationaal milieurecht is bijvoorbeeld reeds van belang om aangewezen instrumenten te identificeren die kunnen worden ingezet bij de bestrijding van grensoverschrijdende
milieuverstoring. Daarnaast kan fundamenteel onderzoek naar nationaal milieurecht ook een bijdrage leveren aan de totstandkoming van een milieurechtelijk
Ius Commune. Immers, voor zover in een onderzoek naar nationaal milieurecht
ook fundamentele vragen worden gesteld over de optimale wijze waarop bepaalde instrumenten (al dan niet in combinatie) het meest effectief zullen zijn
om bepaalde milieurechtelijke doelen te bereiken wordt ook een bijdrage geleverd aan het milieurechtelijk Ius Commune gedachtegoed. Bij deze kritische
zoektocht naar een optimaal milieurecht spelen onder meer milieurechtelijke
beginselen een belangrijke rol. Een vraag die desbetreffend onder meer ook
rijst is in welke mate vanuit die beginselen ook een codificerend of harmoniserend effect uitgaat. Bijvoorbeeld bij een onderzoek naar de wijze waarop in de
Nederlandse jurisprudentie of bestuurspraktijk met het voorzorgsbeginsel wordt
omgegaan kunnen ook belangrijke inzichten worden verworven over de wijze
waarop in het algemeen door rechter of bestuur wordt omgegaan met besluitvorming op milieurechtelijk vlak onder onzekerheid.
Hoewel de aanpak van de meeste onderzoekers primair (milieu)juridisch zal
zijn moge duidelijk zijn dat enkele van het in het kader van dit programma bestuurde vragen enkel beantwoord kunnen worden met behulp van het inroepen
van andere disciplines. Bijvoorbeeld de vraag naar het optimaal gebruik van
verschillende instrumenten ter reductie van milieuschade of klimaatverandering
(milieubelastingen, emissiehandel of vergunningen) kan worden verrijkt door
inzichten vanuit de milieu(rechts)economie. Zo kan ook het debat over de vraag
213
Wetenschappelijk verslag 2005-2007
welke vorm van milieuregulering op welk bestuursniveau tot stand dient te komen worden verrijkt door bestuurskundige, politieke theorieën en inzichten
vanuit het economisch federalisme. Maar ook de wijze waarop het recht met
onzekere risico's omgaat, die bijvoorbeeld door nieuwe (bio)technologieën
worden gecreëerd overstijgt vaak het zuiver juridische. Sociologen (waaronder
uiteraard Beck), maar ook politicologen en psychologen hebben belangrijke
inzichten geleverd, onder meer over de wijze waarop onzekere risico's door
burgers worden gepercipieerd.
c.
Thema's
Het moge duidelijk zijn dat een grote groep Ius Commune milieujuristen zich
met de hierboven omschreven vragen zullen gaan bezighouden. Enkele onderzoekslijnen kunnen indicatief in een aantal themata worden samengevat. Daarbij staat echter voorop dat deze themata slechts indicatief worden aangegeven
voor onderzoekslijnen waarrond bepaalde onderzoekers werken, doch zeker
niet limitatief zijn. Het milieurecht is zodanig dynamisch en de maatschappelijke vragen waarop het beantwoordt evolueren zo snel en zijn tevens vaak multidisciplinair, zodat die problemen zich niet binnen strikte themata laten vallen.
Slechts om een beeld te schetsen van enkele onderzoeken waarmee de onderzoekers zich in het kader van dit programma grensoverschrijdend milieurecht
zullen bezighouden kunnen de volgende themata worden genoemd:
Harmonisatie en integratie van het milieurecht
De vraag naar de harmonisatie en integratie is een logisch voortvloeisel van het
reeds ingezette onderzoek waarbij met behulp van rechtsvergelijking verschillen en overeenkomsten tussen het milieurecht van bepaalde staten werden
blootgelegd. De vervolgvraag die onder meer aan bod komt is of de vaststelling
van die verschillen nu noodzakelijkerwijze moet betekenen dat een harmonisatie van milieurecht zou moeten worden nagestreefd. Ook kan in dit verband
uiteraard worden gedacht aan de vraag welk type milieurechtelijke regulering
op welk niveau (lokaal, nationaal, Europees of internationaal) tot stand zou
moeten komen.
Gerelateerd daaraan is uiteraard de vraag naar de interne en externe integratie.
Voor vele rechtsstelsels betekent dit niet alleen een vormelijk aspect, meer bepaald hoe milieuregulering het best kan worden vormgegeven (via een milieucodex, algemene milieuwet of sectorale wetgeving), maar rijzen ook belangrijke afstemmingsvragen (onder meer met natuurbehoud, ruimtelijke ordening en
dergelijke). De vraag naar de externe integratie is uiteraard een fundamenteel
punt over de rol van milieurecht en milieubeleid vis-à-vis andere beleidsdomeinen. Voor de goede orde wensen de onderzoekers wel te benadrukken dat bij
die integratie, zoals nu ook reeds is vermeld, vanzelfsprekend ook het ruimtelijk ordeningsrecht kan worden toegevoegd.
214
Grensoverschrijdend milieurecht
Milieurecht: grondslagen en beginselen
Zoals reeds aangegeven is juist binnen het programma grensoverschrijdend
milieurecht het van groot belang aandacht te besteden aan de milieubeginselen
en meer bepaald aan de vraag of daar vanuit een harmoniserend effect ontstaat.
Een van de beginselen die desbetreffend hoog op de agenda staat is uiteraard
het voorzorgsbeginsel, ook al omdat dit als leidraad wordt geboden bij de wijze
waarop het recht met onzekere risico's zou moeten omgaan. Ook rijst in dit verband de vraag hoe milieuregulering gestalte dient te krijgen met respect voor
rechtsstatelijke beginselen. In dat verband dient in Ius Commune kader natuurlijk ook aan de relatie tussen milieu en mensenrechten aandacht te worden besteed en ook aan het bekende debat of milieubescherming zelf als een mensenrecht dient te worden gekwalificeerd.
Kortom, een vraag die uiteraard centraal dient te staan is de fundamentele
kwestie op welke grondslagen en beginselen milieurecht en milieubeleid zijn
gebaseerd. Dit is een vraag, zo moge duidelijk zijn, die rechtstreeks binnen het
Ius Commune gedachtegoed kadert.
Recht en risico
Risico en de wijze waarop we ermee omspringen, maakt deel uit van het dagelijks leven. Risicobeheersing staat volop in de belangstelling. Dit is in het bijzonder het gevolg van recente voedselschandalen, zoals de BSE crisis, de rampen in Enschede en Volendam, de dioxinecrisis, de mogelijke schadelijke effecten van genetisch gemodificeerde organismen, chemicaliën en biotechnologie
en het stralingsgevaar van GSM-masten of de mobiele telefoon. Ook recentelijk
zijn we weer opgeschrikt door de berichten dat o.a. frites en chips mogelijkerwijs een kankerverwekkende stof, acrylamide, kunnen bevatten. In al deze gevallen rijst de vraag hoe het recht en de regelgever met risico's moet omgegaan.
Regelgevers besluiten op basis van een wetenschappelijke evaluatie van risico's
verbonden aan bepaalde productieprocessen, producten of stoffen (risicobeoordeling), welke risico's aanvaardbaar worden geacht (risicobeheersing) en welke
procedures hierbij moeten worden gevolgd. Tevens rijst hier de vraag of en op
welke wijze belanghebbenden en het publiek bij de besluitvorming moeten
worden betrokken. Dergelijke beslissingen brengen vaak complexe technische
oordelen met zich mee en vereisen een kosten- en batenanalyse. Beoordeling en
beheersing van risico's omvatten bovendien zowel juridische, politieke, economische, sociologische en ethische aspecten. Het programma ‘Recht en risico’
beoogt derhalve enkele van de bovengenoemde aspecten van deze problematiek
zoals hierboven in grote lijnen uiteengezet te bestuderen en een vergelijking te
trekken ten aanzien van de verschillende stelsels (nationaal, Europees en internationaal).
Klimaat in relatie tot energie
De komende jaren zullen juristen zich ongetwijfeld meer dan tot nu toe het geval was bezig houden met de vraag hoe het recht een bijdrage kan leveren aan
215
Wetenschappelijk verslag 2005-2007
de reductie van klimaatverandering. Tot nu toe leek dit een terrein te zijn dat
voornamelijk door economen werd bestreken en waar dan ook met veel enthousiasme economische instrumenten naar voren werden geschoven. Te weinig
ging de aandacht uit naar de juridische haalbaarheid daarvan. Binnen dit kader
rijst onder meer de vraag hoe onder meer emissiehandelssystemen (vaak gepropageerd als optimale mechanismen in een efficiënt klimaatbeleid) ook juridisch
gestalte zouden kunnen krijgen. Dit roept wederom de vraag op naar het optimaal niveau van regulering en de wijze waarop bijvoorbeeld internationale verplichtingen nationaal of Europees moeten worden vertaald, maar ook rijst de
vraag hoe maatregelen ter reductie van klimaatverandering ook daadwerkelijk
kunnen worden gehandhaafd.
Het moge duidelijk zijn dat de klimaatproblematiek sterk verbonden is met het
energierecht. Derhalve wordt voorgesteld dit klimaatthema uit te breiden tot de
energierechtproblematiek. Op dat terrein bestaat overigens een sterke expertise
binnen de school.
III. Beoogde resultaten
Uit de hierboven beschreven programmaopzet, methodologie en omschrijving
van de te onderzoeken thema's volgt duidelijk dat de onderzoekers binnen dit
programma grensoverschrijdend milieurecht beogen om zowel via positiefrechtelijk fundamenteel onderzoek als via rechtsvergelijkend en multidisciplinair
onderzoek de grondslagen van milieurecht bloot te leggen. Deels wordt daarbij
als resultaat beoogd beter inzicht te krijgen in grondslagen en beginselen van
milieuregulering, de rol van integratie in het milieurecht en het comparatieve
voordeel van verschillende instrumenten. Tegelijk wordt ook beoogd aan te
geven of, na analyse van de verschillen in het milieurecht in de verschillende
lidstaten, ook noodzaak is aan harmonisatie en in welke mate. Tegelijk wordt
ook op specifieke terreinen als resultaat beoogd aan te geven op welke wijze
het recht bijvoorbeeld dient om te gaan met onzekere risico's, hoe het recht een
adequate bescherming kan bieden tegen klimaatverandering en hoe juridische
instrumenten kunnen worden ingezet ter bescherming van mens en milieu tegen
eventuele gevaren (en mogelijkheden) die vanuit de biotechnologie zouden
kunnen rijzen.
Deels wordt derhalve door het onderzoek van de groep ook beoogd een beter
inzicht te krijgen in de onderscheiden in het milieurecht in verscheidene Europese rechtstelsels. Echter, het onderzoek van de groep gaat duidelijk ook verder. Nadat dit inzicht is verkregen, wordt ook aandacht besteed aan de vraag in
welke mate een harmonisatie, integratie of andere vorm van afstemming/ coördinatie van het milieurecht, dan wel van verschillende instrumenten binnen een
Europa in ontwikkeling is en in welke mate zulks als wenselijk kan worden
gekwalificeerd. Bijzondere aandacht wordt ook besteed aan de vraag in welke
mate het milieurecht (en zijn verschillende instrumenten) op een specifiek niveau (nationaal, Europees, Mondiaal) dient te worden ingezet en welke de con216
Grensoverschrijdend milieurecht
sequenties zijn van het inzetten van instrumenten op deze verschillende niveaus, bijvoorbeeld op een terrein als klimaatverandering. Derhalve wordt tevens ook beoogd een beter inzicht te krijgen wat het vage concept ‘multilevel
governance’ in concreto betekent voor het terrein van het milieurecht waar juist
een sterke wisselwerking bestaat tussen de verschillende reguleringsniveaus
(lokaal, nationaal, Europees en mondiaal).
IV. Relatie tot de onderzoekschool
Er bestaan zowel inhoudelijke als heldere praktische banden tussen dit programma en de onderzoekschool Ius Commune. Op praktisch vlak zijn de banden met de wetenschappelijke leiding van de Ius Commune Onderzoekschool
uiteraard bijzonder kort. Er bestaat een personele unie tussen de coördinator
van het programma grensoverschrijdend milieurecht en de wetenschappelijk
directeur van de Ius Commune Onderzoekschool. Daardoor vindt steeds een
soepele en vlotte doorstroming plaats van informatie vanuit de wetenschappelijke leiding van de Ius Commune Onderzoekschool naar het programma
grensoverschrijdend milieurecht en vice versa.
Op inhoudelijk vlak werd hierboven reeds aangegeven dat het programma duidelijk een bijdrage levert aan de centrale onderzoeksvraag van de Ius Commune
Onderzoekschool. Centraal in de onderzoekschool staat immers de vraag welke
de rol is van het recht bij internationale integratieprocessen. Die vraag wordt
zowel ten aanzien van verschillende instrumenten als ten aanzien van vragen
naar beginselen en integratie van milieurecht, als ook met betrekking tot de
vraag hoe het recht met onzekere risico's en gevolgen van biotechnologie dient
om te gaan, via rechtsvergelijkend en multidisciplinair onderzoek aangepakt.
Precies die vraag naar de rol van het recht bij integrale integratieprocessen staat
dan ook centraal binnen dit programma, maar dan wel op het specifieke terrein
van het milieurecht. Deze fundamentele Ius Commune vraag naar de integratie
wordt, zoals bij de methodologie werd aangegeven, niet allen vanuit de traditionele rechtsvergelijking bekeken (en tevens door de rol van het milieurecht op
verschillende reguleringsniveaus te analyseren), maar tegelijk wordt ook fundamenteel onderzoek gedaan naar de grondslagen van het milieurecht en naar
vermogen van verschillende juridische instrumenten bijvoorbeeld om problemen zoals biotechnologie, klimaatverandering en onzekere risico's adequaat te
benaderen.
V.
Academische reputatie
Vele onderzoekers uit de onderzoeksgroep participeren in nationale en internationale onderzoeksverbanden, hetgeen zeker als een bewijs van academische
reputatie kan worden beschouwd. Uit de publicatie lijsten blijkt tevens dat vele
leden van de onderzoeksgroep publiceren in multidisciplinaire en tevens internationale tijdschriften die een systeem van peer review volgen. Ook zijn vele
van de onderzoeksgroep (vooral de onderzoeksleiders) betrokken bij de redactie
217
Wetenschappelijk verslag 2005-2007
van tijdschriften. Uit het overzicht van het contractonderzoek (zie hieronder)
blijkt tevens dat de onderzoekers herhaaldelijk worden gevraagd om contractonderzoek uit te voeren, bijvoorbeeld voor verscheidene overheden (zoals de
Vlaamse Overheid, Nederlandse Ministerie van VROM, Evaluatiecommissie
Wet Milieubeheer, EG en OECD), maar tevens voor belangrijke betrokken
maatschappelijke actoren (zoals een consortium van grote ondernemingen dat
een contractonderzoek over emissiehandel en concurrentie heeft uitbesteed aan
onderzoekers binnen de groep). Daarenboven kan op het succes van leden van
de onderzoeksgroep op het terrein van de werving van tweede geldstroom onderzoek worden gewezen. Het programma over recht en biotechnologie van
Prof. Somsen genoot een pionier subsidie van NWO; Prof. Ellen Vos kreeg met
onderzoek over recht en risico een Vernieuwingsimpuls subsidie van NWO en
participeert tevens in projecten die worden uitgevoerd in het kader van het zesde kaderprogramma van de Europese Commissie en daarenboven kende NWO
recent aan zowel Faure, Peeters als Vos subsidies toe voor vierjarige promotieprojecten.
Het succes van de drie participerende centra (Centrum voor Milieurecht te Amsterdam, METRO te Maastricht en het Instituut voor Milieu en Energierecht te
Leuven) op het terrein van zowel tweede als derde geldstroom onderzoek kan
als een indicatie van reputatie van de onderscheiden onderzoekers worden beschouwd. Daarenboven moet worden aangestipt dat binnen veel deze projecten
juist wederom wordt samengewerkt en derhalve ook onderzoekers van de andere instituten actief bij de uitvoering van het onderzoek worden betrokken.
VI. Effecten van de samenwerking
Zoals uit een bespreking van de inhoudelijke resultaten zal blijken heeft de samenwerking binnen dit programma de facto geleid tot vele gezamenlijk uitgevoerde projecten, publicaties en conferenties. Helder is dat deze gezamenlijke
resultaten zonder de samenwerking in het kader van de Ius Commune Onderzoekschool niet tot stand zouden zijn gekomen. Vooral op het terrein van contractonderzoek en projectuitvoering wordt door de verschillende partners actief
samengewerkt. Daarbij moet in het bijzonder worden gewezen op het project
Structurele Evaluatie Milieuwetgeving (STEM) waarbij onder andere door het
Centrum voor Milieurecht en het instituut METRO een onderzoeksprogramma
met een looptijd van vier jaar (2005-2008) wordt uitgevoerd ter evaluatie van
milieuwetgeving. Ook werd een project uitgvoerd in opdracht van het Ministerie van VROM (naar de ontwikkeling van milieuwetgeving in Indonesië) waarbij telkens participatie was vanuit de Katholieke Universiteit Leuven.
De effecten van de gezamenlijke publicaties en bijeenkomsten kan worden geilllustreerd aan de hand van een recent door de partners samen als onderzoeksgroep ‘Grensoverschrijdend milieurecht’, georganiseerde internationale conferentie over de juridische aspecten van het climate change regime. Tijdens die
bijeenkomst zijn, in het bijzonder door de medewerking van participanten van
218
Grensoverschrijdend milieurecht
dit programma van de Onderzoekschool Ius Commune, wetenschappelijk zeer
waardevolle inzichten verkregen in de vormgeving en werking van de instrumenten, die zien op beperking van klimaatverandering (waarbij zowel juridische als rechtseconomische aspecten aan de orde kwamen), alsmede in de manier waarop binnen verschillende landen deze instrumenten worden ingezet.
F.
OPBOUW ONDERZOEKSINPUT WETENSCHAPPELIJK PERSONEEL
in fte's
2005
2006
2007
Hoogleraar
Universitair hoofddocent
Universitair docent
Postdocs
Junior onderzoekers (AIO/OIO)
2,10
0,90
1,05
0,70
14,81
1,97
0,97
1,37
1,10
15,49
1,58
0,90
0,73
1,01
13,47
G.
INHOUDELIJK OVERZICHT RESULTATEN
I.
Bijeenkomsten
Verscheidene bijeenkomsten van de programmaleiders hebben plaatsgevonden.
¾ Zo zijn de programmaleiders op 20 februari 2006 samengekomen te Amsterdam. Daar werd onder meer naar aanleiding van de visitatie vergadert
over een bijstelling van het programma.
¾ Op 22 maart 2007 is te Maastricht door de programmaleiders overleg gevoerd, waarbij initiatieven zijn genomen inzake verscheidene onderzoeksprojecten.
¾ Organisatie van workshop Uncertain Risks Regulated te Maastricht (samen
met prof. M. Everson, Birbeck College, University College London op 11
en 12 februari 2005.
¾ Tijdens de Ius Commune jaarvergadering te Edinburgh op 1 december 2005
vond een workshop plaats rond het thema ‘Legal instruments after the entry
into force of the Kyoto Protocol: problems and challenges’. Tijdens deze
bijeenkomst is de implementatie van de Europese richtlijn inzake de handel
in broeikasgasemissierechten in het Verenigd Koninkrijk, België en Nederland vergeleken.
¾ Tijdens een bijeenkomst van de onderzoeksgroep in Amsterdam (in het gebouw van de KNAW) op 20 februari 2006 vond een workshop plaats met
als theme ‘Regulation of air quality in the Netherlands, Belgium and Europe’. Tijdens deze workshop werden papers gepresenteerd door deelnemers
aan het programma.
219
Wetenschappelijk verslag 2005-2007
¾ Tijdens de Ius Commune jaarvergadering te Utrecht op 30 november 2006
werd een workshop gehouden met als thema ‘rechtsvorming door de milieurechter’. Tijdens deze bijeenkomst werd door verschillende leden van de
onderzoeksgroep inleidingen gehouden inzake (specifieke aspecten van) de
rechtsvorming door het Hof van Justitie van de EG, de Nederlandse bestuursrechter en de nationale rechters in het Verenigd Koninkrijk, Duitsland
en Nederland onderling vergeleken.
¾ Tijdens de Ius Commune jaarvergadering te Luik op 29 november 2007
vond een workshop plaats rond het thema ‘Environmental law in the
courts’. Tijdens deze workshop werd door de onderzoekers van het programma grensoverschrijdend milieurecht, rechtspraak inzake verschillende
thema's, van het Europese Hof van Justitie, van Amerikaanse rechters en de
Nederlandse bestuursrecehter besproken.
¾ Lunch seminars Risk and Regulation 2005-2007:
- 16 februari 2005: Meeting of the Research Group on Risk Regulation
16 maart 2005: Meeting of the Research Group on Risk Regulation: discussion on Article Science for the Post-Normal Age, by J. Ravetz and S.
Funtowicz
- 27 april 2005: Alexei Herwig (University of Bremen) GMOs at the WTO
– A Postmodern Analysis
- 18 mei 2005: Andrew Stirling (SPRU – Science & Technology Policy
Research, Freeman Centre, University of Sussex), Science, Precaution
and Participation in the Governance of Technology Choice
- 7 september 2005: Meeting of the Research Group on Risk Regulation
- 26 oktober 2005, J. Decendra (University of Maastricht), Distributional
Choices of Climate Change Policy: In Search of a Legal Framework
- 16 november 2005: Prof. A. Ogus (University of Manchester) CostEffectiveness: The Neglected Paradigm
- 7 december 2005: Andri Wibisana (University of Maastricht), The Precautionary Principle from a Law and Economics Perspective
- 25 januari 2006, A. Funke (University of Maastricht) Basic Problems of
the Authorization of Chemicals of High Concern in the Draft REACh
Regulation
- 15 februari 2006, Anne-Maree Farrell (University of Lancaster) The Politics of Blood: Ethics, Risk and Regulation in the European Union
- 15 maart 2006, M. Haritz (University of Maastricht) The Application of
the PP and Liability Law with Respect to Climate Change
220
Grensoverschrijdend milieurecht
- 19 april 2006, P. Van den Bossche (University of Maastricht) Much Ado
About Little – Preliminary Conclusions of the WTO Panel in the Biotech
Products dispute over the SPS Agreement
- 17 mei 2006, V. Bruggeman (University of Maastricht) Financial compensation for victims of catastrophes
- 7 juni 2006, C. Ni Ghiollarnáth (University of Maastricht) Trade Law and
Climate Change
4 oktober 2006, A. Wibisana (University of Maastricht) The Precautionary Principle and Climate Change Policy: A Law and Economic Analysis
14 december 2006, M. Mathee (University of Maastricht) The Codex Alimentarius Commission and its Standards
- 7 maart 2007, Frank Wendler (University of Maastricht) Debating the Legitimacy of Governance through Independent EU Agencies: The Case of
the European Food Safety Authority
- 4 april 2007, Miriam Haritz (University of Maastricht) Risk News
- 31 mei 2007, Joakim Zander (University of Maastricht) Risk Regulation
in Practice: The Commission and Infringement Cases in the Area of Free
Movement of Goods
- 19 november 2007, Marjolein van Asselt (University of Maastricht),
Wrestling with Uncertainty: EU Regulation of GMO's
- 6 december 2007, Pieter Jan Kuypers (Legal Service European Commission) EU Trade Law and Governance
II.
Gezamenlijke publicaties
Participatie door verscheidene leden van de onderzoeksgroep aan:
¾ Mellenbergh, R.& Uylenburg, R. (red.), Aansprakelijkheid voor schade aan
de natuur. De betekenis van de richtlijn milieuaansprakelijkheid voor Nederland, Groningen, Europa Law Publishing, 2005.
¾ Peeters, M. & Deketelaere, K. (eds.), EU Climate Change Policy, The Challenge of New Regulatory Initiatives, Cheltenham, Edward Elgar, 2006 en
¾ Faure, M. & Niessen, N. (eds.), Environmental Law in Development. Lessons from the Indonesian Experience, Cheltenham, Edward Elgar, 2006.
¾ Vos, E. & Wendler, F. (eds.), Food Safety Regulation in Europe. A Comparative Institutional Analysis (Ius Commune Europaeum, 62) Antwerp: Intersentia, 2006.
221
Wetenschappelijk verslag 2005-2007
¾ Faure, M. & Verhey, A. (eds.), Shifts in Compensation for Environmental
Damage, Wenen, Springer, 2007.
III. Deelname aan door de EU gefinancierde onderzoeksprogramma's (6de kader programma)
¾ Deelname van Prof. Vos aan het onderzoeksprogramma Promoting food
safety through a new integrated risk analysis approach for foods (<http://
www. safefoods.nl>), gefinancierd door de Europese Commissie in het kader van het 6de kaderprogramma.
¾ Deelname van Prof. Vos aan het onderzoeksprogramma Trustnet-in-Action
(<http://www.trustnetinaction.com>), gefinancierd door de Europese Commissie in het kader van het 6de kaderprogramma.
¾ Deelname van Prof. Vos aan het onderzoeksprogramma CONNEX, connecting excellence and European governance, gecoördineerd door de University of Manheim (<http://www.mzes.unimanheim.de/projekte/connex>), gefinancierd door de Europese Commissie in het kader van het 6de kaderprogramma.
IV. Contractonderzoek
¾ Uitvoering van onderzoeksproject voor het Ministerie van VROM naar de
ontwikkeling van milieuwetgeving in Indonesië (door onder meer Faure,
Peeters en Niessen van Maastricht) met participatie van onder meer Deketelaere (Leuven).
¾ Uitvoering van een onderzoeksprogramma met een looptijd van vier jaar in
opdracht van het Ministerie van VROM betreffende de evaluatie van milieuwetgeving door onder andere het Centrum voor Milieurecht (Amsterdam)
en METRO (Maastricht), met betrokkenheid van het Instituut voor Milieuen Energierecht te Leuven. Het betreft een groot opgezet multidisciplinair
onderzoek onder de noemer STEM (Structurele Evaluatie Milieuwetgeving). Binnen deze STEM-reeks zijn inmiddels dertien onderzoeksrapporten
gepubliceerd, naar aanleiding waarvan verschillende wetenschappelijke artikelen zijn verzorgd.
H.
VOORTZETTING
Bij de aanvang van de Ius Commune onderzoeksschool in 1997 was het grensoverschrijdend milieurecht onmiddellijk onderdeel van de Ius Commune onderzoeksschool. Destijds was de programmaopzet gericht op de vraag op welke
wijze rechtsregels kunnen worden ingezet om milieuschade te voorkomen of te
reduceren, rekening houdende met rechtsstatelijke eisen in een democratische
samenleving. Daarbij werd ook gepoogd om een gezamenlijke ‘milieurechts222
Grensoverschrijdend milieurecht
cultuur’ bloot te leggen en werd de organisatie en effectiviteit van de bestrijding van grensoverschrijdende milieuvervuiling in Europees- en verdragsrechtelijk kader onderzocht. Aandacht ging in deze oorspronkelijke programmaopzet ook uit naar de verschillende instrumenten (aansprakelijkheid, regulering,
strafrecht) die ter bestrijding van milieuverstoring konden worden ingezet.
Er is echter aanleiding om deze oorspronkelijke programmaopzet te herzien,
althans aan te passen. Die noodzaak tot aanpassing komt uit verschillende ontwikkelingen voort:
In de eerste plaats zijn de programmapunten zoals die destijds in de opzet in
1997 werden verwoord, bijvoorbeeld met betrekking tot het schetsen van een
Europeesrechtelijk kader en het onderzoek naar de optimale structuur van het
milieustrafrecht, in belangrijke mate vervuld. De aandacht van de onderzoeksgroep heeft zich verder ontwikkeld waardoor, nog steeds voortbouwend op de
rode draad naar de rol van het recht bij grensoverschrijdende milieuverontreiniging, nieuwe vragen zich aandienden. Zo hield de laatste jaren een deel van de
onderzoeksgroep zich in belangrijke mate bezig met de juridische aspecten van
de bestrijding van klimaatverandering en ging de aandacht ook steeds meer uit
naar de vraag hoe het recht dient om te gaan met toenemende risico's waaraan
men is blootgesteld, bijvoorbeeld ook door het gebruik van biotechnologie.
In de tweede plaats werd onder meer naar aanleiding van de visitatie van het
Maastrichtse onderdeel van ‘grensoverschrijdend milieurecht’ door de visitatiecommissie opgemerkt dat in een eerste periode veel rechtsvergelijkend onderzoek is uitgevoerd waarbij verschillen en grondslagen tussen de rechtsstelsels
weren blootgelegd, maar vervolgens ook de vraag dient te worden aangesneden
welke consequenties aan die vaststelling dienen te worden verbonden. De facto
heeft de onderzoeksgroep juist die belangrijke vraag de laatste jaren ook reeds
aangesneden, meer bepaald in onderzoek naar de integratie van verschillende
juridische systemen ter bescherming van het leefmilieu en in onderzoek naar de
onderscheiden rol van verschillende bestuursniveaus (lokaal, nationaal en Europees) bij de bescherming van het leefmilieu. Het lijkt derhalve aangewezen
ook op dat punt de oorspronkelijke programmaopzet aan te passen aan die
nieuwe ontwikkeling.
In de derde plaats is sedert 1997 de onderzoeksgroep uitgebreid door toetreding
van de milieujuristen van de Universiteit Luik rond de leerstoel van professor
Michel Pâques en is in 2003 de Universiteit van Amsterdam tot de onderzoeksschool toegetreden. Met name de toetreding van de onderzoekers van het Centrum voor Milieurecht van de Universiteit van Amsterdam maakt een heroriëntering van het programma noodzakelijk.
Hierboven (zie II.c) werd dan ook de hernieuwde programma opzet gepresenteerd, evenals de nieuwe thema's waarop het onderzoek van de groep zich vandaag richt.
223
Wetenschappelijk verslag 2005-2007
Die geboden voorbeelden van thema's mogen ook duidelijk maken dat de vernieuwde programma opzet van de groep enerzijds voortbouwt op de ingeslagen
weg door klassieke, doch nog steeds relevante en actuele thema's, zoals regulering en instrumenten centraal te stellen, doch door anderzijds ook te vernieuwen. Bijvoorbeeld door de aandacht nu te richten op integratievragen, klimaatverandering en de wijze waarop het recht omgaat met onzekere risico's die onder meer door nieuwe (bio)technologieën wordt gecreëerd hoopt het programma ook op vernieuwende wijze bij te dragen aan een substantiële verbetering
van het kennisniveau op dit terrein.
I.
KERNPUBLICATIES
De gekozen kernpublicaties bieden een beeld van het type onderzoek dat binnen de onderzoeksgroep wordt verricht. De bundels bevatten bijdragen van
verschillende leden uit de onderzoeksgroep vanuit de diverse faculteiten. Daarenboven behandelen de bundels belangrijke thema's vanuit een grensverleggend
perspectief.
Peeters, M.G.W.M. & Deketelaere, K. (Eds.). (2006). EU Climate Change
Policy: The Challenge of New Regulatory Initiatives. Cheltenham: Edward
Elgar. (334 p.)
Faure, M.G. & Verheij, A.J. (Eds.). (2007). Shifts in Compensation for Environmental Damage (Tort and Insurance Law, 21). Wien New York: Springer.
(x + 338 p.)
J.
UITSTEKENDE PUBLICATIES
Vos, E.I.L. & Asselt, M.B.A. van (2005). The precautionary Principle in Times
of Intermingled Uncertainty and Risk: Some Regulatory Complexities. Water
Science and Technology, 52(6), 35-41.
Calster, G. van (2006). Regulating nanotechnology in the European Union.
Nanotechnology Law & Business, 359-372.
Wenneras, P.E. (2006). EC environmental law in national and community
courts. Amsterdam: Universiteit van Amsterdam (258 p.)
Faure, M.G. & Nollkaemper, P.A. (2007). International Liability as an Instrument to Prevent and Compensate for Climate Change. Stanford Journal of
International Law, 26A/(23A), 123-179.
224
Grensoverschrijdend milieurecht
K.
DISSERTATIES
Lam, V. van 't (08 juni 2005). Het begrip inrichting in de Wet milieubeheer.
Moet het begrip inrichting worden behouden als aangrijpingspunt van de regulering in hoofdstuk 8 Wm? Universiteit Utrecht (XIX + 414 p.) (Den Haag:
Boom Juridische uitgevers). Prom./coprom.: Prof. F.C.M.A. Michiels & Prof.
G.T.J.M. Jurgens.
Groenewegen, F.T. (13 april 2006). Wetsinterpretatie en rechtsvorming: een
rechtstheoretisch onderzoek naar wetsinterpretatie en rechtsvorming door de
rechter in het bestuursrecht en het privaatrecht. Universiteit van Amsterdam
(XII + 234 p.) (Den Haag: Boom Juridische uitgevers). Prom.: Prof. P.W.
Brouwer.
Polman, A.M.C. (26 juni 2006). Luchtvaart en milieu: een onderzoek naar drie
instrumenten voor de regulering van de milieuproblematiek rond luchtvaart- en
vergelijkbare terreinen Universiteit van Amsterdam (XVI + 279 p.) (Groningen: Europa Law Publishing). Prom./coprom.: Prof. N.S.J. Koeman & Prof. R.
Uylenburg.
Wenneras, P.E. (26 oktober 2006). EC environmental law in national and community courts. Universiteit van Amsterdam (258 p.) (Amsterdam: Universiteit
van Amsterdam). Prom.: Prof. R. Uylenburg.
Delnoy, M. (9 november 2006) Contribution à la restructuration du droit de la
participation du public en droit de l'urbanisme et de l'environnement. Université de Liège. Prom.: Prof. M. Pâques.
Vanheusden, B. (10 mei 2007). Brownfields redevelopment: naar een duurzame
stadsontwikkeling. Rechtsvergelijkende analyse betreffende de sanering van
sites. K.U. Leuven (485 p.). Prom./coprom.: Prof. K. Deketelaere & A. Draye.
Matthee, M. (26 oktober 2007). The Codex Alimentarius Commission and its
standards. Universiteit Maastricht (370 p.) (The Hague: T.M.C. Asser Press).
Prom.: Prof.Mr. E.I.L. Vos.
Cock, K. de (30 oktober 2007). Milieueffectenrapportering als instrument van
milieubeleid en -recht binnen de EU: onderzoek van de project-mer-, plan-meren habitatrichtlijn met het oog op een versterking van de juridische bescherming van het leefmilieu. Katholieke Universiteit Leuven. Prom. Prof. K.
Deketelaere
Smedt, K., de (19 december 2007). Environmental Liability in a Federal System. A Law and Economics Analysis. Universiteit Maastricht (xv +361 p.)
(Antwerp: Intersentia). Prom./coprom.: Prof. M.G. Faure & Prof. L.M.C.
Vereeck.
225
Wetenschappelijk verslag 2005-2007
Weishaar, S.E. (20 december 2007). Law and Economics analysis of the European Green House Gas Emissions Trading System: allocation and competition.
Universiteit Maastricht (xiii + 248 p.). Prom./coprom.: Prof. M.G. Faure & Dr.
M.G.W.M. Peeters.
L.
OVERZICHT VAN ALLE OVERIGE PUBLICATIES
WETENSCHAPPELIJKE PUBLICATIES
Bazelmans, J.M. (2006). CDM en JI binnen het Europese emissiehandelssysteem. In J.R. van Angeren (Eds.), Klimaatverandering en rechtsontwikkeling
anno 2005: preadviezen en verslag van de 89e ledenvergadering van de Vereniging voor Milieurecht op 30 september 2005 (Publicatie van de Vereniging
voor Milieurecht, 2006-4) (p. 93-128). Den Haag: Boom Juridische uitgevers.
Bazelmans, J.M. (2007). Implementatie van het Clean development Mechanism
in Nederland. In M.V.C. Aalders & R. Uylenburg (Eds.), Het milieurecht als
proeftuin, 20 jaar Centrum voor Milieurecht (p. 279-292). Groningen: Europa
Law Publishing.
Bazelmans, J.M., Janssen, J.M.P., Sevenster, H.G. & Smorenburg-van
Middelkoop, L. (2007). ‘European Community’ in ‘Reports from International
Organizations and Bodies’. In O.K. Fauchald & J. Werksman (Eds.), Yearbook
of International Environmental Law (p. 700-712). Oxford: Oxford University
Press.
Betlem, G. (2005). De rol en betekenis van ‘exploitant-aansprakelijkheid’.
Tijdschrift voor Milieu Aansprakelijkheid, 171-176.
Betlem, G. (2005). Scope and Defences of the 2004 Environmental Liability
Directive: Who is Liable for What? ERA-Forum: scripta iuris europaei, 376388.
Betlem, G. (2005). Torts, A European Ius Commune and the Private Enforcement of Community Law. Cambridge Law Journal, 126-148.
Betlem, G. & Brans, E.H.P. (Eds.). (2006). Environmental Liability in the EU.
The 2004 Directive compared with US and Member State Law. London:
Cameron May. (431 p.)
Betlem, G. (2006). Transnational Operator Liability. In G. Betlem & E.H.P.
Brans (Eds.), Environmental Liability in the EU. The 2004 Directive compared
with US and Member State Law (p. 149-188). London: Cameron May.
226
Grensoverschrijdend milieurecht
Betlem, G. & Brans, E.H.P. (2006). Environmental Liability in the EU: an
introduction. In G. Betlem & E.H.P. Brans (Eds.), Environmental Liability in
the EU. The 2004 Directive compared with US and Member State Law (p. 1729). London: Cameron May.
Betlem, G. & Bernasconi, Chr. (2006). European Private International Law, the
Environment and Obstacles for Public Authorities. Law Quarterly Review, 122,
123-150.
Betlem, G. (2007). Beyond Francovich: Completing the Unified Member State
and EU Liability Regime. A Comment on the Jan Jans Contribution. In D.
Obradovic & N. Lavranos (Eds.), Interface between EU Law and National Law
(p. 299-309). Groningen: Europa Law Publishing.
Betlem, G. (2007). Public and Private Transnational Enforcement of EU Consumer Law. In W. van Boom & M. Loos (Eds.), Collective Enforcement of
Consumer Law (p. 37-62). Groningen: Europa Law Publishing.
Betlem, G. (2007). Richtlijnconforme Interpretatie. In S.A. Hartkamp (Ed.), De
invloed van het Europese recht op het Nederlands privaatrecht (p. 97-132).
Deventer: Kluwer.
Boeve, M.N. & Koeman, N.S.J. (2005). Milieukwaliteitsnormen in het bestemmingsplan onder de nieuwe Wro. Milieu en Recht, 7, 415-419.
Boeve, M.N. (2005). De Interimwet stad-en-milieubenadering. Tijdschrift voor
Omgevingsrecht, 3, 74-82.
Boeve, M.N. & Bazelmans, J.M. (Eds.). (2006). Milieueffectrapportage naar
huidig en toekomstig recht. Groningen: Europa Law Publishing. (VI + 70 p.)
Boeve, M.N. & Lam, V. van 't (Eds.). (2006). Omgevingsrecht (Centrum voor
Milieurecht). Groningen: Europa Law Publishing. (XVIII + 294 p.)
Boeve, M.N. (2006). Hoofdstuk 4 (par. 1, 2, 5, 6 en 8). In M.N. Boeve & V.
van 't Lam (Eds.), Omgevingsrecht (p. 83-110 & p. 117-128). Groningen:
Europa Law Publishing.
Boeve, M.N. (2006). Hoofdstuk 6 (par. 1, 2, 3 en 4). In M.N. Boeve, V. van 't
Lam (Eds.), Omgevingsrecht (Centrum voor Milieurecht) (p. 221-237). Groningen: Europa Law Publishing.
Boeve, M.N. & Lam, V. van 't (2006). Hoofdstuk 5 (par. 1, 2, 3, 4, 5, 6 en 10).
In M.N. Boeve & V. van 't Lam (Eds.), Omgevingsrecht (Centrum voor Milieurecht) (p. 131-181 & p. 216-218). Groningen: Europa Law Publishing.
227
Wetenschappelijk verslag 2005-2007
Boeve, M.N. & Vogelezang-Stoute, E.M. (2006). Andere milieuhygiënische
wetgeving. In N.S.J. Koeman, C.W. Backes & P.C. Gilhuis (Eds.), Milieurecht
(p. 430-481). (6de druk). Deventer: Kluwer.
Boeve, M.N. (2007). Salderen en compenseren: Nederland onder de stolp. In
M.V.C. Aalders & R. Uylenburg (Eds.), Het milieurecht als proeftuin. 20 jaar
Centrum voor Milieurecht (p. 33-47). Groningen: Europa Law Publishing.
Borre, T. van den & Delvaux, B. (2005). Recente ontwikkeling in het federale
energiebeleid- en recht: Over de Elia-heffing, bijzondere ministerraden en de
toekomst. In K. Deketelaere (Ed.), Jaarboek Energierecht 2004 (p. 39-90).
Antwerpen: Intersentia.
Borre, T. Vanden (Ed.). (2006). De vrijmaking van de elektriciteits- en gasmarkt: de federale wetgeving in een stroomversnelling? (Energie & Recht, 8).
Antwerpen: Intersentia. (xviii + 407 p.)
Borre, T. Vanden (2006). Overzicht van de evolutie van de vrijmaking van de
elektriciteits- en gasmarkt in België. In T. Vanden Borre (Ed.), De vrijmaking
van de elektriciteits- en gasmarkt: de federale wetgeving in een stroomversnelling? (Energie & Recht, 8) (p. 1-50). Antwerpen: Intersentia.
Borre, T. Vanden (2006). De federale ombudsdienst voor elektriciteit en gas:
naar een nieuw artikel 27. In T. Vanden Borre (Ed.), De vrijmaking van de
elektriciteits- en gasmarkt: de federale wetgeving in een stroomversnelling?,
(Energie & Recht, 8) (p. 127-168). Antwerpen: Intersentia.
Borre, T. Vanden (2006). Deel V. Administratief recht. Afdeling 3. Kernenergie. In K. Deketelaere (Ed.), Handboek Milieu- en Energierecht (p. 11441163). Brugge: die Keure.
Borre, T. Vanden (2006). Deel VII. Aansprakelijkheidsrecht. Hoofdstuk 3.
Herstel van milieuschade op basis van objectieve aansprakelijkheid. In K.
Deketelaere (Ed.), Handboek Milieu- en Energierecht (p. 1327-1368). Brugge:
die Keure.
Borre, T. Vanden (2006). Deel XI. Gerechtelijk recht. Hoofdstuk 5. Capita
selecta energieprocesrecht. In K. Deketelaere (Ed.), Handboek Milieu- en
Energierecht (p. 1539-1546). Brugge: die Keure.
Borre, T. Vanden & Roobrouck, N. (2006). Internationale energieverdragen. In
K. Deketelaere (Ed.), Handboek Milieu- en Energierecht (p. 171-205). Brugge:
die Keure.
Borre, T. Vanden (2006). De contouren van een nieuw Europees energiebeleid:
! of ? Milieu- en Energierecht, 4, 235-252.
228
Grensoverschrijdend milieurecht
Borre, T. Vanden (2007). Shifts in governance in compensation for nuclear
damage, 20 years after Chernobyl. In M. Faure & A. Verheij (Eds.), Shifts in
Compensation for Environmental Damage (Tort and Insurance Law, 21)
(p. 261-311). Wien New York: Springer.
Borre, T. Vanden (2007). Via nieuwe en fragmentarische maatregelen in het
federale energiebeleid naar een globale visie? In K. Deketelaere (Ed.), Jaarboek Energierecht 2005-2006 (p. 33-138). Antwerpen: Intersentia.
Bruggeman, V. & Cendra de Larragán, J. de (2007). Energy Law in Spain.
(International Encyclopaedia of Laws) The Hague: Kluwer Law International.
(322 p.)
Calster, G. van (2005). Developments in EC waste law policy – 2003. In E.
Thijs & H. Somsen (Eds.), Yearbook of European Environmental Law – 2003
(p. 395-419). Oxford: Oxford University Press.
Calster, G. van (2005). Developments in European Court of Justice case-law –
2003. In J. Werksman & G. Ulfstein (Eds.), Yearbook of European Environmental Law – 2003 (p. 609-630). Oxford: Oxford University Press.
Calster, G. van (2005). European Union law and policy on soil remediation and
brownfields redevelopment. In Aglietto Studio (Ed.), Gestioni di site Contaminati (p. 585-601). Rome: Osservatorio Siti Contaminati.
Calster, G. van & Eeckhoutte, D. van (2005). De doorwerking van het internationaal milieurecht in de Belgische rechtsorde. Rechtskundig Weekblad, 6, 361381.
Calster, G. van & Vandenberghe, W. (2005). Something for everyone in the
Judgement of the European Court of Justice in the German Bottles saga. Review
of European Community and International Environmental Law, 73-78.
Calster, G. van (2006). Handbook of EU Waste Law. Richmond: Richmond
Law & Tax Publishers. (156 p.)
Calster, G. van (2006). Developments in EC Waste Law and Policy. In T. Etty
& H. Somsen (Eds.), Yearbook of European Environmental Law (p. 339-362).
Oxford: Oxford University Press.
Calster, G. van (2006). If it ain't broke, don't fix it? Commission efforts to
manage the definitions of waste, recycling and recovery. In J.P. Hannequart
(Ed.), Compendium on European waste policy (p. 115-119 and 129-130).
Brussels: Association of Cities and Regions.
229
Wetenschappelijk verslag 2005-2007
Calster, G. van (2006). Labels and consumer information: Within the law, or
bypassing it. In M. Pallemaerts (Ed.), EU and WTO Law: how tight is the legal
straightjacket for environmental product regulation (p. 135-140). Brussels:
VUB Press.
Calster, G. van & Bruggeman, V. (2006). Europees Milieurecht. In K.
Deketelaere (Ed.), Handboek Milieu- en Energierecht (p. 207-278). Brugge: die
Keure.
Calster, G. van & Deridder, L. (2006). De toekomst van de historische contracten na het arrest van het Europees Hof van 7 juni 2005. In T. Vanden Borre
(Ed.), De vrijmaking van de elektriciteits- en gasmarkt: de federale wetgeving
in een stroomversnelling? (Energie & Recht, 8) (p. 169-187). Antwerpen:
Intersentia.
Calster, G. van & Eeckhoutte, D. van (2006). De doorwerking van het internationale milieurecht in de Belgische rechtsorde. In J. Wouters & D. van
Eeckhoutte (Eds.), Doorwerking van internationaal recht in de Belgische
rechtsorde (p. 479-521). Antwerpen: Intersentia.
Calster, G. van & Schurmans, M. (2006). Noise. In K. Deketelaere (Ed.), Handboek Milieu- en Energierecht (p. 877-900). Brugge: die Keure.
Calster, G. van (2006). Governance structures for nanotechnology regulation in
the EU. Environmental Law Reporter, 10953-10957.
Calster, G. van, Deketelaere, K. & Delvaux, B. (Eds.). (2007). Energy and
Environmental Law 2006. Leuven: Acco. (338 p.)
Calster, G. van (2007). K3: Klimaat, Kyoto, Klaagzang – Over (indirecte)
belastingen en de Wereldhandelsorganisatie. L. Ballon, H. Cousy, W. Devroe,
K. Geens, J. Stuyck, B. Tilleman & P. Van Orshoven (Eds.), Liber Amicorum
Frans Vanistendael (p. 279-284). Herentals: Knops Publishing.
Calster, G. van & Bowman, D. (2007). Reflecting on REACH: Global Implications of the European union's Chemicals Regulation. Nanotechnology Law &
Business, 4(3), 375-384.
Cendra de Larragán, J. de (2006). Can Emission Trading Schemes be Coupled
with Border Tax Adjustments? An Analysis vis-à-vis WTO Law. Review of
European Community and International Environmental Law, 15(2), 131-145.
De Cendra de Larragán, J. de (2007). The Linking Directive and Russia. In M.
Rodi (Ed.), Implementing the Kyoto Protocol-Chances and Challenges for
Transition Countries (p. 59-85). Berlin: Lexxion Verlagsgesellschaft.
Cock, K. de (2005). Milieueffectenbeoordeling binnen de grenzen van het
gelijkheidsbeginsel. Milieu- en Energierecht, 1, 4-19.
230
Grensoverschrijdend milieurecht
Deketelaere, K. (Ed.). (2005). Jaarboek Energierecht 2004. Antwerpen:
Intersentia. (xvi + 333 p.)
Deketelaere, K. (Ed.). (2005). Feestbundel Milieurecht (LeuVeM. Milieurechtstandpunten, 20). Brugge: die Keure. (253 p.)
Deketelaere, K., Ashiabor, H., Kreiser, L. & Milne, J. (Eds.). (2005). Critical
Issues in Environmental Taxation: International and Comparative Perspectives
(volume II). London: Richmond Law & Tax. (597 p.)
Deketelaere, K. & Calster, G. van (Eds.). (2005). Energy and environmental
law-2005. Leuven: Acco. (750 p.)
Deketelaere, K. (2005). EC Transport Policy and Environment and Energy
Taxation. In K. Deketelaere et al. (Eds.), Critical Issues in Environmental
Taxation: International and Comparative Perspectives (volume II) (p. 99-134).
London: Richmond Law & Tax.
Deketelaere, K., Bradbrook, A. & Ottinger, R. (2005). ‘Renewables’ (special
issue Editors). Journal of Energy and Natural Resources Law, 91-246.
Deketelaere, K. (Ed.). (2006). Handboek Milieu- en Energierecht. Brugge: die
Keure. (XLIII + 1801 p.)
Deketelaere, K., Cavaliere, A., Milne, J., Ashiabor, H. & Kreiser, L. (Eds.).
(2006). Critical Issues in Environmental Taxation – Volume III: International
and Comparative Perspectives. London: Richmond Tax & Law. (730 p.)
Deketelaere, K. (2006). Slotbeschouwingen: rechtszekerheid in het milieu- en
energierecht. In K. Deketelaere (Ed.), Handboek Milieu- en Energierecht
(p. 1691-1697). Brugge: die Keure.
Deketelaere, K. & Delvaux, B. (2006). Energieconvenanten. In K. Deketelaere
(Ed.), Handboek Milieu- en Energierecht (p. 1605-1611). Brugge: die Keure.
Deketelaere, K. & Vanheusden, B. (2006). Deel I. Milieu, energie, beleid en
recht. In K. Deketelaere (Ed.), Handboek Milieu- en Energierecht (p. 1-86).
Brugge: die Keure.
Deketelaere, K. & Vanheusden, B. (2007). Recente ontwikkelingen inzake
milieu- en energierecht. In M. Boes (Ed.), Administratief Recht (p. 5-30).
Brugge: Themis.
Delnoy, M. (2005). Définition, notions de base, raison d’être et sources juridiques des procédures de participation du public. In B. Jadot (Ed.), La participation du public au processus de décision en matière d’environnement et d’urbanisme (p. 7-30). Bruxelles: Bruylant.
231
Wetenschappelijk verslag 2005-2007
Delnoy, M. (2005). Faut-il codifier les règles relatives aux enquêtes publiques
en matière d’urbanisme et d’environnement? Aménagement-Environnement,
43-49.
Delnoy, M. (2006). Le CWATUP. Liège: Edi.pro. (302 p.)
Dimitrov, S. (2007). Grensoverschrijdende toegang tot de rechter in milieuzaken. In M.V.C. Aalders & R. Uylenburg (Eds.), Het milieurecht als proeftuin,
20 jaar Centrum voor Milieurecht (p. 119-128). Groningen: Europa Law
Publishing.
Etty, T. & Somsen, H. (Eds.). (2005). The Yearbook of European Environmental Law (volume 4). Oxford: Oxford University Press. (775 p.)
Etty, T. & Somsen, H. (Eds.). (2005). The Yearbook of European Environmental Law (volume 5). Oxford: Oxford University Press. (576 p.)
Etty, T. (2006). Biotechnology: Current Survey (2004) of Substantive European
Community Environmental Law. In T. Etty & H. Somsen (Eds.), Yearbook of
European Environmental Law (p. 245-287). Oxford: Oxford University Press.
Etty, T. (2006). International Biotechnology Law and Policy: Year in Review
(2004). In J. Werksman & O.K. Fauchald (Eds.), The Yearbook of International
Environmental Law (p. 347-364). Oxford: Oxford University Press.
Etty, T. (2006). Genetisch Gemodificeerde Organismen op de Europese
Gemeenschapsmarkt en in het Nederlandse Milieu: Een Overzicht van het
Juridische Kader voor de Doelbewuste Introductie van GGO's. Milieu en Recht,
32(2), 68-76.
Etty, T. & Somsen, H. (Eds.). (2007). Yearbook of European Environmental
Law. Volume 7. Oxford: Oxford University Press. (650 p.)
Etty, T. (2007). Biotechnology: Current Survey (2005) of Substantive EC
Environmental Law. In T.F.M. Etty & H. Somsen (Eds.), The Yearbook of
European Environmental Law (volume 7) (p. 291-339). Oxford: Oxford
University Press.
Faure, M.G. & Heine, G. (Eds.). (2005). Criminal Enforcement of Environmental Law in the European Union. The Hague: Kluwer Law International.
(187 p.)
Faure, M.G. (2005). De Europese richtlijn milieuaansprakelijkheid: kritische
inleidende bedenkingen. In R. Mellenbergh & R. Uylenburg (Eds.), Aansprakelijkheid voor schade aan de natuur (p. 1-20). Groningen: Europa Law
Publishing.
232
Grensoverschrijdend milieurecht
Faure, M.G. & Vanheule, J. (2005). Afscheid van de zorgplichtbepalingen in
het milieustrafrecht? In F. Verbruggen et al. (Eds.), Strafrecht als roeping.
Liber Amicorum Lieven Dupont (p. 79-114). Leuven: Universitaire Pers
Leuven.
Faure, M.G. (2005). Vers un nouveau modèle de protection de l'environment
par le droit pénal. Revue Européenne de Droit de l'Environnement, 3-19.
Faure, M.G. & Wang, H. (2005). Compensation for Oil Pollution Damage:
China versus the International Regime. Asia Pacific Journal of Environmental
Law, 9(1), 11-37.
Faure, M.G. & Hu, J. (Eds.). (2006). Prevention and Compensation of Marine
Pollution Damage. Recent Developments in Europe, China and the U.S.
Alphen aan den Rijn: Kluwer Law International. (359 + xxiv p.)
Faure, M.G. & Niessen, N.J.A.P.B. (Eds.). (2006). Environmental Law in
Development. Lessons from the Indonesian Experience. Cheltenham: Edward
Elgar. (337 + xv p.)
Faure, M.G. (2006). Naar een effectief milieurecht voor ontwikkelingslanden?
In A.W. Heringa et al. (Eds.), Het bestuursrecht beschermd. Liber Amicorum
prof.mr. F.A.M. Stroink (p. 259-272). Den Haag: Sdu.
Faure, M.G. (2006). Towards a New Model of Criminilization of Environmental Pollution: the Case of Indonesia. In M. Faure & N. Niessen (Eds.),
Environmental Law in Development. Lessons from the Indonesian Experience
(p. 188-217). Cheltenham: Edward Elgar.
Faure, M.G. & Borre, T. Vanden (2006). Strafrecht. In K. Deketelaere (Ed.),
Handboek Milieu- en Energierecht (p. 1237-1326). Brugge: die Keure.
Faure, M.G. & Hartlief, T. (2006). Naar een meer effectieve vergoeding voor
slachtoffers van rampen? In M. Faure & M. Peeters (Eds.), Grensoverschrijdend recht (Ius Commune Europaeum, 58) (p. 281-310). Antwerpen:
Intersentia.
Faure, M.G. & Hu, J. (2006). Foreword. In M. Faure & J. Hu (Eds.), Prevention
and Compensation of Marine Pollution Damage. Recent Developments in
Europe, China and the U.S (p. i-viii). Alphen aan den Rijn: Kluwer Law
International.
Faure, M.G. & Hu, J. (2006). Comparative Conclusions. In Faure, M.G. & Hu,
J. (Eds.), Prevention and Compensation of Marine Pollution Damage. Recent
Developments in Europe, China and the U.S. (p. 351-358). Alphen aan den
Rijn: Kluwer Law International.
233
Wetenschappelijk verslag 2005-2007
Faure, M.G. & Niessen, N.J.A.P.B. (2006). Introduction. In M. Faure & N.
Niessen (Eds.), Environmental Law in Development. Lessons from the
Indonesian Experience (p. 1-8). Cheltenham: Edward Elgar.
Faure, M.G. & Niessen, N.J.A.P.B. (2006). Towards Effective Environmental
Legislation in Indonesia? In M. Faure & N. Niessen (Eds.), Environmental Law
in Development. Lessons from the Indonesian Experience (p. 263-288).
Cheltenham: Edward Elgar.
Faure, M.G. & Wang, H. (2006). Financial Caps for Oil Pollution Damage:
China and the International Conventions. In M. Faure & J. Hu (Eds.), Prevention and Compensation of Marine Pollution Damage. Recent Developments in
Europe, China and the U.S. (p. 317-347). Alphen aan den Rijn: Kluwer Law
International.
Faure, M.G. Peeters, M.G.W.M. & Wibisana, A. (2006). Economic Instruments: suited to developing countries? In M. Faure & N. Niessen (Eds.),
Environmental Law in Development. Lessons from the Indonesian Experience
(p. 218-262). Cheltenham: Edward Elgar.
Faure, M.G. & Wang, H. (2006). Economic Analysis of Compensation for Oil
Pollution Damage. Journal of Maritime Law and Commerce, 37, 179-217.
Faure, M.G. (2007). L'analyse économique du droit de l'environnement.
Bruxelles: Bruylant. (362 p.)
Faure, M.G., Eger, Th. & Naigen, Z. (Eds.). (2007). Economic Analysis of Law
in China. Cheltenham: Edward Elgar. (xix + 324 p.)
Faure, M.G. (2007). A Shift toward Alternative Compensation Mechanisms for
Environmental Damage? In M. Faure & A. Verheij (Eds.), Shifts in Compensation for Environmental Damage (Tort and Insurance Law, 21) (p. 73-102).
Wien New York: Springer.
Faure, M.G., Eger, Th. & Naigen, Z. (2007). Preface. In Th. Eger, M.G. Faure
& Z. Naigen (Eds.), Economic Analysis of law in China (p. xii-xix). Cheltenham: Edward Elgar.
Faure, M.G., Eger, Th. & Naigen, Z. (2007). Conclusions. In Th. Eger, M.G.
Faure & Z. Naigen (Eds.), Economic Analysis of law in China (p. 307-310).
Cheltenham: Edward Elgar.
Faure, M.G. & Roos, Th.A. de (2007). Schatting van het voordeel en aftrek van
kosten bij de oplegging van de ontnemingsmaatregel. In A. de Lange & M.J.C.
Visser (Eds.), Milieustrafrecht; Onderzoek en aanbevelingen voor theorie en
praktijk (p. 295-312). Den Haag: Boom Juridische uitgevers.
234
Grensoverschrijdend milieurecht
Faure, M.G. & Verheij, A.J. (2007). Introduction. In M. Faure & A. Verheij
(Eds.), Shifts in Compensation for Environmental Damage (Tort and Insurance
Law, 21) (p. 1-8). Wien New York: Springer.
Faure, M.G. & Verheij, A.J. (2007). Concluding Observations. In M. Faure &
A. Verheij (Eds.), Shifts in Compensation for Environmental Damage (Tort and
Insurance Law, 21) (p. 313-333). Wien New York: Springer.
Faure, M.G. & Visser, M.J.C. (2007). Ideaaltypisch milieustrafrecht; Opbouw,
inhoud en structuur van noodzakelijke delicten. In A. de Lange & M.J.C. Visser
(Eds.), Milieustrafrecht; Onderzoek en aanbevelingen voor theorie en praktijk
(p. 35-62). Den Haag: Boom Juridische uitgevers.
Faure, M.G. & Wang, H. (2007). Economic Analysis of Compensation for Oil
Pollution Damage in China. In Th. Eger, M. Faure & Z. Naigen (Eds.),
Economic Analysis of Law in China (p. 272-303). Cheltenham: Edward Elgar.
Faure, M.G. (2007). Milieustrafrecht in rechtseconomisch perspectief. Strafblad, 5(6), 458-477.
Faure, M.G. (2007). Financial Compensation for Victims of Catastrophes: A
Law and Economics Perspective. Law and Policy, 29, 339-367.
Faure, M.G. (2007). Insurability of Damage caused by Climate Change: A
Commentary. Penn State International Law Review, 155, 1875-1900.
Heijden, G.M.A. van der (2006). Europees recht, hindermacht of empowerment? Werken met milieurecht bij gebiedsinrichting in Gelderland. In B.
Waterhout & L. Janssen-Jansen (Eds.), Grenzenloze Ruimte, regionale gebiedsgerichte ontwikkelingsplanologie in een Europees perspectief (Reeks planologie, 7) (p. 87-99). Den Haag: Sdu.
Janssen, J.M.P. & Ramnewash-Oemrawsingh, S.T. (2006). Hoofdstuk 2. Doorwerking van internationaal en Europees recht. In M.N. Boeve & V. van 't Lam
(Eds.), Omgevingsrecht (Centrum voor Milieurecht) (p. 37-68). Groningen:
Europa Law Publishing.
Janssen, J.M.P. & Uylenburg, R. (Eds.). (2007). Natuurbeschermingsrecht in
uitvoering. Groningen: Europa Law Publishing. (90 p.)
Janssen, J.M.P. & Sevenster, H.G. (2007). Milieurecht: een proeftuin van Europees recht. In M.V:C. Aalders & R. Uylenburg (Eds.), Het milieurecht als
proeftuin, 20 jaar Centrum voor Milieurecht (p. 203-218). Groningen: Europa
Law Publishing.
Janssen, J.M.P. (2007). Aarhus-Verordening toch bruikbaar voor NGO's. Tijdschrift voor Milieu en Recht, 5, 262-269.
235
Wetenschappelijk verslag 2005-2007
Koeman, N.S.J., Backes, C.W. & Gilhuis, P.C. (Eds.). (2006). Milieurecht.
Deventer: Kluwer. (XXIV + 585 p.)
Koeman, N.S.J. & Backes, C.W. (2006). Milieu-effectrapportage. In Ch.W.
Backes, P.C. Gilhuis & N.S.J. Koeman (Eds.), Milieurecht (p. 125-145).
Deventer: Kluwer (6de druk).
Koeman, N.S.J. (2006). Milieuprivaatrecht. In Ch.W. Backes, P.C. Gilhuis &
N.S.J. Koeman (Eds.), Milieurecht (p. 511-547). Deventer: Kluwer (6de druk).
Koeman, N.S.J. (2006). De bestuurlijke lus in het Voorontwerp herziening
bestuursprocesrecht. Nederlands Tijdschrift voor Bestuursrecht, 269-272.
Koeman, N.S.J. (2006). Luchtkwaliteit en nieuwe projecten; op zoek naar
europeesrechtelijk aanvaardbare ontkoppelingsmogelijkheden. Milieu en Recht,
5, 280-284.
Koeman, N.S.J. (2007). De jurisprudentie inzake de bescherming van gebieden.
In J.M.P. Janssen & R. Uylenburg (Eds.), Natuurbeschermingsrecht in uitvoering (p. 33-48). Groningen: Europa Law Publishing.
Koeman, N.S.J. (2007). Rechtsbescherming in het omgevingsrecht. In M.V.C.
Aalders & R. Uylenburg (Eds.), Het milieurecht als proeftuin, 20 jaar Centrum
voor Milieurecht (p. 97-103). Groningen: Europa Law Publishing.
Konijnenbelt, W. (2005). Le droit des citoyens à avoir accès à l'eau, au gaz et à
l'électricité doit-il être garanti par la Constitution? In le Centre de Recherches
& Administratives (Eds.), Annuaire européen d’administration publique, No
XXVII (2004) (p. 133-142). Paris: Centre National de la Recherche Scientifique.
Konijnenbelt, W. (2005). L'administration et l'énergie aux Pays-Bas. In le
Centre de Recherches & Administratives (Eds.), Annuaire européen d’administration publique, No XXVII (2004) (p. 329-339). Paris: Centre National de la
Recherche Scientifique.
Lam, V. van 't (2007). De gevolgen van de Wabo voor het begrip inrichting. In
M.V.C. Aalders & R. Uylenburg (Eds.), Het milieurecht als proeftuin. 20 jaar
Centrum voor Milieurecht. (p. 5-19). Groningen: Europa Law Publishing.
A. de Lange & M.J.C. Visser (Eds.). (2007). Milieustrafrecht: Onderzoek een
aanbevelingen voor theorie en praktijk. Den Haag: Boom Juridische uitgevers.
(312 p.)
Lange, A. de & Visser, M.J.C. (2007). Milieustrafrecht; een rechtsgebied in
onderzoek en in beweging. In M.J.C. Visser & A. de Lange (Eds.), Milieustrafrecht; Onderzoek en aanbevelingen voor theorie en praktijk (p. 35-62). Den
Haag: Boom Juridische uitgevers.
236
Grensoverschrijdend milieurecht
Lange, A. de & Visser, M.J.C. (2007). Europese wetgevingsinitiatieven op het
gebied van het milieustrafrecht. Milieu en Recht, 270-275.
Lefevere, J.G.J. (2005). Linking Emissions Trading Schemes: the EU ETS and
the ‘Linking Directive’. In Freestone D. & Streck C. (Eds.), Legal Aspects of
Implementing the Kyoto Protocol Mechanisms (p. 511-536). Oxford: Oxford
University Press.
Lefevere, J.G.J. (2005). The EU Greenhouse Gas Emissions Trading: A Background. In Bothe M. & Rehbinder E. (Eds.), Climate Change Policy (p. 103130). Utrecht: Eleven International Publishing.
Lefevere, J.G.J. (2005). The EU Greenhouse Gas Emissions Allowance trading
Scheme. In Bothe M. & Rehbinder E. (Eds.), Climate Change Policy (p. 259308). Utrecht: Eleven International Publishing.
Lefevere, J.G.J. (2005). Part II: the EU Greenhouse Gas Emission Allowance
Trading Scheme. In Yamin F. (Ed.), Climate Change and Carbon Markets-A
Handbook of Emission Reduction Mechanisms (p. 75-150). London: Earthscan.
Matthee, M. (2006). Co-ordination as Means to promote a Coherent System of
Intergovernmental Institutions dealing with Food Security. In A. Mahiou & F.
Snyder (Eds.), La Securite alimentaire, Academie de Droit International de la
Haye (p. 675-702). Den Haag: Nyhoff.
Mellenbergh, R. & Uylenburg, R. (Eds.). (2005). Aansprakelijkheid voor
schade aan de natuur, de nieuwe Richtlijn milieuaansprakelijkheid. Groningen:
Europa Law Publishing. (187 p.)
Mellenbergh, R. (2005). De curator en de naleving van de milieuvergunning.
Nederlands Juristenblad, 15, 784-789.
Mellenbergh, R. (2006). Soil Protection Law and Reclaiming Soil Decontamination Costs in the Netherlands. Journal for European environmental &
planning law, 3, 240-249.
Mellenbergh, R. & Schueler, B.J. (2006). De mogelijkheden tot afschaffing of
beperking van het zelfrealisatiebeginsel. De reikwijdte van art. 1 Eerste Protocol EVRM en een vergelijking met de situatie in de VS. Bouwrecht, 10, 885896.
Mellenbergh, R. (2007). De privaatrechtelijke aspecten van de Wet bodembescherming: noodzakelijk of slechts van tijdelijk aard? In M.V.C. Aalders &
R. Uylenburg (Eds.), Het milieurecht als proeftuin, 20 jaar Centrum voor
Milieurecht (p. 141-151). Groningen: Europa Law Publishing.
237
Wetenschappelijk verslag 2005-2007
Neerhof, A.R. (2007). Aansprakelijkheden en draagplichten als een vergunninghouder conform de vergunning handelt: wie is de pineut? Nederlands Tijdschrift voor Burgerlijk Recht, 16, 138-148.
Pâques, M.M.L.L. (Ed.). (2005). Le droit de propriété et Natura 2000 – Natura
2000 and property rights. Bruxelles: Bruylant. (248 p.)
Pâques, M.M.L.L. (2005). Interdiction, autorisation, dérogation. In Chr.
Bicquet-Mathieu et al. (Eds.), Liber Amicorum Paul Delnoy (p. 1037-1044).
Bruxelles: Larcier.
Pâques, M.M.L.L. (2005). La nature juridique du quota d’émission de gaz à
effet de serre. In F. Maes & A. Verbeke (Eds.), L'échange des droits de pollution comme instrument de gestion du climat/Verhandelbare emissie rechten als
klimaatbeleidsinstrument (p. 43-69). Bruxelles: la Charte.
Pâques, M.M.L.L. (2005). Le droit de propriété et Natura 2000. Rapport de
synthèse. In M.M.L.L. Pâques (Ed.), Le droit de propriété et Natura 2000 –
Natura 2000 and property rights (p. 15-38). Bruxelles: Bruylant.
Pâques, M.M.L.L. (2005). Natura 2000 and property rights. In M.M.L.L.
Pâques (Ed.), Le droit de propriété et Natura 2000 – Natura 2000 and property
rights (p. 39-59). Bruxelles: Bruylant.
Pâques, M.M.L.L. (2005). Pouvoir de classer, effet direct et Natura 2000.
Sources, formes et cohérence de contraintes administratives actuelles. In P.
Lecocq, B. Tilleman & A. Verbeke (Eds.), Le droit des biens/Zakenrecht
(p. 415-457). Bruxelles: la Charte.
Pâques, M.M.L.L. (2005). Droit de l'Homme au respect des biens – Redistributions foncières à l'Est. Association des Etudes Foncières, 113, 12.
Pâques, M.M.L.L., Neuray, J.-F. & Boes, M. (2006). Rapport belge au Colloque de l'Association internationale de droit de l'urbanisme. Cahiers du
Gridauh. Paris: La Documentation Française.
Pâques, M.M.L.L. (2006). Affectation, urbanisme et domaine public. In Mélanges en l'honneur d'Henri Jacquot (p. 431-446). Orléans: Presses Universitaires d’Orléans.
Pâques, M.M.L.L. (2006). L'environnement comme droit de l'homme. In M.C.
Soriano (Ed.), Les droits de l'homme dans les politiques de l'Union européenne
et les droits de l'homme (p. 163-222). Bruxelles: Larcier.
Pâques, M.M.L.L. (2006). L'emission trading à la Cour d’arbitrage, Commentaire de C.A., 92/2006. Aménagement-Environnement, 4, 181-190.
238
Grensoverschrijdend milieurecht
Pâques, M.M.L.L. (2006). L'environnement, un certain droit de l'homme.
Administration publique, 38-66.
Pâques, M.M.L.L. (2006). Le mirmillon et le rétiaire ou comment concilier la
domanialité publique et l'urbanisme. Revue de la Faculté de droit de l'Université de Liège, 1-2, 269-287.
Pâques, M.M.L.L. & Leleu, Y.-H. (2006). Exonérations légales de responsabilité civile et droit fondamental au respect des biens. Journal des Tribunaux,
277-284.
Pâques, M.M.L.L. (Ed.). (2007). Le principe de précaution en droit administratif – Precautionary Principle and Administrative Law. Bruxelles: Bruylant.
(308 p.)
Pâques, M.M.L.L. (Ed.). (2007). Questions choisies de droit de l'urbanisme et
de l'environnement. Liège: Anthémis. (318 p.)
Pâques, M.M.L.L. (2007). L'arrêt Van de Walle, les sols contaminés et les déchets, Commentaire de l'arrêt de la Cour de Justice des Communautés européennes du 7 septembre 2004, Aff. C-1/03. In Assainissement et gestion des
sols pollués: un cadre légal nouveau (p. 51-79). Bruxelles: Bruylant.
Pâques, M.M.L.L. (2007). Propriété, équilibre et valeurs. In F. Delpérée (Ed.),
Mélanges (p. 1137-1152). Bruxelles: Bruylant.
Pâques, M.M.L.L. (2007). Sécurité juridique et risque environnemental. In L.
Boy, J. Racine & F. Siiriainen (Eds.), Sécurité juridique et droit économique
(p. 495-540). Bruxelles: Larcier.
Peeters, M.G.W.M. (2005). The concept of precaution as shaped by the courts.
In F. Stroink & van.der E. Linden (Eds.), Judicial lawmaking and Administrative Law (Ius Commune Europeaum, 52) (p. 57-80). Antwerp: Intersentia.
Peeters, M.G.W.M. (2005). Broeikasgasemissiehandel in de Wet Milieubeheer:
een introductie op dit groene instrument. Tijdschrift voor Omgevingsrecht,
2005-3, 83-91.
Peeters, M.G.W.M. (2006). Broeikasgasemissiehandel in de EU: prille ervaringen met dit unieke instrument. In M. Faure & M. Peeters (Eds.), Grensoverschrijdend recht (Ius Commune Europaeum, 58) (p. 259-279). Antwerpen:
Intersentia.
Peeters, M.G.W.M. (2006). Elaborating on integration of environmental legislation: the case of Indonesia. In M. Faure & N. Niessen (Eds.), Environmental
Law in Development. Lessons from the Indonesian Experience (p. 92-126).
Cheltenham: Edward Elgar.
239
Wetenschappelijk verslag 2005-2007
Peeters, M.G.W.M. (2006). Enforcement of the EU greenhouse gas emissions
trading scheme. In M. Peeters & K. Deketelaere (Eds.), EU Climate Change
Policy: The Challenge of New Regulatory Initiatives (p. 169-187). Cheltenham:
Edward Elgar.
Peeters, M.G.W.M. (2006). Het voorzorgsbeginsel en de rechtsvormende taak
van de (Nederlandse) bestuursrechter. In A.W. Heringa, A.M.L. Jansen,
E.C.H.J. van der Linden & L.F.M. Verhey (Eds.), Het bestuursrecht
beschermd. Liber Amicorum prof.mr. F.A.M. Stroink (p. 185-198). Den Haag:
Sdu.
Peeters, M.G.W.M. (2006). Inleiding op het preadvies: Klimaatverandering en
rechtsontwikkeling anno 2005. In Preadvies voor de Vereniging voor Milieurecht (p. 17-26). Den Haag: Boom Juridische uitgevers.
Peeters, M.G.W.M. (2006). Europees klimaatbeleid: verplichtingen, bevoegdheden, maatregelen en verantwoording. In Preadvies voor de Vereniging voor
Milieurecht (p. 51-92). Den Haag: Boom Juridische uitgevers.
Peeters, M.G.W.M. & Deketelaere, K. (2006). Key challenges of EU climate
change policy: competences, measures and compliance. In M. Peeters & K.
Deketelaere (Eds.), EU Climate Change Policy: The Challenge of New
Regulatory Initiatives (p. 3-21). Cheltenham: Edward Elgar.
Peeters, M.G.W.M. (2006). Inspection and market-based regulation through
emissions trading: the striking reliance on self-monitoring, self-reporting and
verification. Utrecht Law Review, 2(1), 177-195. [Online]. Available from:
<http://www.uu.nl/uupublish/homerechtsgeleer/onderzoek/utrechtlawreview/38
361main.html> [01-06-2006].
Peeters, M.G.W.M. & Amorij, S. (2006). Saldering en marktwerking in het
luchtkwaliteitsbeleid van de VS: een inspiratiebron voor Nederland en de EU.
Milieu en Recht, 5, 285-290.
Peeters, M.G.W.M. & Woerd, F. van der (2006). Financial security obligations
to prevent orphan damage: some preliminary experiences from the Netherlands.
Environmental Liability, 14(6), 217-225.
Peeters, M.G.W.M. (2007). EU Climate Change Policy: Critical Issues and
Challenges for the future. In O.K. Fauchald & D. Hunter (Eds.), International
Yearbook of Environmental Law (16) (p. 179-210).
Peeters, M.G.W.M., Weishaar, S. & Cendra de Larragán, J. de (2007). A
Governance Perspective on the Choice between ‘Cap and Trade’ and ‘Credit
and Trade’ for an Emissions Trading Regime. European Environmental Law
Review, 7, 191-202.
240
Grensoverschrijdend milieurecht
Peeters, M.G.W.M. (2007). Broeikasgasemissiehandel in Europa. Op zoek naar
een optimale verdelingsmethode. Nederlands Juristenblad, 45/46, 2893-2902.
Ramnewash-Oemrawsingh, S.T. (2005). European Community. In G. Ulfstein
& J. Werksman (Eds.), Yearbook of International Environmental Law (volume
14) (p. 661-676). New York: Oxford University Press.
Schueler, B.J. (2005). De aansprakelijkheid van de overheid als gevolg van de
Richtlijn Milieuaansprakelijkheid. In R. Mellenbergh & R. Uylenburgh (Eds.),
Aansprakelijkheid voor schade aan de natuur, de nieuwe Richtlijn milieuaansprakelijkheid (p. 59-74). Groningen: Europa Law Publishing.
Schueler, B.J. (2005). Hoe ver strekt de rechtsbescherming in het omgevingsrecht? Over subjectivering in het bestuursprocesrecht. Tijdschrift voor Omgevingsrecht, 114-123.
Sevenster, H.G., Smorenburg-van Middelkoop, L. & Wennerås, P. (2006).
European Community. In J. Werksman & O.K. Fauchald (Eds.), Yearbook of
International Environmental Law (p. 602-615). Oxford: Oxford University
Press.
Smedt, K. De (2007). Shifts in Compensation for Environmental Damage:
From Member States to Europe. In M. Faure & A. Verheij (Eds.), Shifts in
Compensation for Environmental Damage (Tort and Insurance Law, 21)
(p. 103-131). Wien New York: Springer Verlag.
Somsen, H. (2005). Some Reflections on EU Biotechnology Regulation:
Lessons Derived from Thirty Years of EC Environmental Law. In R. Macrory
(Ed.), Reflections on Thirty years of EU Environmental Law; a high level of
protection? (The Avosetta series, 7) (p. 325-348). Groningen: Europa Law
Publishing.
Somsen, H. (2006). Regulering van Humane Genetica in het Neo-Eugenetische
Tijdperk (Inaugurele rede Universiteit van Tilburg, 10 november 2006).
Nijmegen: Wolf Legal Publishers. (59 p.)
Staercke, J. de (2005). Integrale milieuvoorwaarden terug naar af? In Feestbundel milieurecht (Milieustandpunten, 20) (p. 34-36). Brugge: die Keure.
Staercke, J. de (Ed.). (2007). Juridisch statuut van overheidsgoederen (Notarieel bestuursrecht). Brussel: Larcier. (104 p.)
Uylenburg, R. (2006). Hoofdstuk 1. In M.N. Boeve & V. van 't Lam (Eds.),
Omgevingsrecht (Centrum voor Milieurecht) (p. 3-34). Groningen: Europa Law
Publishing.
241
Wetenschappelijk verslag 2005-2007
Uylenburg, R. (2006). Hoofdstuk 5, par. 7 en 8. In M.N. Boeve & V. van 't Lam
(Eds.), Omgevingsrecht (Centrum voor Milieurecht) (p. 186-214). Groningen:
Europa Law Publishing.
Uylenburg, R. (2006). De omgevingsvergunning en het specialiteitsbeginsel. In
K.J. de Graaf et al. (Eds.), Op tegenspraak: opstellen voor prof. mr L.J.A.
