Deeleconomie

Comments

Transcription

Deeleconomie
Deeleconomie
no. 08
29 januari 2015
Onafhankelijk magazine van Tilburg University
02. Waar
tekst Jozien Wijkhuijs fotografie Marieke Plasier
Geweldig die
OV-kaart! Als ik
hem niet gebruik,
krijg ik geld toe
Column
Uitslapen
Maastricht gaat studenten belonen die graag uitslapen. Per dag
krijgen zij 4 euro wanneer ze het openbaar vervoer in de ochtendspits mijden, met een maximum van 600 euro per jaar.
Ik heb het eens opgezocht: de ambtenaren in Den Haag betalen
de Nederlandse Spoorwegen 680 euro per student per jaar om
hem ín het openbaar vervoer te krijgen. Tegelijkertijd betalen ambtenaren in Maastricht diezelfde student 600 euro per
jaar om hem úit het openbaar vervoer te houden. Het lijkt me
heerlijk om dit thuis aan je ouders te vertellen. “Pa, ma, helemaal
geweldig die OV-kaart! Als ik hem niet gebruik, krijg ik geld toe!”
Tot zover het goede nieuws. Vorig jaar besloot het kabinet dat
ook minderjarige mbo’ers (160.000 in aantal) een OV-studentenkaart krijgen. Kunnen ze fijn met de trein naar school. Dat aantal
komt dus bovenop de 660.000 studenten die nu al van de kaart
gebruik maken. Tegelijkertijd wil het kabinet bezuinigen door
alle studenten uit de ochtendspits te weren. Onnavolgbaar. Alsof
je als fulltime student iets hebt aan een kaart waarmee je pas na
9 uur ’s ochtends mag reizen.
Waar is Univers
Smijten met verf
Univers is overal. Misschien ook wel bij jou in de buurt.
“Swag zit tussen je oren”, valt er in schreeuwend gifgroen te lezen op de muur van
het atelier van Dewy Baak. Dat is goed om te weten als je een witte overall met
verfvlekken moet aantrekken en blauwe plastic zakjes om je schoenen moet doen,
terwijl je probeert je waardige houding te bewaren. De personeelsvereniging heeft
de kunstenares gevraagd om een workshop Action Painting te verzorgen en daar
zijn vooral de vrouwelijke leden warm voor gelopen. In het begin houdt één man
moedig stand tussen het oestrogeengeweld. Later glipt er door een zijdeur nog
een mannelijke deelnemer binnen die casual tegen een muur aan gaat staan.
Er mag vandaag met verf worden gesmeten. Als de workshopleider een plaatje van
een schilderij van Jackson Pollock laat zien stijgt direct de moraal. “Als hij daar miljoenen mee kan verdienen, ga ik er ook even een paar maken!” zegt iemand terwijl
ze strijdlustig met een kwast zwaait. Gezien de demografie van de groep wordt er
vooral veel naar de aardekleuren en paars gegrepen. Sommigen proberen nog te
verhullen dat ze terracotta willen gebruiken door te vragen: “Als ik deze oranje nou
iets donkerder maak hè, dat het bijna bruinig wordt, dat is misschien wel mooi.”
Anderen accepteren direct het cliché en roepen luidkeels: “Yes, een tint paars die ik
nog niet heb.”
Er zijn ergere donderdagavonden te bedenken dan deze. Gooien met verf en
ondertussen stiekem slagroomsoezen leegzuigen is bijzonder prettig. Wie had verwacht dat het universitaire personeel – overigens voor het overgrote deel mensen
van de ondersteunende diensten – artistiek best iets in de melk te brokkelen heeft?
Er wordt gedruppeld, gegooid, gedrapeerd, gemorst en stiekem geschilderd dat
het een lieve lust is. Uiteindelijk is iedereen zo enthousiast dat er zelf met felgroen
en roze wordt geëxperimenteerd. “Zo,” besluit één van de dames de avond, “en mijn
schoenen zijn ook nog schoon gebleven.”
Een speciale taskforce van de overheid onderzoekt nu hoe het
OV-gebruik van studenten doelmatiger kan. Mijn voorspelling:
studenten mogen straks tóch met hun OV-studentenkaart in
de spits blijven reizen. Maar dan enkel staand, want zo nemen
ze minder ruimte in. In speciale coupés zonder zitplaatsen,
waarmee in het weekend voetbalsupporters worden vervoerd.
Nederland kennisland, oh de ironie. Eigenlijk kunnen we het
studeren net zo goed afschaffen. Ook een manier om uitslapen
te stimuleren.
Luuk Koelman
columnist Univers
Inhoudsopgave
Univers
29 januari 2015
04. Buzz
06. Pics
08. Passion, fear & faith
12. Speak Up
13. Coverstory
16. BEST
18. Opinie
20. Lifestyle
22. Incrowd
23. Science & School
24. Science & Society
25. International
De happy fietser
08.
Oud-student Eric Mijnster is feel-good-fietser.
Hij bereidt zich voor op een monstertocht van
650 kilometer over 14 cols die hij in één rit wil
bedwingen.
Wat van mij is, is van jou
13.
Het credo van de nieuwe generatie is: wat
van mij is, is van jou. Zie daar de basis voor de
booming deeleconomie.
BEST moet beter
16.
BEST liep averij op in de Universiteitsraad. Voor
de onderbouwing van het reorganisatieplan
kreeg het College van Bestuur een dikke onvoldoende. Dus: huiswerk overmaken.
Open access
25.
By 2024, all scholarly publications by Dutch
researchers should be freely available. The
question is: can publishers be persuaded to go
all-in for open access. And: is it the best way
forward?
En passant .03
illustratie Bas van der Schot
Tip ons!
[email protected]
En passant
facebook.com/
universonline
&
@universtweet
Condoom & dakterras
&
Vliegen & stress
Wij van Univers mochten een aantal vliegtickets naar Turijn verloten. Wat moest je
doen? Een foto plaatsen waaruit blijkt dat
jij zo’n reisje wel hebt verdiend. Gemma
Nuijten had zodanig veel stress, dat ze
besloot om een Post-it op haar hoofd te
plakken. Goed voor goud, gefeliciteerd
Gemma! Net als de andere winnaars Anniek van der Lans en Vincent Peters krijg
je twee tickets naar Italië.
&
Van een anonieme bron kregen wij deze
shockerende foto. Wat je ziet is een
pakje Durex op de daktuin van Tilburg
University. Volgens ons hebben we een
zwaar feestje gemist. Univers kan zich wel
fijnere plekken op de universiteit voorstellen om de liefde te bedrijven. Maar goed,
ieder zijn ding.
Studeren & gezelligheid
Kijk. Je kunt zeuren over je winterdip,
maar je kunt ook gewoon je muil houden
en er het beste van maken met deze
virtuele open haard. Studeren was nog
nooit zo gezellig. Baas boven baas. Met
dank aan de Facebookpagina van Tilburg
University Confessions.
Univers
29 januari 2015
04. Buzz
;)
Debat
Knipoog
Reaguur en stuur een
ingezonden brief!
Tilburgse ego’s
toppers in
economenland
Henk (H.J.A.) Hofland leeft nog steeds. De ‘beste Nederlandse journalist van de 20e eeuw’ hoopt deze zomer alweer 88
te worden. In 1956 (!) schreef hij een stukje over de Onverdraagzame Abonnee:
‘De vertegenwoordiger of het geestelijk extract van de lezerskring, de grootste gemene deler van het liberale, socialistische,
katholieke of antirevolutionaire fatsoen, de maat van alle dingen.
Hij is een soort getal pi van de journalistiek, een grootheid die
nooit tot op de laatste decimaal valt te bepalen, maar waarmee
men toch terdege rekening heeft te houden.’
Verderop nog een rake omschrijving van de
Onverdraagzame Abonnee: ‘een nationale Iwan
de Verschrikkelijke, een mannetje dat met een
maagzweer op een ongelucht bovenhuis met
pen en papier gereed zit om zijn abonnement
op te zeggen.’ Natuurlijk, nu heeft Univers geen
Abonnees. Maar toch willen we graag een
oproep doen aan de Onverdraagzamen onder
onze lezers. Hebben jullie niks te klagen? Willen jullie je een keer Iwan(a) de Verschrikkelijke
wanen? Verbijt dan ff je maagzweer en de muffe
geur in je studenten- of werkkamer. Klim in de
pen!
Schrijf een ingezonden brief aan Univers. Overtuig
ons ervan dat je allang je abonnement had opgezegd
als dit universiteitsblad niet gewoon gratis in de bakken zou liggen (lekker makkelijk...). Ammunitie genoeg! Als je niets te simmen hebt over ons, dan vast wel over andere zaken die Tilburg
University aangaan.
Een nieuw jaar, een nieuw begin voor alle toppentellers. En in
het geval van die van economenblad ESB zelfs een heel nieuw
geluid. Zij doen het dit jaar helemaal anders. In hun jaarlijkse
economentop-40 zijn de dikke punten voor kwaliteit, niet meer
voor kwantiteit. Nu eens niet: wie schreef wat? Maar: wat zijn
dit jaar de invloedrijkste economische publicaties en wie heeft
dat (mee)geschreven? De ESB-economentoptopper van 2014 is –
tromgeroffel - Daan van Knippenberg. Misschien wel het meest
bijzondere aan deze prof is dat hij niet in Tilburg werkt, maar
in Rotterdam. Want voor de rest van de ESB-top tien zijn het de
economen van Tilburg, Tilburg en nog eens Tilburg die tellen.
We zien Wagner Wolf, Harry Huizinga, Arthur van Soest, Joost
Driessen en Bart Bronnenberg. En dat zijn alleen al de nummers twee tot en met zes. Een economentop zou geen economentop zijn zonder Jaap Abbring en Jan van Ours. Die vinden
we dan ook terug op nummers negen en tien. Met de Tilburg
seven - en Rik Pieters op nummer elf - zijn we ineens niet alleen de skonste, maar ook econoomste stad van het laand.
Hoe dat zo gekomen is? Misschien dat Daan van Knippenberg
de sleutel kent. Hij constateerde dat ‘je een groot ego nodig
hebt om kwaliteit te leveren’. Hij wordt niet weersproken door
de economentop: de solistische ego’s uit Tilburg boven, de
sociale samenwerkers uit Nijmegen onder. De faculteit waar het
minst wordt samengeschreven scoort het beste en die met de
meeste co-auteurs het slechtst.
Stuur je ingezonden brief naar [email protected]
Universiteitsbestuurders
die veel verdienen.
Dat is ongepast!
Van de redactie
Bezuinigingen gaan over mensen, dus als je schrijft over een
reorganisatie dan moet je de mensen laten zien over wie het
gaat, vindt Univers. Wij maakten dan ook de journalistieke
keuze om op de cover van het vorige magazine medewerkers
te laten zien die luisterden naar een toespraak over BEST. Nu
kan ik me best indenken dat mensen het niet prettig vinden
om gefotografeerd te worden terwijl je net naar slecht nieuws
luistert. We leven dus mee, maar we vonden het belangrijk om
de foto te plaatsen, juist om te laten zien dat de reorganisatie
over mensen gaat.
Meer over BEST op pagina 16 en 17.
Nee hoor. Bij een
verantwoordelijke
baan hoort een royale beloning.