Damen (p. 155-166). Den Haag: Boom Juridische uitgevers.
Uylenburg, R. & Visser, M.J.C. (2006). Handhaving van milieurecht. In N.S.J
Koeman, C.W. Backes & P.C. Gilhuis (Eds.), Milieurecht (p. 262-306). (6de
druk). Deventer: Kluwer.
Uylenburg, R. & Wit, W. de (2006). Financiële instrumenten en emissiehandel.
In N.S.J Koeman, C.W. Backes & P.C. Gilhuis (Eds.), Milieurecht (p. 223261). (6de druk). Deventer: Kluwer.
Uylenburg, R. (2006). De Natuurbeschermingswet 1998 in uitvoering. Tijdschrift voor Omgevingsrecht, 3, 85-92.
Uylenburg, R. & (2006). De goedkeuring van een faunabeheerplan vatbaar voor
bezwaar en beroep? Ars Aequi: juridisch studentenblad, juni, 420-425.
Uylenburg, R. & Hazewindus, W.G.A. (2006). Rechtsbescherming tegen de
omgevingsvergunning. Tijdschrift voor Omgevingsrecht, 4, 147-150.
Uylenburg, R. & Aalders, M. (Eds.). (2007). Het milieurecht als proeftuin, 20
jaar Centrum voor Milieurecht (v-xiii p.) Groningen: Europa Law Publishing.
(v + 335 p.)
Uylenburg, R. (2007). Welk juridisch instrument beschermt onze omgeving? In
R. Uylenburg & M. Aalders (Eds.), Het milieurecht als proeftuin, 20 jaar
Centrum voor Milieurecht (p. 21-31). Groningen: Europa Law Publishing.
Uylenburg, R. (2007). De natuur door de wet beschermd? In R. Uylenburg &
J.M.P. Janssen (Eds.), Natuurbeschermingsrecht in uitvoering (p. 11-20).
Groningen: Europa Law Publishing.
Uylenburg, R. (2007). De omgevingsvergunning en de grenzen aan integratie.
In A. Carette (Ed.), Aan de grens van de milieuvergunning, Verslag van een
congres georganiseerd door de Vlaamse Vereniging voor Omgevingsrecht in
samenwerking met de Vereniging voor Milieurecht op 31 mei 2007 (p. 43-59).
Den Haag: Boom Juridische uitgevers.
Vanheusden, B. (2005). The sustainability of brownfield redevelopment
incentives. In X (Ed.), Strategies, Science and Law for the Conservation of the
World Soil Resources (p. 239-249). Selfoss: AUI Publications.
242
Grensoverschrijdend milieurecht
Vanheusden, B. (2005). Het Vlaamse waterbodembeleid: juridische aspecten
bij schade door overstromingen en de verspreiding van verontreinigde specie.
Milieu- en Energierecht, 84-97.
Vanheusden, B., Thornton, G. & Nathanail, P. (2005). Are Incentives for
Brownfield Regeneration Sustainable? A Comparative Survey. Journal for
European environmental & planning law, 350-374.
Vanheusden, B. et al. (2006). De relevantie van milieurechtvaardigheid of
environmental justice voor het juridische kader in het Vlaams Gewest. Toetsing
aan de hand van een eerste praktijkstudie. Milieu- en Energierecht, 1, 40-55.
Vanheusden, B. (2007). Brownfields Redevelopment in the European Union.
Boston College Environmental Affairs Law Review, 34(3), 559-575.
Vanheusden, B. (2007). Het decreet betreffende de brownfieldconvenanten als
een eerste zelfstandig brownfielddecreet. Milieu- en Energierecht, 75-87.
Visser, M.J.C. (2007). Zorgplichtbepalingen in het milieustrafrecht. In A. de
Lange & M.J.C. Visser (Eds.), Milieustrafrecht; Onderzoek en aanbevelingen
voor theorie en praktijk (p. 89-110). Den Haag: Boom Juridische uitgevers.
Visser, M.J.C. (2007). Van vergunning naar amvb: enkele strafrechtelijke
consequenties. In M.V.C. Aalders & R. Uylenburg (Eds.), Het milieurecht als
proeftuin (p. 181-197). Groningen: Europa Law Publishing.
Vogelezang-Stoute, E.M. (2006). Belanghebbenden bij toelatingsbesluiten voor
bestrijdingsmiddelen: ook toepassers en omwonenden? In K. de Graaf, A.T.
Marseille & H.B. Winter (Eds.), Op tegenspraak. Opstellen voor prof.mr.
L.J.A. Damen (p. 273-283). Den Haag: Boom Juridische uitgevers.
Vogelezang-Stoute, E.M. (2006). Hoofdstukken, 1, 4, 5 en 6. In M.N. Boeve &
V. van 't Lam (Eds.), Omgevingsrecht (Centrum voor Milieurecht) (p. 167-173
en 240-249). Groningen: Europa Law Publishing.
Vogelezang-Stoute, E.M. (2007). De regulering van milieugevaarlijke stoffen:
REACH en het substitutiebeginsel. In M.V.C. Aalders & R. Uylenburg (Eds.),
Het milieurecht als proeftuin. 20 jaar Centrum voor Milieurecht (Centrum voor
Milieurecht) (p. 265-275). Groningen: Europa Law Publishing.
Vogelezang-Stoute, E.M. (2007). De Wet gewasbeschermingsmiddelen en
biociden: beschermingsdoelstelling buiten beeld? Milieu en Recht, 10(34), 606614.
Vogelezang-Stoute, E.M. & Rijswick, H.F.M.W. van (2007). De Kaderrichtlijn
water en gewasbeschermingsmiddelen. [Online] Utrecht: Centrum voor Omgevingsrecht en Beleid/NILOS. (200 p.) Available from: <http://www.jur.uva.nl/
cvm/actueel.cfm> [01-11-2007].
243
Wetenschappelijk verslag 2005-2007
Vogelezang-Stoute, E.M., Schueler, B.J., Drewes, J.K., Groenewegen, F.T.,
Hazewindus, W.G.A., Klap, A., Lam, V. van 't & Olivier, B.K. (2007). Derde
evaluatie van de Algemene wet bestuursrecht 2006: Definitieve geschilbeslechting door de bestuursrechter. [Online] Den Haag: Boom Juridische uitgevers.
Available from: <http://www.jur.uva.nl/cvm/actueel.cfm> [22-01-2007].
Vos, E.I.L. (2005). Van BSE tot Europese Autoriteit voor Voedselveiligheid:
het Europese recept voor voedselveiligheid en consumentenvertrouwen.
Sociaal-economische Wetgeving: Tijdschrift voor Europees en economisch
recht, 117-127.
Vos, E.I.L. & Wendler, F.A. (Eds.). (2006). Food Safety Regulation in Europe.
A Comparative Institutional Analysis (Ius Commune Europaeum, 62).
Antwerp: Intersentia. (xxviii + 469 p.)
Vos, E.I.L. (2006). Grensoverschrijdende levensmiddelen: de ‘spaghetti wetgeving’ opgerold. In M. Faure & M. Peeters (Eds.), Grensoverschrijdend recht
(Ius Commune Europaeum, 58) (p. 225-244). Antwerpen: Intersentia.
Vos, E.I.L. & Wendler, F.A. (2006). Food Safety Regulation at the EU Level.
In E. Vos & F. Wendler (Eds.), Food Safety Regulation in Europe. A Comparative Institutional Analysis (Ius Commune Europaeum, 62) (p. 65-138).
Antwerp: Intersentia.
Vos, E.I.L. & Asselt, M.B.A. van (2006). Precautionary Principle and the
Uncertainty Paradox. Journal of risk research, 19(4), 313-336.
Wang, H. (2006). Recent Developments in the EU Marine Oil Pollution
Regime. In M. Faure & J. Hu (Eds.), Prevention and Compensation of Marine
Pollution Damage – Recent Developments in Europe, China and the U.S. (p. 124). Alphen aan den Rijn: Kluwer Law International.
Wang, H. (2007). Marine Pollution – Vessel Source Pollution. In O.K.
Fauchald & J. Werksman (Eds.), Yearbook of International Environmental Law
2005 (p. 414-422). Oxford: Oxford University Press.
Wang, H. (2007). Shifts in Governance in the International Regime of Marine
Oil Pollution Compensation: A Legal History Perspective. In M. Faure & A.
Verheij (Eds.), Shifts in Compensation for Environmental Damage (Tort and
Insurance Law, 21) (p. 197-242). Wien New York: Springer.
Wendler, F.A. & Dressel, K. (2006). Food Safety Regulation in Germany. In E.
Vos & F. Wendler (Eds.), Food Safety Regulation in Europe. A Comparative
Institutional Analysis (Ius Commune Europaeum, 62) (p. 287-330). Antwerp:
Intersentia.
244
Grensoverschrijdend milieurecht
Wenneras, P.E. (2005). Permit Defences in Environmental Liability Regimes:
Subsidizing Environmental Damage in the EC. In Yearbook of European
Environmental Law (p. 149-180). Oxford: Oxford University Press.
VAKPUBLICATIES
Betlem, G., Bernasconi, Chr. & Gavounelli, M. (2006). Final Report of the
International Law Association's Committee on Transnational Enforcement of
International Environmental Law (Toronto). London: International Law Association. Available from: <http://www.ila-hq.org/html/layout_committee.htm>
[01-06-2006].
Betlem, G. (2007). Public and Private Transnational Enforcement of EU Consumer Law. European Business Law Review, 683-708.
Betlem, G. (2007). Francovich Follow-Up. A Survey of Cases on State Liability
for Breach of European Community Law. [Online] Available from: <www.
francovich.eu> [01-05-2007].
Boeve, M.N., Heijden, G.M.A. van der & Verweij, W. (2005). Beyond Compliance, beyond covenants. In S. van der Burg, G. Spaargaren & H. Waaijers
(Eds.), Wetenschap met beleid, beleid met wetenschap (Verslagen SWOME
Marktdag) (p. 46-50). Wageningen: Universiteit Wageningen.
Boeve, M.N. & Janssen, J.M.P. (2005). Country report – The Netherlands,
Appropriate assessments under the Habitats Directive. Journal for European
environmental & planning law, 4, 340-341.
Boeve, M.N. & Janssen, J.M.P. (2005). The comparative Survey – The Netherlands. Seven Questions on national waste law. Journal for European environmental & planning law, 6, 549-551.
Boeve, M.N. & Koeman, N.S.J. (2005). Gemeentelijke milieukwaliteitsnormen
in het bestemmingsplan. Amsterdam: Centrum voor Milieurecht. (21 p.)
Boeve, M.N. (2006). Commentaar hoofdstuk 4 en hoofdstuk 5 Wet milieubeheer. In N.S.J. Koeman & R. Uylenburg (Eds.), Milieurecht, Tekst & Commentaar (Tekst & commentaar) (p. 46-98). (2de druk). Deventer: Kluwer.
Boeve, M.N. & Lam, V. van 't (2006). Hoofdstuk 1, par. 2. In M.N. Boeve &
V. van 't Lam (Eds.), Omgevingsrecht (Centrum voor Milieurecht) (p. 5-7).
Groningen: Europa Law Publishing.
Boeve, M.N. (2006). Algemene regels voor inrichtingen en de omgeving.
Tijdschrift voor Omgevingsrecht, 1, 1.
245
Wetenschappelijk verslag 2005-2007
Boeve, M.N. & Janssen, J.M.P. (2006). The Comparative Survey. Three
questions on Air Quality Regulation – The Netherlands. Journal for European
environmental & planning law, 3(4), 369-371.
Boeve, M.N. & Smorenburg-van Middelkoop, L. (2006). The Comparative Survey. Four Questions on Compliance with EC Environmental Law – The
Netherlands. Journal for European environmental & planning law, 3(5), 472473.
Boeve, M.N. (2007). De Afdeling bestuursrechtspraak in de zomer. Tijdschrift
voor Omgevingsrecht, 3, 44-78.
Boeve, M.N. & Uylenburg, R. (2007). Publiekrechtelijke beperkingen die het
bouwinitiatief kunnen belemmeren. Onderdelen Milieuvergunning, Algemene
maatregelen voor bestuur en hinder voor de leefomgeving. In A.G. Bregman,
M.A.B. Chao-Duivis, C.E.C. Jansen & A.Z.R. Koning (Eds.), PSIB Masterstudie. Institutioneel kader: de invloed van regels op de organisatie, het verloop en de resultaten van bouwprocessen (p. 52-265). Den Haag: Sdu.
Calster, G. van (2005). Overzicht Europees Afvalrecht 2004. In K. Deketelaere
(Ed.), Jaarboek Milieurecht 2004 (p. 123-161). Brugge: die Keure.
Calster, G. van (2005). Rentmeesterschap, religie en het leefmilieu – opzoek
naar wat ons bindt, niet wat ons scheidt. In K. Deketelaere (Ed.), Feestbundel
Milieurecht (p. 91-94). Brugge: die Keure.
Calster, G. van (2005). [Bespreking van het boek Principles of European
Environmental Law]. C.M.L.Rev., 1793-1794.
Calster, G. van & Vandenberghe, W. (2006). Overzicht Europees Afvalrecht
2005. Milieu- en Energierecht, 3-20.
Calster, G. van (2007). Capita selecta van het Europees milieurecht in 2006. In
K. Deketelaere (Ed.), Jaarboek Milieurecht 2005-2006 (p. 1-26). Brugge: die
Keure.
Calster, G. van & Vandenberghe, W. (2007). Developments in European Court
of Justice case-law – 2005. In J. Werksman & O. Fauchald (Eds.), Yearbook of
International Environmental Law – 2005 (p. 712-722). Oxford: Oxford University Press.
Calster, G. van (2007). The World Trade Organisation Panel report on Brazil
Tyres: Advanced waste management theory entering the organisation? European Environmental Law Review, 304-308.
Calster, G. van & Bowman, D. (2007). Does REACH go too far? Nature Nanotechnology, 2, 525-526.
246
Grensoverschrijdend milieurecht
Cendra de Larragán, J. de (2007). [Bespreking van het boek Climate Change,
Kyoto Protocol and the Forest Sector: Afforestation/Reforestation Clean Development Mechanism in Asia]. RECIEL, 16(2), 57-58.
Cock, K. de (2005). De ‘Rock Bottom’ van het milieubeleid en -recht: het
integratieconcept. In K. Deketelaere (Ed.), Feestbundel Milieurecht (LeuVeM
Milieurechtstandpunten, 20) (p. 7-9). Brugge: die Keure.
Cock, K. de (2005). Recente arresten van het Europees Hof voor de Rechten
van de Mens in milieuzaken (Grote Kamer); Öneryildiz t. Turkije (30-112004); Moreno Gomez t. Spanje (16-11-2004); Taskin e.a. t. Turkije (10-112004). Milieu- en Energierecht, 1, 31-40.
Cock, K. de (2005). Recente arresten van het Arbitragehof in milieuzaken
oktober 2004-januari 2005 (Arbitragehof 28-10-2004, 168/2004 en 19-01-2005,
11/2005). Milieu- en Energierecht, 1, 52-54.
Cock, K. de (2005). Arresten van de Raad van State in milieuzaken septemberdecember 2004 (milieuvergunningen, bodemsanering en domeinconcessie).
Milieu- en Energierecht, 1, 55-60.
Cock, K. de (2005). Arresten van het arrest van het Hof van Cassatie in
milieuzaken (22-02-2005, P041346N). Milieu- en Energierecht, 2, 135.
Cock, K. de (2005). Arresten van de Raad van State in milieuzaken
januari/maart 2005 (milieuvergunningen, erkenningen, mestdecreet en stopzettingsmaatregelen). Milieu- en Energierecht, 2, 141-149.
Cock, K. de (2005). Arresten van het Europees Hof voor de Rechten van de
Mens (09-06-2005, 55723/00, Fadeyeva tegen Rusland). Milieu- en Energierecht, 3, 220-224.
Cock, K. de (2005). Arresten van het Arbitragehof in Milieuzaken (01-06-2005,
101/2005. Milieu- en Energierecht, 3, 227-228.
Cock, K. de (2005). Arresten van de Raad van State in milieuzaken april-mei
2005 (milieuvergunning – handhaving). Milieu- en Energierecht, 3, 229-231.
Cock, K. de (2005). Arresten van de Raad van State in milieuzaken juniseptember 2005 (milieuvergunning – erkenning). Milieu- en Energierecht, 4,
308-311.
Cock, K. de (2006). Arresten van het Hof van Cassatie in milieuzaken. Milieuen Energierecht, 1, 60.
Cock, K. de (2006). Arresten van het Europees Hof voor de Rechten van de
Mens in milieuzaken. Milieu- en Energierecht, 2, 125-126.
247
Wetenschappelijk verslag 2005-2007
Cock, K. de (2006). Arresten van het Arbitragehof in milieuzaken. Milieu- en
Energierecht, 1, 61-62.
Cock, K. de (2006). Arresten van de Raad van State in milieuzaken oktoberdecember 2005. Milieu- en Energierecht, 1, 63-68.
Cock, K. de (2006). Arresten van het Hof van Cassatie in milieuzaken. Milieuen Energierecht, 2, 127-129.
Cock, K. de (2006). Arresten van de Raad van State in milieuzaken januari
2006-maart 2006. Milieu- en Energierecht, 2, 130-133.
Cock, K. de (2006). Arresten van het Arbitragehof in milieu- en energiezaken.
Milieu- en Energierecht, 3, 213-217.
Cock, K. de (2006). Arresten van de Raad van State in milieuzaken april 2006juni 2006. Milieu- en Energierecht, 3, 218.
Cock, K. de (2006). Arresten van het Arbitragehof in milieuzaken. Milieu- en
Energierecht, 4, 275-279.
Deketelaere, K. & Deketelaere, M. (Eds.). (2005). Jaarboek Milieurecht 2004
(LeuVeM, 19). Brugge: die Keure. (361 p.)
Deketelaere, K. & Vanheusden, B. (2005). Belgium. In G. Ulfstein & J.
Werksman (Eds.), Yearbook of International Environmental Law (p. 509-519).
Oxford: Oxford University Press.
Deketelaere, K. & Vanheusden, B. (2005). Belgium. In T. Etty & J. Somsen
(Eds.), The Yearbook of European Environmental Law (volume 4) (p. 537556). Oxford: Oxford University Press.
Deketelaere, K. & Vanheusden, B. (2006). Belgium. In O.K. Fauchald & J.
Werksman (Eds.), Yearbook of International Environmental Law (p. 460-470).
Oxford: Oxford University Press.
Deketelaere, K. & Vanheusden, B. (2007). Belgium. In O.K. Fauchald & J.
Werksman (Eds.), Yearbook of International Environmental Law (p. 631-636).
Oxford: Oxford University Press.
Etty, T. (2005). Current Survey (2002) of Substantive European Community
Environmental Law: Biotechnology. In T. Etty & J. Somsen (Eds.), The Yearbook of European Environmental Law (volume 4) (p. 395-410). Oxford:
Oxford University Press.
248
Grensoverschrijdend milieurecht
Etty, T. (2005). Current Survey (2003) of Substantive European Community
Environmental Law: Biotechnology. In T. Etty & J. Somsen (Eds.), The
Yearbook of European Environmental Law (volume 5) (p. 287-326). Oxford:
Oxford University Press.
Etty, T. (2006). Reviews of Books. In T. Etty & H. Somsen (Eds.), Yearbook of
European Environmental Law (p. 429-463). Oxford: Oxford University Press.
Etty, T. (2007). Reviews of Books and Highlights of Recent Publications on
Environmental Law. In T.F.M. Etty & H. Somsen (Eds.), Yearbook of European Environmental Law (volume 7) (p. 481-538). Oxford: Oxford University
Press.
Etty, T. (2007). International Biotechnology Law and Policy: Year in Review
(2005). In J. Werksman & O.K. Fauchald (Eds.), The Yearbook of International
Environmental Law (16) (p. 497-514). Oxford: Oxford University Press.
Etty, T. & Somsen, H. (2007). Editors’ Preface. In T.F.M. Etty & H. Somsen
(Eds.), The Yearbook of European Environmental Law (volume 7) (p. vii-ix).
Oxford: Oxford University Press.
Faure, M.G. (2005). Vijftien jaar milieustrafrecht. In K. Deketelaere (Ed.),
Feestbundel milieurecht. Leuvem 20 (p. 45-50). Brugge: die Keure.
Faure, M.G., Koopmans, I.M. & Visser, M.J.C. (2005). Milieustrafrecht. Delikt
en Delinkwent, 325-334.
Faure, M.G., Peeters, M.G.W.M. & Huitema, P. (2005). Implementatie van de
richtlijn milieuaansprakelijkheid. Een verkenning naar de bevoegde instantie(s)
in Nederland. [Online] STEM publicatie (Ext. rep. 2005/1). Arnhem: Structurele Evaluatie Milieuwetgeving (77 p.) Available from: <http://www.evaluatie
milieuwetgeving.nl/Download/22631.aspx> [13-04-05].
Faure, M.G. (2007). Klimaatverandering als uitdaging voor juristen. Nederlands Juristenblad, 45/46, 2858-2860.
Heijden, G.M.A. van der & Slob, A. (2005). Meervoudig ruimtegebrek, Enkelvoudig Recht (XPIN -reeks, 8). Delft: Eburon. (143 p.)
Heijden, G.M.A. van der (2006). How business changes government in times of
information technology. In A.-V. Anttiroiko, M. Malkia & H. Waaijers (Eds.),
Encyclopedia of Digital Government. (p. 928-932). Hershey (PA): The Idea
Group Publishers.
Heijden, G.M.A. van der & Meiresonne, A. (12-01-2006). Overheid: vertrouw
uw burgers eens. Nrc-Handelsblad, p. 8
249
Wetenschappelijk verslag 2005-2007
Heldeweg, M.A. et al. (2006). Tarifering bestuurlijke en strafrechtelijke boetes,
juridische bijdrage aan het onderzoek door APE. (project 1295). Den Haag:
WODC. (x + 189 p.)
Heyman, J. & Smout, L. (2005). Milieuwetboek Afval & Water: band 1. Basiswetgeving/band 2. Water/band 3. Vast afval (16de uitgave). Mechelen: Wolters
Kluwer Belgium. (1503 p.)
Heyman, J. & Smout, L. (2005). Milieuwetboek Vlarem I (13de uitgave).
Mechelen: Wolters Kluwer Belgium. (437 p.)
Heyman, J. & Smout, L. (2005). Milieuwetboek Vlarem II: band 1. Vlarem
II/band 2. Bijlagen/band 3. Codes van goede praktijk (11de uitgave). Mechelen:
Wolters Kluwer Belgium. (xxxv + 1641 p.)
Heyman, J., Annaert, L., Somers, W., Vancleynbreugel, W. & Verhoeven, A.
(2005). Milieurecht in kort bestek (4de uitgave). Brugge: die Keure. (225 p.)
Janssen, J.M.P., Sevenster, H.G. & Smorenburg-van Middelkoop, L. (2005).
Verkenning Argumentatielijnen Derogaties Kaderrichtlijn Water – Juridisch
Kader voor het gebruik van art. 4 lid 3-7 Kaderrichtlijn Water. uitgevoerd
door: Arcadis, Instituut voor Milieuvraagstukken, Centrum voor Mileurecht,
Syncera Water BV. Amsterdam.
Janssen, J.M.P. (2005). Recent Developments in EU Environmental Policy and
Law. Journal for European environmental & planning law, 1, 72-74.
Janssen, J.M.P. (2005). Recent Developments in EU Environmental Policy and
Law. Journal for European environmental & planning law, 4, 328-330.
Koeman, N.S.J. & Uylenburg, R. (Eds.). (2006). Milieurecht, Tekst & Commentaar (Tekst & commentaar) (2de druk). Deventer: Kluwer. (951 p.)
Lam, V. van 't (2005). Het begrip inrichting en zeggenschap. StAB, Jurisprudentietijdschrift op het gebied van ruimtelijke ordening, milieubeheer en water,
4, 10-14.
Lam, V. van 't (2006). Bijdragen aan artikel 1.1 en aan artikelen hoofdstuk 8
Wm. In P.C. Knol, G.J. Zwenne & A.H.J. Schmidt, T&C Milieuwetgeving
(p. 7-35 en 211-225). Deventer: Kluwer.
Lam, V. van 't (2006). Modernisering algemene regels Wet milieubeheer. Verslag van de VMR-studiemiddag op 9 maart 2006. Milieu en Recht, 4, 222-224.
Lam, V. van 't (2007). Het belanghebbende begrip en de onderdelenfuik in het
milieurecht: recente ontwikkelingen. StAB, Jurisprudentietijdschrift op het
gebied van ruimtelijke ordening, milieubeheer en water, 2, 9-13.
250
Grensoverschrijdend milieurecht
Lam, V. van 't (2007). Over integratie en coördinatie van vergunningstelsels,
Verslag van de VAR-studiemiddag op 7 december 2006. Nederlands Tijdschrift
voor Bestuursrecht, 2, 61-63.
Mellenbergh, R. (2005). Verslag van de paneldiscussie. In R. Mellenbergh & R.
Uylenburgh (Eds.), Aansprakelijkheid voor schade aan de natuur, de nieuwe
Richtlijn milieuaansprakelijkheid (p. 153-163). Groningen: Europa Law
Publishing.
Mellenbergh, R. (2006). Comparative Survey, Soil Protection. Journal for
European environmental & planning law, 3, 285-286.
Oosterhuis, F., Uylenburg, R. & Peeters, M.G.W.M. (2007). Het beoordelingskader van de IPPC-richtlijn, Implementatie, interpretatie en toepassing.
[Online] STEM publicatie (Ext. rep. 2007/1). Arnhem: Structurele Evaluatie
Milieuwetgeving (99 p.). Available from: <http://www.evaluatiemilieuwetge
ving.nl/Download/42409.aspx> [24-01-2008].
Pâques, M.M.L.L. (2005). Droit public élémentaire en quinze leçons.
Bruxelles: De Boeck & Larcier. (428 p.)
Pâques, M.M.L.L. (2007). Dérogations et procédures centralisées (127, 110
etc.). Les plans de secteur wallons font-ils obstacle au développement régional?
In M. Pâques (Ed.), Questions choisies de droit de l'urbanisme et de l'environnement (p. 59-77). Liège: Anthémis.
Pâques, M.M.L.L. (2007). Evolution récente de quelques principes du droit de
l'environnement et de l'urbanisme. In M. Pâques (Ed.), Questions choisies de
droit de l'urbanisme et de l'environnement (p. 109-131). Liège: Anthémis.
Pâques, M.M.L.L. (2007). La précaution en droit administratif: Rapport international de synthèse. In General Reports-Rapports généraux, XVIIe Congrès de
l'Académie internationale de droit comparé (p. 809-834). Utrecht: Eleven
International Publishing.
Pâques, M.M.L.L. (2007). Police administrative et sanction administrative. In
R. Andersen, D. Déom & D. Renders (Eds.), Les sanctions administratives
(p. 681-701). Bruxelles: Bruylant.
Pâques, M.M.L.L. (2007). Le recours en annulation. In Administration publique
Trimestriel (p. 202-217). Bruxelles: Bruylant.
Pâques, M.M.L.L. & Olivier, M. (2007). La Belgique institutionnelle, quelques
points de repère. In B. Bayenet, H. Capron & Ph. Liégeois (Eds.), L'espace
Wallonie-Bruxelles – Voyage au bout de la Belgique (p. 55-77). Bruxelles: De
Boeck.
251
Wetenschappelijk verslag 2005-2007
Peeters, M.G.W.M. (2005). Artikelsgewijs Commentaar op: Hoofdstuk 16
(2005), inleiding en commentaar tot en met 16.22. In R.C. Bakx, Th.G.
Drupsteen, P.C. Gilhuis & F.C.M.A. Michiels (Eds.), Commentaar Wet milieubeheer (p. WMB33-65). Den Haag: Elsevier Juridisch.
Peeters, M.G.W.M. (2005). The Netherlands. Environmental Liability, 13(2),
25-27.
Peeters, M.G.W.M. (2005). The Netherlands. Environmental Liability, 13(4),
56-58.
Peeters, M.G.W.M. (2005). [Bespreking van het boek John T Houghton, Global
Warning: The Complete Briefing, Cambridge: Cambridge University Press,
2004]. Yearbook of European Environmental Law (volume 5), 515-518.
Peeters, M.G.W.M., Braek, D in de & Huitema, D. (2005). Onzekere milieurisico's. Een onderzoek naar de wijze van omgaan met onzekere milieurisico's
door de wetgever, bestuur en de rechter. Deel 1: inleidend rapport. [Online]
STEM publicatie (Ext. rep. 2005/2). Arnhem: Structurele Evaluatie Milieuwetgeving (77 p.) Available from: <http://www.evaluatiemilieuwetgeving.nl/
Download/22632.aspx> [14-07-05].
Peeters, M.G.W.M., Ballegooie, F. van, Braek, G. in de & Grijp, N. van der
(2006). Onzekere milieurisico's. Een onderzoek naar de wijze van omgaan met
onzekere milieurisico’s door de wetgever, het bestuur en de rechter. Deel 2:
Praktijkonderzoek. [Online] STEM publicatie (Ext. rep. 2005/5). Arnhem:
Structurele Evaluatie Milieuwetgeving (88 p.) Available from: <http://www.
evaluatiemilieuwetgeving.nl/Download/22635.aspx> [15-03-06].
Peeters, M.G.W.M. & Oosterhuis, F. (2006). De verdeling van broeikasgasemissierechten in de EU bezien in het licht van concurrentieverhoudingen
[Online] STEM publicatie (Ext. rep. 2005/7). Arnhem: Structurele Evaluatie
Milieuwetgeving (88 p.) Available from: <http://www.evaluatiemilieuwetge
ving.nl/Download/22637.aspx> [15-03-06]
Peeters, M.G.W.M. & Oosterhuis, F. (2006). Bijdrage aan de startnotitie
evaluatie emissiehandel [Online] STEM publicatie (Ext. rep. 2006/1). Arnhem:
Structurele Evaluatie Milieuwetgeving (54 p.) Available from: <http://www.eva
luatiemilieuwetgeving.nl/Download/22638.aspx> [22-08-06].
Peeters, M.G.W.M., Woerd, F. van der & Braek, G. in de (2006). Evaluatie van
het Besluit financiële zekerheid. Kwalitatieve ervaringen 2003-2006. [Online]
STEM publicatie (Ext. rep. 2006/2). Arnhem: Structurele Evaluatie Milieuwetgeving (80 p.) Available from: <http://www.evaluatiemilieuwetgeving.nl/
Download/22639.aspx> [02-11-06].
Peeters, M.G.W.M. (2007). Hooggerechtshof keert het tij. Milieu en Recht, 5,
261.
252
Grensoverschrijdend milieurecht
Peeters, M.G.W.M. (2007). De VMR uitgedaagd door klimaatverandering: een
open vizier voor innovatieve voorstellen. In N. Teesing (Ed.), Klimaatverandering en de rol van het milieurecht (Publicatie van de Vereniging voor Milieurecht) (p. 93-100).
Peeters, M.G.W.M. (2007). Broeikasgasemissiehandel in Europa: op zoek naar
een optimale verdelingsmethode. Nederlands Juristenblad, 45/46, 2893-2902.
Peeters, M.G.W.M. (2007). [Bespreking van het boek Tien jaar StAB. Een
onderzoek naar het functioneren van de Stichting Advisering Bestuursrechtspraak in het recente verleden en haar rol in de nabije toekomst]. M en R, 1,
95-96.
Peeters, M.G.W.M. (2007). [Bespreking van het boek Environmental liability
in the EU. The 2004 Directive compared with US and Member State Law].
Tijdschrift voor Milieu en Recht, 1, 26-27.
Peeters, M.G.W.M., Niessen, N.J.A.P.B. & Huitema, D. (2007). Onzekere
risico's. Deel 3: Buitenlandse inspiratie voor besluitvorming in Nederland.
[Online] Stem project (Ext. rep. 2006/5). Arnhem: Structurele Evaluatie
Milieuwetgeving (112 p.). Available from: <http://www.evaluatiemilieuwetge
ving.nl/Download/29975.aspx> [14-09-2007].
Ramnewash-Oemrawsingh, S.T. (Ed.). (2005). IPPC: in wetgeving en praktijk
(Publicaties van de Vereniging voor milieurecht). Den-Haag: Boom Juridische
uitgevers. (99 p.)
Ramnewash-Oemrawsingh, S.T. (Ed.). (2006). Waarborgen in het milieurecht;
actuele ontwikkelingen in besluitvormingsprocedures en rechtsbescherming,
Verslag van de 87e ledenvergadering van de Vereniging voor Milieurecht op 1
maart 2005 (Publicaties van de Vereniging voor Milieurecht, 2006-2). Den
Haag: Boom Juridische uitgevers. (59 p.)
Ramnewash-Oemrawsingh, S.T. (Ed.). (2006). Externe veiligheid, Verslag van
de 88e ledenvergadering van de Vereniging voor Milieurecht op 29 juni 2005
(Publicaties van de Vereniging voor Milieurecht, 2006-3). Den Haag: Boom
Juridische uitgevers. (72 p.)
Ramnewash-Oemrawsingh, S.T. (Ed.). (2006). Regeling inzake luchtkwaliteit;
Nederland op slot?, Verslag van de 86e ledenvergadering van de Vereniging
voor Milieurecht op 2 december 2004 (Publicaties van de Vereniging voor
Milieurecht, 2006-1). Den Haag: Boom Juridische uitgevers. (83 p.)
Ramnewash-Oemrawsingh, S.T. & Kramer, T.P. de (Eds.). (2006). Klimaatverandering en rechtsontwikkeling anno 2005, Preadviezen en verslag van de
89e ledenvergadering van de Vereniging voor Milieurecht op 30 september
2005 (Publicaties van de Vereniging voor Milieurecht, 2006-4). Den Haag:
Boom Juridische uitgevers. (304 p.)
253
Wetenschappelijk verslag 2005-2007
Ramnewash-Oemrawsingh, S.T. (2006). Klimaatverandering en rechtsontwikkeling anno 2005. Milieu en Recht, 3, 153-155.
Sevenster, H.G. (2005). Redactioneel. Tijdschrift voor Omgevingsrecht, 4, 113.
Smorenburg-van Middelkoop, L. (2007). The Netherlands: in Five Questions
on National Implementation of the Principles of EC Environmental Law – The
Comparative Survey. Journal for European environmental & planning law, 54,
330-336.
Somsen, H. (18-11-2006). Overheid en publiek zijn zich nog te weinig bewust
van het gevaar van de genocratie. Nrc-Handelsblad, p. 17.
Staercke, J. de (2005). Overzicht energiewetgeving 2004. In K. Deketelaere
(Ed.), Jaarboek Energierecht 2004 (p. 305-327). Antwerpen: Intersentia.
Staercke, J. de (2005). Overzicht milieuwetgeving 2004. In K. Deketelaere &
M. Deketelaere (Eds.), Jaarboek Milieurecht 2004 (LeuVeM, 19) (p. 273-361).
Brugge: die Keure.
Staercke, J. de & Vanhove, K. (2005). Overzicht rechtsleer 2004. In K.
Deketelaere & A. Verbeke (Eds.), Jaarboek Bouwrecht 2003-04 (p. 233-253).
Brugge: die Keure.
Staercke, J. de (2005). Overzicht van wetgeving. Milieu- en Energierecht,
2005-1, 61-75.
Staercke, J. de (2005). Overzicht van wetgeving. Milieu- en Energierecht,
2005-2, 150-157.
Staercke, J. de (2005). Overzicht van wetgeving. Milieu- en Energierecht,
2005-3, 232-237.
Staercke, J. de (2005). Overzicht van wetgeving. Milieu- en Energierecht,
2005-4, 312-329.
Staercke, J. de (2006). Sport & Overheidsopdrachten: een inleiding (deel IV).
Nieuwsbrief Sport & Recht, 1160-1161.
Staercke, J. de (2006). Naar een Algemene wet bestuursrecht in België?
Nederlands Tijdschrift voor Bestuursrecht, 3-13.
Uylenburg, R. & Vogelezang-Stoute, E.M. (2005). Toegang tot het milieurecht.
Een inleiding voor niet-juristen. Deventer: Kluwer. (xv + 338 p.)
Uylenburg, R. (2005). Natuurbeschermingswetgeving af? Milieu en Recht, 10,
613.
254
Grensoverschrijdend milieurecht
Uylenburg, R. (2005). Omgevingsvergunning; Gevolgen van het invoeren van
beroep in twee instanties. Onderzoek Omgevingsvergunning (Ext. rep. 2). Den
Haag: VROM.
Uylenburg, R., Ballegooije, F. van & Grijp, N. van der (2005). Decentraliseren
of dereguleren?, Milieuregulering door decentrale overheden bij deregulering
van VROM-wetgeving. [Online] STEM publicatie (Ext. rep. 2005/3). Arnhem:
Structurele Evaluatie Milieuwetgeving (26 p.) Available from: <http://www.
evaluatiemilieuwetgeving.nl/Download/22633.aspx> [13-04-05].
Uylenburg, R., Vogelezang-Stoute, E.M., Bos-Gorter, L. & Woerd, F. van der
(2005). Het milieujaarverslag – Zes jaar later. [Online] STEM publicatie (Ext.
rep. 2005/4). Arnhem: Structurele Evaluatie Milieuwetgeving (108 p.) Available from: <http://www.evaluatiemilieuwetgeving.nl/Download/22634.aspx>
[09-09-05].
Uylenburg, R. (2006). Commentaar bij afd. 8.1.2, afd. 8.3 en titel 8.2, hoofdstuk 12, hoofdstuk 14, hoofdstuk 19, hoofdstuk 22 Wet milieubeheer (p. 593598). In N.S.J. Koeman & R. Uylenburg (Eds.), Milieurecht, Tekst & Commentaar (Tekst & commentaar) (p. 361-372-557-567). (2de druk). Deventer:
Kluwer.
Uylenburg, R. & Lam, V. van 't (2006). Modernisering van VROM-Pseudowetgeving. [Online] STEM publicatie (Ext. rep. 2005/6). Arnhem: Structurele
Evaluatie Milieuwetgeving (126 p.) Available from: <http://www.evaluatiemi
lieuwetgeving.nl/Download/8952.aspx> [15-03-2006].
Uylenburg, R., Lam, V. van 't & Boer, J. (2007). Bodembescherming via ruimtelijke ordening-, milieu- en waterspoor. [Online] STEM publicatie (Ext. rep.
2006/3) Arnhem: Structurele Evaluatie Milieuwetgeving (188 p.). Available
from: <http://www.evaluatiemilieuwetgeving.nl/Download/29032.aspx [09-082007].
Uylenburg, R., Vogelezang-Stoute, E.M., Neerhof, A.R. & Grijp, N. van der
(2007). Evaluatie Kernenergiewet. [Online] STEM publicatie (Ext. rep. 2006/4)
Arnhem: Structurele Evaluatie Milieuwetgeving (220 p.). Available from:
<http://www.evaluatiemilieuwetgeving.nl/Download/29930.aspx>
[12-092007].
Uylenburg, R. (2007). Ecologische hoofdstructuur vereist daadkracht. Milieu en
Recht, 34, 69.
Uylenburg, R. & Aalders, M. (2007). Redactioneel. In R. Uylenburg & M.
Aalders (Eds.) Het milieurecht als proeftuin, 20 jaar Centrum voor Milieurecht.
(v + xiii). Groningen: Europa Law Publishing.
255
Wetenschappelijk verslag 2005-2007
Uylenburg, R. & Larmuseau, I. (2007). Voorwoord. In A. Carette (Ed.), Aan de
grens van de milieuvergunning, Verslag van een congres georganiseerd door
de Vlaamse Vereniging voor Omgevingsrecht in samenwerking met de Vereniging voor Milieurecht op 31 mei 2007 (p. 11-12). Den Haag: Boom Juridische
uitgevers.
Vanheusden, B. (2005). Overzicht van rechtsleer 2004. In K. Deketelaere & M.
Deketelaere (Eds.), Jaarboek Milieurecht 2004 (LeuVeM Milieurechtstandpunten, 19) (p. 243-272). Brugge: die Keure.
Vanheusden, B. (2005). Overzicht van rechtsleer 2004. In K. Deketelaere (Ed.),
Jaarboek Energierecht 2004 (p. 329-333). Antwerpen: Intersentia.
Vanheusden, B. (2005). Overzicht van rechtsleer (16-06-2005 – 12-09-2005);
Milieu- en Energierecht, 76-79, 158-165, 238-240 en 330-334.
Vanheusden, B. (2005). Country Report Belgium. European Environmental
Law Review, 90-93 en 276-279.
Vanheusden, B. (2006). Country Report Belgium. European Environmental
Law Review, 15(5), 126-128.
Vanheusden, B. (2006). Overzicht van rechtsleer. Milieu- en Energierecht, 1,
82-86.
Vanheusden, B. (2006). Overzicht van rechtsleer. Milieu- en Energierecht, 2,
151-156.
Vanheusden, B. (2006). Overzicht van rechtsleer. Milieu- en Energierecht, 3,
230-231.
Vanheusden, B. (2006). The Comparative Survey. Five Questions on Soil Protection. Belgium. Journal for European environmental & planning law, 3(3),
276-280.
Vanheusden, B. (2006). The Comparative Survey. Three Questions on Air
Quality Regulation. Belgium. Journal for European environmental & planning
law, 3(4), 361-362.
Vanheusden, B. (2006). The Comparative Survey. Four Questions on Compliance with EC Environmental Law. Belgium. Journal for European environmental & planning law, 3(5), 462-464.
Vanheusden, B. (2007). Overzicht van rechtsleer 2005-2006. In K. Deketelaere
(Ed.), Jaarboek Milieurecht 2005-2006 (Milieurechtstandpunten, 21) (p. 183237). Brugge: die Keure.
256
Grensoverschrijdend milieurecht
Vanheusden, B. (2007). Overzicht van rechtsleer 2005-2006. In K. Deketelaere
(Ed.), Jaarboek Energierecht 2005-2006 (p. 273-281). Antwerpen: Intersentia.
Vanheusden, B. (2007). The Comparative Survey. Five Questions on National
Implementation of the Principles of EC Environmental Law. Journal for European environmental & planning law, 325-327.
Vanheusden, B. (2007). Country Report Belgium. European Environmental
Law Review, 135-140.
Vanheusden, B. (2007). Overzicht van rechtsleer. Milieu- en Energierecht, 6471.
Vanheusden, B. (2007). Overzicht van rechtsleer. Milieu- en Energierecht, 199206.
Visser, M.J.C. & Geertsma, J. (2006). Going to work in the Netherlands.
Beware of Fines. The In-House Lawyer, 80-81.
Vogelezang-Stoute, E.M. (2006). Commentaar bij delen van de hoofdstukken 1
en 2 Wm. In N.S.J. Koeman & R. Uylenburg (Eds.), Milieurecht. Tekst &
Commentaar (Tekst & commentaar, 2de druk) (p. 23-45). Deventer: Kluwer.
Vogelezang-Stoute, E.M. (2006). REACH en de invulling van hoofdstuk 9 Wet
milieubeheer. Juridische kansen en knelpunten van het wetsvoorstel Uitvoeringswet REACH met het oog op de bescherming van mens en milieu. Utrecht:
Stichting Natuur en Milieu. Available from: <http://www.SNM.nl> [01-092006].
Vogelezang-Stoute, E.M. & Uylenburg, R. (2006). Het begrippenkader van de
Wms vergeleken met dat van de Wm. Een onderzoek naar de begrippen
‘ongewenste effecten’, ‘gevaar’, ‘risico’, ‘nadelige gevolgen’ en ‘bescherming
van het milieu’. Onderzoeksreeks milieuwetgeving (Ext. rep. 2006/1). Den
Haag: VROM. Available from: <http://www.minvrom.nl> [01-07-2006].
Vos, E.I.L., Ni Ghiollarnath, C. & Wendler, F.A. (2005). A review of institutional arrangements for European Union Food safety. <http://www.safefoods.
nl> Europese Commissie.
Zander, J. (2006). [Bespreking van de boeken EU Environmental Law.
Challenges, Change and Decision-Making & The Philosophical Foundations of
Environmental Law. Property, Rights and Nature]. Maastricht Journal of
European and Comparative Law, 13(1), 144-152.
257
Wetenschappelijk verslag 2005-2007
ANNOTATIES
Betlem, G. (2007). Noot bij: United States Court of Appeals, Ninth Circuit (0307-2006), (Trail Smelter II: Transnational Application of CERCLA – Pakootas
v. Teck Cominco Metals Ltd., 452 F.3rd 1066 (9th Cir. 2006)). Journal of
Environmental Law 2007-19, p. 389-397.
Calster, G. van (2005). Noot bij HvJ (14-12-2004), (Radlberger t Land BadenWurttemberg). MER 2005-1, p. 41-44.
Calster, G. van (2005). Noot bij: HvJ (18-11-2004), (Commission v Greece).
MER 2005-1, p. 44-45.
Calster, G. van (2005). Noot bij: HvJ (11-11-2004), (Criminal proceedings
against Antonio Niselli). MER 2005-1, p. 45-46.
Calster, G. van (2005). Noot bij: HvJ (16-12-2004), (EU-Wood-Trading GmbH
v Sonderabfallmanagement Gesellschaft Rheinland-Pfzalz mbH). MER 2005-1,
p. 46-48.
Calster, G. van (2005). Noot bij: HvJ (07-10-2004), (Commission v Italy).
MER 2005-1, p. 48-49.
Calster, G. van (2005). Noot bij: HvJ (19-10-2004), (Siomab NV v BIM). MER
2005-1, p. 49.
Calster, G. van (2005). Noot bij: HvJ (14-10-2004), (Commission v Netherlands). MER 2005-1, p. 49-50.
Calster, G. van (2005). Noot bij: Opinion Colomer AG (30-11-2004), (Deponiezweckverband Eiterkopfe v Land Rheinland-Pfalz). MER 2005-1, p. 50.
Calster, G. van (2005). Noot bij: HvJ (13-01-2005), (Societa Italiana Dragaggi
SpA ea v Ministerio delle Infrastrutture e dei Transporti ea). MER 2005-1,
p. 50.
Calster, G. van (2005). Noot bij: HvJ (18-01-2004), (Ferriere Nord v Commission). MER 2005-1, p. 50-51.
Calster, G. van (2005). Noot bij: HvJ (11-01-2005), (Stadt Halle). MER 2005-1,
p. 51.
Calster, G. van (2005). Noot bij: Ger. (16-02-2005), (Fost Plus v Commission).
MER 2005-2, p. 130.
Calster, G. van (2005). Noot bij: HvJ (14-04-2005), (Deponierezweckverband
Eiterkopfe v Land Rheinland-Pfalz). MER 2005-2, p. 130-131.
258
Grensoverschrijdend milieurecht
Calster, G. van (2005). Noot bij: HvJ (14-04-2005), (AEM SPA ea t Autorita
per l'energia elettrica e per il gas ea). MER 2005-2, p. 131.
Calster, G. van (2005). Noot bij: HvJ (12-04-2005), (Commission v United
Kingdom). MER 2005-2, p. 131.
Calster, G. van (2005). Noot bij: Opinion Geelhoed AG (03-03-2005), (Commission v Belgium). MER 2005-2, p. 131-133.
Calster, G. van (2005). Noot bij: Opinion Geelhoed AG (05-04-2005), (The
Queen ex parte Alliance for natural health ea t Secretary of State for Health ea).
MER 2005-2, p. 133-134.
Calster, G. van (2005). Noot bij: Opinion Kokott AG (27-01-2005), (Pierre
Hosieaux). MER 2005-2, p. 134.
Calster, G. van (2005). Noot bij: HvJ (26-05-2005), (Ministero della Salute
tegen Codacons). MER 2005-3, p. 225-226.
De Cock, K. (2007). Noot bij: Grondwettelijk Hof (26-04-2007), 70, MER
2007-4.
De Cock, K. (2007). Noot bij: Grondwettelijk Hof (20-06-2007), 87, MER
2007-4.
Delnoy, M. (2006). Noot bij: Cour européene des droits de l'homme (11-102005), (N.A. et autres c/ Turquie). Am-Env. 2006-2, p. 73.
Delnoy, M. (2006). Noot bij: Conseil d’État (08-08-2006), 161.726, (Cox et
SPRL Topos). Am-Env. 2006-1, p. 33.
Delnoy, M. (2007). Noot bij: Conseil d'État (13-06-2006), 160.013, (Jeanmart
et crts.). Am-Env. 2007-1, p. 24.
Delnoy, M. (2007). Noot bij: Conseil d'État (30-07-2004), 134.174, (Masy et
Louis). Am-Env. 2007-1, p. 24.
Etty, T. (2006). Noot bij: ABRvS (21-12-2005), 200501919/1, (Stichting
Greenpeace t. Staatssecretaris VROM – Veldproef Vergunning Genetisch
Gemodificeerde Appelbomen). M en R 2006-2, p. 129-133.
Groenewegen, F.T. (2004). Noot bij: HR (03-09-2004), Jurisprudentie Vreemdelingenrecht, p. 44.
Groenewegen, F.T. (2005). Noot bij: ABRvS (12-02-2004), Jurisprudentie
Vreemdelingenrecht, p. 47.
259
Wetenschappelijk verslag 2005-2007
Groenewegen, F.T. (2005). Noot bij: ABRvS (20-02-2004), Jurisprudentie
Vreemdelingenrecht, p. 48.
Groenewegen, F.T. (2005). Noot bij: Voorzieningenrechter Den Haag (12-082004), NAV, p. 13.
Groenewegen, F.T. (2005). Noot bij: Vz ABRvS (19-11-2004), NAV, p. 44.
Groenewegen, F.T. (2005). Noot bij: ABRvS (10-12-2004), NAV, p. 62.
Groenewegen, F.T. (2005). Noot bij: ABRvS (23-02-2005), NAV, p. 80.
Groenewegen, F.T. (2005). Noot bij: ABRvS (29-03-2005), NAV, p. 139.
Groenewegen, F.T. (2005). Noot bij: ABRvS (24-03-2005), NAV, p. 140.
Groenewegen, F.T. (2005). Noot bij: ABRvS (12-05-2005), NAV, p. 168.
Groenewegen, F.T. (2005). Noot bij: ABRvS (27-06-2005), NAV, p. 191.
Groenewegen, F.T. (2005). Noot bij: Rb. Zwolle (01-07-2005), NAV, p. 195.
Groenewegen, F.T. (2005). Noot bij: ABRvS (14-07-2005), NAV, p. 215.
Groenewegen, F.T. (2005). Noot bij: ABRvS (31-08-2005), NAV, p. 388.
Janssen, J.M.P. (2006). Noot bij: HvJEG (13-10-2005), (Parking Brixen GmbH
t. Gemeinde Brixen, Stadtwerke Brixen AG). SEW 2006-4, p. 170-174.
Janssen, J.M.P. & Sevenster, H.G. (2006). Noot bij: HvJEG (14-04-2005),
(Deponiezweckverband Eiterköpfe t. Land Rheinland Pfalz). SEW 2006-3,
p. 117-121.
Klap, A. (2005). Noot bij: ABRvS (28-07-2004), 23, De Gemeentestem 20057223, p. 75-77.
Klap, A. (2005). Noot bij: ABRvS (27-04-2005), 192, De Gemeentestem 20057242, p. 692-695.
Lam, V. van 't (2005). Noot bij :ABRvS (01-06-2005), 75 en 76, M en R 20057, p. 470-471.
Lam, V. van 't (2005). Noot bij: ABRvS (29-06-2005 en 02-03-2005), M en R
2005-10, p. 666-667.
Lam, V. van 't (2005). Noot bij: ABRvS (14-09-2005), 200503495/1, StAB
2005-4, p. 40-41.
260
Grensoverschrijdend milieurecht
Lam, V. van 't (2006). Noot bij: ABRvS (15-12-2005), M en R 2006-4, p. 258259.
Lam, V. van 't (2006). Noot bij: ABRvS (07-12-2005), M en R 2006-4, p. 259261.
Lam, V. van 't (2006). Noot bij: ABRvS (01-02-2006), (Verzamelnoot
beginselplicht tot handhaving onder 69). M en R 2006-7, p. 464-465.
Lam, V. van 't (2006). Noot bij: Vz. ABRvS (28-12-2005), M en R 2006-7,
p. 465-468.
Lam, V. van 't (2006). Noot bij: ABRvS (23-08-2006), (Belanghebbende
milieuorganisatie). M en R 2006-9, p. 585-586.
Lam, V. van 't (2006). Noot bij: ABRvS (16-08-2006), (Belanghebbende
milieuvergunning). M en R 2006-9, p. 586-585.
Lam, V. van 't (2006). Noot bij: ABRvS (11-10-2006), (Niet op naam gestelde
kennisgeving). M en R 2006-10, p. 641-644.
Lam, V. van 't (2006). Noot bij: ABRvS (12-07-2006), (Ongewone voorvallen).
StAB 2006-119, p. 16-18.
Lam, V. van 't (2006). Noot bij: ABRvS (17-05-2006), (Eén inrichting; nabijheid van de weg). StAB 2006-86, p. 26-29.
Lam, V. van 't (2006). Noot bij: ABRvS (18-01-2006), StAB 2006-46, p. 30-34.
Lam, V. van 't (2006). Noot bij: ABRvS (30-11-2005), (BLK 2005; 5). StAB
2006-11, p. 34-39.
Lam, V. van 't (2007). Noot bij: ABRvS (01-11-2006), (Hoogte/dwangsom).
StAB 2007-5.
Lam, V. van 't (2007). Noot bij: ABRvS (02-05-2007), (Beslissen/wijzigen
aanvraag). StAB 2007-37.
Lam, V. van 't (2007). Noot bij: ABRvS (25-07-2007), (In werking treding
bouwvergunning/milieuverguning). StAB 2007-121.
Lam, V. van 't (2007). Noot bij: ABRvS (01-11-2006), (Artikel 6:13 Awb verzamelnoot onder 9). M en R 2007-8, p. 55-57.
Lam, V. van 't (2007). Noot bij: ABRvS (08-11-2006), (Artikel 6:13 Awb). M
en R 2007-9, p. 55-57.
261
Wetenschappelijk verslag 2005-2007
Lam, V. van 't (2007). Noot bij: ABRvS (18-04-2007), (Onderdelenfuikfuik
niet in strijd met artikel 6 EVRM). M en R 2007-94, p. 522-523.
Lam, V. van 't (2007). Noot bij: ABRvS (20-06-2007), M en R 2007-104,
p. 582-583.
Lam, V. van 't (2007). Noot bij: ABRvS (16-05-2007), (Geen onderdeel). M en
R 2007-105, p. 582-583.
Martens, I. (2005). Noot bij: Arbitragehof (30-06-2004), (De verplichte verkoop van sociale huurwoningen: een ongeoorloofde vorm van ontzetting uit de
eigendom?). R.A.B.G., p. 398-406.
Mellenbergh, R. (2007). Noot bij: ABRvS (09-05-2007), (Thielen/Gemeente
Maasdriel). TvI 2007-34, p. 175-178.
Neerhof, A.R. (2007). Noot bij: ABRvS (19-07-2006), 23, (Art. 2:4 Awb.
Verbod van vooringenomenheid). Gst. 2007-7268, p. 97-99.
Neerhof, A.R. (2007). Noot bij: ABRvS (27-07-2005), 30, (Art. 49 WRO.
Planschadevergoeding, voorzienbaarheid). Gst. 2007-7269, p. 129-133.
Neerhof, A.R. (2007). Noot bij: ABRvS (08-11-2006), 67, (Nadeelcompensatie.
Egalité-beginsel). Gst. 2007-7274, p. 303-306.
Neerhof, A.R. (2007). Noot bij: ABRvS (21-12-2005), 75, (Nadeelcompensatie.
Reikwijdte égalité-beginsel). Gst. 2007-7275, p. 337-342.
Pâques, M.M.L.L. (2005). Noot bij: Conseil d'Etat (18-08-2004), 134321,
(Urbanisme et police générale). Am-Env. 2005-1, p. 62-66.
Peeters, M.G.W.M. (2005). Noot bij: ABRvS (27-10-2004), 200304823/1,
(Kernenergiewet; kennisgevingsplicht omwonenden, art. 13.4 Wm). JB 2005-2,
p. 44-46.
Peeters, M.G.W.M. (2005). Noot bij: ABRvS (29-12-2004), 200406939/2,
(emissiehandel; nationaal toewijzingsplan; besluitbegrip). JB 2005-46, p. 205209.
Peeters, M.G.W.M. (2005). Noot bij: ABRvS (19-01-2005), 200403464/1,
(bevoegdhedengeschil). JB 2005-77, p. 364-365.
Peeters, M.G.W.M. (2005). Noot bij: ABRvS (16-02-2005), 200308882/1, (In
acht nemen van luchtkwaliteitsnormen; onderzoek gebrekkig en aanvullend
onderzoek niet toelaatbaar). JB 2005-6, p. 569-571.
262
Grensoverschrijdend milieurecht
Peeters, M.G.W.M. (2005). Noot bij: ABRvS (08-04-2005), 20040926/1, (Tussenuitspraak; Toewijzingsbesluit broeikasgasrechten; Collectieve belangen;
Exceptieve toetsing; Inrichtingbegrip). JB 2005-129, p. 629-633.
Peeters, M.G.W.M. (2005). Noot bij: AB (09-09-2005), 20040926/1, (toewijzingsbesluit broeikasgasrechten). JB 2005-291, p. 1425-1428.
Peeters, M.G.W.M. (2006). Noot bij: ABRvS (07-12-2005), (Ontheffing voor
zoeken en rapen kievitseieren; rechtstreekse werking; voorzorgsbeginsel). JB
2006-29, p. 177-178.
Peeters, M.G.W.M. (2006). Noot bij: ABRvS (14-12-2005), (Hangende het
beroep ingebracht onderzoek: in stand laten rechtsgevolgen besluit; besluit
luchtkwaliteit)). JB 2006-51, p. 266-267.
Peeters, M.G.W.M. (2006). Noot bij: ABRvS (22-03-2006), (Import en gebruik
mossel en oesterzaad: vrij verkeer van goederen en habitatrichtlijn (voorrang
habitatrichtlijnregime: onderzoek naar significante gevolgen)). JB 2006-126,
p. 602-604.
Peeters, M.G.W.M. (2006). Noot bij: HR (21-04-2006), (Gelijkheidsbeginsel
als beginsel van behoorlijke wetgeving: onzelfstandig begrip (inrichting)). JB
2006-139, p. 737-738.
Peeters, M.G.W.M. (2007). Noot bij: EHRM 2 November 2006 nr 59909/00,
Case of Giacomelli v Italy, EHRC 2007-7, p. 73-74.
Peeters, M.G.W.M. (2007). Noot bij: AB RvS 27 december 2006, nr.
200603728/1, LJAN AZ5206, JB 2007-30, p. 191-193.
Ramnewash-Oemrawsingh, S.T. (2005). Noot bij: Europees Hof voor de
Rechten van de Mens (16-11-2004), (Moreno Gómez v. Spain). Milieujurisprudentie 2005-5.
Vogelezang-Stoute, E.M. (2005). Noot bij: College van Beroep voor het
bedrijsleven (22-07-2004), 44, (AWB 03/443). M en R 2005-4, p. 255.
Vogelezang-Stoute, E.M. (2005). Noot bij: College van Beroep voor het
bedrijfsleven (06-02-2004), 45, (AWB 03/1068). M en R 2005-4, p. 259-260.
Vogelezang-Stoute, E.M. (2005). Noot bij: College van Beroep voor het
bedrijfsleven (11-11-2005), 55, (AWB 03/112). M en R 2005-5, p. 327.
Vogelezang-Stoute, E.M. (2005). Noot bij: College van Beroep voor het
bedrijfsleven (19-04-2005), 65, (AWB 04/300). M en R 2005-6, p. 400.
Vogelezang-Stoute, E.M. (2005). Noot bij: HR (12-04-2005), 68, (nr. 02455/
04E). M en R 2005-7, p. 449-450.
263
Wetenschappelijk verslag 2005-2007
Vogelezang-Stoute, E.M. (2005). Noot bij: College van Beroep voor het
bedrijfsleven 19-08-2005 en (04-10-2005), 104 en 105, (AWB 04/37 en AWB
04/38). M en R 2005-10, p. 679-680.
Vogelezang-Stoute, E.M. (2006). Noot bij: HvJEG (15-07-2004), (Biocidenrichtlijn: blokjes rode cederhout). M en R 2006-1, p. 36.
Vogelezang-Stoute, E.M. & Janssen, J.M.P. (2006). Noot bij: HvJEG (15-092005), (Cindu Chemicals e.a. t. College voor de toelating van bestrijdingsmiddelen). M en R 2006-2, p. 110-112.
Vogelezang-Stoute, E.M. (2006). Noot bij: CBB (26-05-2005), (Toelating
koperhoudende anti-foulings). M en R 2006-3, p. 202-203.
Vogelezang-Stoute, E.M. (2006). Noot bij: HvJEG (14-09-2006), (Overgangsrecht gewasbeschermingsmiddelen; ontheffingsregeling). M en R 2006-9,
p. 562-564.
Vogelezang-Stoute, E.M. (2007). Noot bij: CBB (04-05-2007), (Art. 16aa en
art. 25d Besrijdingsmiddelenwet in strijd met het overgangsrecht van de richtlijnen 91/414 en 98/8. AWB 04/876 en AWB 04/185). M en R 2007-10, p. 667668.
PUBLICATIES ‘GASTONDERZOEKERS’
Addink, G.H. (2006). Afvalstoffen. In Ch.W. Backes, P.C. Gilhuis & N.S.J.
Koeman (Eds.), Milieurecht (p. 181-222). Deventer: Kluwer (6de druk).
Bruggeman, V. (2005). Health and Environmental Risks of Genetic Engineering in Food. In G. van Calster & K. Deketelaere (Eds.), Energy and Environmental Law – 2005 (p. 74-107). Leuven: IMER.
Bruggeman, V. (2005). Legal Aspects of Wind Energy in Belgium and the
Netherlands. In G. van Calster & K. Deketelaere (Eds.), Energy and Environmental Law – 2005 (p. 506-540). Leuven: IMER.
Bruggeman, V. (2005). Floods and the law: Watershed or Swamp? Water
Quantity Policy and Special Planning Policy in an International, European and
Comparative Context. In G. van Calster & K. Deketelaere (Eds.), Energy and
Environmental Law – 2005 (p. 660-717). Leuven: IMER.
Bruggeman, V. & Delvaux, B. (2006). EU Energy Policy and Legislation under
Pressure since the UNFCCC and the Kyoto Protocol? In K. Deketelaere & M.
Peeters (Eds.), EU Climate Change Policy. The Challenge of New Regulatory
Initiatives (p. 223-239). Cheltenham: Edward Elgar.
Jans, J.H. (2006). Europees milieurecht. In Ch.W. Backes, P.C. Gilhuis &
N.S.J. Koeman (Eds.), Milieurecht (p. 66-92). Deventer: Kluwer (6de druk).
264
Grensoverschrijdend milieurecht
Nollkaemper, P.A. (2007). Internationale aansprakelijkheid voor klimaatverandering. Nederlands Juristenblad, 45/46, 2873-2879.
OVERIGE PUBLICATIES
Boes, M. & Staercke, J. de (Eds.). (2007). Notarieel bestuursrecht. Leuven:
Acco. (247 p.)
Calster, G. van & Vandenberghe, W. (2006). Misbruik van machtspositie en
concentratiecontrole. In Y. Montangie & F. Camerlinckx (Eds.), Mededingingsrecht in kort bestek (Recht in kort bestek, 6) (p. 81-102). Antwerpen:
Intersentia.
Deketelaere, K. (2005). The Themis-School for Continuing Legal Education: a
‘service agreement’ for lawyers in Flanders. European Journal of Legal
Education, 53-58.
Deketelaere, K. & Jonckheere, M. (Eds.). (2006). Jaarboek Lokale en Regionale Belastingen 2005-2006. Brugge: die Keure. (410 p.)
Delnoy, M. (2005). Les obligations juridiques de cohérence du droit ou
comment le droit se protège contre lui-même. In Chr. Biquet-Mathieu et al.
(Eds.), Liber Amicorum Paul Delnoy (p. 923-936). Bruxelles: Larcier.
Etty, T. (2007). Coexistence: The Missing Link in the EU Legislative Framework. (5 p.) [Online]: Available from: <http://www.gmo-free-regions.org/con
ference-2007/proceedings.html> [01-11-2007].
Etty, T. (2007). Legal Brief – On Coexistence: Best National Practices for
Regulating the Cultivation of GMOs in Europe. (25 p.) [Online]: Available
from: <www.Greenpeace.org> [01-11-2007].
Faure, M.G. & Peeters, M.G.W.M. (Eds.). (2006). Grensoverschrijdend recht
(Ius Commune Europaeum, 58). Antwerpen: Intersentia. (346 + xxii p.)
Faure, M.G. & Peeters, M.G.W.M. (2006). Woord vooraf. In M. Faure & M.
Peeters (Eds.), Grensoverschrijdend recht (Ius Commune Europaeum, 58)
(p. v-xiii). Antwerpen: Intersentia.
Faure, M.G. & Peeters, M.G.W.M. (2006). Concluderende samenvatting. In M.
Faure & M. Peeters (Eds.), Grensoverschrijdend recht (Ius Commune Europaeum, 58) (p. 333-346). Antwerpen: Intersentia.
Groenewegen, F.T. (2005). In hoeverre schrijft het evenredigheidsbeginsel iets
voor? In A.J. Nieuwenhuis, B.J. Schueler & C.M. Zoethout (Eds.), Proportionaliteit in het publiekrecht (p. 13-22). Deventer: Kluwer.
265
Wetenschappelijk verslag 2005-2007
Heijden, G.M.A. van der (2005). Recombinatie van overheid en samenleving
(XPIN-reeks, 7). Delft: Eburon.
Heijden, G.M.A. van der et al. (2005). Nieuwe vormen van samenwerken in
wonen, zorg en dienstverlening. Delft: Eburon.
Heijden, G.M.A. van der (2005). Haal meer uit je kiesrecht. Idee: tijdschrift
van het Wetenschappelijk Bureau van D66, 26(4), 37-38.
Heijden, G.M.A. van der (2005). Meervoudig ruimtegebruik als eis van recht.
Nova Terra: kwartaaluitgave over meervoudig ruimtegebruik, 5, 42-44.
Heijden, G.M.A. van der (2006). Governance als eis van recht. In M.A.
Heldeweg (Ed.), Rechtsvorming en governance (Publikaties van de Staatsrechtkring. Staatsrechtconferenties, 10) (p. 115-128). Alphen aan den Rijn: Kluwer.
Heijden, G.M.A. van der (2006). Bestuur door de burger, bestuurskunde voor
de burger. In M. Hajer, J. Grin & H. Waaijers (Eds.), Meervoudige democratie:
een andere kijk op bestuurlijke vernieuwing (p. 148-160). Amsterdam: Aksant.
Heijden, G.M.A. van der, Schrijver, J.F. & Wiel, A.F. van der (2006). Nieuwe
Haagse manieren. In A. de Rooij (Ed.), Krachtenfusie in de inrichting van
Nederland, Fysica van Samenwerking II (p. 49-60). Diemen: Veen Magazines.
Klap, A. (2005). De betekenis van het evenredigheidsbeginsel voor de bestuursrechtelijke handhaving. In A.J. Nieuwenhuis, B.J. Schueler & C.M. Zoethout
(Eds.), Proportionaliteit in het publiekrecht (p. 187-210). Deventer: Kluwer.
Klap, A. (2005). Het legaliteitsbeginsel in het bestuursrecht: harde eis of nastrevenswaardig doel? In A.W. Hins, A.J. Nieuwenhuis & J.H. Reestman (Eds.),
Recht en Reede. Opstellen aangeboden aan mr. J.L. de Reede (p. 71-76).
Deventer: Kluwer.
Klap, A. (2005). Een dwangsom op het overschrijden van beslistermijnen.
Staatscourant, 14-01-2005, 5.
Klap, A. (2005). Over de (afschaffing van) goedkeuring van bestemmingsplannen. Staatscourant, 25-02-2005, 5.
Klap, A. (2005). Ruimtelijke ordening privaatrechtelijk geregeld. Staatscourant, 15-04-2005, 5.
Klap, A. (2005). Proceskosten bij niet tijdig beslissen. Staatscourant, 16-092005, 5.
Klap, A. (2005). Bestuursrechtelijke implicaties van de SGP-uitspraak. Staatscourant, 28-10-2005, 5.
266
Grensoverschrijdend milieurecht
Koeman, N.S.J. (2007). Enkele bestuursrechtelijke aspecten van het ondergronds bouwen in Nederland. In C. Adriaansen & V. Sagaert (Eds.), Ondergrondse constructies (Ius Commune Europaeum, 67) (p. 187-192). Antwerpen:
Intersentia.
Koeman, N.S.J. (2007). Oude Meesters – P. Scholten: Algemeen Deel in de
Asser-serie. Nederlands Tijdschrift voor Bestuursrecht, 2, 68-69.
Koeman, N.S.J. (2007). Verwachting – Een nieuwe rol voor de bestuursrechter.
Nederlands Tijdschrift voor Bestuursrecht, 5, 167-168.
Koeman, N.S.J. (2007). De voorzichtige terugtred van de bezwaarschriftprocedure. Nederlands Tijdschrift voor Bestuursrecht, 10, 385-386.
Konijnenbelt, W., Male, R.M. van & Wijk, H.D. van (2005). Hoofdstukken van
bestuursrecht (13de druk). Den Haag: Elsevier Juridisch. (xvi + 876 p.)
Konijnenbelt, W. & Verschuren, M.M. (2005). Algemene wet bestuursrecht,
tekstuitgave 2005/2006. Deventer: Kluwer. (290 p.)
Konijnenbelt, W. (2005). Systematiek van de wet. In N.S.J. Koeman et al.
(Eds.), Handboek algemene wet bestuursrecht (Losbladig) (p. II-4 en 1-4).
Alphen aan den Rijn: Samsom.
Konijnenbelt, W. (2005). Verhouding tot decentralisatie. In N.S.J. Koeman et
al. (Eds.), Handboek algemene wet bestuursrecht (Losbladig) (p. II-6.4 en 110). Alphen aan den Rijn: Samsom.
Konijnenbelt, W. (2005). Alles in één keer goed. De Gemeentestem, 7228(72),
256.
Konijnenbelt, W. (2005). Offensief tegen de saaiheid. De Gemeentestem,
7238(163), 596.
Konijnenbelt, W. (2005). Leve de last onder bestuursdwang! Nederlands
Juristenblad, 1518-1520.
Konijnenbelt, W. (2005). Parlement en ambtenaren. Nederlands Tijdschrift
voor Bestuursrecht, 16, 122-123.
Konijnenbelt, W. (2005). Vegtings Algemeen Administratiefrecht. Nederlands
Tijdschrift voor Bestuursrecht, 48, 340-342.
Lammers, J.G. & Kiss, A.Ch. (2006). Hague Yearbook of International Law
2005/ Annuaire de La Haye de Droit International. Den Haag: Martinus
Nijhoff Publishers. (XX + 208 p.)
267
Wetenschappelijk verslag 2005-2007
Mellenbergh, R. & Boddenberg, R.E. (2006). Onduidelijkheden omtrent de
aard van het retentierecht: de (on)mogelijkheid van overgang van het retentierecht bij cessie. Nederlands Tijdschrift voor Handelsrecht, 4, 145-151.
Neerhof, A.R. (2007). Over onrechtmatigheid van toezichts- of handhavingsfalen, mensenrechten en aansprakelijkheid. Overheid en Aansprakelijkheid, 6,
184-200.
Pâques, M.M.L.L. (2005). Propriété, privations et servitudes de droit public.
Quels biens, quel équilibre, quelle compensation? Morceaux choisis. In P.
Lecocq & P. Lewalle (Eds.), Contrainte, limitation et atteinte à la propriété
(p. 115-172). Bruxelles: Larcier.
Pâques, M.M.L.L. (2007). De l'autorisation administrative. In M. Prieur (Ed.),
Mélanges en l'honneur du doyen (p. 637-659). Paris: Dalloz.
Pâques, M.M.L.L. (2007). Liberté académique et Cour d'abitrage. In Liber
amicorum Paul Martens (p. 389-408). Bruxelles: Larcier.
Pâques, M.M.L.L. & Donnay, L. (2007). Juridiction ordinaire et juridiction
administrative en droit belge. Publiekrechtelijke Kronieken/Chroniques de droit
public, 73-93.
Schueler, B.J. (2005). Schadevergoeding en de Awb. Aansprakelijkheid voor
appellabele besluiten (Monografieën Algemene wet bestuursrecht, B-serie: 7).
Deventer: Kluwer. (283 p.)
Schueler, B.J. & Meijer, B.W. (Eds.). (2005). Overheidsaansprakelijkheid
begrensd? Ontwikkelingen rond het relativiteitsvereiste. Amsterdam: Houthoff
Buruma. (79 p.)
Schueler, B.J. (2005). Aansprakelijkheid van gemeenten voor gebrekkige
bouwwerken. In Privaat- en publiekrechtelijke aansprakelijkheid voor gebrekkige bouwwerken (Publikatie van de Vereniging voor Bouwrecht, 33) (p. 61129). Amsterdam: Weka Uitgeverij.
Schueler, B.J. (2005). Hoe ver zat Struycken er naast? In A.J. Nieuwenhuis,
A.W. Hins & J.H. Reestman (Eds.), Recht en Reede. Opstellen aangeboden aan
mr. J.L. de Reede (p. 134-144). Deventer: Kluwer.
Schueler, B.J. (2005). Hoofdstuk 4.4: Overeenkomsten. In L.J.A. Daemen et al.
(Eds.), Bestuursrecht 1. Systeem, bevoegdheid, bevoegdheidsuitoefening, handhaving (Boom juridische studieboeken) (2de druk) (p. 234-242). Den Haag:
Boom Juridische uitgevers.
Schueler, B.J. (2005). Proportionaliteit en gelijkheid voor de publieke lasten. In
A.J. Nieuwenhuis, B.J. Schueler & C.M. Zoethout (Eds.), Proportionaliteit in
het publiekrecht (p. 166-186). Deventer: Kluwer.
268
Grensoverschrijdend milieurecht
Schueler, B.J. (2005). Inleiding. In B.J. Schueler & B.W. Meijer (Eds.), Overheidsaansprakelijkheid begrensd? Ontwikkelingen rond het relativiteitsvereiste
(p. 1-9). Amsterdam: Houthoff Buruma.
Schueler, B.J. (2006). Hoofdstuk 3.5: Nieuwe besluiten hangende bezwaar en
beroep. In L.J.A. Daemen et al. (Eds.), Bestuursrecht, Deel 2, Rechtsbescherming tegen de overheid, bestuursprocesrecht (Boom juridische studieboeken)
(p. 128-136). Den Haag: Boom Juridische uitgevers.
Schueler, B.J. (2006). Hoofdstuk 6: Beroep bij de rechter. In L.J.A. Daemen et
al. (Eds.), Bestuursrecht, Deel 2, Rechtsbescherming tegen de overheid, bestuursprocesrecht (Boom juridische studieboeken, 2de druk) (p. 193-268). Den
Haag: Boom Juridische uitgevers.
Schueler, B.J. (2006). Hoofdstuk 6: Hoger beroep. In L.J.A. Daemen et al.
(Eds.), Bestuursrecht, Deel 2, Rechtsbescherming tegen de overheid, bestuursprocesrecht (Boom juridische studieboeken) (p. 269-286). Den Haag: Boom
Juridische uitgevers.
Schueler, B.J. (2005). Aansprakelijkheid van de gemeente voor onrechtmatig
verleende bouwvergunningen. Bouwrecht, 42(3), 177-183.
Schueler, B.J. (2005). Geldschulden tussen publiekrecht en privaatrecht.
Schadebesluiten onder de vierde tranche. Overheid en Aansprakelijkheid, 4(1),
2-9.
Staercke, J. de & Boes, M. (2005). Notarieel bestuursrecht. Leuven: Acco.
(241 p.)
Staercke, J. de (2005). Sport & Overheidsopdrachten: een inleiding (deel II).
Nieuwsbrief Sport & Recht, 1006-1008.
Staercke, J. de (2005). Sport & Overheidsopdrachten: een inleiding (deel III).
Nieuwsbrief Sport & Recht, 1022-1024.
Staercke, J. de (2005). De valorisatie van het openbaar domein. Tijdschrift voor
Bouwrecht, 186-200.
Staercke, J. de (2006). Domeingoederenrecht. Antwerpen: Intersentia. (xxi +
278 p.)
Staercke, J. de & Boes, M. (2006). Notarieel bestuursrecht. Leuven: Acco.
(247 p.)
Staercke, J. de (2006). Algemene beginselen van behoorlijk bestuur. In K.
Deketelaere (Ed.), Handboek milieu- en energierecht (p. 370-389). Brugge: die
Keure.
269
Wetenschappelijk verslag 2005-2007
Staercke, J. de (2006). Administratieve sancties. In K. Deketelaere (Ed.), Handboek milieu- en energierecht (p. 389-397). Brugge: die Keure.
Staercke, J. de (2006). Administratief beroep. In K. Deketelaere (Ed.), Handboek milieu- en energierecht (p. 397). Brugge: die Keure.
Staercke, J. de (2006). Doorwerking, het bestuur en de Raad van State. In D.
van Eeckhoutte & J. Wouters (Eds.), Doorwerking van internationaal recht in
de Belgische rechtsorde: recente ontwikkelingen in een rechtstakoverschrijdend
perspectief (p. 295-313). Antwerpen: Intersentia.
Staercke, J. de (2006). Openbaar domein en PPS. In K. Deketelaere, A.
Verbeke & K. Vanhove (Eds.), Jaarboek Bouwrecht 2005-06 (p. 35-68).
Brugge/Antwerpen: die Keure/Intersentia.
Staercke, J. de (2007). Wegenrecht (Administratieve Rechtsbibliotheek, 13).
Brugge: die Keure. (334 p.)
Vanheusden, B. (2005). De belasting ter bestrijding van niet-uitgebate bedrijfsruimten in het Brussels Hoofdstedelijk Gewest. Algemeen Fiscaal Tijdschrift,
15-28.
Vanheusden, B. (2005). Manifest voor een verdrag inzake milieuschade veroorzaakt door gewapende conflicten. In Feestbundel Milieurecht (LeuVeM Milieurechtstandpunten, 20) (p. 105-107). Brugge: die Keure.
270
RECHTSPERSONEN IN EUROPA
A.
VOLLEDIGE TITEL
Rechtspersonen in Europa
B.
DEELPROGRAMMA'S
Niet van toepassing
C.