(18%, 25 stemmen)
In tijden van bezuiniging moet iedereen de broekriem
aanhalen, dus ook
de bestuurders.
(24%, 34 stemmen)
(58%, 82 stemmen)
Totaal aantal stemmen: 141
Dianne Groenen (21), psychologie
Dat kan niet. Het geld moet in het onderwijs worden gestoken, niet in de bestuurders. Ze kunnen er beter voor zorgen dat
het niveau van de universiteit omhoog
gaat.
Amber Schuurman (29), psychologie
Als iemand zijn werk goed doet, mag hij
er ook goed voor betaald krijgen. Dus
nee, ik vind het niet ongepast. Bovendien
denk ik dat ministers het niet leuk vinden
dat bestuurders meer verdienen dan zij
zelf. Als dat een reden is om bestuurders
te laten inleveren, vind ik dat niet kunnen.
Francine Bardoel, hoofdredacteur
[email protected]
Ga naar UniversOnline en stem op onze nieuwe poll.
Univers
29 januari 2015
Ja, want veel universiteitsbestuurders zijn vooral bezig met bijbaantjes.
Buzz .05
Je kreeg net zo
makkelijk een tong
in je keel gestoken
als een hap eten
ff bellen
met Marcel Sarot
Column
Begin januari schreef Maarten Boudry − postdoc wetenschapsfilosofie aan Universiteit
Gent − een opinie in de Volkskrant. Portee: theologie is de grootste intellectuele
verliespost van de westerse geschiedenis. Boudry windt er geen doekjes om: in de
hedendaagse wetenschap heeft God geen enkele bevoegdheid meer. Theologen zitten
te rommelen in de achterhoede. We leggen de opinie voor aan Marcel Sarot, decaan
van de Faculteit Katholieke Theologie van Tilburg University. Hij reageert per mail.
‘Ik heb het artikel gelezen: retorisch sterk,
inhoudelijk niet. Boudry gebruikt de term
‘theologie’ heel losjes. Theologie zoals
wij die doceren is een conglomeraat van
vakken. Deels disciplines (zoals sociologie
en psychologie) die het wetenschappelijk
statuut delen van andere geesteswetenschappen, bijvoorbeeld de filosofie.
Natuurlijk worden er binnen TST ook vakken gedoceerd die over God gaan. Deze
vakken hebben geen empirische inhoud.
Je kunt niet door empirische experimenten vaststellen wie gelijk heeft. Overigens:
dit geldt evenzeer voor de hele filosofie.
Daarom is het een beetje vreemd dat zo’n
Proost
verwijt van een filosoof komt.
Wetenschap sluit het bestaan van een
handelende God a priori uit. We noemen
dat ‘methodologisch naturalisme’. Wat
mij betreft is dit een goed uitgangspunt
voor wetenschap, omdat het vele nieuwe
ontdekkingen mogelijk heeft gemaakt.
Maar het heeft wel een consequentie,
die vaak wordt vergeten: wetenschap
die wordt bedreven vanuit de principes
van het methodologisch naturalisme kan
namelijk nooit uitsluiten dat een handelende God bestaat. Een arts kan bij een
onverklaarbare genezing wel zeggen dat
die onverklaarbaar is, niet dat God het
heeft gedaan. Ook niet dat God het niet
heeft gedaan trouwens. Dit valt buiten de
bevoegdheid van de wetenschap.’
Kijk op universonline.nl voor een uitgebreid
vraaggesprek met Marcel Sarot over de
relevantie van theologie.
Weesboeken en andere
goede doelen
Snollebolleke
Carnaval. Limburgse kinders krijgen het al met de paplepel
ingegoten. Of zoals in mijn geval: met paplepel en al de keel in
geramd. Vroeger werd ik geschminkt en bij de haren meegesleept naar elke mogelijke optocht. Dan probeerde ik in het jassenhok mijn broodje frikandel te verorberen, terwijl moeders
de polonaise stond te hossen.
Jaren later kon ik op de middelbare school ook niet ontkomen
aan het feestgedruis. De muziek was er ondertussen niet beter
op geworden - en als mooie bijkomstigheid moesten er nu ook
nog hormonale zatlappen worden ontweken tijdens het verorberen van dat broodje frikandel. Je kreeg net zo makkelijk een
tong in je keel gestoken als een hap eten.
Ik dacht altijd maar gelaten dat carnaval niks voor mij is. Dat
ik dat belangrijke gen mis dat nodig is om te genieten van
die geweldige verklede dagen. Ik ontdekte het geheim van
carnaval pas laat. Er is geen carnavalsgen. Je hebt de flessen Schrobbelèr. Of wijn. Of bier. Alcohol aan je lippen en de
nieuwste carnavalshit is opeens engelenmuziek. Drink een
glaasje extra en die groep springende en hossende mensen zijn
plots je beste vrienden.
Carnaval is eigenlijk gewoon het verdrinken van alle jeugdtrauma’s, twijfels en vooral van alle remmingen. Nu nog even
bedenken of ik graag verkleed wil gaan als hoerig bijtje, of als
sexy Pink Lady. Of misschien juist als stoute agente? Glaasje
wijn in de hand en doen alsof je niet rondloopt in lingerie die
voor kleding door moet gaan. Daar is het toch immers carnaval
voor?
Schudden met da kontje, snollebolleke! Doe ik het zo goed?
Zoë-Amber Wolters (23)
student Communicatie.
Haar blogs zijn te lezen
op UniversOnline.
Prijzen, prijsjes, benoemingen, subsidies, schouderklopjes en veren in de reet; het
academische wereldje zit er vol mee. Univers licht er de mooiste uit.
Het is nog echt liefdewerk oud papier wat Books4life doet, maar dan wel de letterige
vorm. Verweesde boeken - waarvoor geen plaats meer is in de kast van baasje - ontvangen en die voor een, twee of meer euro verkopen aan een nieuwe adoptielezer. Voor
het goede gevoel van oude en nieuwe boekenlezer en het goede doel van de Books4lifevrijwilligers. In 2013 ging het om zo’n vijftienduizend euro en dat geld ging onder meer
naar Guinee, Ghana, Guatemala en Gilze-Rijen. Daarom een warme en welgemeende
felicitatie voor het tienjarig bestaan. En nog vele jaren graag. Zeker nu de Studystore
aangekondigd heeft de campus te verlaten.
Colofon
Adres
Postbus 90153
5000 LE Tilburg
[email protected]
www.universonline.nl
Covers
Pascal Tieman
Productie
PrismaPrint
Uitgave
Univers is het driewekelijks
onafhankelijk magazine van Tilburg
University
Volgende editie
Univers 9 verschijnt op 16 februari
2015
Redactieraad
Irene Claessens, Jasper Haenen,
Annemarie Hinten, Hille van der Kaa
(voorzitter), Antony Pemberton, Lisa
Reizevoort, Jos Straathof, Marcel
Zeelenberg
Dit nummer is gemaakt door
Francine Bardoel, Cecile Bessems,
Erik-Jan Broers, Dolph Cantrijn,
Adrian van den Eerenbeemt,
Marianne Lalande, Luuk Koelman,
Frank van den Nieuwenhuijzen,
Marieke Plasier, Rob Ramaker,
Wouter Roosenboom, Henk van
Ruitenbeek, Sheilla Rutten, Bas van
der Schot, Bart Smout, Simon
Roberts, Pascal Tieman, Ton
Toemen, Jack Tummers, Ron
Vaessen, Rik Wassens, Rob Watling,
Bert Westenbrink, Niek Willems,
Zoë-Amber Wolters, Jozien
Wijkhuijs.
Univers
29 januari 2015
06. Pics
fotografie Dolph Cantrijn
Univers
29 januari 2015
Pics .07
Het zijn warrige tijden voor Studystore. De landelijke keten sluit zijn
boekenwinkels en de medewerkers weten niet wat ze te wachten staat.
In de vestiging op Tilburg University lijkt het rustig. Letterlijk. Een enkele
studente staat schijnbaar tevreden in een boek te kijken. Uit de stapels
boeken op de tafel voor haar heeft ze gekozen voor Chanel & Co van
Marie-Dominique Lelièvre. Een biografie over de icoon van het bekende
Franse modehuis. Misschien ambieert de dame op de foto ook wel een
carrière in de mode. Met de kleur van haar kleding zit ze in ieder geval
goed. Met zwart kun je immers nooit fout gaan.
Univers
29 januari 2015
08. Passion, fear & faith
Als ik fiets verdwijnt
de wereld. Alleen
ik en de pedalen
bestaan dan
Univers
29 januari 2015
Passion, fear & faith .09
tekst Bart Smout fotografie Wouter Roosenboom
De gelukkige fietser
Voor Eric Mijnster is geen berg te hoog. Na zijn studie aan Tilburg University
kiest hij voor de fiets. Nu bereidt hij zich voor op een tocht door de Alpen die hij
in één rit van 38 uur wil afleggen. “Ik ben altijd op zoek naar het onbekende.”
Z
onder gescheurde meniscus had het leven van Eric
Mijnster (26 jaar) er waarschijnlijk heel anders uitgezien. Van jongs af aan is hij een fanatiek voetballer.
Totdat hij op negentienjarige leeftijd tegen de keeper
op botst en ernstig geblesseerd raakt. ‘Vergeet het
voetballen maar,’ zegt de dokter op de operatietafel, ‘dat gaat
nooit meer lukken.’
Om te revalideren gaat Eric fietsen. Zijn vader heeft altijd fanatiek gewielrend en moedigt hem aan. Na de tweede en laatste
operatie koopt hij twee tourtickets voor de Amstel Gold Race.
Een tocht van 250 kilometer. Heuveltje op, heuveltje af. Vader en
zoon. ‘Daar is het eigenlijk begonnen,’ blikt Eric terug.
Tijdens zijn studie Communicatie- en Informatiewetenschap aan
Tilburg University blijft Eric fietsen. Als hij zijn masterdiploma op
zak heeft wat hij een ding zeker: voor hem geen kantoorbaan.
Werkend als wintersportreisleider in La Plagne ontmoet Eric de
freeskiër Koen Bakkers, die op zijn blog verslag doet van zijn
gewaagde afdalingen. Wat met de ski kan, moet ook met de fiets
kunnen, denkt Eric. Hij begint een eigen blog, gespletenasfalt.nl,
en begint een leven als feel-good-fietser.
Per jaar is Eric zeven maanden van huis om op zijn fiets de meest
prachtige bergen te bedwingen. Via zijn blog houdt hij iedereen
op de hoogte van zijn ervaringen. Al snel willen merken hem
sponsoren en wordt hij gevraagd als schrijver en spreker. “Zo
ontdekte ik dat ik per ongeluk iets bijzonders heb gedaan,” vertelt Eric, “namelijk je droom omzetten in werkelijkheid.”
Eric leeft van de fiets maar is geen professioneel wielrenner.
Toch is de feel-good-fietser druk bezig met de voorbereidingen
voor een tocht die topsportwaardig is. Eind juni gaat hij ‘la route
des grandes alpes’ rijden. Een rit van 650 kilometer over veertien
bergen. Met 2802 meter is de Col de la Bonette de hoogste
berg in het gezelschap. Om de uitdaging te vergroten wil Eric
de rit in één keer rijden. Een primeur. Dat betekent 38 uur in het
zadel. Zonder slaap, met slechts korte pauzes.
Eric Mijnster (1988, Tilburg) is blogger, feelgood-fietser en avonturier. Mijnster groeide op
in de Tilburgse wijk Broekhoven. Hij studeerde
Communicatie- en Informatiewetenschappen
aan Tilburg University, waar hij in 2011 zijn
Hoe staat het met je voorbereidingen?
“De eerste keer dat ik een bewegingswetenschapper vertelde
wat ik ging doen, geloofde hij me niet. Normaal stoomt hij
professionele wielrenners klaar voor grote tours. En ik ben geen
professionele wielrenner. Maar toen hij begreep dat ik serieus
ben, is hij toch gaan kijken hoe ik mezelf goed kan voorbereiden.
Hij heeft een trainingsschema gemaakt dat ik precies navolg.
Iedere maand komen we bij elkaar en kijken we hoe het ervoor
staat. Ik lig goed op schema.”
Hoe zien jouw dagen er nu uit?
“Iedere ochtend fiets ik of train ik in de sportschool. Ik doe vooral
veel duurtrainingen. Tot een bepaalde hartslagzone kan ik heel
lang fietsen. Het is dus belangrijk dat ik voortdurend in die hartslagzone blijf, ook als ik straks tijdens de tour bergopwaarts ga.
Dat is de enige manier om het vol te houden.”
Waarom doe je dit? Het klink als een krankzinnig plan.
“Ik doe het niet voor het Guinness Book of Records. Dit is iets
wat ik al heel lang wil. Ik ben altijd op zoek naar het onbekende.
Naar nieuwe grenzen die ik kan breken. Een uitdaging als deze
heb ik mezelf nog nooit gesteld. De voldoening die het geeft als
je de finish haalt moet ongelooflijk groot zijn.”
Geeft het een kick?
“Zo’n uitdaging geeft me een enorme adrenaline boost. Ik beland
dan in een soort superfocus. Als ik fiets verdwijnt de wereld. Alleen ik en de pedalen bestaan dan. Zelfs aan de finishlijn denk ik
niet, ik trap gewoon totdat ik erbij neerval. Een magisch gevoel.”
Heb je nooit getwijfeld aan het idee?
“Nee. Maar nu de tour dichterbij komt merk ik dat mensen zich
zorgen maken. Vrienden vragen me of ik soms dood wil. Ze zijn
bang dat ik door uitputting een fatale fout maak. Een ravijn in
donder, of onderuit ga bij een afdaling. Die reacties hebben
masterdiploma haalde. Na zijn studie werkte
Mijnster een tijd lang als reisleider, waarna
hij het fietsen omarmde. Nu blogt hij over zijn
fietsreizen op gespletenasfalt.nl, schrijft voor
verschillende magazines en geeft workshops.
Momenteel traint Mijnster voor ‘la route des
grandes alpes’, een tocht van 650 kilometer
die over 14 cols loopt. De uitdaging: die route
in één rit uitrijden, zonder pauzes. Mijnster
verwacht dat hij er 38 uur over doet.
Univers
29 januari 2015
10. Passion, fear & faith
De gelukkige fietser
me wel aan het denken gezet. Dit is zo grensverleggend dat
ik eigenlijk niet weet of het wel kan. Dat maakt het soms ook
beangstigend.”
Maar die angst zit je niet in de weg?
“Nee. Ik zal nooit iets niet doen omdat ik er bang voor ben. Ik
ben wel realistisch. Het zou fout kunnen gaan. Of ik zou het niet
kunnen halen. Maar daar laat ik me niet door leiden. Ik geloof
dat je nooit kan falen als je je hart volgt. Als je doet wat je echt
wilt, maak je altijd de juiste keuzes. Je kunt natuurlijk een gesteld
doel niet halen, maar dat doet daar niets aan af.”
Waar komt die vastberadenheid vandaan?
“Op de een of andere manier heb ik me altijd afgevraagd
waarom ik iets doe. Als de juffrouw op de basisschool aan me
vroeg wat ik later wilde worden, antwoordde ik altijd: ‘gelukkig.’
Iedereen lachen natuurlijk, maar ik denk nog steeds zo. Geluk is
de leidraad in mijn keuzes. Ik denk dat die vastberadenheid daar
ook vandaan komt. Je passie volgen is de grootste garantie voor
geluk. Daar moet je geen half werk van maken.”
Is het ook een garantie voor ongeluk? Veroordeelt het je tot een
eenzaam bestaan?
“Soms is het inderdaad best eenzaam om zo bezig te zijn. Wat
het vooral eenzaam maakt is dat veel mensen je bekijken als een
raar geval. Als je niet hetzelfde doet als iedereen ben je toch
een buitenbeentje. Dat brengt je soms aan het twijfelen. Ben ik
gek omdat ik gewoon gelukkig wil zijn? Die vraag heb ik mezelf
weleens gesteld. Mijn keuzes hebben zelfs de relatie met mijn
vader een tijd lang vertroebeld.”
Terwijl hij je toch op de fiets heeft geholpen.
“Mijn vader is al dertig jaar docent. Hij verwachtte dat ik hem zou
volgen. Niet dat ik ook per se docent zou worden, wel dat ik zou
kiezen voor een vaste baan en een zeker plekje in de maatschappij. Toen ik na mijn studie me vol op het fietsen stortte en
niet ging solliciteren, schrok hij daarvan. Hij geloofde er niet in.
Dat was heel vervelend. Het doet pijn als iemand die dicht bij je
staat niet in je gelooft. Juist van die mensen verwacht je steun in
het najagen van je dromen.”
Hoe is jullie relatie nu?
“Goed. Het is weer bijgedraaid. Je hoeft niet te begrijpen wat ik
Univers
29 januari 2015
Je hoeft niet te
begrijpen wat ik
doe, ik wil alleen
dat je het niet
veroordeelt
doe, ik wil alleen dat je het niet veroordeelt. Gelukkig doet mijn
vader dat niet meer. En hij begrijpt het steeds beter. We kunnen
weer samen aan tafel zitten. En samen fietsen.”
Hoe is het om altijd onderweg te zijn?
“De laatste keer dat ik terugkwam van een fietsreis was ik helemaal kapot. Leeg. Toen moest ik echt even bijkomen. Een paar
Passion, fear & faith .11
weken lang heb ik niks gedaan. Een bizar gevoel was dat. Maar
de drang om te fietsen komt vanzelf weer terug. Fietsen is een
droom. En dromen sterven niet.”
Is dat ook wat je wilt uitdragen op je blog?
“Ja. Mijn studie Communicatie is voor mij nog altijd waardevol.
Fietsen is uiteindelijk maar een onderdeel van wat ik doe. Mijn
passies zijn avontuur, communicatie en sport. Mijn blog is dus
een belangrijk onderdeel van wat ik doe. Ik had dit niet kunnen
doen zonder mijn studie. Wat ik wil, is een boodschap overbrengen. Ik wil laten zien dat het mogelijk is om van je droom te
leven. Om iedere dag op te staan en te doen wat je leuk vindt.
Als ik mensen kan inspireren om ook naar hun droom te leven
zou dat geweldig zijn. Kies niet wat iedereen kiest. Er is veel
meer dan dat.”
Mooi hoor. Maar ik kan me voorstellen dat je verhaal naïef overkomt als je met vier kinderen in de bijstand zit.
“Ja, mijn boodschap is natuurlijk niet aan iedereen besteed. Hoe
verder je in het leven komt, hoe meer mensen zichzelf vastleggen. Door bijvoorbeeld kinderen te nemen. Dan kun je niet zomaar je leven omgooien. Vooral bij studenten komt mijn verhaal
daarom goed aan. Zij hebben nog weinig verantwoordelijkheden
en veel mogelijkheden. Juist voor hen is het belangrijk goed na
te denken over je leven na de studie. Keuzes te over als je jong
bent. Je moet ze alleen zien en durven grijpen.”
En na de studententijd is alle hoop verloren?
“Nee hoor. Ook al ben je ouder en heb je veel verantwoordelijkheid, je kunt altijd dingen veranderen in je leven. Soms kunnen
kleine aanpassingen al voor veel geluk zorgen. Mensen hoeven
niet meteen hun hele leven om te gooien. Een keer die reis
maken die je altijd wilde maken, of een sport volgen – dat soort
keuzes kunnen al een grote impact hebben. Geluk is niet altijd
groots en meespelend. Het kan ook heel simpel en tastbaar
zijn.”
Univers
29 januari 2015
12. Speak up
coördinatie Frank van den Nieuwenhuijzen fotografie Dolph Cantrijn
De burger bepaalt...
Speak up
Het Ministerie van OCW ziet volop mogelijkheden om burgers te
laten deelnemen aan wetenschappelijk onderzoek. Niet als respondent of proefkonijn, maar om vragen te formuleren aan de
wetenschap. Leken die de onderzoeksagenda helpen vaststellen
- werkt dat?
Doen dus
Mag de burger het
onderzoek bepalen?
Reageer!
[email protected]
facebook.com/
universonline
@universtweet
Univers
29 januari 2015
Efficiënte wetenschap
Peter Achterberg (37), hoogleraar en
programmaleider onderzoek Sociologie,
Tilburg School for Social and Behavioral
Sciences
‘Dat hangt er maar een beetje vanaf’. Bijvoorbeeld of het antwoord op de door burgers
geformuleerde onderzoeksvragen de zin hiervoor als antwoord opleveren. Veel onderzoek
levert een nogal genuanceerd antwoord op,
en het is de vraag of de vragenstellers dat
eigenlijk wel willen horen. Het wetenschappelijke antwoord op de lekenvraag kan trouwens ook precies het tegenovergestelde zijn
van wat de burger eigenlijk wil horen. De
teleurstelling zal in deze gevallen ongekende
proporties aannemen. En de wetenschap zal
worden weggezet als ook maar een mening.
Ook zijn er mensen wiens vragen niet
geselecteerd worden. Tijd en onderzoeksmiddelen van wetenschappers zijn nou eenmaal
beperkt. En dat betekent dat de hoop op
antwoord op deze prangende vragen in de
kiem gesmoord zal worden. De teleurstelling zal wederom groot zijn. En
de wetenschap zal worden
weggezet als ook maar
een mening. Voor alle
overige gevallen: prima
plan. Doen dus!
Jan-Willem van Wouw (22), student
bedrijfseconomie & vicevoorzitter Debatclub
Cicero
Toevallige raakvlakken
Jos Buyvoets (26), student rechten &
secretaris Debatclub Cicero
Het leek een faculteit leuk om te horen hoe
beleid echt tot stand komt. Ze nodigde een
hoge medewerker uit van het Ministerie
van Financiën om daarover te praten. Die
kwam met een ranglijst van factoren. Op
nummer één stond: lobbyen. Op nummer
zes stond de academische wereld/ideeën die
we op borrels en feestjes horen. Verbazing
wekte dit niet. De academische wereld trekt
intelligente, intrinsiek gemotiveerde mensen.
Die mensen komen de poort binnen doordat
ze door hoepels springen om zich tegenover
andere academici te bewijzen. Ze verdienen
vervolgens geld en maken stappen vooruit
doordat ze geciteerd worden door andere
academici. Het is een op zichzelf staande
wereld die alleen toevallig raakvlakken
heeft met de buitenwereld, waarin
maatschappelijke relevantie geen tastbare
beloningen biedt. Ik kan me voorstellen dat
zowel de maatschappij als academici het
prettig zouden vinden als daar wel tastbare
beloningen voor komen.