ONDERZOEKSLEDEN PROGRAMMA
Begin
coördinerend onderzoeksleider
Dhr. Prof.Mr. C.A. Schwarz (UM)
01-01-95
onderzoeksleiders
Dhr. Prof.Dr. K. Geens (KUL)
Dhr. Prof.Mr. H.J. de Kluiver (UvA)
01-01-95
01-01-95
senior onderzoekers
Dhr. Prof.Mr. A.F.M. Dorresteijn (UU)
Dhr. Prof.Mr. G. Raaijmakers (UM)
Dhr. Mr. S.F.G. Rammeloo (UM)
Dhr. Prof.Mr. B.T.M. Steins Bisschop
(Nyenrode-UM)
Dhr. Prof.Dr. B. Tilleman (KUL)
01-10-04
01-01-95
onderzoekers
Mw. M. Denef
Dhr. Mr. J.J.A. Hamers (UM)
Dhr. F. Hellemans
Dhr. Mr. J. Israel (UM)
Mw. Mr. M. Koelemeijer (UM)
Mw. Mr. M.S. Koppert-van Beek (UU)
Mw. Dr. N. Kornet (UM)*
Mw. Mr. S.A. Kruisinga (UU)
Mw. Dr. M. Olaerts (UM)
Dhr. R. Tas (KUB)
01-01-03
01-10-00
01-01-95
01-05-04
01-01-95
01-10-00
29-09-06
01-10-00
24-11-07
01-01-95
promovendi
Mw. Mr. M. Bijl (UU)
01-10-07
Einde
01-01-95
01-04-05
01-01-95
30-09-05
271
Wetenschappelijk verslag 2005-2007
Dhr. Mr. E.C. Bos (UM)
Mw. Mr. S.M. van den Braak (UU)
Mw. Mr. L. Enneking (UU)
Mw. Mr. A.J.M. Klein Wassink (UU)
Dhr. Mr. A. Krans (UU)
Mw. Mr. I. Meijer-Wagenaar (UU)
Mw. Mr. M. Olaerts (UM)
Dhr. J. Vananroye (KUL)
Begin
01-07-01
01-10-00
01-05-06
01-10-00
01-10-04
01-10-02
01-10-03
01-06-00
emeritus lid
Dhr. Prof.Mr. P. van Schilfgaarde (UU)
01-01-95
*
Einde
16-12-05
23-11-07
Participeerde voorheen in het programma ‘Algemeen verbintenissen- en
contractenrecht’
D.
TREFWOORDEN
Harmonisatie, Implementatie, Maatschappelijk Verantwoord Ondernemen
(MVO), Machtsverhoudingen in kapitaalvennootschappen
E.
SAMENVATTING PROGRAMMAOPZET
I.
Leiderschap, managementstijl en communicatie
Het programma Rechtspersonen in Europa wordt geleid door de coördinerend
onderzoeksleider, tezamen met de onderzoeksleiders, verbonden aan de participerende instellingen. De contacten tussen coördinator, onderzoeksleiders, senior onderzoekers en onderzoekers kennen een hoge frequentie, waarbij de betrokkenheid van andere dan onderzoeksleiders bij vormgeving en management
van het project groot is. De intensiteit van feitelijke samenwerking binnen het
project leidt tot een bottom-up management structuur, waarbij het management
veeleer een coachend- dan een sturend karakter draagt.
De coördinerend onderzoeksleider zorgt er voor dat bijstellingen in onderzoeksfocus en -aanpak helder worden gepresenteerd aan de onderzoeksgemeenschap,
welke presentatie ten minste één maal per jaar ter discussie wordt voorgelegd
op het projecttreffen tijdens het jaarcongres.
272
Rechtspersonen in Europa
II.
Programmaopzet
a.
Oorspronkelijke probleemstelling en doelstellingen
De in oorsprong geconcipieerde programmaopzet is nog steeds goed herkenbaar in de huidige opzet. De toenmalige structuur focuste, zoals nog steeds,
vooral op problemen van harmonisatie en implementatie. Ten opzichte van de
eerste versie is het onderzoeksaccent minder komen te liggen op het (Europees)
recht der vrijwillige organisaties (verenigingen en stichtingenrecht), zij het dat
in de komende onderzoeksperiode dit topic weer hoog op de onderzoeksagenda
staat in het kader van het geplande onderzoek naar groepsacties en de positie
van ‘maatschappelijke organisaties’ (NGO's) en hun aangeslotenen in het kader
van mogelijke beïnvloeding van maatschappelijk verantwoord ondernemingsbeleid. De onderzoeksagenda is in significante mate beïnvloed door de Europese en zelfs mondiale discussie over Corporate Governance, waarbij vooral
wordt gefocusseerd op aspecten van Maatschappelijk Verantwoord Ondernemen. Bijstelling van de onderzoeksagenda heeft enerzijds te maken met de urgentie van het onderwerp en anderzijds met het feit dat het Nederlands Verenigingen- en Stichtingenrecht, ook in vergelijkend perspectief, in hoge mate is
uitgekristalliseerd, terwijl Europese initiatieven te komen tot bovenstatelijke
regulering al geruime tijd geen sprankeling vertonen.
b.
Actualisering; huidige programmaopzet
Als boven opgemerkt speelt de actualisering van de onderzoeksagenda vooral
op het stuk van Corporate Governance, en meer in het bijzonder Corporate Social Responsibility. De kern van de agenda is gehandhaafd en vormt ook in de
toekomst het uitgangspunt van onderzoek binnen dit project.
Het onderzoeksprogramma valt thans uiteen in een viertal grotere onderzoekslijnen, die hieronder kort zullen worden beschreven. Het betreft (1) formele
harmonisatie van het ondernemingsrecht, (2) materiële harmonisatie, (3) Corporate Governance en (4) Maatschappelijk Verantwoord Ondernemen (MVO).
1.
Aspecten van formele harmonisatie
Eén van de belangrijkste onderzoekslijnen in dit programma is de bestudering
van de wijze van implementatie van Europese regelgeving op het terrein van
het ondernemingsrecht in ruime zin in de nationale rechtstelsels van de lidstaten. Onverminderd dwingen de stormachtige ontwikkelingen op dit dynamisch
rechtsgebied tot definiëring van gemeenschappelijke grondslagen en algemene
beginselen in en tussen de verschillende rechtssystemen. Het harmonisatieproces op het terrein van het vennootschapsrecht is sinds de eerste harmonisatierichtlijn, die in 1968 het licht zag, krachtig op gang gekomen. In deze ontwikkeling zijn ook duidelijke tendensen waarneembaar om de eigen rechtscultuur
van lidstaten, ook op dit gebied van het recht, te beschermen, waarbij gebruik
273
Wetenschappelijk verslag 2005-2007
gemaakt wordt van de vrijheid tot nationale inkleuring van Europese uitgangspunten, die de richtlijnen regelmatig bieden. Ook vanuit deze invalshoek manifesteert zich de noodzaak onderzoek te doen naar gemeenschappelijkheid van
rechtsculturen en rechtsbeginselen. In dit kader valt veel interessants waar te
nemen. Zo kan bemerkt worden dat er landen zijn die van nature een terughoudende positie innemen wanneer het gaat om aanpassing van nationaal recht,
terwijl andere landen steeds een gulle houding innemen waar het betreft de wijze van implementatie van richtlijnuitgangspunten. Een fraai voorbeeld wordt
getroffen in de wijze van implementatie van het verbod van financiële assistentie zijdens de vennootschap bij verkrijging van aandelen in haar kapitaal door
derden, zoals dat in de tweede richtlijn handelend over kapitaalbescherming is
opgenomen. De richtlijn spreekt in artikel 23 van het verkrijgen van aandelen.
In Nederland, waar een traditie van brede implementatie van richtlijnen op het
terrein van het ondernemingsrecht bestaat, oordeelt men dat, gegeven de ratio
van de regeling (kapitaalrealiteit), ook het nemen van nieuwe aandelen bij een
emissie onder het bereik van het verbod dient te vallen, en zo wordt, in de Nederlandse wetgeving, financiële assistentie door de vennootschap verboden bij
het nemen of verkrijgen van aandelen door derden. Andere landen, zoals Frankrijk, voorzagen de problemen die het verbod in de praktijk met zich zou meebrengen, bijvoorbeeld in termen van het realiseren van overnames, en gaan over
tot een stringente tekstuele uitleg en beperkte implementatie, zodat aldaar het
nemen van aandelen niet wordt geraakt door het verbod. Over deze boeiende
thema's handelden de workshops ondernemingsrecht op de Ius Commune congressen van 2005, 2006 en 2007, waar presentaties werden verzorgd door een
groot aantal onderzoekers van de participerende instellingen alsook andere
Universiteiten als Leiden, uitmondend in een stevig aantal publicaties en initiatieven als het project ‘Fusie en Overname’, een serie van 15 boeken over het
M&A-proces, uitgegeven door Uitgeverij Paris te Deventer onder redactie van
Steins Bisschop (Nyenrode/Maastricht) en Schwarz (Maastricht), in welke serie
inmiddels 10 delen verschenen, en het project European Company Law, waarover hieronder meer.
De Maastrichtse promotie van Martha Meinema binnen het deelproject (Dwingend recht voor de besloten vennootschap. Een beschouwing over de contractsvrijheid van aandeelhouders in rechtsvergelijkend perspectief, Deventer: Kluwer, 2003, promotores Schwarz en De Kluiver) heeft het denken over het hanteren van dwingendrechtelijk vennootschapsrecht in Nederland krachtig beïnvloed. Inmiddels heeft de politieke wens om te komen tot flexibilisering van het
BV-recht geleid tot indiening van een Wetsontwerp Flexibilisering en Vereenvoudiging van het BV recht, op basis van het expert-rapport van de Commissie
De Kluiver (2004). Deze operatie, onder meer gericht op een genuanceerder
toepassing van het Richtlijnenstelsel van kapitaalbescherming (2e EG-Richtlijn
en de aanpassing daarvan in de SLIM-operatie) op vennootschappen met een
besloten karakter, heeft binnen het onderzoeksprogramma geleid tot stevige
Europees- en transnationaal georiënteerd onderzoeksresultaten. Een andere, in
dit kader boeiende, observatie is het feit dat een min of meer volledige harmo274
Rechtspersonen in Europa
nisatie slechts bereikt lijkt te kunnen worden wanneer het gaat over onderwerpen die geen nationaal historische of culturele lading hebben, terwijl harmonisatie rond gevoeliger thema's in de praktijk toch buitengewoon lastig blijkt te
zijn, hetgeen leidt tot een relatief grote vrijheid voor nationale wetgevers om de
eigen karakteristieken van het nationale recht te laten doorklinken bij implementatie van het richtlijnenrecht. Zo bleek het jaarrekeningenrecht eenvoudig
en in ver gaande mate harmoniseerbaar, terwijl zulks bijvoorbeeld absoluut niet
geldt voor onderwerpen als overname van kapitaalvennootschappen tegen de
wens van het zittend bestuur in.
In dit kader werd, in samenwerking met collegae van de Utrechtse en Leidse
zusterfaculteiten werd het initiatief genomen tot de start van een ‘losdelige’
serie European Company Law, in welke serie vennootschapsrechtelijke onderwerpen in Europees vergelijkend perspectief zullen worden behandeld, waarbij
het accent in belangrijke mate zal komen te liggen op bestudering van de wijze
van implementatie van richtlijnenrecht binnen de verschillende lidstaten. Op dit
moment is het eerste deel in deze serie verschenen getiteld European Company
Law in Accelerated Progress (red. S.M. Bartman), een bundel gepubliceerd
naar aanleiding van een onder auspiciën van de Onderzoekschool georganiseerd
congres te Leiden (23 september 2005). Aan dit congres namen diverse senior
onderzoekers uit het project deel, waaronder Dorresteijn, Lennarts en Schwarz,
die hun bevindingen ook in bedoelde bundel publiceerden. De serie wordt uitgegeven door Kluwer International. De redactie wordt gevormd door Prof. A.
Dorresteijn (UU), Prof. S. Bartman (UL) en Prof. C.A. Schwarz (UM). De samenwerking in dit kader is vormgegeven binnen het Center for European Company Law. Door dit Center zullen tweejaarlijks internationale congressen worden georganiseerd aan de participerende instellingen. Op 22 november 2007
vond in Utrecht het tweede congres plaats rond het thema grensoverschrijdende
fusies en splitsingen in Europa. In 2009 zal het congres worden georganiseerd
in Maastricht. Congressen vinden plaats onder auspiciën van de Onderzoekschool. Ook binnen het verband van dit Center for European Company Law
wordt, in samenwerking met Kluwer International, de uitgave verzorgd van het
Engelstalig tijdschrift European Company Law. Dorresteijn en Schwarz maken
deel uit van de Scientific Editorial Board, waarin ook door andere participanten
in dit deelproject wordt gepubliceerd.
2.
Aspecten van materiële harmonisatie
Naast harmonisatie van vennootschapsrecht in formele zin, heeft de internationaliserende praktijk ook een zeker harmoniserend effect, in welk kader verschillende uitgangspunten in het juridisch denken tot buitengemeen boeiende
vraagstukken kan leiden. Men denke bijvoorbeeld aan de problemen die de
verschillende opvattingen over het karakter van de rechtspersoon met zich
brengen. In bijvoorbeeld de Angelsaksische wereld wordt de rechtspersoon
gezien als (de resultante van) een overeenkomst, terwijl in andere landen als
bijvoorbeeld Nederland een institutionele zienswijze wordt gehanteerd, waarin
de rechtspersoon bij de oprichting als instituut ontstaat en is losgezongen van
275
Wetenschappelijk verslag 2005-2007
oprichters of aandeelhouders. In die laatste opvatting wordt de rechtspersoon
veelal dwingendrechtelijke regelingen geregeerd en is er, bijvoorbeeld, nauwelijks ruimte voor overeenkomsten tussen aandeelhouders, dat terwijl in de contractuele opvatting de basering van de rechtspersoon op (deel)overeenkomsten
het uitgangspunt is. Juist de rechtsvergelijkende verdieping schept hier fraaie
vergezichten, die niet alleen wetenschappelijk hoogst interessant zijn, maar ook
voor de praktijk van groot belang zijn. Men denke bijvoorbeeld aan mogelijke
acceptatie van ‘Incorporation by reference’ in de Nederlandse vennootschapspraktijk. Een omgekeerde tendens is overigens waarneembaar in het thans voorliggend wetsvoorstel betrekkelijk de flexibilisering en vereenvoudiging van het
BV-recht. Een belangrijk element in dit voorstel is het ontkoppelen van het
kapitaalbeschermingsrecht van de 2e EG richtlijn en de wettelijke regeling voor
de BV, alsook de eind 2007 vorm gevonden hebbende plannen te komen tot
afzwakking van het kapitaalbeschermingsniveau ook voor de publieke vennootschap. Op het terrein van de flexibilisering van het BV-recht wordt binnen het
project rechtsvergelijkend onderzoek gedaan. In dit kader wordt in 2008 de
promotie aan de UM verwacht van de buitenpromovendus Pierre Glotzbach,
een in Duitsland werkzaam advocaat op ondernemingsrechtelijk terrein. Dit
onderzoek wordt verricht onder begeleiding van C. Schwarz en J.J.A. Hamers,
beiden verbonden aan de Universiteit Maastricht
3.
Corporate Governance
Daarnaast richt de onderzoeksgroep zich niet alleen op bestudering van het
recht binnen de EG, maar wordt ook sterk gekeken naar het Amerikaans recht,
dat het Europees vennootschapsrecht steeds krachtiger doordesemt, en dan
wordt niet alleen gedoeld op het Engels vennootschapsrecht, maar ook op continentaal Europese rechtstelsels. Zo kennen wij bijvoorbeeld sinds kort het
‘record-date-system’ in het Nederlands vennootschapsrecht en spelen Amerikaanse uitgangspunten een belangrijke rol in belangwekkende discussies als die
over corporate governance en het creëren van een ‘level-playing field’ op het
terrein van de overnemingenmarkt, thema's waarover binnen de onderzoeksgroep zeer regelmatig is gediscussieerd en gepubliceerd. In dit kader moet ook
gewezen worden op de recente turbulentie op de overnemingenmarkt in continentaal Europese en vooral ook Nederlandse context, mede in verband met de
verlate implementatie van de 13e EG Harmonisatierichtlijn Vennootschapsrecht
‘on Mergers and Take-Overs’ in het Nederlandse recht. Thans zien we aldaar
hetgeen zich in de VS reeds sinds lang voordoet, nl. activistisch aandeelhouderschap en de neiging tot straffe beïnvloeding van het bestuursbeleid binnen kapitaalvennootschappen, bijvoorbeeld op het stuk van de binnen de vennootschap
gekozen strategie. Onderzoek binnen de onderzoeksgroep verricht toont aan dat
er enerzijds sprake is van een feitelijke ontkrachting van de verschillen tussen
het Rijnlands- en het Angelsaksisch bestuursmodel. Bij rechtsvergelijkende
studie blijkt één van de triggers te zijn gelegen in het feit dat in geheel Europa
de oplossing voor verbetering van de corporate governance wordt gezocht in
versterking van de vennootschappelijke positie van de aandeelhouder, in hoge
mate vanuit de gedachte dat het toekennen van reële zeggensmacht de interesse
276
Rechtspersonen in Europa
tot uitoefening van aandeelhoudersrechten zal stimuleren. Een voorzichtige
aanname is dat dit in het algemeen niet het resultaat blijkt te zijn en dat hedge
funds en andere activisten de versterking van de aandeelhouderspositie gebruiken terwijl overigens het aandeelhoudersabsenteïsme groot blijft. Aan dit onderwerp werd in 2007 een themanummer van het eerdergenoemd tijdschrift
European Company Law gewijd, in welk kader C. Schwarz als redacteur optrad.
De benoeming van de deeltijdhoogleraar Prof. Steins Bisschop als Hoogleraar
Ondernemingsrecht, i.h.b. Corporate Governance aan de Maastrichtse Faculteit
per 1 juli 2007, zal het onderzoek op dit terrein zeker versterken. Prof. Steins
Bisschop maakt overigens al enige tijd deel uit van onderhavige Ius Commune
Onderzoeksgroep.
Tenslotte zijn in het kader van materiële harmonisatie Europees rechtelijke
ontwikkelingen op het terrein van het ‘Ondernemingsrechtelijk IPR in Europa’
van groot belang. Met name dient hier te worden gewezen op de recente baanbrekende jurisprudentie op het terrein van vestigingsvrijheid van rechtspersonen in Europa van het Europees Hof en de consequenties daarvan voor de internationaal privaatrechtelijke benadering van buitenlandse rechtspersonen in
de verschillende Europese jurisdicties. De manifeste vrijheid van vestiging van
rechtspersonen binnen Europa uit die jurisprudentie voortvloeiend heeft geleid
tot toenemende concurrentie van rechtssystemen. Deze nieuwe, Darwinistische
wijze van benadering van rechtssystemen biedt een ander referentiekader bij
beoordeling van rechtsontwikkelingen op het stuk van het ondernemingsrecht.
4.
Maatschappelijk Verantwoord Ondernemen
Tenslotte heeft de onderzoekssamenwerking sinds 2003 geleid tot het inzetten
van een nieuwe onderzoekslijn binnen dit deelproject. De discussie over Corporate Governance zoals die binnen Europa wordt gevoerd, besteedt, zo meenden
de initiatiefnemers, te weinig aandacht aan het element van Maatschappelijk
Verantwoord Ondernemen (MVO) c.q. Corporate Social Responsibility (CSR).
In 2005 verscheen de bundel Maatschappelijk verantwoord ondernemen; Corporate Social Responsibility in a Transnational Perspective, onder redactie van
Hamers, Schwarz en Steins Bisschop alsmede, vervolgens, een stevig aantal
publicaties rond dit thema in nationale en internationale tijdschriften, mede
mogelijk gemaakt door een krachtige onderzoekssubsidie van het Ministerie
van Economische Zaken. De onderzoekssamenwerking binnen het multidisciplinair onderzoeksteam, onder leiding van Prof. Jaqueline Cramer, heeft
geleid tot een sterke verbreding van de onderzoeksscope op dit vakgebied.
Thans wordt gewerkt aan een onderzoeksvoorstel dat zich zal richten op de
rechtseconomische analyse van het verschijnsel CSR (Faure/Schwarz). Overigens heeft deze onderzoeksactiviteit geleid tot de ontwikkeling van een Mastervak Corporate Social Responsibility en wordt thans gewerkt aan postdoctorale
onderwijsactiviteiten in deze sfeer.
277
Wetenschappelijk verslag 2005-2007
De leiding van de onderzoeksgroep is voornemens de lijn van onderzoek naar
normering van MVO ook in de komende jaren te volgen. Op dit moment wordt
financiering gezocht voor een rechtseconomisch getint promotieproject op het
terrein van MVO (Faure/Schwarz).
c.
Methodiek en beoogde resultaten
De insteek van het onderzoeksprogramma blijft gericht op, zowel door positiefrechtelijk fundamenteel onderzoek als via rechtsvergelijking onderzoek, de
grondslagen van (aspecten van) het nationaal en transnationaal ondernemingsrecht. Deze methodes worden eveneens benut in het kader van het onderzoek
naar Corporate Governance, meer in het bijzonder naar Corporate Social
Responsibility, bij welk laatste onderdeel ook een krachtig accent wordt gelegd
op de multidisciplinaire benadering. Met zeer grote regelmaat worden cursussen en lezingen verzorgd op het onderzoeksterrein.
d.
Relatie tot de onderzoekschool
Het streven is in dit deelproject een bijdrage te leveren aan de centrale probleemstelling van de Onderzoekschool Ius Commune. Naast het verrichten van
onderzoek als geprogrammeerd, vinden met zekere regelmaat projectgrenzen
overschrijdende onderzoeksactiviteiten plaats, bijvoorbeeld op het terrein van
het milieurecht in relatie tot de aansprakelijkheid van bestuurders. De relatie
met de centrale leiding van de onderzoekschool is sterk ontwikkeld, ook veroorzaakt door het feit dat de coördinerend onderzoeksleider van het project
tevens voorzitter is van het bestuur van de onderzoekschool, en uit dien hoofde
veel in contact staat en samenwerkt met de directeur van de onderzoekschool
en met de overige coördinerend onderzoeksleiders. Inmiddels werden onderzoeken op het stuk van het vergelijkend goederenrecht in relatie tot de eigendom van, en vruchtgebruik op aandelen (E. Bos, Vruchtgebruik op aandelen,
diss. Maastricht 2005) alsook op het stuk van de rol van vennootschappelijke
organen in het licht van dreigende insolventie (M. Olaerts, diss. Maastricht
2007) afgerond en wordt getracht nieuw onderzoek gefinancierd te krijgen op
het stuk van de nieuwe machtsverhoudingen in kapitaalvennootschappen,
alsook op het terrein van MVO/CSR, mede in relatie tot uitgangspunten van
rechtseconomie. In het Maastrichts segment van dit deelproject is in ieder geval
in 2008 de promotie voorzien van de buitenpromovendus Glotzbach met een
rechtsvergelijkende dissertatie over flexibilisering van vennootschapsrecht in
Europa. De onderzoeksgroep tracht een stevige positie te verwerven in de nationale en internationale discussies rond de ontwikkeling van het nationaal en
Europees Ondernemingsrecht. Vanuit dit streven is het verheugend dat vertegenwoordigers uit de onderzoeksgroep regelmatig in werkgroepen en begeleidingscommissies van onderzoeksactiviteiten (WODC) worden betrokken dan
wel worden verzocht om key notes op toonaangevende congressen te verzorgen
en preadviezen te schrijven.
278
Rechtspersonen in Europa
e.
Academische reputatie en effecten van de samenwerking
Het effect van samenwerking binnen de onderzoekschool is krachtenbundeling
rond goed geformuleerde projecten en de daaruit voortvloeiende intense samenwerking tussen onderzoekers, als vanzelve het focus verleggend naar vakgebied overschrijdend- en multidisciplinair onderzoek. Hoewel de projectgroep
Rechtspersonen in Europa een relatief geringe omvang heeft, is de output in
termen van kwaliteit en omvang, zeer bevredigend. De academische erkenning
komt tot uitdrukking in de uitnodigingen aan diverse onderzoekers binnen het
verband om deel te nemen aan nationale- en internationale congressen, om toe
te treden tot redacties van boekenseries en tijdschriften, om bijdragen te leveren
aan bundels in buiten de onderzoekschool gelegen kaders, alsook tot het zitting
nemen in beleidbepalende commissies c.q. het schrijven van preadviezen. De
betrokkenheid van leden van de groep op thema's als Flexibilisering van het
BV-recht, activistisch aandeelhouderschap alsook misbruik van rechtspersonen
en IPR-Ondernemingsrecht is zeer groot.
F.
OPBOUW ONDERZOEKSINPUT WETENSCHAPPELIJK PERSONEEL
in fte's
2005
2006
2007
Hoogleraar
Universitair hoofddocent
Universitair docent
Postdocs
Junior onderzoekers (AIO/OIO)
0,98
0,84
1,74
2,00
1,00
0,84
1,44
1,87
1,00
0,84
1,20
2,67
G.
INHOUDELIJK OVERZICHT RESULTATEN
De lijst van publicaties als bijgevoegd geeft een goede indruk van de activiteiten van de onderzoeksgroep. Hoewel het hier gaat om een relatief kleine onderzoeksgroep is de output, vooral in termen van afgerond dissertatie door de jaren
heen steeds zeer bevredigend geweest, ook al blijkt het lastig om (promotie)onderzoeksprojecten gefinancierd te krijgen. Begin 2003 ontving de onderzoeksgroep een subsidie van de Stichting Boskalis op basis van een onderzoeksvoorstel rond het thema Reorganisatie en doorstart (Schwarz/Steins Bisschop). Deze subsidie (€. 50.000,-), die door de Juridische Faculteit UM werd
gematched, maakte de start van het Promotieproject over Reorganisatie en
Doorstart (Olaerts) voor een periode van 4 jaren mogelijk. Dit onderzoek werd
in 2007 succesvol afgerond met een dissertatie van de hand van Olaerts, die aan
de onderzoeksgroep (en de faculteit) verbonden zal blijven. Het in 2004 met
een subsidie van € 220.000,- zijdens EZ gehonoreerde project ‘MVO, juridisering van een relatief vaag normenkader’ (Schwarz/Steins Bisschop) heeft geleid
tot een groot aantal publicaties op dit terrein en vormde het startpunt van een
nieuwe onderzoekslijn die de komende jaren de aandacht zal blijven houden.
Verheugend is het feit dat de senior onderzoeker Steins Bisschop, per septem279
Wetenschappelijk verslag 2005-2007
ber 2007 (ook) als deeltijdhoogleraar aan de Maastrichtse faculteit kon worden
benoemd op de leerstoel internationaal ondernemingsrecht. Inmiddels is een
aanvullend projectvoorstel geformuleerd, binnen welk kader vooral ook samenwerking met onderzoekers uit de wereld van het publieke- en internationale
recht wordt gezocht, deels binnen de onderzoekschool Ius Commune, deels
binnen de onderzoekschool Rechten van de Mens (UM/Utrecht). Thans worden
de inmiddels opgebouwde contacten met EZ en Justitie, alsook met partijen in
het bedrijfsleven aangewend in het kader van het zoeken naar aanvullende subsidiebronnen voor onderzoek op dit terrein.
In de verslagperiode werd, als opgemerkt, regelmatig geparticipeerd in nationale en internationale conferenties en werden op grote schaal lezingen verzorgd
op congressen alsook op bijeenkomsten met praktizijns als advocaten, notarissen, fiscaal adviseurs en accountants. Regelmatig leidde deze key notes ook tot
publicaties..
Als gezegd werd tevens een groot aantal lezingen verzorgd rond de thematiek
van MVO en CSR, onder meer bij Houthoff, Baker/Mckenzie, Nauta, AKD
Prinssen van Wijmen, SRA-conferenties, NeVOAA-bijeenkomsten etc.
H.
VOORTZETTING
De actuele onderzoeksprogrammering is hierboven toegelicht.
I.
KERNPUBLICATIES
De geselcteerde publicaties geven een goed beeld van de onderzoeksoutput
binnen het programma en zijn prikkelend waar het betreft de onderzoeksrichting van de onderzoeksgroep
Hamers, J.J.A., Schwarz, C.A. & Steins Bisschop, B.T.M. (Eds.). (2005). Maatschappelijk Verantwoord Ondernemen: Corporate Social Responsibility in a
Transnational Perspective (Ius Commune Europaeum, 53). Antwerpen:
Intersentia. (xii + 147 p.)
Raaijmakers, G.T.M.J. (2007). Achter de schermen van beursaandeelhouders
onderdeel Synthetische belangen in Nederlandse beursvennootschappen. Preadvies Vereeniging Handelsrecht. Deventer: Kluwer. (72 p.)
J.
UITSTEKENDE PUBLICATIES
Dorresteijn, A.F.M. & Groot, C. de (2006). Corporate Governance Codes:
Origins and Perspectives. In S.M. Bartman (Ed.), European Company Law in
Accelerated Progress (European Company Law Series, 1) (p. 31-57). The
Hague: Kluwer Law International.
280
Rechtspersonen in Europa
Geens, K. (2006). De nieuwe harmonisatiedynamiek van het vennootschapsrecht: een ‘eerste klas’ begrafenis van het Europees vennootschapsrecht na
vijftig jaar? Tijdschrift voor Rechtspersoon en Vennootschap, 2, 75-89.
Rammeloo, S.F.G. (2006). Via Romana. Van EVO naar Rome I – Nieuw
Europees IPR dat van toepassing is op verbintenissen uit overeenkomst.
Nederlands Internationaal Privaatrecht, 239-253.
Schwarz, C.A. (2006). The Provision of Equity Capital to Companies and
Partnerships; A Comparison between the Law and Economics and the Comparative European Law Perspectives. In S.M. Bartman (Ed.), European
Company Law in Accelerated Progress (European Company Law Series, 1)
(p. 95-106). The Hague: Kluwer Law International.
K.
DISSERTATIES
Bos, E.C. (16 december 2005). Vruchtgebruik op aandelen: over de grenzen
van goederenrecht, erfrecht en vennootschapsrecht. Universiteit Maastricht
(xviii + 222 p.) (Deventer: Kluwer). Prom./coprom.: Prof. C.A. Schwarz & Mr.
J.J.A. Hamers.
Olaerts, M. (23 november 2007). Vennootschappelijke beleidsbepaling in geval
van financiële moeilijkheden; de positie van bestuurders en aandeelhouders.
Ius Commune Europeum, 69). Universiteit Maastricht (xiv + 409 p.) (Antwerpen: Intersentia). Prom./coprom.: Prof. C.A. Schwarz, Dr. J.J.A. Hamers &
Prof. B.T.M. Steins Bisschop.
L.
OVERZICHT VAN ALLE OVERIGE PUBLICATIES
WETENSCHAPPELIJKE PUBLICATIES
Bijl, M.C. & Bitter, J.W. (2007). Dwaling en het Weens koopgedrag. Maandblad voor vermogensrecht, 195-200.
Braak, S.M. van den & Dorresteijn, A.F.M. (2005). Het ondernemingsrecht in
een stroomversnelling. Maandblad voor Accountancy en Bedrijfseconomie,
118.
Braak, S.M. van den (2006). Vestigingsvrijheid en misbruik van de (buitenlandse) vennootschap. Ondernemingsrecht, 5, 174-181.
Braak, S.M. van den & Lennarts, M.L. (2006). Voorstellen tot herziening van
het Duitse GmbH-recht: het MoMiG. Ondernemingsrecht, 17, 633-638.
Braak, S.M. van den (2007). Grensoverschrijdende omzetting van rechtspersonen. Weekblad voor Privaatrecht, Notariaat en Registratie, 6721, 688-693.
281
Wetenschappelijk verslag 2005-2007
Denef, M., Hellemans, F., Tas, R., Tilleman, B. et al. (2005). VZW en stichting.
Brugge: die Keure. (683 p.)
Denef, M. (2005). De Nieuwe VZW-wetgeving 2002-2004: recapitulatie en
eerste toepassingsproblemen. In Vennootschaps- en financieel recht (Themis
Cahiers) (p. 5-26).
Dorresteijn, A.F.M. (2005). Een nieuwe wettelijke regeling van het tegenstrijdig belang? Onderneming & Financiering, 65, 24-30.
Dorresteijn, A.F.M. & Bartman, S.M. (2006). Van het concern. (6de druk).
Deventer: Kluwer. (X + 365 p.)
Dorresteijn, A.F.M. (2006). Naschrift: ‘Kwalitatief tegenstrijdig belang en art.
2: 146 (256) BW’. Weekblad voor Privaatrecht, Notariaat en Registratie, 6649,
19.
Enneking, L.F.H. (2007). Corporate social responsibility: tot aan de grens en
niet verder? – Over de regulering vanuit Nederland van de activiteiten van
Nederlandse multinationale concerns in gastlanden; foreign direct liability and
beyond. Universiteit Utrecht: Wetenschapswinkel Rechten. (187 p.)
Geens, K. (2005). Corporate governance in niet-beursgenoteerde ondernemingen? In M. Debaene et al. (Eds.), Lustrumboek 40 jaar Jura Falconis
(p. 69-79). Brussel: De Boeck & Larcier nv.
Geens, K. (2005). Herinneringen uit de doos van Lieven. In F. Verbruggen &
L. Dupont (Eds.), Strafrecht als roeping: Liber amicorum Lieven Dupont
(p. 1143-1149). Leuven: Universitaire Pers Leuven.
Geens, K. (2005). Voorwoord. In Jan Ronse Instituut (Ed.), Financiële wetgeving: de tussenstand 2004 (Rechtspersonen- en vennootschapsrecht, 18) (p. 910). Kalmhout: Biblo.
Geens, K. (2005). Insider trading en andere vormen van marktmisbruik. In Jan
Ronse Instituut (Ed.), Financiële wetgeving: de tussenstand 2004 (Rechtspersonen- en vennootschapsrecht, 18) (p. 384-462). Kalmhout: Biblo.
Geens, K. (2005). Voorkennis en financiële informatie na de wet van 2 augustus 2002. Rechtsgeleerd Magazijn Themis, 49-75.
Geens, K. et al. (2006). De Familiale onderneming. Publiek of Privaat? (Jura
Falconis Libri). Brussel: Larcier. (142 p.)
Geens, K. & Clottens, C. (2006). Belgian monography on Corporations and
Partnerships, 2006 (International Encyclopaedia of Laws on Corporations and
Partnerships). The Hague/London/Boston: Kluwer Law International. (198 p.)
282
Rechtspersonen in Europa
Geens, K. (2006). De agency-problemen van een vennootschap tegen het licht
gehouden van de familiale eigenaar, De familiale onderneming en het
vennootschapsrecht. Jura Falconis, 321-331.
Geens, K. (2007). De aansprakelijkheid van bestuurders en zaakvoerders in kort
bestek. In Het ondernemingsrisico – Actualiteit inzake aansprakelijkheid van
vennootschappen en hun bestuurders (Verslagboek uitgegeven door het VBO
van de studiedag d.d. 29 november 2006 over Aansprakelijkheid van
bestuurders). (p. 7-22). Brussel: Bruylant
Geens, K. & Wyckaert, M. (2007). Les espaces de liberté contractuelle dans le
droit des sociétés à responsabilité limitée: entre rapprochement et palliation. In
Commission Royale Droit et Vie des Affaires (Ed.), Les espaces de liberté en
droit des affaires (p. 139-190). Bruxelles: Bruylant.
Geens, K. (2007). 200 Jaar vennootschapsrecht in vogelvlucht. Tijdschrift voor
Belgisch Handelsrecht, spec. nr., 91-138.
Geens, K. (2007). 200 Jaar vennootschapsrecht in perspectief: quo vadis ius
societatum? Tijdschrift voor Privaatrecht, 1, 73-140.
Hamers, J.J.A., Schwarz, C.A. & Steins Bisschop, B.T.M. (Eds.). (2005).
Noodzaak, plicht of wenselijkheid van Maatschappelijk Verantwoord Ondernemen; een multidisciplinaire verkenning. Den Haag: Boom Juridische
uitgevers. (XIII + 250 p.)
Hamers, J.J.A., Schwarz, C.A. & Steins Bisschop, B.T.M. (2005). Maatschappelijk Verantwoord Ondernemen; Juridisering van een relatief vaag normenkader. In J.J.A. Hamers, C.A. Schwarz & B.T.M. Steins Bisschop (Eds.),
Noodzaak, plicht of wenselijkheid van Maatschappelijk Verantwoord Ondernemen; een multidisciplinaire verkenning (p. 1-13). Den Haag: Boom Juridische
uitgevers.
Hamers, J.J.A., Schwarz, C.A. & Steins Bisschop, B.T.M. (2005). Corporate
Social Responsibility, trends in the Netherlands and Europe. In J. Jonker et al.
(Eds.), Making a difference, the Dutch National Research Program on Corporate Social Responsibility (p. 169-188). The Hague: Ministry of Economic
Affairs.
Hamers, J.J.A., Schwarz, C.A. & Steins Bisschop, B.T.M. (2005). Corporate
Social Responsibility; Trends in The Netherlands and Europe. In J.J.A Hamers,
C.A. Schwarz & B.T.M. Steins Bisschop (Eds.), Maatschappelijk Verantwoord
Ondernemen: Corporate Social Responsibility in a Transnational Perspective
(Ius Commune Europaeum, 53) (p. 1-20). Antwerpen: Intersentia.
283
Wetenschappelijk verslag 2005-2007
Hamers, J.J.A. & Vliet, L.P.W. van (2007). Inleiding personenvennootschappen (Boom Juridische Studieboeken). (3de druk). Den Haag: Boom Juridische
uitgevers. (226 p.)
Hamers, J.J.A. (2007). Titel 7.13 (Vennootschap): de status-quo. Tijdschrift
voor ondernemingsbestuur, 3, 86-90.
Hellemans, F. & Meulyzer, S. (2006). De afschaffing van effecten aan toonder.
In L. Maes, H. De Cnijf & L. De Broeck (Eds.), Fiscaal Praktijkboek Directe
Belastingen 2006-2007 (p. 271-288). Mechelen: Kluwer.
Hellemans, F. (2006). De IAS/IFRS-normen en de nieuwe Audit-Richtlijn.
Tijdschrift voor Rechtspersoon en Vennootschap, 631-658.
Hellemans, F., Hinnekens, Ph. & Gils, M. Van (2006). Fiscale implicaties
afschaffing effecten aan toonder. Algemeen Fiscaal Tijdschrift, 16-32.
Israel, J. (2005). De werknemer en secundair faillissement. Nederlands Tijdschrift voor Burgerlijk Recht, 384-387.
Israel, J. (2006). Grensoverschrijdend insolventierecht ((Re)organisatie, fusie
en overname). Zutphen: Paris. (181 p.)
Israel, J. (2006). Perpetuatio fori in de Insolventieverordening. Tijdschrift@ipr.
be, 70-75.
Kluiver, H.J. de (2005). Vereenvoudiging en flexibilisering van het Nederlandse BV-recht. In P. van Schilfgaarde (Ed.), Vereenvoudiging en flexibilisering van het Nederlandse BV-recht (p. 119-144). Deventer: Kluwer.
Kluiver, H.J. de & Rammeloo, S.F.G. (2005). Die börsennotierte niederländische Naamloze Vennootschap (N.V.). In H. Hirte & T. Bücker (Eds.), Grenzüberschreitende Gesellschaften. Praxishandbuch fur ausländische Kapitalgesellschaften mit Sitz im Inland (p. 218-240). Köln/Berlin/München: Carl
Heymanns Verlag.
Kluiver, H.J. de (2005). Verboden rechtspersonen: betekenis en beperkingen
van een privaatrechtelijk perspectief. Weekblad voor Privaatrecht, Notariaat en
Registratie, 641-650.
Kluiver, H.J. de (2005). Familievennootschappen en (nieuw) vennootschapsrecht. Weekblad voor Privaatrecht, Notariaat en Registratie, 6647, 985-993.
Kluiver, H.J. de (2006). Capital and Capital protection in The Netherlands: A
Doctrine in Flux. In M. Lutter (Ed.), Das Kapital der Aktiengesellschaft in
Europa (p. 558-581). Berlin: De Gruyter Recht.
284
Rechtspersonen in Europa
Kluiver, H.J. de (2006). Gelijkheid in Vereniging. In Gelijke behandeling: Oordelen en Commentaar 2005 (p. 167-180). Nijmegen: Wolf Legal Publishers.
Kluiver, H.J. de (2006). Noodzaakfinanciering en de rol van de rechter. In G.
van Solinge (Ed.), De financiering van de onderneming: voordrachten en discussieverslag van het gelijknamige congres op vrijdag 11 en zaterdag 12
november 2005 (Serie vanwege het Van der Heijden Instituut te Nijmegen, 88)
(p. 31-49). Deventer: Kluwer.
Kluiver, H.J. de (2006). Reverse-takeover: over het belang van de rechterlijke
toetsing, onafhankelijke advisering, fairness opinions en alternatieve beurzen.
In S.C.J.J. Kortmann (Ed.), 10 jaar JOR Alsnog geannoteerd (p. 35-41). Den
Haag: Sdu.
Kluiver, H.J. de & Rammeloo, S.F.G. (2006). Die niederländische Besloten
Vennootschap (B.V.) und Naamloze Vennootschap (N.V.). In H. Hirte & T.
Bücker (Eds.), Grenzüberschreitende Gesellschaften. Praxishandbuch fur ausländische Kapitalgesellschaften mit Sitz im Inland (p. 206-240). Köln/Berlin/
München: Carl Heymanns Verlag.
Kluiver, H.J. de & Rammeloo, S.F.G. (2006). Die börsennotierte niederländische Naamloze Vennootschap (N.V.). In H. Hirte & T. Bücker (Eds.), Grenzüberschreitende Gesellschaften. Praxishandbuch fur ausländische Kapitalgesellschaften mit Sitz im Inland (p. 241-261). Köln/Berlin/München: Carl
Heymanns Verlag.
Kluiver, H.J. de (2006). Towards a simpler and More Flexible Law of Private
Companies. European Company and Financial Law Review, 45-68.
Kluiver, H.J. de (2006). Vermogensbescherming bij de B.V.: modernisering in
internationaal perspectief. Weekblad voor Privaatrecht, Notariaat en Registratie, 6676, 571-579.
Kluiver, H.J. de & Rammeloo, S.F.G. (2006). Capital and capital protection in
the Netherlands: A dotrine in flux. Zeitschrift fur Unternehmens- und Gesellschaftsrecht, 17, 655-678.
Kluiver, H.J. de & Rammeloo, S.F.G. (2006). Capital and capital protection in
the Netherlands: A doctrine in flux. European Company and Financial Law
Review, 1, 558-581.
Kluiver, H.J. de (2007). Private Ordering and Buy-Out Remedies Within Private Company Law: Towards a New Balance Between Fairness and Welfare?
European Business Organization Law Review, 8, 103-119.
Koppert-van Beek, M.S. van (2006). The reform of capital protection law in the
Netherlands, European Company law. European Company Law, 3, 198-201.
285
Wetenschappelijk verslag 2005-2007
Koppert-van Beek, M.S. van (2006). Vertegenwoordiging van een vennootschap bij besluit. Contracteren, 1, 4-9.
Koppert-van Beek, M.S. van (2007). The New Dutch Partnership Act.
European Company Law, 4(6), 265-269.
Koppert-van Beek, M.S. van & Zaman, D.F.M.M. (2007). Het overgangsrecht
inzake titel 7.13 Burgerlijk Wetboek. Weekblad voor Privaatrecht, Notariaat
en Registratie, 6723, 765-773.
Kornet, N. (2007). De aanvulling van leemten in het Weens Koopverdrag.
Maandblad voor vermogensrecht, 7, 150-156.
Krans, A. van der (2005). Sense and Simplicity. Onderneming & Financiering,
65, 3-10.
Krans, A. van der (2005). Terrorism and financial supervision. Utrecht Law
Review, 1-15.
Krans, A. van der (2006). The Virtual Shareholders Meeting: How to Make it
Work? In S. Kierkegaard (Ed.), Business, Law and Technology: Present and
Emerging Trends (p. 456-464). Copenhagen: IAITL.
Krans, A. van der (2007). De Virtuele Aandeelhoudersvergadering. Ondernemingsrecht, 7, 277-282.
Krans, A. van der & Bestebreurtje, M. (2007). Het Effectenlease- Debacle.
Onderneming & Financiering, 75, 39-50.
Krans, A. van der (2007). The Virtual Shareholders Meeting: How to make it
work? Journal of International Commercial Law and Technology, 1, 32-37.
[Online]. Available from: <http://www.jictl.com> [01-01-2007].
Kruisinga, S.A. (2006). Battle of forms. In M.L. Hendrikse, R.H.C. Jongeneel
& B. Wessels (Eds.), Algemene Voorwaarden (Recht en Praktijk, 143) (p. 3145). (4de druk). Deventer: Kluwer.
Kruisinga, S.A. & Bertrams, R.I.V.F. (2007). Overeenkomsten in het internationaal privaatrecht en het Weens Koopverdrag (Serie Praktijkhandleidingen).
(3de druk). Deventer: Kluwer. (XX + 358 p.)
Kruisinga, S.A. (2007). De aansprakelijkheid van de verkoper in de CISG voor
het in acht nemen van buitenlandse regelgeving. Maandblad voor vermogensrecht, 7/8, 156-160.
286
Rechtspersonen in Europa
Meijer-Wagenaar, I. (2006). Over beloningen van bestuurders: art. 2:135 BW
en de relatie met het arbeidsrecht, Art. 2:135 BW en de relatie met het
arbeidsrecht. Weekblad voor Privaatrecht, Notariaat en Registratie, 6682, 681688.
Raaijmakers, G.T.M.J. (2005). Securities lending en corporate governance. In
S.H.M.A. Dumoulin et al. (Eds.), Tussen Themis en Mercurius (Lustrumbundel
Nederlands Genootschap Bedrijfsjuristen) (p. 241-255). Deventer: Kluwer.
Raaijmakers, G.T.M.J. & Maatman, R.H. (2005). Pensioenfondsen en Socially
Responsible Investing. In J.J. Hamers et al. (Eds.), Noodzaak, plicht of wenselijkheid van Maatschappelijk Verantwoord Ondernemen (p. 207-220). Den
Haag: Boom Juridische uitgevers.
Raaijmakers, G.T.M.J. (2005). Beleggers, aandeelhouders en de AVA. Ondernemingsrecht, 4, 106-112.
Raaijmakers, G.T.M.J. (2005). Bestrijding van terrorismefinanciering. Weekblad voor Privaatrecht, Notariaat en Registratie, 6633, 671-675.
Raaijmakers, G.T.M.J. (2005). Garanties in het contractenrecht. Rechtsgeleerd
Magazijn Themis, 3, 124-138.
Raaijmakers, G.T.M.J. (2006). De Wft: in één keer goed? Ondernemingsrecht,
131.
Raaijmakers, G.T.M.J. & Maatman, R.H. (2006). Hegde funds in het ondernemingsrecht: virus of vaccin? Ondernemingsrecht, 256-262.
Raaijmakers, G.T.M.J. (2007). Achter de schermen van beursaandeelhouders,
onderdeel Synthetische belangen in Nederlandse beursvennootschappen (Preadvies Vereeniging Handelsrecht). Deventer: Kluwer. (72 p.)
Raaijmakers, G.T.M.J. (2007). De commissie beloond. In I.P. Asscher-Vonk,
A. van Hees, R.H. Maatman & B.J. Schoordijk (Eds.), Onderneming en
integriteit (Serie Onderneming & Recht, 39) (p. 35-54). Deventer: Kluwer.
Raaijmakers, G.T.M.J. & Wessels, B. (2007). Fiscale garanties civielrechtelijk
beschouwd. Weekblad voor Privaatrecht, Notariaat en Registratie, 94-102.
Rammeloo, S.F.G. & Kluiver, H.J. de (2005). Die niederländische Besloten
Vennootschap (B.V.) und Naamloze Vennootschap (N.V.). In H. Hirte & T.
Bücker (Eds.), Grenzüberschreitende Gesellschaften, Praxishandbuch fur ausländische Kapitalgesellschaften mit Sitz im Inland (p. 178-217). Koln/ Berlin/
München: Carl Heymanns Verlag.
287
Wetenschappelijk verslag 2005-2007
Rammeloo, S.F.G. (2006). The EC Commission's Action plan – A Proposal to
amend the 2nd EC Company Law Directive. Law Competition in a Globalising
World? Maastricht Journal of European and Comparative Law, 3-7.
Rammeloo, S.F.G. (2007). ‘Flex-BV’, ‘Blitz-GmbH’, Private Limited Company, of toch maar wachten op de European Private Company (EPC)? Tijdschrift voor ondernemingsbestuur, 1, 1-10.
Rammeloo, S.F.G. (2007). Past, Present (and Future?) of the German Volkswagengesetz under the EC Treaty. European Company Law, 118-122.
Schwarz, C.A. (2005). Artikelsgewijs commentaar op de artt. 107a, 114a. 118a
Boek 2 BW, nieuwe tekst (Losbladige Rechtspersonen). Deventer: Kluwer. (16
p.)
Schwarz, C.A. (2005). De algemene vergadering van aandeelhouders, ingrijpende bewerking van het artikelsgewijs commentaar Titel 4 Boek 2 BW (Losbladige Rechtspersonen). Deventer: Kluwer. (128 p.)
Schwarz, C.A. & Steins Bisschop, B.T.M. (2005). Enkele aspecten van kapitaalbeschermingsrecht; directe en middellijke neming en inkoop van eigen aandelen. In S.Y.Th. Meijer (Ed.), Bedrijfsovername (p. 121-143). Deventer:
Kluwer.
Schwarz, C.A. & Hamers, J.J.A. (2005). Het einde van de verplichte blokkeringsregeling bij de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid.
O&F: Onderneming & Financiering, 65, 11-18.
Schwarz, C.A. (2006). Ingrijpende bewerking Titel 5-Afd. 4 Boek 2 BW. De
algemene vergadering van aandeelhouders (BV) (Losbladige Rechtspersonen).
Deventer: Kluwer. (55 p.)
Schwarz, C.A. (2006). Commentaar op de artikelen 12 en 13 van Boek 2 BW.
In M.J. van Ginniken, M.J. Kroeze, J.M. Vletter-van Dort, J.B. Wezeman &
D.F.M.M. Zaman (Eds.), Sdu Commentaar Ondernemingsrecht (p. 53-57). Den
Haag: Sdu.
Schwarz, C.A. (2006). Democratie en vergaderorde. Een vakgebied overschrijdende verkenning van de regeling van de orde van de aandeelhoudersvergadering en de plenaire vergadering van de Tweede Kamer. In A.W. Heringa,
A.M.L. Jansen, E.C.H.J. van der Linden & L.F.M. Verhey (Eds.), Het bestuursrecht beschermd. Liber Amicorum F.A.M. Stroink (p. 213-227). Den Haag: Sdu.
Schwarz, C.A. (2006). Wie bepaalt, betaalt: de positie van kapitaalverschaffers
in (personen)vennootschappelijk verband in rechtsvergelijkend perspectief
bezien. In M.J. Kroeze et al. (Eds.), Verantwoording: aan Hans Beckman
(p. 447-462). Deventer: Kluwer.
288
Rechtspersonen in Europa
Schwarz, C.A. (2006). Zeggenschap en aandelen, certificeren of niet. In R.H.
Flören & S.F. Jansen (Eds.), Management in het familiebedrijf (p. 113-124).
Deventer: Kluwer.
Schwarz, C.A. (2006). Invoering van het structuurregime en de mogelijkheid
om daarbij af te wijken van het wettelijk voorziene model. Ondernemingsrecht,
424-427.
Schwarz, C.A. (2007). Bijdragen aan Commentaar Ondernemingsrecht. In M.J.
van Ginneken (Ed.), Commentaar Ondernemingsrecht. Den Haag: Sdu.
Schwarz, C.A. (2007). Curbing activist shareholders. European Company Law,
48-50.
Schwarz, C.A. & Steins Bisschop, B.T.M. (2007). Piercing the Myth of
Management Control; The Ius Commune of the shareholders and Stakeholders'
Models. European Company Law, 4, 58-65.
Steins Bisschop, B.T.M. (2005). Reactie op het commentaar van mw. M. van
der Put; Bindenheidsdiscussie in het vennootschapsrecht. Tijdschrift voor
ondernemingsbestuur, 1, 27-29.
Steins Bisschop, B.T.M. (2005). Actualiteiten corporate governance: Regels,
regels en nog meer regels. Tijdschrift voor ondernemingsbestuur, 2, 61-64.
Steins Bisschop, B.T.M. (2005). Actualiteiten corporate governance. Tijdschrift
voor ondernemingsbestuur, 3, 102-104.
Steins Bisschop, B.T.M. (2005). Actualiteiten corporate governance. Tijdschrift
voor ondernemingsbestuur, 5, 181-187.
Steins Bisschop, B.T.M. (2006). Beloningsystemen; de ongerechtvaardigde
hypothese van parallelle belangen tussen aandeelhouders en bestuurders.
Tijdschrift voor ondernemingsbestuur, 2, 50-59.
Steins Bisschop, B.T.M. (2006). Rumoer in de polder. Tijdschrift voor ondernemingsbestuur, 6, 210-218.
Steins Bisschop, B.T.M. (2006). Duivels dilemma. Fusie en Overname, 2, 32.
Steins Bisschop, B.T.M. (2007). ABN Amro verloren? Tijdschrift voor ondernemingsbestuur, 2, 96-99.
Tas, R. (2005). De ontbinding en de vereffening van de vzw. In VZW en
Stichting (p. 411-459). Brugge: die Keure.
Tas, R. (2005). Fusies en splitsingen van vzw's. In VZW en Stichting (p. 461489). Brugge: die Keure.
289
Wetenschappelijk verslag 2005-2007
Tas, R. (2005). De omzetting van de vzw in een vso. In VZW en Stichting
(p. 491-506). Brugge: die Keure.
Tilleman, B. & Verbeke, A. (Eds.). (2005). Bijzondere Overeenkomsten.
Antwerpen: Intersentia. (122 p.)
Tilleman, B. & Verbeke, A. (2006). Bijzondere overeenkomsten in kort bestek.
(Recht in kort bestek, 3) Antwerpen: Intersentia. (320 p.)
Tilleman, B. & Verbeke, A. (2006). Vrijwaring voor verborgen gebreken naar
gemeen recht geïllustreerd aan de hand van de rechtspraak (1995-2005). In B.
Tilleman & A. Verbeke (Eds.), Bijzondere overeenkomsten in kort bestek
(Recht in kort bestek, 3) (p. 5-25). Antwerpen: Intersentia.
Vananroye, J. (2006). Curator, individuele schuldeiser en bestuursaansprakelijkheid. In H. Braeckmans, H. Cousy et al. (Eds.), Curatoren en vereffenaars:
actuele ontwikkelingen (p. 261-302). Antwerpen: Intersentia.
Vananroye, J. & Wauters, M. (2006). België: de afschaffing van effecten aan
toonder. Ondernemingsrecht, 556-558.
VAKPUBLICATIES
Braak, S.M. van den (2005). De ‘vereenvoudigde’ procedure voor benoeming
en ontslag van bestuurders en commissarissen van een BV. Onderneming &
Financiering, 65, 59-66.
Braak, S.M. van den (2006). Internationaal rechtspersonenrecht – Wet op de
formeel buitenlandse vennootschappen. In M.J. van Ginneken et al. (Eds.), Sdu
commentaar ondernemingsrecht (p. 1796-1813). Den Haag: Sdu.
Dorresteijn, A.F.M. (2006). Minder kapitaal, meer aansprakelijkheid? Weekblad voor Privaatrecht, Notariaat en Registratie, 6676, 590-591.
Dorresteijn, A.F.M. (2007). De Europese dimensie van het ondernemingsrecht.
Maandblad voor Accountancy en Bedrijfseconomie, 81(12), 638-650.
Geens, K. (2005). Ten geleide. In K. Geens (Ed.), VWZ en Stichting (p. V-VII).
Brugge: die Keure.
Geens, K. (2005). Plechtige gelegenheidstoespraak naar aanleiding van de
vijfde verjaardag van het Instituut voor bedrijfsjuristen. Cahier du Juriste,
2005/3, 66-68.
Geens, K. & Jenné, F. (2006). De behandeling van werknemersaandelen en –
opties in geval van openbaar bod op de effecten van de werkgever. In H.
Simonart et al. (Eds.), Liber amicorum Jacques Malherbe (p. 513-534).
Brussel: Bruylant.
290
Rechtspersonen in Europa
Geens, K. & Parisis, G. (2006). Droits et devoirs administrateurs en matière
d’information financière. In Barreau de Bruxelles (Ed.), Actualités en droit des
sociétés (p. 1-32). Bruxelles: ULB Faculté de Droit.
Hamers, J.J.A. & Schwarz, C.A. (2005). Naamloze en besloten vennootschap.
Den Haag: Boom Juridische uitgevers. (130 p.)
Hamers, J.J.A., Schwarz, C.A. & Steins Bisschop, B.T.M. (2005). Voorwoord.
In J.J.A. Hamers, C.A. Schwarz & B.T.M. Steins Bisschop (Eds.), Maatschappelijk Verantwoord Ondernemen: Corporate Social Responsibility in a Transnational Perspective (Ius Commune Europaeum, 53) (p. I-III). Antwerpen:
Intersentia.
Hamers, J.J.A., Schwarz, C.A. & Steins Bisschop, B.T.M. (2005). Voorwoord.
In J.J.A. Hamers, C.A. Schwarz & B.T.M. Steins Bisschop (Eds.), Noodzaak,
plicht of wenselijkheid van Maatschappelijk Verantwoord Ondernemen; een
multidisciplinaire verkenning (p. i-iii). Den Haag: Boom Juridische uitgevers.
Hamers, J.J.A. & Schwarz, C.A. (2005). Vereenvoudiging en flexibilisering
van het BV-recht: Het Waterloo voor de verplichte blokkering bij de besloten
vennootschap. Jibulletin, 17-22.
Hamers, J.J.A. & Schwarz, C.A. (Eds.). (2007). Naamloze en besloten
vennootschap. Den Haag: Boom Juridische uitgevers. (153 p.)
Hellemans, F. & Meulyzer, S. (2006). Exit effecten aan toonder: hoe verloopt
het concreet? Balans: nieuwsbrief voor accountancy en financieel management,
535, 1-8.
Kluiver, H.J. de (2005). Inleiding Bedrijfsopvolging. In Bedrijfsopvolging,
Civielrechtelijke en fiscaalrechtelijke aspecten (Preadvies KNB) (p. 19-24).
Den Haag: Sdu.
Kluiver, H.J. de (2005). Tegenstrijdig belang en het aangaan van arbeidsovereenkomsten met bestuurders. Weekblad voor Privaatrecht, Notariaat en
Registratie, 521-522.
Koppert-van Beek, M.S. van (2005). Actualiteiten rondom de oprichting van
een B.V. Juridisch up to date, 2, 23-27.
Koppert-van Beek, M.S. van (2005). Ontbinding. Het einde of het begin van het
einde van het bestaan van een rechtspersoon... Juridisch up to date, 9, 14-16.
Koppert-van Beek, M.S. van (2005). De geschillenregeling. Over hoe de
rechter een moeizame wettelijke procedure op een onderdeel pragmatisch wil
toepassen. Juridisch up to date, 10, 14-17.
291
Wetenschappelijk verslag 2005-2007
Koppert-van Beek, M.S. van (2005). Besluitvorming en vertegenwoordiging bij
kapitaalvennootschappen. Juridisch up to date, 20, 10-12.
Koppert-van Beek, M.S. van (2006). SDU Commentaar Ondernemingsrecht
(370-372). Den Haag: Sdu.
Koppert-van Beek, M.S. van (2006). SDU Commentaar Ondernemingsrecht
(359-365). Den Haag: Sdu.
Koppert-van Beek, M.S. van (2006). SDU Commentaar Ondernemingsrecht
(690-696). Den Haag: Sdu.
Koppert-van Beek, M.S. van (2006). SDU Commentaar Ondernemingsrecht
(701-703). Den Haag: Sdu.
Koppert-van Beek, M.S. van (2006). De kosten van een enquête. Wil iemand de
onderzoekers betalen? Juridisch up to date, 9, 19-23.
Koppert-van Beek, M.S. van (2006). Het SEVIC-arrest en de mogelijkheid tot
grensoverschrijdende fusie. Juridisch up to date, 14, 15-17.
Koppert-van Beek, M.S. van (2006). Aspecten van ontbinding. Juridisch up to
date, 23, 10-13.
Koppert-van Beek, M.S. van (2007). Storting op aandelen revisited. Juridisch
up to date, 2, 19-23.
Koppert-van Beek, M.S. van (2007). Affectio Societatis? Over de gelijkwaardige positie van vennoten. Juridisch up to date, 7, 11-13.
Koppert-van Beek, M.S. van (2007). Afgeleide schade. Kan een aandeelhouder
een bestuurder aansprakelijk stellen voor waardevermindering van aandelen?
Juridisch up to date, 12, 16-18.
Koppert-van Beek, M.S. van (2007). Materiële toetsing van tegenstrijdig
belang. Juridisch up to date, 18, 18-20.
Kruisinga, S.A. (2005). De battle of the forms in internationaal perspectief: een
eerlijke strijd? Een vergelijkende beschouwing over de battle of the forms in
het Weens Koopverdrag. Contracteren, 4-9.
Kruisinga, S.A. (2005). Performance bond, a bond to perform? Nederlands
Tijdschrift voor Handelsrecht, 81-82.
Kruisinga, S.A. (2006). Weens Koopverdrag (CISG). In A.P.A. de KlerkLeenen & B. Wessels (Eds.), Bijzondere overeenkomsten (De Groene Serie).
(losbladig). Deventer: Kluwer.
292
Rechtspersonen in Europa
Kruisinga, S.A. (2006). Commercialia Handelskoop. Nederlands Tijdschrift
voor Handelsrecht, 1, 24-25.
Kruisinga, S.A. (2006). Commercialia Handelskoop. Nederlands Tijdschrift
voor Handelsrecht, 2, 60.
Kruisinga, S.A. (2006). Commercialia Handelskoop. Nederlands Tijdschrift
voor Handelsrecht, 3, 115.
Kruisinga, S.A. (2006). Commercialia Handelskoop. Nederlands Tijdschrift
voor Handelsrecht, 4, 154-155.
Kruisinga, S.A. (2006). Commercialia Handelskoop. Nederlands Tijdschrift
voor Handelsrecht, 5, 201.
Kruisinga, S.A. (2006). Commercialia Handelskoop. Nederlands Tijdschrift
voor Handelsrecht, 6, 237-238.
Kruisinga, S.A., Schoolderman, F.L.C. & Willem, C. (2006). Vis International
Commercial Arbitration Moot: van Utrecht tot Wenen. Ars Aequi: juridisch
studentenblad, 8, 764-767.
Kruisinga, S.A. (2007). Commercialia Handelskoop. Nederlands Tijdschrift
voor Handelsrecht, 1, 33-34.
Kruisinga, S.A. (2007). Commercialia Handelskoop. Nederlands Tijdschrift
voor Handelsrecht, 2, 97-98.
Kruisinga, S.A. (2007). Commercialia Handelskoop. Nederlands Tijdschrift
voor Handelsrecht, 4, 178-179.
Kruisinga, S.A. (2007). Commercialia Handelskoop. Nederlands Tijdschrift
voor Handelsrecht, 5, 209-211.
Kruisinga, S.A. (2007). Commercialia Handelskoop. Nederlands Tijdschrift
voor Handelsrecht, 6, 258.
Olaerts, M. (2005). Regelgevings- en beleidsoverzicht civiel recht. Tijdschrift
voor ondernemingsbestuur, 2005/1, 30-32.
Olaerts, M. (2005). Regelgevings- en beleidsoverzicht civiel recht. Tijdschrift
voor ondernemingsbestuur, 2005/2, 65-67.
Olaerts, M. (2005). Regelgevings- en beleidsoverzicht civiel recht. Tijdschrift
voor ondernemingsbestuur, 2005/3, 105-106.
Olaerts, M. (2005). Regelgevings- en beleidsoverzicht civiel recht. Tijdschrift
voor ondernemingsbestuur, 2005/4, 141-142.
293
Wetenschappelijk verslag 2005-2007
Olaerts, M. (2005). Regelgevings- en beleidsoverzicht civiel recht. Tijdschrift
voor ondernemingsbestuur, 2005/5, 188-189.
Olaerts, M. (2005). Regelgevings- en beleidsoverzicht civiel recht. Tijdschrift
voor ondernemingsbestuur, 2005/6, 233-234.
Raaijmakers, G.T.M.J. (2005). Wettenbundel Vennootschaps- en effectenrecht
2004/2005. Nijmegen: Ars Aequi Libri. (1026 p.)
Raaijmakers, G.T.M.J. (Ed.). (2005). European Regulation of Company and
Securities Law (2005/2007). Nijmegen: Ars Aequi Libri.
Raaijmakers, G.T.M.J. (2005). Garanties in de overnamepraktijk. In S.Y.Th.
Meijer (Ed.), Bedrijfsovername (p. 77-102). Deventer: Kluwer.
Raaijmakers, G.T.M.J. (2005). Hoofdstuk 5 (effectenrecht). In W.J. Slagter
(Ed.), Compendium Ondernemingsrecht (p. 253-286). Deventer: Kluwer.
Raaijmakers, G.T.M.J. & Maatman, R.H. (2005). Het RNA-arrest en beschermingsconstructies. In Bauer R. et al. (Eds.), Vergezichten (Afscheidsbundel
J.M.G. Frijns) (p. 327-330). Driebergen: Riskmatrix.
Raaijmakers, G.T.M.J. (2006). Actuele ontwikkelingen over aandeelhoudersinvloed. Tijdschrift voor Financieel Recht, 4-8.
Raaijmakers, G.T.M.J. (2006). Transparantie is geen tovermiddel. Zout, 72-75.
Raaijmakers, G.T.M.J., Munsters, R. & Maatman, R.H. (01-03-2006). Geen
Amerikaanse governance-toestanden. Financieel Dagblad, p. 11.
Schwarz, C.A. (2005). De CV sterft uit. O&F: Onderneming & Financiering,
2.
Schwarz, C.A. (2005). Juridische fusie Rechtvaardig? O&F: Onderneming &
Financiering, 2.
Schwarz, C.A. (2005). Slecht voorbeeld doet slecht volgen. O&F: Onderneming & Financiering, 2.
Schwarz, C.A. & Loos, E. (2005). Euronext als agency, Verslag van een
gesprek met Warringa en Benschop over de positie van Euronext. Tijdschrift
voor ondernemingsbestuur, 23-26.
Schwarz, C.A. (2006). BV-recht niet doordacht. Reed Business Information, 3.
Schwarz, C.A. (21-06-2007). Commanditaire Vennootschap Exit. Financieel
Dagblad, p. 20.
294
Rechtspersonen in Europa
Steins Bisschop, B.T.M. (2007). ABN Amro In Play? Fusie en Overname, 5,
36.
Steins Bisschop, B.T.M. (2007). MVO uit de sfeer van vrijblijvendheid. Management Executive, april/mei, 6-9.
ANNOTATIES
Braak, S.M. van den (2006). Noot bij: HvJEG (28-09-2006), RO 2006-1, p. 111.
Braak, S.M. van den (2007). Noot bij: Rb. Rotterdam (25-10-2006), (Yates
International LLC). RO 2007-11, p. 73-74.
Braak, S.M. van den (2007). Noot bij: Rb. Rotterdam (29-11-2006), (Ashford
Computers Ltd). RO 2007-20, p. 138-139.
Braak, S.M. van den (2007). Noot bij: Ktr. Amsterdam (29-01-2007), (BKC
GmbH). RO 2007-37, p. 290-291.
Braak, S.M. van den (2007). Noot bij: HR (16-03-2007), (Free Lance Sprinter
Service). RO 2007-41, p. 325-327.
Braak, S.M. van den (2007). Noot bij: Rb. Amsterdam (11-04-2007), (Hells
Angels). RO 2007-56, p. 441-443.
Braak, S.M. van den (2007). Noot bij: Rb. Alkmaar (23-08-2007), (Stichting
De Nollen). RO 2007-79, p. 589-590.
Braak, S.M. van den (2007). Noot bij: Rb. Rotterdam (15-08-2007), (Faimount/
Capricorn). RO 2007-80, p. 594-596.
Braak, S.M. van den (2007). Noot bij: HvJEG (23-10-2007), (Volkswagen). RO
2007-92, p. 723-725.
Israel, J. (2006). Noot bij: Rb. Den Bosch (31-10-2005), (Appell/Essent). TvI,
p. 23-25.
Israel, J. (2006). Noot bij: Rb. Amsterdam (17-08-2006), 12, (BNP Paribas/
Yukos Oil). JOR, p. 303.
Koppert-van Beek, M.S. van (2006). Noot bij: Rb. Arnhem (14-12-2005), RO
2006-11, p. 72-77.
Koppert-van Beek, M.S. van (2007). Noot bij: Rb. Almelo (04-01-2007), RO
2007-28, p. 231-236.
295
Wetenschappelijk verslag 2005-2007
Koppert-van Beek, M.S. van (2007). Noot bij: Hof Amsterdam (28-02-2007),
(Van Wijnen). RO 2007-44, p. 352-355.
Koppert-van Beek, M.S. van (2007). Noot bij: Rb. Arnhem (11-04-2007),
(Pondac). RO 2007-57, p. 449-452.
Koppert-van Beek, M.S. van (2007). Noot bij: Rb. Dordrecht (16-05-2007),
(Web Circle). RO 2007-61, p. 401-406.
Koppert-van Beek, M.S. van (2007). Noot bij: Hof Amsterdam (05-06-2007),
(Boni Markten). RO 2007-71, p. 520-526.
Koppert-van Beek, M.S. van (2007). Noot bij: Hof Amsterdam (01-02-2007),
(Waterman DeVille/Depaus). RO 2007-77, p. 581-585.
Kruisinga, S.A. (2006). Noot bij: Bundesgerichtshof (02-03-2005), (Non-conformiteit en dioxine). NTHR, p. 92-94.
Kruisinga, S.A. (2006). Noot bij: Hof Leeuwarden (23-08-2006), RO 2006-10,
p. 68-72.
Tas, R. (2005). Noot bij: Kh. Hasselt (23-11-2004), (De nietigheidssanctie bij
een onrechtmatige verkrijging van eigen aandelen). TRV, p. 49-51.
Vananroye, J. (2006). Noot bij: Cass. (29-10-2004), (Boedelvordering of individuele vordering op basis van een rechtmatig vertrouwen omtrent de activa
van de gefailleerde?). TRV, p. 557-560.
Vananroye, J. & Wilde, A. de (2006). Noot bij: Cass. (04-02-2005), (Verantwoordt het groepsbelang dat kosten gemaakt voor de verkoop van goederen van
een moedervennootschap een boedelschuld van de gefailleerde moedervennootschap vormen). TRV, p. 606-611.
Vananroye, J. (2007). Noot bij: Vz. Kh. Hasselt (27-05-2005), (De vordering
tot uittreding of uitsluiting na de ontbinding of het faillissement van de vennootschap). TRV, p. 295-304.
PUBLICATIES ‘GASTONDERZOEKERS’
Bartels, S.E. & Oostwouder, W.J. (2005). Reactie op Consultatiedocument van
het Ministerie van Financiën inzake de Wet financieel toezicht en civiel recht.
Available from: <http://www.minfin.nl/default.asp?CMS_ITEM=MFCWD97
C3F3D2C36F4E50A32EF5AD25377D07X12X44756X34> [01-09-2005].
296
FISCALE VRAAGSTUKKEN IN DE INTERNE MARKT
(GEASSOCIEERD PROGRAMMA)
A.
VOLLEDIGE TITEL
Fiscale vraagstukken in de interne markt
B.
DEELPROGRAMMA'S
Niet van toepassing
C.
ONDERZOEKSLEDEN PROGRAMMA
Begin
onderzoeksleider
Dhr. Prof.Dr. R. Prokisch (UM)
01-07-01
senior onderzoekers
Dhr. Prof.Mr. A.H.R.M. Denie (UM)
Dhr. Prof.Mr. Dr. R.H.C. Luja (UM)
Dhr. Prof.Dr. F. Vanistendael (KUL)
Mw. Mr. M. Weerepas (UM)
01-01-95
01-06-06
01-01-95
01-09-98
onderzoekers
Mw. Mr. A. Bollen (UM)
Dhr. Dr. B. Janssen (OU)
Dhr. Prof.Mr. Dr. R.H.C. Luja (UM)
Dhr. Prof.Dr. W. Vermeend (UM)
01-10-04
01-10-05
23-01-03
01-10-06
promovendi
Dhr. A. Cools
Mw. Mr. A. Faber
Mw. Mr. N.H.A. Gorissen (UM)
Mw. Mr. K. Lubina (UM)
Dhr. G. Moschetti (Padua)
Mw. C. Ní Ghiollarnáth, LL.M (UM)
Dhr. Mr. Drs. M. Schaper (UM)
01-02-07
01-02-06
01-10-03
01-10-03
01-02-07
01-02-06
01-02-07
Einde
31-05-06
30-09-06
De navolgende personen zullen in de loop van 2008 aan de onderzoeksgroep
worden toegevoegd:
297
Wetenschappelijk verslag 2005-2007
senior onderzoekers:
Dhr. Prof. Dr. Luc de Broe (KUL)
Dhr. Prof. Dr. Axel Cordewener (KUL)
onderzoeker
Mw. Dr. I.J. Mosquera Valderrama (UU)
promovendus
Dhr. Mr. M. de Wilde (UU)
D.
TREFWOORDEN
Belastingrecht in Europees en internationaal verband, fiscale rechtsvergelijking,
discriminatieverboden, harmonisatie van belastingstelsels, belastingconcurrentie
E.
SAMENVATTING PROGRAMMAOPZET
I.
Programmaopzet
Het programma ‘Fiscale vraagstukken’ staat centraal in de onderzoeksschool
‘Ius Commune’. De afgelopen jaren zijn verschillende ontwikkelingen zichtbaar geworden op het gebied van integratie van belastingrecht op internationaal
en Europees niveau. Wij zien het als onze taak deze ontwikkelingen kritisch te
begeleiden. Het programma heeft zich in de relatief korte tijd van zijn bestaan
goed verder ontwikkeld en leidt nu jaarlijks tot opmerkelijke resultaten.
Het programma had in de afgelopen twee jaar meerdere zwaartepunten. De
oratie van prof. Prokisch met de titel ‘About the Future Fiscal Constitution of
the United States of Europe’ (december 2002) is in zoverre ook binnen het onderzoeksprogramma te begrijpen. Ze laat zien dat onze onderzoeksinteresse niet
alleen naar belastingrechtsvragen gaat, maar interdisciplinair is opgezet. Voor
de multidisciplinaire benadering zij ook verwezen naar F. Vanistendaels belangrijke artikel: ‘A la recherche d’un modèle de l'enseignement du droit: utopie … ou but à atteindre?’, in: Liber Amicorum Guy Horsmans, Bruxelles:
Bruylant 2004, p. 1125-1138.
Wij organiseren elk jaar tijdens het Ius Commune Congres een workshop. De
workshop dient niet alleen voor wetenschappelijke discussies maar is ook een
samenkomst waar wij informatie uitwisselen over lopende onderzoeksprojecten
en nieuwe afspraken maken. Daarnaast ontmoeten wij elkaar door het jaar heen
bij verschillende gelegenheden, zoals b.v. tijdens de fiscaalrechtelijke mootcourt in Leuven. De onderzoeksgroep publiceert in vier talen: Engels, Frans,
Duits en Nederlands.
298
Fiscale vraagstukken in de interne markt (geassocieerd programma)
II.
Programma gedetailleerd
a.
Invloed van het Europees recht op het nationale belastingrecht
Gezien het feit dat het Europees recht ten dele door rechtsregeling, maar nog
meer door de rechtspraak van het Hof van Justitie invloed krijgt op het nationale belastingrecht, zien wij het als een van onze voornaamste taken aan deze
ontwikkelingen aandacht te besteden.
In het jaar 2007 stond de nieuwe bewerking van het standaardwerk over belastingverdragen op de voorgrond (Lehner/Vogel, DBA, 5. Aufl. 2008, BeckVerlag München). De nieuwe bewerking was sterk beïnvloed door de grotere
inachtneming van Europees recht. Het commentaar is een coproductie van verschillende auteurs onder leiding van de ‘Forschungsstelle für internationales
Steuerrecht an der Universität München’.
In het geheel moesten door Prof. Prokisch meerdere artikelen worden behandeld. In detail ging het o.a. om: emigratie van ondernemingen in Europa,
belasting van samenwerkingsverbanden, misbruik op het gebied van belastingrecht met Europese of internationale raakvlakken, belasting van vervreemdingswinsten, verhuizing van individuen naar andere lidstaten met het (neven)doel belastingen te sparen, de belasting van zelfstandig werkende personen
in internationaal verband, belasting van internationaal werkzame werknemers
en grensarbeiders, belastingvragen in samenhang met hoogleraren en studenten,
belastingen van pensioenen in Europa, bijzondere vraagstukken in verband met
activiteiten van bestuurders en commissarissen.
Met betrekking tot de belasting van commissarissen en bestuurders wordt door
de promovendus Andy Cools aan een omvattend proefschrift gewerkt. Het onderzoek is al ver gevorderd en wij verwachten dat hij zijn proefschrift nog in
2008 kan verdedigen. Prof. Prokisch heeft met hetzelfde onderwerp aan een
congres in Wenen deelgenomen en daar een paper over het probleem gepresenteerd. De paper wordt in de congresbundel 2008 gepubliceerd.
Verder zijn wij bezig met alle vragen die op Europees gebied voorkomen. De
promovendus M. Schaper werkt aan een proefschrift over ‘Fiscal Distortions in
the Internal Market’. Gezien het feit dat de verhouding tussen de discriminatieverboden en soevereiniteit van de lidstaten nog weinig theoretisch doordacht is,
wil M. Schaper criteria ontwikkelen die de scheiding duidelijker en de toetsing
helder maken. Een andere promovendus, Giovanni Moscetti, werkt aan een
proefschrift over het proportionaliteitsbeginsel in de belastingrechtspraak van
het Europese Hof. Het beginsel wordt meer en meer toegepast door het Hof,
maar helaas zonder theoretisch onderbouwde theorie. Ook rijst de vraag hoe het
proportionaliteitsbeginsel in de toekomst zal worden toegepast en welke consequenties dit zal hebben voor de nationale belastingstelsels.
299
Wetenschappelijk verslag 2005-2007
Een ander zwaartepunt van onderzoek is de zogenoemde ‘Common Consolidated Tax Base’. In 2007 hebben M. Schaper en Prof. Prokisch een artikel over de
internationale aspecten geschreven die in 2008 wordt gepubliceerd. Over hetzelfde onderwerp heeft Prof. Prokisch een lezing gehouden naar aanleiding van
een high-level-congres in Berlijn. Wij willen het onderwerp ook in de toekomst
vervolgen en schrijven tegenwoordig een onderzoeksvoorstel met de hoop om
het onderzoek gefinancierd te krijgen.
Sinds 2007 is Prof. Prokisch lid van een werkgroep die van de Europese Commissie de opdracht heeft gekregen het uitgavenbeleid van de Europese Unie te
onderzoeken en voorstellen te maken voor toekomstige prioriteiten gezien de
beperkte middelen waarover de EU kan beschikken. Het onderzoek wordt in
2008 gepubliceerd.
b.