Het idee is dus dat wetenschappers de straat
op moeten om te kijken of ze een zinnig
idee uit consumerend Nederland kunnen
krijgen. De gemiddelde leek heeft kennelijk
een andere kijk op zaken en kan daardoor de
wetenschap een ander perspectief bieden. Er
is een duidelijke reden waarom dit niet een
goed idee is: de man in de straat ondervindt
niet zozeer het proces van de wetenschap,
meer het resultaat van de wetenschap. Het
feit dat we tegenwoordig auto’s hebben die
op elektriciteit rijden is fantastisch, maar
we gaan de mensen die er in rijden niet
vragen om hun mening over de constructie
van de accu’s. Daar weten ze in de regel
weinig van, in tegenstelling tot het design of
gebruiksgemak van de auto, maar daar heeft
de wetenschap niet veel aan. En stel dat we
nét die ene persoon vinden die wel verstand
heeft van accu’s en er een geweldig idee over
heeft, dan kunnen we maar blij zijn dat we al
die tijd en moeite
in de lekenpopulatie hebben gestopt.
Persoonlijk
betwijfel ik
echter of er
veel van deze
mensen
zijn.
Coverstory .13
Wat van mij is,
tekst Sheilla Rutten illustratie Pascal Tieman fotografie Jack Tummers
is van jou
Je kamer voor een nachtje verhuren. Of je klapstoelen uitlenen. Koken voor een
ander kan ook. Persoonlijk bezit delen, het is de basis voor de booming deeleconomie. Online platformen als Airbnb, Thuisafgehaald en Snappcar groeien als
kool en zijn de symbolen van een nieuwe generatie die weinig waarde meer
hecht aan bezit: wat van mij is, is van jou. S
oms stuurt ze de sleutel op. Maar meestal laat Marleen
Portengen hem achter in het café om de hoek. Daar
kunnen de gasten die in haar appartement zullen overnachten hem zelf ophalen. Voor 64 euro per nacht heb
je haar knusse appartementje aan de Korvelseweg helemaal voor jezelf. Zelf gaat ze dan bij haar vriend of ouders slapen. Marleen, onlangs afgestudeerd in Strategic Management, is
één van 800.000 mensen wereldwijd die hun woonruimte delen
via het online platform Airbnb.
Het klinkt misschien vreemd, je woonruimte via internet delen
met vreemden, maar het gebeurt steeds vaker: Airbnb kende in
2014 wereldwijd tien miljoen gebruikers. Marleen heeft in een
jaar tijd haar appartement al zo’n 25 keer verhuurd. De meeste
gasten waren in Tilburg voor een festival maar er zat ook een
enkeling tussen die simpelweg tijdelijk onderdak zocht. Wie of waarom er overnacht in haar appartement, maakt haar
niet veel uit. Ze heeft geen moeite met het idee dat ze vreemden
in haar spullen achterlaat, want volgens haar is niets van waarde.
“En alles wat wel waardevol is, doe ik in een kastje dat op slot
kan. Zo zijn mijn ondergoedkastje, laptopkastje en medicijnkastje
op slot wanneer ik de gasten ontvang.” Generatiedingetje
De populariteit van een platform als Airbnb is volgens haar
toe te schrijven aan de verminderde behoefte van de jongere
generatie aan materialisme. “Het is echt een generatiedingetje.
Mijn moeder snapt er helemaal niets van. Wij zijn veel minder
materialistisch. Onze spullen zijn ons minder waard omdat we
er relatief weinig voor betalen en daarnaast in het algemeen
ook kort mee doen. Wij ontlenen status niet meer aan spullen,
maar aan ervaringen. De deeleconomie, een wereld waarin wij
alles delen zodat we het op een nog goedkopere manier kunnen
krijgen, is daar een perfect voorbeeld van.”
Airbnb is een van de vele initiatieven binnen de deeleconomie.
De deeleconomie is verzamelbegrip voor de vele deelplatformen die sinds de komst van internet zijn ontstaan. In de online
wereld zijn we in staat om met
iedereen in contact te zijn of
contact te maken. We hoeven
spullen niet meer te kopen
of te bezitten, want toeganghebben-tot is al voldoende. Met
een paar klikken is het mogelijk
om allerlei zaken te regelen.
Je smartphone fungeert als afstandsbediening in een wereld
van producten en diensten. Volgens Arjan van den
Born, hoogleraar creatief
ondernemerschap aan
Tilburg University, is
de deeleconomie een
logisch voortvloeisel
van de komst van →
Univers
29 januari 2015
14. Coverstory
Mijn ondergoedkastje,
laptopkastje en medicijnkastje zijn
op slot wanneer ik de gasten ontvang
Marleen Portengen (25 jaar,
onlangs afgestudeerd in Strategic
Management aan
Tilburg University) verhuurt al
bijna een jaar haar
appartement via
Airbnb. “Meestal
laat ik wel een
welkomstgift achter: bijvoorbeeld
biertjes. Maar zelf
laten de gasten
ook vaak een
cadeautje achter.
Leuk om iemand
zo blij te kunnen
maken.”
Wat van mij is, is van jou
internet. “Het gehele internet 2.0 is grotendeels gebaseerd op
peer-to-peer contacten. Delen werd al op grote schaal gedaan,
maar dan voornamelijk virtueel. Zo delen we kennis op Wikipedia
of via Google en delen we muziek en films via Torrentsites. Waar
voorheen jouw netwerk zich beperkte tot je vriendenkring en
buurt, is je netwerk nu eindeloos. Op internet staan we in contact met iedereen. Dat vervolgens ondernemers vraag en aanbod laten samenkomen op platformen, is niet meer dan logisch.”
Miljardenbedrijven
En met die platformen gaat het heel goed. Kleinschalige, ideële
initiatieven groeien hard. Peerby (lenen van mensen in jouw
buurt) had het afgelopen jaar een groei van 500 procent in het
aantal gebruikers. Grote spelers zoals Airbnb en Uber (taxi-app)
zijn inmiddels miljardenbedrijven. Ondanks de commerciële opzet van sommige initiatieven,
vallen ze volgens deeleconomie-expert Harmen van Sprang,
Airbnb – verhuur en boeking van privé accommodaties. 214.000 Nederlanders (ver)huren een woning op
Airbnb.
Thuisafgehaald – goedkope maaltijden gemaakt door
thuiskoks. 126.000 deelden een maaltijd via Thuisafgehaald.
Peerby – lenen en uitlenen van spullen van mensen in
de buurt. Peerby kent zo’n 99.000 gebruikers.
Snappcar – huur en verhuur van auto’s,
66.000 leenden of verhuurden een auto via Snappcar
Univers
29 januari 2015
mede-oprichter van ShareNL en auteur van het boek ‘Share’, nog
steeds onder de deeleconomie. “Iets telt als een deeleconomieplatform als het product voor een deel wordt verhuurd. Als jij
jouw appartement iedere dag van het jaar probeert te verhuren
via Airbnb, dan is dat niet echt deeleconomie, want dan ben je
gewoon een hotel. Maar doe je dat een paar dagen per jaar, dan
wel.” Een deeleconomie waaraan verdiend wordt is volgens hem
vanzelfsprekend. “Ik zou het heel raar vinden om niet te betalen
voor een auto die ik leen van iemand hier uit de buurt. Diegene
heeft immers een paar honderd euro per maand aan kosten aan
de auto.”
Partytent
Ook studente communicatiewetenschappen Joli Seelen maakt
gebruik van de deeleconomie. Zij leende via Peerby een partytent bij iemand uit de buurt. “Binnen vijf minuten hadden we er
eentje. Als dank hebben we de meneer een taart gebracht bij
het terugbrengen”, vertelt
Joli. Zelf heeft ze via
Peerby ooit een paar
klapstoelen uitgeleend aan iemand die
op zoek was naar
allerlei verschillende stoelen.
“Ik vind het
erg goed dat
mensen
minder
snel
nieuwe
Coverstory .15
Hè, wat? Deeleconomie?
Deeleconomie bestaat al een paar jaar en is booming. Aanhangers zien
het als een economische revolutie, een nieuw model voor consumptie en bezit. We kopen niet meer. We delen. Op internetplatformen
komen gebruikers met elkaar in contact om te lenen, huren of ruilen.
Dat kan van alles zijn: van auto, maaltijd, woonruimte, keukentrap
spullen kopen en dat dingen hergebruikt worden. Bovendien
vind ik het stukje vertrouwen dat je in je medemens moet hebben, een goede ontwikkeling.”
De groeiende populariteit van de deeleconomie is volgens
Van Sprang toe te schrijven aan de bewustere consument. “De
meeste ondernemers zijn vrij jong. Zij zien, hoe cliché dat misschien ook mag klinken, dat consumeren niet meer houdbaar
is zoals we het al die jaren gedaan hebben. Ook de crisis heeft
daar natuurlijk een rol bij gespeeld. Voor veel mensen zijn er
gewoon minder mogelijkheden tot grote consumptie.”
tot grasmaaier. De platformen zijn er in allerlei soorten en maten.
Klein, groot, lokaal, internationaal, ideëel en commercieel, maar wel
gebaseerd op hetzelfde principe: persoonlijk bezit wordt onderling
uitgewisseld.
Volgens hem zal de deeleconomie alleen maar een groter
onderdeel van onze maatschappij worden. Van Sprang: “Ik denk
niet dat het een trend is, maar echt een transitie die zich door
zal ontwikkelen en enorme groeipotentie heeft. Ik geloof niet
dat het zodanig de andere kant op zal gaan dat er bij wijze van
spreken straks niemand meer iets wil bezitten. Maar ik denk wel
dat de groeiende deeleconomie symbool staat voor een bepaald
bewustzijn. Die mindstate is typerend voor deze tijdsgeest. En
die mindstate zal nog wel even aanhouden.”
Kritiek
Maar er is ook kritiek. Rachel Botsman, een autoriteit op het
gebied van deeleconomie, vertelde in een onlangs uitgezonden
VPRO-uitzending van Tegenlicht over de desillusie. De deeleconomie zou namelijk niet de altruïst in ons hebben wakker
gemaakt, maar juist de kapitalist. Het ‘vercommercialiseert’ ons
leven, want alles krijgt economische waarde. Het principe van
delen zou er door op de achtergrond raken. Van Sprang kan
zich niet vinden in deze kritiek. “Het gaat allemaal over Airbnb
en Uber. Twee Amerikaanse bedrijven die vijf à zes jaar geleden
begonnen en die inderdaad veel investeerders aan boord hebben gehaald en gewoon heel erg opschalen.” Volgens hem zijn er
genoeg Nederlandse initiatieven waar het niet om geld verdienen gaat. “Bijvoorbeeld Konnektid, een platform waar mensen
elkaar gratis nieuwe dingen leren. Of Bieblio, een platform
waarop men boeken met elkaar deelt. Volgens Van Sprang zijn
dit social enterprises: ondernemers die verder kijken dan alleen
de geldwaarde. “Zij kijken ook naar de waarde die het toevoegt
aan de wereld, als in: waar heb ik een rol te vervullen die verder
gaat dan mijn eigen zak vullen?” Joli Seelen (22 jaar, master Communicatie- en informatiewetenschappen
aan Tilburg University) en huisgenoot Ellen Nicolaes leenden via Peerby
een partytent en leenden zelf klapstoeltjes uit. “We hebben niet veel
ruimte thuis, dus spullen kopen en opslaan schiet niet op. Bovendien vind
ik het zonde dingen jaren in de kast te hebben staan en niet te gebruiken.”
Univers
29 januari 2015
16. Personeel
tekst Rik Wassens fotografie Jack Tummers
BEST terug naar tekentafel
Het reorganisatieplan BEST heeft op onderdelen een dikke onvoldoende gekregen van de dienst- en faculteitsraden. Het College van Bestuur gaat daarom zijn
huiswerk overdoen en komt met een nieuw organisatieconcept.
D
e vertegenwoordigers van alle dienst- en faculteitsraden hadden weinig tijd nodig om hun oordeel
te geven over BEST, Building Excellent Support at
Tilburg University. Tijdens een hoorsessie staken
ze stuk voor stuk in enkele minuten een betoog af
tégen het reorganisatieplan. Niemand in de Tilburgse medezeggenschap - centraal of decentraal, dienstraad of faculteitsraad was te spreken over het organisatieconcept dat tot voor kort
onderdeel was van de plannen.
Over het doel van BEST is weinig discussie: het ondersteunend
werk kan beter en goedkoper en geld dat vrij komt moet naar
het primaire proces van de universiteit - onderwijs en onderzoek.
Maar de manier waarop de stuurgroep van BEST dat wil bereiken
kan niet rekenen op veel bijval. De kritiek valt in zes punten samen te vatten, vertelt Tjits Roselaar van Universiteitsraadsfractie
Onafhankelijken (zie kader).
Ook tijdens de roadshows eind vorig jaar kreeg BEST veel kritiek. Al met al stevende het plan af op een negatief advies in de
Universiteitsraad die zich op 13 februari over de strategische
beleidskeuze gaat buigen. Het College van Bestuur wil dat
voorkomen en trekt het organisatieconcept als onderdeel van
BEST terug. Collegevoorzitter Koen Becking benadrukte tijdens
een zitting van het Dagelijks Bestuur van de Universteitsraad dat
de invulling en implementatie van de aard en omvang van de re-
Univers
29 januari 2015
organisatie zorgvuldigheid en aandacht vereist. “Daarom vragen
wij nog geen advies aan de Universiteitsraad over het organisatieconcept. Dat doen we in juli.”
De oorspronkelijke doelstellingen, de uitgangspunten, de
randvoorwaarden en de opbrengsten van het BEST-programma
blijven wel overeind staan: het schrappen van de 58 fte gaat
door en de tijdelijke vacaturestop voor het ondersteunend personeel blijft van kracht. Deze besparing moet 3,5 miljoen euro
op leveren. Dat wordt aangevuld met een bezuiniging op het
Nexus Instituut (half miljoen) en op het huisvestingscompartiment (anderhalf miljoen). Deze 5,5 miljoen euro moet 90 fte aan
wetenschappelijke banen scheppen.
‘Streep door uw scriptie’
De afgevaardigden van de dienst- en faculteitsraden brandden
BEST af tijdens de hoorsessie: de een in nog hardere bewoordingen dan de andere. Peter van Maarleveld, van de dienstraad Corporate Staff, was zeer uitgesproken. Hij las in de plannen passages
die hij niet begreep. “Dat had de stuurgroep beter moeten doen.
En ik vraag aan u als voorzitter van het College van Bestuur: kunt
u het wel uitleggen? Als u met de stuurgroep had gesproken dan
had er een beter stuk gelegen.” Van Maarleveld sloot zijn gepassioneerde relaas af met een oproep kwaliteit te leveren: “Eigenlijk
mag u een deel van uw huiswerk opnieuw doen. Door uw scriptie
zet ik een streep. Als u kwaliteit wil, moet u dat vragen en ook
leveren. Zo kunnen we in 2025 naar de top. Anders niet.”
Personeel .17
In de beoogde organisatie-na-BEST krijgt ondersteunend personeel te maken met twee leidinggevenden. De een is hiërarchisch
verantwoordelijk (wie en hoe), de ander functioneel (wat en
wanneer). De faculteitsraad van de Law School ziet geen heil in
deze constructie en uitte haar zorgen tijdens de hoorsessie: “De
leidinggevenden hebben verschillende, soms ook tegenstrijdige,
belangen. Wij verwachten dat het voor medewerkers moeilijk zal
zijn om daar tussen te laveren.”
Bij Education & Research Marketing (ERM) wordt al gewerkt met
genoemde structuur. En dat leidt niet tot successen, aldus Roselaar van Universiteitsraadsfractie Onafhankelijken. “Het College
van Bestuur zegt dat het model dat binnen BEST wordt ingevoerd anders is dan waar we nu mee te maken hebben bij ERM.
Maar dat ziet er toch hetzelfde uit: ook met die duale aansturing.
We horen van alle kanten - van medewerkers en van ‘klanten’ dat dat niet werkt. De werknemers voelen het belangenconflict
tussen de opdrachtgever, de leidinggevende en de klant.” Dit
bestuurlijk model bij ERM is geëvalueerd, vertelt Roselaar, maar
alleen op managementniveau. “Niet met de medewerkers, niet
met de klanten. Dat moet eerst gebeuren voordat je verder gaat
met dit soort acties.”
Hoe verder?
Het Dagelijks Bestuur van de Universiteitsraad vindt dat het
College van Bestuur nu met een nieuw organisatieconcept moet
komen. “We willen zien dat er een analyse van het probleem
komt en deze keer een model mét argumentatie,” zegt Roselaar.
“Verder is fasering voor onze fractie een belangrijk punt. We
gooien niet de hele organisatie in één keer overhoop.”
2016 niet gebruiken om hier ook nog mee bezig te zijn. We willen
afronden.”
De Universiteitsraadsfracties willen allemaal dat bestuursvoorzitter Becking de kar gaat trekken. Roselaar: “Hij keek een beetje
beduusd toen de rijen sloten en vijf fracties zeiden dat hij de
verantwoordelijkheid moet nemen. Hij gaat zich daarop beraden.
Het gaat hier om leiderschap. Hij is portefeuillehouder bedrijfsvoering: dit zet de hele bedrijfsvoering op z’n kop. Elke steen
kan gaan verschuiven, zo wordt het ook gezegd. Dit is ultiem zijn
verantwoordelijkheid.” Of Becking de handschoen oppakt, was
bij het ter perse gaan van dit nummer nog onduidelijk.
Op 13 februari neemt de Universiteitsraad kennis van de melding
tot reorganiseren en adviseert over de strategische beleidskeuze.
Dit document is ontdaan van elke vermelding naar de concrete
inrichting van de organisatie. Aansluitend vindt een debat plaats
over BEST.
BEST moet beter
De kritiek van de medezeggenschap samengevat in zes punten:
•
•
•
•
Roselaar staat niet alleen in die kritiek. Zo valt de faculteitsraad
van de Law School haar bij op dit punt. Maar collegevoorzitter
Becking stelt dat de fasering al gaande is: “We willen niet ineens
van alles. In 2013 schreven het we strategisch plan, in 2014
deden we onderzoek. 2015 is het jaar van de waarheid. We gaan
Wij volgen
BEST op de
voet. Check
Universonline.
•
•
De onderbouwing van het organisatieconcept is onvoldoende.
Dertien werkgroepen analyseerden de huidige situatie bij de diensten en droegen verbeterpunten aan. Te weinig punten zijn in het organisatieconcept terug te vinden.
Het is onduidelijk op welke manier wordt bepaald wanneer BEST geslaagd is. Zo ontbreekt
er een analyse van het probleem, en worden er vraagtekens gezet bij de wijze waarop
resultaten gemeten gaan worden.
De rol van de medezeggenschap in de nieuwe organisatie is onduidelijk. Een van de zorgen
is hoe de medezeggenschap van het ondersteunend personeel geregeld wordt in de faculteiten.
De voorgestelde constructie om twee leidinggevenden te krijgen is ongewenst.
BEST wil te veel veranderen in te korte tijd.
(Advertentie)
Univers
29 januari 2015
univers-unii 150126.indd 1
26-01-15 14:15
18. Opinie
tekst Michiel Peeters illustratie Rob Watling en Ton Toemen (portretfoto)
Het probleem is in de eerste
Opinie
plaats religieus
Wat is wijsheid na de recente gebeurtenissen in Parijs? Meer zelfcensuur of
verhoging van het veiligheidsniveau? Nee, zegt Michiel Peeters, studentenpastor
van Tilburg University. “Schijnbaar omslachtiger, fundamenteler en hoe ongemakkelijk ook: het religieuze probleem moet cultureel weer serieus genomen
worden.”
N
ieuw geweld, zelfde reacties. Dezelfde verklaringen:
sociaal-economische of psychiatrische. Dezelfde
oplossingen: gewoon wat voorzichtiger zijn met wat
je zegt. Of juist: de islam Europa uit, meer controle,
meer politie. Uiteindelijk aan beide kanten, een
antwoord in machtstermen: wij, de ‘goeden’, zijn toch met méér
of sterker dan de ‘slechten’. Maar de belangrijkste verklaring blijft
buiten beschouwing: de kwestie is in de eerste plaats religieus.
Of we het nu leuk vinden of niet. En een religieus probleem moet
religieus aangepakt worden.
Wat is religie? Religie betreft de vraag naar de ultieme betekenis
(Advertentie)
Ontdek jouw master aan
de Universiteit Leiden
Masterdag
6 februari
unileidenmasters.nl
Univers
29 januari 2015
Bij ons leer je de wereld kennen
van het leven: Waar doe ik het uiteindelijk allemaal voor? Iedereen heeft die vraag. En iedereen geeft er antwoord op, expliciet
of impliciet. Karl Marx gaf er een antwoord op dat velen redelijk
leek. Maar een antwoord moet compleet zijn, want de mens leeft
niet bij politiek alleen. Alles, het hele leven moet er ruimte in
vinden: liefde, geld, eten, rust, lijden, vriendschap, onrecht, hoop,
vergeving, woede, geduld, dood. Religie is – nogmaals, of we het
nu leuk vinden of niet – een universeel menselijk verschijnsel.
Iedereen streeft naar uiteindelijke betekenis, naar echte rechtvaardigheid, naar blijvend geluk… En alles wat we doen, doen we
omdat we, vaak onbewust, hopen dat het ons een beetje dichter
bij die dingen brengt. Een ‘god’ (waardering, comfort, invloed,
controle, enz. enz.) is de motor van elk menselijk handelen. Alles
wat ons enigszins ‘grijpt’ en in beweging zet, doet feitelijk een
appel op ons ‘religieuze zintuig’, op onze behoefte aan betekenis en aan vervulling. ‘Religieuze genieën’ − stichters van grote
religies en ideologieën bijvoorbeeld − spelen in op dit probleem
en formuleren een ‘weg’, een ‘antwoord’ dat op de een of andere
manier velen overtuigt.