Economie en belastingen
In de laatste jaren hebben wij bewust ons onderzoeksbeleid uitgebreid met economische vraagstukken en daarom ook twee economen (Janssen en Vermeend)
in het programma opgenomen. Prof. Vermeend heeft het op zich genomen een
handboek over belastingen uit economisch oogpunt te schrijven. Wij vertrouwen erop dat dit boek in de toekomst een academisch standaardwerk zal zijn en
dat daardoor het onderzoeksprogramma wereldwijd aandacht zal trekken. Het
boek (Willem Vermeend/Rick van der Ploeg/Jan Willem Timmer, Taxes and
the Economy, Edward Elgar Publishers, Cheltenham(UK)/Northhampton
(USA), 2008, 479 p.) komt in maart 2008 op de markt.
Parallel werkt Dr. B. Janssen aan de vergelijking van belastingtarieven, vooral
op het gebied van vennootschapsbelasting en vraagstukken in samenhang met
de relatie tussen financieel accounting en tax accounting. Bij gelegenheid van
ons symposium 2006 heeft hij een lezing verzorgd.
c.
Rechtsvergelijking: fiscale concurrentie en staatssteun in Europa
Prof. Luja and Ms Ní Ghiollarnáth focus their research on comparative tax law.
In particular, their field of expertise concentrates on special tax regimes in the
context of European State Aid regulation, the World Trade Organization's Subsidies Agreement and OECD policies on harmful tax competition.
Prof. Luja has written extensively on the treatment of direct tax incentives in
European countries vis-à-vis EU State Aid regulation and he is one of the leading European experts in this field. In his 2006 lecture at the occasion of accepting his appointment to the chair of comparative tax law, Prof. Luja addressed
new areas of comparative research in the field of regulating tax incentives in
federal countries like the USA and multi-state unions like the EU. Future research will also include the position of national tax incentives within the proposed European common consolidated tax base.
300
Fiscale vraagstukken in de interne markt (geassocieerd programma)
As of 2004/2005 Prof. Luja has been a visiting professor at Europe's leading tax
institutions, among the International Tax Center Leiden, the IBFD International
Tax Academy in Amsterdam, and, in 2007/2008, at the Vienna Postgraduate
program in International Tax Law. On behalf of the Academy of Legislation in
The Hague, he has also lectured on fiscal state aid at the Dutch Ministry of Finance. He also contributed to the legislative debate about major changes in the
Dutch Corporation Tax system as of 2007. In addition, Prof. Luja has given a
series of lectures abroad about fiscal state aid and international trade law regulation and he was invited to write the 2007 report on this subject for the annual
conference of the European Association of Tax Law Professors (EATLP). Recent publications have focused on the state aid position of investment fund regimes and fiscal autonomy.
Ms Ní Ghiollarnáth is in the process of writing a thesis about promoting energy
efficiency by means of direct tax incentives in the EU, Canada and New Zealand. While most research in the field of ecological taxation focuses on indirect
taxation (levies on fuel, CO2 etc.), this project focuses on using national income
tax and corporation tax systems to promote environmental-friendly investment
in green energy and reduction of energy-consumption, set off against Kyoto
objectives and restrictions imposed by EU State Aid provisions and WTO obligations.
Apart from continuing the aforementioned research, future PhD-research is
planned regarding national road tax policies and car tax incentives within the
EU and their problematic effect on EU mobility, set in the context of EU state
aid restrictions on promoting environmental friendly cars and on providing financial compensation to local/national businesses.
While most of this comparative research focuses on the state aid aspects of tax,
other comparative issues may be addressed as well should they contribute to the
political or academic debate. In this context, Ms N. Gorissen is finishing up a
thesis in Dutch on the topic of legitimate expectations in tax law (‘Het vertrouwensbeginsel in het belastingrecht’). This thesis will address the topic from a
comparative perspective, involving the national legal systems of the Netherlands, Belgium and Germany as well as relevant aspects of EU law. Ms Gorissen will be defending her thesis in 2008.
Ms Mosquera Valderrama has defended her comparative thesis on leasing and
legal culture at the University of Groningen in 2007 prior to moving to Utrecht
University and her accession to the research group.
d.
Omzetbelasting
De omzetbelasting is de Europees belasting par excellence. De grondslagen zijn
omvangrijk geharmoniseerd en het nationale recht is sterk afhankelijk van het
Europees recht en de rechtsspraak van het Hof van Justitie EG. In het kader van
301
Wetenschappelijk verslag 2005-2007
Ius Commune trachten wij deze afhankelijkheden nader te belichten hetgeen tot
2005 tot een groot aantal publicaties leidde (o.m. het proefschrift van mw. Stevens, Het verrichten van diensten onder bezwarende titel en het boek BTW en
EG-transacties, waarvan Prof. A.H.R.M. Denie, hoofdredacteur/redacteur was
en mrs. Linssen en Nieuwenhuizen (UvA) mede-auteurs). Thans is door persoonlijke omstandigheden en zakelijke keuzes in de periode 2005-2007 de produktie terug gevallen. Voor 2008 en volgende jaren kan men uitzien naar een
herstel van de productie in publicaties. Het proefschrift met de werktitel De
doorwerking van de Gemeenschap bindende beginselen in de BTW komt begin
2008 in de eindfase en bij normaal verloop starten twee , mede ‘derde gefinancierde’ nieuwe onderzoeken met publikatieresultaten. Prof. Denie is regelmatig
spreker en/of voorzitter van workshops en conferenties.
e.
Vergelijkende belasting van inkomsten uit arbeid (incl.
grensarbeiders en pensioenen)
Het project grensoverschrijdende arbeid is al sinds jaren één van onze kernprogramma's. Omdat in de Euregio de problematiek van grensarbeiders een grote
rol speelt hebben alle ontwikkelingen op dit gebied sterk onze aandacht. Hiermee zijn vooral Dr. Weerepas en Prof. Prokisch bezig.
Naast belastingheffing vindt over het inkomen premieheffing plaats. De discussie of de volksverzekeringen moeten worden gefiscaliseerd komt steeds weer
op. Fiscalisering wil zeggen: het opnemen van de premies volksverzekeringen
in de belastingen met als gevolg dat er geen premies volksverzekeringen meer
zijn. Deze fiscalisering heeft voor- en nadelen. De fiscalisering heeft effecten
op het niveau van de overheid en op het niveau van de individuele burger en het
bedrijfsleven. Ook in het grensoverschrijdende arbeidsverkeer heeft de fiscalisering effecten. Een interessant onderzoek is de vraag wat de mogelijke gevolgen van de fiscalisering van de volksverzekeringen op nationaal en internationaal/Europees niveau zijn. Een NWO-voorstel (open ronde) zal worden ingediend. Dit voorstel is in een vergevorderd stadium.
Sinds 2003 stond het onderwerp pensioenen op de voorgrond. Prof. Prokisch
heeft uitgebreid onderzoek gedaan. De resultaten zijn opgenomen in het commentaar op belastingverdragen. Dr. M. Weerepas heeft zich bezig gehouden
met de vragen van onverzekerde situaties in Europa. En Dr. A. BollenVandenboorn heeft haar proefschrift De fiscale aspecten van pensioendeling bij
echtscheiding, Amersfoort 2004, SDU voorgelegd.
Het onderzoek in de periode 2005 t/m 2007 heeft enerzijds betrekking gehad op
haar promotieonderzoek, met dien verstande dat ze in haar publicaties aandacht
heeft gegeven aan de problematiek van pensioendeling over de grenzen heen.
Anderzijds heeft haar onderzoek zich gericht op nieuwe ontwikkelingen op het
terrein van de toekomstvoorzieningen, waarbij de levensloopregeling een
302
Fiscale vraagstukken in de interne markt (geassocieerd programma)
nieuwkomer is. In haar onderzoek is daarbij ook aandacht besteed aan de internationale complicaties die optreden door de invoering van deze regeling.
Doelstelling voor de toekomst is publicatie van het boek Pensioen in de loonsfeer in 2009. Naast de nationaalrechtelijke aspecten van pensioen in de loonsfeer, zijn er veel internationale en Europeesrechtelijke consequenties verbonden
aan de opbouw en uitkering van pensioen. Niet alleen van belang zijn de consequenties van het wonen in het ene land en het opbouwen en ontvangen van
pensioen in het andere land, nog complexer is de materie rondom de waardeoverdracht van pensioen. Aan deze complexe materie ligt de vraag ten grondslag op welke wijze de overige Europese landen hun pensioenstelsels hebben
vormgegeven. Indien duidelijk is hoe de diverse pensioenstelsels zijn vormgegeven, kan ook ingegaan worden op de problematiek rondom de waardeoverdracht. Bij het beantwoorden van deze vragen, zal tevens rekening gehouden
worden met de opvattingen van de Europese commissie omtrent dit onderwerp.
De Europese Commissie probeert steeds meer een sturing te geven, om de landen op een lijn te krijgen voor de organisatie van hun pensioenstelsels.
III. Beoogde resultaten
Ondanks het feit dat de omstandigheden in de afgelopen jaren voor het programma niet optimaal waren (Prof. Vanistendael was gepensioneerd en de opvolgers waren nog niet bepaald, in Utrecht duurde het veel langer dan gedacht
tot de hoogleraarplaats belastingrecht was ingevuld, etc.) kunnen wij toch met
trots op een groot aantal uitstekende publicaties terugkijken. Verder willen wij
in de toekomst de betere omstandigheden benutten om tot een groter aantal
publicaties te komen, ten dele ook in samenwerking met de verbonden universiteiten.
IV. Academische reputatie
De (senior)onderzoekers van het onderzoeksprogramma ‘Fiscale vraagstukken’
staan binnen academische kringen hoog aangeschreven voor hun expertise op
het terrein van het (Europese) belastingrecht. Zij genieten onder fiscalisten wereldwijde bekendheid. Het moet onze taak zijn deze reputatie te behouden en
binnen het kader van het programma nog verder te ontwikkelen ten behoeve
van de onderzoeksgroep.
303
Wetenschappelijk verslag 2005-2007
F.
OPBOUW ONDERZOEKSINPUT WETENSCHAPPELIJK PERSONEEL
in fte's
2005
2006
2007
Hoogleraar
Universitair hoofddocent
Universitair docent
Postdocs
Junior onderzoekers (AIO/OIO)
1,15
1,16
1,70
1,41
1,12
3,12
1,53
0,95
3,05
G.
INHOUDELIJK OVERZICHT RESULTATEN
Werd hierboven toegelicht.
H.
VOORTZETTING
Wij zijn in de situatie van ommekeer. Lange tijd waren wij een kleine onderzoeksgroep, dit gaat nu veranderen. Leuven breidt het belastingrecht uit en
Utrecht is al een paar jaar bezig met de opbouw van een grotere vakgroep en
een eigen belastingrechtopleiding. Verder hebben enige onderzoekers uit Edinburgh en Luik aangegeven dat ze graag lid willen worden. Dat betekent dat er
in toekomst meer draagvlak voor samenwerking zou zijn. Tussen Amsterdam
en Maastricht geeft het al een samenwerkingsproject om een handboek over het
Nederlandse internationale belastingrecht te schrijven. Verder willen wij in
toekomst samen jaarlijks een congres organiseren, vooral op het gebied van
Europees belastingrecht. Een ander project dat nog in 2008 wordt afgesloten is
een handboek over alle belastingvragen van universiteiten die internationale
verbindingen hebben.
I.
KERNPUBLICATIES
Beide zijn publicaties die uit heb belastingrecht internationaal en Europees niet
meer weg te denken zijn en het goede imago van het programma bevestigen.
Vermeend, W., Van der Ploeg, R. & Timmer, J.W. (2008), Taxes and the Economy, Cheltenham (UK)/Northhampton (USA): Edward Elgar, 2008, 479 p.
Prokisch, R. (2008). Artikel 1, 15, 16 OECD Model Convention, in: K. Vogel
& M. Lehner (Eds.). Doppelbesteuerungsabkommen Kommentar, München:
C.H. Beck.
J.
UITSTEKENDE PUBLICATIES
Luja, R.H.C. (2005). The WTO Subsidies regime: Are there lessons to be
learned from recent EC State Aid issues? In W. Lang et al. (Eds.), WTO and
Direct Taxation (p. 103-114). Wien: Linde Verlag.
304
Fiscale vraagstukken in de interne markt (geassocieerd programma)
Vanistendael, F. (2006). The ECJ at the Crossroads: Balancing tax sovereignty
against the Imperatives of the single market. European Taxation, 46(9), 413420.
Weerepas, M.J.G.A.M. & Pennings, F. (2006). Towards a convergence of
coordination in social security and tax law? Ec Tax Review, 4, 215-225.
Prokisch, R.G. (2005). Grenzüberschreitende Verlustberücksichtigung. In R.
von Groll (Ed.), Verluste im Steurrecht, Deutsche Steuerjuristische Gesellschaft
Band 28 (p. 229-253). Köln: Otto Schmidt Verlag.
Prokisch, R.G. (2005), Grenzüberschreitende Verlustberücksichtigung, in: R.
von Groll (Ed.), Verluste im Steuerrecht, Deutsche Steuerjuristische Gesellschaft Band 28 (p. 275-298). Köln: Otto Schmidt Verlag
K.
DISSERTATIES
In de verslagperiode hebben er geen dissertaties plaatsgevonden.
L.
OVERZICHT VAN ALLE OVERIGE PUBLICATIES
WETENSCHAPPELIJKE PUBLICATIES
Bollen-Vandenboorn, A.H.H. (2005). Fiscale aspecten ingevolge de WVPS,
alsmede de uitsluiting van pensioendeling. Pensioen & Praktijk, 11, 5-8.
Bollen-Vandenboorn, A.H.H. (2006). Levensloopregeling in vogelvlucht. Tijdschrift voor ondernemingsbestuur, 5, 187-194.
Denie, A.H.R.M. (2005). Steekproef stuit op stelsel. Weekblad voor Fiscaal
Recht, 6622, 627-636.
Janssen, B. (2005). Corporate effective tax rates in the Netherlands. De
Economist, 153(1), 47-66.
Janssen, B. (2005). Effectieve belastingdruk op grote(re) Nederlandse ondernemingen. Maandblad voor Accountancy en Bedrijfseconomie, 4(79), 162-167.
Janssen, B., Vandenbussche, H. & Crabbe, K. (2005). Is there regional tax
competition? Firm level evidence for Belgium. De Economist, 153(3), 257-276.
Janssen, B. (2007). Goodwill en onderhanden werk, commercieel en fiscaal
bezien. In R.C.M. Brouwers (Ed.), Balanceren tussen commercieel en fiscaal
(Maastrichtse Fiscale Symposia, 16) (p. 39-48). Deventer: Kluwer.
305
Wetenschappelijk verslag 2005-2007
Lubina, K. (2007). Human remains in the KIT Tropenmuseum collection –
Summary of meting of experts. In van David Duuren (Ed.), Physical anthropology reconsidered: Human remains at the Tropenmuseum (p. 83-95).
Amsterdam: KIT Publishers.
Luja, R.H.C. (2005). Omzetbelasting, boetes en staatssteun. Weekblad voor
Fiscaal Recht, 6607, 54-59.
Luja, R.H.C. (2005). Renseignering onder de Spaarrenterichtlijn. Tijdschrift
voor Formeel Belastingrecht, 1, 17-21.
Luja, R.H.C. (2005). State Aid Reform 2005/09: Regional Fiscal Autonomy
and Effective Recovery. European Taxation, 45(12), 566-570.
Luja, R.H.C. (2006). Stimulerende belastingsheffing. (inaugurele reden Universiteit Maastricht, 20 oktober 2006). Maastricht: Universiteit Maastricht.
Luja, R.H.C. (2006). Boxen, beleggingsinstellingen en staatssteun. Weekblad
voor Fiscaal Recht, 6679, 819-822.
Luja, R.H.C. (2006). Investment Funds, Tax Planning and State Aid. European
Taxation, 12, 565-569.
Luja, R.H.C. (2006). Stichtingen, terugvordering en staatssteun in de VS.
Weekblad voor Fiscaal Recht, 6661, 256-261.
Luja, R.H.C. (2007). Grensoverschrijdende criminaliteit en kostenaftrek: een
principiële keuze? Weekblad voor Fiscaal Recht, 1291-1296.
Luja, R.H.C. (2007). Should Fiscal State Aid Go Global? Ec Tax Review, 5,
231-235.
Moschetti, G. (2007). Integrabilità della dichiarazione dei redditi non indicante
i costi con imprese site in ‘paradisi fiscali’ e problematiche relative al soggetto
responsabile di violazioni iva. In Rivista di Giurisprudenza ed Economia
d’Azienda (p. 215-227). Roma: Aracne Editrice.
Prokisch, R.G. (2005). Break-out Sitzung IIa: Umstrukturierung nach Erwerb
eines Unternehmens. Internationales Steuerrecht, 557-557.
Prokisch, R.G. (2005). Steuerfragen des internationalen Unternehmenserwerbs,
Deutscher Nationalbericht zum Thema II IFA-Kongress Buenos-Aires 2005.
Cahiers de Droit Fiscal International, 90b, 275-298.
Prokisch, R.G. (Ed.). (2006). VPB 2007 in het perspectief van Europa (Maastrichtse fiscale symposia, 15). Alphen aan den Rijn: Kluwer. (79 p.)
306
Fiscale vraagstukken in de interne markt (geassocieerd programma)
Prokisch, R.G. (2006). Grensoverschrijdende bedrijventerreinen – Het derde
aanvullend protocol bij het Duits-Nederlandse Belastingverdrag van 1959. In
M. Faure & M. Peeters (Eds.), Grensoverschrijdend recht (Ius Commune
Europaeum, 58) (p. 193-203). Antwerpen: Intersentia.
Prokisch, R.G. (2006). Grensoverschrijdende bedrijventerreinen – Het derde
aanvullend protocol bij het Duits-Nederlandse Belastingverdrag van 1959.
Forfaitair, 170, 9-15.
Prokisch, R.G. (2006). Steuerrecht – Grenzüberschreitende Gewerbegebiete –
Das Ergänzungsprotokoll zum DBA Deutschland-Niederlande 1959. Internationale Wirtschafts-Briefe, 20, 963-974.
Vanistendael, F. (2005). Het eeuwige (?) tekort van de sociale zekerheid. In D.
Simoens, D. Pieters, J. Put, P. Schoukens & Y. Stevens (Eds.), Sociale zekerheden in vraagvorm (p. 503-528). Antwerpen: Intersentia.
Vanistendael, F. (2005). A comparative and economic approach to equality in
European Taxation. In R. Gocke & F. Wassermeyer (Eds.), Körperschaftsteurer, Internationales steuerrecht und Doppelbesteuerung: Festschrift fur
Franz Wassermeyer zum 65. Geburtstag (p. 523-541). München: Beck.
Vanistendael, F. (2005). The interest savings directive: European hide and seek.
In H.P.A.M. van Arendonk & M. Ellis (Eds.), A tax globalist: the search for the
borders of international taxation: essays in honour of Maarten J. Ellis (p. 326355). Amsterdam: IBFP.
Vanistendael, F. (2005). Marché interne et souveraineté fiscale. In Liber Amicorum Cyrille David (p. 255-268). Paris: Panthéon-Sorbonne.
Vanistendael, F. (2005). Murai the tax Samurai from Kansai. In Liber Amicorum tadashi Murai (p. 18-23). Kansai: The Institute of Legal Studies Kansai
University.
Vanistendael, F. (2005). BA+MA=(3+2=5+0=4+1)x 60 ECTS. Slovenian Law
Review, II/1-2, 183-195.
Vanistendael, F. (Ed.). (2006). Fiscaal recht (Themis, Vormingsonderdeel 35).
Brugge: die Keure.
Vanistendael, F. (2006). BA+MA = (3+2=5+0=4+1) x60 ECTS > (3+1) x 60
ECTS. In H. Simonart et al. (Eds.), Liber Amicorum Jacques Malherbe
(p. 1087-1102). Bruxelles: Bruylant.
Vanistendael, F. (2006). Belastingvermijding, belastingontduiking en het witwassen van zwart geld. In B. Raymaekers & G. van Riel (Eds.), Weten in
woorden en daden (XXI: lessen voor de eenentwintigste eeuw, 12) (p. 179203). Leuven: Universitaire Pers Leuven.
307
Wetenschappelijk verslag 2005-2007
Vanistendael, F. (2006). Chapter V: General Report on the fundamental freedoms and national sovereignty in the European Union. In International Bureau of
Fiscal Documentation (Ed.), EU Freedoms and Taxation, Report on the annual
meeting of the European Association of Tax Law Professors, Paris, June 2004
(p. 167-220). Amsterdam: International Bureau of Fiscal Documentation.
Vanistendael, F. (2006). Marché interne et souveraineté fiscale. In Regards
critiques et perspectives sur le droit et la fiscalité. Liber Amicorum Cyrille
David (p. 255-277). Paris: L.G.D.J. (Université Paris (Panthéon-Sorbonne)).
Vanistendael, F. (2006). Het Europese Hof van Justitie: op het rechte pad of op
fiscale dwaalwegen. In H.M.N. Schonis (Ed.), Gedreven, eigenzinnig, creatief
en honkvast. Schonis-bundel: opstellen aangeboden aan Prof. mr. H.M.N.
Schonis ter gelegenheid van zijn afscheid als hoogleraar aan de Radboud
Universiteit Nijmegen (p. 305-333). Deventer: Kluwer.
Vanistendael, F. (2006). Wanneer wordt fiscale autonomie fiscale soevereiniteit, voor de toepassing van staatssteun? In D.A. Albregtse & P. Kavelaars
(Eds.), Maatschappelijk heffen 1, De wetenschap. Liber Amicorum L. Stevens
(p. 591-611). Deventer: Kluwer.
Vanistendael, F. & Isenbaert, M. (2006). De rechtspraak van het Europese Hof
van Justitie en de nieuwe en gewijzigde fiscale E.U. Richtlijnen: revolutie in
het nationale belastingrecht. In F. Vanistendael (Ed.), Fiscaal recht (Themis,
Vormingsonderdeel 35) (p. 57-87). Brugge: die Keure.
Vanistendael, F. & Vanderkerken, C. (2006). Verscherping van de fraudebestrijding en invloed van de witwaswetgeving. In F. Vanistendael (Ed.),
Fiscaal recht (Themis, Vormingsonderdeel 35) (p. 31-56). Brugge: die Keure.
Vanistendael, F. (2007). De weerslag van recente arresten van het Europees
Hof van Justitie op het Belgische belastingrecht. In VRG Alumni (Ed.), Recht
in beweging (VRG Alumnidag 2007) (p. 71-86). Antwerpen: Maklu.
Vanistendael, F. (2007). Denkavit Internationaal: The Balance between Fiscal
Sovereignty and the Fundamental Freedoms? European Taxation, 5, 210-213.
Weerepas, M.J.G.A.M. (2005). Voorwaarden vrijwillige verzekering in strijd
met art. 39 EG. Weekblad voor Fiscaal Recht, 6645, 1495-1465.
Weerepas, M.J.G.A.M. (2007). De 30%-regeling, nadere duidelijkheid over het
begrip inkomende werknemer en zijn inhoudingsplichtige. NTFR-B, 3, 1-6.
Weerepas, M.J.G.A.M. (2007). Grensoverschrijdende verzekeringsplicht: voldoende duidelijk? NTFR-B, 5, 8-12.
308
Fiscale vraagstukken in de interne markt (geassocieerd programma)
Weerepas, M.J.G.A.M. & Essers, G.J.C. (2007). Premieheffing AWBZ en Zvw
over buitenlandse pensioenen; het arrest-Nikula. Weekblad voor Fiscaal Recht,
6716, 429-437.
VAKPUBLICATIES
Bollen-Vandenboorn, A.H.H. (2005). Fiscale aspecten ingevolge de WVPS,
alsmede de uitsluiting van pensioendeling. Pensioen & Praktijk, 11, 5-8.
Bollen-Vandenboorn, A.H.H. (2005). Pensioendeling bij echtscheiding vanuit
een (inter)nationaal perspectief. VP-bulletin, 10, 2-6.
Bollen-Vandenboorn, A.H.H. (2005). Wet conflictenrecht geregistreerd partnerschap en consequenties rondom pensioenverevening. Maas & Roer (Fiscale
Berichten Uit de Euregio), 9, 7-9.
Bollen-Vandenboorn, A.H.H. (2006). Internationale aspecten van de levensloopregeling. Maas & Roer (Fiscale Berichten Uit de Euregio), 12, 13-15.
Bollen-Vandenboorn, A.H.H. (2007). NDFR update art. 6.1 t/m 6.8, 6.13 t/m
6.15. Amersfoort: Sdu [Online]. Available from: <http://www.ndfr.nl> [01-012007].
Bollen-Vandenboorn, A.H.H. (2007). NDFR update art. 6.1, 6.2, 6.3, 6.5, 6.13.
Amersfoort: Sdu [Online]. Available from: <http://www.ndfr.nl> [01-03-2007].
Bollen-Vandenboorn, A.H.H. (2007). NDFR update art. 6.1 t/m 6.8, 6.13 t/m
6.15. Amersfoort: Sdu [Online]. Available from: <http://www.ndfr.nl> [01-062007].
Bollen-Vandenboorn, A.H.H. (2007). NDFR update art. 6.1 t/m 6.8, 6.13 t/m
6.15. Amersfoort: Sdu [Online]. Available from: <http://www.ndfr.nl> [01-102007].
Cools, A. (2007). Tak 26 contracten: niet in mindering van berekeningsbasis
notionele interestaftrek. Fiscale Actualiteit, 5, 1-3.
Cools, A. (2007). Vrijstelling successierechten familiale ondernemingen:
tewerkstellingsvoorwaarde strijdig met Europees recht? Fiscale Actualiteit, 8,
11.
Cools, A. (2007). Het werkgeversbegrip bij internationale uitzendarbeid met
focus op het nieuwe dubbelbelastingverdrag tussen België en Nederland. Tijdschrift voor fiscaal recht, 322, 3.
Cools, A. & Wanten, D. (2007). Hoge Raad velt nieuw arrest over driehoekssituatie. Fiscoloog Internationaal, 285, 6.
309
Wetenschappelijk verslag 2005-2007
Denie, A.H.R.M. (2005). BTW-reparatie, l'histoire se répète. Forfaitair, 18
(156), 26-29.
Denie, A.H.R.M. (2005). Dubbele rechtsbescherming en rechtsmanco. Maas &
Roer (Fiscale Berichten Uit de Euregio), 10, 9-10.
Gorissen, N.H.A. (2007). Betalen voor informatie in Duitsland. Maas & Roer
(Fiscale Berichten Uit de Euregio), 13, 13-14.
Gorissen, N.H.A. (2007). Nederlandse Documentatie Fiscaal Recht IB 2001:
digitale uitgave met artikelsgewijs commentaar (update januari). Amersfoort:
Sdu.
Gorissen, N.H.A. (2007). Nederlandse Documentatie Fiscaal Recht IB 2001,
digitale uitgave met artikelsgewijs commentaar (update juni). Amersfoort: Sdu.
Luja, R.H.C. (2005). Premieuitbetaling en toeslaginning? Maas & Roer
(Fiscale Berichten Uit de Euregio), 2005/10, 7.
Luja, R.H.C. (2005). Fax Fataal: rechtstreeks beroep tegen de primaire aanslag.
Maas & Roer (Fiscale Berichten Uit de Euregio), 2005/10, 11.
Luja, R.H.C. (2007). Duidelijk, stellig en onder voorbehoud (column).
Forfaitair, 174, 2.
Luja, R.H.C. (2007). Dynamiek in belastingheffing anno 2007. First Almanak,
44-48.
Luja, R.H.C. (2007). Is een administratieve boete voor de adviseur ernstig
bezwarend? Maas & Roer (Fiscale Berichten Uit de Euregio), 13, 12-13.
Luja, R.H.C. (2007). Tax related difficulties of state aid rules European Association of Tax Law Professors (EATLP) Helsinki Conference Report. [Online]
Helsinki: EATLP. Available from: <http://www.eatlp.org/uploads/Public/Luja
%20EATLPHelsinki2007Conferencev2.pdf> [01-01-2007].
Luja, R.H.C. (15-02-2007). Omstreden start Europees onderzoek naar groepsrentebox. Het Financiele Dagblad, p. 9.
Schaper, M.G.H. (2007). Balanceren tussen Commercieel en Fiscaal. Weekblad
voor Fiscaal Recht, 136, 184-187.
Schaper, M.G.H. (2007). Coalition Government Presents Tax Plans. Tax Notes
International, 45, 651-652.
Schaper, M.G.H. (2007). De Woonplaats van de Natuurlijke Persoon in art. 4
AWR. Firm, 14, 7-11.
310
Fiscale vraagstukken in de interne markt (geassocieerd programma)
Schaper, M.G.H. (2007). Eigenheimzulage ook voor Grensarbeider? Maas &
Roer (Fiscale Berichten Uit de Euregio), 13, 20-22.
Vanistendael, F. (2005). A rejoinder to Manuel Pires: What if there is no tax
Coca Cola? Ec Tax Review, 59-60.
Vanistendael, F. (2005). Cohesion, the Phoenix rises from his ashes. Ec Tax
Review, 4, 208-222.
Vanistendael, F. (2005). Een nieuwe aanmerkelijke belangheffing. Algemeen
Fiscaal Tijdschrift, 1, 1-3.
Vanistendael, F. (2005). De wettelijkheid van de herkwalificatie van akten of
fraus legis leer in het belastingrecht. Algemeen Fiscaal Tijdschrift, 2, 1-3.
Vanistendael, F. (2005). De eenvoud zelve. Algemeen Fiscaal Tijdschrift, 3, 1.
Vanistendael, F. (2005). Belastingaftrek op risicokapitaal, de goede weg gekozen? Algemeen Fiscaal Tijdschrift, 4, 1.
Vanistendael, F. (2005). De rekening van het kind, het kind van de rekening?
Algemeen Fiscaal Tijdschrift, 4, 1-2.
Vanistendael, F. (2005). Vlaktaks: droom of werkelijkheid. Algemeen Fiscaal
Tijdschrift, 6-7, 1-2.
Vanistendael, F. (2005). Europees belastingrecht op zijn keerpunt. Algemeen
Fiscaal Tijdschrift, 8-9, 1-4.
Vanistendael, F. (2005). IFA-Brussel, 2008. Algemeen Fiscaal Tijdschrift, 10,
1-2.
Vanistendael, F. (2005). Werken tot de dood er op volgt. Algemeen Fiscaal
Tijdschrift, 11, 1-2.
Vanistendael, F. (2006). Après nous le déluge. Algemeen Fiscaal Tijdschrift,
12, 1-2.
Vanistendael, F. (2005). De begroting, een evenwicht zoals de toren van Pisa.
Algemeen Fiscaal Tijdschrift, 12, 1-3.
Vanistendael, F. (2005). Editorial – Sorbonne-Bologna, are we on right track?
European Journal of Legal Education, 1, 2-2.
Vanistendael, F. (2006). Halifax and Cadbury Schweppes: one single European
theory of abuse in tax law? Ec Tax Review, 15(4), 192-195.
311
Wetenschappelijk verslag 2005-2007
Vanistendael, F. (2006). Artikel 344, § 1: Cassatie stelt orde op zaken. Algemeen Fiscaal Tijdschrift, 1, 1-2.
Vanistendael, F. (2006). M&S&D of the processie van Echternach. Algemeen
Fiscaal Tijdschrift, 2, 1-2.
Vanistendael, F. (2006). B.T.W. op diensten. Algemeen Fiscaal Tijdschrift, 3,
1-2.
Vanistendael, F. (2006). Is er iets loos met de belastingadministratie? Algemeen
Fiscaal Tijdschrift, 4, 1-2.
Vanistendael, F. (2006). Kroniek van een aangekondigde vermogensbelasting.
Algemeen Fiscaal Tijdschrift, 5, 1-3.
Vanistendael, F. (2006). Politieke windstilte bij de gemeentebelastingen.
Algemeen Fiscaal Tijdschrift, 6-7, 1-2.
Vanistendael, F. (2006). Halifax en de nieuwe anti-ontwijkingsbepaling inzake
BTW. Algemeen Fiscaal Tijdschrift, 7-8, 1-3.
Vanistendael, F. (2006). Onteigenende belasting op pensioenen. Algemeen
Fiscaal Tijdschrift, 9-10, 1.
Vanistendael, F. (2006). To rule or not to rule, that is the question. Algemeen
Fiscaal Tijdschrift, 11, 1-3.
Vanistendael, F. (2007). Common (tax) law of the ECJ. Ec Tax Review, 6, 250251.
Vanistendael, F. (2007). Fraudebestrijding per protocol. Algemeen Fiscaal Tijdschrift, 1, 1.
Vanistendael, F. (2007). In cauda curiae venenum. Algemeen Fiscaal Tijdschrift, 2, 1-3.
Vanistendael, F. (2007). De fiscale staatshervorming. Algemeen Fiscaal Tijdschrift, 3, 1-3.
Vanistendael, F. (2007). Vereenvoudiging! Algemeen Fiscaal Tijdschrift, 4, 12.
Vanistendael, F. (2007). Een fiscaal regeerprogramma. Algemeen Fiscaal
Tijdschrift, 6-7, 1-3.
Vanistendael, F. (2007). Fiscale spionage. Algemeen Fiscaal Tijdschrift, 8-9, 12.
312
Fiscale vraagstukken in de interne markt (geassocieerd programma)
Vanistendael, F. (2007). De social-fiscale staatshervorming. Algemeen Fiscaal
Tijdschrift, 10, 1-3.
Vanistendael, F. (2007). Goed Bestuur? Algemeen Fiscaal Tijdschrift, 11, 1-2.
Vanistendael, F. (2007). Fiscale verantwoordelijkheid. Algemeen Fiscaal Tijdschrift, 12, 1-2.
Vermeend, W.A.F.G. et al. (Eds.). (2007). Taxes and the Economy. A survey on
the impact of taxes on growth, employment, investment, consumption and the
environment. London: Edward Elgar publishing. (650 p.)
Weerepas, M.J.G.A.M. (2005). Art. 2.6 Wet IB 2001: keuzerecht voor in het
buitenland wonende deskundigen, Art. 2.8 Wet IB 2001: verschuldigde inkomstenbelasting op gewone aanslag, Art. 2.9 Wet IB 2001: conserverende aanslag.
In R.E.C.M. Niessen (Ed.), Nederlandse Documentatie Fiscaal recht (28 p.).
Amersfoort: Sdu Fiscale en Financiële Uitgevers.
Weerepas, M.J.G.A.M. (2005). Art. 2.8 Wet IB 2001: verschuldigde inkomstenbelasting op gewone aanslag, Art. 2.9 Wet IB 2001: conserverende aanslag.
In R.E.C.M. Niessen (Ed.), Nederlandse Documentatie Fiscaal recht (31 p.).
Amersfoort: Sdu Fiscale en Financiële Uitgevers.
Weerepas, M.J.G.A.M. (2005). Module Inleiding Internationaal Belastingrecht,
Rechtenonline Cali-module nr. 6. In Kluwer Collegebundel (CD-rom onderwijsmateriaal). Deventer: Kluwer.
Weerepas, M.J.G.A.M. (2005). Beperkte verzekering en art. 13, lid 2, onderdeel f, Vo. 1408/71. Maas & Roer (Fiscale Berichten Uit de Euregio), 2, 11.
Weerepas, M.J.G.A.M. (2005). Discussie fiscalisering volksverzekeringen weer
opgelaaid? Maas & Roer (Fiscale Berichten Uit de Euregio), 9, 9-10.
Weerepas, M.J.G.A.M. (2005). Vrijwillige verzekering in strijd met art. 39 EG.
Maas & Roer (Fiscale Berichten Uit de Euregio), 10, 6-7.
Weerepas, M.J.G.A.M. (2006). NDFR Herziening art. 6, leden 2-4 Wet LB
1964, Buitenlandse inhoudingsplichtige. (30 p.) Amersfoort: Sdu [Online].
Available from: <http://www.ndfr.nl> [01-06-2006].
Weerepas, M.J.G.A.M. (2006). Herziening art. 2.6 Wet IB 2001, Keuzerecht
voor in het buitenland geworven deskundigen. In Nederlandse Documentatie
Fiscaal Recht (8 p.). Amersfoort: Sdu Financiële en Fiscale uitgevers.
Weerepas, M.J.G.A.M. (2006). Herziening art. 9.1 Wet IB 2001, Heffing bij
wege van aanslag of conserverende aanslag. In Nederlandse Documentatie
Fiscaal Recht (10 p.). Amersfoort: Sdu Financiële en Fiscale uitgevers.
313
Wetenschappelijk verslag 2005-2007
Weerepas, M.J.G.A.M. (2006). Herziening art. 9.1 en 9.2 Wet IB 2001, Heffing
bij wege van aanslag of conserverende aanslag c.q. voorheffingen. In Nederlandse Documentatie Fiscaal Recht (14 p.). Amersfoort: Sdu Financiële en
Fiscale uitgevers.
Weerepas, M.J.G.A.M. (2006). Wet op de loonbelasting 1964, Buitenlandse
inhoudingsplichtige. Art 6, leden 2-4 Wet LB 1964. In Nederlandse Documentatie Fiscaal Recht (28 p.). Amersfoort: Sdu Financiële en Fiscale uitgevers.
Weerepas, M.J.G.A.M. (2006). Wet op de loonbelasting 1964, Buitenlandse
werknemer. Art. 2, leden 3-5 Wet LB 196. In Nederlandse Documentatie
Fiscaal Recht (28 p.). Amersfoort: Sdu Financiële en Fiscale uitgevers.
Weerepas, M.J.G.A.M. (2006). Vrijwillig vrijwillige verzekering. Maas & Roer
(Fiscale Berichten Uit de Euregio), 11, 12-13.
Weerepas, M.J.G.A.M. (2006). Effectueren heffingskortingen bij in het buitenland werkende partners. Maas & Roer (Fiscale Berichten Uit de Euregio), 12,
11-12.
Weerepas, M.J.G.A.M. (2007). Geen belastingplichtige, geen aanslag. Maas &
Roer (Fiscale Berichten Uit de Euregio), 13, 4-6.
Weerepas, M.J.G.A.M. (2007). NDFR Herziening art. 2, leden 3-5 Wet LB
1964, Buitenlandse werknemer. (28 p.) Amersfoort: Sdu [Online]. Available
from: <http://www.ndfr.nl> [01-01-2007].
Weerepas, M.J.G.A.M. (2007). NDFR Herziening art. 6, leden 2-4 Wet LB
1964, Buitenlandse inhoudingsplichtige. (30 p.) Amersfoort: Sdu [Online].
Available from: www.ndfr.nl [01-01-2007].
Weerepas, M.J.G.A.M. (2007). NDFR Herziening art. 2.11a, 2.12 en 2.18 Wet
IB 2001, Verrekening belastingkorting algemeen belang. (5 p.) Amersfoort:
Sdu [Online]. Available from: <http://www.ndfr.nl> [01-03-2007].
Weerepas, M.J.G.A.M. (2007). NDFR Herziening art. 2.6, 2.7 en 2.8 Wet IB
2001, keuze- recht in buitenland geworven deskundigen, verschuldigde inkomstenbelasting, en gewone aanslag. (17 p.) Amersfoort: Sdu [Online]. Available
from: <http://www.ndfr.nl> [01-03-2007].
Weerepas, M.J.G.A.M. (2007). NDFR Herziening art. 9.3 en 9.4 Wet IB 2001,
voorlopige aanslag, en wel of geen aanslag. (9 p.) Amersfoort: Sdu [Online].
Available from: <http://www.ndfr.nl> [01-03-2007].
Weerepas, M.J.G.A.M. (2007). NDFR Herziening art. 9.1 en 9.2 Wet IB 2001,
Heffing bij wege van aanslag of conserverende aanslag en voorheffingen. (15
p.) Amersfoort: Sdu [Online]. Available from: <http://www.ndfr.nl> [01-052007].
314
Fiscale vraagstukken in de interne markt (geassocieerd programma)
Weerepas, M.J.G.A.M. (2007). NDFR Herziening art. 2, leden 3-5 Wet LB
1964, Buitenlandse werknemer. (28 p.) Amersfoort: Sdu [Online]. Available
from: <http://www.ndfr.nl> [01-06-2007].
Weerepas, M.J.G.A.M. (2007). NDFR Herziening art. 2.6, Keuzerecht in het
buitenland geworven deskundigen. (8 p.) Amersfoort: Sdu [Online]. Available
from: <http://www.ndfr.nl> [01-06-2007].
Weerepas, M.J.G.A.M. (2007). NDFR Herziening art. 2, leden 3-5 Wet LB
1964, Buitenlandse werknemer. (28 p.) Amersfoort: Sdu [Online]. Available
from: <http://www.ndfr.nl> [01-09-2007].
Weerepas, M.J.G.A.M. (2007). NDFR Herziening art. 9.1 en 9.2 Wet IB 2001,
Heffing bij wege van aanslag of conserverende aanslag en voorheffingen.
Amersfoort: Sdu [Online]. Available from: <http://www.ndfr.nl> [01-09-2007].
(15 p.)
Weerepas, M.J.G.A.M. (2007). NDFR Herziening art. 9.4 Wet IB 2001, Wel of
geen aanslag. Amersfoort: Sdu [Online]. Available from: <http://www.ndfr.nl>
[01-09-2007]. (10 p.)
Weerepas, M.J.G.A.M. (2007). NDFR Herziening art. 2, leden 3-5 Wet LB
1964, Buitenlandse werknemer. Amersfoort: Sdu [Online]. Available from:
<http://www.ndfr.nl> [01-11-2007]. (28 p.)
Weerepas, M.J.G.A.M. (2007). NDFR Herziening art. 2.10 en 2.15 Wet IB
2001, Tarief inkomen uit werk en woning. Amersfoort: Sdu [Online]. Available
from: <http://www.ndfr.nl> [01-11-2007]. (10 p.)
Weerepas, M.J.G.A.M. (2007). Herziening Fiscaal Zakboek, onderdeel Premieheffing. In Herziening Fiscaal Zakboek. Deventer: Kluwer.
ANNOTATIES
Bollen-Vandenboorn, A.H.H. (2007). Noot bij: HR (08-06-2007 en 08-062007). NTFR 2007-24, p. 1025-1026.
Bollen-Vandenboorn, A.H.H. (2007). Noot bij: HR (10-02-2006), 40 666, (Privaatrechtelijke dienstbetrekking tussen belanghebbende en leden van een leefgemeenschap). FED 2007-19 (88), p. 12-15.
Bollen-Vandenboorn, A.H.H. (2007). Noot bij: HR (14-04-2006), 41 898,
(Pand in gemengd gebruik, afschrijvingskosten kunnen niet aangemerkt worden
als ondernemingskosten). FED 2007-15 (65), p. 17-19.
Bollen-Vandenboorn, A.H.H. (2007). Noot bij: HR (08-09-2006), 41 273,
(Moment van betaling door deelgenoot bepalend voor tijdstip van aftrek). FED
2007-15 (66), p. 19-22.
315
Wetenschappelijk verslag 2005-2007
Luja, R.H.C. (2005). Noot bij: HR 39.768 (25-02-2005), (Cadeaus op kosten
van de zaak). Maas & Roer (Fiscale Berichten Uit de Euregio) 2005-9, p. 5.
Weerepas, M.J.G.A.M. (2005). Noot bij: HR (10-12-2004), 38 138, (Bestuurder
in het verdrag Nederland-Frankrijk). FED 2005-116, p. 18-26.
PUBLICATIES ‘GASTONDERZOEKERS’
Cousy, H., Devroe, W., Geens, K., Stuyck, J., Tilleman, B. & Orshoven, P. Van
(Eds.). (2007). Liber Amicorum Frans Vanistendael. Herentals: Knops Publishing. (xx + 580 p.)
Devroe, W. & Bafort, M. (2005). Codex Fiscaal recht. Leuven: Acco.
Devroe, W. (2005). Tax Amnesty and Community Law. Maastricht Journal of
European and Comparative Law, 217-225.
Devroe, W. (2005). Overheden en BTW: valt het doek over het BTW-Wetboek
en uitvoeringsbesluit nr. 26. Rechtspraak Antwerpen Brussel Gent, 989-1009.
Devroe, W. & Plets, N. (2006). Codex Fiscaal recht (4de herziene uitgave).
Leuven: Acco. (327 + 18 p.)
Devroe, W. & Plets, N. (2006). Fiscaal recht. Deel 1. Leuven: Acco. (iv + 54
p.)
Devroe, W. & Plets, N. (2006). Fiscaal recht. Deel 2. Leuven: Acco. (112 p.)
Orshoven, P. Van, Haelterman, A. & Maes, L. (Eds.). (2005). Codex fiscaal
recht 2005-2006. Brugge: die Keure. (1304 p.)
Orshoven, P. Van, Haelterman, A. & Maes, L. (Eds.). (2006). Codex fiscaal
recht 2007-2008. Brugge: die Keure. (1332 p.)
Orshoven, P. Van, Haelterman, A. & Maes, L. (Eds.). (2007). Inkomstenbelastingen. WIB – 2007. Brugge: die Keure. (815 p.)
OVERIGE PUBLICATIES
Luja, R.H.C. (2006). Interventie rapport Staatssteun op het grensvlak van
bestuursrecht, Europees recht en fiscaal recht. In Vereniging van Bestuursrecht
(Ed.), Verslag van de algemene vergadering gehouden op 20 mei 2005 (VAR,
135) (p. 31-34 en 36).
316
GRONDSLAGEN EN BEGINSELEN VAN BURGERLIJK
PROCESRECHT IN EUROPA
A.
VOLLEDIGE TITEL
Grondslagen en beginselen van burgerlijk procesrecht in Europa
B.
DEELPROGRAMMA'S
Niet van toepassing
C.
ONDERZOEKSLEDEN PROGRAMMA
Begin
onderzoeksleiders
Dhr. Prof.Mr. A.W. Jongbloed (UU)
Dhr. Prof.Mr. C.H. van Rhee (UM)
Dhr. Prof.Dr. P. van Orshoven (KUL)
01-02-00
01-01-99
01-01-01
senior onderzoekers
Dhr. Prof.Dr. A.M.J.A. Berkvens (UM)*
Mw. Mr. M. Freudenthal (UU)
Dhr. Prof.Mr. I. Giesen (UU)
Dhr. Prof.Mr. H.A. Groen (UM)
Dhr. Prof.Dr. P. Oberhammer (Zürich)
Dhr. Prof. A. Uzelac (Zagreb)
01-10-06
01-01-01
01-10-06
01-04-05
01-10-07
01-10-07
onderzoekers
Dhr. Dr. B. Allemeersch (KUL)
Mw. Mr. Dr. A. Ernes (OU)*
Dhr. Dr. F. Fernhout (UM)
Dhr. Mr.Drs. M.L. Hendrikse (UvA)
Mw. Mr. A.A.H. van Hoek (UU)
Mw. Dr. S. Lust (KUL)
Dhr. Dr. K. Wagner
23-06-06
01-06-02
01-02-07
01-04-05
01-10-00
01-10-04
29-09-06
promovendi
Dhr. B. Allemeersch (KUL)
Dhr. P. Schollen (KUL)
Dhr. B. Sujecki (EUR)
Dhr. Mr. R. Verkerk (UM)
01-01-01
01-10-04
01-10-02
01-10-04
Einde
31-03-05
30-09-07
30-09-07
22-06-06
27-08-07
317
Wetenschappelijk verslag 2005-2007
Dhr. Mr. R. Verkijk (UM)
Dhr. K. Wagner (KUL)
*
Begin
Einde
01-10-04
01-10-04
28-09-06
Participeerde voorheen in het programma ‘Grondslagen van het privaatrecht’
D.
TREFWOORDEN
Burgerlijk procesrecht, grondslagen burgerlijk procesrecht, beginselen burgerlijk procesrecht, rechtsvergelijking, harmonisering
E.
SAMENVATTING PROGRAMMAOPZET
I.
Achtergronden
Oriëntatie op ‘Europa’ is voor degenen die zich binnen Europese landen met
burgerlijk procesrecht bezighouden nog slechts van betrekkelijk recente datum.
Evenals voor het materiële privaatrecht geldt voor het burgerlijk procesrecht
dat dit ‘als zodanig’ van oudsher geen voorwerp was van op toenadering of
eenmaking gericht beleid van Europese instellingen zoals de Raad van Europa,
de Europese (Economische) Gemeenschap en de Europese Unie. De belangstelling voor dit rechtsgebied, voor zover aanwezig, was meer van indirecte
aard, dat wil zeggen ondergeschikt aan andere beleidsdoelen. Desondanks kan
er thans binnen Europa gewezen worden op veel initiatieven die voor het harmoniseringsvraagstuk van direct belang zijn.
De Raad van Europa heeft zich op het terrein van het burgerlijk procesrecht
(meer gebruikelijk is hier de wat bredere aanduiding ‘civil justice’) niet onbetuigd gelaten. Een aantal belangrijke ‘Aanbevelingen’ van de Raad van Ministers met betrekking tot ‘civil justice’ heeft de afgelopen decennia het licht gezien. Van concrete resultaten van al dit werk in de zin van toenadering of eenmaking van burgerlijk procesrecht is echter vooralsnog weinig gebleken. Momenteel kan overigens wel worden gewezen op verschillende initiatieven op het
terrein van civil justice binnen de CEPEJ van de Raad van Europa. Ook de Wereldbank is op mondiaal niveau actief op dit terrein.
Meer invloed heeft artikel 6 EVRM en de daarop gebaseerde rechtspraak van
het EHRM en van nationale rechters gehad. Hoewel het doel van artikel 6 niet
harmonisering van procesrecht is maar het vestigen en garanderen van toegang
van burgers tot behoorlijke rechtspraak, kan gesteld worden dat van dit artikel
desalniettemin een zekere harmoniserende werking is uitgegaan.
318
Grondslagen en beginselen van burgerlijk procesrecht in Europa
In het kader van de Europese Gemeenschap en de Europese Unie zijn met betrekking tot eenmaking van burgerlijk procesrecht belangrijke vorderingen geboekt, oorspronkelijk vooral in de vorm van verdragen, thans in de vorm van
verordeningen. Gewezen kan worden op, bijvoorbeeld, Brussel I en IIbis, de
EG-Betekeningsverordening, de EG-Bewijsverordening en de Verordening
betreffende een Europese executoriale titel.
Overziet men de resultaten van de inspanningen binnen het kader van de Europese Gemeenschap en de Europese Unie, dan moet worden vastgesteld dat zij
alle, anders dan de resultaten van de inspanningen in het kader van de Raad van
Europa, voornamelijk betrekking hebben op rechtsregels voor burgerlijke zaken
met grensoverschrijdende aspecten en dat zij binnen dit gebied alleen enkele
belangrijke onderwerpen regelen (rechtsmacht, erkenning en tenuitvoerlegging
van buitenlandse beslissingen, betekening van stukken in het buitenland). Deze
beperking lag (ligt) besloten in de oriëntatie van deze instellingen op de interne
markt, die eveneens het zich zuiver binnen een lidstaat afspelende rechtsverkeer
in beginsel ongemoeid laat.
Onder artikel 65 van het EG-verdrag zoals ingevoegd door het op 1 mei 1999 in
werking getreden Verdrag van Amsterdam (zie thans ook de artikelen III-158
and III-170 van de voorgestelde doch verworpen Europese Grondwet) zijn de zaken iets anders komen te liggen. Dit artikel is opgenomen in Titel IIIA onder
andere over ‘Vrij verkeer van personen’ en is gewijd aan ‘maatregelen op het
gebied van justitiële samenwerking in burgerlijke zaken die grensoverschrijdende gevolgen hebben’, althans, voor zover deze maatregelen noodzakelijk
zijn voor het behoorlijk functioneren van de interne markt. Nader beschouwd
blijkt dit artikel vooral betrekking te hebben op burgerlijk procesrecht, maar
dan wel in beginsel beperkt tot de materie die geregeld is in de hierboven genoemde Europese verordeningen plus enkele Haagse verdragen; naast het materiële ipr worden genoemd: betekening in het buitenland, bewijsopname in het
buitenland, erkenning en tenuitvoerlegging van vonnissen, en jurisdictie. Door
opname in het EG-verdrag (de ‘eerste pijler’) is deze materie nu uitdrukkelijk
gemeenschapsbeleid geworden.
Het interessantste en tegelijkertijd het meest mysterieuze onderdeel van artikel
65 (nieuw) van het Gemeenschapsverdrag is onderdeel c: (de bedoelde maatregelen omvatten onder meer …) de afschaffing van hinderpalen voor de goede
werking van burgerrechtelijke procedures, zo nodig door bevordering van de
verenigbaarheid van de in de lidstaten geldende bepalingen van burgerlijke
rechtsvordering. Dit lijkt een invitatie, of zelfs een opdracht, te zijn om tot op
zekere hoogte ook te gaan werken aan toenadering/eenmaking van interne regels van burgerlijk procesrecht.
In aansluiting hierop moet aan het slot van deze beschrijving van achtergronden
worden genoemd het belangrijke, in 1994 gepubliceerde rapport van de Working Group for the Approximation of Civil Procedural Law in Europe, ook wel
319
Wetenschappelijk verslag 2005-2007
bekend als de Commissie Storme. Dit rapport bevat uitgewerkte tekstvoorstellen, met inbegrip van Overwegingen en een Toelichting, voor EG-Richtlijnen
voor zestien verschillende onderwerpen van burgerlijk procesrecht. De voorstellen zijn geenszins beperkt tot zaken met een grensoverschrijdend karakter,
maar zijn juist in de eerste plaats gericht op toenadering van het interne burgerlijk procesrecht van de lidstaten van de EU. Zij lijken dus te kunnen vallen onder de paraplu van punt c van het nieuwe artikel 65 EG-verdrag. Na een aarzelend begin mogen deze voorstellen zich thans in enige belangstelling van de
Commissie verheugen. Deze belangstelling van de Commissie moet waarschijnlijk worden gezien tegen de achtergrond van het hierboven genoemde
artikel 65 EG-verdrag.
Overigens wordt buiten het kader van de EU, op wereldwijde schaal, gewerkt
aan Principles and Rules of Transnational Civil Procedure (het gaat om een
project van het American Law Institute en UNIDROIT). Dit project is van belang aangezien geprobeerd wordt regels en beginselen te formuleren die zowel
vanuit de civil law tradities als vanuit de common law tradities aanvaardbaar
zijn. Dientengevolge kunnen zij ook een bron van inspiratie vormen voor harmoniseringsvoorstellen in Europees verband, waar de procesrechtelijke kloof
tussen Engeland & Wales, Noord-Ierland alsmede de Ierse Republiek enerzijds
en de civil law landen anderzijds nog altijd bestaat, hoewel er de laatste jaren
sprake is van toenadering. Inmiddels zijn de Principles gepubliceerd bij Cambridge University Press.
II.
Afbakening en doelstelling van het programma
Uit het bovenstaande moge blijken dat zowel op wereldwijde schaal als binnen
Europa, in het bijzonder binnen de Europese Unie, de belangstelling voor een
zekere mate van toenadering of harmonisering van burgerlijk procesrecht
groeiende is. De problematiek van de toenadering en harmonisering van burgerlijk procesrecht vormt het centrale onderwerp van het programma Grondslagen
en Beginselen van Burgerlijk Procesrecht in Europa. In het kader van het programma wordt door systematisch onderzoek op deelterreinen (bijv. case management, dan wel de spanning tussen ‘public justice’ en ‘private justice’ (ADR,
waaronder mediation)) beter zicht verkregen op de overeenkomsten en verschillen die op procesrechtelijk terrein in Europa bestaan, en op deze wijze kan een
bijdrage worden geleverd aan de discussie over toenadering dan wel harmonisering van procesrecht. Het programma sluit hiermee uitstekend aan op de missie van de Onderzoeksschool in haar geheel, namelijk bestudering en vormgeving van een Europees Ius Commune.
Het onderzoeksprogramma richt zich op de lidstaten van de EU. De geografische begrenzing van het project tot de lidstaten van de Europese Unie is niet
een rigide, waterdichte grens, maar heeft veeleer de strekking om voorshands
aan te sluiten bij concrete, al bestaande ontwikkelingen in het kader van de
Europese Unie. Waar relevant voor de Europese ontwikkelingen zal echter ook
320
Grondslagen en beginselen van burgerlijk procesrecht in Europa
kennis worden genomen van ontwikkelingen buiten een Europese context, bijvoorbeeld waar het toekomstige lidstaten betreft, dan wel verwante rechtstradities (o.a. Zwitserland, USA, Zuid Afrika).
Grondslagen en beginselen staan centraal omdat bij toenadering en harmonisering van procesrecht de aandacht allereerst zal (moeten) uitgaan naar de basisfilosofie op onderdelen van procesrecht in de verschillende lidstaten. Allerlei
details in uitwerking mogen niet aanstonds het zicht op de hoofdzaken belemmeren.
Vervolgens rijst de vraag wat in deze context onder ‘grondslagen’ en ‘beginselen’ zal moeten worden verstaan. Volgens de onderzoeksgroep is het beter niet
van te voren te zoeken naar een alomvattende werkdefinitie, maar het onderzoek te richten op fundamentele vraagstukken van procesrecht die relevant zijn
in alle of in de meerderheid van de jurisdicties binnen de Europese Unie. Doel
van het onderzoek (en daarmee is ook de missie van de onderzoeksgroep gegeven) is het zichtbaar maken van grondpatronen die bruikbaar zijn voor de toenadering/eenmaking. Het gaat om rechtsvergelijkend onderzoek op basis van de
gebruikelijke rechtsvergelijkende methodiek gericht op het identificeren en
analyseren van gemeenschappelijke dan wel verwante leerstukken in de procesrechten van de lidstaten van de Europese Unie, en op het blootleggen en nader
duiden van gemeenschappelijke evoluties in deze procesrechten (bijvoorbeeld,
de versterking van de rol van de rechter in het burgerlijk proces). Ook kan worden gedacht aan het duiden van gemeenschappelijke organisatorische dan wel
praktische karaktertrekken van de verschillende Europese stelsels van burgerlijk procesrecht die aan de basis liggen van de nog altijd actuele problematiek
van, bijvoorbeeld, de gerechtelijke achterstanden, de hoge kosten van het procederen en de moeizame positie van de materiële waarheid in het burgerlijk
geding. Daarbij zijn case-studies die zich op slechts één jurisdictie richten niet
uit te sluiten, omdat rechtsvergelijkend onderzoek mede mogelijk wordt gemaakt door het voorhanden zijn van dit soort studies. Wel ligt het voor de hand
dat de bedoelde case-studies vervolgens tot uitgangspunt worden genomen bij
rechtsvergelijkend onderzoek, zeker als op basis van de bedoelde studies wordt
besloten dat de conclusies van belang zijn in een bredere context.
Het programma is gericht op de actualiteit en op verwachte toekomstige ontwikkelingen met betrekking tot toenadering of harmonisering van burgerlijk
procesrecht. Desalniettemin zal een ruime plaats worden geboden aan rechtshistorisch onderzoek, want er bestaat behoefte aan onderzoek gericht op het
combineren van de rechtshistorische gegevens met hedendaags materiaal. De
rechtshistorische poot in het onderhavige programma is erop gericht informatie
te verschaffen over de achtergronden van bestaande procesrechtelijke regelingen en bovendien actuele verschillen tussen de stelsels van procesrecht in Europa te verklaren. Daarnaast is het naar het oordeel van de programmaleiders
van belang dat rechtshistorische bevindingen onder de aandacht van een groter
publiek worden gebracht omdat deze bevindingen de discussie over de toe321
Wetenschappelijk verslag 2005-2007
komst van het burgerlijk procesrecht in Europa mede vorm kunnen geven. Immers, een rechtshistorische benadering betekent dat eigentijdse ontwikkelingen
op adequate wijze kunnen worden geduid. Dientengevolge zal binnen het onderhavige programma onderzoek worden gedaan naar bedoelde historische
wortels.
III. Werkwijze
Het onderzoek wordt verricht door een onderzoeksgroep, bestaande uit stafleden die aan de betrokken faculteiten verbonden zijn, aangevuld met geïnteresseerde onderzoekers van buiten deze faculteiten. De onderzoekers van buiten de
betrokken faculteiten worden op basis van hun deskundigheid en afhankelijk
van het onderzoeksthema aangezocht.
Momenteel zijn in het kader van het onderhavige programma reeds een aantal
netwerken van onderzoekers in het leven geroepen.
In de eerste plaats is er een netwerk van Europese processualisten dat is gecreeerd in het kader van een bij Kluwer Law International uitgegeven boekenserie
‘Civil Procedure in Europe’. Dit betreft een onderzoeksproject dat in 1995 is
gestart met als doel het tot stand brengen van een boekenserie waarvan elk deel
handelt over een specifiek onderwerp van burgerlijk procesrecht. De lijst van
onderwerpen behandeld in het rapport van de Commissie Storme heeft hierbij
een belangrijke inspiratiebron gevormd. De serie is in de eerste plaats bedoeld
als een brede, up-to-date beschrijving van de desbetreffende onderwerpen van
burgerlijk procesrecht zoals geregeld in de lidstaten van de EU, geschreven
door nationale experts en per onderwerp (deel) voorzien van een synthese geschreven door een ‘generaal-rapporteur’. Er zijn drie ‘editors’ (Prof. Storme,
Prof. Van Rhee, Dr. Meijknecht) en verder is er een redactiecommissie met
leden afkomstig uit vrijwel alle landen van de Europese Unie. Het secretariaat
van deze serie berust thans bij de Maastrichtse juridische faculteit. Tot nu toe
zijn 5 delen in de serie verschenen.
In de tweede plaats is er een netwerk van Europese processualisten gecreëerd in
het kader van het Casebook Civil Procedure in de reeks Ius Commune Casebooks for the Common Law of Europe. Het Casebook Civil Procedure wordt in
het kader van het onderhavige onderzoeksprogramma tot stand gebracht.
Vervolgens is er een netwerk van rechtshistorici met procesrechtelijke belangstelling dat is gecreëerd in het kader van een door de Duitse Gerda Henkel Stiftung verleende subsidie. Het onderzoek van dit netwerk van rechtshistorici
vindt (mede) plaats in het kader van het onderhavige programma.
Uiteindelijk is er ook een netwerk van academici en praktijkjuristen uit de huidige en de toekomstige lidstaten van de EU, die in het kader van een jaarlijkse
summer school in Dubrovnik bijeenkomen met als doelstelling recente ontwik322
Grondslagen en beginselen van burgerlijk procesrecht in Europa
kelingen op het gebied van het burgerlijk procesrecht in Europa te analyseren.
Deze summer school wordt mede vanuit het programma vorm gegeven. Aan de
summer school neemt ook een aantal geselecteerde studenten deel, waardoor de
school een ideale kweekvijver voor promotietalent vormt. De summer school
wordt aanbevolen op de website van de CEPEJ van de Raad van Europa. Naar
aanleiding van de jaarlijkse bijeenkomst wordt telkens een boek over een thema
van procesrecht in Europa gepubliceerd.
Het onderzoek zal in beginsel worden uitgevoerd aan de hand van door de onderzoeksgroep opgestelde vragenlijsten of aan de hand van anders gestructureerde aanwijzingen (bijvoorbeeld een uniforme lijst van onderwerpen of een
vaste paragraafindeling voor de gevraagde rapportage). Formele landenrapporten, zoals vaak gebruikelijk, zijn niet per se vereist. Het nut ervan kan binnen
de onderzoeksgroep van geval tot geval worden bezien. De stafleden van de
onderzoeksgroep zijn uiteindelijk verantwoordelijk voor de verzameling van de
gegevens en de verslaglegging.
F.
OPBOUW ONDERZOEKSINPUT WETENSCHAPPELIJK PERSONEEL
in fte's
2005
2006
2007
Hoogleraar
Universitair hoofddocent
Universitair docent
Postdocs
Junior onderzoekers (AIO/OIO)
0,90
0,45
0,15
3,05
0,94
0,40
0,30
2,75
1,15
0,94
0,40
2,18
G.
INHOUDELIJK OVERZICHT RESULTATEN
Concrete samenwerkingsverbanden met bestaande en andere partners
Er is een groot aantal vooraanstaande (ook externe) onderzoekers1 bij de diverse onderdelen van het onderzoek betrokken.
Wat betreft lopend onderzoek is er bijvoorbeeld de serie Civil Procedure in
Europe. Van Rhee zit in de algemene redactie van deze serie, die bij Kluwer
Law International verschijnt. Samen met J.A. Jolowicz publiceerde hij het deel
over Recourse against Judgments in the European Union, Kluwer Law Interna-
1
Een lijst van externe onderzoekers die betrokken zijn bij het programma kan worden gevonden
in C.H. van Rhee (ed.), The Law’s Delay, Antwerpen: Intersentia, 2004, p. XVII-XXII, en C.H.
van Rhee (ed.), European Traditions in Civil Procedure, Antwerpen: Intersentia, 2005. Wat
betreft het Casebook Civil Procedure: zie <http://www.law.kuleuven.ac.be/casebook/procedu
ral.php>.
323
Wetenschappelijk verslag 2005-2007
tional 1999. Freudenthal trad op als Nederlands rapporteur voor het deel Orders
for Payment in the European Union, terwijl M. de Tombe-Grootenhuis dit was
voor het deel The Law of Evidence in the European Union. Inmiddels zijn vijf
delen in deze serie verschenen. Jongbloed bereidt thans een deel voor over de
dwangsom. Het ligt in de bedoeling dat dit deel in 2008 zal verschijnen.
Tevens kan worden gewezen op het Casebook Civil Procedure in de serie Ius
Commune Casebooks for the Common Law of Europe. Bij dit project, dat onder algemene leiding van Van Rhee en P. Oberhammer (Zürich) wordt uitgevoerd, is een groot aantal wetenschappers uit binnen- en buitenland betrokken. Per onderwerp is er een algemeen rapporteur. Deze algemene rapporteur
treedt in contact met nationale rapporteurs voor informatie over de in het Casebook behandelde jurisdicties. Van Rhee is algemeen rapporteur voor het inleidende hoofdstuk, terwijl Giesen algemeen rapporteur is voor case management.
Voor Nederland treden Jongbloed en Freudenthal als nationaal rapporteur op,
terwijl voor België een beroep kan worden gedaan op Van Orshoven, die bovendien als algemeen rapporteur verantwoordelijk is voor het hoofdstuk Principal Characters. In het kader van het Casebook staan de grondslagen en beginselen van burgerlijk procesrecht in de Europese Unie centraal. Dit project wordt
gefinancierd via middelen die ter beschikking zijn gesteld door de juridische
faculteiten van de KULeuven en de Universiteit Maastricht.
Van samenwerking is ook sprake geweest in het kader van een door NWO
(SARO) gefinancierd project met als titel European Traditions in Civil Procedural Law. Van Rhee en Jongbloed hebben de voor het project benodigde gelden aangevraagd. Zij hebben, zoals ook Van Orshoven, een substantieel deel
van het boek dat hieruit voortvloeide geschreven: C.H. van Rhee (ed.), European Traditions in Civil Procedure, Antwerpen: Intersentia, 2005. In het verslagjaar is gesproken met de deelnemers aan dit project om tot een vervolgproject te
komen. Een subsidieaanvraag zal in 2007 bij NWO worden ingediend.
Van Rhee werkt met subsidie van de Duitse Gerda Henkel Stiftung aan een
boek over de geschiedenis van het burgerlijk procesrecht in Europa in de serie
Comparative Studies in Continental and Anglo-American Legal History. In
december 2006 vond in Maastricht een plenaire vergadering plaats waarbij de
deelnemende onderzoekers gedurende twee dagen de tussentijdse resultaten van
hun onderzoek presenteerden. Aan het project nemen collega's uit een groot
aantal Europese landen en Noord-Amerika deel. Publicatie van het verslagboek
is voorzien voor 2008.
Samenwerking tussen Edinburgh, Leuven, Maastricht en Utrecht is er ook in
het kader van een project betreffende de case-management powers van de rechter (subsidie verstrekt uit middelen breedtestrategie). In Edinburgh heeft in december 2005 ter gelegenheid van het jaarlijkse Ius Commune congres een gezamenlijke workshop plaatsgevonden. Sprekers waren:
324
Grondslagen en beginselen van burgerlijk procesrecht in Europa
- D. Parrat: Scotland (20th c)
- J. Blackie, Scotland (19th c)
- P. Van Orshoven/B. Allemeersch: Belgium
- A.W. Jongbloed: Netherlands
- C.H. van Rhee: European developments (19th and 20th c.)
- R. Verkerk and R. Verkijk: Transnational Rules & Principles.
De inleidingen zijn begin 2008 in boekvorm gepubliceerd: C.H. van Rhee (ed.),
Judicial Case Management and Efficiency in Civil Litigation (Ius Commune
Europaeum 70, Intersentia).
A.W. Jongbloed organiseerde op 14 oktober 2005 een symposium omtrent incasso in internationaal verband. P. Van Orshoven was bij de organisatie van het
congres betrokken. B. Sujecki besprak het gebruik van ICT in incassoprocedures, terwijl M. Freudenthal de Richtlijn betalingsachterstand, het Groenboek en
andere internationale aspecten betreffende grensoverschrijdende incasso besprak.
Eind 2006 werd een groep van twaalf juristen gevormd die het rapport Uitgebalanceerd van de Commissie fundamentele herbezinning burgerlijk procesrecht
aan een kritische beschouwing onderwierpen. Dit rapport heeft een grondige
herevaluatie van het Nederlands burgerlijk procesrecht ten doel en plaatst het
Nederlandse procesrecht uitdrukkelijk in een Europese context. Van de groep
die het rapport evalueerden maakten onder meer Ernes en Jongbloed deel uit.
De evaluatie werd vastgelegd in A.W. Jongbloed e.a., Herbalans, beschouwingen omtrent het rapport Uitgebalanceerd, Ars Aequi Libri: Nijmegen, 2007.
In december 2006 vond in het kader van het jaarlijkse Ius Commune congres
een gezamenlijke workshop plaats, waarbij de onderzoekers zich bogen over
een fundamenteel onderwerp, namelijk de doorwerking van de beginselen van
procesrecht van art. 6 EVRM in de wetgeving en rechtspraak van verschillende
lidstaten van de EU (Nederland, Duitsland, België en Engeland) alsook op EUniveau. Uitgangspunt was een uitspraak van EG Hof van Justitie 28 maart
2000, EHRC 2000/55 (met noot A.W. Heringa), NJ 2003, 626 (Krombach/
Bamberski). Daarbij is ook aan de orde gekomen of er daadwerkelijk een Europese openbare orde in het procesrecht bestaat en, zo ja, in hoeverre hiervan
sprake is. De inleidingen van Verkijk en Freudenthal tijdens deze bijeenkomst
zijn gepubliceerd in het Tijdschrift voor Civiele Rechtspleging 2007/3.
Ter gelegenheid van dezelfde bijeenkomst trad als inleider op mr. H.W.
Wiersma (UvA) over het actuele thema De betekenis van de (EU) elektronische
handtekening voor het procesrecht.
In het kader van het tweede eeuwfeest van het Franse Wetboek van Burgerlijke
Rechtsvordering werd samen met de Universiteit van Gent een congres georganiseerd waar circa 25 sprekers uit binnen- en buitenland hun licht lieten schij325
Wetenschappelijk verslag 2005-2007
nen over de betekenis van dit wetboek voor het huidige procesrecht in Frankrijk, België, Nederland en in een aantal andere Europese landen. Het congres
vormde een vervolg op een gelijkaardige bijeenkomst te Parijs bij het Cour de
cassation. De handelingen zullen in 2008 in boekvorm verschijnen bij Kluwer
België.
Vanaf mei 2006 vindt te Dubrovnik jaarlijks een studieweek plaats waar het
burgerlijk procesrecht en de rechterlijke organisatie in rechtsvergelijkend perspectief wordt bestudeerd in samenwerking met vertegenwoordigers van de
nieuwe lidstaten van de Europese Unie alsmede met vertegenwoordigers van
mogelijk toekomstige lidstaten. Het programma is in samenwerking met het
Inter University Centre Dubrovnik, de Nederlandse (MATRA), Britse en Finse
ambassade opgezet door course directors Van Rhee en beoogd lid van het programma Prof. A. Uzelac (Zagreb) en heeft geresulteerd in het boek Public and
Private Justice: Dispute Resolution in Modern Societies (Intersentia 2007;
peer-reviewed). In mei 2007 wordt voor de tweede keer een studieweek georganiseerd, die opnieuw tot een boek aanleiding zal geven. Dit maal wordt de
week georganiseerd in samenwerking met vertegenwoordigers van de CEPEJ
van de Raad van Europa en vertegenwoordigers van de Wereldbank. De studieweek wordt op de website van de Raad van Europa aanbevolen2 en is bedoeld voor onderzoekers (waaronder ook uitdrukkelijk jonge onderzoekers die
een proefschrift voorbereiden of willen gaan voorbereiden op het vlak van het
vergelijkend burgerlijk procesrecht en de rechterlijke organisatie). De studieweek wordt uitdrukkelijk in het kader van het onderzoeksprogramma gepositioneerd, hetgeen ook blijkt uit het titelblad en de inleiding van de publicaties die
het resultaat zijn van de studieweek.
Van Rhee werkt samen met L. Sicking van de Universiteit Leiden aan een uitgave van het procesrechtelijk werk van de Vlaamse Jurist Philips Wielant (16e
eeuw). Dit werk is maatgevend geweest voor de ontwikkeling van het burgerlijk procesrecht in de Nederlanden en heeft via de Latijnse vertaling van Joost
de Damhouder invloed uitgeoefend op het procesrecht in een groot aantal
Europese landen. Publicatie van het boek is voorzien voor 2008 bij de Vlaamse
Koninklijke Academie van Wetenschappen. Het project wordt gefinancierd
door de Vlaamse Academie.
Ook op het gebied van onderwijsmateriaal wordt samengewerkt. Zo redigeerden Hendrikse en Jongbloed ‘Burgerlijk procesrecht praktisch belicht’ (Kluwer
Deventer 2005).
2
<http://www.coe.int/t/dg1/legalcooperation/cepej/>.
326
Grondslagen en beginselen van burgerlijk procesrecht in Europa
Tijdens het Ius Commune congres in Luik in november 2007 is een workshop
gehouden over motivering. Inleiders waren Prof. W.D.H. Asser, Prof. A.
Uzelac, Prof. G. De Leval en Prof. B. De Grootte. De inleidingen zullen worden gepubliceerd in boekvorm, samen met artikelen betreffende motivering van
enige andere, reeds aangezochte auteurs.
Van samenwerking was in het verslagjaar tenslotte sprake in het kader van
promoties. Van Rhee en Jongbloed maakten deel uit van de promotiecommissies van respectievelijk Allemeersch en Wagner te Leuven (promotor
Van Orshoven).
H.
VOORTZETTING
De verwachtingen over het onderzoek en de evolutie van het programma in
de toekomst
In 2007-2008 wordt gestreefd naar verbreding van de (geografische) basis van
de onderzoeksgroep. Tevens wordt bezien welke andere Nederlandse en Belgische onderzoekers kunnen toetreden. Ook vinden op dit moment gesprekken
plaats met mogelijk geïnteresseerde onderzoekers van juridische faculteiten in
het buitenland.
In 2007-2008 wordt tevens getracht de samenwerking met proceduralisten uit
de nieuwe en toekomstige lidstaten van de EU uit te breiden. Hiervoor zijn door
Van Rhee reeds de eerste stappen gezet binnen het kader van de International
Association of Procedural Law, waarvan de programmaleiders allen lid zijn.
In het kader van de hierboven genoemde studieweek te Dubrovnik wordt bezien
in hoeverre de samenwerking met de CEPEJ van de Raad van Europa kan worden bestendigd. Tevens zal in het kader van de studieweek zo mogelijk elk jaar
een bundel verschijnen over thema's van burgerlijk procesrecht in Europa.
In het kader van het project European Traditions (zie hierboven) worden de
mogelijkheden verkend een vervolgproject te starten. Subsidieaanvragen worden in 2008 ingediend.
Verder zullen er door de onderzoeksleiders een aantal symposia worden georganiseerd. In dit kader valt te wijzen op het eind 2007 in Utrecht georganiseerde symposium gewijd aan de bindende kracht van rechterlijke beslissingen.
In het algemeen zijn de programmaleiders van oordeel dat op de ingeslagen
weg dient te worden voortgegaan. Zij streven ernaar in 2008 de veelal zeer omvangrijke lopende projecten zoveel mogelijk af te ronden. Een punt van aandacht vormt het entameren van nieuw promotieonderzoek (na de twee succesvolle promoties in Leuven). De programmaleiders zullen bezien in hoeverre zij
hiertoe gezamenlijke subsidieaanvragen kunnen doen.
327
Wetenschappelijk verslag 2005-2007
I.
KERNPUBLICATIES
De twee kernpublicaties geven een goed beeld van het binnen het programma
uitgevoerde onderzoek. De door Van Rhee geredigeerde bundel betreffende
European Traditions is het resultaat van een door NWO gefinancierd project
waaraan een groot deel van de in het programma participerende onderzoekers
een bijdrage heeft geleverd. Het boek legt de gemeenschappelijke grondslagen
van de nationale civiele procesrechten in de verschillende rechtsfamilies binnen
Europa bloot en schetst een historische ontwikkelingsgang. De tweede kernpublicatie van de hand van Freudenthal richt zich op het burgerlijk procesrecht
zoals dit momenteel binnen de Europese Unie betreffende voornamelijk grensoverschrijdende geschillen wordt vormgegeven. Het betreft hier dus waarlijk
‘Europees procesrecht’ in tegenstelling tot het onderwerp van de eerste kernpublicatie, waar het gaat om de nationale procesrechten in Europa in hun onderlinge context. De twee boeken vormen een tweeluik dat naar het oordeel van de
betrokken onderzoekers de realisatie vormt van de doelstellingen van het onderzoeksprogramma.
Rhee, C.H. van (Ed.). (2005). European Traditions in Civil Procedure (Ius
Commune Europaeum, 54). Antwerp: Intersentia. (xvi + 344 p.)
Freudenthal, M. (2007). Schets van het Europees civiel procesrecht (Burgerlijk
proces & praktijk, 8). Deventer: Kluwer. (298 p.)
J.
UITSTEKENDE PUBLICATIES
Rhee, C.H. van (2005). The role of exceptions in continental civil procedure. In
P. Brand, K. Costello & W.N. Osborough (Eds.), Adventures of the Law.
proceedings of the Sixteenth British History Conference, Dublin 2003 (p. 88105). Dublin: Four Courts Press.
Uzelac, A. (2007). Public and Private Justice: The Challenges of Rational
Assessment of Performance in the Contemporary Justice Systems. In C.H. van
Rhee & A. Uzelac (Eds.), Public and Private Justice (p. 7-30). Antwerp:
Intersentia.
Verkijk, R. (2007). Mandatory mediation. Informal Injustice? Zeitschrift für
Zivilprozeß International, 117-136.
Rhee, C.H. van (2008). Judicial Case Management and Efficiency in Civil Litigation. Antwerp: Intersentia. (xi + 181 p.)
K. DISSERTATIES
Allemeersch, B. (22 juni 2006). De macht van de rechter in het burgerlijk
proces. Katholieke Universiteit Leuven (539 p.). Prom: Prof. P. Van Orshoven.
328
Grondslagen en beginselen van burgerlijk procesrecht in Europa
Wagner, K. (28 september 2006). Sancties in het burgerlijk procesrecht.