Theoretisch afgeschaft
Het mainstream-denken van de westerse cultuur heeft het
religieuze probleem lang geleden theoretisch afgeschaft. Maar
de schema’s die het moesten vervangen (sciëntisme, marxisme)
zijn onvolledig en daarmee onbruikbaar gebleken. Ook de idee
die nu in de mode is – we worden gelukkig, rustig, onszelf, wanneer eenieder de werkelijkheid zoveel mogelijk naar zijn hand
kan zetten – is niet alleen praktisch ondoenlijk, maar wezenlijk
onvoldoende. Wij vinden Mozarts muziek niet mooi omdat die is
zoals we wilden, maar ze raakt ons middels iets wat we nou juist
niet zelf hadden bedacht - maar wel nodig hebben. Als degene
op wie we verliefd zijn, helemaal is geworden zoals wij zouden
willen, is hij of zij niet interessant meer. Onze ‘redding’ moet op
de een of andere manier groter zijn dan onze ideeën, moet ‘van
buiten komen’; dat begrijpt elke aandachtige beschouwer van de
menselijke ervaring.
Openbaringsreligie speelt daarop in.
Nog een evident gegeven dat te weinig serieus genomen wordt:
niet alle religieuze oplossingen zijn even (on)deugdelijk. Zo heeft
de westerse mentaliteit, al gelooft ze niet meer in God, van God
een heel specifiek (christelijk) idee. Het Mysterie is redelijk en
goed, God is een Vader die de vrijheid van de mens respecteert.
Je kunt echter ook een heel ander Godsbeeld hebben: dat van
een puur almachtig Mysterie bijvoorbeeld, waarvan de bevelen,
hoe onredelijk ze ons misschien ook lijken, wet zijn waaraan gehoorzaamd moet worden. Omdat Hij God is en wij maar mensen.
Opinie .19
Theoretisch geen speld tussen te krijgen, tenzij Zijn openbaring
niet geloofwaardig is (zo’n God kan overigens ook geschiedenis
heten, of natuur).
Zelfcensuur
Is het verkeerd om een religie te hebben? Zeker niet. Iedereen
heeft een of andere religie, iedereen leeft ergens voor: het is
alleen de vraag of datgene waarvoor we de facto leven, het recht
heeft om ons leven op te eisen. We moeten onze religie toetsen
aan ons religieuze zintuig. Het is door dergelijke toetsing dat
de uitspraak van paus Franciscus: ‘Zeggen dat je mag doden in
naam van God, is godslastering’, redelijker lijkt, ‘passender’, dan
een God die oorlog eist.
Wat moet er gebeuren? Meer zelfcensuur? Naar een politiestaat? Nee, schijnbaar omslachtiger, fundamenteler, hoe
ongemakkelijk ook: het religieuze probleem moet cultureel
weer serieus genomen worden. Want naarmate een dominante
mentaliteit een wezenlijk menselijk probleem meer censureert,
zal een persoon of groep die juist dàt probleem wel serieus
neemt – hoe onvolledig en onredelijk ook – meer gehoor vinden
en aanhang krijgen. In het land der blinden... En ook: een kat in
het nauw...
Leren nadenken
Jongeren moeten geholpen worden te leren nadenken over de
zin van het leven, van het hele leven, hun leven. Ze moeten leren
zich niet tevreden te stellen met partiële oplossingen, of oplossingen die ‘niet voor rede vatbaar’ zijn, die niet overeenstemmen
met de rede. Terecht werd een aantal jaar geleden opgemerkt
dat er vandaag de dag geen sprake is van een botsing van be-
We moeten onze religie
toetsen aan ons
religieuze zintuig
schavingen, maar van ‘onbeschavingen’: onbeschaafd, ‘onopgevoed’ is met name het ‘religieuze zintuig’ van de persoon, zijn
behoefte aan totale betekenis.
En wanneer dat terrein in de mens braak ligt, ongecultiveerd is,
hoeft er maar iemand te komen met minimum aan gezag, een
beetje overtuigingskracht, een als heilig gepresenteerd bevel,
om van een mens die de betekenis van het leven zoekt, een gewelddadig monster te maken. Zeker in een sociaal-economisch
en psychiatrisch gecompliceerde context als de huidige.
In elk individu zit iets dat iets oneindigs nodig heeft en dat ófwel
serieus genomen wordt en zich organisch ontwikkelt, ófwel
scheefgroeit en (op de een of andere manier) gewelddadig
wordt. Wie de publieke zaak ter harte gaat, doet er goed aan
die maatschappelijke krachten, die dit probleem serieus nemen
en het niet proberen te onderdrukken of te onderwerpen, maar
het op redelijke wijze trachten op te voeden (van e-ducare, naar
boven laten komen, zichzelf te laten worden), ruimte te geven.
Michiel Peeters is studentenpastor van Tilburg University
Univers
29 januari 2015
20. Lifestyle
coördinatie Niek Willems
80 procent weigerde
een voldoende
voor het
tentamen
te halen
Column
De stilte voor de storm
Het is stil op de verdieping. De meeste collega’s hebben een vrije
dag opgenomen. Zojuist heb ik nog een laatste maal mijn uitrusting gecontroleerd. Pepper spray, stun gun, wapenstok, traangasgranaten. Het waterkanon mogen we niet meer gebruiken in
verband met mogelijke lekkages naar onderliggende verdiepingen. Mijn kogelvrije vest zit wat ongemakkelijk, direct maar even
de riempjes bijstellen.
En dan begint het – het gespannen wachten tot ze komen, het
aftellen van de uren, de minuten, de seconden... Straks is er
inzage van het tentamen Europese Rechtsgeschiedenis waarvoor
ik verantwoordelijk ben. Het afgelopen semester was ik voor het
eerst de coördinator van dit vak. Onmiddellijk nam ik de nodige
maatregelen die het onderwijs ten goede zouden komen en de
slagingspercentages moesten verbeteren. De studenten dachten
hier kennelijk anders over, want 80 procent van de deelnemers
aan het tentamen weigerde een voldoende te halen.
De studenten schijnen erg ontdaan en boos te zijn. Het gerucht
gaat dat zij heel lovenswaardige antwoorden hebben gegeven,
antwoorden die bovendien getuigen van hun goede bedoelingen, maar dat wij zulke vragen hebben gesteld dat het voor hen
onmogelijk was om hun antwoorden daarbij te laten aansluiten.
Het schijnt ondoenlijk te zijn geweest om de vragen zodanig uit
te leggen dat zij pasten op de antwoorden. En nu komen ze hun
tentamen inzien, nu komen ze verhaal halen. Ik hoop dat de barricades het houden.
Erik-Jan Broers is docent aan
de rechtenfaculteit. Lees zijn
blogs op UniversOnline.
I-con
Olivier Deckers (24), Organisatiewetenschappen
Ik heb bijna twee weken
geen bier gehad
Kledingstijl?
Gewoon een beetje hip. Ik draag veel
blouses, sneakers en petjes. Geen
idee hoe je zo’n stijl omschrijft.
kip erin en een beetje rijst erbij. Dat
vind ik altijd wel lekker om te maken.
Afbakpizza’s en shoarma eet ik niet
echt, behalve in het weekend.
Favoriete kroeg?
Brandpunt, daar kom ik altijd veel
bekenden tegen en het is daar
gewoon gezellig.
Over tien jaar?
Hopelijk een diploma en misschien al
werkend als consultant. Maar nog niet
getrouwd en met kinderen, daar wil ik
nog niet te veel over nadenken.
Serie?
House of Cards. Ik vind het wel
interessant om te zien dat ze elkaar
steeds proberen te naaien op alle
mogelijke manieren in de politiek.
Laatst ontvangen bericht?
‘Haha matje’ in de hockeychat.
Kookspecialiteit?
Het Aziatische gerecht hete curry met
Univers
29 januari 2015
Geluksmomentje?
Die komt denk ik nog vanmiddag als
ik klaar ben met mijn tentamens. Ik
heb twee weken bijna geen alcohol
gehad dus ik denk dat ik vanavond
lekker ga zuipen.
Slechte gewoonte?
Laat uit bed komen en een beetje laks
af en toe.
Lifestyle .21
Film
The Interview
is de ophef niet
waard
Wè nou?
Gesneuvelde voornemens
We hebben ons massaal ingeschreven bij
de sportschool en zijn allemaal gestopt met
roken. Maar hoe gaat het nu eigenlijk met de
goede voornemens? Zijn ze inmiddels gesneuveld? Univers zocht het uit.
Ik heb er geen, in Portugal is het ook niet echt populair.
Volgens mij is het meer een ding in landen waar sprake
is van economische concurrentie. Daar zijn mensen
meer competitief.
Diogo Goncalves (35), PhD Behavioral Economics
Mijn goede voornemen lukt nog steeds. Ik wilde mijn
vriendin meer zien en dat doe ik nu ook. Verder heb ik
geen voornemens gemaakt, ik rol wel lekker zo.
Stijn Smit (21), bachelor Fiscale Economie
Ik heb dit jaar niet echt goede voornemens. Tuurlijk
denk je wel: ik moet dit of dat gaan doen, maar ik heb
ze niet stellig gezegd. Mijn goede voornemen had
ik vorig jaar op 21 augustus, toen ben ik gestopt met
roken.
Voor veel wereldleiders een natte droom: het uitschakelen van dictator Kim Jong-un. In
The Interview wordt deze werkelijkheid.
Het verhaal is leuk verzonnen: Journalisten Dave Skylark (James Franco) en Aaron
Rapaport (Seth Rogen) krijgen de kans om de Noord-Koreaanse überführer Kim Jongun te interviewen. Ze worden benaderd door de CIA met de vraag of ze hem willen
uitschakelen. Je zult begrijpen dat Noord-Korea niet gecharmeerd was van deze film
en vond het daarom een goed idee om Sony te belagen met hacks en dreigementen.
De filmproducent trok in eerste instantie de film terug, maar besloot later om de satirische flick alsnog uit te brengen. Het moge daarom duidelijk zijn dat The Interview een
omstreden film is. De belangrijkste vraag: is deze film met Rogen en Franco de ophef
waard? Nee. Een flauwe komedie, niet meer en niet minder. Eentje zoals je die kunt
verwachten van knuffeldikzak Seth Rogen en mooiboy James Franco. Maar de komedie
is zeker geen flop. De film begint wat stijfjes, maar tovert een lach op je gezicht als
de mannen in Noord-Korea zijn aangekomen.Tijdens de ontmoeting met Kim Jong-un
blijkt dat hij een onzekere man is die zich afvraagt of het gay is om Margarita’s drinken
en naar Katy Perry te luisteren. Ook blijkt Kimmetje daddy issues te hebben.
The Interview is geen serieuze politieke satire. Dus beste Kim Jong-un, ga lekker
onderuit op de bank zitten, pak wat popcorn, kijk de twee uur durende satire en train je
zelfspot. Dat kan de wereld anno 2015 wel gebruiken. Niek Willems
The Interview, kijk voor
meer info op de Pathe-site.
Sanne Brugman (21), Algemene Cultuurwetenschappen
Ik vind goede voornemens nergens op slaan. Het hoeft
niet per se 1 januari te zijn om ergens mee te beginnen.
Dat kan gewoon het hele jaar door. Ik maak ze eigenlijk
ook nooit. Ik ben nog student, dus alles mag nu nog.
Martijn Fakkert (21), bachelor Econometrie
Crimineel overkomen
Hee Mam, ik ben professor maar een B3 student zei me net dat
ik eruit zag als een crimineel. Soms zeggen de mensen zelfs dat
ik stratenmaker ben. Ik wil serieus genomen worden, wat moet ik
doen? Groet Peter Achterberg.
Beste professor, ik heb één woord voor u, strijken. Met gestreken
kleding komt u serieuzer over. Ik zou u dan wel in een blouse
willen zien, niet in die capuchonsweaters met print van u. Vermijd
‘zelfstrijkend’ want dat riekt naar datamanipulatie. Een gestreken
pantalon met vouw in plaats van een gespannen stonewashed
spijkerbroek zou wonderen doen voor uw wetenschappelijk
aanzien. Mocht strijken niet helpen neem dan een snor à la
Sylvester. U heeft toch al een vrouw.
Theater
Aanhoudende
klaagzang in
bluegrass jasje
The Broken Circle Breakdown. Na het succes van de gewaardeerde Vlaamse film, is het
verhaal over de onstuimige liefde tussen Elise en Didier nu in het Nederlandse theater
te zien.
Ricky Koole, de vrouwelijke hoofdrolspeelster, speelt ondanks haar degelijke uiterlijk,
het brutale personage erg overtuigend. Haar Delftse tongval past er perfect bij en haar
zelfspot is on point. Daniël Boissevain heeft iets meer moeite on zijn personage Didier
geloofwaardig neer te zitten. Didier is eerder pretentieus dan verwilderd. Bovendien
mist hij de stoere karaktertrekken die je van een bluegrassmuzikant verwacht.
Het theaterstuk opent midden in de verhaallijn van de film: dochtertje Maybelle van Elise en Didier is overleden. Hierdoor begint het stuk al vrij heftig, wat ten koste gaat van
de romantische elementen die de film zo sterk maken. Er wordt bijna alleen gesproken
over de pijn en het onbegrip. Op sommige momenten gaat het zelfs zo lang door dat
het een aanhoudende klaagzang wordt.
Het muzikale ensemble is echter een prachtig, meerstemmig geheel. Zowel Koole als
Boissevain zingt loepzuiver – inclusief hillbilly-accent. De voorstelling zelf is echter vrij
hak op de tak en is een verzameling van onsamenhangende anekdotes.
Het theaterstuk geeft de personages iets meer achtergrond, maar laat grotendeels
dezelfde dialoog als in de film zien. De prachtige muziek bindt het geheel samen, maar
het stuk mist een duidelijk begin en einde. Sheilla Rutten
The Broken Circle Breakdown, Kick Productions.
Op 3 maart nog te zien in
Den Bosch
Univers recenseert alles. Ook op UniversOnline.
Heb jij prangende vragen voor Ons Mam? Mail naar [email protected]
Univers
29 januari 2015
22. Incrowd
tekst Rik Wassens en Niek Willems
Over de schutting
Wat gebeurt er ondertussen op de andere universiteiten?
#xtc is snoep
#Starbucks gaat RUG op
#Hbo-haat
Op Tilburg University worden
hbo’ers al geweerd uit de
Universiteitsbibliotheek. Daar
kunnen ze in Utrecht nog iets
van leren: de bibliotheek
aldaar is voor een kwart
gevuld met externen. Dat
bleek uit steekproeven van de
universiteit, schrijft DUB, het
Digitale UniversiteitsBlad van
Universiteit Utrecht. In
tegenstelling tot onze UB is
die van Utrecht wél openbaar.
“Ik hecht aan het openbare
karakter van de UB”, zegt een
studentlid van de Utrechtse
Universiteitsraad. “Al zijn de
meningen in de studentengeleding daarover verdeeld.”
Starbucks verovert Nederland.
De Rijksuniversiteit Groningen
krijgt vanaf half februari ook
een filiaal van de Amerikaanse
koffiebrouwers. Officieel is er
nog niets bekend, maar zoals
wij óók weten is Starbucks niet
heel discreet (iets met
belastingbetaling). Maart vorig
jaar lekte het nieuws over de
komst van een Starbucks dan
ook al uit, schrijft UKrant. De
stugge Groningers staan niet
te springen: “De kwaliteit van
de koffie is niet goed en
daarnaast is het veel te duur”,
laat studentenfractie Lijst
Calimero aan UKrant weten.
#TU/e schenkt ‘Bul-waar’
Geen ‘lichtblauwe fleece sjaal’
meer – nee, nee – pas
afgestudeerden van de
Technische Universiteit
Eindhoven ontvangen
tegenwoordig de ‘Bul-waar’.
Dat is ‘een strak vormgegeven
bewaarkoker voor je diploma,
geïnspireerd op de prominente rode slash in het
TU/e-logo’, aldus Cursor, het
blad van de Eindhovense
universiteit. Niemand had een
goed woord over voor de sjaal
(‘het voelde als een flauw,
nutteloos cadeautje’) en de
Bul-waar komt er ook slecht
vanaf. Cursor tekent de reactie
van een studente op: “Een
boekensteun, dat is haar
eerste associatie bij het
ontwerp.”
Drugs! Het studentenblad
Folia van de Universiteit en
Hogeschool van Amsterdam
duidt het pillenslikken naar
aanleiding van de drugsdoden
bij het Amsterdam Dance
Event vorig jaar. Het valt
allemaal wel mee en het moet
uit de illegaliteit, want
regulering is veiliger. Dat zegt
hoogleraar verslavingszorg
Wim van den Brink tegen Folia:
“Bij heroïne zijn de doden per
jaar minder dan honderd en bij
xtc de laatste decennia
gewoonlijk ongeveer twee à
drie. Als je kijkt naar het risico
op overlijden, is xtc dus een
snoepje vergeleken met
andere drugs.” Legalisering van
de pillen leidt niet tot een
groter gebruik, meent Van den
Brink. Dat was met de
legalisering van cannabis ook
niet het geval.
Onderzoek doen: expeditie naar het onbekende
Univers spot personeel en studenten in
het wild. De redactie overvalt je op de
campus met de vraag: wat ben je aan het
doen? Deze keer kloppen we aan op de
kamer van Nick Huberts, 25 jaar, PhD in
econometrics. “Ik behoor inmiddels tot
het meubilair van de universiteit.”
Op vrijdagmiddag loopt de campus langzaam leeg. Maar Nick Huberts is op de
vijfde verdieping van Koopmans-building
nog hard aan het werk. Op zijn kamer
hangt een bord vol wiskundige tekens
waar nauwelijks chocola van te maken
is. “O, dat zijn aantekeningen voor
een tentamen dat ik heb ontworpen”,
vertelt hij.
Nick doet vier dagen onderzoek
en geeft daarnaast een dag les aan
bachelor econometrie-studenten. “Ik
geef les in algebra, analyse en statistiek. Ik ben nu bezig om een nieuwe
Univers
29 januari 2015
C
a
m
p
u
s corners
versie van een tentamen op te stellen.”
Wat hij precies onderzoekt? “Stel: er zijn
twee bedrijven die allebei tv’s produceren:
een groot bedrijf en een klein bedrijf. Nu
hebben beide bedrijven de mogelijkheid
om flatscreen tv’s te gaan produceren.
De vraag is nu welk bedrijf als eerste innoveert en wanneer.”
De afwisseling maakt het werk als PhD
zo interessant, zegt Huberts. “Het leuke
aan onderzoek doen is een zoektocht naar
nieuwe resultaten. Een soort expeditie
naar het onbekende. En het lesgeven? Het
geeft een kick als het lukt om iemand iets
te laten begrijpen wat hij eerst nog niet
begreep.”
Nick heeft zijn bachelor en master
gevolgd aan Tilburg University. “En dan
nu de PhD. Ik behoor inmiddels tot het
meubilair van de universiteit.”
Science & School .23
photography Simon Roberts
Masterpiece
First artist to graduate at
Tilburg University
A graduation project published as a book of photos: Bert
Danckaert proves it’s possible.
Bert Danckaert is the first ever PhD-student to graduate from
Tilburg University on the basis of an art project. The Belgian
student is a photography teacher at the Royal Academy of Fine
Arts in Antwerp. For his graduation, he did what he’s best at:
taking photos. The result is Simple Present, a book containing
artistic photographs that explore the effects of globalization on
eighteen different cities.
No, says Danckaert. His project doesn’t have much to do with
hard science. At first, he was even skeptical of artists who do a
PhD. “If art moulds itself to academic standards, creativity will
suffer.” So why did he turn to the world of science?
“The academy that I work at kind of forced me,” Danckaert says
mockingly. “But in the end, it was very productive. Because it
turned out to be a graduation project rather than an art project, I
managed to get a lot out of it.” In addition to the book of photos,
Danckaert also wrote a narrative essay, The Extras, in which he
reflects on his artistic approach. “I would never have reflected on
my work like that if it wasn’t for my PhD.”
The art world has a lot to learn from the world of science, Danckaert believes. “The arts lack this culture of intellectual debate,
which is a shame because it’s a way
of motivating one another to aspire
to higher levels.”
At the same time, the scientific
world can also learn a thing or two
from artists. Like the use of creativity, for example, something scientists tend to lack. But also about
the benefits of failure which is The
Extras’ central theme. Danckaert:
“Photography is the process of
searching for that one, perfect picture. During this quest all kinds of
things go wrong. This is essential. Failure is the most important
part of being an artist.”
So, a wise lesson for the result-driven world of science? Perhaps.
Does Danckaert consider himself to be a fully-fledged scientist?
No way. “My main drive was to realize a beautiful and successful
art project. Hopefully I succeeded in doing so.”
Bert Danckaert:
'Failure is the
most important
part of being an
artist.'
Bert Danckaert (1965, Antwerp): Simple Present, Lannoo, 186 pages
and De extra’s, EPO, 188 pages.
Religious surgery
Eureka!
Peer pressure
The terrorist attacks in Paris create
a rift. Tilburg theologian, Erik Borgman, expresses his concerns in the
daily newspaper Trouw. “It may seem a
paradox but taking to streets ‘en masse’ to
stand up for the freedom of speech actually suffocates this very same freedom of
speech. The peer pressure to take a stance
is huge. Everyone has to make it clear
that they’re on the right side.” According
to Borgman, we should beware of simple
declarations and hostile views. In fact,
taking a massive stance on the freedom
of speech creates a rift between ‘the
civilized’ and ‘the barbarians’. These kinds
of antagonisms are more likely to obstruct
the freedom of speech rather than act as a
precondition for it.
A manager’s religious beliefs affect
hospital strategy. This has been shown
by research conducted by Tilburg University’s Jens Prüfer and Lapo Filistrucchi
among German non-profit hospitals. Protestant non-profit hospitals in Germany offer less but more complicated treatments.
By contrast, German Catholic hospitals
offer an abundance of less complicated
treatments. It’s the first time that research
has proved a link between religion and
how hospitals are managed. However,
there is no proof that this leads to a huge
difference in quality. Prüfer: “Therefore,
you can’t say that a hospital with a certain
religious background offers better treatments.”
Copy cats
We all know that teenage behavior is
heavily influenced by their peers. But
the image teenagers have of their peers
has little to do with reality. This is shown
by research conducted by psychologists
at Tilburg University, Stanford Graduate
School of Education and the University
of North Carolina. Teenagers overesti-
mate their peers’ use of alcohol of drugs
while at the same time underestimating
their academic behavior. Consequence:
young people adapt their behavior to a
caricatured image of their peers. This is
combined with an increased chance of
risky behavior. For instance, young people
are more likely to use alcohol or drugs if
they’re convinced that their peers do so in
vast amounts.