Katholieke Universiteit Leuven. Prom.: Prof. P. Van Orshoven.
Schollen, P. (27 augustus 2007). De greep van de wetgever op de rechter.
Katholieke Universiteit Leuven. Prom. Prof. P. Van Orshoven.
L.
OVERZICHT VAN ALLE OVERIGE PUBLICATIES
WETENSCHAPPELIJKE PUBLICATIES
Allemeersch, B., Orshoven, P. Van, Schollen, P., Gayse, B. & Taelman, P.
(2005). De nieuwe wet op de bemiddeling. Brugge: die Keure. (94 p.)
Allemeersch, B. (2005). Toetsing van de geoorloofdheid van een overeenkomst: procesrechtelijke aspecten. In B. Tilleman & A. Verbeke (Eds.), Actualia Vermogensrecht. Liber Alumnorum Kulak (p. 35-48). Brugge: die Keure.
Allemeersch, B. & Schollen, P. (2005). De wet tot wijziging van het Gerechtelijk Wetboek in verband met de bemiddeling. Rechtskundig Weekblad, 14811494.
Allemeersch, B. & Schollen, P. (2005). Mediation naar nieuw Belgisch en
komend Europees recht. Tijdschrift voor Civiele Rechtspleging, 41-45.
Allemeersch, B. (2006). Commentaar bij de artikelen 1007 tot en met 1016
Gerechtelijk Wetboek. In P. Depuydt et al. (Eds.), Gerechtelijk recht. Artikelsgewijze commentaar met overzicht van rechtspraak en rechtsleer. (losbladig).
Mechelen: Kluwer.
Allemeersch, B. (2006). De taakverdeling tussen rechter en partijen in het
burgerlijk proces. Stand van zaken en actuele ontwikkelingen. In P. van
Orshoven (Ed.), Gerechtelijk recht (Cahier Themis 7.)(p. 1-22). Brugge: die
Keure.
Allemeersch, B. (2007). Taakverdeling in het burgerlijk proces. Antwerpen:
Intersentia. (xxviii + 672 p.)
Allemeersch, B. (2007). The Belgian perspective on case-management in civil
litigation. In A. Pellegrini Grinover & P. Calmon (Eds.), Direito Processual
Comparado. XIIIth World Congress of Procedural Law (p. 636-647). Rio de
Janeiro: Editora Forense
329
Wetenschappelijk verslag 2005-2007
Berkvens, A.M.J.A. (2005). Zur Abkurtzung unnötiger Processualweitlaufigkeiten, Een bijdrage over de geschiedenis van het Hof van Appel te Thorn
1718-1795. In A.M.J.A. Berkvens & Th.J. van Rensch (Eds.), Wordt voor
Recht gehalden. Opstellen ter gelegenheid van vijfentwintig jaar Werkgroep
Limburgse Rechtsgeschiedenis (1980-2005) (p. 211-240). Maastricht: Limburgs
Geschied- en Oudheidkundig Genootschap.
Berkvens, A.M.J.A. (2006). Zur Abkurzung unnötiger Processualweitlaufigkeiten. Een bijdrage over de geschiedenis van het Hof van Appel te Thorn
1718-1795. Tijdschrift voor Rechtsgeschiedenis, 84, 121-148.
Coenraad, L.M. & Giesen, I. (2007). Kwaliteitsbevordering in de rechtspleging.
Nederlands Juristenblad, 13, 784-793.
Ernes, A.L.H. (2007). Gids voor het burgerlijk procesrecht. Den Haag: Elsevier
Juridisch. (170 p.)
Fernhout, F.J. (2007). Alimentatie betalen akkoord, maar waarom zoveel? Over
de motivering van alimentatiebeslissingen. Nederlands Juristenblad, 21162121.
Freudenthal, M. (2005). Implementation of the Directive on late payments in
the Netherlands. In F. Badosa Coll & E. Arroyo i Amayuelas (Eds.), La
armonización del derecho de obligaciones en Europa (p. 409-429). Valencia:
Tirant lo Blanch.
Freudenthal, M. (2005). Europese betalingsbevelprocedure: op weg naar een
Europees burgerlijk procesrecht. Tijdschrift voor Procesrecht en Bewijsrecht,
225-237.
Freudenthal, M. & Ooik, R.H. van (2005). Betekenis ‘burgerlijke en handelszaken’ in Europese rechtsmaatregelen. Nederlands Internationaal Privaatrecht,
4, 381-388.
Freudenthal, M. (2006). De Nederlandse rechter en grensoverschrijdende verboden in intellectuele-eigendomszaken. Jurisprudentie Burgerlijk Procesrecht,
1, 5-12.
Freudenthal, M. & Velden, F.J.A. van der (2006). De bevoegdheid van de
Nederlandse rechter in grensoverschrijdende (octrooi-)zaken met meerdere
verweerders. In M. de Cock Buning, E.H. Hondius & J.J. Brinkhof (Eds.),
Internationaal contracteren, feestbundel voor Willem Grosheide (p. 273-292).
Den Haag: Boom Juridische uitgevers.
Freudenthal, M. (2007). Landesbericht Niederlande. In R. Geimer & R. Schütze
(Eds.), Internationaler Rechtsverkehr in Zivil- und Handelssachen (Band 5)
(p. 1100.1-1100.11). München: C.H. Beck.
330
Grondslagen en beginselen van burgerlijk procesrecht in Europa
Freudenthal, M. (2007). Op weg naar een Europees procesrecht. De Europese
betalingsbevelprocedure: een stap vooruit? Nederlands Juristenblad, 157-160.
Freudenthal, M. (2007). Openbare orde of algemene processuele beginselen?
Tijdschrift voor Civiele Rechtspleging, 71-77.
Giesen, I. (2005). Fundamentele ontwikkelingen in de rechtspleging. Nederlands Juristenblad, 9, 471-477.
Giesen, I. (2006). Stilstand en voortgang in de rechtspleging. Nederlands
Juristenblad, 9, 518-526.
Giesen, I. (2006). ‘Balans’-lezen. Reflecteren over sanctionering en zelfregulering naar aanleiding van het Eindrapport van de commissie Fundamentele
herbezinning Nederlands burgerlijk procesrecht. Tijdschrift voor Civiele
Rechtspleging, 4, 103-109.
Giesen, I. & Schelhaas, H. (2006). Samenwerking bij rechtsvorming. De instelling van een Periodiek Overleg van Rechtsvormers (POR). Ars Aequi: juridisch
studentenblad, 3, 159-172.
Giesen, I. (2007). Alternatieve regelgeving in privaatrechtelijke verhoudingen.
In W.J. Witteveen, I. Giesen & J.L. de Wijkerslooth, Alternatieve regelgeving.
Handelingen Juristen-Vereniging (p. 67-168). Deventer: Kluwer.
Giesen, I. (2007). Onderzoekende arbiters wraken? Meer helderheid dankzij het
instrument van de cassatie in het belang der wet. Weekblad voor Privaatrecht,
Notariaat en Registratie, 6722, 735-739.
Groen, H.A. Asser, W.D.H, Vranken, J.B.M. & Tzankova, I.N. (2006). Uitgebalanceerd: eindrapport fundamentele herbezinning Nederlands burgerlijk
procesrecht. Amsterdam: Boom Juridische uitgevers. (219 p.)
Groen, H.A. (2007). New Trends in Pre-action. General Report – Civil Law. In
A. Pellegrini Grinover & P. Calmon (Eds.), Direito Processual Comparado
(p. 242-256). Rio de Janeiro: Forense.
Hendrikse, M.L. & Groot, A.M.F. de (2005). De buitengerechtelijke kosten.
Preadvies voor de Vereniging van Incasso-advocaten 2005. Zutphen: Paris. (56
p.)
Hendrikse, M.L. & Margetson, N.J. (2006). Division of the burden of proof
under the Hague-Visby Rules. Journal of International Maritime Law, 1, 2534.
Hendrikse, M.L. & Rinkes, J.G.J. (2007). The new Netherlands Financial Services Complaints Tribunal. Complaints settlement in the financial service
market (KIFID) in the Netherlands. Zutphen: Paris. (177 p.)
331
Wetenschappelijk verslag 2005-2007
Hendrikse, M.L. (2007). Geschillenbeslechting in het consumentenverzekeringsrecht. In Verzekering en Consument (Preadvies voor de Vereniging voor
Verzekeringswetenschap 2005) (p. 89-108). Amstelveen: deLex.
Jongbloed, A.W. (2005). Can there be a European bailiff?, National Case Study
The Netherlands. In M. Andenas, B. Hess & P. Oberhammer (Eds.), Enforcement Agency Practice in Europe (p. 195-213; p. 253-261; p. 379-381). London:
British Institute of International and Comparative Law.
Jongbloed, A.W. (2005). Naar een reële vergoeding van buitengerechtelijke
kosten. In R.J.C. Flach et al. (Eds.), Rutgers-bundel, Opstellen, op 26 april
2005 aangeboden aan Prof. Mr. G.R. Rutgers (Kluwer rechtswetenschappelijke
publicaties) (p. 177-185). Deventer: Kluwer.
Jongbloed, A.W. (2005). The Netherlands (1838-2005). In C.H. van Rhee
(Ed.), European Traditions in Civil Procedure (Ius Commune Europaeum, 54)
(p. 69-95). Antwerp: Intersentia.
Jongbloed, A.W. (2005). Sanctionering van bemiddeling en verzoening naar
Nederlands recht. Tijdschrift voor Civiele Rechtspleging, 46-51.
Jongbloed, A.W. (2006). Access to Justice, Costs and Legal Aid. In S. van Erp
& L.P.W. van Vliet (Eds.), Netherlands Report to the Seventeenth International
Congress of Comparative Law (p. 223-252). Antwerp: Intersentia.
Jongbloed, A.W. (2006). Pays-Bas et le système judiciaire hollandais. In Les
professionnels de la signification et de l'exécution en Europe: rencontres Européennes de l'ENEPP (p. 177-187 & p. 277-280). Paris: Collection Passerelle.
Jongbloed, A.W. & Struiksma, D. (2006). Bailiffs on the e-Highway. Information & Communications Technology Law, 14, 201-206.
Jongbloed, A.W. (2007). De privaatrechtelijke dwangsom (Ars Aequi cahier.
Privaatrecht). Nijmegen: Ars Aequi Libri. (115 p.)
Jongbloed, A.W., Ernes, A.L.H. et al. (2007). Herbalans. Beschouwingen naar
aanleiding van het rapport Uitgebalanceerd. Nijmegen: Ars Aequi Libri. (91
p.)
Jongbloed, A.W. & Ingen, M.J.W. (2007). Onderhandse executie: 'executoriale
verkoop uit de hand' ex art. 3:251 lid 1 BW en met name art. 3:268 lid 2 BW
(Ars Notariatus, 135). Deventer: Kluwer. (XIV + 260 p.)
Jongbloed, A.W., Nispen, C.J.J.C. van & Meijer, G.J. (2007). Burgerlijk
procesrecht. Den Haag: Sdu. (534 p.)
Jongbloed, A.W. (2007). Fundamentele herbezinning op koers? Nederlands
Juristenblad, 930-931.
332
Grondslagen en beginselen van burgerlijk procesrecht in Europa
Jongbloed, A.W. (2007). Procesrecht op wereldniveau. Het 17e Wereldcongres
Rechtsvergelijking. Tijdschrift voor Civiele Rechtspleging, 9-13.
Mostermans, P.M.M. & Hoek, A.A.H. van (2005). Ontwikkelingen in regelgeving en rechtspraak in het IPR-procesrecht (buiten EEX en EVEX). Weekblad voor Privaatrecht, Notariaat en Registratie, 6622, 419-427.
Orshoven, P. Van (2005). Justitie 2005-2045 of redelijke rechtspraak binnen
een redelijke termijn voor een redelijke prijs. Naar Europese en Vlaamse communautarisering. In Jura Falconis (Ed.), Lustrumboek 40 jaar Jura Falconis
(Jura Falconis libri) (p. 195-210). Brussel: De Boeck-Larcier.
Orshoven, P. Van (2005). Het statuut van de Hoge Raad voor de Justitie.
Enkele kanttekeningen. In M. Storme (Ed.), De Hoge Raad voor de Justitie na
vier jaar gewogen – Le Conseil Supérieur de la justice, une évaluation après
quatre ans (Interuniversitair Centrum voor Gerechtelijk Recht, 3) (p. 12-36).
Brugge: die Keure.
Orshoven, P. Van (2005). Het recht op hoger beroep. Waarom en waarheen?. In
J. Linsmeau & M. Storme (Ed.), Het Gerechtelijk recht: waarom en waarheen?
– Finalité et legitimité du droit judiciaire (p. 133-144). Brugge: die Keure.
Orshoven, P. Van (2005). The Belgian Judicial Code. In C.H. van Rhee (Ed.),
European Traditions in Civil Procedure (Ius Commune Europaeum, 54) (p. 97102). Antwerp: Intersentia.
Orshoven, P. Van (2005). Conciliation and other types of Alternative dispute
settlement: Belgium. In C.H. van Rhee (Ed.), European Traditions in Civil Procedure (Ius Commune Europaeum, 54) (p. 213-215). Antwerp: Intersentia.
Orshoven, P. Van (2005). Party interrogation as evidence: Belgium. In C.H. van
Rhee (Ed.), European Traditions in Civil Procedure (Ius Commune Europaeum, 54) (p. 253-254). Antwerp: Intersentia.
Oberhammer, P. (2007). 236-242 KO (Internationales Insolvenzrecht). In A.
Konecny & G. Schubert (Eds.), Insolvenzgesetze (36 p.). Wien: Springer.
Oberhammer, P. (2007). Rechtsöffnung gegen den Gesellschafter einer Kollektivgesellschaft aus Rechtsöffnungstiteln gegen die Gesellschaft? Zugleich
ein nebensächlicher Beitrag zur Rechtssubjektivität der Kollektivgesellschaft.
In P. Breitschmid, W. Portmann, H. Rey & D.Zobl (Eds.), FS Hans Michael
Riemer (p. 243-271). Bern: Stämpfli Verlag.
Oberhammer, P. & Slonina, M. (2007). Grenzüberschreitende Gewinnzusagen
im europäischen Prozess- und Kollisionsrecht: Gabriel, Engler und die Folgen.
In N. Nikas (Ed.), FS Pelayia Yessiou-Faltsi (p. 419-442). Athens/Thessaloniki: Sakkoulas Publications.
333
Wetenschappelijk verslag 2005-2007
Oberhammer, P. (2007). Juristische Prüfungen (in japanischer Sprache). Jahrbuch des Instituts für die yokenjijitukyoiku-Methode an den japanischen Law
Schools 5 (p. 163-206).
Oberhammer, P., Graf, C. & Slonina, M. (2007). Sachwalterschaft für Deutsche
und Schweizer in Österreich – Kollisionsrechtliche Fragen am Übergang vom
nationalen Recht zum Haager Erwachsenenschutzübereinkommen. Zeitschrift
für Rechtsvergleichung, Internationales Privatrecht und Europarecht, 133-146.
Orshoven, P. Van (2005). Powers of the judge: Belgium. In C.H. van Rhee
(Ed.), European Traditions in Civil Procedure (Ius Commune Europaeum, 54)
(p. 291-294). Antwerp: Intersentia.
Orshoven, P. Van (2006). Herwaardering van de eerste aanleg. In B. Maes
(Ed.), Voorstellen tot bijsturing van de burgerlijke rechtspleging (p. 153-164).
Brugge: die Keure.
Orshoven, P. Van & Wagner, K. (2006). La responsabilité civile, pénale et
disciplinaire des magistrats. In E. Dirix & Y.-H. Leleu (Eds.), De Belgische
rapporten voor het congres van de «Académie Internationale de Droit
Comparé» te Utrecht (p. 325-350). Bruxelles: Bruylant.
Orshoven, P. Van & Taelman, P. (Eds.). (2007). De wet van 26 april 2007 tot
wijziging van het Gerechtelijk Wetboek met het oog op het bestrijden van de
gerechtelijke achterstand doorgelicht. Brugge: die Keure. (189 p.)
Orshoven, P. Van (2007). De onmogelijke hervorming van het fiscaal procesrecht III. L. Ballon, H. Cousy, W. Devroe, K. Geens, J. Stuyck, B. Tilleman &
P. Van Orshoven (Eds.), Liber Amicorum Frans Vanistendael (p. 479-484).
Herentals: Knops Publishing.
Orshoven, P. Van (2007). Tussen ‘gelijk hebben’ en ‘gelijk krijgen’. Enkele
recente ontwikkelingen in het burgerlijk procesrecht. In B. Allermeesch & K.
Wagner (Eds.), Recht in beweging (p. 291-320). Antwerpen: Intersentia.
Orshoven, P. Van & Allemeersch, B. (2007). Een wet ... om wat te doen? En
(vanaf) wanneer? In P. Taelman & P. van Orshoven (Eds.), De wet van 26 april
2007 tot wijziging van het Gerechtelijk Wetboek met het oog op het bestrijden
van de gerechtelijke achterstand doorgelicht (p. 1-14). Brugge: die Keure.
Orshoven, P. Van & Allemeersch, B. (2007). Ingereedheidbrenging van de
zaak. In P. Taelman & P. van Orshoven (Eds.), De wet van 26 april 2007 tot
wijziging van het Gerechtelijk Wetboek met het oog op het bestrijden van de
gerechtelijke achterstand doorgelicht (p. 31-86). Brugge: die Keure.
334
Grondslagen en beginselen van burgerlijk procesrecht in Europa
Rhee, C.H. van (2005). Introduction (I). In C.H. van Rhee (Ed.), European
Traditions in Civil Procedure (Ius Commune Europaeum, 54) (p. 3-32).
Antwerp: Intersentia.
Rhee, C.H. van (2005). English Civil Procedure until the Civil Procedure rules
(1998). In C.H. van Rhee (Ed.), European Traditions in Civil Procedure (Ius
Commune Europaeum, 54) (p. 129-159). Antwerp: Intersentia.
Rhee, C.H. van (2005). Introduction (II). In C.H. van Rhee (Ed.), European
Traditions in Civil Procedure (Ius Commune Europaeum, 54) (p. 185-193).
Antwerp: Intersentia.
Rhee, C.H. van (2005). Der Einfluss des Zivilprozessmodells von Franz Klein
in den Niederlanden. In Bundesministerium für Justiz (Ed.), Franz Klein
Symposion. Dokumentation des Symposions zum 150. Geburtstag von Franz
Klein am 6. Mai 2004 im Bundesministerium für Justiz (Schriftenreihe des
Bundesministeriums für Justiz, Band 123) (p. 19-36). Wien/Graz: NWV –
Neuer Wissenschaftlicher Verlag.
Rhee, C.H. van (2006). De ontwikkeling van het burgerlijk procesrecht in het
20ste-eeuwse Europa. Een terugblik. In G. Martyn, D. Heirbaut & R.
Opsommer (Eds.), De rechtsgeschiedenis van de twintigste eeuw/The Legal
History of the Twenthieth Century (Iuris Scripta Historica, XIX) (p. 153-166).
Brussel: Koninklijke Academie WLSK.
Rhee, C.H. van (2006). The Influence of the French Code de Procédure Civile
(1806) in 19th Century Europe. In L. Cadiet & G. Canivet (Eds.), De la
Commémoration d'un code à l'autre: 200 ans de procédure civile en France
(p. 129-165). Paris: LexisNexis/Litec.
Rhee, C.H. van & Verkerk, R. (2006). Civil Procedure. In J.M. Smits (Ed.),
Elgar Encyclopedia of Comparative Law (p. 120-134). Cheltenham: Edward
Elgar.
Rhee, C.H. van (2007). Lietuvos CPK igyvendinimo Problemos. Nacionaliniai
ir Tarptautiniai Aspektai. Vilnius: Teisines Informacijos Centras. (396 p.)
Rhee, C.H. van & Uzelac, A. (Eds.). (2007). Public and Private Justice: Dispute Resolution in Modern Societies. Antwerp: Intersentia. (xiv+213 p.)
Rhee, C.H. van (2007). Public Justice: Some Historical remarks. In C.H. van
Rhee van & A. Uzelac (Eds.), Public and Private Justice: Dispute Resolution in
Modern Societies (p. 31-54). Antwerp: Intersentia.
Rhee, C.H. van (2007). The Development of Civil Procedural Law in Twentieth
Century Europe: A Retrospective View. In A. Pellegrini Grinover & P. Calmon
(Eds.), Direito Processual Comparado (p. 623-635). Rio de Janeiro: Editora
Forense.
335
Wetenschappelijk verslag 2005-2007
Rhee, C.H. van (2007). The Future of Dutch Civil Procedure. In X. (Ed.), The
Recent Tendencies of Development in Civil Procedure Law – between East and
West (p. 83-93). Vilnius: Justitia.
Rhee, C.H. van (2007). Civil Litigation in Twentieth Century Europe. Tijdschrift voor Rechtsgeschiedenis, 307-319.
Rhee, C.H. van (2007). De rol van de burgerlijke rechter in de negentiende
eeuw: ‘case management’ avant la lettre in Genève, Nederland en België.
Tijdschrift voor Rechtsgeschiedenis, 2, 189-198.
Schollen, P. (2005). Juridische bijstand: voor de burger een recht, voor de
advocaat een plicht? Tijdschrift voor Procesrecht en Bewijsrecht, 14-24.
Schollen, P. (2006). Maakt de rechter de wet? In P. Popelier & J. Van
Nieuwenhove (Eds.), Wie maakt de wet? (p. 149-165). Brugge: die Keure.
Sujecki, B. (2005). Die Probleme der elektronischen Durchführung des Europäischen Mahnverfahrens. In E. Schweighofer (Ed.), Effizienz von e-Lösungen
in Staat und Gesellschaft, Aktuelle Fragen der Rechtsinformatik (p. 307-314).
Stuttgart: Boorberg.
Sujecki, B. (2005). Erste Überlegungen zum Europäischen elektronischen
Mahnverfahren. Zeitschrift für Medien- und Kommunikationsrecht, 213-217.
Sujecki, B. (2005). Europäisches Mahnverfahren nach dem Verordnungsvorschlag der Europäischen Kommission. Europäische Zeitschrift für Wirtschaftsrecht, 45-49.
Sujecki, B. (2005). Europäisches Mahnverfahren: Die Notwendigkeit einer ausschließlichen Gerichtsstandsregelung! – Erwiderung auf Einhaus. Europäische
Zeitschrift für Wirtschaftsrecht, 358-360.
Sujecki, B. (2005). Reform des europäischen Zustellungsrechts – Die Zustellungsverordnung und der Vorschlag der Europäischen Kommission zu ihrer
Änderung. Zeitschrift für Gemeinschaftsprivatrecht, 192-201.
Sujecki, B. (2006). Das Online Mahnverfahren in Deutschland. MultiMedia und
Recht, 369-373.
Sujecki, B. (2006). De Europese Executoriale Titel – Tijdige tenuitvoerlegging
van vermogensrechtelijke beslissingen in de Europese Unie bezien vanuit verschillende internationale instrumenten. Tijdschrift voor Civiele Rechtspleging,
39-43.
Sujecki, B. (2006). Europäisches Mahnverfahren. Zeitschrift für Europäisches
Privatrecht, 124-148.
336
Grondslagen en beginselen van burgerlijk procesrecht in Europa
Sujecki, B. (2006). Europäisches Mahnverfahren – Geänderter Verordnungsvorschlag. Europäische Zeitschrift für Wirtschaftsrecht, 330-333.
Sujecki, B. (2006). Initial Steps towards an Electronic European Order for
Payment Procedure. Computer Law Review International, 111-116.
Sujecki, B. (2006). Niederländisches Gesetz zur Durchführung der Verordnung
(EG) Nr. 805/2004 zum Europäischen Vollstreckungstitel. Praxis des Internationalen Privat- und Verfahrensrechts, 525-530.
Sujecki, B. (2006). Obrót elektroniczny a reforma sadownictwa – przedstawienie rozwiazania holenderskiego. Monitor Prawniczy, 16, 11-13.
Sujecki, B. (2006). Zusammenschaltungsverträge in Österreich und den Niederlanden. Medien und Recht International, 103-110.
Sujecki, B. & Kramer, X.E. (2006). De Europese betalingsbevelprocedure –
een kritische beschouwing. Nederlands Internationaal Privaatrecht, 365-374.
Sujecki, B. (2007). Das Mahnverfahren. Heidelberg: C.F. Müller Verlag. (xxiii
+ 252 p.)
Sujecki, B. (2007). Bestimmung des zuständigen Gerichts gem. Art. 5 Nr. 1 lit.
b EuGVO bei mehreren Erfüllungsorten in einem Mitgliedstaat. Europäisches
Wirtschafts- & Steuerrecht, 398-402.
Sujecki, B. (2007). Verhältnis der Zustellungsalternativen der EuZVO zueinander. Europäische Zeitschrift für Wirtschaftsrecht, 44-46.
Sujecki, B. (2007). Das Annahmeverweigerungsrecht im Europäischen Zustellungsrecht. Europäische Zeitschrift für Wirtschaftsrecht, 363-366.
Sujecki, B. (2007). Das Europäische Mahnverfahren. Neue Juristische Wochenschrift, 1622-1625.
Sujecki, B. (2007). Das Übersetzungserfordernis und dessen Heilung nach der
Europäischen Zustellungsverordnung. Zeitschrift für Europäisches Privatrecht,
353-367.
Sujecki, B. (2007). Kritische Anmerkungen zum gerichtlichen Prüfungsumfang
im Europäischen Mahnverfahren. ERA-Forum: scripta iuris europaei, 1, 91105.
Sujecki, B. (2007). Möglichkeiten des elektronischen Rechtsverkehrs und deren
Umsetzung in den Niederlanden. MultiMedia und Recht, 493-496.
Sujecki, B. (2007). Pierwsze kroki w kierunku europejskiego elektronicznego
nakazu zaplaty. Monitor Prawniczy, 22, 22-28.
337
Wetenschappelijk verslag 2005-2007
Sujecki, B. (2007). Nieuwe ontwikkelingen op het gebied van de betekening
van gerechtelijke stukken in de Europese Unie. Nederlands Internationaal
Privaatrecht, 229-240.
Sujecki, B. (2007). The German electronic order for payment procedure.
Digital Evidence Journal, 71-75.
Sujecki, B. & Kramer, X.E. (2007). Fundamentele herbezinning op de betalingsbevelprocedure. Tijdschrift voor Civiele Rechtspleging, 1-8.
Uzelac, A. & Triva, S. (2007). Hrvatsko arbitrazno pravo [Croatian Arbitration Law]. Zagreb: Narodne novine. (xl + 572 p.)
Uzelac, A. (2007). (In)Surpassable Barriers to Lustration: Quis custodiet ipsos
custodes? In V. Dvorakova & A. Milardovic (Eds.), Lustration and Consolidation of Democracy and the Rule of Law in Central and Eastern Europe
(p. 47-64). Zagreb: CPI.
Uzelac, A. (2007). Dokazivanje i teret dokazivanja u pravu staroga Rima
(Evidence and Burden of Proof in the Old Roman Law). In I. Koprek, A. Dukat
& M. Funduk (Eds.), Thesaurus Archigymnasii – Zbornik radova u prigodi
400. godisnjice Klasicne gimnazije u Zagrebu 1607 – 2007 (p. 47-64). Zagreb:
Graficki zavod Hrvatske.
Uzelac, A. (2007). Number of Arbitrators and Decisions of Arbitral Tribunals.
Arbitration International, 23(4), 573-592.
Verkerk, R. (2005). Party Interrogation as Evidence, the Netherlands. In C.H.
van Rhee (Ed.), European Traditions in Civil Procedure (Ius Commune Europaeum, 54) (p. 245-252). Antwerp: Intersentia.
Verkerk, R. (2005). Powers of the Judge, the Netherlands. In C.H. van Rhee
(Ed.), European Traditions in Civil Procedure (Ius Commune Europaeum, 54)
(p. 281-290). Antwerp: Intersentia.
Verkerk, R. (2005). Powers of the Judge, England and Wales. In C.H. van Rhee
(Ed.), European Traditions in Civil Procedure (Ius Commune Europaeum, 54)
(p. 307-315). Antwerp: Intersentia.
Verkerk, R. (2006). Procesrechtelijke aspecten van het wetsvoorstel handhaving intellectuele eigendom. Tijdschrift voor Civiele Rechtspleging, 4, 110115.
Verkerk, R. & Verkijk, R. (2006). Principles of Transnational Civil Procedure
vanuit een Nederlands perspectief. Nederlands Tijdschrift voor Burgerlijk
Recht, 30, 212-223.
338
Grondslagen en beginselen van burgerlijk procesrecht in Europa
Verkerk, R. (2007). Procesrechtelijke aspecten van het wetsvoorstel handhaving intellectuele eigendom. Tijdschrift voor Civiele Rechtspleging, 4, 110115.
Verkerk, R. (2007). Procesrechtelijke waarborgen voor een betrouwbaar deskundigenonderzoek. Nederlands Tijdschrift voor Burgerlijk Recht, 24(10), 491500.
Verkijk, R. (2005). Conciliation in The Netherlands: An Historical Overview.
In C.H. van Rhee (Ed.), European Traditions in Civil Procedure (p. 207-212).
Antwerp: Intersentia.
Verkijk, R. (2005). Conciliation in England and Wales. In C.H. van Rhee (Ed.),
European Traditions in Civil Procedure (p. 223-231). Antwerp: Intersentia.
Verkijk, R. (2005). Mediation in wetgeving in Nederland. Tijdschrift voor
Civiele Rechtspleging, 13(2), 34-40.
Verkijk, R. (2007). From Krombach to McDonald's: the right to legal defence
in civil cases in Europe. Tijdschrift voor Civiele Rechtspleging, 78-81.
Verkijk, R. (2007). Wilt u procederen of liever procederen: Advocatenadvies en
ADR. Tijdschrift voor mediation en conflictmanagement, 16-31.
VAKPUBLICATIES
Berkvens, A.M.J.A. (2006). Dingspillen en Goorspraken [Bespreking van het
boek De Etstoel van Drenthe. De civiele procedure in de periode van de
Republiek der Verenigde Nederlanden]. Mr., 6/7, 76.
Fernhout, F.J. (2007). Uit de school geklapt: over de oorsprong van de kinderalimentatietabellen. Tijdschrift voor echtscheidingsrecht, 151.
Fernhout, F.J. (2007). Trema-september 2006: een kleine opknapbeurt. EB
Tijdschrift voor Echtscheidingsrecht, 51-53.
Freudenthal, M. (2005). Europese Executoriale Titel: twijfelachtige aanwinst.
Advocatenblad, 302-303.
Freudenthal, M. (2005). Nieuwe ontwikkelingen in Europese betekening.
Advocatenblad, 745-746.
Freudenthal, M. (2005). Geen richtlijnconforme uitleg van art. 6: 120 (oud)
BW. Contracteren, 44-47.
Freudenthal, M. (2006). [Bespreking van het boek De Europese Executoriale
Titel]. MvV, 18-22.
339
Wetenschappelijk verslag 2005-2007
Freudenthal, M. (2007). Europese betalingsbevelprocedure in werking. Advocatenblad, 58-60.
Freudenthal, M. (2007). Toetreding van Denemarken tot Europese betekening
en executie. Advocatenblad, 351.
Freudenthal, M. (2007). Ontwikkelingen met betrekking tot de Betekeningsverordening (BETVo). Executief, 54-57.
Freudenthal, M. (2007). Reactie van P. van der Grinten en M. Freudenthal.
Nederlands Juristenblad, 1413-1416.
Freudenthal, M. (2007). Toetreding van Denemarken tot de Brussel I-Vo en de
Betekeningsverordening. Contracteren, 48.
Freudenthal, M. & Jongbloed, A.W. (2007). Kroniek burgerlijk procesrecht
2003-2006. Nederlands Tijdschrift voor Burgerlijk Recht, 23-39.
Giesen, I., Jongbloed, A.W., Orshoven, P. Van & Rhee, C.H. van (2005). Mediation in Nederland, België en Europa. Tijdschrift voor Civiele Rechtspleging, 2,
32-33.
Giesen, I. (2005). Lessen uit de Delta. Nederlands Juristenblad, 1, 14.
Hendrikse, M.L. & Jongbloed, A.W. (Eds.). (2005). Burgerlijk procesrecht
praktisch belicht. Deventer: Kluwer. (XXIII + 550 p.)
Hendrikse, M.L. & Jongbloed, A.W. (2005). De bevoegdheid van de rechter.
Over internationale, absolute, sectorale en relatieve bevoegdheid. In A.W.
Jongbloed & M.L. Hendrikse (Eds.), Burgerlijk procesrecht praktisch belicht
(p. 35-57). Deventer: Kluwer.
Hendrikse, M.L. & Rinkes, J.G.J. (2005). Beginselen van en ontwikkelingen in
het Nederlands burgerlijk procesrecht. In A.W. Jongbloed & M.L. Hendrikse
(Eds.), Burgerlijk procesrecht praktisch belicht (p. 1-33). Deventer: Kluwer.
Hendrikse, M.L. (2005). Art. 164 lid 2 Rv: een onnodige, wettelijke, bewijsrechtelijke beperking. Praktisch Procederen, 183-184.
Hendrikse, M.L. & Jongbloed, A.W. (Eds.). (2007). Burgerlijk Procesrecht
praktisch belicht. Deventer: Kluwer. (744 p.)
Hendrikse, M.L., Rinkes, J.G.J. & Martius, H.P.A.J. (2007). Parlementaire
Geschiedenis. Boek 7, titel 17 BW. Deventer: Kluwer. (368 p.)
Hendrikse, M.L. (2007). Beginselen van en ontwikkelingen in het Nederlands
burgerlijk procesrecht. In M.L. Hendrikse & A.W. Jongbloed (Eds.), Burgerlijk
Procesrecht praktisch belicht (p. 1-44). Deventer: Kluwer.
340
Grondslagen en beginselen van burgerlijk procesrecht in Europa
Hendrikse, M.L. (2007). De bevoegdheid van de rechter. Over internationale,
absolute, sectorale en relatieve bevoegdheid. In M.L. Hendrikse & A.W.
Jongbloed (Eds.), Burgerlijk Procesrecht praktisch belicht (p. 59-82).
Deventer: Kluwer.
Hendrikse, M.L. & Rinkes, J.G.J. (2007). Art. 6 EVRM en ADR. Praktisch
Procederen, 4, 99-100.
Jongbloed, A.W. & Rhee, C.H. van (2005). Ars Aequi Wettenbundel Burgerlijk
Procesrecht 2005-2006. Nijmegen: Ars Aequi. (699 p.)
Jongbloed, A.W. (2005). Executie- en beslagrecht. In M.L. Hendrikse & A.W.
Jongbloed (Eds.), Burgerlijk procesrecht praktisch belicht (p. 491-518).
Deventer: Kluwer.
Jongbloed, A.W. (2005). De gerechtsdeurwaarder; zakenman of functionaris?
In WODC (Ed.), Beroepsethiek en marktwerking (Justitiële verkenningen, 3)
(p. 135-150). Den Haag: WODC/Boom Juridische uitgevers.
Jongbloed, A.W. (2005). Onderhandse executie en wat daarmee samenhangt. In
V.J.A.J.C. van Heeswijk et al. (Eds.), De executieveiling, enige aspecten toegelicht (Kluwer rechtswetenschappelijke publicaties) (p. 9-17). Paris: Zutphen.
Jongbloed, A.W. (2005). Opmerkelijke en overbodige rechtsregels. Executief,
1, 8.
Jongbloed, A.W. (2005). Wat de gerechtsdeurwaarder betaamt. Executief, 1,
10-12.
Jongbloed, A.W. (2005). De tucht van de markt is beperkt. Executief, 7-8, 117118.
Jongbloed, A.W. (2005). Is het mogelijk beslag op kredietruimte te leggen?
Praktisch Procederen, 1, 16-21.
Jongbloed, A.W. (2005). Door het oog van de rechter: Rechters: specialisten of
generalisten. Praktisch Procederen, 3, 69-70.
Jongbloed, A.W. (2005). Minnelijke incasso in Nederland en de incasso door
de gerechtsdeurwaarder. Nieuwsbrief Conferentie van Vlaamse Gerechtsdeurwaarders, 1, 2-8.
Jongbloed, A.W. & Rhee, C.H. van (2006). Burgerlijk procesrecht 2006/2007
(Ars Aequi wetseditie). (11de herz. druk). Nijmegen: Ars Aequi Libri. (701 p.)
Jongbloed, A.W. (2006). Burgerlijk procesrecht voor de individuele consument.
In E.H. Hondius & G.J. Rijken (Eds.), Handboek consumentenrecht: een overzicht van de rechtspositie van de consument (p. 425-448). Zutphen: Paris.
341
Wetenschappelijk verslag 2005-2007
Jongbloed, A.W. (2006). Beslag op zorgtoeslag? Praktisch Procederen, 1, 5-9.
Jongbloed, A.W. (2006). Kantonrechtspraak in de 21e eeuw; naar afdoening op
maat. Praktisch Procederen, 1, 21-24.
Jongbloed, A.W. (2006). Naar een uniform geldend Zwitsers Wetboek van
Burgerlijk Procesrecht. Executief, 2, 30-33.
Jongbloed, A.W. (2006). Een hoofdpijndossier?, noot bij Openbaar rapport
Nationale Ombudsman nr. 20061258 d.d. 31 juli 2006. Executief, 10, 174-179.
Jongbloed, A.W. (2006). [Bespreking van het boek Kwaliteitsrekening en
afgescheiden vermogen]. Executief, 3, 55-59.
Jongbloed, A.W. (2006). Een pleidooi voor een ruimere toewijsbaarheid van de
buitengerechtelijke kosten [Bespreking van het boek De buitengerechtelijke
kosten: preadvies voor de Vereniging van Incasso-Advocaten 2005]. Praktisch
Procederen, 1, 21-24.
Jongbloed, A.W. & Schonewille, F. (2006). Is een partij gebonden aan een
eerder gemaakte mediationafspraak? Trema: tijdschrift voor de rechterlijke
macht, 6, 264-266.
Jongbloed, A.W., Nispen, C.J.J.C. van & Meijer, G.J. (2007). Rechtspraak burgerlijk procesrecht (Rechtspraak). Den Haag: Sdu. (XII + 534 p.)
Jongbloed, A.W. & Rhee, C.H. van (Eds.). (2007). Burgerlijk Procesrecht
2007/2008 (Ars Aequi wetseditie). (12de herz. druk). Nijmegen: Ars Aequi
Libri (729 p.)
Jongbloed, A.W. (2007). Hoofdstuk 3. De bevoegdheid van de rechter; over
internationale, absolute, sectorale en relatieve bevoegdheid. In M.L. Hendrikse
& A.W. Jongbloed (Eds.), Burgerlijk procesrecht praktisch belicht (4de druk).
(p. 59-82). Deventer: Kluwer.
Jongbloed, A.W. (2007). Hoofdstuk 18. Executie- en beslagrecht. In M.L.
Hendrikse & A.W. Jongbloed (Eds.), Burgerlijk procesrecht praktisch belicht
(4de druk). (p. 645-675). Deventer: Kluwer.
Jongbloed, A.W. (2007). Lijfsdwang en dwangsom. In R.J.B. Boonekamp,
A.C. van Schaick & E.M. Wesseling-Van Gent (Eds.), Burgerlijke rechtsvordering: (incl. EEX-verordening) (Wet en rechtspraak) (p. 746-773). Deventer:
Kluwer.
Jongbloed, A.W. (2007). KiFiD?! [Bespreking van het boek Naar een klachteninstituut financiële dienstverlening. Preadvies voor de Stichting Klachteninstituut Financiële Dienstverlening]. NTHR, 27-31.
342
Grondslagen en beginselen van burgerlijk procesrecht in Europa
Jongbloed, A.W. (2007). [Bespreking van het boek De exhibitieplicht in kort
bestek; een praktische leidraad bij het opstellen en beoordelen van vorderingen
tot verstrekken van bescheiden op grond van art. 843a Rv]. Executief, 58-59.
Jongbloed, A.W. (2007). [Bespreking van het boek Mediation en de vaststellingsovereenkomst: aantasting en afdwingbaarheid naar Nederlands en Amerikaans recht]. Forum voor Conflictmanagement, 75-79.
Jongbloed, A.W. & Ernes, A.L.H. (2007). Elementen uit het rapport Herbalans.
Executief, 3, 26-30.
Jongbloed, A.W., Ernes, A.L.H. & Hoeden, E. van der (2007). Herbalans: een
kritische blik op de fundamentele herbezinning burgerlijk procesrecht. Praktisch Procederen, 4, 101-106.
Lust, S. (2006). De bestuursgeschillen. Stand van zaken en actuele ontwikkelingen: de hervorming van de Raad van State. In P. van Orshoven (Ed.), Gerechtelijk recht (Cahier Themis, 7) (p. 83-114). Brugge: die Keure.
Lust, S. (2006). Procederen voor het Arbitragehof. Een inleiding. In F.
Moeykens (Ed.), De praktijkjurist X (p. 93-176). Gent: Story Publishers.
Orshoven, P. Van (2005). Beginselen van gerechtelijk recht. Geïllustreerde
leidraad. Leuven: Acco. (XIII + 396 p.)
Orshoven, P. Van, Broeckx, K., Laenens, J. & Maes, B. (Eds.) (2005). Gerechtelijk wetboek met bijzondere wetgeving 2005-2006. Brugge: die Keure. (1273
p.)
Orshoven, P. Van & Schollen, P. (2006). Advocatenkosten: ook het Arbitragehof kijkt naar de wetgever. Juristenkrant, 26-4-2006, 13.
Orshoven, P. Van & Boes, M. (2007). Beginselen van gerechtelijk recht.
Geïllustreerde leidraad. Deel I. Leuven: Acco. (v + 175 p.)
Orshoven, P. Van & Boes, M. (2007). Beginselen van gerechtelijk recht.
Geïllustreerde leidraad. Deel II. Leuven: Acco. (vi + 206 p.)
Rhee, C.H. van (2005). [Bespreking van het boek Gedwongen tussenkomst].
Tijdschrift voor Civiele Rechtspleging, 4, 114-117.
Sujecki, B. (2005). Elektronisches Europäisches Mahnverfahren – bald Realität
oder doch in ferner Zukunft? Zeitschrift für Medien- und Kommunikationsrecht,
XXV-XXVI.
Sujecki, B. (2006). Verordnungsvorschlag zur Änderung der Europäischen
Zustellungsverordnung – Ein Schritt in die richtige Richtung! Europäische
Zeitschrift für Wirtschaftsrecht, 1.
343
Wetenschappelijk verslag 2005-2007
Sujecki, B. (2006). Das Europäische Mahnverfahren nach dem Gemeinsamen
Standpunkt. Europäische Zeitschrift für Wirtschaftsrecht, 609.
Sujecki, B. (2006). Europäisches Mahnverfahren: Elektronische Durchführung
nach dem geänderten Verordnungsvorschlag. MultiMedia und Recht, 6, VIII.
Sujecki, B. (2006). Niederlanden: Pilotprojekt Geldvordering-Online. MultiMedia und Recht, 8, XXIV-XXV.
Sujecki, B. (2007). Das Sprachproblem im europäischen Zivilverfahrensrecht –
Ein ungelöstes (unlösbares) Problem? Europäische Zeitschrift für Wirtschaftsrecht, 649.
Sujecki, B. (2007). Elektronischer Rechtsverkehr im niederländischen Zivilverfahrensrecht. MultiMedia und Recht, 4, XI-XII.
Sujecki, B. (2007). [Bespreking van het boek Maßnahmen zur Beschleunigung
und Konzentration im neuen spanischen und deutschen Zivilprozess]. ERPL,
905-909.
Sujecki, B. (2007). [Bespreking van het boek Europäisches Zivilprozessrecht].
ERPL, 315-318.
Verkijk, R. (2005). Mediation, advisering en het nieuwe civiele procesrecht.
Advocatenblad, 85(5), 243-245.
Verkijk, R. (2005). Wel verschoning, geen helderheid. Advocatenblad, 85(11),
484-486.
Verkijk, R. & Kroes, S. (2006). Streven naar de reputatie van probleemoplosser. Verslag themabijeenkomst Advocaat en mediation. Advocatenblad,
86(7), 320.
Verkijk, R. (2007). Lichtzinnig procederen. Advocatenblad, 164-168.
Wagner, K. (2005). ‘Commentaar bij art. 1456 Ger. W.’, in Commentaar
Gerechtelijk Recht. (losbladig). Mechelen: Kluwer.
ANNOTATIES
Allemeersch, B. (2005). Noot bij: Gent (28-10-2004), (Het begrip ‘geheimen’
bij de toepassing van art. 458 Sw. en art. 36 O.C.M.W.-wet). R.W. 2005,
p. 262-264.
Allemeersch, B. (2005). Noot bij: Hof van Cassatie (30-10-2003), (Handhaving
van een verplichte verzoeningspoging in rechte). R.W. 2005, p. 976-979 en
p. 1160.
344
Grondslagen en beginselen van burgerlijk procesrecht in Europa
Allemeersch, B. (2007). Noot bij: Gent 06-092006, Politierechtbank Brugge
(15-09-2005) en Kh. Kortrijk (24-06-2004), (De heimelijke opname van een
eigen (telefoon)gesprek als bewijs in burgerlijke en commerciële geschillen).
DAOR, p. 333.
Ernes, A.L.H. (2005). Noot bij: HR (08-10-2004), LJN-nummer AP1083,
(Zaaknr.: C03/164 HR). NTBR 2005-1, p. 40-43.
Ernes, A.L.H. (2005). Noot bij: HR (03-12-2004), LJN-nummer AR0275,
(Zaaknr.: C03/205 HR). NTBR 2005-3, p. 135-136.
Ernes, A.L.H. (2005). Noot bij: HR (11-03-2005), LJN-nummer AR7344,
(Zaaknr.: C04/012 HR). NTBR 2005-5, p. 225-226.
Fernhout, F.J. (2007). Noot bij: EHRM 22-02-2007, 17721/04 (Perlala), EHRC
2007-51, p. 496-497.
Fernhout, F.J. (2007). Noot bij: EHRM 22-03-2007, 59519/00 (Staroszczyk),
EHRC 2007-63, p. 611-613.
Fernhout, F.J. (2007). Noot bij: EHRM 12-07-2007, 68490/01 (Stankov),
EHRC 2007-105, p. 1047-1049.
Grosheide, F.W. (2005). Wie is van hout? Het persoonlijke gevoel van de
rechter. Nederlands Tijdschrift voor Burgerlijk Recht, 9, 423-424.
Freudenthal, M. (2005). Noot bij: Rb. Haarlem (20-10-2004) en Rb. Rotterdam
(28-04-2004), 57653/FARK 03-1304, (Betekeningsverordening, Betekening
per post. Taalvereiste). JBPr 2005-15, p. 91-96.
Freudenthal, M. (2005). Noot bij: HvJEG (28-04-2005), C-104/03, (Voorlopig
getuigenverhoor. Bewarende maatregelen). JBPr 2005-47, p. 363-377.
Freudenthal, M. (2005). Noot bij: Hof Amsterdam (28-07-2005), 670/05 SKG,
(Cautio judicatum solvi of zekerheidstelling). JBPr 2005-70, p. 545-550.
Freudenthal, M. & Ooik, R.H. van (2005). Noot bij: HR (08-04-2005), LJN:
AR7930, (Ontvanger van de Belastingdienst Amsterdam t. verweerder (inzake
de EG-Betekeningverordening)). SEW 2005-99, p. 541-546.
Freudenthal, M. (2006). Noot bij: HvJEG (08-11-2005), (Strekking en
vertaalproblematiek van art. 8 Betekeningsverordening, Leffler/Berlin). JBPr
2006-1, p. 13-26.
Freudenthal, M. (2006). Noot bij: HvJEG (09-02-2006), (Betekeningsverordening, geen rangorde tussen wijzen van verzending en betekening, noot bij
HvJEG 9 februari 2006, Plumex/Young). JBPr 2006-28, p. 155-162.
345
Wetenschappelijk verslag 2005-2007
Freudenthal, M. (2006). Noot bij: Hof Amsterdam (01-06-2006 en 29-062006), (Betekening krachtens art. 63 Rv en de Betekeningsverordening). JBPr
2006-85, p. 651-660.
Jongbloed, A.W. (2005). Noot bij: Openbaar rapport Nationale Ombudsman
(23-09-2005), 2005/290, Executief 2005-70, p. 164-167.
Jongbloed, A.W. (2005). Noot bij: HR 15-04-2005 en HR (12-08-2005), JBPr
2005-50, p. 387-396.
Jongbloed, A.W. (2005). Noot bij: HR 15-04-2005 en HR (12-08-2005), JBPr
2005-55, p. 444-451.
Jongbloed, A.W. (2006). Noot bij: Voorzieningenrechter Maastricht (29-072005), JBPr 2006-27, p. 146-152.
Jongbloed, A.W. (2006). Noot bij: Hof den Bosch (04-10-2005), JBPr 2006-48,
p. 370-376.
Jongbloed, A.W. (2006). Noot bij: HR (30-06-2006), JBPr 2006-63, p. 479488.
Jongbloed, A.W. (2007). Noot bij: Rb. Rotterdam (08-11-2006), (Geen uitvoerbaar bij voorraadverklaring). JBPr 2007-42, p. 315-318.
Jongbloed, A.W. (2007). Noot bij: Gerechtshof Arnhem (13-02-2007),
(Dwangsom; proces-verbaal van constatering). JBPr 2007-49, p. 391-397.
Jongbloed, A.W. (2007). Noot bij: HR (04-05-2007), (Dwangsom en omgangsregeling). JBPr 2007-63, p. 521-530.
Jongbloed, A.W. (2007). Noot bij: Hof Amsterdam (10-05-2007), (Dwangsom
en verjaring). JBPr 2007-81, p. 651-658.
Orshoven, P. Van (2005). Noot bij: Hof van Cassatie (28-09-2001), (Gelukkig
zijn niet alle beginselen van het recht algemene rechtsbeginselen) T.B.B.R.,
2005, p. 58-59.
Sujecki, B. (2007). Noot bij: HvJEG (11-10-2007), Neue Juristische Wochenschrift, p. 3706.
Wagner, K. (2005). Noot bij: Hof van Cassatie (04-02-2005), (Het Hof van
Cassatie tegen de vervanging van een gerechtsdeurwaarder bij de vaststelling
van overspel: geen recht op slaap voor de gerechtsdeurwaarder!), R.W. 200506, p. 1174.
346
Grondslagen en beginselen van burgerlijk procesrecht in Europa
Wagner, K. (2005). Noot bij: Hof van Cassatie (26-11-2004), ((1) Kennisgeving bij gerechtsbrief als aanvangspunt van de termijn: Hof van Cassatie
contra Arbitragehof! (2) Hoger beroep in kort geding: verschijningstermijn,
wijze van inleiding en sancties), R.W. 2004-05, p. 1671.
Wagner, K. (2005), Noot bij Brussel (22-06-2004), (De schuldenaarsverklaring
bij laattijdige of onnauwkeurige verklaring van de derde beslagene), RABG
2005, p. 306.
PUBLICATIES ‘GASTONDERZOEKERS’
Coenraad, L.M. (2005). Kroniek Algemene beginselen. Tijdschrift voor Civiele
Rechtspleging, 4, 118-122.
Coenraad, L.M. (2007). Een behoorlijke klachtbehandeling, Procedurele aspecten van de klachtenregeling. In C.A. Joustra, R.J.Q. Klomp & P. Wiewel (Eds.),
Beklaagde hoven. Klachtenregeling in de rechterlijke organisatie, Prinsengrachtreeks (Prinsengrachtreeks, 2007/2) (p. 29-52). Nijmegen: Ars Aequi
Libri.
Grosheide, F.W. (2005). Het recht om niet in rechte betrokken te worden. In
R.J.C. Flach et al. (Eds.), Rutgers-bundel, Opstellen, op 26 april 2005 aangeboden aan Prof. Mr. G.R. Rutgers (Kluwer rechtswetenschappelijke publicaties)
(p. 123-133). Deventer: Kluwer.
Margetson, N.J. (2007). De grenzen van de exhibitieplicht. Praktisch Procederen, 143-146.
Sagaert, V. (2005). Actuele ontwikkelingen inzake notarieel procesrecht. In L.
Weyts & C. Castelein (Eds.), Notariële nieuwigheden (p. 103-137). Leuven:
Universitaire Pers.
Stiphout, M. van (2005). Consuetudo consuetudine vincitur. In R.J.C. Flach et
al. (Eds.), Rutgers-bundel, Opstellen, op 26 april 2005 aangeboden aan Prof.
Mr. G.R. Rutgers (Kluwer rechtswetenschappelijke publicaties) (p. 321-328).
Deventer: Kluwer.
Storme, M.E. (2007). Algemene beginselen van bewijs in het vermogensrecht.
In B. Allemeersch & P. Londers (Eds.), Bewijsrecht (Vlaams Pleitgenootschap
Brussel) (p. 1-42). Gent: Larcier.
347
INTELLECTUELE EIGENDOM (GEASSOCIEERD PROGRAMMA)
A.
VOLLEDIGE TITEL
Intellectuele eigendom
B.
DEELPROGRAMMA'S
Niet van toepassing
C.
ONDERZOEKSLEDEN PROGRAMMA
Begin
onderzoeksleiders
Dhr. Prof.Mr. F.W. Grosheide (UU)
Dhr. Prof.Mr. A.W.J. Kamperman Sanders (UM)
01-01-95
01-01-95
onderzoekers
Mw. Prof.Mr. M. de Cock Buning (UU)
Mw. Mr.Dr. M.H. Elferink (UU)
Mw. Prof. A. Firth (Newcastle)
Mw. Dr. G. van Overwalle (KUL)*
Dhr. Mr. R. de Vrey (UU)
01-10-03
01-10-07
01-05-06
01-02-00
14-12-05
promovendi
Dhr. Mr.Ir. R. Bakels (UM)
Mw. Mr. L. Belder (UM)
Dhr. Mr. D. Bosscher (UU)
Mw. Mr. F. Claessens (UM)
Mw. Mr. A. Dahrendorf (UM)
Dhr. Mr. J. Koopman (UU)
Dhr. Mr. D. Peeperkorn (UU)
Mw. Mr. L. Quanjel-Schreurs (OU)
Dhr. Mr. R. de Vrey (UU)
Mw. E. Van Zimmeren (KUL)
01-05-04
01-05-04
01-10-02
01-03-03
01-10-07
01-10-02
01-05-04
01-02-07
01-05-04
01-06-07
*
Einde
13-12-05
Participeerde voorheen in het opgeheven programma ‘Grondslagen van het
privaatrecht’
349
Wetenschappelijk verslag 2005-2007
D.
TREFWOORDEN
Intellectuele en Industriële Eigendom; Octrooi-, Auteurs- en Merkenrecht; Oneerlijke Mededinging; Media en Communicatierecht
E.
SAMENVATTING PROGRAMMAOPZET
I.
Leiderschap, managementstijl & communicatie
Het programma wordt geleid door de aan de Universiteit Utrecht verbonden
onderzoeksleider Frederik Willem Grosheide en de aan de Universiteit Maastricht verbonden onderzoeksleider Anselm Kamperman Sanders, die de coördinatie van de werkzaamheden binnen het programma voor hun rekening nemen.
Vanuit de coördinatoren wordt regelmatig via e-mailcorrespondentie met andere onderzoekers overlegd over te ondernemen activiteiten, bijvoorbeeld gezamenlijke congressen of de te organiseren workshop op de jaarlijkse Ius Commune conferentie.
Daarnaast vinden regelmatig workshops plaats waaraan een groot deel van de
bij het programma betrokken onderzoekers deelnemen. Alle onderzoekers binnen het programma treffen zich derhalve minstens éénmaal per jaar tijdens de
jaarlijkse Ius Commune conferentie. Daarnaast wordt ook in het kader van vele
onderzoeksprojecten samengewerkt, in welk kader ook workshops worden georganiseerd.
II.
Programmaopzet
a.
Summary and Contents of the research programme
Introduction
Ever since its emergence in the late 19th century (Paris Convention 1883;
Berne Convention 1886) intellectual property law in today's Information Society is by its very nature international in character. International in this respect
means both transnational, reflected in legal instruments such as the TRIPS
Agreement 1994 and the WIPO Copyright Treaty 1996, as well as European,
evidenced in a host of legislation and court decisions within the EU and ad hoc
bonds that surpass the EU such as the European Patent Convention 1975.
Whereas both national and international intellectual property law traditionally
focus on the economic interests of right owners (producers), in recent years the
social and cultural aspects of intellectual property law, and as a consequence
the interests of users (consumers and the public interest), have become prominent. This development is reflected in the first place by the ever more active
role of UNESCO in this domain. Intellectual property law is now also placed in
the perspective of protection, promotion and preservation of the cultural heri350
Intellectuele eigendom (geassocieerd programma)
tage of mankind. This development has induced other stakeholders and actors
in the field such as WB and IMF, to also take the social and cultural impacts of
intellectual property law into account. In this respect the Development Agenda
for the World Intellectual Property Organisation 2004, together with the related
so-called Geneva Declaration 2004, issued by civil society, can be seen as consolidating developments so far. As a consequence, today's intellectual property
law is of a rather global nature.
However, the indicated state of affairs, on the international as well as on the
European front, has led to a considerable fragmentation of actual intellectual
property law. The lack of coherence and consistency of intellectual property
law which follows from the indicated developments is the more pressing since
the traditional conceptual framework of intellectual property law has also come
under strain due to the technological changes which today's society is experiencing. From a European perspective all this is not only detrimental to furthering the internal market within the EU, but also requires a reassessment of the
policy issues underlying actual intellectual property law. In this sense the programme takes a pivotal view of the EU's role as an actor in shaping international intellectual property policy, as well as a recipient, conduit and implementer of international intellectual property policy in its Member States.
General Approach
The research programme aims to acquire a clear view of the feasibility and desirability of the harmonisation and unification of intellectual property law in
Europe, more particularly the EU, taking account of the international agendas
of WIPO, WTO and UNESCO in this respect. Proper attention will also be
given to cultural constraints in general and the effect of the principles of proportionality and subsidiarity in the EU in particular. Intellectual property law in
this respect has to be considered in a broad sense, not only referring to the traditional intellectual property law domains of copyright law and patent law but
also encompassing communication and media law as well as the protection of
cultural expressions and indigenous knowledge and that of cultural property. In
that perspective the research will concentrate on the tension between intellectual property law seen from a proprietarian perspective and intellectual property
law seen from a human rights perspective.
The research programme will contribute by means of Ph.D. theses (see the annexed overview) monographs, articles and conference papers to furthering and
elaborating the study of both the foundations and the technical set-up of intellectual property law, all this within the perspective of a possible harmonisation or
unification of substantive law. In doing so, the following steps will be taken: selecting, on the basis of an overview of substantive national intellectual property
laws in the EU and the US, a number of sub-themes (e.g. copyright contract law,
protection of cultural property, cross-border enforcement), that are most appropriate for being taken into account in this respect, bearing in mind the determining
factors in the EU such as differences in national legal cultures and legal tech351
Wetenschappelijk verslag 2005-2007
niques; indicating whether and how harmonisation or unification with regard to the
selected sub-themes can be attained, leading to proposals concerning issues where
harmonisation or unification appears to be within reach.
Seminars will be organised on a regular basis so as to publicly communicate the
developments in the research fields. Reporting on the activities of the research
group (publications) will take place according to the capabilities of the participating faculties and individual researchers in the programme.
Teaching
Teaching and dissemination of research is a strong feature of the programme.
Many participants in the programme teach and lecture in advanced courses for
professionals and post-graduate students in international networks in Europe
and Asia, such as the European Intellectual Property Institutes Network and the
IEEM Intellectual Property Law School (see under point 5 below).
The programme also has strong links with teaching at master level at Utrecht
University and Maastricht University. This strengthens the research in this programme in the sense that dissemination, teaching and discussion in the classroom provides the participants in the programme with the opportunity to revisit,
re-assess and fine-tune their research. Courses taught in Utrecht and Maastricht:
-
Intellectuele Eigendom 1 (Industriële eigendom) (UU)
The aim of this course is to provide an introduction to Dutch industrial
property law from a EU perspective. The course is based upon Dutch national law, EU law (Regulations and Directives) and other European legal
instruments (EPC among others), and international law (Paris Convention
among others).
-
Intellectuele Eigendom 2 (Auteursrecht 1) (UU)
The aim of this course is to provide an introduction into Dutch Copyright
law from a EU perspective. The course is based upon Dutch national copyright law, EU law (Directives), and international law (Berne Convention,
WIPO CT among others).
-
Intellectuele Eigendom 3 (Mediarecht) (UU)
The aim of this course is to provide an insight into the structure and cohesion of media and communication law, in particular the private law aspects
of the free flow of information.
-
Intellectuele Eigendom 4 (Octrooirecht) (UU)
The aim of this course is to provide a broad insight into patent law, both in
the EU context and on a worldwide scale.
352
Intellectuele eigendom (geassocieerd programma)
-
Intellectuele Eigendom (Comparative Copyright) (UU)
The aim of this course is to provide an insight into the world's major copyrights traditions: the European authors' right (droit d’auteur; Urheberrecht)
tradition and the Anglo-American (copyright) tradition. The course is based
on the study and comparison of Dutch, French, German, English, and
American copyright law within the international framework of the Berne
Convention, the Universal Copyright Convention, the WIPO Copyright
Treaty, the TRIPS Agreement and the Treaty of Rome on Neighbouring
Rights. After a general introduction to the historical background, ideology
and structure of the different national legal systems, attention will focus on
the work of authorship concept (idea/expression dichotomy, publisher's interests) exploitation contracts and databases.
-
European and International Intellectual Property Law (UM)
The aim of this course is to provide a comprehensive overview of industrial
and intellectual property rights in a globalised trade environment. As such
issues of regional integration and harmonisation of national IPR-law in the
EU is juxtaposed with international developments in the WTO and WIPO.
Special emphasis is placed on the challenges that globalisation of trade and
information infrastructures present for the legitimacy and balance of the
IPR-regime.
-
Intellectual Property and the Information Society (UM)
This course is offered as an elective course in the master ‘Infonomics’ of
the Maastricht Faculty of Economics and Business Administration, but it is
also open to law students. It covers the origin and history of current economic theory on providing incentives to innovation in the information society. Substantive legal aspects of industrial and intellectual property and the
management of IPRs is juxtaposed with technological developments in the
vibrant market for multimedia, (open source) software, file sharing, domain
name grabbing, and placed in the context of competition, management of
IPR and electronic commerce.
-
Media Law (UM)
Media Law is offered at the Faculty of Law and is also part of a minor ‘Art
and Law’ that is offered in cooperation with the Faculty of Arts and Culture.
The course approaches media as a communications phenomenon and
touches upon aspects of freedom of expression and plurality of the media,
telecom, internet and ICT sectors from the perspective of human rights and
sector-specific regulation in the context of European and economic law.
-
International Intellectual Property Law and Policy (UM)
This course if offered in the ‘Track Globalization, Trade and Development’
of the Master Public Policy and Human Development (MPP) of the Maastricht Graduate School of Governance. It provide an introduction to policy
aspects of international intellectual property issues and their connection
353
Wetenschappelijk verslag 2005-2007
with efforts to free world trade (WTO) and of regional integration, such as
the European Union, NAFTA, and ASEAN, to create an internal market
with a level playing field for the protection of intellectual property and economic development in innovation and creativity.
-
Masters Intellectual Property Law and Knowledge Management (UM)
During 2006-2007 a lot of time has been spent on setting up two full postgraduate master programmes on Intellectual Property Law and Knowledge
Management (LL.M/MSc.), which will start from 1 September 2008. The
programmes will train graduates at an advanced level to work in legal practice, management in knowledge-intensive industries (e.g. high-tech, biotech,
life sciences) and research institutes. Although both degrees will each have
their own specialization and focus, they will also have a large number of
courses in common, so as to train lawyers and non-lawyers to work together
across their respective disciplines. The MSc. programme will furthermore
prepare graduates for work as patent attorneys. In this context there will be
a strong emphasis on practical technical language training and skills training
in respect of patent drafting, interpretation and litigation. The LL.M degree
trains its graduates for legal practice or consultancy in the field of intellectual property and knowledge management. The programmes will also prepare graduates for further academic studies and research-oriented career
prospects as PhD candidates. Most of all, the programmes offer graduates
with a degree in law or related fields and graduates with a degree in science
or medicine to jointly learn about the role of intellectual property law in
commerce, research and innovation policy, from validation of knowledge
and registration of intellectual property, to transfer of technology and the
management and commercialization of all human intellectual and industrial
creativity. The programmes will be taught by residential and non-residential
staff from academia, practice and the judiciary, among them a lot of members of the OZIC IP programme hailing from Maastricht and Utrecht. The
prestigious Stockholm Network (<http://www.stockholm-network.org>) has
pledged three scholarships of US$9000 each for outstanding postgraduate
students wishing to enter these programmes. See <http://www.law.unimaas.
nl/masters>, then click ‘Intellectual Property Law and Knowledge Management’ for more information. The inception of these programmes furthermore enables the IP research group to participate in the European Intellectual Property Institutes Network (<http://www.eipin.org>) in the years to
come.
b.
Actualisering
Since 2003 a common focus for this research programme on the role of IPR in
regional and international integration processes has been found in the relation
between intellectual property law and human rights. To highlight this theme a
conference resulting in a special issue of the Molengrafica Series was organised
on 3-4 July, 2006 ‘The Human Rights Paradox in Intellectual Property Law’
354
Intellectuele eigendom (geassocieerd programma)
(<http://www2.law.uu.nl/priv/cier/CIER%20Conference/index.htm>). On the
basis of this focus of the CIER lustrum conference more work was undertaken
on the increasing societal awareness of the role and place of IPR in international economic development and the protection of cultural heritage. This was
reflected by the substantial input from UU and Maastricht IP researchers to the
conference ‘The Protection of Cultural Diversity from and International and
European Perspective’, 18-19 March, 2007. Much of 2007 has been spent on
collecting and editing of materials from the CIER lustrum conference of 2006.
The publication with Edward Elgar is foreseen in an English language CIER
series. Parallel to this elaboration on the research theme, a conference was organised in Maastricht around the inaugural lecture of Prof. Kamperman Sanders
in 2005, which in part resulted in the publication of volume four in the
Heath/Kamperman Sanders edited International Intellectual Property Law Series with Hart Publishing. Volume four is entitled ‘Intellectual Property and
Free Trade Agreements’. Currently volumes five and six are being edited.
These volumes will equally deal with the core issues of the research programme, covering: ‘Intellectual Property, Spares and Repairs’ and ‘Industrial
Property and Pharmaceuticals’. Dutch law was covered by the CIER publication of the second and totally new edition of ‘Hoofdstukken Communicatie- en
Mediarecht’, edited by Grosheide and De Cock Buning. The review period also
saw the inaugurations of De Cock Buning in 2006 at the UU as extraordinary
professor Media en Communicatierecht and Van Englen, also at the UU, in
2007 as extraordinary professor Overdracht en Licentiering van Technologie.
Progress has been made in bolstering the numbers and breath of expertise of the
research group, especially in the years 2006-2007. More efforts are, however,
necessary. Van Engelen will strengthen the ranks of the IP programme in future, and a new PhD candidate, Anke Dahrendorf (UM) has commenced work
on a thesis dealing with ‘Intellectual Property Rights in International Trade and
Investment: Multilateral versus Bilateral/Regional Options’. It is furthermore
foreseen that non-residential staff teaching in the Masters IP and Knowledge
Management and the EIPIN network can be brought on board. The inclusion of
Prof. Jan Brinkhof, and Bas Pinckaerts, both from the UU, to the IP research
group has already been put to the board of the board of the OZIC.
III. Beoogde resultaten
a.
General nature
Modern IPR-law is an invention of the 19th century. It gained its actual shape
not later than 1883 and 1886 when the Paris Convention and the Berne Convention were established. In those days IPR-law was part of the public debate and
figured on the political agenda all over Europe. IPR-law was no longer a limited concept, relevant only to certain interest groups, as it had been for a long
time previously. The explosion of mass culture coinciding with a rapid emergence of new technologies had thrust IPR-law into an environment where im355
Wetenschappelijk verslag 2005-2007
mense political, social, cultural and economic forces were operating. And although it was considered from the outset to be in the public interest that IPRlaw should balance the interests of rights owners and society at large, this objective has not always been attained.
Since these early days things did not change very much during the largest part
of the 20th century. The same issues still inflamed the public debate and dominated the political agenda, albeit in a more articulate way. An articulation that
found its origin mainly in societal and technological developments leading to
the transformation of the Industrial Society, into the Information Society. The
societal developments that merit attention here are the advent of the welfare
state, the increase in cultural participation and the establishment of new forms
of entrepreneurial activities. The technological developments once and for all
concern the exponential growth of the possibilities to produce IPR-protected
material driven and dominated by the computer or biotechnology.
From the IPR-point of view, the advent of the information era within the ‘epistemic communities’ of IPR-law is seen as being at the roots of challenges facing IPR law and policy, there being basically three main problems:
-
problems with respect tot the societal acceptance of the law of IPR (consumerism; enforcement problems; ethics; public interest);
problems with regard to legal concepts of the law of IPR (elasticity and
consistency of the available legal conceptual terms;
problems with regard to existing differences in legal technique.
A reply to these challenges is the development of a new field of legal comparative activity: the comparative research-based drafting of European principles on
different fields of private law, Dutch as an intellectual property law.
Communication and media law comes into play here in as far as the interaction
between copyright law and the freedom of expression is concerned.
b.
Research subject chosen
Politico-legal aspects/Legal basis
In the last part of the 20th Century it became clear that issues of legal policy lie
at the heart of intellectual property law. This goes right to the heart of this domain since it puts under strain the traditional foundations thereof (the subject
and object of protection; the scope of protection; limitations and exceptions).
This state of affairs can be well illustrated by pointing at the different attitudes
and approaches taken towards intellectual property law by WIPO, WTO and
UNESCO.
In the research programme this perspective is prominently taken in the dissertations and concurring articles and papers by Belder (Cultural Property), Koopman (Traditional Knowledge), Kamperman Sanders (Geographical Indications/
356
Intellectuele eigendom (geassocieerd programma)
Antitrust and Research Exemptions/Free Trade Agreements) as well as in the
theoretical reflections on the influence of human rights by Grosheide, and the
more practice-oriented treatises and monographs by Belder, Brinkhof, De Cock
Buning, Firth and Grosheide. Dupont's dissertation on defamation and her article on the freedom of expression equally comes to terms with both politicolegal aspects and aspects of the foundations of the law.
Enforcement
Law enforcement, the importance of which in the field of intellectual property
law is underlined by its recent harmonisation in the EU through a directive, is at
issue in a monograph to be written as a joint effort by several researchers from
the research programme (Brinkhof, De Cock Buning, Grosheide; Bosscher,
Deurvorst, De Vreij). The monograph will be both reflective and descriptive.
Applicability and appropriateness
The way in which the various sub-domains of intellectual property law are applied is the subject of a loose-leaf treatise, prepared and published by Brinkhof,
Grosheide and an editor not belonging to the research group, and to which, together with the editors, other members of the research group will contribute (De
Cock Buning, Dupont; Boscher, Deurvorst).
Other continuing projects such as an Art Law Case Book by Belder fall into
this category. The appropriateness of the law in question, particularly copyright
law (how does digitisation fit into the existing dogmatics?), is at stake in De
Cock Buning's paper for the 2006 conference of the International Academy of
Comparative Law.
IV. Relatie tot de onderzoekschool
As is clear from the description, this programme contributes to the central
theme of the Ius Commune Research School in that it focuses on the role of
IPR in regional and international integration processes thus highlighting its
social and scientific relevance in relation to:
a.
EU
Although the general law of IPR has not been affected in all sectors of EU legislation, nevertheless there are by now several specific fields of law concerning
IPR in which relevant EU legislation applies. The scope of this legislation is
constantly developing as part of the gradual evolution of European Community
Law.
b.
International
The need, and as a consequence, the social and scientific relevance of the harmonisation and unification of intellectual property law in an international set357
Wetenschappelijk verslag 2005-2007
ting speaks for itself, taking into account the observations made above. It is
particularly reflected in the drafting of inter-governmental and non-governmental legislative instruments such as EC Regulations and Directives or the
WIPO Dispute Settlement Regulation as well as the case law of the European
Court of Human Rights, the European Court of Justice and the WTO Dispute
Settlement Body.
Furthermore the programme's innovative aspect is to approach the planning of
IPR-law within the perspective of European integration with an integral approach. Ipr-law is seen as a coherent subsection of private law as regards to the
underlying principles into which IPR-law is bound. A less frequented and more
general view of the various bodies of IPR-law is therefore required.
In a more practical context all participating researchers are actively involved in
the research programme of the Ius Commune Research School. Seminars have
and will be organised on a regular basis so as to inform each other and other
researchers about the developments in the research field. Reporting on the activities of the research group (publications) takes place according the capabilities of the faculty, the university and the research school.
V.
Academische reputatie
Many researchers in this programme participate in international networks and
publish in English language and peer reviewed journals or book series. Members of the programme have acted as rapporteur for various EC Commission
Expert Group reports.
Furthermore there is cooperation and active participation in the European Intellectual Property Institutes Network (Queen Mary London, CEIPI Strasbourg,
ETH Zurich, Magister Lucentinus Alicante, Max-Planck Institut Munich), the
AHRB Copyright Research Network, Birkbeck University School of Law London, the AHRC Research Centre for Studies in Intellectual Property and Technology Law Edinburgh, and the Institute of European Studies of Macau Intellectual Property Law School.
Prof. A. Kamperman Sanders acted as Appraiser/Consultant for the EC Multilateral Trade Assistance for Cambodia in 2006, carried out by the Deutsche
Gesellschaft für Technische Zusammenarbeit (GTZ); training the sitting judiciary.
The inception of the Masters Intellectual Property Law and Knowledge Management (LL.M/MSc.) at the UM raises the profile even further, with the
Stockholm Network pledging three grants of US$9000 each for outstanding
students wishing to pursue post-graduate studies in IP Law.
358
Intellectuele eigendom (geassocieerd programma)
VI. Effecten van de samenwerking
As can be seen from the achievements, cooperation has led to many projects,
publications and conferences that would otherwise not have been possible, especially where it concerns access to and the ability to build international networks.
Prof. F.W. Grosheide is serving as member of the Vaste Adviescommissie
Auteursrecht of the Dutch Ministry of Justice, as member of the Geschillencommissie Stichting ter Exploitatie van Naburige Rechten (SENA), as member
of the Executive Committee of the International Association for the Advancement of Teaching and Research in Intellectual Property (ATRIP) and as a
member of the Executive Committee of the Association Littéraire et Artistique
Internationale (ALAI), in that capacity contributing to the organisation of several seminars and conferences worldwide. He also serves as member of the
board of editors of Intellectuele Eigendom & Reclamerecht. In cooperating
with the AHRB Research Center for Studies in Intellectual Property and Technology Law, University of Edinburgh, he has secured contributions from members of this research group to the 2006 CIER conference and the resulting book,
and is acting as reviewer for the AHRB digital publication ‘SCRIPT’. He acts
as member of an expert group on the Fundamentals of IP Contracts, led by the
Max Planck Insitute in Hamburg.
Prof. M. de Cock Buning, is member of the executive of the Vereniging voor
Auteursrecht and member of the board of editors of Intellectuele Eigendom &
Reclamerecht. She was appointed as extraordinary professor Media- en Communicatierecht at Utrecht University in 2006. She acts as Arbiter, Domain
name Dispute Resolution at the World Intellectual Property Organisation. In
cooperation with the Ministerie OCW, Nederlands Uitgevers Verbond,
Publieke Omroep, she is responsible for the Quickscan Crossmediale publiekprivate samenwerking (April 2006).
Prof. A. Kamperman Sanders acted as initiator, academic director and convenor
of the annual IEEM Intellectual Property Seminar over the course of several
years in cooperation with the Institute of European Studies of Macau (IEEM),
China. This has enabled participants to the programme to attend and act as
speaker at the seminar. A book series published by Kluwer Law International
and subsequently Hart Publishing has been firmly established as a result. This
cooperation furthermore led to the inception of the IEEM Intellectual Property
Law School in 2004. The aim of the IEEM IPLS is to provide advanced postgraduate teaching in European and International Intellectual Property Law, student and researcher exchange between Asia and Europe, and funding for PhD
research. To this end the IEEM now acts as sponsor to a chair of European and
International Intellectual Property Law at Maastricht University. He is member
of the executive of the Vereniging voor Mededingingsrecht, member of the
board of editors of Intellectuele Eigendom & Reclamerecht, and member of the
359
Wetenschappelijk verslag 2005-2007
advisory board of the Intellectual Property Quarterly. He has repeatedly acted
as external reviewer of PhD research proposals/work in progress for researchers
of the EIPIN network.
The CIER and the Faculty of Law at Maastricht University participated in a
consortium on a European Commission project on the effect of software patents. The MERIT (Maastricht Economic Research Institute on Innovation and
Technology) was the consortium's administrative beehive. The project was successfully completed in December 2007. The PhD thesis by Bakels on ‘Techniekbegrip in the Octrooirecht’ (to be defended early 2008) is in part a byproduct of this project.
F.
OPBOUW ONDERZOEKSINPUT WETENSCHAPPELIJK PERSONEEL
in fte's
2005
2006
2007
Hoogleraar
Universitair hoofddocent
Universitair docent
Postdocs
Junior onderzoekers (AIO/OIO)
0,90
0,20
2,75
1,03
0,20
2,75
1,10
0,20
0,05
G.
INHOUDELIJK OVERZICHT RESULTATEN
I.
Conferences and Seminars organised
2,75
¾ ‘Free Trade, Competition and the Enforcement of Intellectual Property
Rights in a Global Economy’, Maastricht University, 19-20 May, 2005
(<http://www.unimaas.nl/default.asp?template=werkveld.htm&id=B4LBF4
X57R4O37G55521&taal=nl>).
¾ ‘The Human Rights Paradox in Intellectual Property Law’, Utrecht University, 3-4 July, 2006 (<http://www2.law.uu.nl/priv/cier/CIER%20Con
ference/index.htm>).
¾ ‘The Protection of Cultural Diversity from and International and European
Perspective´, Maastricht University, 18-19 March, 2007 (<http://protectioncultural-diversity.com/>); with substantial input from UU and Maastricht IP
researchers to the conference.
¾ Chair of European and International Intellectual Property Law, Maastricht
University, sponsored by the Institute of European Studies of Macau SAR
China, (<http://www.ieem.org.mo/courses/ipl/index.html>).
360
Intellectuele eigendom (geassocieerd programma)
¾ 6th Annual IEEM Intellectual Property Law Seminar; International Intellectual Property and Free Trade Agreements: Multilateralism versus Bilateralism, 27-28 June 2005, Macau, China.
¾ 7th Annual IEEM IP Seminar; International Intellectual Property Law: Repairs, Interconnections and Consumer Welfare, 26-27 June 2006, Macau,
China;
¾ 8th Annual IEEM IP Seminar; International Intellectual Property and Pharmaceuticals, 25-26 June 2007, Macau, China.
¾ 9th Annual IEEM IP Seminar; International Intellectual Property – Territorial Rights and Global Trade, 25-26 June 2008, Macau, China.
II.
Contractonderzoek
¾ Asian Development Bank J. Mataram University School of Law Indonesia
(PhD research L.M. Hayyan ul Haq).
¾ The CIER (De Cock Buning) participated with the Ministerie OCW, Nederlands Uitgevers Verbond, and the Publieke Omroep, to provide the Quickscan Crossmediale publiek-private samenwerking (April 2006)
¾ The CIER (Brinkhof and Grosheide) and the Faculty of Law at Maastricht
University (Bakels and Kamperman Sanders) participated in a consortium
on a European Commission project on the effect of software patents. This
project was successfully completed in December 2007.
H.
VOORTZETTING
I.
General
As indicated above a common focus for this research programme on the role of
IPR in regional and international integration processes has been found in the
relation between intellectual property law and human rights. In 2006 this resulted in a conference on the relation between intellectual property law and
human rights law. In this light there is an increasing focus on research involving the formulation of a European answer to the challenges of globalisation.
The challenge of globalisation places the EU in the position of an actor in
bringing about and recipient of legal norms on free competition, protection and
transfer of technology, innovation, intellectual and industrial creativity, traditional knowledge and cultural heritage.
361
Wetenschappelijk verslag 2005-2007
II.
Personnel
Prof. Alison Firth of the University of Newcastle joined the research group in
an effort to strengthen the Common Law profile of the programme. Further
strengthening of this aspect of the research profile is foreseen by the inclusion
of the IP group of Edinburgh University.
Ms. Lieke Quanjels-Schreurs of the Open University of the Netherlands, and
PhD candidate at Utrecht University (promotor Prof. Mr. F.W. Grosheide) also
joined the research group.
At Maastricht University Ms. A. Dahrendorf started a PhD research project on
Intellectual Property Rights in International Trade and Investment: Multilateral versus Bilateral/Regional Options; promotores: Prof. A. Kamperman
Sanders and Prof. P. van den Bossche.
Ms. E. Van Zimmeren of the KU Leuven joined the research group on a PhD
research project Patent Reform at both Sides of the Atlantic: Momentum to Revisit the Balance between Patent and Competition Law; promotor: Prof. Dr. F.
Gotzen and Dr. G. van Overwalle. This means that the group is now also incorporating more researchers from the Centrum voor Intellectuele Rechten (CIR)
of the KUL.
III. Activities
The Ninth Annual IEEM IP Seminar will be held in Macau towards the end of
June 2008, which will again result in a book.
At Maastricht University an initiative to set up new advanced masters Intellectual Property Law and Knowledge Management (LL.M/MSc.) was supported.
It is foreseen that various partners, including the CIER UU, will participate in
the creation and teaching of this master, of which the start is scheduled for 1
September 2008. This new initiative also paves the way for further cooperation
of the research group in the European Intellectual Property Institutes Network
that organises seminars and training for PhD researchers and staff.
IV. PhDs
The following PhD defences are scheduled for 2008:
- Reinier Bakels – Universiteit Maastricht (manuscript approved by reading
committee, awaiting date for defence in April 2008)
- Lucky Belder – Universiteit Utrecht
- Fleur Claessens – Universiteit Maastricht
- Jerzy Koopman – Universiteit Utrecht.
362
Intellectuele eigendom (geassocieerd programma)
I.
KERNPUBLICATIES
All six publications mentioned under ‘kernpublicaties’ and ‘uitstekende publicaties’ cover the core of the research programme. This concerns the tailoring of
intellectual property protection so as to raise its acceptability and usefulness in
light of globalisation. Most research undertaken therefore concerns access to
information, technology transfer, respect for human rights, and economic and
cultural development. The list of publications is testament to this common research objective.
The six publications selected provide an overview of what type of work is undertaken by all members concerned, and demonstrate that, despite the fact that
the researchers are dispersed over several institutions, there is a common outlook to their work. In order to highlight the international outlook, only English
language publications have been selected, especially those that have been either
peer-reviewed, or edited by a renowned external academic not belonging to the
research group, and/or published by a major academic publisher.
The division between ‘kern’ and ‘uitstekend’ is rather arbitrary. For the purpose
of this review it was considered that highlighting the work of two young researchers and one relatively new to the research group would be nice.
Overwalle, G. van, Zimmeren, E. van et al. (2006). Models for facilitating
access to patents on genetic inventions. Nature Review Genetics, 143-148.
Koopman, J. (2007). Meeting at and passing by new frontiers: Interfaces
between cultural heritage and intellectual property. In W.L. Wetzels (Ed.),
Language endangerment and endangered languages (Linguistic and anthropological studies with special emphasis on the languages and cultures of the
Andean-Amazonian border area) (CNWS publications, 154) (p. 59-87). Leiden:
CNWS Publications.
J.
UITSTEKENDE PUBLICATIES
Belder, L.P.C. (2007). Cultural Expressions. From Common Source to Public
Domain. In New Directions in Copyright Law (New Directions in Copyright
Law Series, 4) (p. 35-52). Cheltenham: Edward Elgar.
Grosheide, F.W. (2006). Globalisation, Convergence and Divergence in International Copyright Law: A Question of Expediency or of Right? In F. Macmillan (Ed.), New Directions in Copyright Law (Volume 2) (p. 37-60).
Cheltenham: Edward Elgar
Verbeure, B., Overwalle, G. van et al. (2006). Patent pools and diagnostic
testing. Trends in Biotechnology, 3(24), 115-120.
363
Wetenschappelijk verslag 2005-2007
Kamperman Sanders, A.W.J. (2007). Intellectual Property Treaties and Development. In D. Gervais (Ed.), Intellectual Property, Trade and Development
Strategies to Optimize Economic Development in a TRIPS-Plus Era (p. 157170). Oxford: Oxford University Press.
K.
DISSERTATIES
Vrey, R.W. de (13 december 2005). Towards a European Unfair Competition
Law: A Clash Between Legal Families. Universiteit Utrecht (400 p.) (Leiden/
Boston: Brill Academic Publishers). Prom./coprom.: Prof. F.W. Grosheide.
L.
OVERZICHT VAN ALLE OVERIGE PUBLICATIES
WETENSCHAPPELIJKE PUBLICATIES
Bakels, R.B. (2005). A New Paradigm in Patent Law: The Vertical Concept of
Technology. In F.W. Grosheide & J.J. Brinkhof (Eds.), Articles on Crossing
Borders between traditional and actual (p. 349-365). Antwerp: Intersentia.
Bakels, R.B. (2005). Wat is een evenwichtige benadering van softwareoctrooien? (What is a Balanced Approach to Software Patents). Computerrecht, 20053, 134-135.
Brinkhof, J.J. (2007). Over ‘The Desire for Harmonisation’ en ‘The Avenue To
Disunity’. Zit de Nederlandse octrooirechtspraak wel op het juiste spoor? In
D.J.G. Visser et al. (Eds.), Een eigen, oorspronkelijk karakter: opstellen aangeboden aan prof. mr. Jaap H. Spoor (p. 11-23). Amsterdam: deLex.
Cock Buning, M. de (2005). Public domain, room for opportunities or an ever
tighter fit? In F.W. Grosheide & J.J. Brinkhof (Eds.), Intellectual property law
2004: articles on crossing borders between traditional and actual (Molengrafica Series, 15) (p. 157-165). Antwerp: Intersentia.
Cock Buning, M. de (2005). Auteursrecht en informatievrijheid: over de
beperkte toepassing van artikel 10 EVRM. Mediaforum, 4, 157-165.
Cock Buning, M. de (2006). De mediamachine als zevenkoppig monster
(Inaugurele rede Universiteit Utrecht, 2006, mei 30). Amsterdam: Otto
Cramwinckel. (46 p.)
Cock Buning, M. de (2006). Creative Commons-licenties in het auteursrecht:
common sense? In M. de Cock Buning, E.H. Hondius & J.J. Brinkhof (Eds.),
Internationaal contracteren, feestbundel voor Willem Grosheide (p. 239-246).
Den Haag: Boom Juridische uitgevers.
364
Intellectuele eigendom (geassocieerd programma)
Cock Buning, M. de (2006). De parodie-exceptie nader beschouwd. In F.W.
Grosheide (Ed.), Parodie: parodie en kunstcitaat: monografie van de uitgewerkte en geactualiseerde voordrachten die zijn gehouden tijdens de bijeenkomst van Vereniging voor Auteursrecht 30 januari 2004 (p. 103-121). Den
Haag: Boom Juridische uitgevers.
Cock Buning, M. de & Grosheide, F.W. (2006). The Digitalizing of Literary
and Musical works. In S. van Erp & L.P.W. van Vliet (Eds.), Netherlands
Report to the Seventeenth International Congress of Comparative Law
(p. 297-322). Antwerp: Intersentia.
Cock Buning, M. de & Grosheide, F.W. (Eds.). (2007). Hoofdstukken Communicatie- en Mediarecht, beschouwingen over de juridische aspecten van openbare communicatie en massamedia. Nijmegen: Ars Aequi Libri. (480 p.)
Cock Buning, M. de (2007). Pers. In M. de Cock Buning & F.W. Grosheide
(Eds.), Hoofdstukken Communicatie- en Mediarecht, beschouwingen over de
juridische aspecten van openbare communicatie en massamedia (p. 81-113).
Nijmegen: Ars Aequi Libri.
Cock Buning, M. de (2007). Omroep. In M. de Cock Buning & F.W. Grosheide
(Eds.), Hoofdstukken Communicatie- en Mediarecht, beschouwingen over de
juridische aspecten van openbare communicatie en massamedia (p. 115-148).
Nijmegen: Ars Aequi Libri.
Cock Buning, M. de (2007). Commerciële uitingen. In M. de Cock Buning &
F.W. Grosheide (Eds.), Hoofdstukken Communicatie- en Mediarecht, beschouwingen over de juridische aspecten van openbare communicatie en massamedia (p. 297-336). Nijmegen: Ars Aequi Libri.
Cock Buning, M. de & Poelmann-Teijgeler, S. (2007). Europese Verordening
voedings- en gezondheidsclaims laat zich lastig verteren. Intellectuele Eigendom & Reclamerecht, 271-287.
Elferink, M.H. (2007). Auteursrecht op normalisatienormen revisited. In D.J.G.
Visser & D.W.F. Verkade (Eds.), Een eigen, oorspronkelijk karakter: opstellen
aangeboden aan prof. mr. Jaap H. Spoor (p. 79-90). Amsterdam: deLex.
Engelen, Th.C.J.A. van (2007). Intellectuele eigendom en internationaal
privaatrecht. (Boom Juridische Praktijkboeken). Den Haag: Boom Juridische
uitgevers (235 p.)
Engelen, Th.C.J.A. van (2007). Tijden veranderen: stil staand ga je achteruit
(oratie bij het aanvaarden van het ambt van bijzonder hoogleraar licentiering en
overdracht van technologie, 14-11-2007).
Firth, A., Cornford, P. & Lea, G. (2006). Trade Marks: Law and Practice.
Bristol: Jordan Publishing Ltd.. (387 + II p.)
365
Wetenschappelijk verslag 2005-2007
Firth, A. & Phillips, P. (2006). Border measures at the national level – United
Kingdom. In O. Vrins & M. Schneider (Eds.), Enforcement of Intellectual
Property Rights through Border Measures – Law and Practice in the EU
(p. 1059-1096). Oxford: Oxford University Press.
Firth, A. (2007) Seabirds, series and sonar: Claiming registered rights. In G.
Westkamp, (Ed.), Emerging Issues in Intellectual Property (p. 160-175)
Cheltenham: Edward Elgar.
Grosheide, F.W. & Brinkhof, J.J. (Eds.). (2005). Intellectual property law
2004: articles on crossing borders between traditional and actual (Molengrafica Series, 15). Antwerp: Intersentia.
Grosheide, F.W. (2005). General Introduction. In F.W. Grosheide & J.J.
Brinkhof (Eds.), Intellectual property law 2004: articles on crossing borders
between traditional and actual (Molengrafica Series, 15) (p. xi-xiv). Antwerp:
Intersentia.
Grosheide, F.W. (2005). Hoe slaafs mag men nabootsen? Intellectuele
Eigendom & Reclamerecht, 21, 270-272.
Grosheide, F.W. & Thole, E. (2005). SPAM: The European and Dutch Way.
Journal of the Japan-Netherlands Institute, VIII, 104.
Grosheide, F.W. (2006). Vooruitgang in het burgerlijk recht? (Afscheidsrede
Universiteit Utrecht, 5 april 2006). Den Haag: Boom Juridische uitgevers. (50
p.)
Grosheide, F.W. (2006). Hoofdstuk 16. E-commerce. In E.H. Hondius & G.J.
Rijken (Eds.), Handboek consumentenrecht: een overzicht van de rechtspositie
van de consument (p. 327-350). Zutphen: Paris.
Grosheide, F.W. (2006). Van de brug af gezien. Kroniek van wetgeving, jurisprudentie en literatuur 2005. Intellectuele Eigendom & Reclamerecht, 22(2),
57-77.
Grosheide, F.W. (2007). Grenzen aan de groei door te snoeien op maat. In
D.J.G. Visser et al. (Eds.), Een eigen, oorspronkelijk karakter: opstellen aangeboden aan prof. mr. Jaap H. Spoor (p. 111-120). Amsterdam: deLex.
Grosheide, F.W. (2007). Hoofdstuk I – Inleiding. In F.W. Grosheide & M. de
Cock Buning (Eds.), Hoofdstukken Communicatie- en Mediarecht (p. 17-78).
Nijmegen: Ars Aequi Libri.
Grosheide, F.W. (2007). Hoofdstuk VI – Toegang tot informatie. In F.W.
Grosheide & M. de Cock Buning (Eds.), Hoofdstukken Communicatie- en
Mediarecht (p. 239-296). Nijmegen: Ars Aequi Libri.
366
Intellectuele eigendom (geassocieerd programma)
Grosheide, F.W. (2007). In search of the public domain during the prehistory of
copyright. In Ch. Waelde & H. MacQueen (Eds.), Intellectual Property – The
Many Faces of the Public Domain (p. 1-20). Cheltenham: Edward Elgar.
Grosheide, F.W. (2007). Preparing a Judicial Rule. In C. Arnaud (Ed.), Regards
sur les sources du droit d'auteur: Congrès ALAI, 18-21 septembre 2005, Paris
(Exploring the sources of copyright: ALAI congress, September 18-21, 2005,
Paris) (p. 480-484). Paris: ALAI.
Grosheide, F.W. (2007). Op de grens van auteursrecht en merkenrecht (VvAledenvergadering 27 oktober 2007). Tijdschrift voor Auteurs-, Media- & Informatierecht, 3, 65-66.
Kamperman Sanders, A.W.J. (2005). The Development Agenda for Intellectual
Property (Inaugurele rede, Universiteit Maastricht, 20 mei 2005). Maastricht:
Unigraphic. (36 p.)
Kamperman Sanders, A.W.J. & Heath, C. (Eds.). (2005). New Frontiers of
Intellectual Property Law IP and Cultural Heritage – Geographical Indications
– Enforcement – Overprotection. Oxford: Hart Publishing. (356 p.)
Kamperman Sanders, A.W.J. (2005). Future Solutions for Protecting Geographical Indications. In C. Health & A.W.J. Kamperman Sanders (Eds.), New
Frontiers of Intellectual Property Law IP and Cultural Heritage – Geographical Indications – Enforcement – Overprotection (p. 133-148). Oxford:
Hart Publishing.
Kamperman Sanders, A.W.J. (2005). Essential Facilities on the Crossroads of
Intellectual Property and Competition Law. In C. Health & A.W.J. Kamperman
Sanders (Eds.), New Frontiers of Intellectual Property Law IP and Cultural
Heritage – Geographical Indications – Enforcement – Overprotection (p. 245266). Oxford: Hart Publishing.
Kamperman Sanders, A.W.J. (2006). Limits to database protection: fair use and
scientific research exemptions. Research Policy, 35, 854-874.
Kamperman Sanders, A.W.J. & Heath, C. (Eds.) (2007). International Intellectual Property and Free Trade Agreements. Oxford: Hart Publishing. (282 p.)
Kamperman Sanders, A.W.J. (2007). Intellectual Property Law and Policy, and
Economic development with special reference to China. In T. Eger, M. Faure &
Z. Naigen (Eds.), Economic Analysis of Law in China (p. 239-271). Cheltenham: Edward Elgar.
367
Wetenschappelijk verslag 2005-2007
Kamperman Sanders, A.W.J. (2007). Les obligations en matière d'accès après
l'affaire IMS Health – Politique de concurrence rationnelle et logique animalière/Access Obligations after IMS Health – Rational Competition Policy and a
bit of Animal Logic. In ALAI (Ed.), Regards sur les sources de droit d'auteur/
Exploring the Sources of Copyright – ALAI Congress September 18-21, 2005
(p. 689-698). Paris: ALAI.
Kamperman Sanders, A.W.J. (2007). The development Agenda for Intellectual
Property. In A.W.J. Kamperman Sanders (Ed.), International Intellectual
Property and Free Trade Agreements (p. 3-26). Oxford: Hart Publishing.
Kamperman Sanders, A.W.J. (2007). Vrij reizen trekt zware wissel op minst
ontwikkelden. De afname van technologie- en kennisoverdracht door vrijhandelsakkoorden. In D.J.G. Visser et al. (Eds.), Een eigen, oorspronkelijk
karakter: opstellen aangeboden aan prof. mr. Jaap H. Spoor (p. 111-120).
Amsterdam: deLex. (p. 187-198).
Koopman, J. (2005). Bumps and bends in the road to intellectual property for
traditional knowledge. On knowledge models, legal orders and the anti-commons in biotechnology. In F.W. Grosheide & J.J. Brinkhof (Eds.), Intellectual
property law 2004: articles on crossing borders between traditional and actual
(Molengrafica Series, 15) (p. 247-277). Antwerp: Intersentia.
Koopman, J. (2005). Octrooiering van biotechnologische uitvindingen en goede
zeden: Recht onder vuur! Deel 2. Bijblad bij de Industriële Eigendom, 73(11),
447-455.
Koopman, J. (2005). Octrooiering van biotechnologische uitvindingen en goede
zeden: Recht onder vuur! Deel 2. Bijblad bij de Industriële Eigendom, 73(12),
503-512.
Koopman, J. (2005). Reconciliation of proprietary interests in genetic and
knowledge resources: Hurry cautiously. Ecological Economics, 53(4), 523-541.
Overwalle, G. van (2005). Legal and Ethical Aspects of Bio-Patenting: Critical
Analysis of the EU Biotechnology Directive. In P. Drahos (Ed.), Death of
Patents (p. 212-227). Oxon: Lawtext Publishing.
Overwalle, G. van (2005). Patentability of human stem cells and cell lines. In
Council of Ethics (Ed.), The Ethics of Patenting Human Genes and Stem Cells
(p. 47-69). Copenhagen: Council of Ethics.
Overwalle, G. van (2005). Patenting Stem Cell Research in Europe and in the
United States. In W. Bender, C. Hauskeller & A. Manzei (Eds.), Crossing
Borders. Cultural, Religious and Political Differences Concerning Stem Cell
Research (p. 519-546). Münster: Agenda Verlag.
368
Intellectuele eigendom (geassocieerd programma)
Overwalle, G. van (2005). Protecting and Sharing Biodiversity and Traditional
Knowledge: Holder and User Tools. Ecological Economics, 53(4), 585-607.
Overwalle, G. van (2005). Zonder Trommels en Trompetten. De definitieve
omzetting van de EU-Biotechnologierichtlijn in het Belgisch recht. Intellectuele
Rechten – Droits Intellectuels, 349-378.
Overwalle, G. van & Pattyn, B. (Eds.). (2006). Tussen Markt en Agora. Over
het statuut van universitaire kennis. Leuven: Peeters Publishers. (VI + 216 p.)
Overwalle, G. van (2006). Octrooien op maat? Naar een evenwicht tussen
publieke opdracht en privaat goed. In B. Pattyn & G. van Overwalle (Eds.),
Tussen Markt en Agora. Over het statuut van universitaire kennis (p. 181-214).
Leuven: Peeters Publishers.
Overwalle, G. van (2006). IP Protection for Medicinal and Aromatic Plants. In
R. Bogers, L. Craker & D. Lange (Eds.), Medicinal and Aromatic Plants.
Agricultural, Commercial, Ecological, Legal, Pharmacological and Social
Aspects (p. 121-128). Wageningen: Springer.
Overwalle, G. van (2006). De implementatie van de EU-Biotechnologierichtlijn: de Belgische octrooiwet in spreidstand. Tijdschrift voor Belgisch Handelsrecht, 571-576.
Overwalle, G. van (2006). The Implementation of the Biotechnology Directive
in Belgium and its Aftereffects. The Introduction of a New Research Exemption and a Compulsory License for Public Health. International Review of
Intellectual Property and Competition Law, 889-920.
Overwalle, G. van (2006). Reconciling Patent Policies and University Mission.
Ethical Perspectives, 231-247.
Overwalle, G. van & Zimmeren, E. van (2006). Reshaping Belgian Patent Law:
The Revision of the Research Exemption and the Introduction of a Compulsory
License for Public Health. IIP Forum, 64, 42-69. [Online]. Available from:
www.iip.or.jp/e/index.html [01-02-2006].
Overwalle, G. van (Ed.). (2007). Gene Patents and Public Health (Centrum
voor intellectuele rechten, 21). Brussels: Bruylant. (241 p.)
Overwalle, G. van (2007). The Belgian Compulsory License for Public Health.
In G. van Overwalle (Ed.), Gene Patents and Public Health (p. 199-209).
Brussel: Bruylant.
Overwalle, G. van (2007). Holder and User Perspectives in the Traditional
Knowledge Debate: a European View. In Mc. Manis (Ed.), Biodiversity & the
Law (p. 355-370). London/Sterling: Earthscan.
369
Wetenschappelijk verslag 2005-2007
Overwalle, G. van (2007). Regulating Protection, Preservation and Technology
Transfer of Biodiversity-Based Drugs. Patents, Contracts and Local Working
Requirements under the Microscope. In I. Govaere & H. Ullrich (Eds.), Intellectual Property, Public Policy and International Trade (p. 113-141). Brussels:
Peter Lang.
Overwalle, G. van (2007). Reshaping Bio-Patents: Measures to Restore Trust in
the Patent System. In H. Somson (Ed.), Regulatory Challenge of Biotechnology. Human Genetics, Food and Patents (p. 238-256). Cheltenham: Edward
Elgar.
Overwalle, G. van (2007). Recente ontwikkelingen in het octrooirecht. In Recht
in beweging (p. 131-151). Antwerpen: Maklu.
Overwalle, G. van (2007). Gene Patents and Public Health. Setting the Scene.
In G. van Overwalle (Ed.), Gene Patents and Public Health (p. 11-24).
Brussels: Bruylant.
Overwalle, G. van (2007). Patent Law in Crisis? Functions and Limits of the
Patent System in a Globalised World. Revue de la Faculté de droit de l'Université de Liège, 317-322.
Overwalle, G. van & Berthels, N. (2007). Patents and Venus. About oocytes
and human embryonic stem cells. In Stem Cells and Women's Health – Cellules
souches et santé des femmes – Stamcellen en vrouwengezondheid (p. 148-178).
Louvain-la-Neuve: Anthémis/Intersentia.
Overwalle, G. van, Zimmeren, E. van, Verbeure, B. & Matthijs, G. (2007).
Dealing with Patent Fragmentation in ICT and Genetics: Patent Pools and
Clearing Houses. First Monday, 12(6). [Online]. Available from: <http://www.
firstmonday.org/issues/issue12_6/vanoverwalle/index.html> [06-06-2007].
Pinckaers, J.C.S. (2007), De techniekrestrictie in het modellenrecht en de relevantie van alternatieven. In D.J.G. Visser et al. (Eds.), Een eigen, oorspronkelijk karakter: opstellen aangeboden aan prof. mr. Jaap H. Spoor (p. 257-273).
Amsterdam: deLex.
Quanjel-Schreurs, L. (2007). Actualisering van de artikelen 16, 17a, 17b, en 18
Auteurswet. In J.J. Brinkhof, F.W. Grosheide & J.H. Spoor (Eds.), Intellectuele
eigendom, artikelsgewijs commentaar (IEC) (p. 14-18). Den Haag: Elsevier
Juridische Uitgevers.
Quanjel-Schreurs, L. (2007). Enkele procesrechtelijke aspecten van cumulatie
van auteurs- en merkenrecht. Tijdschrift voor Auteurs-, Media- & Informatierecht, 3, 76-84.
370
Intellectuele eigendom (geassocieerd programma)
Verbeure, B., Overwalle, G. van et al. (2006). Analysing DNA patents in
relation with diagnostic genetic testing. European Journal of Human Genetics,
1(14), 26-33.
Vrey, R.W. de (2006). Het waterdicht maken van een Nederlands contract op
Angelsaksische wijze. In M. de Cock Buning, E.H. Hondius & J.J. Brinkhof
(Eds.), Internationaal contracteren, feestbundel voor Willem Grosheide
(p. 87-102). Den Haag: Boom Juridische uitgevers.
Zimmeren, E. van, Overwalle, G. van et al. (2006). A Clearinghouse for
Diagnostic Testing: the Solution to Ensure Access to and Use of Patented
Genetic Inventions? Bulletin of the World Health Organization, 352-359.
Zimmeren, E. van & Requena, G. (2007). Ex-officio Licensing in the Medical
Sector: The French Model. In G. van Overwalle (Ed.), Gene Patents and Public
Health (p. 123-147). Brussels: Bruylant.
VAKPUBLICATIES
Belder, L.P.C. (2007). De 7Up Expositie in het Haags Gemeentemuseum en de
geweigerde werken van Sooreh Hera. e-Column, 4. [Online]. Available from:
<http://www.cier.nl> [31-12-2007].
Belder, L.P.C. & Smithuijsen, C. (2007). Quickscan UNESCO Conventie ter
bescherming en bevordering van de Culturele Diversiteit. Nederlandse
UNESCO Commissie.
Cock Buning, M. de (2005). De heruitvinding van het auteursrecht. Intellectuele Eigendom & Reclamerecht, 272-274.
Cock Buning, M. de, Hondius, E.H. & Brinkhof, J.J. (Eds.). (2006). Internationaal contracteren, feestbundel voor Willem Grosheide. Den Haag: Boom
Juridische uitgevers. (372 p.)
Cock Buning, M. de (2006). Aantekeningen op artt. 6:96 (schadevergoeding bij
aantastingaantasting intellectuele eigendom), 103, 104 en 109 (bewerking
losbladige Schadevergoeding). Deventer: Kluwer.
Cock Buning, M. de (2006). Het tweede Front (bijdrage aan de special: 10
prominenten over 10 jaar Auteursrecht). Copyright Notice, 4, 20.
Cock Buning, M. de (2006). Quickscan Crossmediale Publiek Private Samenwerking. [Online] Utrecht: CIER (185 p.) Available from: <http://www.cier.
nl> [30-04-2006].
Cock Buning, M. de & Numann, E.J. (2007). De gestage wildgroei van het
auteursrecht – een hogesnelheidslijn dreigt te ontsporen. In Een eigen
oorspronkelijk karakter, Spoorbundel (p. 25-46). Amsterdam: deLex.
371
Wetenschappelijk verslag 2005-2007
Cock Buning, M. de (2007). The History of copyright protection of computer
software, the emancipation of a work of technology towards a work of authorship. In Handbook The History of Information Security (p. 121-140). London/
Amsterdam/New York: Reed Elsevier International.
Cock Buning, M. de (2007). Second Life. e-Column, 3. [Online]. Available
from: <http://www.cier.nl> [30-09-2007].
Cock Buning, M. de (2007). Second Life. Signs, 28, 43-44.
Cock Buning, M. de (2007). Van de brug af gezien, Hoofdstuk III Databanken.
Intellectuele Eigendom & Reclamerecht, 67-68.
Cock Buning, M. de (2007). VIZIER: Second Life. Intellectuele Eigendom &
Reclamerecht, 201-202.
Elferink, M.H. (2007). Over normalisatienormen, auteursrecht en flits-aioschap.
In F. Mulder (Ed.), Ik zou het zo weer doen. Terugblikken op proefschriften uit
het tienjarige bestaan van het E.M. Meijers Instituut (p. 10-12). Leiden: LUP.
Grosheide, F.W. (2006). Copyright Licensing Absent a Choice of Law, Copyright under the Rome Convention 1980. In P. van der Grinten & T. Heukels
(Eds.), Crossing borders: essays in European and private international law,
nationality law and Islamic law in honour of Frans van der Velden (Kluwer
rechtswetenschappelijke publicaties) (p. 133-137). Deventer: Kluwer.
Grosheide, F.W. (2006). Breinwassen (bijdrage aan de special: 10 prominenten
over 10 jaar Auteursrecht). Copyright Notice, 4, 19.
Grosheide, F.W. (2006). Noot Trésor-arrest. Intellectuele Eigendom & Reclamerecht, 22(6), 313-314.
Grosheide, F.W. (2007). Creatief gemeengoed: werk in uitvoering (VIZIER).
Intellectuele Eigendom & Reclamerecht, 2, 61-63.
Grosheide, F.W. (2007). Van de brug af gezien – Kroniek van wetgeving,
jurisprudentie en literatuur 2006. Intellectuele Eigendom & Reclamerecht, 2,
65-66.
Grosheide, F.W. (2007). Een recht om te beledigen bestaat dan ook niet. eColumn, 2007/1. [Online]. Available from: <http://www.cier.nl> [01-03-2007].
Koopman, J. (2006). Opinie. Werk aan de octrooirechtelijke winkel. Staatscourant (87), 4 mei. Perspectief; Informatie- en Opinieblad voor de Jeugdbescherming, 7.
372
Intellectuele eigendom (geassocieerd programma)
Overwalle, G. van (2005). Ethical Implications of Patenting Academic
Research-Annual Conference of the Societas Ethica-European Society for
Research in Ethics on Research and Responsibility. In Societas Ethica (Ed.),
Societas Ethica-Annual Report 2005 (p. 225-235). Salzburg: Societas Ethica.
Overwalle, G. van (2005). Genetic Patent Pooling – Creating Synergies among
Competitors. Bio World, 18-19.
Overwalle, G. van & Schovsbo, J. (2007). Policy Options for the Improvement
of the European Patent System. International Review of Intellectual Property
and Competition Law, 834-838.
Overwalle, G. van, Bedsted, B., Cowan, R., Elsmore, M., Lissoni, F., Lotz, P.,
Schovsbo, J., Eijk, J. van der (2007). Policy options for the improvement of
the European patent system. [Online] Denmark: STOA. Available from:
<http://www.europarl.europa.eu/stoa/publications/studies/default_en.htm> [0109-2007].
Pinckaers, J.C.S. (2007). Commentaar bij artikel 2.28 BVIE, Intellectuele
Eigendom, artikelsgewijs commentaar (IEC), 1-71.
Pinckaers, J.C.S. (2007). Commentaar bij artikel 2.27 BVIE, Intellectuele
Eigendom, artikelsgewijs commentaar (IEC), 1-54.
Vrey, R.W. de (2006). Vermogensrechtelijke gevolgen van oneerlijke handelspraktijken. Vermogensrechtelijke annotaties, 1, 51-71.
ANNOTATIES
Cock Buning, M. de (2005). Noot bij: Reclame Code Commissie (30-09-2004),
(Biertje). IER, p. 63-64.
Cock Buning, M. de (2005). Noot bij: Rb. 's-Gravenhage (02-03-2005),
192880, (Digitale knipselkranten). IER, p. 163.
Cock Buning, M. de (2005). Noot bij: Stichting Code Geneesmiddelenreclame
(07-01-2005), K04.021, (Kant/Pfizer). IER, p. 253.
Cock Buning, M. de (2007). Noot bij: Rb 's-Gravenhage (25-10-2006),
(ANWB/Route Mobiel). IER, p. 56-57.
Cock Buning, M. de (2007). Noot bij: Gerecht in Eerste Aanleg (06-02-2007),
(TDK/BHIM). IER, p. 168-169.
Cock Buning, M. de (2007). Noot bij: College van Beroep Reclame Code
(19-06-2006), (STAP/Amstel Gold Race). IER, p. 336-338.
373
Wetenschappelijk verslag 2005-2007
Cock Buning, M. de (2007). Noot bij: Rb Breda (23-06-2007), (Yonex/Belgro).
IER, p. 388-393.
Deurvorst, T. (2007). Noot bij: Rb. Breda (25-10-2006), (Autodesk/Aztec).
Computerrecht 2007-47, p. 113-120.
Deurvorst, T. (2007). Noot bij: HR (08-12-2006), (Sjopspel). AMI 2007-11,
p. 89-92.
Engelen, Th.C.J.A. (2007). Noot bij: Hof Den Bosch (17-01-2007), IER 200720, p. 186.
Engelen, Th.C.J.A. (2007). Noot bij: Hof Den Haag (23-08-2007), IER 2007103, p. 395.
Engelen, Th.C.J.A. (2007). Noot bij: Rb. Assen (01-07-2004), (Bedstede).
IEPT 20040701.
Engelen, Th.C.J.A. (2007). Noot bij: Rb. Den Haag (21-09-2006), (Bettacare v.
H3 Products). IEPT 20060921.
Engelen, Th.C.J.A. (2007). Noot bij: Rb. Den Haag (11-04-2007), (SBM v.
Bluewater). IEPT 20070411.
Engelen, Th.C.J.A. (2007). Noot bij: Rb. Arnhem (08-08-2007), (Rijnconsult
en HBDI). IEPT 20070808.
Engelen, Th.C.J.A. (2007). Noot bij: Hof Amsterdam (13-09-2007), (Thuiskopie v. Norma en Irda). IEPT 20070913.
Engelen, Th.C.J.A. (2007). Noot bij: Hof Den Haag (20-09-2007), (Technip
Kinetisch stroomschema). IEPT 20070920.
Engelen, Th.C.J.A. (2007). Noot bij: Rb. Den Bosch (11-05-2007), (Beemsterkaas-commercial). IEPT 20070511 en Rb. Haarlem (25-05-2007), IEPT
20070525.
Grosheide, F.W. (2005). Noot bij: Hof van Justitie (09-11-2004), IER 2005-1,
p. 22-23.
Grosheide, F.W. (2005). Noot bij: Hof den Bosch (24-06-2003), (Bosta/Van der
Linden). IER 2005-5, p. 295.
Grosheide, F.W. (2007). Noot bij: Rb. 's-Gravenhage (07-02-2007), (Stokke/
Fikszo). IER 2007-74, p. 265-268.
Grosheide, F.W. (2007). Noot bij: Rb. Haarlem (29-06-2007), (Life Safety/
Autovision). IER 2007-77, p. 294-297.
374
Intellectuele eigendom (geassocieerd programma)
Kamperman Sanders, A.W.J. (2007). Noot bij: EHRM (11-01-2007), nr. 73049/
01, (Anheuser-Busch Inc./Portugal). EHRC, 2007-4, p. 433-437.
Kamperman Sanders, A.W.J. (2007). Noot bij: Hof Den Bosch (12-06-2007),
(Mega Brands/Lego System). IER 2007-5, p. 302.
Overwalle, G. van (2005). Noot bij: Rb. van Koophandel Hoei (14 mei 2003 en
18 mei 2004) (Over kwekers, boeren en trieerders: driehoeksverhoudingen in
het kwekersrecht onder de loep). I.R. – D.I. 2005-2, p. 161 en p. 168-169.
Pinckaers, J.C.S. (2007). Noot bij: Hof 's-Gravenhage (22-03-2007), (Fortis
bank/Huiseigenaren). AMI 2007, p. 131-133.
Quanjel-Schreurs, L. (2007). Noot bij: HvJEG (20-09-2007), (Benetton/GStar). IER 2007-6, p. 383-385.
PUBLICATIES ‘GASTONDERZOEKERS’
Deurvorst, T.E. (2006). Aantekeningen op artt. 6:96 (schadevergoeding bij
inbreuk op intellectuele eigendom), 103, 104 en 109 BW. In A.T. Bolt (Ed.),
Schadevergoeding (losbladig). Deventer: Kluwer.
Deurvorst, T.E. & Fuller, L. (2007). Afslanking van de Intellectuele Eigendom.
In D.J.G. Visser et al. (Eds.), Een eigen, oorspronkelijk karakter: opstellen
aangeboden aan prof. mr. Jaap H. Spoor (p. 55-64). Amsterdam: deLex.
OVERIGE PUBLICATIES
Kamperman Sanders, A.W.J. (2006). Liability for Automated Information
Systems – The formulation of uniform rules dealing with civil liability for
automated information systems. Reob project 41561010 (Ext. rep. subproject
41561011). Den Haag: Beleidsadviescommissie voor Recht en Openbaar
Bestuur.
375
IUS COMMUNE EN PUBLIEKRECHT
A.
ALGEMENE INLEIDING
Het programma Ius Commune en publiekrecht is in september 2003 toegetreden tot de onderzoeksschool op basis van een algemene programmatekst (bijlage). Dit programma concentreert zich in algemene zin rond constitutionele processen op nationaal, Europees en internationaal niveau en de constitutionele
interacties tussen deze niveaus. Het denken over constitutionele structuren in de
Europese Unie en in andere internationale organisaties heeft in de loop der jaren een grote vlucht genomen. Voor een deel lopen ontwikkelingen op deze
terreinen parallel met constitutionele processen die in het verleden op nationaalrechtelijk gebied hebben plaatsgevonden. In de westerse wereld zijn gedurende de negentiende en twintigste eeuw op constitutioneel gebied gemeenschappelijke tradities ontstaan ter zake van democratie, grondrechten en de ‘rule of law’.
In deze context is de algemene doelstelling van het Ius Commune en publiekrechtprogramma tweeledig. In de eerste plaats wordt door middel van rechtsvergelijkend onderzoek de gemeenschappelijke tradities, beginselen en rechtsfiguren op constitutioneel gebied opgespoord, geanalyseerd en beschreven en
wordt vervolgens nagegaan of en zo ja, op welke wijze de toekomstige institutionele vormgeving van de Europese Unie alsmede andere relevante internationale organisaties, op deze tradities kunnen worden gebaseerd. Dit komt onder
meer aan de orde als het gaat om de constitutionele verhouding tussen de organen van de Europese Unie, in het bijzonder het Europese Parlement, de Raad
van Ministers en de Europese Commissie. Een belangrijke vraag is hoe deze
verhouding vanuit beginselen van democratie en machtenscheiding zich verder
moet ontwikkelen en in hoeverre daarbij kan worden voortgebouwd op de gebruikelijke patronen in de parlementaire stelsels van de lidstaten. Vergelijkbare
vragen spelen binnen andere internationale organisaties, zoals bijvoorbeeld de
VN en de WTO.
In de tweede plaats wordt aandacht besteed aan het verschijnsel van de vervlechting van constitutionele structuren. In toenemende mate raken de internationale, Europese en nationale rechtsordes met elkaar verweven. Dat komt ook
op constitutioneel gebied tot uitdrukking. Publieke taken worden door de instituties op de diverse niveaus (internationaal, Europees, nationaal) in gezamenlijkheid voorbereid, geregeld en uitgevoerd (‘multilevel governance’). Nationale organen krijgen bevoegdheden toebedeeld op Europees niveau en omgekeerd. De vraag is wat deze vervlechting in constitutioneel opzicht betekent.
Welke gevolgen moeten aan de toenemende vervlechting worden verbonden
voor de traditionele constitutionele structuren en op welke wijze moet publieke
verantwoording worden afgelegd over beslissingen die op deze wijze worden
genomen en uitgevoerd? In brede zin is de vraag hoe in een situatie van toene377
Wetenschappelijk verslag 2005-2007
mende vervlechting van overheden invulling moet worden gegeven aan beginselen van democratie, grondrechten en ‘rule of law’.
Het programma Ius Commune en publiekrecht is uitgewerkt in drie deelprogramma's:
-
Publiekrechtelijke rechtsvergelijking;
Constitutionele processen in Europa;
Constitutionele processen in de internationale rechtsorde.
Over deze drie deelprogramma's zal in het navolgende worden gerapporteerd.
De rapportages dienen te worden bezien in het licht van de hiervoor weergegeven, algemene doelstelling van het Ius Commune en publiekrechtprogramma.
Gegeven het algemene kader zijn vervolgens binnen elk van de deelprogramma's bijzondere accenten gelegd.
B.
TOEKOMST
De hiervoor weergegeven programmastructuur heeft in het verleden zijn waarde bewezen. Op de hoofdterreinen van het publiekrecht zijn onderzoekers tot
goede samenwerking gekomen. Op basis van de huidige structuur is toetreding
tot de onderzoeksschool in 2003 verwezenlijkt. Het publiekrecht neemt thans
binnen de onderzoekschool een volwaardige plaats in.
Tegelijkertijd zijn we langzamerhand in een nieuwe fase beland. De huidige
programmatekst sluit niet meer geheel aan bij waar de aangesloten onderzoekers op dit moment feitelijk mee bezig zijn. Op bepaalde terreinen treden andere onderwerpen meer op de voorgrond dan voorheen en ook de samenwerkingsverbanden lopen, ook door personele wisselingen, niet meer volledig
langs de lijnen zoals destijds voorzien. Dit heeft geleid tot de conclusie dat de
huidige opzet moet worden bijgesteld.
Besloten is om binnen het nieuwe programma Ius Commune en publiekrecht
vier deelprogramma's te onderscheiden:
1.
2.
3.
4.
Constitutioneel recht.
Rechtsbescherming en rechtshandhaving.
Economisch publiekrecht.
Internationaal publiekrecht.
Ten opzichte van de huidige situatie betekent het dat de deelprogramma's Publiekrechtelijke rechtsvergelijking en Constitutionele processen in Europa worden omgevormd tot twee nieuwe deelprogramma's: Constitutioneel recht en
Rechtsbescherming en rechtshandhaving. Hierdoor worden globaal gezien de
meer constitutioneelrechtelijk respectievelijk de meer bestuursrechtelijk georienteerde onderzoekers in afzonderlijke deelprogramma's ondergebracht. De
378
Ius Commune en Publiekrecht
bestaande scheidslijn tussen nationaal en Europees recht komt in de nieuwe
structuur te vervallen. Naast de twee genoemde deelprogramma's wordt een
apart deelprogramma Economisch publiekrecht ontwikkeld. Net zoals thans het
geval is, zal ook in de nieuwe situatie binnen de kaders van het algemene Ius
commune-concept tussen de groepen waar nuttig worden samengewerkt.
In de loop van 2008 zullen de nieuwe deelprogramma's door de betreffende
onderzoeksleiders nader worden uitgewerkt. De titels van de hierboven genoemde programma's betreffen vooralsnog werktitels. Zij geven alleen in globale zin op welk rechtsgebied de onderzoeksactiviteiten zullen worden verricht.
In de uiteindelijke programmering zal uiteindelijk een verdere profilering en
toespitsing moeten plaatsvinden.
379
PUBLIEKRECHTELIJKE RECHTSVERGELIJKING
A.
VOLLEDIGE TITEL
Ius Commune en Publiekrecht, deelprogramma Publiekrechtelijke rechtsvergelijking
B.
DEELPROGRAMMA'S
Niet van toepassing
C.
ONDERZOEKSLEDEN PROGRAMMA
Begin
coördinerend onderzoeksleider
Dhr. Prof.Mr. L.F.M. Verhey (UM)
01-07-01
onderzoeksleiders
Dhr. Prof.Mr. A.W. Heringa (UM)
Dhr. Prof.Mr. H.R.B.M. Kummeling (UU)
Dhr. Prof.Mr. J.A. Peters (UvA)
Dhr. Prof Mr. F.A.M. Stroink (UM)
Dhr. Prof.Mr. R.J.G.M. Widdershoven (UU)
01-02-00
01-06-99
01-10-03
01-02-00
01-06-99
senior onderzoekers
Dhr. Mr. G.H. Addink (UU)
Dhr. Prof.Dr. L.F.M. Besselink (UU)
Dhr. Prof.Dr. B.J.S. Hoetjes (UM)
Dhr. Mr. A.M.L. Jansen (UM)
Mw. Prof.Mr. G.T.J.M. Jurgens (UU)
Dhr. Dr. P.M. Langbroek (UU)
Dhr. Prof.Mr. N. Verheij (UM)
Mw. Dr. C.M. Zoethout (UvA)
Dhr. Dr. T. Zwart (UU)
01-06-99
01-10-03
01-04-05
01-10-03
01-10-03
01-10-03
01-10-03
01-10-03
01-06-99
onderzoekers
Mw. Mr. C.L.G.F.H. Albers (UM)
Dhr. Prof.Mr. J.B.J.M. ten Berge (UU)
Dhr. Mr. J.L.W. Broeksteeg (UM)
Mw. Prof.Mr. M.L.H.K. Claes (UvT)
Mw. Mr. I. van den Driessche (UM)
Dhr. Mr.Dr. A.P.W. Duijkersloot (UU)
01-02-00
01-03-03
01-10-03
01-01-00
16-12-05
01-10-03
Einde
30-06-06
31-12-06
381
Wetenschappelijk verslag 2005-2007
Dhr. Dr. M.A. Heldeweg (UT)
Dhr. Mr. A.W. Hins (UvA)
Dhr. P. Kiiver (UM)
Mw. Mr. E.C.H.J. van der Linden (UM)
Mw. Dr. S. Lust (KUL)
Mw. Gar Yein Ng (UM)
Mw. Mr. N.J.A.P.B. Niessen (UM)
Dhr. Mr. A.J. Nieuwenhuis (UvA)
Dhr. Mr. J.L. de Reede (UvA)
Dhr. Mr. J.H. Reestman (UvA)
Dhr. Mr. O. Tans (VU)
Dhr. Mr. R.J.G.H. Seerden (UM)
Dhr. Mr. J. van der Velde (UM)
Dhr. Mr. J.W. de Visser (UU)
Dhr. Mr. A.J.Th. Woltjer (UU)
Begin
01-10-03
01-10-03
11-11-05
01-02-00
01-03-02
15-03-07
01-10-03
01-10-03
01-10-03
01-10-03
01-05-04
01-06-00
01-10-03
10-03-05
01-10-03
promovendi
Dhr. Mr. G. Boogaard (UvA)
Dhr. Mr. L. Dragstra (UvA)
Mw. Mr. I. van den Driessche (UM)
Mw. Mr. E. Geurink (UM)
Mw. Mr. M. Gijzen (UM)
Mw. Mr. J.A.E. van der Jagt (UU)
Mw. Mr. A. Keessen (UU)
Dhr. P. Kiiver (UM)
Dhr. Mr. A. Knook (UU)
Dhr. Mr. P. Kort (UU)
Dhr. Mr. S. Loeffen (UM)
Dhr. F.F.M. Maiolo (UM)*
Mw. Mr. B. van Mourik (UU)
Mw. Gar Yein Ng (UU)
Mw. Mr. N. Schröder (UU)
Mw. Mr. Drs. M. Schuerman (UvA)
Dhr. Mr. J.W. de Visser (UU)
Mw. Mr. D. Wenders (UM)
Dhr. Mr. R. Van de Westelaken (UM)
Mw. Mr. F. Wijdekop (UvA)
Dhr. Mr. M. Zwiers (UM)
01-06-07
01-10-04
01-10-03
01-10-03
01-07-01
01-10-03
01-10-03
01-10-03
01-10-05
01-10-03
01-02-06
01-10-06
01-02-07
01-10-03
01-10-05
01-04-05
01-10-03
01-10-04
01-02-06
01-10-03
01-10-04
382
Einde
31-05-06
31-12-06
30-09-07
31-01-06
31-01-07
15-12-05
13-12-06
27-10-06
10-11-05
31-09-05
08-03-07
14-03-07
31-01-07
31-01-06
09-03-05
Publiekrechtelijke rechtsvergelijking
Begin
emeritus lid
Dhr. Prof.Mr. J.B.J.M. ten Berge (UU)
Dhr. Prof.Mr. F.A.M. Stroink (UM)
*
D.
Einde
01-01-07
01-07-06
Participeerde voorheen in het opgeheven programma ‘Grondslagen van het
privaatrecht’
TREFWOORDEN
Constitutionalisering, democratie, machtenspreiding, checks and balances, politieke verantwoordelijkheid, publieke verantwoording, good governance, rechtsbescherming, kwaliteit van wetgeving.
E.
SAMENVATTING PROGRAMMAOPZET
I.
Doelstellingen, onderzoeksobjecten
Het onderdeel Publiekrechtelijke rechtsvergelijking maakt deel uit van het programma Ius Commune en publiekrecht. Het programma als geheel concentreert
zich rond constitutionele processen op nationaal, Europees en internationaal
niveau en de constitutionele interacties tussen deze niveaus. In de algemene
inleiding is met een verwijzing naar de bestaande programmatekst, de algemene
doelstelling van het programma Ius Commune en publiekrecht uiteengezet.
In het onderdeel Publiekrechtelijke rechtsvergelijking vindt een deel van het
bovenstaande onderzoek plaats. De doelstelling van het rechtsvergelijkende
onderzoek op publiekrechtelijk onderzoek is tweeledig. Allereerst wordt door
middel van rechtsvergelijkend onderzoek nagegaan wat de nationale rechtsstelsels over en weer van elkaar kunnen leren. Vanwege de herkomst en expertise
van het overgrote deel van de onderzoekers, ligt daarbij een bijzonder accent op
het Nederlandse recht. In de tweede plaats beoogt het rechtsvergelijkend onderzoek bouwstenen op te leveren voor de identificatie van gemeenschappelijke
beginselen op constitutioneel gebied welke mede de grondslag kunnen vormen
voor de nadere ontwikkeling van de Europese constitutionele rechtsorde.
II.
Beoogde resultaten; effecten van de samenwerking
Beoogd wordt om vanuit de deelnemende faculteiten naast de individuele publicaties te komen tot gezamenlijke activiteiten (congressen, workshops, publicaties). Een belangrijke toegevoegde waarde is dat binnen het Ius Commune en
publiekrecht-programma als geheel samenwerking plaatsvindt door beoefenaars
van verschillende deeldisciplines: nationaal constitutioneel recht, Europees
recht en internationaal recht. Daarnaast is er incidenteel inbreng van andere
disciplines dan de rechtswetenschap (politicologie, bestuurskunde). Met deze
383
Wetenschappelijk verslag 2005-2007
multidisciplinaire benadering wordt de kans op een vruchtbare bestudering van
de centrale thematiek van het onderzoeksprogramma vergroot.
III. Academische reputatie
Vele onderzoekers binnen het onderdeel ‘Publiekrechtelijke rechtsvergelijking’
hebben binnen Nederland een aanzienlijke academische reputatie. Daarnaast
participeren onderzoeksleiders en andere onderzoekers in internationale netwerken en samenwerkingsverbanden. Een voorbeeld daarvan is het CONNEXprogramma; een multidisciplinair, door de Europese Commissie gefinancierd
netwerk van onderzoekers dat gecoördineerd wordt door de Universiteit Mannheim.
Een aantal onderzoekers uit het onderzoeksprogramma heeft via de tweedegeldstroom grotere onderzoeksprojecten gefinancierd gekregen. In 2004 is het
SARO-project ‘Political control in a European and Comparative Perspective’
gestart. Het laatste betreft een samenwerkingsproject van de Universiteiten van
Amsterdam, Utrecht en Maastricht en staat onder leiding van prof. mr. Luc
Verhey (UM), prof. mr. Deirdre Curtin (UU) en prof. mr. Jit Peters (UvA). Ten
slotte zijn vele onderzoekers betrokken bij redacties van tijdschriften en wordt
een aantal van hen herhaaldelijk gevraagd voor het uitvoeren van derdegeldstroomonderzoek.
IV. Organisatie en management
De onderdeel Publiekrechtelijke rechtsvergelijking wordt geleid door Luc Verhey (Universiteit Maastricht). Binnen het deelprogramma dragen vanuit de
deelnemende faculteiten meerdere onderzoeksleiders de dagelijkse verantwoordelijkheid voor de uitvoering van het programma. Luc Verhey (UM) is tevens
coördinerend programmaleider van het Ius Commune en publiekrecht-programma als geheel. Met name via e-mailcorrespondentie wordt regelmatig overlegd
tussen de onderzoeksleiders over te ondernemen activiteiten, bijvoorbeeld over
de te organiseren workshops tijdens het jaarlijkse Ius Commune congres.
F.
OPBOUW ONDERZOEKSINPUT WETENSCHAPPELIJK PERSONEEL
in fte's
2005
2006
2007
Hoogleraar
Universitair hoofddocent
Universitair docent
Postdocs
Junior onderzoekers (AIO/OIO)
2,16
3,25
3,37
10,13
2,18
3,14
3,57
9,99
2,08
2,67
3,47
8,39
384
Publiekrechtelijke rechtsvergelijking
G.
INHOUDELIJK OVERZICHT RESULTATEN
I.
Inleiding
Dit overzicht bevat een kort verslag van een aantal activiteiten, zoals gezamenlijke onderzoeksprojecten, congressen, workshops en publicaties. Hierna (PM)
worden alle publicaties afzonderlijk vermeld.
II.
SARO-project ‘Politieke controle in Europa’
Zoals eerder opgemerkt is op 1 januari 2004 gestart het door SARO gefinancierd programma Political control in a European and Comparative Perspective. Het betreft een samenwerkingsproject van de Universiteiten van Amsterdam, Utrecht en Maastricht en staat onder leiding van prof. mr. Luc Verhey
(UM), prof. mr. Deirdre Curtin (UU) en prof. mr. Jit Peters (UvA).
De centrale probleemstelling van het project is op welke wijze de politieke controle als constitutioneel concept binnen de Europese Unie verder gestalte moet
krijgen. Daarbij gaat het vooral om de totstandkoming en verdere ontwikkeling
van constitutionele controle- en verantwoordingsmechanismen in de relaties
tussen de EU-instellingen en -organen alsmede tussen de Unie en de lidstaten.
In het bijzonder is het de bedoeling om, waar mogelijk, door middel van
rechtsvergelijkend onderzoek inspiratie te putten uit ervaringen die gedurende
vele decennia met concepten als politieke controle en ministeriele verantwoordelijkheid in een aantal lidstaten zijn opgedaan. De aldus geformuleerde probleemstelling wordt uitgewerkt voor drie deelthema's: de rol van nationale parlementen, politieke verantwoordelijkheid en politiek-ambtelijke verhoudingen.
In de onderzoeken die onder leiding van Verhey en Peters plaatsvinden zijn in
2005 op grond van ‘position papers’ auteurs uit een groot aantal EU-lidstaten
gevraagd om een bijdrage te leveren voor een tweetal rechtsvergelijkende onderzoeken. Op grond van papers van de experts uit de lidstaten hebben op 9 en
10 februari 2006 in Maastricht in aanwezigheid van die experts en enkele deskundigen van buiten een tweetal workshops plaatsgevonden. In de loop van
2006 en 2007 is verder gewerkt aan de voltooiing van de uit de workshops
voortvloeiende bundels. In juni 2007 verscheen de eerste bundel onder leiding
van Peters (UvA) (Olaf Tans, Carla Zoethout, Jit Peters (eds.), National Parliaments and European Democracy. A bottom-up Approach to European Constitutionalism, Europa Law Publishing, Groningen 2007). In februari 2008 zal de
tweede bundel verschijnen onder leiding van Verhey (UM) (Luc Verhey, Hansko Broeksteeg, Ilse van den Driessche (eds.), Political Accountability in Europe: Which Way Forward?, Europa Law Publishing, Groningen 2008).
385
Wetenschappelijk verslag 2005-2007
III. Gezamenlijke publicaties en congressen
Eind 2005 verscheen de bundel Judicial Lawmaking and Administrative Law
onder redactie van prof. mr. F. Stroink en mw. mr. E van der Linden(UM). Het
gaat om een aantal grotendeels rechtsvergelijkende of Europeesrechtelijke bijdrages van met name Amsterdamse, Utrechtse en Maastrichtse auteurs. De
bundel vloeit voort uit een tijdens het Ius Commune-congres in 2002 in Amsterdam georganiseerde workshop.
In april 2006 werd onder redactie van mr. Ph. Kiiver de bundel gepubliceerd
National and Regional Parliaments in the European Constitutional Order. Het
betreft een aantal bijdrages van Amsterdamse, Utrechtse, Maastrichtse en
Schotse auteurs over de rol van de nationale parlementen en regionale parlementen in de Europese besluitvorming. De bundel was een voortvloeisel van
een workshop die Kiiver in samenwerking met de Universiteit Edinburgh op 2
december 2005 tijdens het Ius Commune-congres in Edinburgh had georganiseerd.
In juni 2006 verscheen ter gelegenheid van het afscheid van prof. mr. F. Stroink
de bundel ‘Het bestuursrecht beschermd’. Het is een bundel die deels rechtsvergelijkend en Europeesrechtelijke bijdrages bevat van diverse Maastrichtse,
Utrechtse en andere bestuursrechtelijke auteurs over de rechtsbescherming tegen de overheid. Op 16 juni 2006 is mede naar aanleiding van deze bundel een
symposium georganiseerd aan de Universiteit Maastricht.
In september 2006 verscheen bij de Staatsuitgeverij in Den Haag het boekje De
parlementaire enquete in Duitsland, Frankrijk en het Verenigd Koninkrijk. Het
betreft het resultaat van een rechtsvergelijkend onderzoek dat in opdracht van
de Nederlandse Tweede Kamer is uitgevoerd door onder meer Kummeling
(UU) en Verhey (UM).
Op 15 december 2006 werd de jaarlijkse staatsconferentie georganiseerd door
de Universiteit Maastricht met als thema ‘Het parlement’. Ter voorbereiding
hiervan is een zestal preadviezen geschreven van hoofdzakelijk Maastrichtse,
Amsterdamse en Utrechtse auteurs. Alle preadviezen bevatten rechtsvergelijkende beschouwingen over diverse aspecten van het functioneren van het parlement. Daarnaast is in ruime mate aandacht besteed aan de rol van nationale
parlementen in de Europese besluitvorming. In 2007 zijn de preadviezen en de
reacties van de diverse referenten gepubliceerd in een bundel in de speciale
daartoe bestemde reeks van de Staatsrechtkring (J.Th. J. van den Berg, J.L.W.
Broeksteeg, L.F.M. Verhey (red.), Het Parlement, Staatsrechtconferentie 2006,
Universiteit Maastricht, Publikaties van de Staatsrechtkring, Staatsrechtconferenties, Wolf Legal Publishers, Nijmegen 2007).
Tijdens het Ius Commune-congres in Utrecht eind 2006 zijn twee workshops
georganiseerd op publiekrechtelijk terrein. De eerste betrof een workshop over
386
Publiekrechtelijke rechtsvergelijking
het vraagstuk van de ‘institutional balance’ op nationaal, Europees en internationaal niveau. De tweede workshop had betrekking op de rol van burgerfora en
conventies als nieuw fenomeen in de publieke besluitvorming. Tijdens het Ius
Communecongres eind 2007 in Luik is een workshop georganiseerd over parlementair onderzoek in België, het Verenigd Koninkrijk, Nederland en de Europese Unie. Nader bezien wordt in hoeverre deze activiteiten kunnen leiden tot
gezamenlijke publicaties.
In februari 2007 heeft in Maastricht onder leiding van Verhey (UM), Bovens
(UU) en Lord (Universiteit Reading) een internationale, door het Europese
netwerk CONNEX gefinancierde workshop plaatsgevonden over ‘Public accountability’. Tijdens deze bijeenkomst is door een beperkt aantal juristen en
politieke wetenschappers uit diverse landen lopend onderzoek gepresenteerd en
bediscussieerd. De centrale vraag was in hoeverre traditionele vormen van politieke verantwoordelijkheid worden beïnvloed door het Europese integratieproces en welke rol politieke verantwoordelijkheid dan wel nieuwe verantwoordingsmechanismen zouden moeten spelen in de nationale en Europese context.
Verder kan nog melding worden gemaakt van een twee publiekrechtelijke
rechtsvergelijkende projecten die gedurende de verslagperiode door Utrechtse
onderzoekers zijn getrokken. Dat is in de eerste plaats het project International
case management onder leiding van dr. Philip Langbroek (en dr. Marco Fabri,
CNR-Bologna). In het kader van dit project vonden internationale expertmeetings plaats op 19 februari 2005 (Utrecht) en 26 juni 2005 (Bologna). Het project heeft in 2007 geleid tot de publicatie The Right Judge for the Right Case
(Intersentia). Daarnaast gaat het om het – door de Commissie gefinancierde –
project Rights of Defence, onder leiding van onder meer dr. Philip Langbroek.
In dit project wordt de doorwerking van het Europese beginsel van de ‘rights of
defence’ bestudeerd in zes lidstaten van de EU en Zwitserland. In het kader
hiervan hebben expertmeetings plaatsgevonden op 11 maart 2005 en 9 juni
2006 (Utrecht). Het project is begin 2007 afgerond met de publicatie Defence
Rights during Administrative Investigations (Intersentia).
H.
VOORTZETTING
Zoals in de inleiding is uiteengezet is besloten tot een herschikking van de
deelprogramma's binnen Ius Commune en publiekrecht. Het meer op het constitutionele recht gerichte gedeelte van het deelprogramma Publiekrechtelijke
rechtsvergelijking zal worden ondergebracht bij een nieuw deelprogramma
Constitutioneel recht. Hieronder zal ook het Europese constitutionele recht vallen, thans vallend onder het deelprogramma Constitutionele processen in Europa. Het bestuursrechtelijke deel van het deelprogramma Publiekrechtelijke
rechtsvergelijking zal worden ondergebracht onder het nieuwe deelprogramma
Rechtsbescherming en rechtshandhaving.
387
Wetenschappelijk verslag 2005-2007
In Maastricht zal in 2008 de nevenvestiging van het Montesquieu-instituut van
start gaan. Dit instituut zal zich richten op historisch en vergelijkend onderzoek
naar parlementen. Het nieuwe instituut biedt aanzienlijke kansen om het Maastrichtse constitutioneelrechtelijke onderzoek naar aspecten van parlementaire
stelsels verder uit te breiden. De beoogde onderzoeksbenadering van het Montesquieu-instituut sluit zeer goed aan bij de algemene filosofie van Ius Commune. Het vanuit Maastricht te entameren onderzoek binnen het instituut zal dan
ook binnen het deelprogramma Constitutioneel recht worden ingebracht en daar
waar mogelijk in samenspraak met de Ius Communepartners worden uitgevoerd. In de bijlagen zit een activiteitenplan waarin nieuwe onderzoeksprojecten en congressen en workshops op het aangegeven werkveld worden gepresenteerd.
Voor het overige zal de uitvoering van het programma wat betreft thematiek en
werkwijze grotendeels volgens dezelfde lijnen worden voortgezet. De aandacht
zal onder meer gericht zijn op afronding van het SARO-programma Political
control in a European and Comparative Perspective. Afronding is voorzien in
het eerste kwartaal van 2008. Het slotcongres vindt plaats op 13 en 14 maart
2008 in Maastricht. Verder zal ook het in het kader van het EU Zesde Kaderprogramma gefinancierde programma The Changing Landscape of Liberty and
Security in Europe (CHALLENGE) worden afgerond. Voorts zal worden gewerkt aan ontwikkeling van gezamenlijke publicaties en de afronding van een
aantal promotieprojecten.
I.
KERNPUBLICATIES
Tans, O., Zoethout, C. & Peters, J. (2007). (Eds.), National Parliaments and
European Democracy. A bottom-up Approach to European Constitutionalism,
Groningen: Europa Law Publishing (xii + 253 p.)
Verhey, Broeksteeg, H. & Driessche, I. van den (2008). (Eds.), Political
Accountability in Europe: Which Way Forward?, Groningen: Europa Law
Publishing, 2008 (forthcoming).
J.
UITSTEKENDE PUBLICATIES
Widdershoven, R.J.G.M. & Dingemans, R.P.B.A. (2005). De Schutznormleer
in communautair perspectief: het Duitse debat. Nederlands Tijdschrift voor
Bestuursrecht, 46, 327-337.
Kiiver, P. (Ed.). (2006). National and Regional Parliaments in the European
Constitutional Order. Groningen: Europa Law Publishing. (x + 132 p.)
388
Publiekrechtelijke rechtsvergelijking
Besselink, L.F.M. (2007). Shifts in Governance: National Parliaments and
Their Governments’ Involvement in European Union Decision-Making. In G.
Barrett (Ed.), National Parliaments and the European Union: The Constitutional Challenge for the Oireachtas and other Member State Legislatures
(p. 29-46). Dublin: Clarus Press.
Claes, M.L.H.K. (2007). The European Constitution and the role of national
constitutional courts. In A. Albi & J. Ziller (Eds.), The European Constitution
and national Constitutions: Ratification and beyond (European monographs,
54) (p. 235-247). The Hague/London/New York: Kluwer Law International.
K.
DISSERTATIES
Visser, J.W. de (9 maart 2005). Developmental Local Government: A case
study of South Africa. UU (XIX + 313 p.) (Antwerp: Intersentia). Prom./coprom.: Prof. H.R.B.M. Kummeling & Prof. N. Steytler.
Kiiver, P. (10 november 2005). The National Parliaments in the European
Union- A critical View on EU Constitution-Building. Universiteit Maastricht
(xvi + 207 p.) (Maastricht: eigen uitgave). Prom./coprom.: Prof. L.F.M. Verhey
& Prof. A.W. Heringa.
Willemsen, P.A. (16 november 2005). De grenzen van de rechtsstrijd in het
bestuursrechtelijk beroep en hoger beroep in rechtsvergelijkend perspectief
Universiteit Utrecht ( 385 p.) Deventer: Kluwer: Prom./coprom.: Prof. J.B.J.M.
ten Berge & Prof. R.J.G.M. Widdershoven.
Driessche, I. Van den (15 december 2005). Politieke ministeriële verantwoordelijkheid, Het Nederlandse begrip in rechtsvergelijkend perspectief, Dissertatiereeks Vakgroep Staatsrecht Groningen. Rijksuniversiteit Groningen (296 p.)
(Deventer: Kluwer). Prom.: Prof. D.J. Elzinga.
Jagt, J.A.E. van der (27 oktober 2006). Milieuconvenanten gehandhaafd. Een
juridisch onderzoek naar de handhaafbaarheid en handhaving van Nederlandse milieuconvenantenen in het bijzonder van klimaatconvenanten in het licht
van de democratische rechtsstaat. Universiteit Utrecht (670 p.) (Den Haag:
Boom Juridische uitgevers). Prom./coprom.: Prof. R.J.G.M. Widdershoven &
Dr. G.H. Addink.
Gijzen, M.H.S. (13 december 2006). Selected Issues in Equal Treatment Law –
A Multi-Layered Comparison of European, English and Dutch Law. Universiteit Maastricht (551 p.) (Antwerp: Intersentia). Prom./coprom.: Prof. A.W.
Heringa & Prof. L.B. Waddington.
Ng, G.Y. (14 maart 2007). Quality of Judicial Organisation and Checks and
Balances. Universiteit Utrecht (428 p.) (Antwerp: Intersentia). Prom./coprom.:
Prof. J.B.J.M. ten Berge & Dr. P.M. Langbroek.
389
Wetenschappelijk verslag 2005-2007
L.
OVERZICHT VAN ALLE OVERIGE PUBLICATIES
WETENSCHAPPELIJKE PUBLICATIES
Addink, G.H. (2005). Principles of Good Governance: Lessons from Administrative Law, in: Good Governance and the European Union, Reflections on
Concepts, Institutions and Substance. In D.M. Curtin & R.A. Wessel (Eds.),
Good governance and the European Union: Reflections on Concepts, Institutions and Substance (Ius Commune Europaeum, 49) (p. 21-48). Antwerp:
Intersentia.
Addink, G.H. (2005). The Ombudsman as the fourth power. On the foundations
of Ombudsmanlaw from a comparative perspective. In E.C.H.J. van der Linden
& F.A.M. Stroink (Eds.), Judicial Lawmaking and Administrative Law (Ius
Commune Europaeum, 52) (p. 269-302). Antwerp: Intersentia.
Addink, G.H. (2005). Algemene beginselen van goed bestuur en de toepassing
door de Algemene Rekenkamer. Nederlands Tijdschrift voor Burgerlijk Recht,
6, 169-183.
Addink, G.H. & Berge, J.B.J.M. ten (2006). Study on Innovation of Legal
Means for Eliminating Corruption in the Public Service in the Netherlands. In
J.H.M. van Erp & L.P.W. van Vliet (Eds.), Netherlands reports to the seventeenth international congress of comparative law (p. 379-419). Antwerp:
Intersentia.
Addink, G.H. (2007). Transparent Administration and Public Participation as
Principles of Good Governance from a comparative perspective. In Liber
amicorum Prof. Dr. S. Sundari (p. 1-33). Surabaya: Airlangga University.
Addink, G.H. & Berge, J.B.J.M. ten (2007). Over algemene beginselen van
goed bestuur en het transparantiebeginsel. In Th.G. Drupsteen, H.J.M. Havekes
& H.F.M.W. van Rijswick (Eds.), Weids Water, Opstellen over waterrecht
(Van Hall-bundel) (p. 255-282). Den Haag: Sdu.
Addink, G.H. (2007). Wet bibob: een wankel evenwicht tussen preventieve
handhaving en recht? Jurisprudentie Bestuursrecht Plus, 1, 56-72.
Albers, C.L.G.F.H. (2006). Toetsingsintensiteit bij bestuursrechtelijke sancties.
In A.W. Heringa, A.M.L. Jansen, E.C.H.J. van der Linden & L.F.M. Verhey
(Eds.), Het bestuursrecht beschermd. Liber Amicorum Prof.Mr. F.A.M. Stroink
(p. 141-152). Den Haag: Sdu.
Albers, C.L.G.F.H. (2006). De bestuurlijke boete en het bestuursprocesrecht.
De verschraling van een goede strafvordering. Delikt en Delinkwent, 2, 17-38.
390
Publiekrechtelijke rechtsvergelijking
Albers, C.L.G.F.H. (2006). De bestuurlijke boete onder het juk van het
bestuursprocesrecht. Jurisprudentie Bestuursrecht Plus, 143-161.
Albers, C.L.G.F.H. & Schlössels, R.J.N. (2006). Terrorismebestrijding: Het
bestuursrecht aan zet, de rechtsstaat in gevaar? Nederlands Juristenblad, 1960,
2522-2530.
Albers, C.L.G.F.H. (2007). De Awb en het bestuursstrafrecht: De eenheid heeft
haar grenzen. Over geforceerde rechtseenheid en wildgroei van boetestelsels. In
R.J.N. Schlössels, A.G.A. Nijmeijer, A.J. Bok & L.J.M. Timmermans (Eds.), In
eenheid (p. 383-405). Den Haag: Sdu.
Albers, C.L.G.F.H. (2007). Toezichthoudersaansprakelijkheid. Een blik vanuit
het bestuursrecht op Vie d'Or. Aansprakelijkheid, Verzekering & Schade, 3, 94105.
Berg, J.Th.J. van den, Broeksteeg, J.L.W. & Verhey, L.F.M. (Eds.). (2007). Het
Parlement. Staatsrechtconferentie 2006 (Publikaties van de Staatsrechtkring).
Nijmegen: Wolf Legal Publishers. (220 p.)
Berge, J.B.J.M. ten & Langbroek, P.M. (2005). The surplus value of the
ombudsman. In H. Gammeltoft-Hansen & J. Olsen (Eds.), The Danish
Ombudsman 2005 (p. 103-140). Kopenhagen: Folketingets Ombudsmand.
Berge, J.B.J.M. ten & Langbroek, P.M. (2005). Towards integrated Lawmaking
by administrative courts and public authorities. On instruments and possibilities
for constructive interaction between the administration and administrative
courts in relation to administrative decisionmaking, administrative objection
and appeal. In E.C.H.J. van der Linden & F.A.M. Stroink (Eds.), Judicial
Lawmaking and Administrative Law (Ius Commune Europaeum, 52) (p. 255266). Antwerp: Intersentia.
Berge, J.B.J.M. ten (2006). Integriteit van en gedragsregels voor de rechterlijke
macht. In A.W. Heringa, A.M.L. Jansen, E.C.H.J. van der Linden & L.F.M.
Verhey (Eds.), Het bestuursrecht beschermd. Liber Amicorum Prof.Mr. F.A.M.
Stroink (p. 45-55). Den Haag: Sdu.
Berge, J.B.J.M. ten (2006). Verankering van het integriteitsbeginsel in het
bestuursrecht. Nederlands Tijdschrift voor Bestuursrecht, 211-218.
Berge, J.B.J.M. ten (2007). Burgerplichten jegens de overheid, tussen normaal
en abnormaal (Afscheidsrede Universiteit Utrecht, 6 december 2006). Alphen
aan den Rijn: Kluwer. (40 p.)
Berge, J.B.J.M. ten (2007). Burgerplichten en klachtrecht. Tijdschrift voor
Klachtrecht, 1-3.
391
Wetenschappelijk verslag 2005-2007
Berge, J.B.J.M. ten (2007). Toward an equilibrity between civic rights and civic
duties in relation with government. Utrecht Law Review, 219-226.
Besselink, L.F.M. (2005). De Europese Unie en de Koninkrijksrelaties. In L.J.J.
Rogier & H.G. Hoogers (Eds.), 50 jaar Statuut voor het Koninkrijk der
Nederlanden (p. 109-122). Den Haag: Ministerie van Binnenlandse Zaken en
Koninkrijkrelaties.
Besselink, L.F.M. (2005). Ongrondwettige grondwetswijzigingen. In W. Hins,
A. Nieuwenhuis & H. Reestman (Eds.), Met recht en reede: Opstellen
aangeboden aan mr. J.L. de Reede (p. 9-18). Deventer: Kluwer.
Besselink, L.F.M. (2005). Van constitutionele beslissingsmacht tot vermeende
zeggenschap: parlementaire betrokkenheid bij de deelname van de Nederlandse
Krijgsmacht aan internationale militaire operaties. In M. Van Damme (Ed.), De
Grondwet en het inzetten van de strijdkrachten (p. 137-173). Antwerpen:
Maklu.
Besselink, L.F.M. (2005). Inburgering, gelijke behandeling en verblijfrecht van
vreemdelingen in Nederland. Voorstudie voor de Adviescommissie Vreemdelingenzaken. Voorstudies ACVZ (Ext. rep. 7). Den Haag: Ministerie van Justitie.
Besselink, L.F.M. (2005). De invloed van Europeanisering op de constitutionele verhoudingen in Nederland. Beleid en Maatschappij, 32(1), 45-55.
Besselink, L.F.M. (2006). Constitutional Referenda in the Netherlands: a
Debate in the Margin. In J.H.M. van Erp & L.P.W. van Vliet (Eds.), Netherlands reports to the seventeenth International Congress of Comparative Law
(p. 349-378). Antwerp: Intersentia.
Besselink, L.F.M. (2006). National Parliaments in the EU's Composite
Constitution: a Plea for a Shift in Paradigm. In Ph. Kiiver (Ed.), National and
Regional Parliaments in the European Constitutional Order (p. 117-131).
Groningen: Europa Law Publishing.
Besselink, L.F.M. (2006). The Dutch Constitution, the European Constitution
and the Referendum in the Netherlands. In A. Albi & J. Ziller (Eds.), The
European Constitution and the National Constitutions: the Ratification and
Beyond (European monographs, 54) (p. 113-123). Alphen aan den Rijn: Kluwer
Law International.
Besselink, L.F.M. (2006). Unequal Citizenship: Integration Measures and
Equality. In S. Carrera (Ed.), The Nexus between Immigration, Integration and
Citizenship in the EU (CEPS Challenge Papers) (p. 14-19). Brussels: Centre for
European Policy Studies.
392
Publiekrechtelijke rechtsvergelijking
Besselink, L.F.M. (2006). De Binnengrenzen van het Koninkrijk, of: Het voorontwerp ‘Verbanning en Inburgering’. Tijdschrift voor Antilliaans Recht-Justicia, 3, 70-84.
Besselink, L.F.M. (2006). Double Dutch: the Referendum on the European
Constitution. European Public Law, 12(3), 345-352.
Besselink, L.F.M. (2006). De Binnengrenzen van het Koninkrijk, of: Het
voorontwerp ‘Verbanning en Inburgering’. Challenge – Liberty and Security in
Europe. [Online]. Available from: <http://www.libertysecurity.org/article967.
html> [29-05-2006].
Besselink, L.F.M. (2006). Expulsion and Integration: Erecting Internal Borders
within the Kingdom of the Netherlands. Challenge – Liberty and Security in
Europe. [Online]. Available from: <http://www.libertysecurity.org/article1096.
html> [12-09-2006].
Besselink, L.F.M. (2007). Geschillenbeslechting in de Koninkrijksverhoudingen – een constitutioneel tekort. In H.R.B.M. Kummeling & J.M. Saleh (Eds.),
Nieuwe verhoudingen binnen het Koninkrijk (Cahierreeks) (p. 117-132).
Utrecht: Disciplinegroep Staats- en Bestuursrecht van de Universiteit van
Utrecht.
Besselink, L.F.M. (2007). Hoofdstuk 3: Internationaal Recht en Nationaal
Recht. In N. Horbach, R. Lefeber & O. Ribbelink (Eds.), Handboek Internationaal Recht (p. 47-80). Den Haag: T.M.C. Asser Press.
Besselink, L.F.M. (2007). Ius Publicum Europaeum: § 6 Grundstrukturen staatlichen Verfassungsrechts: Niederlande. In A. von Bogdandy, P. Cruz Villalón
& P.M. Huber (Eds.), Handbuch Ius Publicum Europaeum, Band I: Nationales
Verfassungsrecht (p. 327-388). Heidelberg: C.F. Müller.
Besselink, L.F.M. (2007). Parlement en buitenlandse politiek – Een drieluik
over constititutionele relaties tot de buitenwereld. In Publikaties van de Staatsrechtkring (Staatsrechtconferenties, 10) (p. 177-204). Nijmegen: Wolf Legal
Publishers.
Besselink, L.F.M. (2007). Nederlands post-koloniaal kiesrecht: het Europees
Parlement en de Tweede Kamer. Nederlands tijdschrift voor Europees recht,
13(4), 64-71.
Blomberg, A.B., Gier, A.A.J., Rijswick, H.F.M.W. van & Widdershoven,
R.J.G.M. (Eds.). (2007). Van Utrecht via Brussel naar Maastricht. Opstellen
over de betekenis van het Europese recht voor het omgevingsrecht en het
algemeen bestuursrecht. Deventer: Kluwer. (255 p.)
393
Wetenschappelijk verslag 2005-2007
Broeksteeg, J.L.W., Hardy, E.M.J., Klosse, S., Peeters, M.G.W.M. & Verhey,
L.F.M. (2005). Zicht op wetgevingskwaliteit. Een onderzoek naar de wetgevingsadvisering van de Raad van State (WODC-reeks Onderzoek en beleid,
233). Den Haag/Meppel: Boom Juridische uitgevers. (560 p.)
Broeksteeg, J.L.W. & Verhey, L.F.M. (Eds.). (2005). Een versterking van de
minister-president? (Publikaties van de Staatsrechtkring, 23). Deventer:
Kluwer. (72 p.)