Youngsters adapt
their behavior
to a caricatured
image of their
peers
Univers
29 januari 2015
24. Science & Society
text Frank van den Nieuwenhuijzen photography Jack Tummers
New lessons from old stories
In her PhD thesis Een boek om in te wonen – De verhaalcultuur na Auschwitz (A
book to live in - Narrative culture after Auschwitz), Liesbeth Hoeven researches
new ways to commemorate. The stories of eyewitnesses still play a large part in
memorial culture, but what happens when they are no longer here? How will we
pass on the ideal of freedom?
L
iesbeth Hoeven (1982) obtained her PhD degree at Tilburg University on 21 January. Her thesis, published at
Verloren Publishers and on sale for the general public,
has generated considerable interest. Commemorating
World War II is particularly relevant this month. The
former concentration camp Auschwitz-Birkenau in Poland was
liberated seventy years ago. Hoeven explains, “Since the liberation in 1945, there have been two types of narratives around that
we have been using for decades to keep the memory of the war
years alive.”
Types of narratives
This memorial culture proves to be a dynamic interplay of master
narratives and counter stories. “Master narratives are the ‘big’
stories”, Hoeven says. “These are normative in nature and contribute to our overarching view of humanity and the world.” There
are also counter stories; scores of small, personal stories that
challenge the ideas and images that we have taken for granted
over time. Counter stories put the spotlight on repressed,
forgotten and hidden meanings in our memory culture. “During
my research, I tried to find out if – based on the dynamic of our
narrative culture – a community can develop that memorializes
across narratives and can still enduringly pass on the ideal of
freedom.”
How would such a future commemorative community take
shape? “I describe the story of Thomas Buergenthal and Odd
Nansen in my book. They met at Sachsenhausen concentration
camp, both wrote their memoirs and devoted themselves to human rights activism after the war. They knew, better than anyone
Univers
29 januari 2015
else, that establishing peace is easier said than done. Freedom
can be passed on by telling stories that highlight how people
live when their freedom is corrupted at the core. Stories that talk
of fear, out-of-placeness and humiliation. But also stories about
looking after and truly seeing each other, and experiencing
happiness despite everything. Counter stories show us that one
story does not cancel out the other.”
Hoeven, “The history of commemoration shows us that inclusion and exclusion of stories is a recurring theme.” The question:
Who can and cannot join in with acts of remembrance? always
crops up. This leads to delineated commemorative communities.
“I would encourage it if there is more room for different expressions in our commemorative acts. Those differences are not a
threat but help us to remain vigilant. They can further define the
master narrative, ‘Auschwitz: never again’ according to time and
circumstances.”
New lessons
In what way is Hoeven’s approach innovative? “This is a new way
of looking at what we already have”, she says. “I try to document
the stories that memorialize the war in such a way that new
associations come to the fore.” This leads to a more dynamic
narrative culture. “A narrative culture that transcends generations and connects older and younger people on the level of
imagination.” Commemorative art appears to be an inexhaustible source of stories that keep the lessons from the past alive.
Hoeven explains, “Whenever victims of war were made to stop
writing history, we continue to write the future in memory of their
stories. Our freedom lies in establishing a culture of memory.”
International .25
text Rob Ramaker en Jozien Wijkhuijs illustrations Henk van Ruitenbeek
The fight for open access
By 2024, all scholarly publications by Dutch researchers should be freely available, says the Dutch Cabinet. This is currently the subject of negotiations between
publishers and universities. Koen Becking, president of the Executive Board of
Tilburg University is a delegate for the latter party. Yet, both outside and within
the university, the questions up for debate are: can publishers be persuaded to
go all-in for open access, and more importantly, is it the best way forward?
T
ilburg University made national headlines early this
month; the university cancelled its subscriptions to
prestigious scientific journals Science and Nature.
The costs could no longer be covered and there were
no other options, since many other journals are sold
in bundles, or ‘Big Deals’. The university put out a statement,
“Tilburg University cannot pull out of Big Deals – the majority
of our subscriptions – half way. Regarding the Big Deals up for
renegotiation, the Dutch universities have agreed to proceed in
concert for now, due to the intended switch to open access.”
They will be operating in concert with the aim of having all
articles by Dutch researchers available free of charge by 2024.
Sander Dekker, State Secretary for Education, wrote this in a letter to the Dutch House of Representatives in 2013. The content
of most scientific journals can currently be found behind publishers’ paywalls. Universities pay annual subscription fees for
access. Last year, the Association of universities in the Nether-
lands (VSNU) opened negotiations with various large publishers
to turn the State Secretary’s vision into reality. “We want every
scientific paper to be published open access (OA) without an
increase in the current subscription fees”, Koen Becking says.
In open access publishing, the author, not the reader, pays
the publishing costs. The researcher pays a preliminary article
processing charge to get an article published, which can subsequently be obtained free of charge online. In the Netherlands,
subscription fees are currently commonly agreed upon in Big
Deals for huge bundles of journals. VSNU aims to convert these
deals into contracts that include rights to open access publishing without an increase in price. This would mitigate a double dip
effect, feared by critics, of paying for open access publishing as
well as for subscription fees. The State Secretary’s ultimate goal
is to force researchers to publish OA in scholarly journals, or
Gold Open Access. Yet, both outside and within Tilburg University there are concerns if this is the best solution. →
Univers
29 januari 2015
26. International
The fight for open access
Boycott
One small victory has been won: an outline agreement is in
place with Springer, one of the top three academic publishers
in the world. For a ‘minimal cost increase’, all authors working at
Dutch universities may publish open access in ‘virtually all’ 1500
of Springer’s journals. Becking did not provide comment as the
details are still subject to negotiation. It is not surprising that
Springer is the first to make a move. It is already an OA publisher
and very open access-oriented.
Negotiations with another publishing giant, Amsterdam-based
Elsevier, broke down last October, however. VSNU published a
press release stating that Elsevier’s proposal ‘in no way discusses the required, necessary switch to open access’. Talks have
now resumed while the old contract has silently been renewed
for a year. The universities have a plan in place to boycott the
publisher if it refuses to submit to their demands, at least to
some extent. Becking is responsible for all specific negotiations
with Elsevier. He is not surprised that some negotiations are
mired with difficulties. “The switch to OA naturally has consequences for the publishers’ business model”, he says. “It will be
quite a job to come up with a new one, which is easier for some
than for others.”
Elsevier did not want to respond while negotiations are underway. The publisher does actually offer about 100 open access
journals and articles in other journals are often accessible for an
additional fee.
Love letter
“The focus on Gold Open Access is a result of lobbying by publishers”, Tilburg University professor of Language, Culture and
Univers
29 januari 2015
Globalization, Jan Blommaert says. He argues that scholars move
towards their own, personal publication strategies in his paper
The Power of Free. For the time being, this can exist alongside
the open access system, but should ultimately function without
publishers. “I am of course an advocate of open access. Who
knows, the next Albert Einstein may as we speak be sitting in a
Nigerian refugee camp without access to scientific publications.”
He calls the current publishing system ‘completely absurd’, “A
young PhD student who has been able to get an article accepted by a journal may still have to wait 18 months for it to be
published, because the editors prefer well-known names. It is
not unthinkable that if I would submit a love letter, it would be
published sooner than an intelligent scholarly article by a young
researcher. Blommaert adds that the debate about publications
should be more concerned with copyright. “Researchers are
forced to sign unfair contracts, releasing all rights to their work.
The publisher can even completely abandon the publication of
an article, leaving the authors unable to publish their work elsewhere since they no longer own the copyright.”
Unwilling publishers
At first glance, the VSNU has very few means to persuade or
force unwilling organizations to cooperate. The ‘Big Three’,
publishers, Elsevier, Springer and Wiley, have a large share of the
market, and an atypical market to boot. Each publication repre­
sents its own niche and includes unique articles. The current
revenue model is hugely advantageous to these companies, says
Blommaert. “The work going into creating an article has already
been paid for by public funds. Once it is submitted to them, they
can simply rake in the earnings.”
Other parties are siding with the universities, though. Not just
International .27
That sounds like a
beautiful, rich and
fulfilling life
Column
Don’t be a stranger at
home
the State Secretary, but also an increasing number of science
funds and organizations embrace and support open access. And
the customer also holds sway in this market. The universities can
cancel their subscriptions should the negotiations with Elsevier
collapse. “A definite possibility”, Becking says. Previous issues
of the journals would still be accessible and researchers would
still be able to publish at Elsevier. Dutch researchers would have
no access to forthcoming issues, though. Becking thinks that a
fair deal can and needs to be agreed upon. “We are happy to do
business with publishers on reasonable terms, but will not go
along with unlimited cost increases.”
Deeply conservative
Blommaert doesn’t just call contracts with the publishers into
question. “The quality control at these journals is highly overrated and the current structure is hugely inflexible. It is geared
towards papers of six to eight thousand words in an uninspiring
layout. What if your research product is a YouTube video? This
system is deeply conservative and untenable on an operational,
ethical and economical level. Open access is a step in the right
direction and it is necessary to publicly debate the issue. I just
think we can go even further.”
Recently, I noticed a strange phenomenon. When I’m here in
Tilburg, chatting with my friends or writing papers, everything’s
fine: I feel reasonably smart, I know what I’m talking about and
I’m usually up to date on the world-wide news and issues. But
then, as soon as I go back home, I appear to be overcome with
stupidity and ignorance. I hear myself talk and I can’t help but
think: “Boy, when did I get so dumb?” The structure of my sentences is all funky, my vocabulary is worth that of a ten-year-old’s,
and I feel very much out of sync with my peers.
The thing is, living here is extremely exciting: making friends
from all over the planet, comparing your customs and values with
theirs, relishing in speaking English or acclimating to the Netherlands and its Dutch language... That sounds like a beautiful, rich
and fulfilling life. As a foreigner, however, living such a life rests
on the making of a choice. It’s a choice that you made as you left
home, and that you keep making every day: putting more value
on the life you live now than on the life you used to live before.
It’s not a bad choice, either. Personally, I think it’s the healthier
one – if you were to always be looking back at what you left, you
would never enjoy what you have now. But the danger lies in the
forgetfulness of where you used to be. It’s easier to pick one life
over the other. Combining the two requires an effort of transition,
and perhaps a bit of nostalgia. But it is so important to stay in
touch with home; not only your family and friends, but also the
national news, the latest books, the best artists... Because when
you do come home, whether for a short or for a longer period of
time, you will want to feel at home, to know your way around, to
know what people are dealing with and talking about.
Make sure that home remains familiar.
Marianne Lalande
Liberal Arts student
In 2015, the VSNU will continue negotiations with Elsevier and
the other publishers. Gerard Meijer, President of the Executive
Board of Radboud University and negotiator for VSNU, declared
his determination in an interview with Nijmegen university magazine Vox. He says it is time to ‘rebel’ against the journals’ hold.
This year it is crunch time if we want 100 per cent open access in
the Netherlands. “It is a crucial moment for us. If we back down
now, that would be an enormous loss.”
Univers
29 januari 2015
International starts here
Open
access
no. 08
Januari 29, 2015
Independent magazine of Tilburg University