Broeksteeg, J.L.W. (2005). De Nederlandse regering als Europees onderhandelaar. In H.M.Th.D. ten Napel & W.J.M. Voermans (Eds.), De betekenis van de
Europese Grondwet voor de Nederlandse staatsinstellingen (p. 55-67).
Deventer: Kluwer.
Broeksteeg, J.L.W. & Verhey, L.F.M. (2005). Een versterking van de ministerpresident? In J.L.W. Broeksteeg & L.F.M. Verhey (Eds.), Een versterking van
de minister-president? (Publikaties van de Staatsrechtkring, 23) (p. 61-70).
Deventer: Kluwer.
Broeksteeg, J.L.W., Berg, J.Th.J. van den & Verhey, L.F.M. (Eds.). (2006).
Ministeriële verantwoordelijkheid opnieuw gewogen (Publikaties van de Staatsrechtkring, 25). Alphen aan den Rijn: Kluwer. (116 p.)
Broeksteeg, J.L.W. (2006). Ministeriële verantwoordelijkheid voor zelfstandige
bestuursorganen. In J.L.W. Broeksteeg, J.Th.J. van den Berg & L.F.M. Verhey
(Eds.), Ministeriële verantwoordelijkheid opnieuw gewogen (Publikaties van de
Staatsrechtkring, 25) (p. 87-96). Alphen aan den Rijn: Kluwer.
Broeksteeg, J.L.W. & Knippenberg, E.T.C. (2006). The Role of the Senate in
the Legislative Process. Maastricht Journal of European and Comparative
Law, 13(2), 219-237.
Broeksteeg, J.L.W. (Ed.). (2007). De direct gekozen burgemeester in Duitsland,
De staatsrechtelijke verhouding tussen burgemeester, raad en wethouders in
zeven Duitse deelstaten. Den Haag: Sdu. (184 p.)
Broeksteeg, J.L.W. (2007). De Duitse benadering: Gemeentelijke samenwerkingsverbanden in Kreise. In R. Fraanje, D. Gudde, H.M. ten Napel & J. Prij
(Eds.), Christen Democratische Verkenningen Lente 2007 (p. 120-129). Den
Haag: Boom Juridische uitgevers.
Broeksteeg, J.L.W. (2007). De Eerste Kamer als politiek orgaan. In J.Th.J. van
den Berg, J.L.W. Broeksteeg & L.F.M. Verhey (Eds.), Het parlement (p. 171175). Nijmegen: Wolf Legal Publishers.
394
Publiekrechtelijke rechtsvergelijking
Claes, M.L.H.K. (2005). Constitucionalizando Europa desde su fuente. Las
‘cláusulas europeas’ en las Constituciones nacionales: evolución y tipología. In
M. Cartabia, B. de Witte & P. Pérez Tremps (Eds.), Constitución Europea y
Constituciones Nacionales (p. 123-190). Valencia: Tirant Lo Blanch.
Claes, M.L.H.K. (2005). De betekenis van de Europese Grondwet voor de
Nederlandse rechter. In ten H.-M.T.D. Napel et al. (Eds.), De betekenis van de
Europese Grondwet voor de Nederlandse staatsinstellingen (Publicaties van de
Staatsrechtkring, 24) (p. 69-92). Deventer: Kluwer.
Claes, M.L.H.K. (2005). Passing the Hot Potato? Judicial Protection in the Area
of Freedom, Security and Justice and the Role of European and National
Courts. In H. Schneider (Ed.), Migration, Integration, Citizenship. A Challenge
for Europe's Future (p. 229-254). Maastricht: Maastricht University Press.
Claes, M.L.H.K. (2005). Constitutionalising Europe at its Source. Europe
Provisions in National Constitutions, Evolution and Typology. Yearbook of
European Law 2003, 81-125.
Claes, M.L.H.K. (2005). Le ‘clausole europee’ nelle costituzioni nazionali.
Quaderni Costituzionali, 229-254.
Claes, M.L.H.K. (2006). Comparative Constitutional Law. In J.M. Smits (Ed.),
Encyclopedia of Comparative Law (p. 187-199). Cheltenham: Edward Elgar.
Claes, M.L.H.K. (2007). The Europeanisation of national constitutions in the
constitutionalisation of Europe. Some observations against the background of
the constitutional experience of the EU-15. Croatian Yearbook of European
Law and Policy, 1-38.
Dragstra, L. (2005). Publicatieverboden getoetst aan artikel 7 lid 1 Grondwet.
In A.J. Nieuwenhuis, A.W. Hins & J.H. Reestman (Eds.), Recht en Reede.
Opstellen aangeboden aan mr. J.L. de Reede (p. 28-36). Deventer: Kluwer.
Driessche, I. Van den (2006). Ministeriele verantwoordelijkheid voor de
Koning, het Koninklijk Huis en de Koninklijke Familie. In J.L.W. Broeksteeg,
J.Th.J. van den Berg & L.F.M. Verhey (Eds.), Ministeriële verantwoordelijkheid opnieuw gewogen (Publicaties van de staatsrechtkring, 25) (p. 71-80).
Alphen aan de Rijn: Kluwer.
Duijkersloot, A.P.W. (2005). De beboetbare staat. In Ch.W. Backes, P.J.J. van
Buuren, G.T.J.M. Jurgens & R.J.G.M. Widdershoven (Eds.), Lex Dura Sed Lex
(p. 33-46). Deventer: Kluwer.
395
Wetenschappelijk verslag 2005-2007
Duijkersloot, A.P.W. (2005). Do courts engage in lawmaking in relation to
supervision of the insurance industry? Reflections on supervision in the
Netherlands and Germany. In E.C.H.J. van der Linden & F.A.M. Stroink
(Eds.), Judicial Lawmaking and Administrative Law (Ius Commune Europaeum, 52) (p. 225-234). Antwerp: Intersentia.
Duijkersloot, A.P.W. (2006). Access to documents in a multilevel setting. In A.
van Hoek, A.M. Hol, O.J.D.L.M. Jansen, P. Rijpkema & R.J.G.M.
Widdershoven (Eds.), Governance in Enforcement and Adjudication (p. 129157). Antwerp: Intersentia.
Duijkersloot, A.P.W. (2007). Toezicht op gereguleerde markten. Nijmegen: Ars
Aequi Libri. (117 p.)
Duijkersloot, A.P.W. & Widdershoven, R.J.G.M. (2007). De Dienstenrichtlijn
en het algemeen bestuursrecht. Regelmaat, 5, 190-204.
Duijkersloot, A.P.W. (2007). Openbaarheid van documenten onder de Wob en
de Eurowob: een LAT-relatie. Jurisprudentie Bestuursrecht Plus, 9(2), 24-37.
Gerards, J.H., Heringa, A.W. & Janssen, H.L. (2005). Genetic Discrimination
and Genetic Privacy in a Comparative Perspective. Antwerp: Intersentia. (241
p.)
Geurink, E. (2006). Ministeriële verantwoordelijkheid voor ambtenaren. In
J.L.W. Broeksteeg, J.Th.J. van den Berg & L.F.M. Verhey (Eds.), Ministeriële
verantwoordelijkheid opnieuw gewogen (p. 41-52). Alphen aan den Rijn:
Kluwer.
Heldeweg, M.A. (2005). Good Environmental Governance in the EU: Lessons
from work in progress? In D. Curtin & R.A. Wessel (Eds.), Good Governance
and the European Union: Concepts, Implications and Applications (Ius Commune Europaeum, 49) (p. 175-214). Antwerp: Intersentia.
Heldeweg, M.A. (2005). Towards Good Environmental Governance in Europe.
European Environmental Law Review, 1, 2-24.
Heldeweg, M.A. (Ed.). (2006). Rechtsvorming en governance (Publikaties van
de Staatsrechtkring. Staatsrechtconferenties, 10). Alphen aan den Rijn: Kluwer.
(XII + 189 p.)
Heldeweg, M.A. (2006). Een evenwichtig debat. In T. Barkhysen, W. den
Ouden & Y.E. Schuurmans (Eds.), Het model Tak: Verhoogde rechtsbescherming in het bestuursrecht (p. 83-95). Alphen aan den Rijn: Kluwer.
Heldeweg, M.A. (2006). Bestuursrecht en beleid. Groningen: Wolters
Noordhoff. (416 p.)
396
Publiekrechtelijke rechtsvergelijking
Heldeweg, M.A. (2006). Geregeld toezicht. Juridische modaliteiten voor de
regeling van het toezicht; i.h.b. toegepast op de nieuwe consumentenautoriteit.
In M.A. Heldeweg (Ed.), Rechtsvorming en Governance (Publikaties van de
Staatsrechtkring. Staatsrechtconferenties, 10) (p. 161-186). Alphen aan den
Rijn: Kluwer.
Heldeweg, M.A. (2006). Een koekoeksjong in het consumentenrecht? Bestuursrechtelijke aspecten van de nieuwe consumentenautoriteit. Tijdschrift voor
Consumentenrecht & Handelspraktijken, 5, 147-162.
Heldeweg, M.A. (2006). Supervisory governance, the case of the Dutch
Consumer Authority. Utrecht Law Review, 2(1), 67-90.
Heringa, A.W. (2005). International and national legal instruments. In J.H.
Gerards, A.W. Heringa & H.L. Janssen (Eds.), Genetic Discrimination and
Genetic Privacy in a Comparative Perspective (p. 27-46). Antwerp: Intersentia.
Heringa, A.W. (2005). Judicial Lawmaking (un)limited. In F. Stroink & E. van
der Linden (Eds.), Lawmaking and administrative law (p. 99-119). Antwerp:
Intersentia.
Heringa, A.W., Jansen, A.M.L., Linden, E.C.H.J. van der & Verhey, L.F.M.
(Eds.). (2006). Het bestuursrecht beschermd. Liber Amicorum prof.mr. F.A.M.
Stroink. Den Haag: Sdu. (302 p.)
Heringa, A.W. (2006). De ‘duas’ in het staatsrecht. Een verlate bespreking van
Stroinks Maastrichtse oratie. In A.W. Heringa, A.M.L. Jansen, E.C.H.J. van der
Linden & L.F.M. Verhey (Eds.), Het bestuursrecht beschermd. Liber
Amicorum prof.mr. F.A.M. Stroink (p. 7-16). Den Haag: Sdu.
Heringa, A.W. (2006). Human Rights and general principles and their importance as a legislative technique. Do they matter in legislation? An analysis with
specific reference to environmental protection. In M. Faure & N. Niessen
(Eds.), Environmental Law in Development. Lessons from the Indonesian
Experience (p. 9-23). Cheltemham: Edward Elgar.
Heringa, A.W. & Kiiver, P. (2007). Constitutions Compared – An Introduction
to Comparative Constitutional Law (Ius Commune Europaeum, 65). Antwerp:
Intersentia. (x + 171 p.)
Hins, A.W., Nieuwenhuis, A.J. & Reestman, J.H. (Eds.). (2005). Recht en
Reede. Opstellen aangeboden aan mr. J.L. de Reede. Deventer: Kluwer. (172
p.)
Hins, A.W. (2005). Achterkamertjespolitiek bij uitstek. Informatie over de
kabinets(in)formatie. In A.J. Nieuwenhuis, A.W. Hins & J.H. Reestman (Eds.),
Recht en Reede. Opstellen aangeboden aan mr. J.L. de Reede (p. 59-68).
Deventer: Kluwer.
397
Wetenschappelijk verslag 2005-2007
Hins, A.W. (2005). Constitutionele toetsing, proportionaliteit en Verhältnismäßigkeit. In A.J. Nieuwenhuis, B.J. Schueler & C.M. Zoethout (Eds.),
Proportionaliteit in het publiekrecht (p. 61-78). Deventer: Kluwer.
Hins, A.W., Meij, J.M. de et al. (2006). Toegang tot rechterlijke uitspraken?,
rapport van de VMC-studiecommissie Openbaarheid van rechtspraak.
Mediaforum, 4, 1-20.
Hoetjes, B.J.S. (2005). Baarle bijzonder – een scenario-onderzoek naar toekomstmogelijkheden en oplossingen voor de algemeen-bestuurlijke problematiek van de gemeenten Baarle-Hertog (B) en Baarle-Nassau (NL). Maastricht:
METRO-CELS. (96 p.)
Hoetjes, B.J.S. (2005). De grens op de bestuurlijke agenda – knelpunten en
wensen van Nederlandse decentrale overheden in het grensoverschreidend
verkeer met Noordrijn-Westfalen. Maastricht: METRO-CELS. (61 p.)
Hoetjes, B.J.S. & Meule, I. van der (Eds.). (2006). Wereldstedelingen –
bijdragen over burgerschap uit de lectoraten van de Haagse Hogeschool/TH
Rijswijk. Den Haag: Karakter. (256 p.)
Hoetjes, B.J.S. (2006). Burgerschap in de 21e eeuw – meervoudig en moeizaam. In B.J.S. Hoetjes & I. van der Meule (Eds.), Wereldstedelingen –
bijdragen over burgerschap uit de lectoraten van de Haagse Hogeschool/TH
Rijswijk (p. 14-28). Den Haag: Karakter.
Hoetjes, B.J.S. (2006). Inleiding: de stad en de wereld van de burgers. In B.J.S.
Hoetjes & I. van der Meule (Eds.), Wereldstedelingen – bijdragen over burgerschap uit de lectoraten van de Haagse Hogeschool/THRijswijk (p. 9-15).
Den Haag: Karakter.
Hoetjes, B.J.S. (2006). Tot elkaar veroordeeld: grensvervlechting en gemeentebestuur in Baarle. In M. Faure & M. Peeters (Eds.), Grensoverschrijdend recht
(Ius Commune Europaeum, 58) (p. 175-191). Antwerpen: Intersentia.
Hoetjes, B.J.S., Krijtenburg, M. & Nigten, C. (2007). Ideals and values in
European integration – sources of inspiration, issues for discussion. The
Hague: The Hague University of professional education. (144 p.)
Hoetjes, B.J.S. & Krijtenburg, M. (2007). An inspiring conference about
European ideals and values. In B.J.S. Hoetjes, M. Krijtenburg & C. Nigten
(Eds.), Ideals and values in European integration – sources of inspiration,
issues for discussion (p. 14-18). The Hague: The Hague University of professional education.
398
Publiekrechtelijke rechtsvergelijking
Hoetjes, B.J.S. (2007). Catholics, catholicism and Europe. In B.J.S. Hoetjes, M.
Krijtenburg & C. Nigten (Eds.), Ideals and values in European integration –
sources of inspiration, issues for discussion (p. 60-62). The Hague: The Hague
University of professional education.
Hoetjes, B.J.S. (2007). Een beter openbaar bestuur. In P.G. Kroeger & J.
Zondag (Eds.), Kennis loont 2007-2011 (p. 44-50). Amsterdam: Dutch
University Press.
Hoetjes, B.J.S. (2007). From far and wide. Gandhi and Europe. In B.J.S.
Hoetjes, M. Krijtenburg & C. Nigten (Eds.), Ideals and values in European
integration – sources of inspiration, issues for discussion (p. 108-110). The
Hague: The Hague University of professional education.
Hoetjes, B.J.S. (2007). Goodbye to Eurocentrism. Views on European integration from other continents, especially North America. In B.J.S. Hoetjes, M.
Krijtenburg & C. Nigten (Eds.), Ideals and values in European integration –
sources of inspiration, issues for discussion (p. 122-126). The Hague: The
Hague University of professional education.
Hoetjes, B.J.S., Krijtenburg, M. & Nigten, C. (2007). Introduction. In B.J.S.
Hoetjes, M. Krijtenburg & C. Nigten (Eds.), Ideals and values in European
integration – sources of inspiration, issues for discussion (p. 9-13). The Hague:
The Hague University of professional education.
Hoetjes, B.J.S. (2007). The European ideal. Schuman A.D. 2006? In B.J.S.
Hoetjes, M. Krijtenburg & C. Nigten (Eds.), Ideals and values in European
integration – sources of inspiration, issues for discussion (p. 28-30). The
Hague: The Hague University of professional education.
Jansen, A.M.L. (2005). Towards an Adjustment of the Trias Politica: the
Administrative Courts as (Procedural) Lawmaker; a Study of the Influence of
the European Human Rights Convention and the Case Law by the European
Court of Human Rights on the Trias Politica, in particular the Position of Dutch
Administrative Courts in relation to the Administration. In F. Stroink & E. van
der Linden (Eds.), Judicial Lawmaking and Administrative Law (p. 37-55).
Antwerp: Intersentia.
Jansen, A.M.L. (2005). Een ‘never ending story’? Opmerkingen over het
onderscheid tussen privaatrechtelijke en publiekrechtelijke rechtshandelingen.
Jurisprudentie Bestuursrecht Plus, 115-131.
Jansen, A.M.L. (2006). Op goede gronden. De motivering van uitspraken door
de bestuursrechter. In A.W. Heringa, A.M.L. Jansen, E.C.H.J. van der Linden
& L.F.M. Verhey (Eds.), Het bestuursrecht beschermd. Liber Amicorum prof.
mr. F.A.M. Stroink (p. 171-183). Den Haag: Sdu.
399
Wetenschappelijk verslag 2005-2007
Jansen, A.M.L. & Wenders, D.W.M. (2006). Unificerende werking van het
EVRM via de redelijke termijn. NJCM-bulletin, 1091-1127.
Jurgens, G.T.J.M., Widdershoven, R.J.G.M., Backes, C.W. & Buuren, P.J.J.
(Eds.). (2005). Lex Dura Sed Lex. Deventer: Kluwer. ( VII + 217 p.)
Jurgens, G.T.J.M. et al. (2006). Over woorden en daden. De Rotterdamse
regels en praktijk inzake vergunningen voor de openbare orde en veiligheid.
Utrecht: Universiteit Utrecht. (254 p.)
Jurgens, G.T.J.M. & Bröring, H.E. (2006). De bestuurlijke boete is zo gek nog
niet! Nederlands Tijdschrift voor Bestuursrecht, 10, 340-348.
Jurgens, G.T.J.M. (2007). Harmoniseren of integreren? De strafbeschikking en
de bestuurlijke boete vergeleken. In Het wetsvoorstel OM-afdoening en de verhouding tussen strafrechtelijke en bestuursrechtelijke handhaving, Preadviezen
voor de Vereniging voor wetgeving en wetgevingsbeleid (p. 21-70). Nijmegen:
Wolf Legal Publishers.
Jurgens, G.T.J.M. (2007). Over een Duitse theorie en Nederlandse prejudiciële
vragen: een bestuursrechtelijke relativiteitseis in het licht van het EG-recht. In
A. Blomberg, T. de Gier, M. van Rijswick & R. Widdershoven (Eds.), Van
Utrecht via Brussel naar Maastricht (p. 141-159). Alpen aan den Rijn: Kluwer.
Jurgens, G.T.J.M. & Widdershoven, R.J.G.M. (2007). De betekenis van de
invoering van een relativiteitseis voor de rechtsbescherming in het waterrecht.
In Th.G. Drupsteen, H.J.M. Havekes & H.F.M.W. van Rijswick (Eds.), Weids
Water, Opstellen over waterrecht (Van Hall-bundel) (p. 161-185). Den Haag:
Sdu.
Jurgens, G.T.J.M. (2007). Introduction of a Relativity-related Requirement in
Dutch Administrative Law. Journal for European environmental & planning
law, 4, 260-269.
Keessen, A. (2006). Ambtshalve toepassing van Europees recht: Moet de
rechter zelf argumenten aandragen ontleend aan het Gemeenschapsrecht?
Nederlands tijdschrift voor Europees recht, 3, 55-64.
Keessen, A., Dotinga, H. & Rijswick, H.F.M.W. van (2007). Van Helsinki via
Brussel naar Roermond en terug: grensoverschrijdend stroomgebiedbeheer. In
A.B. Blomberg, A.A.J. de Gier, H.F.M.W. van Rijswick & R.J.G.M.
Widdershoven (Eds.), Van Utrecht via Brussel naar Maastricht, Opstellen over
de betekenis van het Europese recht voor het omgevingsrecht en het algemeen
bestuursrecht (p. 161-184). Deventer: Kluwer.
Keessen, A. (2007). Reducing the Judicial Deficit in Multilevel Environmental
Regulation: the Example of Plant Protection Products. European Environmental Law Review, 18(2), 26-36.
400
Publiekrechtelijke rechtsvergelijking
Kiiver, P. (2005). The National Parliaments in an Enlarged Europe and the
Constitutional Treaty. In K. Inglis & A. Ott (Eds.), The Constitution for Europe
and an Enlarging Union: Unity in Diversity? (p. 85-102). Groningen: Europa
Law Publishing.
Kiiver, P. (Ed.) (2006). National and Regional Parliaments in the European
Constitutional Order. Groningen: Europa Law Publishing. (X + 132 p.)
Kiiver, P. (2006). Ministeriële verantwoordelijkheid voor EU-besluitvorming.
In J.L.W. Broeksteeg, J.Th.J. van den Berg & L.F.M. Verhey (Eds.), Ministeriële verantwoordelijkheid opnieuw gewogen (p. 57-66). Deventer: Kluwer.
Kiiver, P. (2006). Constitutional Transitions in Central and Eastern Europe.
Maastricht Journal of European and Comparative Law, 13, 127-144.
Kiiver, P. (2006). De parlementen van Nederland en België en het Europese
besluitvormingsproces. Sociaal-economische Wetgeving: Tijdschrift voor Europees en economisch recht, 54, 222-229.
Kiiver, P. (2006). The Composite Case for National Parliaments in the European Union: Who Profits from Enhanced Involvement? European Constitutional Law Review, 2, 227-252.
Kiiver, P. (2007). Europe in Parliament: Towards Targeted Politicization.
Brussels: Scientific Council for Government Policy WRR [Online]. Available
from: <http://www.wrr.nl/content.jsp?objectid=4040> [30-05-2007].
Kiiver, P. (2007). European scrutiny in national parliaments: Individual efforts
in the collective interest? In J. O' Brennan & T. Raunio (Eds.), National Parliaments within the Enlarged European Union: From ‘Victims’ of Integration to
Competitive Actors? (p. 66-78). London/New York: Routledge.
Kiiver, P. (2007). Het parlement en de Europese Unie. In J.T.J. van den Berg,
J.L.W. Broeksteeg & L.F.M. Verhey (Eds.), Het Parlement (p. 39-67).
Nijmegen: Wolf Legal Publishers.
Kiiver, P. (2007). The European Constitution and the role of national parliaments. In A. Albi & J. Ziller (Eds.), The European Constitution and National
Constitutions: Ratification and Beyond (p. 223-234). The Hague/London/New
York: Kluwer Law International.
Knook, A. (2005). Guns and Tobacco. The Effects of Interstate Trade Case
Law on the Vertical Division of Powers. Maastricht Journal of European and
Comparative Law, 11(4), 347-378.
Knook, A. (2005). The Court, the Charter, and the Vertical Division of Powers
in the European Union. Common Market Law Review, 42(2), 367-398.
401
Wetenschappelijk verslag 2005-2007
Kummeling, H.R.B.M. (2005). Beperkte immuniteit bij parlementaire enquêtes.
In F.H. van der Burg et al. (Eds.), Getuigend staatsrecht: liber amicorum A.K.
Koekkoek (p. 55-67). Nijmegen: Wolf Legal Publishers.
Kummeling, H.R.B.M. (2005). De rechtstreeks gekozen minister-president. In
J.L.W. Broeksteeg & L.F.M. Verhey (Eds.), Een versterking van de ministerpresident? (p. 33-38). Deventer: Kluwer.
Kummeling, H.R.B.M. (2005). Representativity versus Stability. In Department
of Consitutional Affairs (Ed.), A New Electoral System: A More Powerful and
Dynamic Government? (p. 13-27). Curaçao/Sint Maarten: Ministerie van
Constitutionele Zaken.
Kummeling, H.R.B.M. & Mijnen, C.A. (2006). Parlementair enquêterecht in de
Bondsrepubliek Duitsland. In Onderzoeken over de parlementaire enquête in
Duitsland, Frankrijk en het Verenigd Koninkrijk (p. 7-42). Den Haag: Tweede
Kamer der Staten-Generaal.
Kummeling, H.R.B.M., Muller, E.R. & Bron, R.P. (2007). Veiligheid en
privacy. Den Haag: Boom Juridische uitgevers. (85 p.)
Kummeling, H.R.B.M. & Saleh, J.M. (Eds.). (2007). Nieuwe verhoudingen
binnen het Koninkrijk. Utrecht: Instituut voor staats- en bestuursrecht. (202 p.)
Kummeling, H.R.B.M. (2007). Kiesrecht en Koninkrijksparlement. In
H.R.B.M. Kummeling & J.M. Saleh (Eds.), Nieuwe verhoudingen binnen het
Koninkrijk (p. 67-72). Utrecht: Instituut voor staats- en bestuursrecht.
Kummeling, H.R.B.M. (2007). Parlementair onderzoek. Op zoek naar de waarheid, maar met een politiek tintje... In J.Th.J. van den Berg, J.L.W. Broeksteeg
& L.F.M. Verhey (Eds.), Het Parlement, preadvies voor de Staatsrechtconferentie 2006 (p. 69-81). Nijmegen: Wolf Legal Publishers.
Kummeling, H.R.B.M. (2007). Waterschapsverkiezingen: ontwikkeling in
isolement? In Th.G. Drupsteen, H.J.M. Havekes & H.F.M.W. van Rijswick
(Eds.), Weids Water, Opstellen over waterrecht (Van Hall-bundel) (p. 123137). Den Haag: Sdu.
Langbroek, P.M., Fabri, M., Jean, J.-P. & Pauliat, H. (Eds.). (2005). L'administration de la justice en Europe et l'évaluation de sa qualité (Grands colloques).
Paris: Montchrestien. (449 p.)
Langbroek, P.M., Fabri, M., Jean, J.-P. & Pauliat, H. (2005). A European
Research, genesis and methodology. In P.M. Langbroek et al. (Eds.), L'administration de la justice en Europe et l'évaluation de sa qualité (Grands
colloques) (p. 7-12). Paris: Montchrestien.
402
Publiekrechtelijke rechtsvergelijking
Langbroek, P.M., Fabri, M. & Pauliat, H. (2005). Quality of Judicial Systems:
introduction to the comparative analysis. In P.M. Langbroek et al. (Eds.),
L'administration de la justice en Europe et l'évaluation de sa qualité (Grands
colloques) (p. 17-20). Paris: Montchrestien.
Langbroek, P.M. (2005). Quality Management concerning judges judgements
and court services. In P.M. Langbroek et al. (Eds.), L'administration de la
justice en Europe et l'évaluation de sa qualité (Grands colloques) (p. 49-69).
Paris: Montchrestien.
Langbroek, P.M. (2005). Recruitment, professional evaluation and career of
judges and prosecutors in the Netherlands. In G. Di Federico (Ed.), Recruitment, professional evaluation and career of judges and prosecutors in Europe,
Austria, France, Germany, Italy, The Netherlands and Spain (p. 159-185).
Bologna: Lo Scarabeo.
Langbroek, P.M. (2006). Organisatieontwikkeling en kwaliteitszorg in de
rechterlijke organisatie. In E.R. Muller & C.P.M. Cleiren (Eds.), Rechterlijke
Macht (p. 115-142). Deventer: Kluwer.
Langbroek, P.M. (2006). Kwaliteitszorg in de rechtspraak in Nederland.
Tijdschrift voor bestuurswetenschappen en publiekrecht, 423-433.
Langbroek, P.M. & Fabri, M. (2006). Toedeling van zaken binnen het gerecht:
regels en praktijk in vijf Europese landen en in Nederland. Rechtstreeks, 2, 751.
Langbroek, P.M. & Rijpkema, P. (2006). Demands of proper administrative
conduct, A research project into the ombudsprudence of the Dutch National
Ombudsman. Utrecht Law Review, 2(2), 81-98. [Online]. Available from:
<http://www.utrechtlawreview.org> [01-12-2006].
Langbroek, P.M., Boone, M., Kramer, P., Olthof, S. & Ravesteijn, J. van
(2007). Financieren en verantwoorden, het functioneren van de rechterlijke
organisatie in beeld. Den Haag: Boom Juridische uitgevers. (266 p.)
Langbroek, P.M. & Fabri, M. (Eds.). (2007). The Right Judge for Each Case: A
study of Case Assignment and Impartiality in Six European Judiciaries (Ius
Commune Europaeum, 57). Antwerp: Intersentia. (270 p.)
Langbroek, P.M. & Jansen, O. (Eds.). (2007). Defence Rights during Administrative Investigations, a comparative study into defence rights during administrative investigations against EU fraud in England & Wales, Germany, Italy,
the Netherlands, Romania, Sweden and Switzerland. Antwerp: Intersentia. (485
p.)
403
Wetenschappelijk verslag 2005-2007
Langbroek, P.M. (2007). Case assignment in Dutch Courts. In P.M. Langbroek
& M. Fabri (Eds.), The Right Judge for Each Case: A study of Case Assignment
and Impartiality in Six European Judiciaries (Ius Commune Europaeum, 57)
(p. 105-131). Antwerp: Intersentia.
Langbroek, P.M. (2007). The research project on rights of the defence in fraud
investigations. In P.M. Langbroek & O. Jansen (Eds.), Defence Rights during
Administrative Investigations, a comparative study into defence rights during
administrative investigations against EU fraud in England & Wales, Germany,
Italy, the Netherlands, Romania, Sweden and Switzerland (p. 3-7). Antwerp:
Intersentia.
Langbroek, P.M. & Fabri, M. (2007). Chapter I. The research project, design
and methodology. In P.M. Langbroek & M. Fabri (Eds.), The Right Judge for
Each Case: A study of Case Assignment and Impartiality in Six European
Judiciaries (Ius Commune Europaeum, 57) (p. 3-11). Antwerp: Intersentia.
Langbroek, P.M. & Fabri, M. (2007). Chapter II. Internal case assignment and
judicial impartiality: Comparative analysis. In P.M. Langbroek & M. Fabri
(Eds.), The Right Judge for Each Case: A study of Case Assignment and
Impartiality in Six European Judiciaries (Ius Commune Europaeum, 57) (p. 1326). Antwerp: Intersentia.
Langbroek, P.M. & Fabri, M. (2007). Chapter III. A comparison of case assignment systems in six European judiciaries: Description and comparative grid. In
P.M. Langbroek & M. Fabri (Eds.), The Right Judge for Each Case: A study of
Case Assignment and Impartiality in Six European Judiciaries (Ius Commune
Europaeum, 57) (p. 27-81). Antwerp: Intersentia.
Langbroek, P.M. & Jansen, O. (2007). The juridical backgrounds of OLAF
investigations. In P.M. Langbroek & O. Jansen (Eds.), Defence Rights during
Administrative Investigations, a comparative study into defence rights during
administrative investigations against EU fraud in England & Wales, Germany,
Italy, the Netherlands, Romania, Sweden and Switzerland (p. 9-51). Antwerp:
Intersentia.
Langbroek, P.M. & Jansen, O. (2007). General comparison. In P.M. Langbroek
& O. Jansen (Eds.), Defence Rights during Administrative Investigations, a
comparative study into defence rights during administrative investigations
against EU fraud in England & Wales, Germany, Italy, the Netherlands,
Romania, Sweden and Switzerland (p. 53-138). Antwerp: Intersentia.
404
Publiekrechtelijke rechtsvergelijking
Langbroek, P.M. & Jansen, O. (2007). Recommendations concerning administrative law enforcement in the fight against EU fraud. In P.M. Langbroek & O.
Jansen (Eds.), Defence Rights during Administrative Investigations, a comparative study into defence rights during administrative investigations against EU
fraud in England & Wales, Germany, Italy, the Netherlands, Romania, Sweden
and Switzerland (p. 139-160). Antwerp: Intersentia.
Langbroek, P.M. & Rijpkema, P. (2007). Ombudsprudentie in ontwikkeling. In
A. Brenninkmeijer (Ed.), Werken aan Behoorlijkheid (p. 269-297). Den Haag:
Boom Juridische uitgevers.
Langbroek, P.M. (2007). Ombudsmanwerk tussen overheid en burger. Ars
Aequi: juridisch studentenblad, 910-920.
Langbroek, P.M. & Boone, M. (2007). Van Dieteren naar Delden. Nederlands
Juristenblad, 542-549.
Linden, E.C.H.J. van der & Stroink, F.A.M. (Eds.). (2005). Judicial Lawmaking and Administrative Law (Ius Commune Europaeum, 52). Antwerp:
Intersentia. (xxviii + 310 p.)
Linden, E.C.H.J. van der (2005). The Will of the Judiciary. The Aliens Courts'
Room for Manoeuvre. In F. Stroink & E.C.H.J. van der Linden (Eds.), Judge
lawmaking and administrative law (Ius Commune Europaeum, 52) (p. 201225). Antwerp: Intersentia.
Linden, E.C.H.J. van der (2006). De mantra der zorgvuldigheid: tussen de
marges van de marginale toetsing van het bestuurlijk geloofwaardigheidsoordeel. In A.W. Heringa, A.M.L. Jansen, E.C.H.J. van der Linden & L.F.M.
Verhey (Eds.), Het bestuursrecht beschermd. Liber Amicorum prof.mr. F.A.M.
Stroink (p. 125-141). Den Haag: Sdu.
Linden, E.C.H.J. van der (2006). Grensoverschrijdend vreemdelingenbeleid.
Verkenningen terzake van de vraag in welke mate het terrein van het vreemdelingenbeleid en integratie is te karakteriseren als grensoverschrijdend. In M.
Faure & M. Peeters (Eds.), Grensoverschrijdend Recht (Ius Commune
Europaeum, 58) (p. 27-49). Antwerpen: Intersentia.
Linden, E.C.H.J. van der & Sharma, A. (2007). Generaal Pardon, Over regularisatie en illegale vreemdelingen (Monografieën Vreemdeling en Recht). Den
Haag: Sdu. (221 p.)
Loeffen, S. (2007). Parlementair onderzoek heroverwogen. In J.Th.J. van den
Berg & J.L.W. Broeksteeg (Eds.), Het Parlement. Staatsrechtconferentie 2006
(p. 83-90). Nijmegen: Wolf Legal Publishers.
405
Wetenschappelijk verslag 2005-2007
Lust, S. & Lust, A. (2005). Het grondrecht op een rechter met volle rechtsmacht en de stedenbouwkundige herstelvordering. In F. Verbruggen et al.
(Eds.), Strafrecht als roeping. Liber Amicorum Lieven Dupont (Samenleving,
criminaliteit en strafrechtspleging, 31) (p. 869-904). Leuven: Universitaire Pers
Leuven.
Lust, S. (2005). Het vernietigingscontentieux voor het Arbitragehof. Een
inleiding. In Vlaamse Conferentie der Balie (Ed.), Proces versus proces
(p. 195-260). Brussel: Maklu.
Niessen, N.J.A.P.B. (2005). Lawmaking by the National Ombudsman. In F.
Stroink & E. van der Linden (Eds.), Judicial Lawmaking and Administrative
Law (Ius Commune Europaeum, 52) (p. 303-328). Antwerp: Intersentia.
Niessen, N.J.A.P.B. (2006). Decentralized Environmental Management. In M.
Faure & N. Niessen (Eds.), Environmental Law in Development. Lessons from
the Indonesian Experience (p. 143-181). Cheltenham: Edward Elgar.
Niessen, N.J.A.P.B. (2006). Ombudsbescherming in opmars. Algemene trends
en ontwikkeling van de Nationale ombudsman in Nederland en Indonesië. In
A.W. Heringa, A.M.L. Jansen, E.C.H.J. van der Linden & L.F.M. Verhey
(Eds.), Het bestuursrecht beschermd. Liber Amicorum prof.mr. F.A.M. Stroink
(p. 243-258). Den Haag: Sdu.
Nieuwenhuis, A.J., Schueler, B.J. & Zoethout, C.M. (Eds.). (2005). Proportionaliteit in het publiekrecht. Deventer: Kluwer. (227 p.)
Nieuwenhuis, A.J. (2005). Van pothuis en praktische rede. Grondrechten
gedurende meer dan zes decennia. In A.J. Nieuwenhuis, A.W. Hins & J.H.
Reestman (Eds.), Recht en Reede. Opstellen aangeboden aan mr. J.L. de Reede
(p. 101-107). Deventer: Kluwer.
Nieuwenhuis, A.J. (2005). Van proportionaliteit en appreciatiemarge: de noodzakelijkheidstoets in de jurisprudentie van het EHRM. In A.J. Nieuwenhuis,
B.J. Schueler & C.M. Zoethout (Eds.), Proportionaliteit in het publiekrecht
(p. 37-61). Deventer: Kluwer.
Nieuwenhuis, A.J., Zoethout, C.M. & Schueler, B.J. (2005). Inleiding. In A.J.
Nieuwenhuis, B.J. Schueler & C.M. Zoethout (Eds.), Proportionaliteit in het
publiekrecht (p. 7-12). Deventer: Kluwer.
Nieuwenhuis, A.J., Schueler, B.J. & Zoethout, C.M. (2005). Slotbeschouwing.
In A.J. Nieuwenhuis, B.J. Schueler & C.M. Zoethout (Eds.), Proportionaliteit
in het publiekrecht (p. 211-228). Deventer: Kluwer.
406
Publiekrechtelijke rechtsvergelijking
Nieuwenhuis, A.J. (2005). State and Religion, Schools and Scarves. An
Analysis of the Margin of Appreciation as Used in the Case of Leyla Sahin v.
Turkey, ECHR 29 June 2004. European Constitutional Law Review, 1, 495510.
Nieuwenhuis, A.J. (2006). Terrorisme en beperking van grondrechten. De
vraag naar de proportionaliteit. Tijdschrift voor bestuurswetenschappen en
publiekrecht, 470-478.
Nieuwenhuis, A.J. (2007). The Concept of Pluralism in the Case Law of the
European Court of Human Rights. European competition Law Review, 3, 367384.
Nieuwenhuis, A.J. (2007). Tussen godslastering en bedreiging. In WODC
(Ed.), Religie en grondrechten (Justitiële verkenningen, 2007/1) (p. 95-108).
Peters, J.A. & Vré, I. de (2005). Vrijheid van Meningsuiting. De betekenis van
een grondrecht in tijden van spanning (Preadvies/Vereniging voor de Vergelijkende Studie van het Recht van België en Nederland). Deventer: Kluwer. (IV
+ 107 p.)
Peters, J.A. (2005). Constitutionele Toetsing. In A.J. Nieuwenhuis, A.W. Hins
& J.H. Reestman (Eds.), Recht en Reede. Opstellen aangeboden aan mr. J.L. de
Reede (p. 111-116). Deventer: Kluwer.
Peters, J.A. (2005). National Parliaments and Subsidiarity: Think Twice. European Constitutional Law Review, I, 68-73.
Peters, J.A. & Vré, I. de (2005). Vrijheid van meningsuiting van ambtenaren
bedreigd. Nederlands Juristenblad, 7, 348-352.
Peters, J.A. & Laan, L. van der (2007). Conflicts of Rights and Today's Dilemma's in Combating Terrorism. In I. Boerefijn & J. Goldschmidt (Eds.), Human
rights in the Polder (p. 113-135). Antwerp: Intersentia.
Peters, J.A. (2007). Het Tweekamerstelsel in Nederland: nut en doel. Preadvies
Staatsrechtconferentie. In J.Th.J. van den Berg, J.L.W. Broeksteeg & L.F.M.
Verhey (Eds.), Het Parlement (Publikaties van de Staatsrechtkring) (p. 123155). Nijmegen: Wolf Legal Publishers.
Reestman, J.H. (2005). Enkele beschouwingen over de uitspraak van de Conseil constitutionnel van 3 april 2003 (2003-468 DC) over de kieswet voor regionale en Europese verkiezingen. In L. Versteegh et al. (Eds.), De veelzijdige
burger: opstellen voor prof. mr. P.J.G. Kapteyn (p. 101-110). Amsterdam:
Pallas Publications.
407
Wetenschappelijk verslag 2005-2007
Reestman, J.H. (2005). Le Conseil constitutionnel consacre la suprématie du
droit européen!? De Franse constitutionele rechter en secundair gemeenschapsrecht. In A.W. Hins, A.J. Nieuwenhuis & J.H. Reestman (Eds.), Recht en
Reede. Opstellen aangeboden aan mr. J.L. de Reede (p. 123-133). Deventer:
Kluwer.
Reestman, J.H. (2005). France. Conseil constitutionnel on the Status of
Secondary Community Law in the French Internal Legal Order. Decision of 10
June 2004, 2004-496 DC. European Constitutional Law Review, 1, 302-317.
Reestman, J.H. (2006). Versterking van de constitutionele positie van lagere
rechtsgemeenschappen. De Franse grondwetswijziging van 28 maart 2003. De
Gemeentestem, 7265, 611-619.
Reestman, J.H. & Schutte, C. (2006). Het Europees Grondwettelijk Verdrag en
beginsel van voorrang van Europees recht in Frankrijk en Spanje. Lessen voor
Nederland. Sociaal-economische Wetgeving: Tijdschrift voor Europees en economisch recht, 4, 145-158.
Reestman, J.H., Peters, J.A., Herman, J. & Bosdriesz, H. (2007). Decentralisatie en toezicht op naleving van Europees recht in Frankrijk en Duitsland. Den
Haag: Ministerie van Buitenlandse Zaken.
Reestman, J.H., Herman, J. & Olivier, B.K. (2007). No legal residence requirements for the admission of family members with a third country nationality of
migrated Union citizens', Grand Chamber decision of 9 January 2007, Case C1/05. European Constitutional Law Review, 463-475.
Seerden, R.J.G.H. (Ed.). (2007). Administrative Law of the European Union, its
Member States and the United States, A Comparative Analysis (Ius Commune
Europaeum, 68). Antwerp: Intersentia. (419 p.)
Seerden, R.J.G.H. (2007). Comparative Remarks. In R.J.G.H. Seerden (Ed.),
Administrative Law of the European Union, its Member States and the United
States, A Comparative Analysis (Ius Commune Europaeum, 68) (p. 401-419).
Antwerp: Intersentia.
Seerden, R.J.G.H. (2006). Op zittingsbezoek bij de bestuursrechter in Aken,
Brussel en Maastricht. Enkele rechtsvergelijkende impressies. In A.W. Heringa,
A.M.L. Jansen, E.C.H.J. van der Linden & L.F.M. Verhey (Eds.), Het bestuursrecht beschermd. Liber Amicorum prof.mr. F.A.M. Stroink (p. 227-241). Den
Haag: Sdu.
Seerden, R.J.G.H. (2006). Publiekrechtelijke samenwerking tussen decentrale
overheden in het grensgebied van België en Nederland en Duitsland en
Nederland. Waar een juridische weg is, is niet altijd een bestuurlijke wil! In M.
Faure & M. Peeters (Eds.), Grensoverschrijdend recht (Ius Commune
Europaeum, 58) (p. 123-141). Antwerpen: Intersentia.
408
Publiekrechtelijke rechtsvergelijking
Seerden, R.J.G.H. & Stroink, F.A.M. (2007). Administrative Law in the
Netherlands. In R.J.G.H. Seerden (Ed.), Administrative Law of the European
Union, its Member States and the United States, A Comparative Analysis (Ius
Commune Europaeum, 68) (p. 155-219). Antwerp: Intersentia.
Stroink, F.A.M. (2006). Supervision and enforcement on the law Concerning
Environmental Management. In M.G. Faure & N.J.A.P.B. Niessen (Eds.),
Environmental Law in Development. Lessons from the Indonesian Experience
(p. 182-187). Cheltenham: Edward Elgar.
Stroink, F.A.M. (2006). De groei en bloei van het bestuursrecht (Afscheidsrede, 16 juni 2006). (Publiekrechtelijke reeks Universiteit Maastricht; 17). Den
Haag: Sdu (15 p.)
Tans, O.J. (2006). The Dutch Parliament and the European Constitution: How
Yes Led to No. In P. Kiiver (Ed.), National and Regional Parliaments in the
European Constitutional Order (p. 79-95). Groningen: Europa Law Publishing.
Tans, O.J. (2006). The Fluidity of Warrants. Using the Toulmin Model to
Analyse Practical Discourse. In D. Hitchcock & B. Verheij (Eds.), Arguing on
the Toulmin Model, New Essays in Argument Analysis and Evaluation (Argumentation library, 10) (p. 219-230). Dordrecht: Springer.
Velde, J. van der (2006). De collectieve klachtenprocedure onder het Europees
Sociaal Handvest. NJCM-bulletin, 304-338.
Velde, J. van der (2007). Co-referaat bij: Leonard F.M. Besselink, Parlement en
buitenlandse politiek. Over constitutionele relaties en de buitenwereld: een
drieluik. In Publikaties van de staatsrechtkring, Staatsrechtconferentie 2006
(p. 205-208). Nijmegen: Sdu.
Velicogna, M. & Ng, G.Y. (2006). Legitimacy and Internet in the judiciary: A
Lesson from the Italian Courts' Websites Experience. International journal of
law and information technology, 14, 370-389. [Online]. Available from:
<http://ijlit.oxfordjournals.org/cgi/rapidpdf/eal009?ijkey=vUNEF1LL30rdhXb
&keytype=ref> [01-01-2006].
Verheij, N. (2007). Europees bestuursrecht: leve de rechtseenheid of weg met
de eenheidsworst? In R.J.N. Schlössels (Ed.), In eenheid. Over rechtseenheid
en uniforme rechtstoepassing in het bestuursrecht (p. 309-327). Den Haag:
Sdu.
Verheij, N. (2007). Tien rechtsvorming in het bestuursprocesrecht. Hoe de
bestuursrechter actief lijdelijk werd. In C.J. van Dijk (Ed.), Buitengewoon in
dienst (p. 105-126). Den Haag: Sdu.
Verhey, L.F.M. (2005). Wetgevingsadvisering door de Raad van State: Alleen
common sense of ook gericht beleid. Regelmaat, 2005-2, 69-80.
409
Wetenschappelijk verslag 2005-2007
Verhey, L.F.M. (2005). De Hoofddoek als constitutioneel vraagstuk. In S.
Rutten (Ed.), Recht van de Islam 22 (p. 59-75). Maastricht: Rimo.
Verhey, L.F.M. (2005). Good Governance: Lessons from Constitutional Law.
In D.M. Curtin, D.M. Curtin & R.A. Wessel (Eds.), Good Governance and the
European Union (p. 49-67). Antwerp: Intersentia.
Verhey, L.F.M. (2005). Protection of fundamental rights: Interaction between
the legislature and the judiciary. Judicial constitutional review in the United
Kingdom and the Netherlands. In F. Stroink & E. van der Linden (Eds.),
Judicial Law making and administrative law (p. 121-150). Antwerp:
Intersentia.
Verhey, L.F.M. & Verheij, N. (2005). De macht van de marktmeesters: Markttoezicht in constitutioneel perspectief. In Toezicht (Handelingen/ Nederlandse
Juristen-Vereniging, 2005-1) (p. 135-332). Deventer: Kluwer.
Verhey, L.F.M. (2006). De toekomst van de Raad van State: het einde van de
Procola-kramp? In A.W. Heringa, A.M.L. Jansen, E.C.H.J. van der Linden &
L.F.M. Verhey (Eds.), Het bestuursrecht beschermd. Liber Amicorum prof.mr.
F.A.M. Stroink (p. 17-31). Den Haag: Sdu.
Verhey, L.F.M. (2006). Parlementair onderzoek in het Verenigd Koninkrijk: de
Select Committees of the House of Commons. In H.R.B.M. Kummeling,
C.A.J.M. Kortmann & L.F.M. Verhey (Eds.), De parlementaire enquête in
Duitsland, Frankrijk en het Verenigd Koninkrijk (p. 63-102). Den Haag:
Tweede Kamer der Staten-Generaal.
Verhey, L.F.M. (2007). Rechtsvorming in vergelijkend perspectief: de Engelse
Human Rights Act 1998. Ars Aequi: juridisch studentenblad, 56, 28-41.
Widdershoven, R.J.G.M. (2005). De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad
van State en de toetsing aan het EG-recht. In W. den Ouden (Ed.), Staatssteun
en de Nederlandse rechter (Meijers-reeks, 94) (p. 39-56). Deventer: Kluwer.
Widdershoven, R.J.G.M. & Michiels, F.C.M.A. (2005). De bestuurlijke boete
als instrument voor de gemeentelijke handhaving in Nederland. In M. Santens
(Ed.), Gewapend Bestuur? Gemeentelijke bestuur(srecht) en gemeentelijke administratieve sancties ter bestrijding van overlastfenomenen en kleine criminaliteit (Tegenspraak, 24) (p. 159-176). Brugge: die Keure.
Widdershoven, R.J.G.M. & Ortlep, R. (2005). De Wet kosten bestuurlijke
voorprocedures in de rechtspraak. Jurisprudentie Bestuursrecht Plus, 4, 147167.
410
Publiekrechtelijke rechtsvergelijking
Widdershoven, R.J.G.M. (2006). De Europese rol van de nationale rechter:
rechtsbeschermer of controleur. In A.W. Heringa et al. (Eds.), Het bestuursrecht beschermd. Liber Amicorum prof.mr. F.A.M. Stroink (p. 57-69). Den
Haag: Sdu.
Widdershoven, R.J.G.M. (2006). Over de verantwoording van geheim rechterlijk overleg. In K.J. de Graaf, A.T. Marseille & H.B. Winter (Eds.), Op tegenspraak. Opstellen voor prof. mr. L.J.A. Damen (p. 285-297). Den Haag: Boom
Juridische uitgevers.
Widdershoven, R.J.G.M. & Michiels, F.C.M.A. (2006). Handhaving en rechtsbescherming. In F.C.M.A. Michiels & E.R. Mulder (Eds.), Handhaving,
Bestuurlijke handhaven in Nederland (p. 87-120). Deventer: Kluwer.
Widdershoven, R.J.G.M. & Verhoeven, M.J.M. (2006). Evaluatie belastingrechtspraak in twee instanties, Eindrapport fase 1. Research Memoranda (Ext.
rep. 3). Den Haag: Raad voor de Rechtspraak.
Widdershoven, R.J.G.M. (2006). De invloed van het EG-recht en het EVRM op
de Nederlandse bestuursrechtspraak. Jurisprudentie Bestuursrecht Plus, 26-48.
Widdershoven, R.J.G.M. (2007). Gemeenten aan de Europese ketting? De
Gemeentestem, 7270(40), 187-195.
Wijdekop, F. (2005). L'histoire se répète – Tijdloze gedachten over de verhouding tussen Grondwet en verdrag uit de 19e eeuw. In W. Hins, A. Nieuwenhuis
& J.H. Reestman (Eds.), Recht en Reede. Opstellen aangeboden aan mr. J.L. de
Reede (p. 152-159). Deventer: Kluwer.
Woltjer, A.J.Th. (2005). De ene rechterlijke toetsing is de andere niet. In Ch.
Bakkes (Ed.), Lex Dura, sed Lex/Opstellen over de handhaving van omgevingsrecht (p. 203-213). Deventer: Kluwer.
Woltjer, A.J.Th. (2005). Free movement of persons in the European Union –
the evolutive approach of the Court of Justice EC. In E. van der Linden & F.
Stroink (Eds.), Judicial Lawmaking and Administrative Law (Ius Commune
Europaeum, 52) (p. 81-96). Antwerp: Intersentia.
Zoethout, C.M. (2005). ‘Directive principles of state policy’ en sociale grondrechten. In W. Hins, A. Nieuwenhuis & J.H. Reestman (Eds.), Recht en Reede,
Opstellen aangeboden aan J.L. de Reede (p. 163-170). Deventer: Kluwer.
Zoethout, C.M. (2005). ‘The Nutcracker Principle’ of proportionaliteit als
rechtsstatelijk beginsel voor wetgever en bestuur. In A.J. Nieuwenhuis, B.J.
Schueler & C.M. Zoethout (Eds.), Proportionaliteit in het publiekrecht (p. 2335). Deventer: Kluwer.
411
Wetenschappelijk verslag 2005-2007
Zoethout, C.M. et al. (2006). Een grondwet voor de 21ste eeuw: voorstudie van
de werkgroep grondwet van de Nationale Conventie. Den Haag: Nationale
Conventie.
Zoethout, C.M. (2006). A Bill of Rights for Britain? Alweer? Over terrorismebestrijding, mensenrechten en publieke veiligheid in het Verenigd Koninkrijk.
Nederlands Juristenblad, 44, 2531-2535.
Zoethout, C.M. (2007). The Court and the Charter of Fundamental Rights. In
A. Kinneging (Ed.), Rethinking Europe's Constitution (p. 213-227). Nijmegen:
Wolf Legal Publishers.
Zwart, T. (2005). Standing to Raise Constitutional Issues in the Netherlands. In
R. Kay (Ed.), Standing to raise constitutional issues: comparative perspectives
(Académie internationale de droit comparé, 8) (p. 341-365). Brussels: Bruylant.
Zwart, T. & Koopmans, T. (2005). The Relation between State and Religion in
the Netherlands. Revue européenne de droit public/European review of public
law, 17(1), 449-463.
Zwart, T. & Stapert, B. (2005). De Republikeinse Verkiezingsoverwinning en
het Amerikaanse Hooggerechtshof. Nederlands Juristenblad, 80(11), 585-590.
Zwart, T. (2007). Sticks and stones can break my bones, but words can never
hurt me. Ars Aequi: juridisch studentenblad, 1, 45-47.
Zwart, T. & McGonigle, B. (2007). Het recht op abortus op de tocht? De zaak
Carhart v. Gonzales van het Amerikaanse Hooggerechtshof. Nederlands Juristenblad, 82(43), 2741-2745.
VAKPUBLICATIES
Addink, G.H. (2006). Algemene beginselen van goed bestuur. Van behoorlijk
naar goed bestuur: een verbreding en verdieping. Utrecht: Staats- en Bestuursrecht. (323 p.)
Addink, G.H. (2006). Bestuursdwang (Handhaving van bestuursrecht).
Eindhoven: Euroforum. (58 p.)
Addink, G.H. (2006). Bewerking Afdeling 3.4 (Commentaar Awb (losbladig)).
Den Haag: Elsevier. (40 p.)
Addink, G.H. (2006). Bewerking Afdeling 3.4 (Cremers Milieurecht (losbladig)). Deventer: Kluwer. (20 p.)
Addink, G.H. (2006). Bewerking Wet bibob (Cremers Milieurecht (losbladig)).
Deventer: Kluwer. (24 p.)
412
Publiekrechtelijke rechtsvergelijking
Addink, G.H. & Jansen, O.J.D.L.M. (2006). Bestuurlijke handhaving en toezicht op de naleving (Handhaving van bestuursrecht). Eindhoven: Euroforum.
(66 p.)
Addink, G.H. (2007). Preventieve handhaving. In Handhaving van bestuursrecht – deel 2 (p. 1-66). Eindhoven: Euroforum.
Addink, G.H. (2007). Bestuursdwang. In Handhaving van bestuursrecht – deel
6 (p. 1-58). Eindhoven: Euroforum.
Addink, G.H. (2007). Bewerking artikelen 5: 21 – 5: 26. In Awb-VUGA-bundel.
Deventer: Kluwer.
Albers, C.L.G.F.H. (2006). Bewerking hoofdstuk 7 (handhaving). In R.J.N.
Schlössels & F.A.M. Stroink (Eds.), Kern van het bestuursrecht (p. 251-285).
Den Haag: Boom Juridische uitgevers.
Albers, C.L.G.F.H. (2006). Gedeeltelijke bewerking van hoofdstuk 11 (Opdrachten en casus). In R.J.N. Schlössels & F.A.M. Stroink (Eds.), Kern van het
bestuursrecht (p. 385-411). Den Haag: Boom Juridische uitgevers.
Albers, C.L.G.F.H. & Schlössels, R.J.N. (2006). Bewerking hoofdstuk 6
(bestuursrecht). In J.C. Hage, R.J.N. Schlössels & R. Wolleswinkel (Eds.),
Recht, vaardig en zeker (p. 289-318). Den Haag: Boom Juridische uitgevers.
Albers, C.L.G.F.H. (2006). De ‘Wet bestuurlijke boete overlast openbare
ruimte’. Beter ten halve gekeerd dan ten hele gedwaald. De Gemeentestem,
7247(38), 137-147.
Berge, J.B.J.M. ten (2005). De Nationale ombudsman en de Algemene wet
bestuursrecht (naar aanleiding van het jaarverslag 2003). Nederlands Tijdschrift
voor Burgerlijk Recht, 117-123.
Berge, J.B.J.M. ten (2005). De onafhankelijkheid van de gemeentelijke
ombudsman. De Gemeentestem, 7232, 353-359.
Berge, J.B.J.M. ten (2006). De ombudsman en de beschikking omringende
gedragingen, over competentie en informatieplicht. De Gemeentestem, 9-12.
Besselink, L.F.M. (2005). A Constitution for Europe and other Constitutions.
European Constitutional Law Review, 3, 335-338.
Besselink, L.F.M. (2006). Schriftelijk advies inzake herziening van artikel 100
Grondwet. In Rapport van de Werkgroep Nato Response Force (NRF), Deel
Twee, bijlagen. Tweede Kamer der Staten-Generaal. Kamerstukken Tweede
Kamer, zittingsjaar 2005-2006, 30162, nrs 4-5, p. 43-50.
413
Wetenschappelijk verslag 2005-2007
Besselink, L.F.M. (2007). Dynamics of European and national citizenship:
inclusive or exclusive? European Constitutional Law Review, 3, 1-4.
Besselink, L.F.M. (2007). [Bespreking van het boek Een ieder verbindende
bepalingen van verdragen]. Rechtsgeleerd Magazijn Themis, 3, 116-120.
Boogaard, G. & Dragstra, L. (2007). In vergaande staat van ontbinding.
Regelmaat, 3, 115-118.
Broeksteeg, J.L.W. (2005). Beantwoording rechtsvraag: Staatsrecht, Burgemeester, openbare orde en noodrecht. Ars Aequi: juridisch studentenblad,
54(11), 973-976.
Broeksteeg, J.L.W. (2005). Rechtsvraag: Staatsrecht, Burgemeester, openbare
orde en noodrecht. Ars Aequi: juridisch studentenblad, 54(6), 524-524.
Broeksteeg, J.L.W. & Westerbeek, R. (2006). De ambtenaar in spagaat. De
Gemeentestem, 1, 1-9.
Broeksteeg, J.L.W. (2007). De staatsrechtelijke positie van de wethouder in
Duitsland, Speelbal tussen raad en direct gekozen burgemeester? De Gemeentestem, 7283(128), 563-570.
Claes, M.L.H.K. (2006). [Bespreking van het boek Constitutional Law of 15
EU Member States]. C.M.L.Rev., 43, 1203-1204.
Dragstra, L. (2005). Reactie op ‘De Raad van State voorbij...?’. Ars Aequi:
juridisch studentenblad, 9, 725-726.
Dragstra, L. (2006). Zendtijd voor politieke partijen 1925-2006. Mediaforum,
11/12, 346-355.
Dragstra, L. & Boogaard, G. (2006). In vergaande staat van ontbinding.
Opmerkingen over artikel 137 lid 3 van de Grondwet. [Online] Available from:
<http://home.medewerker.uva.nl/l.dragstra> [14-12-2006].
Duijkersloot, A.P.W. & Ortlep, R. (2006). Strafrechtelijke aansprakelijkheid
van de overheid: recente ontwikkelingen in rechtspraak en wetgeving. Overheid
en Aansprakelijkheid, 3, 53-62.
Duijkersloot, A.P.W., Loop, M.L.M. van der & Schagen, J.A. van (2007).
Teksten Openbaarheid van bestuur 2007/2008. Den Haag: Sdu. (264 p.)
Heldeweg, M.A. (2006). Rechtsvorming en Governance. Redactioneel voorwoord. In M.A. Heldeweg (Ed.), Rechtsvorming en Governance (Publikaties
van de Staatsrechtkring. Staatsrechtconferenties, 10) (p. V-VII). Alphen aan
den Rijn: Kluwer.
414
Publiekrechtelijke rechtsvergelijking
Heringa, A.W. (2006). Chapter 12. Right to Respect for Privacy (Article 8). In
P. van Dijk, F. van Hoof, A. van Rijn & L. Zwaak (Eds.), Theory and Practice
of the European Convention on Human Rights (p. 663-750). Antwerp:
Intersentia.
Heringa, A.W. & Hoof, F. van (2006). Chapter 15. Freedom of Association and
Assembly (Article 11). In P. van Dijk, F. van Hoof, A. van Rijn & L. Zwaak
(Eds.), Theory and Practice of the European Convention on Human Rights
(p. 817-840). Antwerp: Intersentia.
Heringa, A.W. & Hoof, F. van (2006). Chapter 33. Prohibition of Discrimination (Article 14). In P. van Dijk, F. van Hoof, A. van Rijn & L. Zwaak (Eds.),
Theory and Practice of the European Convention on Human Rights (p. 10271051). Antwerp: Intersentia.
Heringa, A.W., Bellekom, Th.L., Velde, J. van der & Verhey, L.F.M. (2007).
Compendium van het staatsrecht. Deventer: Kluwer. (425 p.)
Hins, A.W. (2005). Mediarecht. Ars Aequi Katern, 94(54 (3)), 5195-5196.
Hins, A.W. (2005). Mediarecht. Ars Aequi Katern, 95(54 (6)), 5266-5268.
Hins, A.W. (2005). Mediarecht. Ars Aequi Katern, 96(54 (9)), 5323-5325.
Hins, A.W. (2005). Mediarecht. Ars Aequi Katern, 97(54 (12)), 5388-5390.
Hins, A.W. (2005). Voetbalrechten en voorkeursrecht. Mediaforum, 2, 37.
Hins, A.W. (2006). Kroniek Mediarecht. Ars Aequi Katern, 98, 5455-5457.
Hins, A.W. (2006). Kroniek Mediarecht. Ars Aequi Katern, 99, 5520-5521.
Hins, A.W. (2006). Kroniek Mediarecht. Ars Aequi Katern, 100, 5597-5599.
Hins, A.W. (2006). Kroniek Mediarecht. Ars Aequi Katern, 101, 5659-5660.
Hins, A.W. (2006). Openbaarheid van bestuur krijgt steun uit Straatsburg.
Nederlands Juristenblad, 38, 2185-2186.
Hins, A.W. (2006). Naschrift bij H.U. Jessurun d’Oliveira. Nederlands Juristenblad, 44, 2542.
Hins, A.W. (2006). Verdacht, verdraaid, Verdonk. Mediaforum, 3, 61.
Hins, A.W. (2006). Het ABC van een publieke voorziening. Mediaforum, 6,
161.
Hoetjes, B.J.S. (2005). Baarle – luis in de pels of kostbaar kleinood? De
Europese Gemeente, 40(2), 3-4.
415
Wetenschappelijk verslag 2005-2007
Hoetjes, B.J.S. (2005). Na het referendum – verder zonder Europa? De
Europese Gemeente, 40(4), 7.
Hoetjes, B.J.S. (2005). Baarle bijzonder – vroeger, nu en straks. De Europese
Gemeente, 40(6), 9-10.
Hoetjes, B.J.S. (2005). De grenzen van de Nederlandse overheid kennen,
benutten, overwinnen. Openbaar Bestuur, 32-36.
Hoetjes, B.J.S. (2005). Nederland in de Europese Unie- coördineren of
integreren? Bestuurswetenschappen, 2, 165-166.
Hoetjes, B.J.S. (2005). Het werkprogramma van de Europese Commissie voor
2006 – hooggestemd en toch bescheiden? Commentaar namens de Europese
Beweging Nederland aan de Eerste Kamer. Den Haag: EBN.
Hoetjes, B.J.S. & Versteden, C.J.N. (2005). Gemeente Echt Susteren, de zaakSmeets. Echt: Gemeenteraad Echt.
Hoetjes, B.J.S. & Werkman, P. (2005). Amersfoort – Stad met een hartprobleem? Een onderzoek naar de besluitvorming rond de keuze van de locatie
Kleine Den Haag als gebruiksruimte voor harddrugverslaafde dak- en thuislozen. Amersfoort: Gemeente Amersfoort.
Hoetjes, B.J.S. (2006). Gisteren, vandaag, morgen. Staatscourant, 08-05-2006,
5.
Hoetjes, B.J.S. (2006). Europa verder met Nederland. Staatscourant, 15-052006, 5.
Hoetjes, B.J.S. (2006). De babysit uit Brussel. Staatscourant, 23-05-2006, 5.
Hoetjes, B.J.S. (2006). Haal Europa binnen. Staatscourant, 11-09-2006, 3.
Hoetjes, B.J.S. (2006). Europa – goed voor de identiteit. Staatscourant, 18-092006, 7.
Hoetjes, B.J.S. (2006). Europese regels – meer en beter, alstublieft. Staatscourant, 26-09-2006, 5.
Hoetjes, B.J.S. (2006). Denkers over eenwording van heinde en verre – Ghandi
en Europa. De Europese Gemeente, 41(1), 13.
Hoetjes, B.J.S. (2006). Het Europese ideaal – Schuman anno 2006? De
Europese Gemeente, 41(2), 10.
Hoetjes, B.J.S. (2006). Katholieken, katholicisme en Europa. De Europese
Gemeente, 41(3), 14.
416
Publiekrechtelijke rechtsvergelijking
Hoetjes, B.J.S. (2006). Europa – hoe verder met Nederland? De Europese
Gemeente, 41(4), 12-13.
Hoetjes, B.J.S. (2006). Veranderingen in jumelageland. De Europese
Gemeente, 41(6), 10-11.
Hoetjes, B.J.S. (2006). Canada, Nederland en de wereld: zestig jaar mythe,
beeld en realiteit [Bespreking van het boek Building liberty: Canada and the
world peace, 1945-2005]. Internationale Spectator, 60(10), 511-512.
Hoetjes, B.J.S. (2006). Europa en de gemeente – nieuwe beknelling of ruimte?
in Europa, kans of bedreiging voor lokale gemeenschappen. De Bilt: Gemeente
De Bilt.
Hoetjes, B.J.S. (2007). De Europese samenwerking en de metajuridica. In R.
van der Molen et al. (Eds.), Maastricht celebrates Europe (p. 122-123).
Maastricht: JFV Ouranos.
Hoetjes, B.J.S. (2007). Grensoverschrijdende samenwerking van decentrale
overheden: hoe en waarom? In B. Hessel (Ed.), Europa op het grensvlak van
recht en beleid. Europa, je beste kennis (p. 55-66). Den Haag: Sdu.
Hoetjes, B.J.S. (2007). Een kat in een pakhuis met vele muizen. Infocus, 8.
Hoetjes, B.J.S. (2007). Samenwerken, samenleven – Balkenende-IV in Europa.
De Europese Gemeente, 42, 4.
Hoetjes, B.J.S. (2007). Gemeentelijke internationale samenwerking – doorlichten en herijken. De Europese Gemeente, 42, 5-6.
Hoetjes, B.J.S. (2007). Europa is van de burgers. De Europese Gemeente, 42,
12-13.
Hoetjes, B.J.S. (2007). Europa en de gemeenten: nieuwe beknelling of nieuwe
ruimte? De Europese Gemeente, 42(1), 14-15.
Hoetjes, B.J.S. (2007). Waarom waterschappen Europees moeten denken en
werken. De Europese Gemeente, 42 (4), 14-15.
Hoetjes, B.J.S. (2007). Vijftig jaar Europese samenwerking – een Duits-Nederlandse gedachtenwisseling. De Europese Gemeente, 42, 22-23.
Hoetjes, B.J.S. (2007). Frankrijk na de verkiezingen: een ander land? De
Europese Gemeente, 42, 26-27.
Hoetjes, B.J.S. (2007). Europa: Frans of vrij? Staatscourant, 29-08-2007, 4.
417
Wetenschappelijk verslag 2005-2007
Hoetjes, B.J.S. (2007). Onterechte federofobie in Europa. Staatscourant, 04-092007, 4.
Hoetjes, B.J.S. (2007). Europa en de keizer – samen verder. Staatscourant, 1109-2007, 4.
Jansen, A.M.L. (2005). Algemene Vereisten en termijnen van bezwaar en
(hoger) beroep (hoofdstuk 6 Awb). In E.J. de Valk & G.H. Addink (Eds.),
Procedures in het bestuursrecht (p. 1-49). Eindhoven: Euroforum.
Jansen, A.M.L. (2005). Antwoorden preadviseur Mr. A.M.L. Jansen. In C.M.
Foblets & S.W.E. Rutten (Eds.), Verslag van de jaarvergadering 17 januari
2005 Nederlandse Vereniging voor Rechtsvergelijking (p. 106-112). Deventer:
Kluwer.
Jansen, A.M.L. (2005). Bestuurshandelingen. Nederlands Tijdschrift voor
Bestuursrecht, 97-105.
Jansen, A.M.L. (2005). Bestuurshandelingen. Nederlands Tijdschrift voor
Bestuursrecht, 317-323.
Jansen, A.M.L. (2005). Tijdige rechtspraak en de rol van de Hoge Raad.
Weekblad voor Fiscaal Recht, 1583-1588.
Jansen, A.M.L. (2006). Bestuurshandelingen. Nederlands Tijdschrift voor
Bestuursrecht, 156-161.
Jansen, A.M.L. (2006). Bestuurshandelingen. Nederlands Tijdschrift voor
Bestuursrecht, 322-326.
Jansen, A.M.L. (2007). Bestuurshandelingen. Nederlands Tijdschrift voor
Bestuursrecht, 172-181.
Jansen, A.M.L. (2007). Bestuurshandelingen. Nederlands Tijdschrift voor
Bestuursrecht, 257-262.
Jansen, A.M.L. (2007). Daadkrachtigheid. Jurisprudentie Bestuursrecht Plus,
spec.nr., 2.
Jurgens, G.T.J.M. (2006). Rechtsbescherming voor aan de wet ontleende
verwachtingen. Nederlands Tijdschrift voor Bestuursrecht, 3, 85-86.
Jurgens, G.T.J.M. (2006). De Wet OM-afdoening: bestuurlijke beboeting in het
strafrecht. Nederlands Tijdschrift voor Bestuursrecht, 10, 329-330.
418
Publiekrechtelijke rechtsvergelijking
Jurgens, G.T.J.M. (2007). Bestuursrechtelijke aanpak van criminaliteit en
terrorisme, Bespreking van de preadviezen voor de jaarvergadering van de
VAR/Vereniging voor bestuursrecht op 11 mei 2007. Nederlands Tijdschrift
voor Bestuursrecht, 2007(4), 109-117.
Jurgens, G.T.J.M. (2007). Schadevergoeding als pilot voor differentiatie in het
bestuursrecht. Nederlands Tijdschrift voor Bestuursrecht, 257-259.
Keessen, A. (2005). Jurisprudentie samenvatting, T-19/01, GvEA 3 februari
2005. Overheid en Aansprakelijkheid, 45.
Keessen, A. (2005). Jurisprudentie samenvatting, T-28/03, GvEA 21 april
2005. Overheid en Aansprakelijkheid, 67.
Keessen, A. (2005). Jurisprudentie samenvatting, C-511/03, HvJEG 20 oktober
2005. Overheid en Aansprakelijkheid, 212.
Keessen, A. (2006). De relatie tussen productregistratie en waterkwaliteitsregelgeving: geneesmiddelen, diergeneesmiddelen en veevoederadditieven.
Bilthoven: RIVM.
Keessen, A. & Montforts, M.H.M.M. (2007). Openbaarheid van milieu-informatie bij registratie van (dier)geneesmiddelen, RIVM Briefrapport 601500006/
2007. Bilthoven: RIVM. (55 p.)
Kiiver, P. (2006). Wet op het Staatsburgerschap der Republiek Belarus:
vertaling en toelichting. In A.R.E.M. van Erp, G.R. de Groot et al. (Eds.), NW
Nationaliteitswetgeving (losbladig). The Hague: Elsevier Overheid.
Kiiver, P. (2006). Wet op het Staatsburgerschap der Russische Federatie:
vertaling en toelichting. In A.R.E.M. van Erp & G.R. de Groot (Eds.), NW
Nationaliteitswetgeving (losbladig, herz. druk). Den Haag: Elsevier Overheid.
Kiiver, P. (2007). Lisbon and the Lawyers – Reflections on what the EU
Reform Treaty means to Jurists. Maastricht Journal of European and Comparative Law, 337-341.
Knook, A. (2005). A Constitutional Union?, Annotated Bibliography/Notes
bibliographiques: The Netherlands/Pays-Bas. Revue européenne de droit public/European review of public law, 17(2), 1035-1041.
Knook, A. (2006). Developmental Local Government. Revue européenne de
droit public/European review of public law, 18(2), 879-885.
Knook, A. (2007). [Bespreking van het boek Defence Rights during Administrative Investigation]. Revue européenne de droit public/European review of
public law, 19(2), 659-664.
419
Wetenschappelijk verslag 2005-2007
Kummeling, H.R.B.M. et al. (2006). Beginselen van de democratische
rechtsstaat. Alphen aan den Rijn: Kluwer. (XIX + 389 p.)
Kummeling, H.R.B.M. (2007). Commentaar op de artt. 82-99, 151b-c, 155a-f,
Gem.w en artt 80-96, 151a-151f Pw. In T.D. Cammelbeeck, H.R.B.M.
Kummeling & A.J. Modderkolk (Eds.), Tekst & Commentaar, Gemeentewet en
Provinciewet. Deventer: Kluwer.
Kummeling, H.R.B.M. (2007). Statuut voor het Koninkrijk der Nederlanden
(1954- ). In H. Battjes & B.P. Vermeulen (Eds.), Constitutionele klassiekers
(p. 191-214). Nijmegen: Ars Aequi Libri.
Kummeling, H.R.B.M., Cammelbeeck, T.D. & Modderkolk, A.J. (Eds.).
(2007). Tekst & Commentaar, Gemeentewet en Provinciewet. Deventer:
Kluwer. (580 p.)
Langbroek, P.M. & Fabri, M. (Eds.). (2007). Case assignment to courts and
within courts (translated by Fan Mingzhi, Zhang Chuanyi, Qu Guojian).
Beijing: China Law Press. (284 p.)
Langbroek, P.M. (2007). Bekostiging van de rechterlijke organisatie, Opinie.
Nederlands Juristenblad, 161.
Langbroek, P.M. & Hol, A.M. (2007). Introduction. Utrecht Law Review, 3(1),
1-7. [Online]. Available from: <http://www.utrechtlawreview.org> [01-062007].
Langbroek, P.M. & Rijpkema, P. (2007). Over de behoorlijkheidsnorm en zijn
toepassing. Kwartaalblad voor Recht, Bestuur en Organisatie van Hulpdiensten, 118-132.
Linden, E.C.H.J. van der (2005). Misbruik van (proces)recht en oneigenlijk
gebruik van recht. Enige verkenningen naar aanleiding van recente jurisprudentie ten aanzien van vreemdelingen. Journaal Vreemdelingenrecht, 6(90), 275285.
Linden, E.C.H.J. van der (2005). Hoofdstuk 2, katern 2A Rechtspleging:
ontvankelijkheids- en bevoegdheidsvragen, par. 2.1 Algemeen. In Bestuursprocesrecht (losbladig, aanvulling 28) (p. 1-12). Lelystad: Vermande.
Linden, E.C.H.J. van der (2006). Hoofdstuk 1. Actoren, aanvulling. In Algemeen bestuursrecht (Losbladig (aanvulling 8)) (p. 23-42). Lelystad: Vermande.
Linden, E.C.H.J. van der (2006). Hoofdstuk 2, katern 2B. In Bestuursprocesrecht (Losbladig (aanvulling 33)) (p. 1-46). Lelystad: Vermande.
Linden, E.C.H.J. van der (2006). Hoofdstuk 2, katern 2E. In Bestuursprocesrecht (Losbladig (aanvulling 32)) (p. 1-26). Lelystad: Vermande.
420
Publiekrechtelijke rechtsvergelijking
Linden, E.C.H.J. van der (2006). Hoofdstuk 2, katern 2F. In Bestuursprocesrecht (Losbladig (aanvulling 32)) (p. 1-44). Lelystad: Vermande.
Linden, E.C.H.J. van der (2007). De meeste dromen zijn bedrog: over
toetsing(sintensiteit) van het geloofwaardigheidsoordeel. Journaal Vreemdelingenrecht, 6, 422-443.
Linden, E.C.H.J. van der (2007). Geschiedenis van het generaal pardon. Over
de verschillende regularisatieregelingen in ons land. Journaal Vreemdelingenrecht, 10, 948-975.
Lust, S. (2005). Vergunningen. In R. Hubeau & F. Voets (Eds.), Ruimtelijke
ordening voor beginners (p. 80-131). Brugge: die Keure.
Lust, S. & Lust, A. (2005). De administratieve verankering van het milieumisdrijf. In J. Ghysels & P. Flamey (Eds.), Milieustrafrecht en strafprocesrecht,
actuele vraagstukken (p. 511-567). Brussel: Larcier.
Lust, S. (2005). Het ‘reparatiedecreet’ van 22 april 2005: een overzicht. Tijdschrift voor Ruimtelijke Ordening & Stedenbouw, 204-215.
Lust, S. (2005). Stedenbouwstrafrecht: een status quaestionis, deel 2, de herstelvordering. Publiekrechtelijke Kronieken/Chroniques de droit public, 515-541.
Lust, S. (2005). Wijziging van de Grondwet: terminologische aanpassing (korte
duiding bij een grondwetswijziging d.d. 25 februari 2005). Rechtspraak
Antwerpen Brussel Gent, 789.
Lust, S. (Ed.). (2006). Het Arbitragehof en het ruimtelijke-ordeningsrecht.
Brugge: die Keure. (266 p.)
Lust, S. & Luypaers, P. (Eds.). (2006). Rampen, noodsituaties, crisis (...). Voorkoming, beheersing en bestrijding; bevoegdheden, verantwoordelijkheden en
aansprakelijkheden. Brugge: die Keure. (132 p.)
Lust, S. (2006). De bestuursgeschillen. Stand van zaken en actuele ontwikkelingen: de hervorming van de Raad van State. In P. van Orshoven (Ed.),
Gerechtelijk recht (Cahier Themis) (p. 83-114). Brugge: die Keure.
Lust, S. (2006). Het Arbitragehof en de ruimtelijke ordening: de vergunningen.
In S. Lust (Ed.), Het Arbitragehof en het ruimtelijke-ordeningsrecht (p. 93180). Brugge: die Keure.
Lust, S. & Boullart, S. (2006). Stedenbouwkundige vergunningen. In K.
Deketelaere (Ed.), Handboek milieu- en energierecht (p. 561-647). Brugge: die
Keure.
421
Wetenschappelijk verslag 2005-2007
Niessen, N.J.A.P.B. (2005). Commentaar bij artt. 9:1 t/m 9:9 Awb. In Het
burgerlijke ambtenarenrecht (Aanvulling 48). Den Haag: Elsevier Juridisch.
(50 p.)
Nieuwenhuis, A.J. (2006). Over de grens van de vrijheid van meningsuiting.
(2de herz. druk). Nijmegen: Ars Aequi Libri. (373 p.)
Nieuwenhuis, A.J. (2006). Vrijheid van meningsuiting en strafrecht in het 3e
millennium. Mediaforum, 4, 93-100.
Nieuwenhuis, A.J. (2006). Van canon en ontkenning. Mediaforum, 11/12, 337.
Nieuwenhuis, A.J. (2006). Verstoren als grondrechtelijk probleem. Nota Bene,
10-13.
Nieuwenhuis, A.J. (2006). [Bespreking van het boek Toegang tot overheidsinformatie: het grensvlak tussen openbaarheid en vertrouwelijkheid]. Mediaforum, 2, 41-43.
Peters, J.A. (2005). Tien stellingen over het Verdrag tot vaststelling van een
grondwet voor Europa. Sociaal-economische Wetgeving: Tijdschrift voor Europees en economisch recht, 30, 192-196.
Peters, J.A. (2006). [Bespreking van het boek The legal inclusion of extremist
speech]. Rechtsgeleerd Magazijn Themis, 3, 121-123.
Reestman, J.H. (2006). Presidential Elements in Government. Introduction.
European Constitutional Law Review, 54-59.
Reestman, J.H. (2005). Primacy of Union Law. European Constitutional Law
Review, 104-108.
Reestman, J.H., Herman, J. & Besselink, L.F.M. (2007). Constitutional Identity
and the European Courts. European Constitutional Law Review, 176-180.
Reestman, J.H., Peters, J.A. & Herman, J. (2007). Raad van State politieker dan
Engelse Lagerhuis. Nederlands Juristenblad, 38, 2438.
Tans, O.J. & Pierik, R. (2005). Veranderende Solidariteit. In gesprek met
rechtssocioloog Rob Schwitters. Facta: Sociaal-Wetenschappelijk Magazine,
13(3), 24-27.
Velde, J. van der (2005). Art.1 EVRM: Verplichting tot verzekering verdragsrechten. In A.W. Heringa, J.H. Gerards, J.G.C. Schokkenbroek & J. Van der
Velde (Eds.), Rechtspraak en Commentaar (p. 1-20). Den Haag: Sdu.
422
Publiekrechtelijke rechtsvergelijking
Velde, J. van der (2006). Tenuitvoerlegging van einduitspraken van het Europees Hof voor de Rechten van de Mens. In J.H. Gerards, A.W. Heringa, J.G.C.
Schokkenbroek & J. van der Velde (Eds.), EVRM Rechtspraak en Commentaar
(losbladig) (p. 1-16). Den Haag: Sdu.
Verheij, N. (2007). Afscheid van het administratief beroep. Nederlands Tijdschrift voor Bestuursrecht, 307-308.
Verheij, N. (2007). Over meer algemene en meer bijzondere wetten. Nederlands Tijdschrift voor Bestuursrecht, 381-383.
Verhey, L.F.M. (2005). Een ministerie voor veiligheid. Nederlands Juristenblad, 45/46, 2370-2371.
Verhey, L.F.M. & Lawson, R.A. (2005). Kroniek grondrechten. Nederlands
Juristenblad, 9, 494-502.
Verhey, L.F.M. (2006). Governance: voer voor juristen. Nederlands Juristenblad, 1207.
Verhey, L.F.M. (2006). Harmonisatie van kwaliteitseisen? Regelmaat, 2, 70-71.
Verhey, L.F.M. (2006). Naschrift bij D.M. Curtin. Nederlands Juristenblad,
1426.
Verhey, L.F.M. & Lawson, R.A. (2006). Kroniek van de grondrechten. Nederlands Juristenblad, 1801-1810.
Verhey, L.F.M. (2007). Rechtswetenschap en wetgevingspraktijk: it takes two
to tango. In C.J. van Dijk (Ed.), Buitengewoon in dienst. Een decennium
wetgeving, Liber Amicorum mr. G.N. Roes (p. 329-335). Den Haag: Sdu.
Visser, J.W. de (2005). Applying the new Section 139 intervention powers:
Issues arising from practice. Local Government Bulletin, 1, 7-10.
Visser, J.W. de (2005). Budget Meetings Behind Closed Doors?: Interpreting
the Systems Act on public access to meetings. Local Government Bulletin, 2,
14-15.
Visser, J.W. de (2005). Chronicle Dutch Constitutional Law. Revue européenne
de droit public/European review of public law, 2, 947-956.
Widdershoven, R.J.G.M. et al. (2006). Beginselen van de democratische
rechtsstaat (6de herz. druk). Deventer: Kluwer. (389 p.)
Woltjer, A.J.Th. (2006). [Bespreking van het boek The International protection
of Internally Displaced Persons]. Netherlands Quarterly of Human Rights,
21(1), 169-171.
423
Wetenschappelijk verslag 2005-2007
Zoethout, C.M. & Vermeulen, B. (2005). Godsdienst en levensovertuiging. In
S.D. Burri (Ed.), Oordelen Commissie Gelijke Behandeling 2004 (p. 53-62).
Deventer: Kluwer.
Zoethout, C.M. & Vermeulen, B. (2006). Godsdienst en levensovertuiging. In
S.D. Burri (Ed.), Gelijke behandeling: oordelen en commentaar 2005 (p. 6979). Deventer: Kluwer.
Zoethout, C.M. (2006). Maak van de Grondwet een constitutie. Nederlands
Juristenblad, 18, 1003-1004.
Zoethout, C.M. (2007). Constitution of the United States of America. In B.P.
Vermeulen & H. Battjes (Eds.), Constitutionele klassiekers (p. 96-101).
Nijmegen: Ars Aequi Libri.
Zoethout, C.M. (2007). Declaration of Independence. In B.P. Vermeulen & H.
Battjes (Eds.), Constitutionele klassiekers (p. 74-77). Nijmegen: Ars Aequi
Libri.
Zoethout, C.M. (2007). Van Kafkabrigade tot een nieuwe Grondwet. Voorstellen van de Nationale Conventie voor de 21ste eeuw. Tijdschrift voor bestuurswetenschappen en publiekrecht, 4, 211-217.
Zoethout, C.M. (2007). [Bespreking van het boek Towards World Constitutionalism: Issues in the Legal Ordering of the World Community]. 213-227.
[Online]. Available from: <http://www.globallawbooks.org/reviews/detail.asp?
id=335> [05-09-2007].
Zoethout, C.M. (04-04-2007). Neem de Grondwet eens op de schop. Trouw.
Zwart, T. (2006). Het paspoort van Hirsi Ali. Openbaar Bestuur, 9, 10-13.
Zwart, T. (2006). Parlementaire uitingsvrijheid en rechterlijk incasseringsvermogen. Trema: tijdschrift voor de rechterlijke macht, 3, 108-110.
Zwart, T. (2006). Van Studiebeurzen naar vouchers: het Bidar-arrest als breekijzer voor de internationalisering van het hoger onderwijs. Tijdschrift voor
hoger onderwijs & management, 1, 20-23.
ANNOTATIES
Albers, C.L.G.F.H. (2006). Noot bij: EHRM (08-11-2005), 4251/02, (Saliba
tegen Malta). EHRC 2006-1, p. 3-12.
Albers, C.L.G.F.H. (2006). Noot bij: EHRM (13-12-2005), 73661/01, (Ontvankelijkheidsbeslissing inzake Nilsson tegen Zweden). EHRC 2006-29, p. 266278.
424
Publiekrechtelijke rechtsvergelijking
Albers, C.L.G.F.H. (2006). Noot bij: CRvB (18-06-2006), (Formele rechtskracht. Incidenteel appèl. Boete. Meest gunstige bepaling). JB 2006-282,
p. 1378-1384.
Albers, C.L.G.F.H. (2006). Noot bij: ABRvS (02-11-2005), (Intrekking APKkeuringserkenning geen punitieve sanctie. Omgaan Raad van State. Artikel 6 en
34 EVRM. Bestraffing bestuursorgaan). JB 2006-11, p. 69-78.
Albers, C.L.G.F.H. (2006). Noot bij: ABRvS (21-12-2005), (Nadeelcompensatie. Reikwijdte égalité-beginsel.Zelfstandig schadebesluit. Processuele connexiteit). JB 2006-33, p. 185-191.
Albers, C.L.G.F.H. (2006). Noot bij: CRvB (02-12-2005), (Omzettingsbesluiten WSF2000 geen criminal charge. GBA-adressencontrole). JB 2006-43,
p. 217-223.
Albers, C.L.G.F.H. (2006). Noot bij: CRvB (05-01-2006), ((buitenwettelijk)
Incidenteel appèl. Procesverantwoordelijkheid gedaagde, ‘Brummen-lijn’). JB
2006-84, p. 398-402.
Albers, C.L.G.F.H. (2006). Noot bij: ABRvS (02-11-2005), (Vernietigen en
opnieuw voorzien. Uitdrukkelijk en zonder voorbehoud verworpen gronden.
Omvang geding. Brummen-lijn. Uitzondering). JB 2006-92, p. 435-439.
Albers, C.L.G.F.H. (2006). Noot bij: CRvB (05-01-2006), (Cautie. Bestuurlijke
boete). JB 2006-98, p. 452-457.
Albers, C.L.G.F.H. (2006). Noot bij: HR (31-03-2006), (Longkanker door
asbestblootstelling en/of rookgedrag. Causaal verband. Causaliteitsonzekerheid.
Proportionele aansprakelijkheid). JB 2006-109, p. 521-543.
Albers, C.L.G.F.H. (2006). Noot bij: ABRvS (15-02-2006), (Omvang geding in
appèl. Onberoepen gebleven overwegingen. Brummen-lijn). JB 2006-110,
p. 543-546.
Albers, C.L.G.F.H. (2006). Noot bij: ABRvS (15-02-2006), (Omvang geding in
appèl. Onberoepen gebleven overwegingen. Brummen-lijn). JB 2006-111,
p. 546-551.
Albers, C.L.G.F.H. (2006). Noot bij: ABRvS (03-05-2006), (Tijdelijke sluiting
horeca-bedrijf. Handhavingsbeleid. Niet punitieve sanctie. Openbare orde
handhaving). JB 2006-190, p. 955-962.
Albers, C.L.G.F.H. (2006). Noot bij: ABRvS (24-05-2006), (Preventie bestuursdwang). JB 2006-216, p. 1077-1083.
Albers, C.L.G.F.H. (2006). Noot bij: CRvB (20-07-2006), (Omvang geding.
Betekenis eerdere uitspraak). JB 2006-294, p. 1450-1452.
425
Wetenschappelijk verslag 2005-2007
Albers, C.L.G.F.H. & Schlössels, R.J.N. (2006). Noot bij: ABRvS (18-012006), (Waarschuwing in het kader van sanctiebeleid is geen besluit). JB 200659, p. 294-299.
Albers, C.L.G.F.H. & Schlössels, R.J.N. (2006). Noot bij: ABRvS (17-052006), (Uitbreiding Brummen-lijn. Uitdrukkelijk en zonder voorbehoud
verworpen gronden. Omvang gezag van gewijsde. Motiveringsbeginsel). JB
2006-210, p. 1055-1063.
Albers, C.L.G.F.H. & Schlössels, R.J.N. (2006). Noot bij: ABRvS (07-062006), (Civielrechtelijke aansprakelijkheidsstelling of zelfstandig schadebesluit? Processuele connexiteit). JB 2006-229, p. 1142-1148.
Albers, C.L.G.F.H. (2007). Noot bij: EHRM (23-11-2006), 73053/01, (Jussila
tegen Finland. Eerlijk proces. Criminal charge. Belastingverhoging. Aard van
de overtreding. Aard van de sanctie. Hoorplicht). EHRC 2007-31, p. 293-306.
Albers, C.L.G.F.H. (2007). Noot bij: EHRM (29-06-2007), 15809/02 en
25624/02, (O'Halloran en Francis tegen het Verenigd Koninkrijk. Eerlijk
proces. Criminal charge. Nemo tentur. Strafrechtelijke veroordeling i.v.m. het
niet verschaffen van informatie betreffende de bestuurder van een voertuig ten
tijde van het begaan van een snelheidsovertreding). EHRC 2007-104, p. 10201043.
Albers, C.L.G.F.H. (2007). Noot bij: HR (01-12-2006), (Fiscale vergrijpboete.
Onschuldpresumtie). JB 2007-3, p. 29-55.
Albers, C.L.G.F.H. (2007). Noot bij: CBb (15-12-2006), (Bestuurlijke boete.
Systeem van gefixeerde boeten. Matigingsbevoegdheid. Evenredigheid). JB
2007-35, p. 221-236.
Albers, C.L.G.F.H. (2007). Noot bij: ABRvS (22-11-2006), (Arbeidsongeval.
Bestuurlijke boete. Strafbaarheid overheid. Omvang geding. Ambtshalve aanvulling rechtsgronden). JB 2007-11, p. 81-89.
Albers, C.L.G.F.H. (2007). Noot bij: ABRvS (11-04-2007), (Bestuursdwang –
spoedeisendheid – preventieve toepassing. Besluit). JB 2007-103, p. 522-527.
Albers, C.L.G.F.H. (2007). Noot bij: ABRvS (21-02-2007), (Handhaving.
Spoedeisende bestuursdwang. Kostenverhaal. Zorgplicht). JB 2007-119,
p. 599-605.
Albers, C.L.G.F.H. & Schlössels, R.J.N. (2007). Noot bij: HvJEG (07-062007), C-222/05 t/m 225/05, (Van der Weerd c.s. Ambtshalve toepassing van
(rechtstreeks werkende) bepalingen van EG-recht). JB 2007-131, p. 658-671.
Albers, C.L.G.F.H. (2007). Noot bij: ABRvS (06-06-2007), (Redelijke termijn.
Beroep op overschrijding. Schadevergoeding). JB 2007-144, p. 720-724.
426
Publiekrechtelijke rechtsvergelijking
Albers, C.L.G.F.H. (2007). Noot bij: ABRvS (06-06-2007), (Onderdelentrechter. Besluitonderdeel. Milieu-effectrapportage). JB 2007-161, p. 797-801.
Albers, C.L.G.F.H. (2007). Noot bij: ABRvS (20-06-2007), (Belanghebbende,
Belang, afgeleid. Besluitonderdeel. Onderdelentrechter). JB 2007-161, p. 801806.
Albers, C.L.G.F.H. (2007). Noot bij: CRvB (21-06-2007), (Schadevergoeding,
meerdere veroorzakers. Schadevergoeding, hoofdelijke aansprakelijkheid). JB
2007-187, p. 816-825.
Berge, J.B.J.M. ten (2006). Noot bij: Nationale ombudsman (30-09-2005), AB,
p. 197.
Besselink, L.F.M. (2005). Noot bij: HR (01-10-2004), (C03/118HR). SEW
2005-7/8, p. 336-339.
Besselink, L.F.M. (2005). Noot bij: HR (02-11-2004), (Strafkamer). SEW
2005-7/8, p. 336-339.
Broeksteeg, J.L.W. (2005). Noot bij: EHRM (06-10-2005), (Ontzetting van
kiesrecht gedetineerden). EHRC 2005-115, p. 1127-1145.
Broeksteeg, J.L.W. (2005). Noot bij: ABRvS (20-09-2004), (Referendumverordening Zwolle). JB 2005-4, p. 23-26.
Broeksteeg, J.L.W. (2005). Noot bij: ABRvS (17-11-2004), (Handhaving
openbare orde Maastricht). JB 2005-18, p. 64-66.
Broeksteeg, J.L.W. (2005). Noot bij: ABRvS (10-11-2004), (Fraude waterschapsverkiezingen). JB 2005-16, p. 58-62.
Broeksteeg, J.L.W. (2005). Noot bij: ABRvS (09-03-2005), (Aanwijzing
veiligheidsrisicogebied Den Helder). JB 2005-121, p. 593-595.
Broeksteeg, J.L.W. (2005). Noot bij: ABRvS (04-05-2005), (Verbod grote
manifestatie). JB 2005-174, p. 897-900.
Broeksteeg, J.L.W. & Driessche, I. Van den (2005). Noot bij: EHRM (02-062005), (Claes e.a. vs. België). EHRC 2005-73, p. 702-716.
Broeksteeg, J.L.W. & Verhey, L.F.M. (2006). Noot bij: Rb. Den Haag (07-092006), (Subsidiëring SGP). C.D.P.K. 2006-2, p. 450-476.
Broeksteeg, J.L.W. (2006). Noot bij: EHRM (06-12-2005), (Parlementaire
immuniteit). EHRC 2006-10, p. 94-100.
427
Wetenschappelijk verslag 2005-2007
Broeksteeg, J.L.W. (2006). Noot bij: EHRM (25-10-2005), (Openbaarmaking
financiën raadsleden). EHRC 2006-13, p. 119-124.
Broeksteeg, J.L.W. (2006). Noot bij: EHRM (16-03-2006), (Uitsluiting passief
kiesrecht). EHRC 2006-57, p. 507-534.
Broeksteeg, J.L.W. (2006). Noot bij: EHRM (23-03-2006), (Uitsluiting kiesrecht gefailleerde). EHRC 2006-59, p. 539-548.
Broeksteeg, J.L.W. (2006). Noot bij: EHRM (28-03-2006), (Registratie kandidaat parlementsverkiezingen). EHRC 2006-60, p. 548-553.
Broeksteeg, J.L.W. (2006). Noot bij: ABRvS (26-10-2005), (Geheimhoudingsverplichting Emmen). JB 2006-9, p. 64-66.
Broeksteeg, J.L.W. (2006). Noot bij: ABRvS (11-01-2006), (Verhouding
Boswet en APV). JB 2006-57, p. 289-293.
Broeksteeg, J.L.W. (2006). Noot bij: ABRvS (02-02-2006), (Geldigverklaring
kandidatenlijst Margraten). JB 2006-78, p. 380-383.
Broeksteeg, J.L.W. (2006). Noot bij: Rb. Maastricht (06-04-2006), (Taakverwaarlozing burgemeester). JB 2006-163, p. 812-816.
Broeksteeg, J.L.W. (2006). Noot bij: ABRvS (21-06-2006), (Bordeelverbod
Groningen). JB 2006-235, p. 1169.
Broeksteeg, J.L.W. (2006). Noot bij: ABRvS (16-08-2006), (Subsidiëring
Europese politieke partijen). JB 2006-278, p. 1370-1373.
Broeksteeg, J.L.W. (2006). Noot bij: ABRvS (16-08-2006), (Subsidiëring
lokale politieke partijen). JB 2006-290, p. 1440-1441.
Broeksteeg, J.L.W. (2006). Noot bij: ABRvS (04-10-2006), (Aanduiding
politieke groepering). JB 2006-320, p. 1576-1579.
Broeksteeg, J.L.W. (2007). Noot bij: EHRM (16-11-2006), 11, (Parlementaire
immuniteit). EHRC, p. 99-106.
Broeksteeg, J.L.W. (2007). Noot bij: EHRM (11-01-2007), 35, (Registratie
kandidaten politieke partij). EHRC, p. 341-352.
Broeksteeg, J.L.W. (2007). Noot bij: EHRM (30-01-2007), 39, (Kiesdrempel).
EHRC, p. 376-385.
Broeksteeg, J.L.W. (2007). Noot bij: EHRM (05-04-2007), 72, (Uitsluiting
lidmaatschap politieke partij). EHRC, p. 674-679.
428
Publiekrechtelijke rechtsvergelijking
Broeksteeg, J.L.W. (2007). Noot bij: EHRM (06-02-2007), 77, (Kiesrecht in
buitenland woonachtigen). EHRC, p. 721-724.
Broeksteeg, J.L.W. (2007). Noot bij: EHRM (09-07-2007), 118, (Uitsluiting
kiesrecht Rusland). EHRC, p. 1160-1167.
Broeksteeg, J.L.W. (2007). Noot bij: ABRvS (16-08-2006), (Vertegenwoordiging gemeente). Gst. 2007-7275, p. 342-344.
Broeksteeg, J.L.W. (2007). Noot bij: ABRvS (27-06-2007), 163, (Onafhankelijkheid lokale rekenkamer). JB, p. 806-811.
Broeksteeg, J.L.W. (2007). Noot bij: ABRvS (04-10-2006), 44, (Aanduiding
politieke groeperingen). JIN, p. 147-149.
Claes, M.L.H.K. (2006). Noot bij: ECHR (28-06-2006), (D. v. Ireland). EHRC
2006-135, p. 1255-1270.
Claes, M.L.H.K. (2007). Noot bij: HvJEG (12-09-2006), (Eman en Sevinger t.
Staat der Nederlanden). SEW 2007-5, p. 212-221.
Dragstra, L. (2005). Noot bij: Vzr Rb. Utrecht (25-01-2005), 17, (Plato vs.
RTV). Mediaforum 2005-4, p. 183-184.
Dragstra, L. (2006). Noot bij: Hof Amsterdam (09-12-2005), (Strafzaak tegen
Haitske van de Linde). Mediaforum 2006-2, p. 56-57.
Duijkersloot, A.P.W. (2005). Noot bij: GvEA (30-11-2004), 245, AB, p. 13171329.
Duijkersloot, A.P.W. (2006). Noot bij: College van Beroep voor het bedrijfsleven (17-05-2006), AB 2006-313, p. 1523-1536.
Duijkersloot, A.P.W. & Ortlep, R. (2007). Noot bij: ABRvS (22-11-2006), Ab
2007-25, p. 182-187.
Duijkersloot, A.P.W. & Ortlep, R. (2007). Noot bij: CBB (23-04-2007), Ab
2007-247, p. 1285-1292.
Geurink, E. (2006). Noot bij: EHRM (10-11-2005), (Mickovski tegen Voormalige Joegoslavische Republiek Macedonië). EHRC 2006-24, p. 246-248.
Geurink, E. (2007). Noot bij: EHRM (19-04-2007), 82, (appl. nr. 63235/00
(Vilho Eskelinen e.a. tegen Finland)). EHRC 2007-7, p. 777-779.
Gijzen, M.H.S. & Waddington, L.B. (2006). Noot bij: HvJEG (11-07-2006), C13/05, ((Her-)definitie van het begrip ‘handicap’ in de EG en Nederlandse
gelijkebehandelingswetgeving). NTER 2006-12, p. 270-279.
429
Wetenschappelijk verslag 2005-2007
Heringa, A.W. (2005). Noot bij: EHRM (22-09-2005), EHRC 2005-109,
p. 1069-1074.
Hins, A.W. (2005). Noot bij: ABRvS (03-08-2005), 29, (Commissariaat voor
de Media vs. SBS). Mediaforum 2005-9, p. 316-318.
Hins, A.W. (2005). Noot bij: Rb. Rotterdam (05-10-2005), 34, (Mediasales c.s.
vs. minister van Economische Zaken). Mediaforum 2005-11/12, p. 382-390.
Hins, A.W. (2006). Noot bij: Rb. Amsterdam (13-06-2006), 24, (BNR-Commissariaat voor de Media). Mediaforum 2006-7/8, p. 227-231.
Hins, A.W. (2006). Noot bij: Arbitragehof (07-06-2006), 26, (Verzoek vernietiging Wet tot bescherming journalistieke bronnen). Mediaforum 2006-7/8,
p. 235-244.
Hins, A.W. (2006). Noot bij: ABRvS (03-05-2006), (Dang-Stichting De Thuiskopie). AMI 2006-5, p. 188-191.
Jansen, A.M.L. (2005). Noot bij: ABRvS (14-04-2004), (Afwijzing verzoek is
besluit). AB 2005-124, p. 746-747.
Jansen, A.M.L. (2005). Noot bij: ABRvS (08-12-2004), (Bevoegdheid ondanks
termijnoverschrijding). AB 2005-147, p. 859-860.
Jansen, A.M.L. (2005). Noot bij: Rb. (06-04-2005), (Vergoeding proceskosten
voor bezwaar tegen stilzittend bestuur). AB 2005-150, p. 872-873.
Jansen, A.M.L. (2005). Noot bij: CRvB (11-03-2005), (Geen vergoeding immateriële schade na overschrijding redelijke termijn). AB 2005-241, p. 1293-1294.
Jansen, A.M.L. (2005). Noot bij: EHRM (02-03-2005), (Uitvoering overheidstaak privaatrechtelijke organisatie sluit EVRM-aansprakelijkheid niet uit).
EHRC 2005-54, p. 519-521.
Jansen, A.M.L. (2005). Noot bij: EHRM (24-05-2005), (Overall-beoordeling
duur rechtsgang). EHRC 2005-70, p. 690-691.
Jansen, A.M.L. (2005). Noot bij: EHRM (15-07-2005), (Rechter was eerder
advocaat wederpartij: strijd met onpartijdigheid). EHRC 2005-100, p. 10011003.
Jansen, A.M.L. (2005). Noot bij: EHRM (10-11-2004), (Criteria voor compensatie van immateriële schade na schending redelijke-termijneis EVRM). JB
2005-1, p. 9-11.
Jansen, A.M.L. (2005). Noot bij: EHRM (16-11-2004), (Gedogen geluidsoverlast strijdig met art. 8 EVRM). JB 2005-2, p. 20.
430
Publiekrechtelijke rechtsvergelijking
Jansen, A.M.L. (2005). Noot bij: ABRvS (29-09-2004), (Schadevergoeding op
grond van égalité na niet aangevochten appellabel besluit). JB 2005-6, p. 31-32.
Jansen, A.M.L. (2005). Noot bij: ABRvS (15-12-2004), (Verzuim betaling griffierecht en toegang tot de rechter; ongelijke positie procespartijen?). JB 200542, p. 194-196.
Jansen, A.M.L. (2005). Noot bij: ABRvS (27-01-2005), (Geen rechtsmiddel
tegen niet nemen ambtshalve besluit). JB 2005-82, p. 380-381.
Jansen, A.M.L. (2005). Noot bij: ABRvS (02-02-2005), (Onredelijk laat herzieningsverzoek, analoge toepassing art. 6:12 Awb). JB 2005-84, p. 384-385.
Jansen, A.M.L. (2005). Noot bij: ABRvS (11-02-2005), (Voorlopige voorziening en doorbreking appelverbod). JB 2005-99, p. 480-481.
Jansen, A.M.L. (2005). Noot bij: ABRvS (02-03-2005), (Schriftelijkheid
besluit en verwijdering via bestuursdwang). JB 2005-114, p. 578-580.
Jansen, A.M.L. (2005). Noot bij: ABRvS (16-03-2005), (Beginselplicht tot
handhaving en verwijdering voertuig). JB 2005-124, p. 607.
Jansen, A.M.L. (2005). Noot bij: CRvB (04-03-2005), (Redelijke termijn
bestuurlijke fase en rechterlijke fase). JB 2005-153, p. 748-749.
Jansen, A.M.L. (2005). Noot bij: ABRvS (15-05-2005), (Examencommissie
geen bestuursorgaan). JB 2005-204, p. 1026-1027.
Jansen, A.M.L. (2005). Noot bij: ABRvS (08-06-2005), (Geen gevolg geven
aan rechterlijke uitspraak). JB 2005-235, p. 1140-1141.
Jansen, A.M.L. (2005). Noot bij: ABRvS (23-08-2005), (Toegang tot de
rechter). JB 2005-284, p. 1387-1388.
Jansen, A.M.L. (2005). Noot bij: ABRvS (12-10-2005), (In stand laten rechtsgevolgen na motiveringsgebrek). JB 2005-328, p. 1580-1581.
Jansen, A.M.L. (2006). Noot bij: HR (22-05-2005), (Belastingrechter formuleert regels redelijke termijn). AB 2006-11, p. 40-43.
Jansen, A.M.L. (2006). Noot bij: HR (08-07-2005), (Art. 6 EVRM ook voor
publiekrechtelijke lichamen?). AB 2006-17, p. 65-66.
Jansen, A.M.L. (2006). Noot bij: ABRvS (29-06-2005), (Geen vergoeding
immateriële schade; instandlating rechtsgevolgen). AB 2006-43, p. 235-236.
Jansen, A.M.L. (2006). Noot bij: CRvB (22-04-2005), (Vergoeding immateriële schade na overschrijding redelijke termijn). AB 2006-44, p. 241-243.
431
Wetenschappelijk verslag 2005-2007
Jansen, A.M.L. (2006). Noot bij: CRvB (13-06-2005), (Niet tijdig besluiten en
proceskosten). AB 2006-233, p. 1102-1104.
Jansen, A.M.L. (2006). Noot bij: CRvB (13-06-2005), (Nieuwe bip en proceskosten). AB 2006-234, p. 1107.
Jansen, A.M.L. (2006). Noot bij: CRvB (13-12-2005), (Ambtshalve toetsing).
AB 2006-300, p. 1473-1474.
Jansen, A.M.L. (2006). Noot bij: EHRM (15-12-2005), (Subjectieve partijdigheid). EHRC 2006-21, p. 228-230.
Jansen, A.M.L. (2006). Noot bij: EHRM (08-06-2006), (Klacht bij Constitutioneel Hof in verband met onredelijke vertraging een effectief rechtsmiddel?).
EHRC 2006-100, p. 918-919.
Jansen, A.M.L. (2006). Noot bij: EHRM (29-05-2006), (Eerlijk proces en
effectief rechtsmiddel; proceskostenvergoeding neemt slachtofferstatus niet
weg). EHRC 2006-134, p. 1255.
Jansen, A.M.L. (2006). Noot bij: ABRvS (15-12-2004), (In bezwaar wijziging
grondslag; procesgang vier jaar; fair play niet contra legem). Gst. 2006-52,
p. 185-186.
Jansen, A.M.L. (2006). Noot bij: CRvB (22-12-2005), (Vergoeding immateriële schade rechtspersoon). JB 2006-63, p. 314-315.
Jansen, A.M.L. (2006). Noot bij: HR (28-04-2006), (Weigeren te beschikken).
JB 2006-167, p. 843-844.
Jansen, A.M.L. (2006). Noot bij: HR (03-02-2006), (Onvoldoende motivering
gevolg onredelijke termijn). JB 2006-71, p. 366-367.
Jansen, A.M.L. (2006). Noot bij: EHRM (29-03-2006), (Schadevergoeding na
onverschrijding redelijke termijn). JB 2006-134, p. 665-667.
Jansen, A.M.L. (2006). Noot bij: ABRvS (27-03-2006), (Omgaan Afdeling:
niet-besluiten meegenomen in procedure). JB 2006-142, p. 744-745.
Jansen, A.M.L. (2006). Noot bij: ABRvS (17-05-2006), (Weigering melding;
wet geluidhinder). JB 2006-196, p. 978-979.
Jansen, A.M.L. (2007). Noot bij: ABRvS (14-03-2007), 213, (Aansluiting
ABRS bij HR). AB, p. 1096-1097.
Jansen, A.M.L. (2006). Noot bij: ABRvS (26-07-2006), (Geen schadevergoeding na bestuurlijk stilzitten). JB 2006-267, p. 1317-1319.
432
Publiekrechtelijke rechtsvergelijking
Jansen, A.M.L. (2006). Noot bij: CRvB (22-09-2006), (Spanning en frustatie
voorondersteld). JB 2006-312, p. 1532-1533.
Jansen, A.M.L. (2006). Noot bij: CRvB (10-10-2006), (Omgaan CRvB: mededeling wel een besluit). JB 2006-327, p. 1616-1617.
Jansen, A.M.L. (2007). Noot bij: ABRvS (18-01-2006), 33, (Rechtsgevolg,
besluitbegrip). AB, p. 220-221.
Jansen, A.M.L. (2007). Noot bij: ABRvS (06-06-2007), 220, (Aansluiting
ABRS bij CRvB: immateriële schade, spanning en frustratie verondersteld).
AB, p. 1141-1142.
Jansen, A.M.L. (2007). Noot bij: ABRvS (07-07-2006), 221, (Vergoeding
immateriële schade, spanning en frustratie verondersteld). AB, p. 1146.
Jansen, A.M.L. (2007). Noot bij: ABRvS (13-06-2007), 261, (Rechtsgevolg
schending redelijke-termijnwaarborg). AB, p. 1381-1382.
Jansen, A.M.L. (2007). Noot bij: EHRM (01-02-2007), (Vrijheid van vereniging, rechtspersoonlijkheid; traineren registratieaanvraag). EHRC 2007-57,
p. 549-550.
Jansen, A.M.L. (2007). Noot bij: EHRM (15-05-2007), (Uitputting nationale
rechtsmiddelen; effectief rechtsmiddel). EHRC 2007-123, p. 1218-1220.
Jansen, A.M.L. (2007). Noot bij: HR (08-12-2006), (Bevoegd ingediend
verweerschrift?; redelijke termijn). JB 2007-21, p. 160-162.
Keessen, A. (2005). Noot bij: ABRvS (21-07-2004), 19, AB, p. 130-135.
Keessen, A. (2005). Noot bij: ABRvS (20-05-2004), M en R 2005-84, p. 535537.
Keessen, A. (2007). Noot bij: HvJEG (09-11-2006), (C-243/05 P Agraz en
anderen tegen Commissie). O&A 2007-1, p. 37-38.
Keessen, A. (2007). Noot bij: GvEA (16-11-2006), (T-333/03 Masdar tegen
Commissie). O&A 2007-1, p. 38.
Keessen, A. (2007). Noot bij: GgvEA (13-12-2006), (T-138/03 E.R. en anderen
tegen Raad en Commissie). O&A 2007-1, p. 38-39.
Keessen, A. (2007). Noot bij: HvJEG (25-01-2007), (C-278/05 Carol Marilyn
Robins e.a. tegen Secretary of State for Work and Pensions). O&A 2007-2,
p. 75-76.
433
Wetenschappelijk verslag 2005-2007
Keessen, A. (2007). Noot bij: HvJEG (15-02-2007), (C-292/05 Eirini
Lechoritoy e.a. tege Dimosio tis Omospondiakis Dimokratias tis Gernamias).
O&A 2007-2, p. 76.
Keessen, A. (2007). Noot bij: HvJEG (17-04-2007), (C-470/03 A.G.M.-COS.
MET tegen Suomen valtio en Tarno Lehtinen). O&A 2007-3, p. 113-114.
Keessen, A. (2007). Noot bij: HvJEG (19-04-2007), (C-282/05 P Holcim tegen
Commissie). O&A 2007-3, p. 114.
Keessen, A. (2007). Noot bij: HvJEG (28-06-2007), (C-331/05 P Internationaler Hilfsfonds tegen Commissie). O&A 2007-5, p. 182.
Kiiver, P. (2005). Noot bij: ECHR (18-11-2004), (Ünal Tekeli v. Turkey).
EHRC 2005-6, p. 46-54.
Kiiver, P. (2005). Noot bij: ECHR (11-01-2005), (Py v. France). EHRC 2005-6,
p. 257-266.
Kiiver, P. (2005). Noot bij: ECHR (30-06-2005), (Jahn et al. v. Germany
(Grand Chamber)). EHRC 2005-6, p. 796-817.
Kiiver, P. (2007). Noot bij: ECHR (15-03-2007), (Velikovi et al. v. Bulgaria).
EHRC 2007-8, p. 577-600.
Kiiver, P. (2007). Noot bij: ECHR (07-06-2007), (Parti Nationaliste Basque –
Organisation Régionale d'Iparralde v. France). EHRC 2007-8, p. 821-835.
Linden, E.C.H.J. van der (2005). Noot bij: ABRS (19-11-2004), (Besluit; –
aanvraag). JB 2005-19, p. 68-71.
Linden, E.C.H.J. van der (2005). Noot bij: ABRS (24-11-2004), (Trechterwerking. Ultra petita). JB 2005-36, p. 176-177.
Linden, E.C.H.J. van der (2005). Noot bij: ABRS (05-01-2005), (Beslissing op
bezwaar; – mandaat. Mandaat; – burgemeestersmandaat). JB 2005-64, p. 315.
Linden, E.C.H.J. van der (2005). Noot bij: ABRS (19-01-2005), (Bezwaarschrift; – brief geldt als. Bezwaartermijn). JB 2005-80, p. 371-372.
Linden, E.C.H.J. van der (2005). Noot bij: ABRS (09-02-2005), (Partij; van
rechtswege. Belanghebbende). JB 2005-85, p. 384-385.
Linden, E.C.H.J. van der (2005). Noot bij: HR (18-02-2004), (Onverschuldigde
betaling. Onrechtmatige daad. Onverbindende regeling. Formele rechtskracht.
Besluit; – factuur). JB 2005-92, p. 453-456.
434
Publiekrechtelijke rechtsvergelijking
Linden, E.C.H.J. van der (2005). Noot bij: ABRS (02-03-2005), (Aanvraag;
buiten behandeling stellen. Bezwaar; – prematuur). JB 2005-119, p. 590-591.
Linden, E.C.H.J. van der (2005). Noot bij: ABRS (23-03-2005), (Omvang
geding; – na terugwijzing). JB 2005-143, p. 697.
Linden, E.C.H.J. van der (2005). Noot bij: ABRS (13-04-2005), (Openbaarmaking; – weigering. Misbruik van recht. Kwade trouw.). JB 2005-150, p. 723724.
Linden, E.C.H.J. van der (2005). Noot bij: ABRS (13-05-2005), (Aanvrager.
Belanghebbende. Besluit). JB 2005-168, p. 869-870.
Linden, E.C.H.J. van der (2005). Noot bij: ABRS (11-05-2005), (Naturalisatie.
Aanvraag; – buitenbehandeling laten). JB 2005-189, p. 968.
Linden, E.C.H.J. van der (2005). Noot bij: ABRS (24-05-2005), (Beslistermijn;
ontbreken wettelijk bepaalde. Beslistermijn; – toepassing van art. 6:2 sub b
Awb). JB 2005-194, p. 981-983.
Linden, E.C.H.J. van der (2005). Noot bij: ABRS (13-07-2005), (Toetsingskader; – ex art. 8:69 Awb. Uitspraak; – rechtskracht). JB 2005-255, p. 1236..
Linden, E.C.H.J. van der (2005). Noot bij: Vzg. CRvB (08-08-2005), (Koppelingsbeginsel; – zeer dringende redenen. Bijstandsverlening; – tbv minderjarige
kinderen van niet-rechthebbende ouders). JB 2005-271, p. 1315.
Linden, E.C.H.J. van der (2005). Noot bij: ABRS (14-09-2005), (Aanvraag; –
herhaalde. Aanvraag; – nieuwe is herhaalde. Aanvraag; – ruim begrip herhaalde.). JB 2005-300, p. 1467.
Linden, E.C.H.J. van der (2005). Noot bij: Nationale ombudsman (30-092005), (Besluit. Aanvraag. Ambtshalve beslissen. Fair play. Eenmalige regeling. Motivering. Rechtsmiddelenverwijzing). JB 2005-332, p. 1592-1593.
Linden, E.C.H.J. van der (2006). Noot bij: HR (14-10-2005), (Weigering
melkquotum. Geen gebondenheid aan stellingen in bestuurlijke procedure.
Prejudiciële vragen). JB 2006-1, p. 38-41.
Linden, E.C.H.J. van der (2006). Noot bij: ABRvS (17-01-2006), (Schorsing –
onderzoek ter zitting. Sluiting; – onderzoek. Toestemmingsvereiste, Fair trial).
JB 2006-58, p. 294.
Linden, E.C.H.J. van der (2006). Noot bij: CRvB (24-01-2006), (Koppelingsbeginsel; – buiten toepassing laten. Internationaal recht; – invloed op nationale
wet. Rechtmatig verblijf; – kinderen). JB 2006-66, p. 331.
435
Wetenschappelijk verslag 2005-2007
Linden, E.C.H.J. van der (2006). Noot bij: ABRvS (25-01-2006), (Inschrijving
GBA van gelegaliseerd document. Zorgvuldigheid. Informatieplicht). JB 200675, p. 376.
Linden, E.C.H.J. van der (2006). Noot bij: ABRvS (08-02-2006), (Belanghebbende; – afgeleid belang). JB 2006-79, p. 385.
Linden, E.C.H.J. van der (2006). Noot bij: CRvB (01-02-2006), (Termijn; – ter
post bezorging. Termijn; – frankeermachine). JB 2006-100, p. 461-462.
Linden, E.C.H.J. van der (2006). Noot bij: HR, derde kamer (17-03-2006),
(Bezwaar; – gronden). JB 2006-107, p. 519-520.
Linden, E.C.H.J. van der (2006). Noot bij: Nationale Ombudsman (05-042006), (Gebod van non-refoulement. Vreemdelingenbewaring. Presentatie; –
hangende beroepsprocedure). JB 2006-180, p. 905-906.
Linden, E.C.H.J. van der (2006). Noot bij: ABRvS (05-07-2006), (Procesorde.
Nadere stukken). JB 2006-248, p. 1229-1230.
Linden, E.C.H.J. van der (2006). Noot bij: ABRvS (18-09-2006), (Besluit; –
rechtsgevolg. Motivering; – nader. Rechtsgevolgen; – in stand laten). JB 200615, p. 1507-1508.
Loeffen, S. (2006). Noot bij: ECHR (23-03-2006), (nr. 38258/03). EHRC 200680, p. 744-747.
Lust, S. (2005). Duiding bij Arbitragehof nr. 56/2005, 8 maart 2005 (beroep tot
vernietiging van artikel 192bis DRO). Rechtspraak Antwerpen Brussel Gent,
790-793.
Lust, S. (2005). Het handhavingsdecreet gedeeltelijk vernietigd (rubriek ‘heet
van de naald’ – korte toelichting bij het arrest van het Arbitragehof nr. 14/2005,
19 januari 2005). Tijdschrift voor Ruimtelijke Ordening & Stedenbouw, 75-78.
Lust, S. (2005). Noot bij: Arbitragehof (19-01-2005), 14/2005, (Het handhavingsdecreet ná het arrest van het Arbitragehof nr. 14/2005 van 19 januari
2005). C.D.P.K., p. 151-162.
Lust, S. (2005). Noot bij: Arbitragehof (19-01-2005), 14/2005, (Het handhavingsdecreet gedeeltelijk vernietigd: over de ‘verjaring’ van de stedenbouwmisdrijven, de Hoge Raad voor het Herstelbeleid en de keuze van de herstelmaatregel). R.A.B.G., p. 373-382.
Lust, S. (2005). Noot bij: Raad van State (28-01-2004) en Rb. Brugge (05-012005), 127 512, (Strafbare inbreuken op of strijdigheden met plannen van
aanleg en ‘bestemmingsongevoeligheid’). R.A.B.G., p. 389-395.
436
Publiekrechtelijke rechtsvergelijking
Lust, S. (2005). Noot bij: Arbitragehof (24-11-2004), 191/2004, (De Raad van
State toch bevoegd voor het schorsen van impliciete weigeringsbeslissingen op
grond van artikel 14 § 3 R.v.St.-wet?). R.A.B.G., p. 430-433.
Lust, S. & Sutter, T. de (2005). Noot bij: Raad van State (18-09-2003), 123
043, (De relevantie van bufferzones voor de beoordeling van milieuvergunningsaanvragen). T.R.O.S., p. 49-52.
Niessen, N.J.A.P.B. (2005). Noot bij: Rapport Nationale ombudsman (17-112005), JB 2005-4, p. 427-428.
Niessen, N.J.A.P.B. (2006). Noot bij: Rapport Nationale ombudsman (09-112005), JB 2006-2, p. 242-246.
Niessen, N.J.A.P.B. (2006). Noot bij: Rapport Nationale ombudsman (09-112005), JB 2006-4, p. 409-413.
Niessen, N.J.A.P.B. (2006). Noot bij: Rapport Nationale ombudsman (07-082006), JB 2006-14, p. 1471-1475.
Nieuwenhuis, A.J. (2006). Noot bij: Vz. Rb. Amsterdam (24-11-2005), 2,
(Spandoek Verdonk). Mediaforum 2006-1, p. 23-24.
Nieuwenhuis, A.J. (2006). Noot bij: EHRM (02-05-2006), 18, (Tatlav c. Turquie). Mediaforum 2006-6, p. 185.
Peters, J.A. (2006). Noot bij: EHRM (17-11-2005), 249, (Metzger t. Duitsland).
NJ 2006-249, p. 2327.
Peters, J.A. (2006). Noot bij: EHRM (24-11-2005), 250, (Tourancheau t.
Frankrijk). NJ 2006-250, p. 2333-2344.
Velde, J. van der (2005). Noot bij: EHRM (10-11-2005), (Riccardi Pizaati
tegen Italie). EHRC 2005-22, p. 15.
Velde, J. van der (2005). Noot bij: EHRM (25-01-2005), (Enhorn tegen
Zweden). EHRC 2005-34, p. 342-343.
Velde, J. van der (2005). Noot bij: EHRM (01-03-2005), (Meriakri tegen
Moldavie). EHRC 2005-46, p. 461-462.
Velde, J. van der (2005). Noot bij: EHRM (24-03-2005), (Epple tegen
Duitsland). EHRC 2005-48, p. 472-473.
Velde, J. van der (2005). Noot bij: EHRM (29-03-2005), (Ukranian Media
Group tegen Oekraïne). EHRC 2005-49, p. 479-480.
437
Wetenschappelijk verslag 2005-2007
Velde, J. van der (2005). Noot bij: EHRM (05-04-2005), (Nevmerzhitsky tegen
Oekraïne). EHRC 2005-50, p. 495-496.
Velde, J. van der (2005). Noot bij: EHRM (26-05-2005), (Wolfmeyer tegen
Oostenrijk). EHRC 2005-71, p. 695.
Velde, J. van der (2005). Noot bij: EHRM (16-06-2005), (Storck tegen
Duitsland). EHRC 2005-82, p. 793-795.
Velde, J. van der (2005). Noot bij: EHRM (23-06-2005), (Zawadka tegen
Polen). EHRC 2005-90, p. 889-891.
Velde, J. van der (2005). Noot bij: EHRM (26-07-2005), (Siliadin tegen
Frankrijk). EHRC 2005-103, p. 1027-1030.
Velde, J. van der (2005). Noot bij: EHRM (28-09-2005), (Broniowski tegen
Polen). EHRC 2005-110, p. 1082-1084.
Velde, J. van der (2005). Noot bij: EHRM (06-10-2005), (Lukenda tegen
Slovenië). EHRC 2005-114, p. 1126-1127.
Velde, J. van der (2006). Noot bij: EHRM (15-11-2005), (Reinprecht tegen
Oostenrijk). EHRC 2006-5, p. 53.
Velde, J. van der (2006). Noot bij: EHRM (15-12-2005), (Epple tegen
Duitsland). EHRC 2006-22, p. 232.
Velde, J. van der (2006). Noot bij: EHRM (15-11-2005), (Jelicic tegen Bosnië
en Herzegovina). EHRC 2006-25, p. 254-255.
Velde, J. van der (2006). Noot bij: EHRM (08-03-2006), (Blecic tegen
Kroatië). EHRC 2006-49, p. 462-463.
Velde, J. van der (2006). Noot bij: EHRM (12-01-2006), (Içyer tegen Turkije).
EHRC 2006-51, p. 479-480.
Velde, J. van der (2006). Noot bij: EHRM (21-03-2006), (Salé tegen Frankrijk).
EHRC 2006-58, p. 538-539.
Velde, J. van der (2006). Noot bij: EHRM (29-03-2006), (Scordino tegen Italië
(nr. 1)). EHRC 2006-61, p. 584-586.
Velde, J. van der (2006). Noot bij: EHRM (04-07-2006), (Zarb tegen Malta).
EHRC 2006-108, p. 996-997.
Velde, J. van der (2006). Noot bij: EHRM (06-07-2006), (Baybasin tegen
Nederland). EHRC 2006-116, p. 1083-1085.
438
Publiekrechtelijke rechtsvergelijking
Velde, J. van der (2006). Noot bij: EHRM (18-07-2006), (Stefanec tegen
Tsjechië). EHRC 2006-120, p. 1135.
Velde, J. van der (2007). Noot bij: EHRM (26-07-2007), (Weber tegen
Zwitserland). EHRC 2007-121, p. 1194-1195.
Velde, J. van der (2006). Noot bij: EHRM (03-10-2006), (McKay tegen het
Verenigd Koninkrijk). EHRC 2006-131, p. 1233.
Velde, J. van der (2007). Noot bij: EHRM (11-09-2007), (Teren Aksakal tegen
Turkije). EHRC 2007-130, p. 1278-1282.
Velde, J. van der (2007). Noot bij: EHRM (08-03-2007), (Thiermann e.a. tegen
Noorwegen). EHRC 2007-136, p. 1332-1333.
Velde, J. van der (2007). Noot bij: EHRM (01-10-2007), (Verein gegen
Tierfabriken Schweiz (VGT) tegen Zwitserland). EHRC 2007-140, p. 1362.
Velde, J. van der (2007). Noot bij: EHRM (25-10-2007), (Van Vondel tegen
Nederland). EHRC 2007-145, p. 1417.
Verheij, N. (2007). Noot bij: HvJEG (21-06-2007), JB 2007-142, p. 712-717.
Verheij, N. (2007). Noot bij: HR (05-10-2007), JB 2007-217, p. 1044-1045.
Verhey, L.F.M. (2005). Noot bij: EHRM (10-11-2005), (Leyla Sahin tegen
Turkije). EHRC, p. 15.
Verhey, L.F.M. (2006). Noot bij: EHRM (10-11-2005), (Leyla Sahin tegen
Turkije. Vrijheid van godsdienst. Verbod op dragen van hoofddoekjes aan
universiteit. Grand Chamber). EHRC 2006-2, p. 131-153.
Wenders, D.W.M. (2005). Noot bij: CRvB (01-12-2004), JB 2005-51, p. 226227.
Wenders, D.W.M. (2005). Noot bij: HR (22-04-2005), JB 2005-166, p. 862864.
Wenders, D.W.M. (2005). Noot bij: Rb. Breda (30-03-2005), JB 2005-201,
p. 1010-1012.
Wenders, D.W.M. (2005). Noot bij: CRvB (01-06-2005), JB 2005-237,
p. 1147-1148.
Wenders, D.W.M. (2006). Noot bij: Rb. Leeuwarden (10-10-2005), JB 200625, p. 130-132.
439
Wetenschappelijk verslag 2005-2007
Wenders, D.W.M. (2006). Noot bij: CRvB (22-11-2005), JB 2006-37, p. 203204.
Wenders, D.W.M. (2006). Noot bij: CRvB (28-12-2005), JB 2006-64, p. 317319.
Wenders, D.W.M. (2006). Noot bij: Rb. Middelburg (07-03-2006), JB 2006104, p. 484-486.
Wenders, D.W.M. (2006). Noot bij: ABRvS (26-04-2006), JB 2006-184,
p. 937-939.
Wenders, D.W.M. (2006). Noot bij: ABRvS (12-07-2006), JB 2006-268,
p. 1320-1323.
Wenders, D.W.M. (2006). Noot bij: CRvB (22-09-2006), USZ 2006-343,
p. 1152-1154.
Wenders, D.W.M. (2007). Noot bij: EHRM (09-01-2007), (Salah Sheekh t.
Nederland). JB 2007-52, p. 301-305.
Wenders, D.W.M. (2007). Noot bij: ABRS (09-02-2007), JB 2007-68,
p. 365-370.
Westelaken, R. van de (2007). Noot bij: EHRM (02-10-2007), 39541/98,
(Dölek t. Turkije). EHRC 2007-133, p. 1298-1311.
Widdershoven, R.J.G.M. (2005). Noot bij: HvJEG (11-11-2004), 66, (C-171/03
(Toeters en Verberk)). AB, p. 421-431.
Widdershoven, R.J.G.M. (2005). Noot bij: ABRvS (12-01-2005), 75, AB,
p. 483-487.
Widdershoven, R.J.G.M. (2005). Noot bij: HR (17-12-2004), 697, AB, p. 6672268.
Widdershoven, R.J.G.M. (2005). Noot bij: HR (18-02-2005), 119, AB, p. 722729.
Widdershoven, R.J.G.M. (2005). Noot bij: HR (01-04-2005), 246, AB, p. 13291333.
Widdershoven, R.J.G.M. (2005). Noot bij: HvJEG (21-04-2005), 349, (C186/04 (Housieaux)). AB, p. 1849-1854.
Widdershoven, R.J.G.M. (2005). Noot bij: HvJEG (20-01-2005), 351, (C295/03 (Glaxosmithkline)). AB, p. 1862-1868.
440
Publiekrechtelijke rechtsvergelijking
Widdershoven, R.J.G.M. (2005). Noot bij: HR (17-06-2005), 359, AB, p. 18931895.
Widdershoven, R.J.G.M. (2005). Noot bij: ABRvS (29-06-2005), 365, AB,
p. 1929-1933.
Widdershoven, R.J.G.M. (2005). Noot bij: HvJEG (20-01-2005), 351, (C245/03 (Merck, Sharp & Dohme)). AB, p. 1954-1962.
Widdershoven, R.J.G.M. (2005). Noot bij: HR (08-07-2005), 407, AB, p. 21752177.
Widdershoven, R.J.G.M. (2005). Noot bij: HR (11-11-2005), 436, AB, p. 23112314.
Widdershoven, R.J.G.M. (2005). Noot bij: HvJEG (20-10-2005), 425, AB,
p. 2259-2268.
Widdershoven, R.J.G.M. (2006). Noot bij: ABRvS (07-12-2005), 67, AB,
p. 365-371.
Widdershoven, R.J.G.M. (2006). Noot bij: HR (03-02-2006), 117, AB, p. 563567.
Widdershoven, R.J.G.M. (2006). Noot bij: ABRvS (15-02-2006 & 16-112005), 118-119, AB, p. 567-587.
Widdershoven, R.J.G.M. (2006). Noot bij: HvJEG (13-09-2005), 182, (Zaak
C/495-03). AB, p. 827-838.
Widdershoven, R.J.G.M. (2006). Noot bij: HvJEG (16-03-2006), 191, (Zaak
C/234/04). AB, p. 883-888.
Widdershoven, R.J.G.M. (2006). Noot bij: HvJEG (06-04-2006), 204, (Zaak C274/04). AB, p. 949-954.
Widdershoven, R.J.G.M. (2006). Noot bij: ABRvS (12-06-2006; 21-6-2006 &
09-08-2006), 338-339-340, AB, p. 1661-1675.
Widdershoven, R.J.G.M. (2006). Noot bij: HvJEG (15-06-2006), 390, (Zaak C28/05). AB, p. 1917-1930.
Widdershoven, R.J.G.M. (2006). Noot bij: HvJEG (13-07-2006), 404, (Zaak C295/04 t/m C-298/04). AB, p. 2005-2021.
Widdershoven, R.J.G.M. (2006). Noot bij: HvJEG (19-09-2006), 411, (Zaak C422/04). AB, p. 2059-2069.
441
Wetenschappelijk verslag 2005-2007
Widdershoven, R.J.G.M. (2007). Noot bij: HR (16-02-2007), AB 2007-138,
p. 771-774.
Widdershoven, R.J.G.M. (2007). Noot bij: ABRvS (21-03-2007), AB 2007-139,
p. 775-784.
Widdershoven, R.J.G.M. (2007). Noot bij: ABRvS (18-04-2007), AB 2007-173,
p. 927-932.
Widdershoven, R.J.G.M. (2007). Noot bij: ABRvS (25-04-2007), AB 2007-174,
p. 933-935.
Widdershoven, R.J.G.M. (2007). Noot bij: ABRvS (09-05-2007), AB 2007-182,
p. 965-972.
Widdershoven, R.J.G.M. (2007). Noot bij: ABRvS (28-02-2007), AB 2007-183,
p. 963-965.
Widdershoven, R.J.G.M. (2007). Noot bij: HvJEG (07-06-2007), (gevoegde
zaken C-222/05 t/m C-225/05). AB 2007-228, p. 1195-1205.
Widdershoven, R.J.G.M. (2007). Noot bij: HR (10-08-2007), AB 2007-291,
p. 1523-1540.
Widdershoven, R.J.G.M. (2007). Noot bij: ABRvS (05-09-2007), AB 2007-319,
p. 1693-1700.
Woltjer, A.J.Th. (2005). Noot bij: EHRM (30-11-2004), (Öneryildiz t. Turkije).
AB 2005-43, p. 308-311.
Woltjer, A.J.Th. (2005). Noot bij: EHRM (26-04-2005), (Müslim t. Turkije).
EHRC 2005-7 (67), p. 670-677.
Woltjer, A.J.Th. (2005). Noot bij: EHRM (26-04-2005), (Üner t. Nederland).
EHRC 2005-9 (92), p. 919-920.
Woltjer, A.J.Th. (2005). Noot bij: EHRM (05-07-2005), (Said t. Nederland).
EHRC 2005-9 (93), p. 926-928.
Woltjer, A.J.Th. (2005). Noot bij: EHRM (15-09-2005), (Bonger t. Nederland).
EHRC 2005-11 (108), p. 1068-1069.
Woltjer, A.J.Th. (2005). Noot bij: EHRM (27-10-2005), (Keles t. Duitsland).
EHRC 2005-11 (122), p. 1205-1206.
Woltjer, A.J.Th. (2006). Noot bij: EHRM (01-12-2005), (Tuquabo Tekle t.
Nederland). EHRC 2006-1, nr. 9, p. 92-94.
442
Publiekrechtelijke rechtsvergelijking
Woltjer, A.J.Th. (2006). Noot bij: EHRM (17-01-2006), (Aristimuño Mendizabal t. Frankrijk). EHRC 2006-3, nr. 31, p. 293-294.
Woltjer, A.J.Th. (2006). Noot bij: EHRM (31-01-2006), (Sezen t. Nederland).
EHRC 2006-3, nr. 34, p. 309-310.
Woltjer, A.J.Th. (2006). Noot bij: EHRM (31-01-2006), (Rodrigues da Silva en
Hoogkamer t. Nederland). EHRC 2006-3, nr. 35, p. 315-316.
Woltjer, A.J.Th. (2006). Noot bij: EHRM (31-01-2006), (Z. en T. t. V.K.).
EHRC 2006-5, nr. 65, p. 613-614.
Woltjer, A.J.Th. (2006). Noot bij: EHRM (11-04-2006), (Useinov t. Nederland). EHRC 2006-7, nr. 93, p. 847-848.
Woltjer, A.J.Th. (2006). Noot bij: HvJEG (27-06-2006), (Europees Parlement t.
Raad en Commissie). EHRC 2006-8, nr. 95, p. 868-870.
Woltjer, A.J.Th. (2006). Noot bij: EHRM (08-06-2006), (Lupsa t. Roemenië).
EHRC 2006-8, nr. 98, p. 890-892.
Woltjer, A.J.Th. (2006). Noot bij: EHRM (11-07-2006), (Saadi t. VK). EHRC
2006-10, 117, p. 1095-1096.
Woltjer, A.J.Th. (2006). Noot bij: EHRM (10-08-2006), (Olaechea Cahuas t.
Spanje). EHRC 2006-11, 128, p. 1205-1206.
Woltjer, A.J.Th. (2006). Noot bij: EHRM (12-10-2006), (Mubilanzila Mayeka
en Kaniki Mitunga t. België). EHRC 2006-12, 144, p. 1362-1363.
Woltjer, A.J.Th. (2006). Noot bij: EHRM (18-10-2006), (Üner t. Nederland,
GC). EHRC 2006-12, 146, p. 1384-1387.
Woltjer, A.J.Th. (2006). Noot bij: ABRvS (09-11-2005), 200503854, Gst.
2006-15, p. 54-55.
Woltjer, A.J.Th. (2006). Noot bij: EHRM (18-10-2006), (Rodrigues da Silva en
Hoogkamer t. Nederland). NJCM-bulletin 2006-31, nr. 6, p. 849-851.
Woltjer, A.J.Th. (2007). Noot bij: HvJEG (09-01-2007), 143, (Jia vs. Sweden).
SEW 2007-8, p. 303-305.
Woltjer, A.J.Th. (2007). Noot bij: EHRM (11-01-2007), 36, (Salah Sheekh vs.
the Netherlands). EHRC 2007-3, p. 362-365.
Woltjer, A.J.Th. (2007). Noot bij: EHRM (20-09-2007), (Sultani t. Frankrijk).
NAV 2007-44, p. 436-437.
443
Wetenschappelijk verslag 2005-2007
Woltjer, A.J.Th. (2007). Noot bij: EHRM (22-03-2007), 64, (Maslov vs.
Austria). EHRC 2007-5, p. 620-621.
Woltjer, A.J.Th. (2007). Noot bij: EHRM (20-04-2007), 75, (Gebremedhin vs.
France). EHRC 2007-6, p. 714-715.
Woltjer, A.J.Th. (2007). Noot bij: EHRM (08-03-2007), 79, (Collins and
Akaziebie vs. Zweden). EHRC 2007-6, p. 740-741.
Woltjer, A.J.Th. (2007). Noot bij: HvJEG (07-06-2007), 81, (Commission vs.
the Netherlands). EHRC 2007-7, p. 760-761.
Zwiers, M. (2005). Noot bij: EHRM (15-03-2005), (Veermäe tegen Finland).
EHRC 2005-17, p. 614-620.
Zwiers, M. (2006). Noot bij: EHRM (23-02-2006), (Tzekov tegen Bulgarije).
EHRC 2006-4, p. 395-404.
Zwiers, M. (2006). Noot bij: HvJ (09-03-2006), (Criminal Proceedings against
Van Esbroeck). EHRC 2006-6, p. 496-506.
Zwiers, M. (2006). Noot bij: HvJ (28-09-2006), (Gasparini e.a. & Van
Straaten). EHRC 2006-12, p. 1287-1299.
Zwiers, M. (2007). Noot bij: GEA-EG (04-10-2006), T-193/04, (Hans-Martin
Tillack tegen Europese Commissie). EHRC 2007-1, p. 6-20.
Zwiers, M. (2007). Noot bij: HvJ (03-05-2007), C-303/05, (Advocaten voor de
Wereld). EHRC 2007-7, p. 747-755.
PUBLICATIES ‘GASTONDERZOEKERS’
Storme, M.E. (20-06-2007). Pleidooi voor een staatshervorming met twee
snelheden. De Standaard.
Storme, M.E. (06-11-2007). Dewael's bedrieglijke rechtsvergelijking. De
Standaard.
OVERIGE PUBLICATIES
Hoetjes, B.J.S. (2006). Castricum en de internationale samenwerking –
beschrijving, beoordeling, verkenning van nieuwe wegen. Castricum: Gemeente
Castricum.
Peters, J.A. (16-03-2006). Uitspraak Hofstadgroep: negatief voor de vrijheid
van meningsuiting. De Volkskrant.
444
BIJLAGE BIJ PUBLIEKRECHTELIJKE RECHTSVERGELIJKING
ACTIVITEITENPLAN MONTESQUIEU-INSTITUUT MAASTRICHT
2008-2009
1. Inleiding: het Montesquieu-instituut
In mei 2007 is met financiële steun van diverse overheidsinstellingen1 het Montesquieu-instituut opgericht. Het instituut zal zich richten op onderzoek, onderwijs en kennisoverdracht op het terrein van Europese parlementaire geschiedenis en constitutionele ontwikkeling van parlementen. Naast de hoofdvestiging
in Den Haag is in Maastricht een nevenvestiging opgericht. Deze zal zijn verbonden aan de Faculteit der Rechtsgeleerdheid van de Universiteit Maastricht.
In het onderhavige activiteitenplan zal specifiek worden ingegaan op de
werkzaamheden die binnen de Maastrichtse vestiging in de komende jaren zullen worden verricht. Deze zullen vanwege de gewenste aanloopperiode vanaf
begin 2008 hun beslag krijgen. Aan de beschrijving van de activiteiten gaat een
korte beschouwing over de grondgedachten die aan het instituut en diens werkzaamheden ten grondslag liggen.
2. Grondgedachten
2.1. Europa: een democratisch tekort
De laatste jaren lijkt het integratieproces in Europa te stagneren. Het Nederlandse en Franse ‘nee’ tegen de Europese Grondwet waren daarvoor symptomatisch. Een van de belangrijkste kritiekpunten betreft het ‘democratisch deficit’ in de Europese besluitvorming. Burgers voelen zich niet of onvoldoende
betrokken bij de besluiten die in het kader van de Europese Unie worden genomen. Inspanningen van Europese instellingen en politici om in die situatie
verandering te brengen, hebben tot nog toe weinig opgeleverd. Integendeel, de
laatste jaren is het draagvlak voor Europa eerder af- dan toegenomen.
Een opvallend en steeds terugkerend element in het debat over het ‘democratisch deficit’ betreft de positie van parlementen; parlementen worden immers vaak beschouwd als de cruciale factor waar het gaat om de versterking
van de democratie in Europa. In de Europese context gaat de aandacht van
oudsher uit naar het Europees Parlement. In de loop der jaren is diens positie
onder meer bij de totstandkoming van Europese wetgeving geleidelijk versterkt. Pleidooien voor verdere versterking kunnen regelmatig worden gesignaleerd. Daarnaast zijn de nationale parlementen de laatste jaren nadrukkelijk in
1
Ministerie van OCW, de gemeentes Den Haag en Maastricht, de provincie Limburg en de
Universteit Maastricht.
445
Wetenschappelijk verslag 2005-2007
opkomst. Aan hen wordt een steeds belangrijkere rol toegedicht als het gaat om
de beoordeling van de subsidiariteit en de evenredigheid van Europese regels.
2.2. De zwakke positie van parlementen in Europa
Toch zijn de parlementen er tot nu toe niet in geslaagd een toereikend draagvlak voor het Europese integratieproces te bewerkstelligen. Dat hangt samen
met de inherent zwakke positie van parlementen in het Europese besluitvormingsproces.
Dit geldt in de eerste plaats voor het Europese Parlement. Diens positie
blijft, ondanks bevoegdheidsuitbreidingen, relatief zwak. De opkomst bij Europese verkiezingen is nog steeds laag. De Europese verkiezingen worden via de
nationale politieke partijen georganiseerd en in belangrijke mate beheerst door
nationale thema's. De uitkomst van de Europese verkiezingen is niet bepalend
voor de totstandkoming van een Europese regering of een Europees beleidsprogramma. Onder deze omstandigheden kan het Europees Parlement een stevige
democratische worteling van de Europese samenwerking niet waarborgen.
Maar ook nationale parlementen hebben deze lacune niet kunnen opvullen.
In nationale parlementen is er doorgaans weinig belangstelling voor Europese
thema's De animo om het optreden van de eigen regering in de Europese Raad
van Ministers te controleren, is vaak gering. De procedures die nationale parlementen toepassen teneinde de Europese besluitvorming te beïnvloeden lopen
sterk uiteen en hebben vaak weinig effect. Ook de samenwerking tussen de
nationale parlementen is nog zwak ontwikkeld. De Conferentie van commissies
voor Europese zaken van de parlementen van de Europese Unie (COSAC) heeft
tot dusverre weinig concrete resultaten geboekt.
De situatie wordt nog complexer indien in ogenschouw wordt genomen dat
met het oog op het Europese integratieproces de belangen van de nationale parlementen en het Europees Parlement niet altijd parallel lopen. Daarbij speelt de
institutionele context een rol. Vanuit zijn positie als supranationaal orgaan is
het Europees Parlement in samenspraak met de Europese Commissie relatief
snel geneigd te kiezen voor Europese oplossingen. Nationale parlementen daarentegen zullen vanuit het intergouvernementele perspectief en het subsidiariteitsbeginsel eerder de voorkeur geven aan maatregelen op het niveau van de
lidstaten. Aldus bezien kan verschillend worden gedacht over de vraag of versterking van de positie van het Europees Parlement dan wel die van de nationale parlementen al dan niet bijdraagt aan het reduceren van het veronderstelde
‘democratisch deficit’.
De zwakke positie van parlementen in het Europese besluitvormingsproces
dient ten slotte te worden gezien tegen de bredere achtergrond van een afbrokkeling van het gezag van parlementen in algemene zin. De democratische legitimatie van de nationale parlementen in de lidstaten neemt af door in het algemeen dalende opkomsten bij verkiezingen sinds de jaren zestig (alhoewel de
laatste jaren het beeld wat diffuser wordt), teruglopende ledenaantallen bij politieke partijen en overdracht van bevoegdheden. Alternatieve vormen van democratie door onder meer de introductie van moderne ‘governance’-strategieën
446
Bijlage: Activiteitenplan Montesquieu-instituut Maastricht
winnen terrein. Als het gaat om het bevorderen van draagvlak bij de burgers en
het mede bepalen van de koers van het overheidsoptreden moeten parlementen
in toenemende mate concurreren met andere overheidsinstellingen en maatschappelijke organisaties.
2.3. Parlementaire stelsels in Europa: een gemeenschappelijk perspectief
De bescheiden bijdrage van parlementen aan de Europese besluitvorming hangt
samen met vele factoren. Wat echter ongetwijfeld een belangrijke rol speelt is
een gebrek aan kennis en onderling inzicht in de parlementaire culturen en stelsels van de EU-lidstaten. Politici, bestuurders, ambtenaren en burgers dragen
eerst en vooral kennis van het eigen nationale stelsel en hun aandacht in de dagelijkse praktijk is ook primair daarop gericht. Voor de Europese besluitvorming is echter in toenemende mate van belang om over de grenzen heen te kijken naar tradities en praktijken in andere parlementaire stelsels; het debat en de
besluitvorming elders hebben geleidelijk steeds meer invloed gekregen op wat
er in het eigen stelsel gebeurt.
Om te komen tot een beter begrip van elkaars stelsels is er een grote behoefte aan vergelijkend wetenschappelijk onderzoek naar de parlementaire stelsels
in Europa. Kennis van de historie, de inrichting, de bevoegdheden en de werkwijze van parlementen kan een fundamentele bijdrage leveren aan het functioneren van parlementen, zowel in Nederland zelf als daarbuiten. Het kan bovendien de kwaliteit van de nationale en de Europese wetgeving ten goede komen.
Daarbij dient naast de parlementen van de lidstaten ook het Europees Parlement
als rechtstreeks gekozen instelling op het Europese niveau te worden betrokken.
De activiteiten van het Montesquieu-instituut vloeien hieruit voort. De
grondgedachte daarvan is dat door middel van vergelijkend onderzoek naar
parlementaire stelsels in Europa gemeenschappelijke tradities, beginselen en
praktijken worden opgespoord, geanalyseerd en beschreven. De verkregen inzichten kunnen bijdragen aan:
-
een proces van bewustwording met betrekking tot de gemeenschappelijke
wortels van de parlementaire stelsels in Europa;
een gemeenschappelijke verstandhouding omtrent hoe parlementaire beraadslaging en besluitvorming plaatsvindt;
de vaststelling en uitwisseling van ‘best practices’ tussen de onderscheidene
stelsels;
de toekomstige ontwikkeling van parlementaire regels en gebruiken.
Om deze effecten te maximaliseren is het noodzakelijk de opgedane kennis te
valoriseren. De activiteiten van het instituut betreffen dus zowel het doen van
wetenschappelijk onderzoek als het onder de aandacht brengen van de resultaten daarvan bij politici, bestuurders, ambtenaren, journalisten en studenten.
447
Wetenschappelijk verslag 2005-2007
2.4. Parlementaire stelsels in Europa: de bredere context
De te verrichten activiteiten betreffen niet alleen het nationale, maar ook het
Europese niveau. De stelsels op de verschillende niveaus zullen echter niet separaat worden onderzocht, maar in hun onderlinge samenhang. Dat is nodig
vanwege de intensieve interactie tussen deze niveaus. Er vindt beïnvloeding
plaats in twee richtingen. Enerzijds is er de invloed van het Europese integratieproces op de nationale stelsels. Europese integratie leidt tot harmonisatie van
nationale regels en praktijken. In de parlementaire praktijk kan zich dat bijvoorbeeld voordoen bij de beïnvloeding van de opstelling van de nationale regeringen in de Raad of bij de wijze van implementatie van Europese regelgeving. Van belang is om te onderzoeken hoe het Europese integratieproces ingrijpt op parlementaire tradities en praktijken die van oudsher uitsluitend in de
context van het nationale stelsel werden bepaald.
Beïnvloeding vindt ook in omgekeerde richting plaats. Europese besluitvorming wordt in belangrijke mate beheerst door de lidstaten en de opvattingen
en culturen die binnen de lidstaten zijn ontwikkeld. Dat geldt ook voor de wijze
waarop de besluitvorming wordt ingericht en de democratisch principes die
daarbij behoren te gelden. Dat laatste komt tot uitdrukking in artikel 6 van het
Verdrag betreffende de Europese Unie waarin is bepaald dat de Europese Unie
is gegrondvest op de beginselen van democratie en rechtsstaat, ‘welke beginselen de lidstaten gemeen hebben’. Het ligt derhalve voor de hand om nader te
bezien in hoeverre bij de inrichting van de Europese besluitvorming kan en
moet worden voortgebouwd op de gemeenschappelijke democratische beginselen die in de loop van vele jaren in de parlementaire stelsels van de lidstaten tot
wasdom zijn gekomen en tot een bestendige praktijk zijn uitgegroeid.
De wetenschappelijke activiteiten zullen zich niet kunnen beperken tot de
positie van parlementen ‘sec’. Wezenlijk is de gedachte die reeds door Montesquieu is verwoord dat de staatsmachten niet strikt van elkaar gescheiden zijn,
maar in onderlinge afhankelijkheid taken en bevoegdheden uitoefenen. Om
machtsmisbruik te voorkomen zijn in het constitutionele bestel ‘checks and
balances’ ingebouwd die de staatsmachten dienen te beteugelen. Dat geldt ook
voor het parlement. Vanuit dat perspectief is van belang de positie van parlementen mede te bezien in hun relatie tot anderen. In de complexiteit die de moderne parlementaire stelsels kenmerkt betekent dit dat onderwijs en onderzoek
op het terrein van parlementen in brede zin een veelheid aan actoren in beeld
kan brengen, zoals politieke partijen, ministeries, zelfstandige bestuursorganen,
de rechterlijke macht, de media en belangenorganisaties. Onderwijs en onderzoek kunnen derhalve betrekking hebben op de werking van (elementen van)
parlementaire stelsels in brede zin.
448
Bijlage: Activiteitenplan Montesquieu-instituut Maastricht
3. Montesquieu-instituut Maastricht
3.1 Doelstellingen en activiteiten
Tegen de achtergrond van de hiervoor geformuleerde grondgedachten hebben
de activiteiten van het Maastrichtse Montesquieu-instituut een tweeledige doelstelling:
a. Versterking onderzoek
Onderzoekers in onderlinge samenwerking te stimuleren tot vergelijkend onderzoek naar de verschillende parlementaire stelsels en hun actoren in Europa
en de wijze waarop deze actoren de Europese besluitvorming beïnvloeden.
Voorts zal het onderzoek zich richten op de wijze waarop die besluitvorming in
de nationale parlementaire stelsels worden ingepast.
b. Stimulering kennisoverdracht
Onderwijs geven aan studenten en aan specifieke doelgroepen, zoals bijvoorbeeld politici, ambtenaren en journalisten met betrekking tot de inrichting en
besluitvorming binnen parlementaire stelsels in Europa. Kennisoverdracht en
valorisatie zal voorts plaatsvinden door de organisatie van congressen, workshops en ‘round table’-bijeenkomsten met binnenlandse en buitenlandse gasten.
De activiteiten van de Maastrichtse vestiging zullen voor de jaren 2008 en 2009
op beide genoemde terreinen liggen; de nadruk zal liggen op het verrichten van
onderzoek, leidende tot publicaties, en het organiseren van bijeenkomsten met
uiteenlopende doelstellingen (congressen, workshops en ‘round table’-bijeenkomsten).
Nog nader zal worden bezien in hoeverre de activiteiten vanaf 2009 kunnen
worden uitgebreid. Daarbij valt ook te denken aan de ontwikkeling van onderwijsactiviteiten. Een en ander is afhankelijk van de mate waarin de komende
tijd aanvullende financiering voor het instituut als geheel en de Maastrichtse
vestiging in het bijzonder, kan worden gerealiseerd.
3.2. Inbedding binnen het Montesquieu-instituut
De Maastrichtse vestiging van het Montesquieu-instituut zal worden gesitueerd
bij de Faculteit der Rechtsgeleerdheid van de Universiteit Maastricht. Binnen
de universiteit zal worden samengewerkt met collega's van de Faculteit der Cultuurwetenschappen (European Studies). Voor de Maastrichtse vestiging is
voorshands een bedrag beschikbaar van 350.000 euro per jaar voor een periode
van 5 jaar (zie bijlage ).
De activiteiten in Maastricht zullen plaatsvinden binnen de kaders van het
instituut als geheel en in samenspraak met de daarin participerende partners.
Mede gezien de bij de Faculteit der Rechtsgeleerdheid van de Universiteit
Maastricht aanwezige expertise, ligt een zekere nadruk in het onderzoek op het
449
Wetenschappelijk verslag 2005-2007
constitutionele recht. In dat opzicht onderscheidt het Maastrichtse onderzoek
zich van het onderzoek dat elders binnen de kaders van het Montesquieuinstituut als geheel plaatsvindt. Indien het gaat om de onderlinge taakverdeling
zal bij de activiteiten in Den Haag de nadruk liggen op de vergelijkende parlementaire geschiedenis, terwijl in Maastricht de aandacht primair zal uitgaan
naar de vergelijkende en Europese constitutionele aspecten van parlementen.
Beide componenten vullen elkaar aan, hetgeen in de nog nader vorm te geven
samenwerking tot uitdrukking zal komen.
Het Montesquieu-instituut zal worden geleid door een bestuur waarin ook
de Universiteit Maastricht is vertegenwoordigd. Het bestuur legt via een Raad
van toezicht verantwoording af aan de financiers. Inhoudelijke activiteiten zullen in de vorm van een jaarprogrammering worden voorgelegd aan het de Wetenschappelijke Raad van Advies van het instituut. Over de precieze invulling
van de bestuursstructuur zal nog overleg plaatsvinden.
Het instituut maakt deel uit van een breder initiatief om te komen tot een
samenwerking van alle in de Europese Unie aanwezige, wetenschappelijke instituten op het terrein van parlementaire geschiedenis en constitutionele ontwikkeling. Het netwerk start met de deelname van vier Nederlandse universiteiten (Leiden2, Nijmegen3, Groningen4 en Maastricht5) door middel van hun aan
Montesquieu gelieerde instellingen. De komende jaren zal er naar gestreefd
worden om met financiële steun van de Europese Commissie het initiatief verder uit te bouwen tot een Europese netwerkorganisatie.
3.3. Onderzoeksomgeving
De hiervoor beschreven grondgedachten van het Montesquieu-instituut sluiten
aan bij de filosofie van het Maastrichtse publiekrechtelijke onderzoeksprogramma. De kern van dit programma, zoals dat thans in het kader van de onderzoeksschool Ius Commune bij de Faculteit der Rechtsgeleerdheid in Maastricht in samenwerking met andere faculteiten wordt uitgevoerd, is dat door
middel van rechtsvergelijkend onderzoek de gemeenschappelijke constitutionele tradities, beginselen en rechtsfiguren worden opgespoord, geanalyseerd en
beschreven en dat vervolgens wordt nagegaan of en zo ja, op welke wijze de
toekomstige constitutionele vormgeving van de Europese Unie alsmede andere
relevante internationale organisaties, op deze tradities kunnen worden gebaseerd. Deze benadering en de wijze waarop deze aan de Universiteit Maastricht
op constitutioneel gebied is ontwikkeld, kan binnen het kader van het Maastrichtse Montesquieu-instituut worden uitgebouwd met een vernieuwende toespitsing op de positie van parlementen.
2
3
4
5
De Haagse campus, alsmede het Parlementair Documentatie Centrum (PDC) in Den Haag.
Centrum voor Parlementaire Geschiedenis (CPG).
Documentatiecentrum Nederlandse Politieke Partijen (DNPP).
Capaci